Ruwe Open Data 1 jaar later (via @libel)

In 2009 hield Tim Berners-Lee een TED-talk over ruwe open data, met name overheidsdata. Dit jaar laat hij in 5 minuten zien wat er sindsdien gebeurd is. Vooral aan de hand van ruwe open & linked data uit de VS en Engeland.

Mijn vraag is: Welke politieke partij pakt het thema open overheidsdata op voor de komende Kamerverkiezingen en wordt de meest open partij? Of laten we de kansen voor de Nederlandse samenleving en het Nederlandse bedrijfsleven liggen?

Boekpresentatie: Het wiel opnieuw uitvinden

Afgelopen maandag was ik bij de boekpresentatie van Het wiel opnieuw uitvinden van Manfred van Doorn. Een van de onderwerpen was de omslag naar een duurzame samenleving en het duurzaam leiderschap dat daarvoor nodig is. Naar mijn mening dus de moeite waard om de entreekosten van 30 euro te betalen.

De bijeenkomst

Ik kwam helaas wat later binnen doordat ik niet op tijd weg kon op het werk. Zoals mijn meisjes weten gaat bij mij meestal het werk voor het meisje, zo ook deze keer. Wat ik gemist heb weet ik dus niet (al vermoed ik dat het deels over crowdsourcing ging). Wat ik gezien en gehoord heb wel, en eerlijk gezegd viel het me wat tegen. De opbouw van het verhaal en van de verschillende vormen van leiderschap volgde voor een groot deel de spiral dynamics opbouw. De kleuren waren wat anders gekozen, want gebaseerd op chakra’s. Buiten dat was de inhoud per kleur in mijn ogen redelijk vergelijkbaar.

Manfred van Doorn haalde in zijn verhaal de Kondratieff cyclus aan. Altijd leuk voor een econoom zoals ik als er weer ‘ns een grootmeester van stal wordt gehaald. Bij de cycli, die ik de laatste tijd wel vaker langs zie komen (bv. bij Wouter de Heij), blijf ik echter twijfelen. Crises komen namelijk vaker voor. De focus in de meeste plaatjes ligt erg op die in de Westerse economieën. De crisis in Japan, de Aziatische Tijgers, of de saving&loans in de VS, passen volgens mij niet in het plaatje. Het voelt daarmee een beetje als een theorie bij je verhaal zoeken, zonder wetenschappelijke onderbouwing. Maar ik geef toe dat dat een onderbuik gevoel is, ik ben onvoldoende thuis in de theoretische ontwikkelingen op dit gebied van de economische wetenschap.

Na het verhaal van Manfred van Doorn waarin een een aantal goed gekozen filmfragmenten over verbindend leiderschap (vast de verkeerde term) zaten kwamen 4 personen kort wat vertellen over hun ervaring met leiderschap. Helaas waren dat, in mijn ogen, voor het merendeel vrij traditionele verhalen. Al had ik dat misschien kunnen verwachten gezien de titel van het boek…

Een ambtenaar die komt vertellen dat de huidige crisis betekent dat we heel scherp moeten kiezen wat we niet meer gaan doen als overheid, klinkt als de nachtwakerstaat uit de 19e eeuw. Een voormalig topambtenaar die vertelt hoe hij jaren geleden al interdepartementaal samenwerkte en de problemen die hem dat opleverde. Waarna hij het onderhand aloude mantra dat je met het huidige internet niks meer hoeft te weten herhaalde. Die gedachte is inmiddels ook al weer tamelijk saai en traditioneel te noemen.

Hoe dan wel? Kiezen als overheid

Naar mijn mening kan het ook anders. Dat vergt echter wel lef en leiderschap van de leiding… Om te beginnen bij het maken van keuzes vanwege de slechte toestand van de overheidsfinanciën. In plaats van te kiezen voor taken afstoten, kun je er ook voor kiezen om de rekening neer te leggen bij degene die de pot verteerd hebben zoals Obama van plan is.

Oftewel: bij de financiële sector die het woord innovatie de afgelopen jaren misbruikt hebben om te doen alsof risico geen prijs meer had. Net als ICT-goeroes ooit dachten dat ICT een Nieuwe Economie voort had gebracht met eeuwig dalende kosten. Wat al eerder de reinste kolder bleek, waar de economen fors intrapten (die hadden nog niks geleerd van de ondergang van Long Term Capital Management).

Een andere oplossingsrichting kan zijn om meer te vertrouwen op het zelfsturend en organiserend vermogen van je burgers, en ze niet te behandelen als imbecielen (zoals Roel in ’t Veld dat zo subtiel noemt). Dat kun je bijvoorbeeld doen door als nieuwe kerntaak van de overheid te definiëren dat je eerlijke en open data verstrekt aan burgers. Dan sluit je als Nederlandse overheid aan bij de trends, zoals ik die nog steeds zie.

Spaar bijvoorbeeld kosten uit door niet alleen te roepen hoeveel vragen je krijgt, maar ontsluit deze vragen en antwoorden ook. Zodat je je helpdesk, of in het geval van de overheid de vele een-loketten te ontlasten (wat weer menskracht uitspaart). Of plaats alle vergunningaanvragen en klachten op een interactieve kaart met statusinformatie erbij. Op die manier kunnen burgers zien wat er speelt, zonder dat een ambtenaar de vraag daarover hoeft te beantwoorden. Of ga een stapje verder en stel je informatie open met locatiekenmerken, zodat bedrijven als Layar of burgerinitiatieven als verbeterdebuurt.nl applicaties kunnen ontwikkelen om de informatie te ontsluiten.

De ultieme stap is natuurlijk digitale ontsluiting van de archieven met overheidsinformatie. Want hoeveel ambtenaren hebben nu een dagtaak aan het voorkomen dat burgers hun recht op overheidsinformatie via de WOB uitoefenen? De overheid vraagt van haar burgers allerlei informatie onder het motto:

u heeft toch niks verkeerds gedaan, wat heeft u dan te verbergen?

Laten we dat dan ook ‘ns op de overheid zelf toepassen. Dus geen parlementaire commissie De Wit, maar alle correspondentie van Financiën, DNB en de banken vrij geven. Dan kan iedere burger die dat wil zelf bepalen of het Kabinet een juist besluit nam en kunnen we ook besparen op het aantal ambtenaren & tegelijkertijd investeren in innovatieve informatiediensten… Zeg maar tranparantie als nieuwe objectiviteit.

Internet: mind the crap

De laatste oplossingsrichting vormt een mooie brug naar de achterhaalde stelling dat je met internet geen kennis meer hoeft te hebben, omdat alle informatie vindbaar is op internet. Dat is volgens mij totale onzin. Op internet is veel goede informatie te vinden, tegelijkertijd denk ik bij internet (met een parafrasering van de Londense subway):

Mind the crap

Zonder parate kennis en inzicht in samenhang tussen onderwerpen krijg je grote kans op uitglijders. Stel je voor dat ik in een overleg zit zonder parate kennis en ik ga het op internet opzoeken (wat al een tamelijke gênante vertoning is), hoe bepaal ik dan waar en onwaar?

Parate kennis over de onderwerpen waar je verantwoordelijk voor bent is dus van essentieel belang in een kenniseconomie. Als je de omslag van kenniseconomie naar een innovatie economie wilt maken zul je volgens mij nog een stap verder moeten gaan, want dan heb je ook parate kennis van andere onderwerpen nodig. Dat geldt ook voor de omslag naar een duurzame economie.

Wanneer je dat niet doet wordt duurzaamheid verengd tot klimaatverandering, luchtkwaliteit, biodiversiteit, kinderarbeid of een ander los thema. Terwijl het bij duurzaamheid nu juist gaat om de samenhang tussen thema’s en het afwegen van keuzes waar je voor staat. Wat is op dit moment belangrijker: luchtkwaliteit, biodiversiteit, of minder CO2 emissies? Twee grootheden die niet vergelijkbaar zijn, en juist door ze beide op tafel te houden vind je innovatieve manieren om beide doelen gelijktijdig te halen. Gebrek aan parate kennis van een van de onderwerpen levert  op z’n minst controverses op

Conclusie

De losse verhalen vond ik niet passen bij het idee van een nieuw paradigma. Daarvoor waren ze te traditioneel. Dat neemt niet weg dat ik zeker wel van plan ben het boek van Marcel van Doorn te gaan lezen. De bijeenkomst zelf was ook geslaagd, aangezien ik weer interessante mensen heb ontmoet. Vooral de persoon die vroeg:

Is vragen of er genoeg geld is voor de omslag naar duurzamheid niet hetzelfde als vragen of er genoeg olie is om het vuur te doven?

prikkelde mijn verbeelding 🙂

En nu op naar de Leefbaarometer 2.0

De afgelopen maanden ben ik weer blij verrast met een aantal mooie overheidsinitiatieven om statistieken beter toegankelijk te maken voor burgers, een onderwerp waar ik al eerder over schreef. De initiatieven variëren van het vernieuwen van de gegevens op een website over leefbaarheid tot de aankondiging dat iedere overheidsdienst haar informatie in een open standaard, herbruikbaar en machine leesbaar dient te gaan aanbieden.

De Leefbarometer

VROM heeft een nieuwe versie van de Leefbaarometer gepubliceerd. Op deze site kun je zien hoe het gesteld is met de leefbaarheid bij jou in de straat, buurt, wijk of stad. Ook zijn de trends sinds 1998 te volgen. De site combineert volgens de NRC gegevens uit veel verschillende bronnen. Imposant, alleen wat kan je als burger weinig met de Leefbaarometer in zijn huidige vorm…

Wat wil ik dan?

Ik ga begin volgend jaar zoeken naar een ander huis. De leefbaarheid van een buurt is daarbij voor mij erg belangrijk, dus de Leefbaarometer bevat een schat aan nuttige informatie. Alleen waarom kom ik daar niet bij op de plek waar ik het wil hebben (Jaap, Funda of andere huizensites)? En waarom kan ik deze tijd van individualisering en de mondige burger niet zelf aangeven welke aspecten ik van belang vind voor de leefbaarheid van de buurt waar ik een huis ga zoeken?

Het kan ook anders

Dat het ook anders kan laat de Wereldbank zien. Zij hebben hun statistieken via een zogenaamde publieke API benaderbaar gemaakt. Dat betekent dat bouwers van websites en ontwerpers de gegevens van 17 indicatoren kunnen opvragen en op hun eigen website kunnen tonen. Google is daar recent mee begonnen, zodat je bij zoekvragen die te herleiden zijn tot Wereldbank statistieken nu de officiële statistieken bovenaan de zoekresultaten te zien krijgt. Zoek bv. op internetgebruikers in de VS en zie de Wereldbank gegevens over Internet users as percentage of population, United States bovenaan staan.

Kent iemand een makkelijkere manier om officiële statistieken in de top 10 van zoekresultaten terug te krijgen? Want als je nu zoekt op ¨ontwikkeling leefbaarheid Nederland” komt op 1 het nieuwsbericht van VROM tegen, maar de Leefbaarometer staat niet in de top 10 en het nieuwsbericht van VROM bevat geen link naar de Leefbaarometer.

Gegevens die in de top 10 van zoekresultaten terecht komen gelden voor veel mensen als betrouwbaar. Of dat terecht is is een tweede, je kan er als overheid echter ook gebruik maken van dergelijke mechanismes. Wanneer de burger steeds wantrouwiger tegen de overheid staat is het wellicht tijd om gebruik te maken van het vertrouwen dat andere merken uitstralen.

Wat wil ik dan?

De hoofdprijs is een publieke API zoals de Wereldbank heeft op de databanken van CBS, CPB, SCP, PBL, emissieregistratie, Kadaster, RIVM, KvK en politie, en een herbruikbare, machine leesbare lijst met geodata van alle verstrekte overheidssubsidies (in open standaard).

Als detailniveau kan het viercijferige postcodegebied worden genomen. Op die manier zijn de gegevens geanonimiseerd in te lezen door derden. Denk daarbij niet alleen aan zoekmachines zoals Google, maar ook aan commerciële sites als Funda of non profit sites als Jijendeoverheid.nl en verbeterdebuurt.nl.

Wat heb je daar dan aan?

Om even terug te gaan naar het voorbeeld aan het begin. Wanneer ik een huis ga zoeken wil ik andere voorzieningen in de buurt en heb ik andere voorkeuren dan iemand die bijna met pensioen gaat. Met een dochter hecht ik veel waarde aan groen in de buurt, schone lucht, weinig geluidshinder, een kindvriendelijke buurt, scholen op loopafstand en weinig tot geen zeden- of geweldsdelicten. Autodiefstallen vind ik minder interessant, want ik heb geen auto. Ook voorzieningen voor ouderen vind ik op dit moment nog niet zo heel erg interessant.

Het punt is dat ik nu wel 10 websites moet afstruinen om de gegevens bij elkaar te sprokkelen. Dat is niet meer van deze tijd. Ik wil de gegevens in een handzaam overzicht op de plek waar ik toch al ben, dus als ik een huis zoek op de huizensite die ik gebruik.

Het bijeffect van het aanbieden van de data op de plaats waar je zoekt naar een product of dienst is dat je mensen in staat stelt om abstracte begrippen als luchtkwaliteit en geluidsoverlast mee te laten wegen in hun keuze. Een snelweg op 100 meter van je huis? Dat levert x DB geluidsoverlast op. Combineer het met het actievermogen dat bv. De Eerlijke Bankwijzer biedt en de veroorzaker van de overlast krijgt meteen druk op de ketel om de overlast te beperken. Dat levert dus een permanente druk op verlaging van externe effecten op, zoals eerder beschreven.

Wat heeft de beleidsmaker/onderzoeker hieraan?

Als je kijkt naar het concept van Verbeterdebuurt.nl, waar mensen klachten en storingen kunnen melden die door de site worden doorgeleid naar de juiste overheidsdienst om op te lossen. Dan is snel te zien wat het voordeel voor de overheid kan zijn. De leefbaarheid van een buurt wordt (denk ik) negatief beïnvloedt door kapotte straatlantaarns, slecht wegdek en slecht onderhouden groen. Verbeterdebuurt.nl biedt bewoners en bezoekers van een buurt de mogelijkheid om klachten hierover door te geven aan de overheid.

Door het combineren van de gegevens van de Leefbaarometer met de meldingen van Verbeterdebuurt.nl kan de gemeentelijke onderhoudsdienst prioriteiten stellen. Bijvoorbeeld door als uitgangspunt te nemen dat klachten in buurten waar het slecht gesteld is met de leefbaarheid binnen sneller verholpen zijn dan in buurten waar het goed gesteld is met de leefbaarheid. Of door sneller te kunnen zien of verstrekte subsidies of genomen maatregelen het gewenste effect hebben. Uiteraard kost het in sommige gevallen jaren om resultaten te boeken, wat niet wegneemt dat nu vaak de nulmeting ontbreekt. De Leefbaarometer biedt een mooie basis om als nulmeting te dienen, wat veel onderzoekswerk en tijd scheelt. En daarmee dus ook gemeenschapsgeld.

Hoe pak je dat dat aan?

Als eerste stap kan begonnen worden met een publieke API voor de datasets die gebruikt zijn voor de Leefbaarometer. Om te zorgen dat de data herbruikbaar wordt moet deze open zijn. Hoe je overheidsinformatie kunt ontsluiten doet kun je hier lezen, zoals ik ook al eerder beschreven heb.

De tweede stap is publicatie van het model op een wijze die de gebruiker van de site in staat stelt om zelf de waarde van parameters in te stellen. Een derde de publicatie van alle verstrekte subsidies zijn (en andere locatiespecifieke maatregelen) ter verbetering van een van de parameters uit het model. De vierde het toevoegen van de mogelijkheid om je eigen bevindingen aan de site toe te voegen, zodat de leefbaarheid op maandbasis gemonitord kan worden in plaats van eens in de 3 jaar.

Ook geplaatst op het netwerk van Ambtenaar 2.0

Open overheidsdata

Sinds de tweede helft van 2008 ben ik in mijn prive tijd betrokken bij het project Ambtenaar 2.0. Via Ambtenaar 2.0 ben ik meerdere leuke overheidsinitiatieven tegengekomen die raken aan mijn inzet voor de werkgroep ICT van GroenLinks. Een daarvan is de verkenning naar open overheidsdata van Ton Zijlstra en James Burke in opdracht van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Dit project is inmiddels afgerond.

Het project heeft een interessante poster met een basale flowchart open data opgeleverd. Uitermate bruikbaar voor ambtenaren (en burgers!) die overheidsdata willen hergebruiken. De poster is zowel in het Engels als in het Nederlands beschikbaar. Het product heeft een Creative Commons-licentie, die bronvermelding vereist en niet-commerciële toepassing vrij toestaat, evenals het aanpassen van het werk en doorgeven onder eenzelfde licentie. Hieronder vind je de Nederlandse versie. Je kan deze downloaden vanaf de site Vrije Data.

Bron: Ambtenaar 2.0

Wat zou handig zijn?

Dat is de vraag die centraal staat in de prijsvraag ‘Dat zou handig zijn’ van het Ministerie van Binnenlandse Zaken. Klinkt wat cryptisch, is het niet. Het gaat er bij Dat Zou Handig Zijn om ideeën en wensen van de burger te genereren als het om het beschikbaar stellen van overheidsdata gaat.

Dus heb je ideeën dien ze in en ding mee naar de 20.000 euro die BZK ter beschikking stelt voor realisatie van de beste inzendingen in het kader van Dat Zou Handig Zijn. Na de zomer wordt de selectie gemaakt. Het ministerie van OC & W heeft een prijs van vergelijkbare grootte voor de beste ideeen op het gebied van onderwijs en cultuur. Indienen kan hier.

Meer informatie? Lees de post van Erwin Blom op  Ambtenaar 2.0

TED talks: ruwe data mobiel toegankelijk maken

De TED talks zijn al weer een paar maanden geweest, alleen was ik nog niet toegekomen aan ’t bekijken van de filmpjes en praatjes. Via de mailbox en via web komen de meest interessante gelukkig ook door.

De eerste gaat over het belang van open, ruwe data. De tweede toont de mogelijkheden daarvan. De derde toont de mogelijkheden van een slimme combinatie van mobiele apparaten. In het filmpje een zesde zintuig genoemd.

Aan het eind ook nog kort wat over Nederlandse initiatieven op het gebied van open data.

Open, ruwe data

De eerste gaat over een concept dat internet en de samenleving naar mijn mening sterker gaat veranderen dan internet tot nu toe al deed: The next Web of open, linked data (via Walter Brand).

Een eerste vleugje van wat ruwe, open data kan betekenen zit in onderstaand filmpje van Hans Rosling uit 2007. Vooral het hercombineerbaar maken geeft geweldige resultaten. Boodschap: het schijnbaar onmogelijke is mogelijk.

The 6th sense

In het tweede filmpje laat Pattie Maes zien wat het zesde zintuig dat Pranav Mistry van de Fluid Interface Group van MIT kan betekenen. Werkelijk bizar wat nu al mogelijk is met componenten die zo’n $350 dollar kosten (via Ronald van den Hoff).

Combineren

Het wordt helemaal interessant om te bedenken hoe dat er uit gaat zien als je deze twee zaken gaat combineren. Hercombineerbare open, linked data op het internet met de mobiele interface uit het derde filmpje.

Lijkt me wel wat: boodschappendoen en meteen terug kunnen zien hoe ecologisch verantwoord en mensvriendelijk een product gemaakt is volgens mijn favoriete actiegroepje…

Of door de straat lopen en meteen kunnen zien waar putdeksels losliggen en hoe lang al. Waarna ik de verantwoordelijk wethouder of m’n gemeenteraadslid meteen een bericht kan sturen om te vragen wanneer ze waar voor m’n belastinggeld gaan leveren 😉

Nederlandse overheid & open data

Heb je zelf ideeën over welke overheidsdata vrijgegeven zou moeten worden? Die kan je hier achterlaten.

Heb je zelf ideeën over wat er kan met (overheidsdata), dan is het leuk om te weten dat Erwin Blom in opdracht van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties werkt aan een Nederlandse versie van Showusabetterway en misschien zelfs een Data Unlucking Service.

Dat in open informatie ook brood kan zitten voor ondernemers blijkt uit het feit dat het weblog Verse Overheid een site wil oprichten voor overheidswidgets. Waarmee makkelijker widgets en mashups van bestaande overheidsgegevens mogelijk worden.

DOT 2.0: duurzaam, open, transparant en dat met internet

De dotcom boom is al een tijdje over. De huidige crisis maakt naar mijn mening echter een aantal trends zichtbaarder. Trends die versterkt en mogelijk gemaakt zijn door technieken waarvan de wortels in de dotcom boom liggen. Voor het gemak noem ik ’t dot 2.0. Waarbij dot staat voor: duurzaam, open en transparant.

De afgelopen jaren ben ik er steeds meer van overtuigd geraakt dat openheid & transparantie bij duurzame ontwikkeling horen. Waarbij openheid & transparantie (misschien?) belangrijker zijn om duurzame ontwikkeling op gang te brengen en houden, dan het stellen van normen.

Duurzaamheid

De roep om duurzaam staat weer prominent op de agenda sinds de film An Inconvenient Truth met Al Gore. Sindsdien is het weer bon ton om te zeggen dat je begaan bent met het milieu, zure regen, ozonlaag, mensenrechten, armoedebestrijding. Oh nee, duurzaamheid. Voor ’t gemak vaak verengd tot klimaatverandering.

Ik geloof zelf niet dat we de komende generaties duurzaam zullen worden, wel duurzamer. Daarom spreek ik zelf liever van duurzame ontwikkeling. Waarbij ik beweging houden in het systeem belangrijker vind dan de norm van vandaag. De definitie van het Kabinet is daarbij een mooie leidraad bij het maken van besluiten en keuzes. Duurzame ontwikkeling gaat volgens het Kabinet over een afweging tussen people, planet, profit. Hier en elders, nu en later.

In de ideale situatie vind er geen enkele afwenteling plaats tussen people, planet, profit, hier en elders, of nu en later. We leven echter niet in het hemels paradijs, al is Nederland gelukkig ook geen aards tranendal. Dat betekent dat je bij iedere keuze die je maakt, als consument, burger of in je werk, afwegingen maakt. Die afwegingen hebben impact op een van de vele dimensies van duurzame ontwikkeling.

Een eerste stap op weg naar duurzamer handelen is je bewust zijn van afwentelingsmechanismen. De keuze daarin is vaak erg persoonlijk, de een geeft meer om natuur. De ander om sociale rechtvaardigheid, een derde om winstmogelijkheden voor ’t bedrijfsleven.

Transparant

Dat mensen andere keuze maken is niet erg, zolang je transparant bent over de manier waarop je tot je keuze komt. Transparantie maakt je aanspreek op je gedrag, je handelen en je keuzes. Het internet kan een grote en krachtige motor zijn voor het versterken van transparantie. Waarmee anderen kunnen zien of je handelt volgens de normen en waarden die je zelf uitdraagt. Daarmee wordt je ook aanspreekbaar.

De huidige trend wordt in Wired omschreven als radicale tranparantie. Waarbij een centrale rol is weggelegd voor open data:

The revolution will be powered by data, which should be unshackled from the pages of regulatory filings and made more flexible and useful. We must require public companies and all financial firms to report more granular data online—and in real time, not just quarterly—uniformly tagged and exportable into any spreadsheet, database, widget, or Web page. The era of sunlight has to give way to the era of pixelization; only when we give everyone the tools to see each point of data will the picture become clear. Just as epidemiologists crunch massive data sets to predict disease outbreaks, so will investors parse the trove of publicly available financial information to foresee the next economic disasters and opportunities.

Openheid

De trend richting meer openheid is ook al langer bezig. Vanuit de overheid gaat het daarbij veelal om informatie die de overheid wil hebben van burgers en bedrijfsleven. Richting bedrijfsleven wordt de roep om openheid en transparantie deels via regels afgedwongen en deels via stimulering bevordert. Richting de burger wordt de roep om openheid vanuit de overheid vooral vormgegeven met de dooddoener:

Wie niks te verbergen heeft, heeft niets te vrezen.

Waarna je gegevens op z’n best via een opt-out methodiek vergaard worden. Dat speelt in de zorg (elektronisch patiënten dossier), jeugd (elektronisch kind dossier) en vast op nog veel meer plaatsen.

Op zich ben ik niet tegen elektronische gegevensverzameling, zolang de burger daar zelf over beslist via opt-in. Waarbij de burger ook beslist wie wat kan zien en welke gegevens hij/zij beschikbaar stelt. Daarnaast hoort de burger te kunnen zien wat de overheid (en anderen) met zijn/haar gegevens doet. Dus ook welke ambtenaar er in gluurt. Dat is open en dat is transparant.

Overigens behoort een overheid haar burgers ook te wijzen op de risico’s van al die informatievergaring voor de privacy, zie bv. het privacy dossier van de Groene.

De trends komen samen

Als je de drie trends samen neemt dan zie ik de mogelijkheid opdoemen dat je kunt zien wat mensen en organisaties beloven en beloofd hebben. Waarbij je tegelijkertijd kunt zien hoe geloofwaardig die claim is, door beloften uit het verleden te vergelijken met prestaties in het heden. Dat heeft impact op people, planet & profit van een organisatie.

  • In het geval van politici: verkiezingsprogramma vs. stemgedrag (bestaat al voor gemeenteraadsleden dacht ik).
  • Voor bedrijven en organisaties: verhalen over financieel resultaat en maatschappelijk verantwoord ondernemen versus de werkelijke vervuiling bij de productie. Ook gegevens over EKO of Max Havelaar keurmerk zijn daaraan te koppelen, of in geval van apparatuur het energieverbruik van producten die een bedrijf levert.
  • Voor overheden: geef inzicht in gemaakte keuzes en aannames. Zodat kritiek op en dialoog over gehanteerde aannames en waardeoordelen mogelijk wordt. Wees wat minder bang om de burger te laten zien & ervaren dat simpele oplossingen niet altijd voor handen zijn. Ondiplomatieker gesteld: stop met de burger als imbeciel te behandelen. En maak vergelijking van beleidsvoornemens met gerealiseerd beleid mogelijk.

Bij overheden speelt ook mee dat deze zelf een aantal instrumenten heeft ontwikkeld voor het vergroten van de openheid en transparantie. Een daarvan is de Wet Openbaarheid Bestuur. Burgers en journalisten weten dit instrument onderhand prima te vinden. Het resultaat daarvan vind je op Big WOBber.

Een andere manier om de informatie zelf te halen is door sites van overheden te scrapen, zoals IkRegeer.nl en Polidocs.nl doen voor parlementaire stukken. In mijn ogen zijn ’t alle drie vormen van ‘burgelijke baldadigheid‘, die tot een opener & transparanter openbaar bestuur kunnen leiden.

De grote vraag blijft natuurlijk: Is Nederland klaar voor radicale tranparantie en dot 2.0? Wat denk jij?