Energieverbruik en productie december 2020

Het nieuwe jaar is begonnen, december achter de rug. Tijd om naar ons energieverbruik te kijken. Een energieverbruik dat deze december beduidend hoger lager dan in 2019, met name door het energieverbruik voor verwarming, al lag ook het energieverbruik voor apparaten hoger. Op zich begrijpelijk, aangezien we dit jaar kerst en Oud&Nieuw thuis hebben gevierd. Waardoor we beduidend meer stookuren hebben gehad en ook een hoger elektriciteitsverbruik van tv, lampen en koken. Het totale energieverbruik nam met 34% toe ten opzichte van december 2019.

Wat (in kWh)20192020verschil
Ruimteverwarming44269758%
Warm water247234-5%
Apparaten22729831%
Totaal verbruik916122934%
Verbruik/graaddag1,111,7154%
Gasverbruik247234-5%
Elektriciteitsafname66999549%
Teruglevering142-86%
Zonnepanelen4832-33%
Zonnedelen4775%
Winddelen113106-6%
Zonneboiler00
Totaal opwekking165145-12%
Netto elektriciteitsverbruik50485069%
% eigen verbruik71%94%
Saldo jaarbasis2237

Energieverbruik

Ons bruto energieverbruik is uitgekomen op 8.819 kWh, dat is 22% lager dan de mediaan over de periode 2011-2018. De jaren waarin we ons huis met aardgas verwarmden. Al met al geen slecht resultaat na 9 maanden thuiswerken, wat toch echt een hele grote verandering in levensstijl en gebruik van ons huis heeft betekend.

Ons energieverbruik bestond in 2020 voor het grootste deel uit elektriciteit. Aardgas en zonnewarmte leverden beide ongeveer 15% van ons energieverbruik.

In ons elektriciteitsverbruik is de inkoop van elektriciteit fors gestegen. In de eerste helft van 2019 konden op jaarbasis nog in ons eigen elektriciteitsverbruik voorzien. Door het hogere verbruik als gevolg van de overstap op infraroodverwarming lukt dat niet meer en kopen we nu op jaarbasis zo’n 2.000 kWh in. Daar staat tegenover dat de inkoop van aardgas met ruim 5.000 kWh (zo’n 500 m3 aardgas) gedaald is. Per saldo is het aandeel eigen opwek dus gestegen, van 43% eind 2018 tot 50% eind 2019 en naar bijna 59% eind 2020.

Energieproductie

Het aantal kWh dat we zelf opwekken ligt wel redelijk constant, al schommelt het wel een beetje per jaar. Afgelopen jaar krabbelde met name onze winddelen weer enigzins op. Desondanks hebben ze in 2020 slechts 1.410 kWh van de voorgespiegelde 1.500 kWh opgeleverd.

Verwarming

Tot slot de cijfers voor verwarming, omgerekend naar het gebruik per gewogen graaddag. Daarbij is geen rekening gehouden met het effect van minder graaddagen door klimaatverandering, waar ik eerder over schreef.

In bovenstaande grafiek is goed te zien hoe het energieverbruik per gewogen graaddag schommelt met de seizoenen. In het stookseizoen 2019 lag de piek beduidend lager dan december. Tocht lag ons verbruik per graaddag in december 2020 nog steeds 30% lager dan het gemiddelde voor de maand december met aardgas.

Omgerekend naar een standaardjaar, waarbij een standaardjaar hier het gemiddeld aantal gewogen graaddagen voor de periode 2000-2019 is, hebben we in 2020 ruim 3200 kWh verbruikt. In werkelijkheid lag het aantal gewogen graaddagen lager dan het gemiddeld aantal graaddagen in de genoemde periode, waardoor we in werkelijkheid een kleine 2.900 kWh hebben verbruikt. Bijna 300 kWh minder, doordat er 405 gewogen graaddagen minder waren in 2020 dan gemiddeld in de periode 2000-2019. De berekening van het aantal gewogen graaddagen zonder klimaatverandering vergt wat meer tijd, wordt aan gewerkt.

Het effect van klimaatverandering op verwarming

Met ingang van dit jaar verandert het ‘normale weer’ in Nederland. Het KNMI heeft nieuwe gemiddelden berekend, gemeten over de afgelopen dertig jaar. Deze berekeningen leiden tot een ‘nieuw normaal’, voor bijvoorbeeld temperatuur en neerslag. Het KNMI stelt dat het daardoor nog duidelijker wordt dat het Nederlandse klimaat verandert. Een aantal wetenschappers denkt daar anders over, zeker na een jaar vol weer records. Dennis Botman ontwikkelde de app ThermoMate, waarmee je het weer kan vergelijken met het gemiddelde van de dag of het uur over de periode van 1950 tot 2020. Ik heb ook zo mijn twijfels bij het tot normaal verklaren van het weer van de afgelopen 30 jaar. Vandaar dat ik op zoek ben gegaan naar een historisch vergelijkingsmateriaal voor ons energieverbruik.

Inmiddels houden we al bijna 10 jaar maandelijks ons energieverbruik bij, daarin is wel zichtbaar wat het effect is van besparingsmaatregelen, maar niet van klimaat. Daarom vandaag een poging om daar verandering in aan te brengen. Er valt ongetwijfeld een hoop tegen onderstaande berekeningen in te brengen, dat kan in de reacties.

Bepalen van de benchmark

Ik bereken ons energieverbruik voor verwarming altijd terug aan de hand van het aantal gewogen graaddagen. De cijfers die ik daarvoor kan vinden gaan terug tot 1970. Om te bepalen hoeveel graaddagen normaal zijn in Nederland wil ik eigenlijk het aantal graaddagen weten zonder invloed van het menselijk broeikaseffect. Dan heb ik naar mijn mening gegevens nodig van voor 1970. In mijn zoektocht stuitte ik op “KNMI publicatie 219 Effectieve temperatuur en graaddagen Klimatologie en klimaatscenario’s” (pdf) uit 2008. Daarin staan gegevens over het aantal graaddagen in de periode 1904 tot en met 2006. Waarbij de onderzoekers ook aangeven dat mediaan voor het aantal graaddagen bij meetstation De Bilt op 2406 ligt in de periode 1904-1975.

Ik gebruik alleen zelf het aantal graaddagen in Rotterdam, dichter bij Schiedam, waar het over het algemeen wat warmer is in de wintermaanden. Met behulp van een bestand met graad- en koeldagen dat ik bij KWA heb gevonden heb ik voor de periode 1970-2019 berekent dat het gemiddeld 86 graaddagen scheelt per stookseizoen (oktober tot en met maart), dat is een verschil van 4%.

Voor het gemak ben ik er van uitgegaan dat er sprake is van een lineair verband tussen het aantal graaddagen in De Bilt en Rotterdam. Het aantal graaddagen in Rotterdam is dan 0,94 met een 95% betrouwbaarheidsinterval van 0,90 tot 0,98.

Dat betekent dat ik voor Rotterdam op gemiddeld aantal graaddagen in de periode 1904 tot en met 1975 op 2.259 graaddagen kom, plus of min 97 graaddagen. Onderstaande tabel geeft het aantal ongewogen graaddagen per jaar in het stookseizoen van Rotterdam voor de periode 2010-2020 in vergelijking met het gemiddelde aantal ongewogen graaddagen in de periode 1904-1975. Als er sprake is van opwarming dan is de verwachting dat het aantal graaddagen daalt.

JaarOng. Graaddagen RotterdamVerwacht 1904-1975Verschil%
20102496225923811%
201119932259-266-12%
201221262259-132-6%
201322802259211%
201417852259-473-21%
201518932259-366-16%
201621412259-117-5%
201719722259-287-13%
201821082259-151-7%
201919592259-300-13%
202019842259-275-12%
Gemiddelde2.0672.259-191-8%

In bovenstaande tabel is te zien dat het aantal ongewogen graaddagen gemiddeld lager ligt dan in de periode 1904-1975. Om te bezien of dit ook statistisch significant is heb ik een t-toets uitgevoerd. Met als nul hypothese dat er het aantal graaddagen in de periode 2011-2020 gelijk is aan het aantal graaddagen in de periode 1904-1975. De uitkomst van deze t-toets is dat de t-waarde -3,2 bedraagt. Daarmee is nul hypothese (geen opwarming) bij significantiedrempel van 5% verworpen. Ergo: het aantal graaddagen ligt in de periode 2011-2020 significant lager dan in de periode 1904-1975.

Aangezien de wetenschap ervan uitgaat dat dit komt door klimaatwetenschap reken ik de bijbehorende energiebesparing voortaan toe aan klimaatverandering.

Effect klimaatverandering op energieverbruik

In onderstaande tabel heb ik het effect van klimaatverandering, energiebesparingsmaatregelen en ons gedrag uitgesplitst. Alle verbruiken zijn omgerekend naar kilowattuur. Om dit terug te rekenen naar m3 aardgas kan je het verbruik door 10 delen (eigenlijk 9,8 nogwat, maar da’s voor de puristen).

Toen we het huis kochten zat er een oude VR-ketel in. Deze hebben we enkel in november en december gebruikt in 2010, in die periode waren we aan het klussen maar woonden we nog niet in het huis. Het verbruik voor 2010 is berekend op basis van deze twee maanden. Omgerekend zouden we dat jaar zo’n 1.100 m3 aardgas voor verwarming hebben gebruikt. Niet heel vreemd voor een C-label woning. Omgerekend naar een standaardjaar zou het ruim 950 m3 aardgas zijn geweest, of 9.622 kWh. Het totale verschil per jaar is telkens het werkelijk verbruik minus het standaardjaarverbruik van 2010.

In 2010 was het aantal graaddagen hoger dan de mediaan in de periode 1904-1975, zoals in de vorige tabel te zien was. Daardoor hebben we in 2010 extra gestookt door het klimaateffect. Een situatie die zich enkel in 2013 herhaald heeft. In alle andere jaren hebben we minder gestookt door minder graaddagen.

JaarVerschil klimaatVerschil HRVerschil IRVerschil gedragTotaal verschil
20101.0130001.013
2011-1.131-3.3720-1.068-5.571
2012-564-3.5970551-3.610
201391-3.85702.789-977
2014-2.017-3.0200-392-5.429
2015-1.557-3.2030-456-5.216
2016-499-3.6230-526-4.648
2017-1.221-3.3360-282-4.839
2018-641-3.5660-207-4.415
2019-1.277-3.314-1.855413-6.033
2020-1.170-3.357-1.879-418-6.824
Totaal-8.973-34.245-3.735405-46.548
Gemiddeld-816-3.113-34037-4.232

Wat verder opvalt is het grote effect van overschakelen op een HR-ketel en ook van de vervolgstap overstappen op infraroodverwarming. Gemiddeld hebben we de afgelopen 10 jaar ruim 800 kWh (ong. 80 m3) aardgas bespaart door klimaatverandering, dat is 19% van ons energieverbruik voor verwarming. Dat valt in het niet bij de besparing die we hebben bereikt door maatregelen te treffen in ons huis. In de meeste jaren is het klimaateffect wel groter dan het effect van ons gedrag op ons verbruik voor verwarming.

Energieverbruik en productie november 2020

Sinterklaas is al weer een week het land uit, tijd dus om de energiecijfertjes van november 2020 door te akkeren. Aangezien het in november warmer was dan in 2019 heb ik me voorgenomen om de jaarcijfers van 2020 ook te gaan vergelijken met het gemiddeld aantal graaddagen van de vorige eeuw. Dat is nog even puzzelen om te komen tot vergelijkbare cijfers, omdat de meeste landelijke cijfers uitgaan van weerstation De Bilt en ik weerstation Rotterdam als referentie hanteer. Dat kan betekenen dat er volgend jaar een bericht komt waarin alle getallen omgerekend zijn naar weerstation De Bilt.

Cijfertjes

Wat (in kWh)20192020verschil
Ruimteverwarming487362-26%
Warm water230198-14%
Apparaten2782821%
Totaal verbruik995842-15%
Verbruik/graaddag1,311,26-4%
Gasverbruik208176-15%
Elektriciteitsafname765644-16%
Teruglevering212624%
Zonnepanelen607017%
Zonnedelen1711-35%
Winddelen6712486%
Zonneboiler22220%
Totaal opwekking16622737%
Netto elektriciteitsverbruik622439-29%
% eigen verbruik65%63%
Saldo jaarbasis1891

Bruto energieverbruik

Ons bruto energieverbruik, dus het energieverbruik zonder wat we opwekken ligt tot en met november 20% lager dan gemiddeld in voorgaande jaren. Ik heb geen reden om te verwachten dat dit in december nog erg gaat veranderen. De daling die sinds maart 2019 zichtbaar is zet dus door. Deels doordat 2020 wederom een warm jaar is, deels door de verandering van wijze van verwarming van ons huis. Als ik corrigeer voor het warmere weer blijft een daling van 19% van ons bruto energieverbruik over.

Bij het netto energieverbruik is het effect nog steviger zichtbaar. Tot en met november hebben we zo’n 2.500 kWh ingekocht. De rest wekken we zelf op met onze zonnepanelen, zonnedelen en winddelen. Volgend jaar gaat er op dat punt wel wat veranderen, omdat we overstappen naar Energiek Schiedam | om. Dat betekent dat we onze winddelen gaan verkopen.

Energieverbruik per toepassing

In november is vormt het energieverbruik voor verwarming uiteraard weer een groter deel van ons totale energieverbruik dan in de zomermaanden. Toch is de piek tot nu toe ook dit jaar lager dan in voorgaande jaren. Het energieverbruik voor warm water en voor elektrische apparaten ligt nog steeds redelijk constant rond de 500 kWh per maand.

Ook op jaarbasis wordt de uitsplitsing van ons energieverbruik per toepassing ronduit saai. Ik hoop dat ons verbruik voor verwarming deze winter nog wat gaat schommelen, anders wordt het wel een erg saaie bedoening. Het verbruik voor warm water en elektrische apparaten ligt samen rond de 6.000 kWh, waarvan het deel voor warm water geleverd wordt door onze zonneboiler en onze cv-ketel.

Als ik kijk naar het aandeel van de verschillende toepassingen in ons energieverbruik, dan daalt het aandeel voor verwarming nog steeds. Het aandeel van warm water blijft de laatste paar maanden redelijk gelijk, voor het verbruik voor elektrische apparaten stijgt. Wat op zich niet raar is, aangezien er met thuiswerken beduidend vaker laptops en lichten aan zijn, ook hebben we extra wifi-toegangspunten geïnstalleerd voor thuiswerken.

Verwarming

Onze keuze om over te schakelen van een HR-ketel naar infraroodverwarming loopt geregeld tegen de nodige vooroordelen op. Daarom hier toch maar weer even kort de toelichting op onze keuze. Op de eerste plaats wilde we van het gas af en vonden we dat belangrijker dan CO2-reductie. Dat heeft niet alleen te maken met het feit dat ik werkzaam ben in de energietransitie of met CO2-reductie, maar vooral met de wijze waarop bij gaswinning wordt omgegaan met de rechten van bewoners. Al in 2015 schreef ik daar een gastbijdrage over voor Nudge.

Een andere belangrijke reden is dat onze woning met C-label schil (inmiddels officieel tot A-label gedoopt d.m.v. toevoegen van zonneboiler en zonnepanelen) niet geschikt is voor een warmtepomp. Ik heb daar meerdere fabrikanten op bevraagd. De meeste geven aan dat er eerst fors geïsoleerd moet worden, voordat mijn woning geschikt is voor een warmtepomp. De rekening daarvan is fors, alleen al het vervangen van dubbelglas door HR++ kost voor onze woning ruim Euro 20.000. Deels gaat het dan om het vervangen dubbelglas door HR++, deels om het vervangen van oude kozijnen en ruiten. Formeel is in dat laatste geval natuurlijk slechts een klein deel kosten voor extra isolatie, de rest van de kosten moet je echter ook gewoon betalen. Het extra isoleren van onze muren, vloer en dak kost ook geld. Ons gasverbruik voor verwarming lag rond de 600 m3 per jaar, laat isolatie daar 20% op schelen dan daalt ons gasverbruik met 120 m2 per jaar.

Voor mij valt hoge temperatuur stadsverwarming af voor onze woning. Dat is veel te veel warmte om milieutechnisch interessant te zijn en het levert veel te hoog vastrecht op om interessant te zijn. Warmtepompen vallen technisch af en een bijkomend aandachtspunt vind ik mogelijke geluidsoverlast voor de buren in geval van een lucht-waterwarmtepomp. Er zijn drie opties voor een buitenunit in ons huis: voorgevel (geluid gericht op slaapkamers van overburen op 20 meter afstand), achtergevel (geluid gericht op slaapkamers van buren op 25 meter afstand), zijgevel (geluid boven dakterras buren). Geen van drieën ideaal. Ook zijn onze huidige radiatoren ongeschikt voor lage temperatuur. Met voeding van een hr-ketel hebben ze al moeite om de huiskamer comfortabel te krijgen, doordat ze relatief klein zijn t.o.v. de omvang van onze woonkamer.

In 2018 hebben we na 4 jaar testdraaien in de badkamer besloten om alle niet verblijfsruimtes uit te rusten met infraroodverwarming. Na een aantal gesprekken met de leverancier hebben we besloten een kleine, maar belangrijke, extra stap te maken en ook onze woonkamer met infraroodverwarming uit te rusten. De panelen zijn in maart 2019 geïnstalleerd. Sindsdien gebruiken we infraroodverwarming als hoofdverwarming in onze woning.

Daarbij corrigeer ik mijn verbruikscijfers (nog) niet voor efficiencyverliezen van de verwarming, ik ga uit van wat we afnemen op de meter. Ik blijf corrigeren voor efficiency ook een raar fenomeen vinden, bij de overschakeling naar led-verlichting heb ik de besparing op het elektriciteitsverbruik van apparaten ook niet gecorrigeerd voor de efficiency van gloeilampen. Ik kom de professionele energiebespaaradviseurs echter met alle plezier tegemoet met een verdere uitsplitsing van het energieverbruik, voor nu ben ik daar niet aan toegekomen.

Dan nu op naar de cijfers van ons energieverbruik voor ruimteverwarming in november, deze lagen 26% lager dan in 2019. November 2020 telde 22% minder graaddagen dan november 2019, wat betekent dat een groot deel van het gedaalde energieverbruik aan de zachte november maand lag. Tegelijkertijd zijn we in november 2020 veel meer thuis geweest dan vorig jaar en hebben we ook extra ruimtes verwarmd vanwege thuiswerken. Een temperatuur gecorrigeerde daling van 4% t.o.v. 2019 is dus zacht gezegd onverwacht.

Het energieverbruik per graaddag lag in november 2020 net als in oktober lager dan in 2019, terwijl we dit jaar toch echt meer thuis zijn en meer ruimtes verwarmen. Ook verwarmen we ruimtes langer, de woonkamer wordt nu de hele dag verwarmd. In 2019 werd deze tussen 9 en 15u niet verwarmd.

Op jaarbasis verbruiken we in een standaardjaar (met het gemiddeld aantal graaddagen van de afgelopen 10 jaar) 3.070 kWh. Dat is 46% lager dan ons langjarig gemiddelde verbruik met de HR-ketel. Als geen rekening gehouden wordt met het aantal graaddagen lag ons jaarverbruik over de afgelopen 12 maanden op 2.622 kWh. Dat betekent dat we dus ruim 400 kWh aan energie bespaart hebben doordat de afgelopen 12 maanden warmer zijn dan gemiddeld in de periode 2000-2019.

Energieproductie / herkomst energieverbruik

Een groot deel van de energie die we per maand verbruiken is elektriciteit, zo’n 15% komt op jaarbasis van zonnewarmte. Een klein deel, minder dan 20%, komt nog van aardgas. De overschakeling naar infraroodverwarming is goed terug te zien in onderstaande grafiek.

De elektriciteit die gebruiken wekken we deels zelf op. In november was dat 47% van ons totale verbruik, de overige 53% kopen we in bij onze elektriciteitsleverancier. Ten opzichte van onze HR-ketel levert dat 96% CO2-reductie op (o.b.v. stroometiket 2019), of een stijging van 1% op basis van de Nederlandse elektriciteitsmix in 2019. Tot zover de dwaze beweringen over enorme CO2 stijging ten gevolge van infraroodverwarming. Met de marginale CO2 emissie van het elektriciteitssysteem ga ik niet rekenen, het is m.i. op systeemniveau namelijk niet mogelijk om te bepalen of er een gascentrale bijspringt voor mijn wasmachine of mijn infraroodverwarming, zoals ik ook niet kan nagaan of er ergens een grootverbruiker een tandje terugschakelt ipv de marginale centrale extra stroom te laten produceren.

Op jaarbasis is in onderstaande grafiek wederom goed te zien dat ons energieverbruik stapsgewijs gedaald is sinds begin 2019, waarbij ons gasverbruik is gedaald en ons elektriciteitsverbruik is gestegen. Per saldo zijn we bijna 2.000 kWh gedaald in verbruik.

Ook de mix waar we onze energie vandaan halen is behoorlijk verandert sinds begin 2019. De inkoop van elektriciteit is weer terug in de mix met een aandeel van ruim 20%. Toch is de mix behoorlijk verandert sinds we in 2011 in ons huis zijn gaan wonen. Kochten we in 2012 nog bijna 80% van onze energie in in de vorm van elektriciteit en aardgas, inmiddels wekken we ruim 60% van onze energie zelf op.

Energieverbruik en productie oktober 2020

November is begonnen en daarmee is de eerste maand van het nieuwe stookseizoen voorbij. Een maand die duidelijk anders was dan vorig jaar, want dit jaar was oktober een maand van thuiswerken en dus van stoken op zolder en van de hele dag de verwarming aan in de huiskamer. Ook heeft onze oudste dochter inmiddels het plezier van middagen op haar eigen kamer ontdekt, wat ook voor extra stookkosten zorgt. Het aantal graaddagen is met 196 nagenoeg gelijk aan oktober 2019, dat 193 graaddagen kende. Toch is ons energieverbruik voor verwarming met 6% gedaald, het verbruik per graaddag is zelfs met 8% gedaald.

Wat (in kWh)20192020verschil
Ruimteverwarming232217-6%
Warm water22328729%
Apparaten23530731%
Totaal verbruik68981118%
Verbruik/graaddag1,201,11-8%
Gasverbruik12917637%
Elektriciteitsafname46652412%
Teruglevering4631-33%
Zonnepanelen9882-16%
Zonnedelen242713%
Winddelen7513175%
Zonneboiler9411118%
Totaal opwekking29135121%
Netto elektriciteitsverbruik2692846%
% eigen verbruik53%62%

Verwarming

Met de eerste maand van het stookseizoen achter de rug waarin ik de hele maand thuis heb gewerkt lijkt het me logisch om te beginnen met het energieverbruik voor verwarming. Zoals ik in de inleiding al verklapt heb is ons energieverbruik per graaddag gedaald en ook ons totale energieverbruik voor verwarming ligt deze maand lager. Ondanks dat we meer kamers hebben verwarmd en de woonkamer langer hebben verwarmd. Tijd voor de grafieken en om het verbruik om te zetten naar het verbruik in een standaardjaar.

In bovenstaande grafiek is goed te zien dat ons verbruik per graaddag aanzienlijk gedaald is sinds we overgestapt zijn op infraroodverwarming. Als ik 2013 buiten beschouwing laat, omdat we in die winter fors hebben gestookt vanwege de geboorte van onze jongste dochter, is het ons energieverbruik voor verwarming met 46% gedaald. Veel meer dan verwacht kan worden op basis van de COP = 1 hypothese. Zelfs als rekening gehouden wordt met een lagere luchttemperatuur, die ik nog niet heb weten te ontdekken in mijn metingen.

Omgerekend naar een standaardjaar is ons energieverbruik voor verwarming gedaald naar ongeveer 3.100 kWh per jaar. Bovenstaande grafiek laat een duidelijk daling zien vanaf maart 2019. Kon dat nog liggen aan een tijdelijke daling door zuiniger stoken, zoals ook in 2015 en 2018. Sinds het najaar van 2019 is duidelijk dat ons energieverbruik blijvend op een fors lager niveau ligt. Ook als ik het vergelijk met het langjarig gemiddelde. Inmiddels wonen we bijna 10 jaar in ons huis, met gas is het ons in al die jaren niet gelukt om in de buurt te komen van ons huidige energieverbruik voor verwarming.

Bruto en netto energieverbruik

Door naar het saaie deel, ons bruto energieverbruik. Hoewel saai? Ook dat ligt dit jaar beduidend lager dan het gemiddelde in de periode 2011-2018, exclusief 2013. Ons bruto energieverbruik ligt 20% lager dan het gemiddelde over de periode 2011-2018, exclusief 2013. Aan ons huis is dit jaar niks veranderd, behalve dan dat we sinds maart dit jaar veel meer thuis zijn door de coronamaatregelen en ik dus een hoger energieverbruik zou verwachten.

Ook ons netto energieverbruik ligt dit jaar fors lager dan eerdere jaren, zoals in onderstaande grafiek te zien is.

Energieverbruik per toepassing

Een stukje over het energieverbruik per toepassing heb ik al verklapt. In onderstaande grafiek is het maandelijks energieverbruik per toepassing te zien. De stookseizoenen zijn daarbij goed zichtbaar. De behoefte aan warm water is heerlijk constant, hoewel dat vanaf de overstap op infraroodverwarming ook wat begint te schommelen. De berekening in de jaren daarvoor waren gebaseerd op gegevens van MilieuCentraal over het aandeel van warm water in het totale gasverbruik. Na de overschakeling op infraroodverwarming is warm water de enige toepassing waarvoor we nog aardgas gebruiken. Het wordt interessant om te zien of we ook deze winter fors lager blijven in ons maandelijks energieverbruik voor verwarming als vorig jaar. Ik verwacht namelijk niet dat ik nog dit stookseizoen volle werkweken terug kan naar kantoor.

Op jaarbasis is ons energieverbruik de afgelopen jaren behoorlijk constant geweest. Begin 2019 zit een eerste daling die eind 2019 door heeft gezet. Helaas is het elektriciteitsverbruik van apparaten weer aan het stijgen, nadat dat eind vorig jaar leek te gaan dalen. Mogelijk dat daar wel het effect van veel thuiswerken een rol speelt. Een extra wifi-punt op zolder, een extra beeldscherm en de 40 uur per week extra de laptop aan.

Energieverbruik per bron

Als ik kijk naar de herkomst van de energie die we verbruik dan is oktober het omslagpunt naar inkopen van elektriciteit. Ook de inkoop van gas is gestegen, want ook onze zonneboiler doet het een stuk minder in het stookseizoen dan daarbuiten. Al met al hebben we 18 m3 aardgas verbruik in oktober, waarmee we voor 2020 op 101 m3 aardgas uitkomen. Daarnaast hebben we 284 kWh elektriciteit ingekocht in oktober, waarmee het totaal voor 2020 tot nu toe op 948 kWh uitkomt.

Op jaarbasis is vormt eigen opwek het grootste deel van onze energiemix. Van de ruim 8.600 kWh wekken we ruim 5.100 kWh zelf op met onze zonneboiler, zonnepanelen, zonnedelen en winddelen. De overige 3.500 kopen we in bij onze energieleverancier, waarvan een kleine 2.100 kWh in de vorm van elektriciteit. De overige 1.400 kWh is aardgas, omgerekend een kleine 150 m3.

Op jaarbasis is in onderstaande grafiek goed te zien dat het aandeel aardgas fors gedaald is sinds we overgestapt zijn op infraroodverwarming. Doordat het totale energieverbruik gedaald is is het aandeel eigen opwek gegroeid. Begin 2019 was dit 45%, inmiddels is het aandeel eigen productie gestegen naar 59%. Terwijl we geen enkele extra maatregel voor energieproductie hebben genomen de afgelopen 2 jaar.

Energieverbruik & energieproductie september 2020

September is afgelopen, oktober begonnen. Tijd dus voor de maandelijks update van ons energieverbruik. Het belangrijkste dat opvalt is dat september 2020 in graaddagen gemeten slechts 10 graaddagen minder heeft dan in 2019, terwijl onze ruimteverwarming wel fors lager lag. Ook het gasverbruik voor warm water lag lager dan in 2019, blijkbaar was september 2020 een zonnige maand vergeleken met september 2019. Het elektriciteitsverbruik van apparaten lag 14% hoger dan vorig jaar. De totale hoeveelheid opgewekte energie 13% hoger en we verbruikten 37% van het verbruik van onze zonnepanelen zelf, de rest leverden we terug.

Wat (in kWh)20192020verschil
Ruimteverwarming721-98,50%
Warm water2232261%
Apparaten22725914%
Totaal verbruik522486-7%
Verbruik/graaddag1,030,02-98%
Gasverbruik7959-26%
Elektriciteitsafname299260-13%
Teruglevering11312914%
Zonnepanelen17620416%
Zonnedelen344326%
Winddelen6864-6%
Zonneboiler14416716%
Totaal opwekking42247813%
Netto elektriciteitsverbruik21-51-345%

Bruto en netto energieverbruik

Ons bruto energieverbruik ligt nog steeds lager dan voorgaande jaren. In de eerste 3 kwartalen van 2020 ligt het op 5.936 kWh, bijna 1.700 kWh lager dan het gemiddelde bruto energieverbruik toen we nog onze cv gebruikte voor verwarming. Dat betekent dat we op ons totale bruto energieverbruik 22% besparen ten opzichte van verwarmen met aardgas.

Ons netto energieverbruik ligt met een kleine 1.500 kWh ook lager dan het gemiddelde over de periode 2014-2018, de jaren dat we naast onze zonneboiler en winddelen ook zonnepanelen, en zonnedelen hebben. Ons netto energieverbruik is gehalveerd ten opzichte van de periode 2014-2018. Al verwacht ik dat ons netto energieverbruik nog wel een stuk zal stijgen nu het stookseizoen weer is begonnen.

Energieverbruik per toepassing

Het stookseizoen is nog niet begonnen, dus in september hebben we energie gebruikt voor warm water en voor elektrische apparaten. In totaal hebben we zo’n 500 kWh verbruikt, waarvan de helft voor warm water en de helft voor elektrische apparaten.

Op jaarbasis ligt ons energieverbruik op iets meer dan 8.500 kWh. Daarvan gaat 3.000 kWh op aan elektrische apparaten, 2.700 kWh aan warm water en bijna 2.800 aan verwarming. Als ik de verwarming corrigeer voor temperatuur komt ons verbruik uit op 3.128 kWh per jaar. Van de daling in ons energieverbruik met 1.700 kWh per jaar wordt dus zo’n 3.000 kWh veroorzaakt door het warmere weer.

Het aandeel van verwarming in ons energieverbruik daalt nog steeds. Inmiddels vormen elektrische apparaten het grootste aandeel in ons energieverbruik met 36%, verwarming en warm water volgen met elk 32% in ons energieverbruik.

Energieverbruik per bron

Bezien vanuit de bron van ons energieverbruik hebben we in september bijna in ons eigen energieverbruik kunnen voorzien. We leverden in september 51 kWh terug en hadden 59 kWh (6 m3) aan aardgas nodig. Per saldo kwamen we in september dus 8 kWh tekort.

Op jaarbasis verbruiken we 2.059 kWh meer elektriciteit dan we opwekken, deze hoeveelheid nemen we dus af van het energiebedrijf af. Daarnaast verbruiken we nog 1.400 kWh (144 m3) aan aardgas. De resterende 5.100 kWh wekken we zelf op met onze zonneboiler, zonnepanelen, zonnedelen en winddelen. Nu de cijfers van ruim een jaar infraroodverwarming bekend zijn stabiliseert ons energieverbruik zich rond de 8.500 kWh per jaar.

Ook het aandeel van de verschillende bronnen begint zich na een jaar te stabiliseren. Inkoop van elektriciteit vormt nu zo’n 25% van onze energiemix en ons aardgasverbruik is gedaald naar zo’n 17% van onze energiemix. De zonnepanelen vormen 25% en de zonneboiler 15%. Ook onze winddelen vormen zo’n 15% van onze energiemix. De overige paar procent komt uit onze zonnedelen.

Verwarming

Het stookseizoen was in september nog niet begonnen, dus erg spannend zijn de cijfers van ons verbruik voor verwarming niet.

Ons verbruik per graaddag lag in september op 0,02 kWh per graadddag, veroorzaakt door het openlaten van de buitendeur op een koude dag waardoor de hal verwarming aan is gesprongen. Op jaarbasis ligt ons verbruik op 1,12 kWh/graaddag dat is bijna de helft lager dan de 2,03 kWh/graaddag die we sinds we in 2011 in ons huis zijn gaan wonen hebben verbruikt. Op jaarbasis is het laagste wat we met cv-ketel hebben gehaald 1,7 kWh/graaddag. Ook daar zitten we dus ruim onder.

Ons energieverbruik voor verwarming in een standaardjaar, dus gecorrigeerd voor het aantal graaddagen, ligt op 3.128 kWh/jaar. Aangezien we in september nauwelijks gestookt hebben mag het geen verrassing zijn dat dat nog steeds onder het verbruik volgens de theoretische modellen die in Nederland gehanteerd worden is.

Ik ben wel erg benieuwd hoe ons energieverbruik voor verwarming zich het komende stookseizoen gaat ontwikkelen. Want niet alleen werk ik zelf al vanaf half maart vanaf huis, ook onze oudste dochter zit veel vaker op haar eigen kamer. Wat betekent dat er twee extra ruimtes verwarmd moeten worden: haar slaapkamer en mijn werkkamer. Ven een huishouden waar weinig mensen thuis zijn is dan ook geen sprake in het komende stookseizoen.

Overigens grappig om te melden dat de discussie over infraroodverwarming vorig jaar ook TKI Urban Energy heeft bereikt, inclusief een vermelding in hun discussiestuk over warmtepomp versus infraroodverwarming (pdf) van Lars Boelen (bedenker van het ParisProofPlan) en mij. Er loopt ook een project Infrarood Experience bij TKI Urban Energy. Onder de deelnemers mijn leverancier van infraroodverwarming en van het aansturingssysteem dat ik gebruik, naast MilieuCentraal en de Technische Universiteit Eindhoven.

Energieverbruik en opwekking augustus 2020

Deze zomer was te warm om te bloggen, met het najaar voor de deur is het tijd om de draad weer op te pakken. Te beginnen met een stukje over de ontwikkeling van ons energieverbruik en onze energieproductie in augustus 2020.

In bovenstaande grafiek is goed te zien dat ons bruto energieverbruik nog steeds lager ligt dan voorgaande jaren en dan het gemiddelde over de periode 2011-2018 (exclusief 2013). Per saldo ligt ons energieverbruik tot en met augustus zo’n 25% lager dan gemiddeld. Dat kan deels komen door de warmere winter, maar in onderstaande grafiek is te zien dat ons energieverbruik voor verwarming ook is gedaald als ik corrigeer voor het aantal graaddagen.

Omgerekend naar een standaardjaar is ons energieverbruik voor verwarming gedaald van zo’n 5.500 kWh met aardgas naar zo’n 3.200 kWh met infraroodverwarming, zo’n 400 kWh van deze daling is toe te schrijven aan de warmere winter. Het energieverbruik voor warm water en apparaten is in dezelfde periode nagenoeg gelijk gebleven:

Energieproductie

In bovenstaande grafiek is goed te zien dat onze elektriciteitsproductie de afgelopen jaren redelijk constant is. In de periode 2011 tot en met 2014 is het fors gestegen doordat we in die periode stapsgewijs begonnen zijn met eerst de zonneboiler, gevolgd door winddelen en onze zonnepanelen. Al met al ligt onze productie momenteel zo rond de 5.000 kWh per jaar. Waarvan zon de grootste bijdrage levert, zowel thermisch als elektrisch.

Als ik kijk naar de herkomst van alle onze energie dan produceren we nu op jaarbasis 58% zelf met zon en wind. De resterende 52% bestaat voor 25% uit ingekochte groene stroom en voor 17% uit aardgas. Een forse daling ten opzichte van de 56% aardgas die we voorheen inkochten. Ons gasverbruik ligt op jaarbasis nog steeds onder de 150 m3. Laag genoeg om deze winter een laatste stap te overwegen richting aardgasvrij.

Netto energieverbruik

Als ik kijk naar ons netto energieverbruik, dus ons bruto verbruik minus onze energieproductie dan ligt deze dit jaar aanzienlijk lager dan voorgaande jaren.

2020 is het tweede jaar waarin we ons netto energieverbruik tot en met augustus onder de 3.000 kilowattuur hebben weten te houden. Sterker we zitten dit jaar net onder de 1.500 kilowattuur, ruim 58% lager dan het gemiddelde over de periode 2014-2018.

Schatting jaarverbruik Greenchoice

Ondertussen blijft Greenchoice wat moeite houden met het inschatten van ons jaarverbruik. Hieronder in rood hun inschatting en in het blauw het werkelijk elektriciteitsverbruik over de afgelopen 12 maanden. Ik blijf benieuwd wanneer hun algoritme iets meer lerend wordt 🙂

Energieverbruik en productie juni 2020

Het eerste half jaar van 2020 is voorbij, tijd om de balans op te maken van ons energieverbruik en onze energieproductie in juni. Te beginnen met de oersaaie tabel waarin ik juni 2020 vergelijk met juni 2020.

Wat (in kWh) juni20192020verschil
Ruimteverwarming000%
Warm water22324912%
Apparaten21424213%
Totaal verbruik43749125%
Verbruik/graaddag0,000,00-19%
Gasverbruik2049147%
Elektriciteitsafname21424213%
Teruglevering204194-5%
Zonnepanelen285278-2%
Zonnedelen375035%
Winddelen445933%
Zonneboiler203201-1%
Totaal opwekking5695883%
Netto elektriciteitsverbruik-152-145-5%
% eigen verbruik28%30%

Energieverbruik

Ons energieverbruik lag in juni van dit jaar 25% hoger dan in 2019. Ondanks die stijging ligt ons bruto energieverbruik over het eerste halfjaar van 2020 bijna 30% lager dan over ons gemiddelde bruto energieverbruik in de periode 2011-2018, exclusief 2013.

Het verschil zit hem voor de helft in het energieverbruik van apparaten en voor de helft in het energieverbruik voor warm water. Waar het verschil in verbruik van apparaten precies door komt weet ik niet, naar mijn weten hebben we geen nieuwe apparaten in gebruik genomen sinds vorig jaar. Het verschil in warm waterverbruik lijkt volledig terug te voeren op een stijging van het gasverbruik, wat kan samenhangen met het minder zonnige weer in de tweede helft van juni. Uitgesplitst naar toepassing vertoont ons energieverbruik in juni echter weinig verrassingen.

Ook op jaarbasis ligt ons energieverbruik inmiddels redelijk constant rond de 8.500 kWh. Dat is een forse daling ten opzichte van eerdere jaren, zoals ook in onderstaande grafiek goed zichtbaar is. Dit jaar is het eerste jaar dat ons jaarverbruik van verwarming, elektrische apparaten en warm water samen onder de 10.000 kWh uitkomt.

Elektrische apparaten vormen met 35% inmiddels het grootste deel van ons energieverbruik. Verwarming is inmiddels teruggelopen naar minder dan 35% en warm water is opgelopen tot 30% van ons energieverbruik. Volgens Milieucentraal bestaat bij een gemiddeld gezin zo’n 90% van het energieverbruik uit aardgas voor verwarming en warm water. Bij ons is dat minder dan 60%. Waarbij ons energieverbruik voor verwarming en warm water met ongeveer 5.500 kWh (grofweg 550 m3 aardgas) ook zo’n 2/3 lager ligt dan het gemiddelde.

Energiebronnen

Als ik kijk naar de bronnen voor ons energieverbruik valt vooral de daling in gasverbruik op en de stijging in elektriciteitsverbruik. Ons elektriciteitsverbruik ligt met 5.800 kWh op jaarbasis fors hoger dan het gemiddeld elektriciteitsverbruik van Nederlandse gezinnen (2.450 kWh volgens Milieucentraal). Daar staat tegenover dat ons gasverbruik met 146 m3 veel lager ligt dan het landelijk gemiddelde. De grafiek met ons energieverbruik opgedeeld naar bron oogt dan ook een stuk minder grijs dan het was.

Als ik de energiebronnen wat breder trek is te zien dat het aandeel gas sinds vorig jaar fors is teruggelopen. Lag het tot begin vorig jaar tussen de 60% en 75%, inmiddels levert aardgas minder dan 25% van onze energie. Het aandeel zonnewarmte en vooral het aandeel elektriciteit is fors opgelopen. Met nog zo’n 150 m3 aardgas per jaar voor warm water komt de laatste stap voor aardgasvrij binnen bereik.

In juni lag de mix van energiebronnen wat anders, dan over het hele jaar. Ons aardgasverbruik in juni is nauwelijks zichtbaar, het grootste deel van onze energie werd geleverd door de zon en door de wind. In totaal leverde dat 588 kWh op, terwijl ons verbruik (inclusief aardgas) slechts 491 kWh bedroeg. Al met la leverden we dus elektriciteit terug aan het net.

Schatting elektriciteitsverbruik Greenchoice

Het blijft altijd leuk om de schatting van het netto elektriciteitsverbruik van Greenchoice te leggen naast hetgeen we volgens hun eigen metingen de afgelopen 12 maanden hebben verbruikt. In de wintermaanden levert dat een forse overschatting van ons netto elektriciteitsverbruik op, in de zomer een forse onderschatting. Inmiddels verwacht Greenchoice dat we op jaarbasis iets minder dan 2.000 kWh gaan verbruiken, terwijl we volgens hun eigen meting de afgelopen 12 maanden bijna 4.000 kWh hebben verbruikt. In de wintermaanden was de verwachting nog dat ons elektriciteitsverbruik rond de 10.000 kWh uit zou komen. Ik begrijp van Greenchoice dat ze werken aan een beter algoritme, vooralsnog levert het omzetten van het algoritme naar het doorlopend gemiddelde van de afgelopen 12 maanden waarschijnlijk betere resultaten op.

Bij gas zitten er net zulke rare inschattingen in. De verwachting van ons gasverbruik is van april tot juni gestegen van 110 m3 aardgas naar bijna 300 m3 aardgas, terwijl het gasverbruik van de afgelopen 12 maanden in dezelfde periode stabiel is gebleven rond de 145 m3 aardgas.

Energieverbruik en productie mei 2020

De zonnige maand mei is achter de rug en juni is gelukkig begonnen met meer regen en wolken. Voor onze energieproductie was de zonnige mei maand prettig, voor de natuur, landbouw en onze tuin een stuk minder.

Wat (in kWh)20192020verschil
Ruimteverwarming1101-100%
Warm water223216-3%
Apparaten23128423%
Totaal verbruik564501-79%
Verbruik/graaddag0,710,00-99%
Gasverbruik5949-17%
Elektriciteitsafname341285-16%
Teruglevering19025233%
Elektriciteitsverbruik15133-78%
Zonnepanelen28035627%
Zonnedelen284146%
Winddelen578549%
Zonneboiler1641672%
Totaal opwekking52964923%
Netto elektriciteitsverbruik-214-449110%

Bruto energieverbruik

Ons bruto energieverbruik tot en met mei ligt lager dan in 2019 en 30% lager dan gemiddeld in de periode 2011-2018, exclusief 2013. Het lagere verbruik ten opzichte van 2019 komt deels doordat we dit jaar in mei nauwelijks hebben hoeven stoken, terwijl we vorig jaar nog wel de kachels aan hadden in mei. Dit jaar hebben we enkel één keer de badkamer opgewarmd.

De verlaging van ons bruto energieverbruik ten opzichte van de periode 2011-2018 komt door de overschakeling op infraroodverwarming. Dat is goed te zien in onderstaande grafiek, waarin geel het energieverbruik voor verwarming betreft. De piek in verbruik lag afgelopen stookseizoen beduidend lager dan voorgaande jaren.

Ook op jaarbasis is het bruto energieverbruik gedaald, het ligt momenteel op 8.432 kWh. Met name het verbruik voor verwarming is gedaald, waarbij in onderstaande grafiek nog geen rekening is gehouden met temperatuurverschillen tussen de verschillende jaren.

De verdeling van ons energieverbruik tussen verwarming, warm water en elektrische apparaten is inmiddels ongeveer gelijk. Alle drie de toepassingen vormen ongeveer 1/3 van ons totale energieverbruik.

Energieproductie

Mei was een goede maand voor de elektriciteitsproductie. Zowel onze winddelen, zonnepanelen als zonnedelen leverden meer op dan in 2019. Samen met een lager energieverbruik dan in 2019 zorgt dat er voor dat we deze maand stroom meer energie hebben geproduceerd dan verbruikt.

In bovenstaande grafiek is te zien dat vooral onze zonnepanelen veel elektriciteit hebben opgewekt. Toch hebben we 70% van de geproduceerde elektriciteit zelf verbruikt en slechts 30% teruggeleverd aan het net. Dat is een hoger percentage zelf gebruik in mei dan ik had verwacht. Samen met de zonnedelen en winddelen hebben we 649 kWh elektriciteit opgewekt, dat is 23% meer dan in 2019.

In bovenstaande grafiek is goed zichtbaar dat ons elektriciteitsverbruik op jaarbasis sinds het installeren van de infraroodverwarming gestegen is, terwijl het totale energieverbruik op jaarbasis tijdens de stookmaanden gedaald is. Inmiddels verbruiken we ongeveer 6.000 kWh per jaar voor verwarming en apparatuur, daarvan kopen we zo’n 2.000 kWh elektriciteit in en de rest wekken we zelf op met onze zonnepanelen, winddelen en zonnedelen. Dat betekent wel dat we zo’n 2.000 kWh extra duurzame elektriciteit op moeten gaan wekken om op jaarbasis weer evenveel elektriciteit op te gaan wekken als dat we verbruiken, om ons volledig energieverbruik op jaarbasis zelf op te wekken (dus ook ons gasverbruik) moeten we 3.300 kWh extra opwekken.

In bovenstaande grafiek wordt het deel dat we zelf opwekken gevormd door zonnewarmte, zonnepanelen, zonnedelen en winddelen. Gas en elektriciteitsinkoop vormen 40% van ons energieverbruik, de overige 60% van onze energie produceren we zelf. Begin 2019 was 40% produceerde we ongeveer 40% van onze eigen energie, terwijl we 60% inkochten in de vorm van aardgas. De overstap op infraroodverwarming heeft dus niet alleen geleid tot een forse daling van ons gasverbruik, maar ook tot een groter aandeel zelf geproduceerde energie door energiebesparing.

In bovenstaande grafiek is te zien dat het aandeel gas fors gedaald is naar 16%, terwijl het aandeel in ons energieverbruik voor de overschakeling naar infraroodverwarming rond de 60% lag. Onze zonneboiler levert inmiddels 15% van het energieverbruik, doordat we minder energie verbruiken. De overige 70% van ons energieverbruik bestaat uit elektriciteit.

Energieverbruik en productie april 2020

Maart en april zijn voorbij, maar met de coronamaatregelen waardoor werk nu ineens gecombineerd moet worden met parttime lesgeven aan de kinderen was het er de afgelopen maanden niet van gekomen om naar ons energieverbruik te kijken. Tijd om er toch nog eens een blik op te werpen, waarbij ik maart oversla en meteen naar april ga.

Bruto energieverbruik

Ons bruto energieverbruik lag in de eerste vier maanden van 2020 34% lager dan in het eerste vier maanden van het gemiddelde over de eerdere jaren (minus 2013, want dat blijft een raar jaar). De enige grote verandering die we sinds maart 2019 hebben gemaakt in ons huis is het overschakelen naar infraroodverwarming. Daar staat tegenover dat de eerste vier maanden van 2020 met 1.234 graaddagen erg warm vergeleken met eerdere jaren (ter vergelijking: 2018: 1.482, 2019: 1.319).

Netto energieverbruik en verdeling naar functie

Ook ons netto energieverbruik ligt dit jaar beduidend lager dan in voorgaande jaren, terwijl we geen extra zonnepanelen, zonneboiler, zonnedelen of winddelen hebben aangeschaft. Wat naast het lagere bruto energieverbruik wel meehelpt is dat onze zonnepanelen, zonnedelen en winddelen de eerste vier maanden zo’n 100 kWh meer hebben opgewekt dan in 2019.

In april hebben we de kachel nog wel een paar keer aangehad, wat te zien is in onderstaande grafiek. Het leeuwendeel van het verbruik in april zit hem echter in warmte voor warm water en voor elektrische apparaten. Het grootste deel van de energie voor warm water werd door de zon geleverd.

In het totale verbruik op jaarbasis is vooral het verbruik voor verwarming gedaald. Dit is nog maar 35% van ons totale energieverbruik. Terwijl dit in voorgaande jaren tussen de 40 en 50% schommelde.

Energieverbruik verwarming

Het meest voor de hand ligt het om het lagere energieverbruik aan de warmere temperaturen toe te schrijven. Wanneer ik kijk naar het energieverbruik per graaddag is er op jaarbasis een daling te zien van 43% per graaddag. De piek in verbruik per graaddag lag dit stookseizoen ook lager dan in voorgaande jaren.

Het totale energieverbruik voor verwarming gecorrigeerd voor de temperatuur lag ook lager dan voorgaande jaren. Op jaarbasis verbruiken we nu in een standaardjaar (2.790 graaddagen) 3.300 kWh. Dat is 41% minder dan waar het model van CE vanuit gaat.

Energiebronnen

In april hebben we meer energie opgewekt dan dat- we hebben verbruikt. In onderstaande grafiek is ook goed zichtbaar dat onze winterpiek dit jaar beduidend lager ligt dan eerdere jaren en dat de aardgas vraag fors lager lag.

Op jaarbasis is het effect van infraroodverwarming nu goed zichtbaar geworden in onze energiemix. We verbruiken zo’ n 6.000 kWh elektriciteit, waarvan we nu ongeveer 1/3 inkopen. De andere 4.000 kWh wekken we zelf op met onze zonnepanelen, zonnedelen en winddelen. Het gasverbruik is sterk teruggelopen en bedraagt nu minder dan 1.400 kWh (150 m3 aardgas) op jaarbasis. Het gaat om verbruik voor warm water, afhankelijk van de vraag of onze warmwatervoorziening in het stookseizoen gaan oplossen met een doorstroomverwarmer of een warmtepomp krijgen we er nog tussen de 500 en 1.400 kWh elektriciteitsverbruik bij op jaarbasis.

Inschatting elektriciteitsverbruik Greenchoice

Zoals iedere maand heeft Greenchoice ons een overzicht gestuurd van ons gas- en elektriciteitsverbruik in april. Dit overzicht bevat ook een inschatting van ons netto-elektriciteitsgebruik op jaarbasis. Ons werkelijk elektriciteitsverbruik op jaarbasis ligt al 3 maanden gelijk net onder de 4.000 kWh. De verwachting van Greenchoice is gedaald van bijna 10.000 kWh in januari en februari, naar 7.000 kWh in maart. In april is de inschatting gedaald naar minder dan 3.000 kWh per jaar, terwijl ons werkelijk elektrictieitsverbruik nog steeds rond de 4.000 kWh ligt.

Energieverbruik en -productie februari 2020

Februari is voorbij, dus tijd om naar ons energieverbruik van februari te kijken. Om te beginnen met een tabel met de vergelijking tussen februari 2020 en februari 2019 (alle getallen in kWh).

Wat (in kWh)20192020verschil
Ruimteverwarming756514-32%
Warm water223208-7%
Apparaten305267-12%
Verbruik/graaddag2,131,52-29%
Gasverbruik957186-81%
Elektriciteitsafname305806164%
Teruglevering025
Elektriciteitsverbruik305781156%
Zonnepanelen13369-48%
Zonnedelen54-20%
Winddelen118271129%
Zonneboiler22220%
Totaal opwekking27836632%
Netto elektriciteitsverbruik49437795%

Bruto energieverbruik en verdeling

Ons bruto energieverbruik ligt in januari plus februari op ongeveer 2.000 kWh. Dat is bijna 40% lager dan het gemiddelde over de periode 2011-2018, exclusief 2013.

Ons energieverbruik valt grofweg in drie delen uiteen: verwarming, warm water en elektrische apparatuur. Een deel van de elektrische apparatuur is gebouwgebonden, bijvoorbeeld de mechanische ventilatie. Deze reken ik voor het gemak gewoon mee met de elektrische apparaten. Alleen het elektriciteitsverbruik van de infraroodverwarming reken ik los.

Het energieverbruik voor warm water is behoorlijk constant, ongeacht het weer willen we een warme douche en verbruiken we warm water voor de vaatwasser. Het enige verschil is dat de benodigde energie in de zomermaanden door onze zonneboiler wordt geleverd. Het elektriciteitsverbruik van apparaten kent wel een licht seizoensritme. In de herfst en winter ligt het verbruik hoger dan in de in zomermaanden, omdat we in de herfst en winter meer lampen aan hebben.

Het grootste seizoenseffect zit hem in de verwarming, die in de zomermaanden uit staat. De piek in ons energieverbruik voor verwarming ligt deze winter een stuk lager dan voorgaande jaren. Wat slechts gedeeltelijk te verklaren is door een warmere winter. In de periode oktober tot en met februari hadden we afgelopen winter 1687 graaddagen, vorig jaar waren dat er 1750. Een verschil van 4%, terwijl het energieverbruik in dezelfde periode daalde met 37% (van 3.583 kWh naar 2.268). Een uitgebreidere analyse van ons verwarmingsverbruik vind je hier.

De daling van het energieverbruik door infraroodverwarming is ook terug te zien in ons totale energieverbruik dat met 8.7000 kWh nu dik onder de 10.000 kWh zit. De grote wijziging zit hem in ons energieverbruik voor verwarming.

De verandering in ons energieverbruik begint ook duidelijk zichtbaar te worden in de verdeling van ons energieverbruik tussen verwarming, elektrische apparaten en warm water. De hoeveelheid energie voor warm water is niet gestegen, maar het aandeel in onze totale energiemix stijgt wel. Alle drie de onderdelen vormen momenteel zo’n 1/3 van ons energieverbruik. Tot vorig jaar was verwarming goed voor 40-50% van ons energieverbruik.

Netto energieverbruik en energieproductie

Ons netto energieverbruik is ook gedaald ten opzichte van 2019. Net als in januari ligt het netto energieverbruik duidelijk lager dan voorgaande jaren. Dit komt deels door de goede opbrengst van onze winddelen, deels door de warmere winter en deels door de overschakeling op infraroodverwarming.

De hoeveelheid aardgas die we verbruiken ligt dit stookseizoen fors lager dan voorgaande jaren. Op jaarbasis ligt ons gasverbruik momenteel op 155 m3 aardgas. Dat is vooral opgevangen door meer stroom van het net af te nemen, hoewel dat in februari door de goede opbrengst van onze winddelen minder nodig was dan in januari.

Op jaarbasis daalt ons gasverbruik en stijgt de afname van elektriciteit van het net. Inmiddels nemen we op jaarbasis ongeveer 2.300 kWh af van het net, waarmee de inkoop van stroom zo’n 20% van ons energieverbruik vormt.

De inkoop van elektriciteit plus ons aardgasverbruik vormen samen een kleine 40% van ons energieverbruik. Voordat we overschakelden op infraroodverwarming was aardgas goed voor 50-60% van ons energieverbruik. De overschakeling zorgt er dus voor dat we een groter deel van ons jaarlijks energieverbruik zelf opwekken.

De daling van ons aardgasverbruik is goed te zien als ik energieverbruik uitsplits tussen aardgas, elektriciteit en zonnewarmte. Het aandeel aardgas is sinds maart 2019 fors gedaald en bedraagt inmiddels minder dan 20% van ons totale energieverbruik.

Afsluitend

Afsluitend kan ik stellen dat het mogelijk lijkt om in onze label C woning van het aardgas af te gaan voor minder dan Euro 20.000. Waarbij we een comfortabele woning behouden en ook ons totale energieverbruik weten te verminderen.