Boekpresentatie: Het wiel opnieuw uitvinden

Afgelopen maandag was ik bij de boekpresentatie van Het wiel opnieuw uitvinden van Manfred van Doorn. Een van de onderwerpen was de omslag naar een duurzame samenleving en het duurzaam leiderschap dat daarvoor nodig is. Naar mijn mening dus de moeite waard om de entreekosten van 30 euro te betalen.

De bijeenkomst

Ik kwam helaas wat later binnen doordat ik niet op tijd weg kon op het werk. Zoals mijn meisjes weten gaat bij mij meestal het werk voor het meisje, zo ook deze keer. Wat ik gemist heb weet ik dus niet (al vermoed ik dat het deels over crowdsourcing ging). Wat ik gezien en gehoord heb wel, en eerlijk gezegd viel het me wat tegen. De opbouw van het verhaal en van de verschillende vormen van leiderschap volgde voor een groot deel de spiral dynamics opbouw. De kleuren waren wat anders gekozen, want gebaseerd op chakra’s. Buiten dat was de inhoud per kleur in mijn ogen redelijk vergelijkbaar.

Manfred van Doorn haalde in zijn verhaal de Kondratieff cyclus aan. Altijd leuk voor een econoom zoals ik als er weer ‘ns een grootmeester van stal wordt gehaald. Bij de cycli, die ik de laatste tijd wel vaker langs zie komen (bv. bij Wouter de Heij), blijf ik echter twijfelen. Crises komen namelijk vaker voor. De focus in de meeste plaatjes ligt erg op die in de Westerse economieën. De crisis in Japan, de Aziatische Tijgers, of de saving&loans in de VS, passen volgens mij niet in het plaatje. Het voelt daarmee een beetje als een theorie bij je verhaal zoeken, zonder wetenschappelijke onderbouwing. Maar ik geef toe dat dat een onderbuik gevoel is, ik ben onvoldoende thuis in de theoretische ontwikkelingen op dit gebied van de economische wetenschap.

Na het verhaal van Manfred van Doorn waarin een een aantal goed gekozen filmfragmenten over verbindend leiderschap (vast de verkeerde term) zaten kwamen 4 personen kort wat vertellen over hun ervaring met leiderschap. Helaas waren dat, in mijn ogen, voor het merendeel vrij traditionele verhalen. Al had ik dat misschien kunnen verwachten gezien de titel van het boek…

Een ambtenaar die komt vertellen dat de huidige crisis betekent dat we heel scherp moeten kiezen wat we niet meer gaan doen als overheid, klinkt als de nachtwakerstaat uit de 19e eeuw. Een voormalig topambtenaar die vertelt hoe hij jaren geleden al interdepartementaal samenwerkte en de problemen die hem dat opleverde. Waarna hij het onderhand aloude mantra dat je met het huidige internet niks meer hoeft te weten herhaalde. Die gedachte is inmiddels ook al weer tamelijk saai en traditioneel te noemen.

Hoe dan wel? Kiezen als overheid

Naar mijn mening kan het ook anders. Dat vergt echter wel lef en leiderschap van de leiding… Om te beginnen bij het maken van keuzes vanwege de slechte toestand van de overheidsfinanciën. In plaats van te kiezen voor taken afstoten, kun je er ook voor kiezen om de rekening neer te leggen bij degene die de pot verteerd hebben zoals Obama van plan is.

Oftewel: bij de financiële sector die het woord innovatie de afgelopen jaren misbruikt hebben om te doen alsof risico geen prijs meer had. Net als ICT-goeroes ooit dachten dat ICT een Nieuwe Economie voort had gebracht met eeuwig dalende kosten. Wat al eerder de reinste kolder bleek, waar de economen fors intrapten (die hadden nog niks geleerd van de ondergang van Long Term Capital Management).

Een andere oplossingsrichting kan zijn om meer te vertrouwen op het zelfsturend en organiserend vermogen van je burgers, en ze niet te behandelen als imbecielen (zoals Roel in ’t Veld dat zo subtiel noemt). Dat kun je bijvoorbeeld doen door als nieuwe kerntaak van de overheid te definiëren dat je eerlijke en open data verstrekt aan burgers. Dan sluit je als Nederlandse overheid aan bij de trends, zoals ik die nog steeds zie.

Spaar bijvoorbeeld kosten uit door niet alleen te roepen hoeveel vragen je krijgt, maar ontsluit deze vragen en antwoorden ook. Zodat je je helpdesk, of in het geval van de overheid de vele een-loketten te ontlasten (wat weer menskracht uitspaart). Of plaats alle vergunningaanvragen en klachten op een interactieve kaart met statusinformatie erbij. Op die manier kunnen burgers zien wat er speelt, zonder dat een ambtenaar de vraag daarover hoeft te beantwoorden. Of ga een stapje verder en stel je informatie open met locatiekenmerken, zodat bedrijven als Layar of burgerinitiatieven als verbeterdebuurt.nl applicaties kunnen ontwikkelen om de informatie te ontsluiten.

De ultieme stap is natuurlijk digitale ontsluiting van de archieven met overheidsinformatie. Want hoeveel ambtenaren hebben nu een dagtaak aan het voorkomen dat burgers hun recht op overheidsinformatie via de WOB uitoefenen? De overheid vraagt van haar burgers allerlei informatie onder het motto:

u heeft toch niks verkeerds gedaan, wat heeft u dan te verbergen?

Laten we dat dan ook ‘ns op de overheid zelf toepassen. Dus geen parlementaire commissie De Wit, maar alle correspondentie van Financiën, DNB en de banken vrij geven. Dan kan iedere burger die dat wil zelf bepalen of het Kabinet een juist besluit nam en kunnen we ook besparen op het aantal ambtenaren & tegelijkertijd investeren in innovatieve informatiediensten… Zeg maar tranparantie als nieuwe objectiviteit.

Internet: mind the crap

De laatste oplossingsrichting vormt een mooie brug naar de achterhaalde stelling dat je met internet geen kennis meer hoeft te hebben, omdat alle informatie vindbaar is op internet. Dat is volgens mij totale onzin. Op internet is veel goede informatie te vinden, tegelijkertijd denk ik bij internet (met een parafrasering van de Londense subway):

Mind the crap

Zonder parate kennis en inzicht in samenhang tussen onderwerpen krijg je grote kans op uitglijders. Stel je voor dat ik in een overleg zit zonder parate kennis en ik ga het op internet opzoeken (wat al een tamelijke gênante vertoning is), hoe bepaal ik dan waar en onwaar?

Parate kennis over de onderwerpen waar je verantwoordelijk voor bent is dus van essentieel belang in een kenniseconomie. Als je de omslag van kenniseconomie naar een innovatie economie wilt maken zul je volgens mij nog een stap verder moeten gaan, want dan heb je ook parate kennis van andere onderwerpen nodig. Dat geldt ook voor de omslag naar een duurzame economie.

Wanneer je dat niet doet wordt duurzaamheid verengd tot klimaatverandering, luchtkwaliteit, biodiversiteit, kinderarbeid of een ander los thema. Terwijl het bij duurzaamheid nu juist gaat om de samenhang tussen thema’s en het afwegen van keuzes waar je voor staat. Wat is op dit moment belangrijker: luchtkwaliteit, biodiversiteit, of minder CO2 emissies? Twee grootheden die niet vergelijkbaar zijn, en juist door ze beide op tafel te houden vind je innovatieve manieren om beide doelen gelijktijdig te halen. Gebrek aan parate kennis van een van de onderwerpen levert  op z’n minst controverses op

Conclusie

De losse verhalen vond ik niet passen bij het idee van een nieuw paradigma. Daarvoor waren ze te traditioneel. Dat neemt niet weg dat ik zeker wel van plan ben het boek van Marcel van Doorn te gaan lezen. De bijeenkomst zelf was ook geslaagd, aangezien ik weer interessante mensen heb ontmoet. Vooral de persoon die vroeg:

Is vragen of er genoeg geld is voor de omslag naar duurzamheid niet hetzelfde als vragen of er genoeg olie is om het vuur te doven?

prikkelde mijn verbeelding 🙂

De prijs van risico is laag, ehh herstel hoog

In de ondernemingsfinanciering geldt het als een van de centrale theorema’s: meer rendement gaat altijd samen met meer risico. Meer rendement halen zonder extra risico op verlies is niet mogelijk. De bodem in de financiële markt wordt daarbij doorgaans gevormd door staatsleningen. De staat kan immers niet failliet en betaald terug (uitzonderingen daargelaten). De afgelopen dachten legio financiële whizzkids dat ze de theorie in de praktijk konden verslaan.

Een van de toegepaste trucs was het samenvoegen van verschillende pakketten aan leningen, variërend van ninja-hypotheken tot tripple-A hypotheken (=beste beoordeling van de kredietratingsbureaus). Een ninja-hypotheek is een hypotheek die wordt verstrekt aan mensen met No Income No Job or Assets, oftewel een hypotheek verstrekken aan mensen zonder inkomen, baan of vermogen. Mijn gezond verstand zegt me dat zelfs mensen in de bijstand nog een kredietrating hoger moeten zitten, die hebben tenslotte een inkomen (hoe karig ook). Na samenvoeging van de ninja-hypotheken met goede risico’s kwam uit de hoge financiële hoed een pakket leningen dat een goede kredietwaardigheidsbeoordeling kreeg.

Begin maart begonnen daarin barsten te komen. Zoals een ketting ook niet sterker is dan de zwakste schakel bleken de slechte risico’s niet beter te worden van de samenvoeging met goede risico’s. Inmiddels blijkt dat het geheel nog rustig door ettert, het vertrouwen tussen banken is nog steeds niet geheel wedergekeert. De ECB heeft de rente tegen de verwachting in niet verhoogd, zonder dat de inflatieverwachting echt lijkt te dalen.

Terwijl inflatie toch de enige graadmeter is voor de ECB, ik kan me de ophef over de politieke pogingen om het rentebeleid te beïnvloeden nog herinneren. Nu het gaat om het helpen van de vrije markt is het echter stil. Hoofdredactionele commentaren wijzen op het belang om de roekeloze handelaren niet vrijuit te laten gaan door ze de hand boven het hoofd te houden als centrale bank. De vertegenwoordigers van het bedrijfsleven en van politieke partijen, die vinden dat de centrale bank onafhankelijk moet opereren, hoor je echter niet.

Terwijl de druk vanuit de financiële wereld ongetwijfeld fors is. Als je ziet met welk gemak een aantal hypotheekbanken in de VS de afgelopen maand failliet gingen en een aantal Duitse landesbanken gered moesten worden. Langzaam sijpelt de kredietcrisis nu ook verder het systeem in. RTL meldt op basis van The Wall Street Journal dat banken buiten de VS de komende 10 dagen 120 miljard dollar aan kortetermijnkredieten nodig hebben en dat er wereldwijd tot november voor 300 miljard dollar aan lange termijn krediet moet worden doorgeplaatst. Lichtpuntje daarbij is wel dat daar steeds minder euros voor nodig zijn, aangezien de dollar nog steeds zakt en de Fed onder druk staat om de rente te verlagen.

Met een koers van $ 1,38 voor een euro staat de euro fors hoog. Een paar jaar geleden kostte een euro ongeveer dollar. Dat is een verlies van 40%. Je moet van goede huizen komen wil je dat compenseren. Het doet me een beetje denken aan de daling van de dollar in (het begin van?) de jaren ’90 van dik vier gulden naar rond de twee gulden. Ik kan me nog herinneren dat we het voor onmogelijk hielden dat een dollar structureel minder dan twee gulden waard zou worden, maar ik ben blij dat ik daar nooit een krat bier op heb gezet 🙂

Bronnen: Kredietcrisis breidt zich verder uit, RTLZ, 10 september 2007 ECB: The euro area and its Monetary Policy, ECB, 7 september 2007 Dolllar zakt verder weg, RTLZ, 10 september 2007