Post Tagged ‘open data’

Over 10 dagen is het Blog Action Day 2010. Dit jaar staat Blog Action Day in het teken van water. Ik had me voorgenomen om enkel een aantal Nederlandse bedrijven op het gebied van water in het zonnetje te zetten op mijn blog in aanloop naar Blog Action Day. Maar zondag las ik een artikel over de water voetafdruk in The Guardian. Ook een mooi staaltje Nederlands kenniswerk dat samenhangt met het thema van Blog Action Day, dus een goede aanleiding voor dit bericht.

De water voetafdruk is ontwikkeld door Arjen Hoekstra. Met de watervoetafdruk kun je berekenen hoeveel water er nodig is om producten die je koopt te produceren. Daarmee is het een aanvulling op de bekendere ecologische voetafdruk methode waaraan De Kleine Aarde veel werk heeft verricht. En zoals het Wereld Natuur Fonds deze bijvoorbeeld gebruikt voor haar Living Planet Report, of de verschillende methoden om de hoeveelheid CO2 die nodig is voor de productie van een product of dienst te berekenen.

Dat geeft naar mijn mening ook meteen de zwakte van de water voetafdruk. Het belicht maar een aspect van een product of dienst en versimpeld daarmee de discussie. Dat kan goed zijn om een issue op de kaart te zetten, het wordt anders als een dergelijke simplificatie ook het hele debat gaat beheersen, zoals bijvoorbeeld bij klimaat.

Het streven naar een duurzamere economie gaat voor mij om het zoeken naar synergie en samenhangt tussen verschillende duurzaamheidsthema’s. Bijvoorbeeld werkgelegenheid, lokale duurzame energie/warmte opwekking, schonere lucht in de stad, gezondere mensen. Of zorgen dat burgers door transparantie en open data een betere beoordeling kunnen maken van de werkelijke sociale en milieu impact van producten en diensten.

Eerlijkheidshalve wil ik hier wel aan toevoegen dat het WWF voor haar Living Planet Report naar meerdere aspecten van duurzaamheid kijkt.

Het is bijna 25 jaar geleden dat het beroemde rapport van de Brundtland-commissie Our Common Future uitkwam. Zoals ik al eerder schreef is dat aanleiding voor een aantal mensen in Nederland om via Our Common Future 2.0 te werken aan een vernieuwde visie op een duurzame toekomst. Daarbij zijn 19 deelthemas benoemd. Zelf zit ik in het deelthema sociale media (hyves, linkedin, twitter, je kent het wel).

Ik kon helaas niet bij de kick-off en de eerste meeting van het thema team zijn, maar dankzij mail, Hyves, LinkedIn en Google Docs weet ik ongeveer wat er speelt. Al snel werd duidelijk dar dit niet de meest ideale manieren van discussiëren en kennisdelen zijn. Een aantal deelnemers stelde voor om hiervoor een Yammer netwerk op te zetten. Dat heb ik dus ook gedaan.

Ondertussen is het deelthema sociale media ook al weer opgedeeld in een subthema voor people, planet en prosperity. Ik ben benieuwd hoe dat allemaal weer bij elkaar gaat komen…

Mijn persoonlijke inzet

Zelf denk ik dat de volgende onderwerpen een plaats horen te krijgen in een toekomstvisie op sociale media en duurzaamheid:

  • people: nieuwe manieren om mensen te betrekken en te activeren om zaken te verbeteren. Een goed voorbeeld vind ik dit recente artikel op ReadWriteWeb over de mogelijke manieren om met locatiediensten (zoals Foursquare en Feest.je) democratie en vrijwilligerswerk te promoten. Maar je kan ook denken aan apps als Buiten Beter of verbeterdebuurt.nl.
  • planet: nieuwe manieren om milieu-informatie te verzamelen. Dat kan gaan om slimme sensoren (het internet der dingen), maar ook om mobiele applicaties zoals Visibility.
  • prosperity/profit: dat gaat bijvoorbeeld over nieuwe businessmodellen, over manieren om geld te verdienen, maar ook om waarde toe te voegen voor burgers. Denk aan het Nederlandse bedrijf Layar dat stevig aan de weg timmert met hun augmented reality browser.
  • Overstijgend gaat het onder andere om het beschikbaar maken van open data op een machineleesbare manier, zodat burgers (people), bedrijven en overheid daar nieuwe diensten mee kunnen ontwikkelen (prosperity).

Aanvullingen?

Ik ben benieuwd naar jullie aanvullingen op de verschillende subthemas, maar vooral naar de subthema overstijgende onderwerpen die volgens jullie in een toekomstvisie op sociale media en duurzaamheid thuishoren.

Vorig jaar schreef ik al over Pattie Maes van MIT die op de TED conferentie liet zien wat het zesde zintuig van Pranav Mistry van de Fluid Interface Group mogelijk maakt met een mobiele telefoon. Het ging in het filmpje onder andere over de mogelijkheid om de barcode van producten te scannen in de supermarkt. Het resultaat van die scan is een rood, oranje of groen stoplicht op basis van de criteria die je zelf instelt, bijvoorbeeld de duurzaamheid van een produkt.

Inmiddels is in Duitsland de applicatie Barcoo voor de mobiele telefoon gelanceerd, waarmee dit werkelijk mogelijk is. Deze is ruim 500.000 keer gedownload volgens duurzaam ondernemen. Ook de Nederlandse community site Rank a brand levert informatie voor de Duitse startup Barcoo aan.

Voor de iPhone zijn zulke applicaties volgens mij ook al voorhanden. In Nederland is er (voor zover ik weet, maar ik heb er ook niet hard naar gezocht) geen applicatie op de markt, maar er zijn wel meerdere partijen die daar over nadenken. Bijvoorbeeld Diana den Held die vorig jaar het idee voor een mobiele cradle to cradle applicatie en Wouter de Heij speelt in het kader van Kijk of het klopt en Foodcyclopedia met eenzelfde idee voor voedsel.

Een groeiend aantal organisatie verzameld informatie die gebruikt kan worden in dergelijke applicaties, met als overtreffende trap het initiatief tot een open database met de gegevens van levenscyclus analyses waartoe het Sustainability Consortium het initatiatief heeft genomen (en waar ik eerder deze week over schreef). Het is een kwestie van tijd tot de uitkomsten daarvan bij producten in de supermarkt vermeld worden. Onder de leden zitten tenslotte verschillende supermarkten zoals Wal-Mart, Ahold en Asda. Bovendien heeft Wal Mart in juli 2009 jaar tijdens een grote meeting aangegeven dat uiteindelijk de consument de beschikking krijgt over de data op de wijze die de consument wil. Wanneer dat gebeurt veranderen supermarkten misschien wel echt van boodschappenbolwerk in duurzaamheidsbolwerk. Of ben ik dan te optimistisch?

In ieder geval maakt het succes van Barcoo wederom zichtbaar dat verschillende trends bij elkaar komen en elkaar de komende jaren naar mijn mening zullen versterken.

Internet blijft verbazen, en zeker het Sustainability Consortium, waar nu 2 Nederlandse bedrijven lid van zijn. Na Unilever (dat een van de founding members is) is ook Ahold toegetreden.

En het consortium lijkt door te zetten op open data in machineleesbaar format:

Open IO is an Input/Output based life cycle inventory database that provides a free, comprehensive, transparent and continually improving resource for product sustainability information and analysis for both corporate decision makers and academic researchers. The project will provide information on the major impact categories (GHG, Water use, Toxics, Criteria Polutants, etc). This project will serve as a core element to ongoing or future extension projects, including the Industry Average Database Framework, the Global Open IO model and others.

Peer into the Future

The current Open IO dataset provides life cycle information on greenhouse gas emissions.  However, it is important to examine other impact categories to avoid shifting environmental burdens.  Therefore, we are working on a new database version to incorporate toxic and criteria pollutants, water consumption and withdrawals, and primary energy consumption.

Our upcoming resources include:

  • Toxics Satellite Matrix
  • Criteria Pollutants Satellite Matrix
  • Water Satellite Matrix
  • Primary Energy Satellite Matrix

Dit initiatief past ook bij het samenkomen van de trends van duurzaamheid, transparantie en openheid waar ik vorig jaar al over heb beschreven.

In combinatie met het initiatef Kijk of het klopt (zie ook dit eerdere bericht) kan het de komende jaren leuk worden voor de consument die op zoek is naar duurzame producten en diensten.

Heeft iemand informatie of Nederlandse universiteiten en kennisinstellingen, zoals bv. Wageningen Univeriteit, al toenadering zoeken tot het Sustainability Consortium? Gezien de omvang van de leden van het consortium is de kans tenslotte groot dat het consortium een majeure impact gaat hebben op de methodologie van levenscyclus analyses.

Vandaag kwam ik een berichtje over het keurmerk ‘Kijk of het klopt’ tegen op Foodlog.nl. Het idee achter Kijk of het klopt is dat het niet moet gaan om criteria, maar om feiten. In de woorden van Dick Veerman:

Geef je bedrijven criteria (zogenaamde ‘integrale performance indicatoren’ en ‘indexen’), dan zullen ze die naar hun hand zetten en moeten mensen dat maar slikken. Feiten geven leidt tot innovatie en betere producten die de winkels uitvliegen omdat ze aantoonbaar beter mogen zijn op heel uiteenlopende en zelfs onvoorziene details. Het voorschrijven van criteria leidt tot cosmetische commercie omdat die betere producten alleen maar hoeven te voldoen aan een paar criteria of indexen. Dat is jammer, want van echte innovatie zullen bedrijven niet slechter worden, al moeten ze er wel even echt wakker voor worden. Het is zelfs dubbel jammer, want alles valt of staat met het gedrag van consumenten. Alleen als je mensen zelf laat nadenken, heb je kans dat ze ook verder gaan kijken naar wat ze doen en beter anders kunnen doen. Alleen zo betrek je ze weer.

Daarmee past dit initiatief ook bij het samenkomen van de trends van duurzaamheid, transparantie en openheid waar ik vorig jaar al over heb beschreven. Nu nog voldoende mensen vinden om bij te dragen aan Foodcyclopedia. Want het is de bedoeling dat burgers zelf bijdragen aan het verzamelen en checken van de gegevens. Crowdsourcing in optima forma, oftewel:

Een informatiemerk van, voor en door consumenten. Ook consumenten die overdag bij een voedselleverancier werken ….
En ambtenaren die in de avonduren ook meedoen.
En professoren die via de band willen spelen.
Maar alles onder het brandend zuiverende van alle Nederlanders.

Doe je mee?

Vanavond heb ik een presentatie gegeven bij op de thema-avond van VisieNL over Ik ben die verandering. We waren te gast bij de IMC Weekendschool in Amsterdam Zuid-Oost. Het onderwerp van de presentatie was:

Ben jij Die Verandering of ken jij Die Verandering? Vertel het VisieNL-leden in 20 slides x 20 seconden.
20×20? Dat is PechaKucha! Zie http://www.pecha-kucha.org/ voor inspirerende voorbeelden. Zoek 20 afbeeldingen bij elkaar en verbind daaraan een presentatie van max 20×20 seconden. Geef in je presentatie antwoord op de volgende vragen:

  1. Wie is volgens jou Die Verandering (schroom niet jezelf naar voren te schuiven!)
  2. Waarom?
  3. Waartoe zet Die Verandering jou aan? / Waartoe zet jij als Die Verandering anderen aan? / Waarbij kun jij als Die Verandering nog hulp van (Visie)NL-ers gebruiken?

Mijn presentatie

Dat ik EZ 1.3 noem, wil overigens niet zeggen dat mijn Minister 1.3 is. Het betekent dat ik van mening ben dat EZ nog lerende is en nog een stuk te gaan heeft voordat de werkcultuur daarwerkelijk past bij wat de 2.0 profeten voor ogen hebben. Dat neemt niet weg dat ik erg trots ben te werken bij een departement waar de politieke en ambtelijke leiding het wel aandurft om te experimenteren met deze nieuwe technieken. Vanavond werd ik zelfs uitgemaakt als deelmakend van de internet avant-garde (en dat voor een voormalig geiten wollen sok uit Wageningen, die nu ambtenaar is… ;-)

Links & filmpjes

Hierbij ook de links naar de in de presentatie genoemde initiatieven en organisaties:

Filmpjes:

Tim Berners-Lee over open data:

In 2009 hield Tim Berners-Lee een TED-talk over ruwe open data, met name overheidsdata. Dit jaar laat hij in 5 minuten zien wat er sindsdien gebeurd is. Vooral aan de hand van ruwe open & linked data uit de VS en Engeland.

Mijn vraag is: Welke politieke partij pakt het thema open overheidsdata op voor de komende Kamerverkiezingen en wordt de meest open partij? Of laten we de kansen voor de Nederlandse samenleving en het Nederlandse bedrijfsleven liggen?

Nu het Kabinet demissionair is zijn de verschillende partijen ongetwijfeld druk bezig met het opstellen van het verkiezingsprogramma. Eerder vroeg ik me al af wie de groenste partij wordt. Na het lezen van het stukje over de workshop van Ton Zijlstra tijdens de Ambtenaar 2.0 dag vraag ik me af:

Welke partij wordt het meest open?

Dus welke partij omarmt de 8 open data principes en maakt werk van een Nederlandse tegenhanger van data.gov en data.gov.uk? Voor een vergelijking tussen die 2 initiativen zie deze post. Voor mijn ideeën over wat je daar mee kan zie hier.

Op 31 december 2008 gaf ik mijn 5 goede voornemens voor 2009. Nu een jaar later is het tijd om de stand op te maken. Eerst maar eens herhalen wat de vijf waren:

  1. Mijn hypotheekrente aftrek gebruiken voor energiebesparing en duurzame energie in eigen huis.
  2. De halogeenlampen in huis vervangen door LED-lampen.
  3. Meer openheid en transparantie in Nederland.
  4. Rechtstreeks geld investeren in ondernemers via micro-financiering en crowdfunding. Niet alleen in Afrika maar ook in Nederland.
  5. Verduurzaam een ondernemer. Zoals Strawberry Earth doet.

Hypotheekrente aftrek gebruiken voor energiebesparing in huis & LED-lampen

Om bij de eerste te beginnen: da’s dus niet gelukt. Wat ik wel gedaan heb, naast de investering die ik al had lopen in MeeWind, is dat ik lid ben geworden van Zonvogel. Ook het vervangen van de hologeenlampen is niet gelukt. Al zijn de eerste 2 LED-lampen zijn inmiddels wel geïnstalleerd, het restant wordt uitgesteld tot het nieuwe huis. Want met de geboorte van Josie is het idee van een derde kamer in huis wel prettig.

Openheid en transparantie in Nederland

De bedoeling was om geld over te maken aan bv. IkRegeer.nl. De eerlijkheid gebied te zeggen dat dat uiteindelijk niet gebeurd is in 2009. Wat niet wil zeggen dat ik het streven geen warm hart meer toedraag. Zo heb ik bijvoorbeeld wel een bescheiden financiële bijdrage gedoneerd voor het BigWobber benefiet, dat stichting Vrijschrift en Brenno de Winter organiseerde om de kosten te dekken die sommige gemeenten in rekening brengen voor het opvragen van overheidsinformatie.

Daarnaast heb ik zowel op Ambtenaar 2.0, als op mijn eigen weblog meerdere keren voorbeelden gegeven van wat je kan met open data in Nederland. Zie bv. mijn berichten over de Leefbaarometer, Transparantie als de nieuwe objectiviteit of het internet der dingen.

Verder ben ik afgelopen jaar voor het Ministerie van Economische Zaken betrokken geweest bij een pilot beleidsontwikkeling via internet onder de naam Innovatie 2.0. Een van de bijeffecten van deze pilot was dat de deelnemers een beter zicht kregen op de wijze waarop binnen een overheidsorganisatie beleid ontwikkeld wordt. Daarmee is beleidsontwikkeling voor de leden van de community transparanter geworden. De community wist mij overigens ook te verrassen met de organisatie van het Innovatie 2.0: Community of Talents event.

Rechtstreeks investeren in ondernemers

Rrechtstreeks investeren in ondernemers heeft in 2009 wisselende resultaten opgeleverd in Afrika. Per saldo sta ik behoorlijk op verlies, waarover later meer. De plannen voor Nederland waar ik mee bezig ben/was staan vooralsnog op een erg laag pitje. Door drukte op het werk en de geboorte van mijn dochter liggen de prioriteiten even anders. Zodra de kans zich voordoet zal ik het plan met alle plezier weer afstoffen en oppakken, hopelijk al in 2010 en anders wat later.

CarrotMob een ondernemer

Het verduurzamen van een ondernemer is deels gelukt. Al heb ik zelf niet mee gedaan, vanuit het Rijksduurzaamheidsnetwerk is er op de dag van de duurzaamheid een coffeemob georganiseerd. Wat daar precies het resultaat van is weet ik helaas niet, want die terugkoppeling heb ik niet ontvangen.

De Nederlandse tak van CarrotMob.org begint overigens wel actiever te worden. Daarmee vormen ze een mooie aanvulling op de Stoere Vrouwen en de Groene Sint.

Onverwachte ontwikkelingen

De mooiste ontwikkeling, die ik niet verwacht had eind 2008, is de geboorte van mijn dochter. Dat stelt me voor heel andere uitdagingen op het gebied van duurzaam leven, zoals ik hier al heb proberen te beschrijven. Het geeft echter ook een mooi gevoel, dat je zoiets bijzonders als leven mag doorgeven. Dan snap je ook meteen weer waarom je elke dag je best doet om een kleine beetje betere wereld te maken.

Een andere ontwikkeling in de privesfeer is dat ik als lid van de klankbordgroep van het weblog Duurzaam Gebouwd voortaan ook iedere 2 maanden een column heb in hun magazine. Wat toch wel een erg bijzonder gevoel geeft om je column geplaatst te zien in een blad met een oplage van 9.000 stuks…

Ook was ik afgelopen jaar, namens de community van VoorDeWereldVanMorgen, lid van de jury van de VoorDeWereldVanMorgen Wereldprijs. Een geweldige ervaring om de verschillende genomineerden langs te mogen spreken en te mogen bevragen over hun plannen. Stuk voor stuk zeer enthousiaste mensen die werken aan een betere wereld. De VDWVM-Wereldprijs werd gewonnen door Treemagotchi.

Wie weet mag ik in 2010 weer jureren, dat gaat me in ieder geval beter af dan eigen voorstellen indienen en promoten. Want mijn eigen voorstel heeft ‘t niet ver geschopt ;-)

Door al deze nevenactiviteiten heb ik minder tijd dan verwacht kunnen steken in GroenLinks en Visie Nederland. Bij GroenLinks ben ik begin dit jaar gestopt als penningmeester van de werkgroep ICT (voorheen open standaarden en open source software).

Bij VisieNL ben ik onderhand enigzins afgehaakt, wellicht dat ik in 2010 weer aanhaak. Vooralsnog even niet, genoeg andere plaatsen waar meer beweging en ontwikkeling te vinden is en tijd is een schaars goed dat je echt maar 1 keer kunt uitgeven. Ik zie wel een aantal positieve ontwikkelingen, zoals de site van Ikbendieverandering.nl die actief geworden is, ook het wordpress blog wordt wat actiever. De broodnodige kruisbestuiving tussen verschillende thema’s en richting andere organisaties zie ik tot nu toe echter nauwelijks van de grond komen. Ik heb lang genoeg aangegeven hoe ik daar tegenaan kijk, voorlopig even een tandje terug en concentreren op andere activiteiten. Wat niet wegneemt dat ik nog steeds contact heb met individuele deelnemers, en daar soms ook activiteiten uit voortkomen. Bijvoorbeeld een open koffie over online leernetwerken voor arbeidsmobiliteit.

Werkontwikkelingen

Ook op het werk waren er in 2009 wat (onverwachte) ontwikkelingen, waardoor ik de laatste helft van dit jaar gestopt ben met het dossier veilig ondernemen en me volledig ben gaan richten op duurzaam ondernemen. Hoe het verder gaat met Innovatie 2.0 en web 2.0 in mijn takenpakket is voor mij nog steeds een vraagteken. Vooralsnog doe ik het er zo goed en zo kwaad als het gaat nog steeds bij. Waardoor de activiteit voor Innovatie 2.0 en Ambtenaar 2.0 tijdens vrije dagen wat hoger ligt dan daar buiten. Mijn activiteiten op internet vallen inmiddels ook binnen EZ op, al zit het niet in mijn takenpakket.

Dat ik niet meer werk op het dossier veilig ondernemen neemt niet weg dat ik de ontwikkelingen nog steeds volg. Zo ben ik bij de Bedrijven Investerings Zones (BIZ) best trots op de gebieden die de lokale samenwerking die landelijk bedacht is daadwerkelijk vorm te geven. Ook vind ik het boeiend om te zien dat er voor de onderlinge samenwerking tussen MKB-Nederland, VNO-NCW, VNG en EZ gekozen is voor web 2.0 oplossing in de vorm van Google Aps en dat nieuwsberichten over BIZ automatisch via een rss-feed op de site van BIZ-NL terecht komen. BIZ-NL bevat zelf volgens mij geen rss-feed, maar voor den liefhebber is dit de feed die gebruikt wordt op BIZ-NL. Een laatste dossier waar stormachtige ontwikkelingen plaats hebben gevonden afgelopen jaar (waar ik van de zijlijn heb meegekeken, omdat ik dat project ooit afhield als kansloos) is veiligheid kleine bedrijven, dat met de campagne Sta voor je zaak op veel meer belangstelling van MKB’ers kan rekenen dan ik persoonlijk voor mogelijk had gehouden.

Voor duurzaam ondernemen zijn de resultaten en werkzaamheden die ik verricht vooralsnog minder aansprekend en meer achter de schermen. Dat zal in 2010 en 2011 gaan veranderen denk ik, al heb ik op op mijn blog mijn best gedaan om zichtbaarheid te creëren voor duurzame ondernemers in de opmaat naar de dag van de duurzaamheid.

Voor JongEZ heb ik afgelopen jaar een geslaagde microkredietcompetitie georganiseerd via het platform van MyC4. Het plan was om daar in 2010 mee door te gaan. Op het moment is het echter behoorlijk stil met nieuwe investeringsmogelijkheden op de site van MyC4, dus nog even afwachten hoe dat gaat lopen. Ook heb ik met een team JongEZ leden meegedaan met het  Nationale Duurzaamheidskabinet, de resultaten van mijn team waren ronduit slecht…

Plannen voor 2010

Mijn plannen zullen deels dynamisch bepaald worden. Dat het gezin er een groeiend deel van gaat uitmaken staat buiten kijf. Ik heb er weinig behoefte aan om de vader die zondag’s de tofu snijdt te worden.

Daarnaast zullen duurzaam ondernemen, open overheid en open data mijn persoonlijke aandacht houden. Waarbij ik naast mijn activiteiten als lid van de klankbordgroep van Duurzaam Gebouwd hopelijk ook kan gaan bloggen voor VoorDeWereldVanMorgen.

De afgelopen maanden ben ik weer blij verrast met een aantal mooie overheidsinitiatieven om statistieken beter toegankelijk te maken voor burgers, een onderwerp waar ik al eerder over schreef. De initiatieven variëren van het vernieuwen van de gegevens op een website over leefbaarheid tot de aankondiging dat iedere overheidsdienst haar informatie in een open standaard, herbruikbaar en machine leesbaar dient te gaan aanbieden.

De Leefbarometer

VROM heeft een nieuwe versie van de Leefbaarometer gepubliceerd. Op deze site kun je zien hoe het gesteld is met de leefbaarheid bij jou in de straat, buurt, wijk of stad. Ook zijn de trends sinds 1998 te volgen. De site combineert volgens de NRC gegevens uit veel verschillende bronnen. Imposant, alleen wat kan je als burger weinig met de Leefbaarometer in zijn huidige vorm…

Wat wil ik dan?

Ik ga begin volgend jaar zoeken naar een ander huis. De leefbaarheid van een buurt is daarbij voor mij erg belangrijk, dus de Leefbaarometer bevat een schat aan nuttige informatie. Alleen waarom kom ik daar niet bij op de plek waar ik het wil hebben (Jaap, Funda of andere huizensites)? En waarom kan ik deze tijd van individualisering en de mondige burger niet zelf aangeven welke aspecten ik van belang vind voor de leefbaarheid van de buurt waar ik een huis ga zoeken?

Het kan ook anders

Dat het ook anders kan laat de Wereldbank zien. Zij hebben hun statistieken via een zogenaamde publieke API benaderbaar gemaakt. Dat betekent dat bouwers van websites en ontwerpers de gegevens van 17 indicatoren kunnen opvragen en op hun eigen website kunnen tonen. Google is daar recent mee begonnen, zodat je bij zoekvragen die te herleiden zijn tot Wereldbank statistieken nu de officiële statistieken bovenaan de zoekresultaten te zien krijgt. Zoek bv. op internetgebruikers in de VS en zie de Wereldbank gegevens over Internet users as percentage of population, United States bovenaan staan.

Kent iemand een makkelijkere manier om officiële statistieken in de top 10 van zoekresultaten terug te krijgen? Want als je nu zoekt op ¨ontwikkeling leefbaarheid Nederland” komt op 1 het nieuwsbericht van VROM tegen, maar de Leefbaarometer staat niet in de top 10 en het nieuwsbericht van VROM bevat geen link naar de Leefbaarometer.

Gegevens die in de top 10 van zoekresultaten terecht komen gelden voor veel mensen als betrouwbaar. Of dat terecht is is een tweede, je kan er als overheid echter ook gebruik maken van dergelijke mechanismes. Wanneer de burger steeds wantrouwiger tegen de overheid staat is het wellicht tijd om gebruik te maken van het vertrouwen dat andere merken uitstralen.

Wat wil ik dan?

De hoofdprijs is een publieke API zoals de Wereldbank heeft op de databanken van CBS, CPB, SCP, PBL, emissieregistratie, Kadaster, RIVM, KvK en politie, en een herbruikbare, machine leesbare lijst met geodata van alle verstrekte overheidssubsidies (in open standaard).

Als detailniveau kan het viercijferige postcodegebied worden genomen. Op die manier zijn de gegevens geanonimiseerd in te lezen door derden. Denk daarbij niet alleen aan zoekmachines zoals Google, maar ook aan commerciële sites als Funda of non profit sites als Jijendeoverheid.nl en verbeterdebuurt.nl.

Wat heb je daar dan aan?

Om even terug te gaan naar het voorbeeld aan het begin. Wanneer ik een huis ga zoeken wil ik andere voorzieningen in de buurt en heb ik andere voorkeuren dan iemand die bijna met pensioen gaat. Met een dochter hecht ik veel waarde aan groen in de buurt, schone lucht, weinig geluidshinder, een kindvriendelijke buurt, scholen op loopafstand en weinig tot geen zeden- of geweldsdelicten. Autodiefstallen vind ik minder interessant, want ik heb geen auto. Ook voorzieningen voor ouderen vind ik op dit moment nog niet zo heel erg interessant.

Het punt is dat ik nu wel 10 websites moet afstruinen om de gegevens bij elkaar te sprokkelen. Dat is niet meer van deze tijd. Ik wil de gegevens in een handzaam overzicht op de plek waar ik toch al ben, dus als ik een huis zoek op de huizensite die ik gebruik.

Het bijeffect van het aanbieden van de data op de plaats waar je zoekt naar een product of dienst is dat je mensen in staat stelt om abstracte begrippen als luchtkwaliteit en geluidsoverlast mee te laten wegen in hun keuze. Een snelweg op 100 meter van je huis? Dat levert x DB geluidsoverlast op. Combineer het met het actievermogen dat bv. De Eerlijke Bankwijzer biedt en de veroorzaker van de overlast krijgt meteen druk op de ketel om de overlast te beperken. Dat levert dus een permanente druk op verlaging van externe effecten op, zoals eerder beschreven.

Wat heeft de beleidsmaker/onderzoeker hieraan?

Als je kijkt naar het concept van Verbeterdebuurt.nl, waar mensen klachten en storingen kunnen melden die door de site worden doorgeleid naar de juiste overheidsdienst om op te lossen. Dan is snel te zien wat het voordeel voor de overheid kan zijn. De leefbaarheid van een buurt wordt (denk ik) negatief beïnvloedt door kapotte straatlantaarns, slecht wegdek en slecht onderhouden groen. Verbeterdebuurt.nl biedt bewoners en bezoekers van een buurt de mogelijkheid om klachten hierover door te geven aan de overheid.

Door het combineren van de gegevens van de Leefbaarometer met de meldingen van Verbeterdebuurt.nl kan de gemeentelijke onderhoudsdienst prioriteiten stellen. Bijvoorbeeld door als uitgangspunt te nemen dat klachten in buurten waar het slecht gesteld is met de leefbaarheid binnen sneller verholpen zijn dan in buurten waar het goed gesteld is met de leefbaarheid. Of door sneller te kunnen zien of verstrekte subsidies of genomen maatregelen het gewenste effect hebben. Uiteraard kost het in sommige gevallen jaren om resultaten te boeken, wat niet wegneemt dat nu vaak de nulmeting ontbreekt. De Leefbaarometer biedt een mooie basis om als nulmeting te dienen, wat veel onderzoekswerk en tijd scheelt. En daarmee dus ook gemeenschapsgeld.

Hoe pak je dat dat aan?

Als eerste stap kan begonnen worden met een publieke API voor de datasets die gebruikt zijn voor de Leefbaarometer. Om te zorgen dat de data herbruikbaar wordt moet deze open zijn. Hoe je overheidsinformatie kunt ontsluiten doet kun je hier lezen, zoals ik ook al eerder beschreven heb.

De tweede stap is publicatie van het model op een wijze die de gebruiker van de site in staat stelt om zelf de waarde van parameters in te stellen. Een derde de publicatie van alle verstrekte subsidies zijn (en andere locatiespecifieke maatregelen) ter verbetering van een van de parameters uit het model. De vierde het toevoegen van de mogelijkheid om je eigen bevindingen aan de site toe te voegen, zodat de leefbaarheid op maandbasis gemonitord kan worden in plaats van eens in de 3 jaar.

Ook geplaatst op het netwerk van Ambtenaar 2.0