Zijn de tanden van het Chinese milieubeleid doorgekomen?

Een paar jaar geleden schreef ik op mijn blog twee stukken over de vraag of het Chinese milieubeleid tandjes aan het krijgen was. Ik vroeg me toen ook af of milieubeleid in China ten koste zou gaan van economische groei. Gezien de forse bedragen die Chinese clean tech bedrijven ophalen denk ik zelf inmiddels dat het de economie van China alleen maar verder aanjaagt.

Op maandag 15 maart zendt VPRO’s Tegenlicht om 20.55u op Nederland 2 de documentaire De Regenmakers – het groene verzet in China uit. Volgens Duurzaam Nieuws is het een indringende en poëtische documentaire waarin filmmaker Floris-Jan van Luyn vier milieustrijders in China volgt. Op de grens van heldenmoed en koppigheid, vertellen zij over hun strijd tegen de stugge en soms agressieve lokale autoriteiten.

De Regenmakers is film van Floris-Jan van Luyn, geproduceerd door Submarine, in samenwerking met de VPRO en ZDF. De documentaire wordt uitgezonden door Tegenlicht, in het kader van het thema ‘De groene transitie.’

Krijgt het Chinese milieubeleid tandjes? Deel 2

Eerder schreef ik al een stukje over milieubeleid in China, waarbij het ging om het afkeuren van nieuwe investeringen.

Een paar weken geleden kwam ik onderstaande artikel tegen bij Environmental Leader:

Chinese factories are moving inland from coastal regions to provinces such as Hunan, Guangxi, Zhejiang and Jiangxi in order to escape tighter environmental scrutiny, according to China’s Institute of Public and Environmental Affairs, Reuters reports.

Tja, wordt het toch nog wat met China en milieubeleid. Kunnen we niet meer zomaar wijzen naar die vieze Chinese fabrieken…

Sowieso wordt de bevolking in China mondiger. De link ben ik kwijt, maar nog niet zo lang geleden is een grote chemische fabriek op grotere afstand geplaatst vanwege klachten van Chinese burgers uit de omgeving.

China: milieu versus economische groei

Gisteren linkte ik naar een artikel waaruit het idee oprees dat China werk begon te maken van z’n milieubeleid. Vandaag kwam ik onderstaand artikel tegen, waardoor ik me afvraag of China niet eerder begint aan een lange inhaalslag op milieugebied na een lange periode van verwaarlozing:
Doorgaan met het lezen van “China: milieu versus economische groei”

Krijgt het Chinese milieubeleid tandjes?

China Eco-Watchdog Gets Teeth

China’s environmental controls, long criticized as ineffective, are starting to have real economic bite.

This year, officials have rejected billions of dollars of new factories and other investment projects for failing to meet standards. For local companies accustomed to ignoring standards, this could change the financial calculus.

“Our supervision is getting tougher, and environmental requirements are being raised,” said Wu Bo, a director at the State Environmental Protection Administration who is in charge of reviewing the environmental impact of new factories and infrastructure projects.

Bron: “Chinese Environmentalism”, Environmental Economics blog, 20 december 2007.

Hoe de EU haar wetgeving exporteert

In de Financial Times van 9 juli staat een interessant artikel over een onverwacht exportproduct van de EU: wet- en regelgeving. Waar de EU onverwacht niet goed voor kan blijken te zijn.Het artikel begint met de besprekingen die Californië voert om te bezien of en hoe Californië zich kan aansluiten bij het Europese handelssysteem voor broeikasgassen.

Het artikel beschrijft dat dit initiatief van Californië niet op zichzelf staat, maar dat er meer landen zijn die voor verschillende soorten regelgeving verplicht of vrijwillig de EU-regels overnemen. Voorbeelden die het artikel noemt zijn product standaarden, finaciële regelgeving, anti-trust regels, telecom en milieu. Andere landen nemen de regelgeving niet altijd vrijwillig over, maar de impact van de EU op regelgeving in de rest van de wereld is gegroeid met de groeiende omvang van de EU. Daardoor is de EU een de omvangrijkste en meest lucratieve importmarkt ter wereld geworden, aldus de FT. Waarbij ook het streven naar een interne markt voor goederen, diensten, kapitaal en arbeid helpt.

Bovendien behoren de EU-regels voor o.a. product veiligheid, consumentenbescherming, milieu en gezondheidseisen volgens de FT tot de strengste ter wereld. Bedrijven die voldoen aan de EU-standaarden kunnen hun producten daardoor bijna overal ter wereld verkopen. Bovendien probeert de EU andere landen te stimuleren om de EU-normen te volgen. Niet zozeer door harde acties, maar vooral door de dialoog te zoeken met andere landen (zoals China).

Het zetten van de toon heeft volgens het artikel ook een voordeel voor het bedrijfsleven in de EU:

C. Boyden Gray, the US ambassador to the EU, says Washington’s concerns about the Union’s moves reflect the fact that they often hurt businesses outside the 27 member states: “I think there is now recognition [in the US] that the EU is being aggressive about exporting their approach – which tends to favour their own native companies. I think the US is concerned about it because frequently it imposes higher costs across the board.”He adds: “What many in the US think is happening is that EU policymakers tolerate a higher level of regulation and then worry that they are putting themselves at a competitive disadvantage. So they seek to export their regulations abroad so that every multinational is subject to the same level [of regulation].”

To EU officials, this may seem a less than charitable interpretation. But even they admit that the drive to export EU rules is motivated to a large degree by the desire to help European companies. As the February Commission paper argued, being the maker rather than the follower of global rules “works to the advantage of those already geared up to meet these standards”.

Bron: FT.com / Comment & analysis / Analysis – How the European Union exports its laws

Verkiezingen:Nederland vs de rest van de wereld

In de huidige campagne spelen Europa, laat staan de rest van de wereld, nauwelijks een rol. Terwijl de rest van de wereld toch best groot kan zijn, zoals ze op mijn middelbare school stelde: je hebt ‘Hilligersberg, Kralingen en de rest van de wereld’. Uit onderzoek van het Milieu en Natuurplanbureau (MNP), TNS-NIPO en EIM naar de voorkeur van burgers en MKB-ondernemers blijkt dat internationale problemen hoog op de agenda van burgers scoren, MKB-ondernemers hebben een veel nationalistischere agenda. Ook de visie op de rol van de overheid en de markt lopen sterk uiteen tussen burgers en MKB-ondernemers. De voorkeur van burgers voor zorg en welzijn in een sociale omgeving door een sterke overheid is bevestigd in het recente 21 Minuten onderzoek.

Vooral het ontbreken van een visie op de rol van Nederland in Europa en ‘de rest van de wereld’ valt echter op. Vandaag heb ik een verkiezingsdebatje bijgewoond. Opvallend vond ik dat de meest heldere visie op de internationale concurrentiepositie van Nederland kwam van de SP. Toch niet een partij die bij mij bekend staat om z’n visie op internationale zaken, maar vanavond hebben ze zeker credits gewonnen op dit gebied. Op milieugebied viel het me op dat het CDA en de VVD tot mijn verrassing geen voorstander zijn van striktere efficiëncie eisen aan producten, zoals PvdA, SP en D66 voorstelde. Apart aangezien hun staatssecretaris afgelopen jaar veel ophef maakte over de trage invoer van bronbeleid voor verkeer vanuit de EU (=producteisen aan autos). Kortom niet echt consistent, hoewel dat misschien niet zou hoeven verbazen gezien de rapportcijfers voor milieu die Vroeg Vogels opstelde:

GroenLinks 7,88
PartijvdDieren 7,80
Christen Unie 7,75
SP 7,31
PvdA 6,68
D66 6,42
CDA 4,57
SGP 4,40
Een NL 3,60
VVD 3,37
Wilders/PvdV 2,90
LVijf Fortuyn 2.25