Uit de inbox: Help je bank investeren in klimaat?

Mooi bericht:

Heb je het al gelezen? Vanochtend hebben alle grote Nederlandse banken de regering in een verklaring opgeroepen om wetten te maken die duurzame energie krachtig stimuleren. De banken willen ook zelf meer in duurzame energie investeren, schrijven ze.
Wij zijn er blij mee. Jij ook? Zullen wij als klanten met z’n duizenden ervoor zorgen dat onze banken hun wens ook snel omzetten in daden? Via de Eerlijke Bankwijzer kan dat.

Stuur jouw bank vandaag een oproep: www.eerlijkebankwijzer.nl/wat-kunt-u-doen/stuureenbericht
Eerlijke Bankwijzer
Maken onze oproepen verschil? Jazeker. Eerder dit jaar stuurden 3.700 mensen via Treemagotchi een e-mail aan hun bank, in 1 week. Dat zette de banken serieus aan het denken. Sterker nog, de afgelopen maanden beloofde een aantal grote banken om hun beleid op wapenhandel aan te scherpen. Wij zijn heel trots op dit resultaat van ons samen.

Juist omdat onze meningen tellen, zetten we door en sturen we ze weer een bericht. Lees meer hier .

Ook namens de mensen achter de Eerlijke Bankwijzer,

Groeten van het Treemagotchiteam

En een mooie verklaring, ondertekent door de bestuursvoorzitters van ABN AMRO, AEGON, ASN Bank, Fortis Bank Nederland, Friesland Bank, ING, Rabobank, Robeco Bank, SNS Bank en Triodos Bank. Alleen hou ik dan 2 vragen:

  1. Welke banken financieren de kolencentrales die in Nederland in aanbouw zijn?
  2. Waarom ondernemen de banken zelf geen actie, zoals bijvoorbeeld een groep Amerikaanse bankens en energiebedrijven sinds vorig jaar doet door met een fictieve CO2 prijs van 40 dollar per ton CO2 te rekenen in investeringsplannen die worden voorgelegd voor financiering. Zie de site van The Carbon Principles en dit artikel van Reuters.

Iemand een antwoord daarop?

De Prooi: blinde trots breekt ABN AMRO

Afgelopen maand heb ik De Prooi van Jeroen Smit gelezen. Het boek gaat over de ondergang van ABN AMRO. Of het boek 100% waarheidsgetrouw is weet ik niet.

Het eerste dat me bekroop bij het lezen van het eerste deel was een gevoel van onbehagen. Ik heb me verbaasd dat op het topniveau van de raad van bestuur en de raad van commissarissen zoveel draait om ego’s. Terwijl mensen lager in de hiërarchie van organisaties te horen krijgt dat het ego opzij moet voor het grotere belang van de organisatie handelt de top van de organisatie daar in z’n geheel niet naar.

Countervailing power

John Kenneth Galbraith (een econoom, die na Keynes nu ook aan een comeback begonnen is in de VS met het boek The Great Crash) introduceerde ooit het begrip countervailing power. In zijn optiek hoort iedere macht in evenwicht gehouden te worden door een tegenmacht. Zoals de Tweede Kamer niet aarzelt om vragen te stellen of debatten aan te vragen met het Kabinet, hoe dom ze ook lijken. Zo hoort de Raad van Commissarissen de Raad van Bestuur te bestoken met lastige vragen over het reilen en zeilen van de onderneming. De Prooi laat zien dat dat mechanisme faalde bij ABN Amro. Volgens het boek strijken de voorzitter van de Raad van Commissarissen en Rijkman Groenink zoveel mogelijk plooien glad voor de vergadering.

Rijkman Groening duldt weinig tot geen inbreng geduld van andere leden van de raad van bestuur tijdens vergaderingen met de raad van commissarissen. Waarmee de externe tegenmacht langzaam maar zeker buitenspel gezet wordt.

Het boek verhaalt hoe de subtop van ABN-Amro langzaam maar zeker wordt omgevormd tot een groep vertrouwelingen van Rijkman Groenink. Ook andere leden van de raad van bestuur omringen zich met hun vertrouwelingen. De confrontatie tussen verschillende stromingen wordt niet openlijk gezocht en de keuzes van de top stel je nie ter discussie. De verschillen worden hiermee onder het tapijt geschoven, maar daarmee zijn ze niet weg. Zeker de eerste hoofdstukken deden me denken aan de negatieve bijeffecten van hiërarchische structuren, zoals die bleken na  de vliegtuigramp bij Tenerife.

Centralisme

Het boek laat ook zien dat te  centraal aangestuurde organisaties zwaar in de problemen kunnen komen, zeker als het ook nog eens wemelt van de wantrouwige vergadertijgers (p. 66):

(…) De bank is een grote vergaderfabriek geworden, iedereen lijkt vooral bezig met het schrijven van nota’s, met elkaar in de gaten houden et cetera.

In het veld wordt vooral het hoofdkantoor als een van de grote problemen gezien. Alles gaat top-down. Daar wordt vastgesteld wat iedereen moet verdienen. Daar wordt bijvoorbeeld verordonneerd hoeveel marge op een deposito moet worden gemaakt. In de regio mag daar niet aan worden getornd. En dus kan er niet gereageerd worden als een lokale Rabobank net onder dat tarief duikt en klanten wegpikt.

Een andere grote ergernis is het ontbreken van een heldere afrekencultuur. Als mensen hun targets niet halen, krijgen ze toch (een stuk van) hun bonus.

Wat dat laatste punt betreft daagde ik de lezers van mijn weblog in 2005 al uit om een positieve correlatie aan te tonen tussen wijziging in totale beloning van een gemiddelde topman en het koersrendement van de gemiddelde onderneming. De site met beloningen is nog steeds in de lucht en de jenever nog niet vergeven…

Vertrouw op de zelfsturende professionals in de regio

Maar goed terug naar het boek. Een ander citaat dat de strijd tussen holding en de ‘zelfsturende professionals’ in het veld goed weergeeft (p 70):

Het hoofdkantoor moet verantwoordelijkheden naar het veld delegeren. De regio moet leidend worden, zo kan het ondernemerschap binnen de bank worden gestimuleerd. (…) Simon pleit ervoor om te vertrouwen op de de professionele capaciteiten van de mensen en hun relatie met de klanten. (…) Dat ligt gevoelig op het hoofdkantoor, daar zitten de de gestudeerde koppen die het sowieso lastig vinden om de mensen in het veld verantwoordelijkheden te geven. Er is veel discussie over de vraag of mensen die bij een bank werken wel ondernemend kunnen zijn. Zijn het niet juist risicomijdende mensen die bij een bank werken?

Die laatste zin doet me denken aan de oeverloze discussie bij mijn eigen werkgever de overheid. En zie hier het antwoord op de vraag of de overheid uniek is: NEE, de overheid is een bureaucratische organisatie net als elke andere. Zowel bij de overheid als in grote bureaucratische bedrijven denken mensen graag voor een ander in plaats van voor zichzelf 😉

Leading by example

De top van ABN Amro blijkt ook niet uit te blinken in leading by example. Volgens het boek zijn de hoge vliegkosten een terugkerende ergernis. Waarbij van alles wordt geprobeerd om de kosten te drukken. De stafmensen geven aan dat het helpt als de Raad van Bestuur het goede voorbeeld geeft. Daar hebben ze echter geen zin in, de Raad van Bestuur wisselt onderling tips uit welke First Class betere service verleent… Impliciete boodschap: als u belangrijk wenst te zijn vliegt u first class en trekt u zich geen flikker aan van de pogingen tot kostenbeheersing.

Conclusie

Een aanrader om te lezen voor iedereen die een inkijkje wil in de psyche en het wie kent wie van de zakelijke elite in Nederland. Het geeft ook een mooi tijdsbeeld van de opkomst en ondergang van een bepaald type bankieren. ABN-Amro die de vier (inmidels niet meer bestaande) Amerikaanse zakenbanken naar de kroon wil steken. Vanuit dat oogpunt bezien is de ondergang van ABN-Amro misschien wel te zien als een eerste opmaat naar de huidige kredietcrises. Inclusief de ondergang van ’s werelds grootste zakenbanken (ok, niet allemaal failliet. Maar overgenomen of omgevormd tot gewone bank, dus als business model ten onder).

Het boek bevestigt me ook in mijn mening dat leidinggeven en leiderschap tonen zeker geen synoniemen zijn in grote organisaties. Dat geldt in het bedrijfsleven evengoed als binnen de overheid. Misschien is het tijd voor een nieuwe term voor het gedrag dat hoort bij leiderschap. Leidinggevenden zeggen m.i. namelijk iets te makkelijk:

Ik geef leiding dus ik ben een leider.

Iemand suggesties?

Trots op Nederland: Access to Medicine Index

De Access to Medicine Index is eindelijk gepresenteerd. De Nederlander Wim Leereveld is er jaren druk mee geweest, maar nu staat ie eindelijk online. Toch stoer dat een Nederlander met zo’n initiatief de farmaceutische industrie beweegt tot meer openheid en transparantie. Waarmee als het doel gehaald wordt meer mensen toegang krijgen tot goede en betaalbare medicijnen. Bovendien wordt niet alleen gekeken naar het gratis of goedkoop weggeven van medicijnen in arme landen, maar ook of een bedrijf bv. onderzoek doet naar zogenaamde ‘neglected diseases’. Een overzicht van de criteria en weging is hier te vinden.

Ik hoop dat dit de Dow Jones Sustainability Indexe voor de farmaceutische industrie wordt. Zodat er meer pharmaceuten in het beleggingsuniversum van duurzame beleggingsfondsen komen.

De top 5 van de Access to Medicine Index:

1. GlaxoSmithKline (U.K.)
2. Novo Nordisk (Denmark)
3. Merck & Co. (NJ, USA)
4. Novartis (Switzerland)
5. Sanofi-Aventis (France)

Helaas geen Nederlands bedrijf in de top 5, maar veel farmaceutische industrie hebben we hier ook niet naar mijn weten. De Nederlandse branchevereniging (NEFARMA) is wel betrokken geweest. Daarnaast veel NGO’s (zoals Oxfam Novib, Hivos, ICCO en Cordaid), investeerders (SNS Reaal en Rabobank), bedrijven en overheden (Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport & Ministerie van Buitenlandse Zaken). Daarnaast is er nog een hele trits aan bedrijven en organisaties betrokken geweest bij de totstandkoming van de index. De hele lijst kun je hier vinden.

Mooie quotes uit de NRC

Op 28 december stond er een interview met Bart Jan Krouwel, directeur maatschappelijk verantwoord ondernemen van de Rabobank, in de NRC. Helaas is het me niet (meer) gelukt om een link naar het artikel te vinden, maar een aantal citaten wil ik de bezoeker van mijn blog niet onthouden.
Doorgaan met het lezen van “Mooie quotes uit de NRC”

Reactie Rabobank op Zembla uitzending

De reactie van de Rabobank op mijn email van 10 juni is binnen (zie ook deze eerder post). Belangrijkste punten in het antwoord:

  1. Bewustwording van MVO binnen de organisatie is een weerbarstig proces.
  2. Relaties met bestaande klanten zijn niet altijd op korte termijn te beëindigen.
  3. De Rabobank kiest voor dialoog, maar is niet verantwoordelijk voor de keuzes van bedrijven die ze financiert.
  4. Verduurzaming van de bedrijfsvoering heeft onze voortdurende aandacht.
  5. Per onderneming die bekritiseerd is in de uitzending van Zembla van 10 juni zal de Rabobank bezien of de financieringsrelatie wordt voortgezet. Als dat gebeurt zal dit onderbouwd worden.

Vanuit actief aandeelhouderschap valt overigens te twisten over het derde punt en het vierde was in mijn bestuurstijd de dooddoener om van zeurende leden af te komen… Maar oordeel zelf, de hele reactie van de Rabobank is hier te lezen. Vooralsnog krijgen ze het voordeel van de twijfel. Hoewel ik daar bij moet zeggen dat ik de VBDO Quick Scan over het stemgedrag van Nederlandse banken (naast de Rabobank, ook Fortis, ING, ASN, ABNAMRO, Triodos en SNS) nog niet heb gelezen. Hoewel ik moet zeggen dat de Rabobank in ieder geval sneller reageert dan ABP op mijn tweede mail.

Meer info:

Antwoord Rabobank op uitzending Zembla

Geachte klant,

De Rabobank ontving een e-mail van u waarin u uw bezorgdheid uitte naar aanleiding van de TV-uitzending van Zembla op zondag 10 juni 2007. In die uitzending werd verslag gedaan over het investeringsbeleid van banken in onder meer controversiële wapens en milieuvervuilende projecten. Dat dit programma vragen bij u heeft opgeroepen over het duurzaamheidbeleid van de Rabobank kunnen we ons goed voorstellen. Graag licht ik u ons beleid toe.

De Rabobank behoort met 50.000 medewerkers tot de twintig grootste banken wereldwijd. Internationaal richt de Rabobank zich met name op de food & agri sectoren. Daarnaast is de bank ook – in mindere mate – actief in andere sectoren. Door onze grootte en onze aanwezigheid op alle continenten zijn we ons terdege bewust van onze maatschappelijke verantwoordelijkheid. Vandaar dat de Rabobank al vele jaren Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen (MVO) hoog op de agenda heeft staan. Zo is er onder andere beleid ontwikkeld op het gebied van de wapenindustrie, mensenrechten, genetische modificatie, palmolie en visserij.

De focus ligt daarbij op het integreren van MVO in de financiële dienstverlening (kredietverlening, leasing en beleggingen) en de bewustwording van MVO bij medewerkers. Hoewel er al behoorlijke vorderingen zijn gemaakt, kenmerkt de integratie van MVO in de kern van onze business zich als een complex en soms weerbarstig proces dat lang duurt. Ook bewustwording bij medewerkers is een proces dat vele jaren in beslag neemt.

In het verleden opgebouwde relaties met bedrijven die zich bezig houden met, door de huidige maatschappelijke opinie als ontoelaatbaar ervaren activiteiten, kan de Rabobank niet altijd direct beëindigen, omdat de bank gehouden is aan contracten die aan financieringen verbonden zijn. Met bedrijven die controversiële, ontoelaatbare activiteiten verrichten, wordt uiteindelijk de klantrelatie verbroken.

In de praktijk blijkt echter ook dat vrijwel als onze klanten fatsoenlijke ondernemingen zijn, die er voor open staan om met de Rabobank in dialoog te treden hoe zij hun bedrijfsvoering kunnen verbeteren. Wij zijn namelijk van mening dat door de dialoog meestal meer kan worden bereikt, dan dat wij ons terugtrekken uit een bedrijf of sector. Want volledige terugtrekking betekent géén invloed meer kunnen uitoefenen.

De Rabobank is niet verantwoordelijk voor het beleid en beslissingen van bedrijven, maar wel voor de klantrelatie met bedrijven die zij als klant kiest en de financieringen die zij aan hen verstrekt. Vanuit dit uitgangspunt worden (potentiële) klanten en financieringsaanvragen sinds 1 februari 2007 structureel op MVO-criteria beoordeeld. Deze MVO-beoordeling vormt een onderdeel van het integratieproces van MVO in onze kernactiviteiten en zal de komende tijd tot een volwassen activiteit dienen uit te groeien.

Kortom, de Rabobank is met haar financiële dienstverlening nu en de komende jaren in een verder veranderingsproces naar duurzaamheid. Dat de Rabobank met overtuiging en energie de goede weg bewandelt, tonen ook de vele groenfinancieringen van duurzame energietoepassingen (sinds 1995) en de recente introducties van nieuwe MVO-producten aan, zoals de Klimaathypotheek, de creditcard met klimaatcompensatie en clean tech funds. Tegelijkertijd zijn we er ons van bewust dat er voor ons nog veel te doen is.

Overigens erkent de Rabobank de rol die maatschappelijke organisaties spelen als de kritische ogen van de samenleving. We hechten belang aan de oprechte mening die zij over de Rabobank en onze klanten hebben. De dialoog met verschillende maatschappelijke organisaties scherpt ons vermogen om de juiste beslissingen te nemen op weg naar een bedrijfsvoering en financiële dienstverlening waar het MVO-denken volledig doorheen loopt. Zo hebben we in het afgelopen jaar met Milieudefensie meerdere malen verschillende initiatieven besproken die de Rabobank heeft ingezet en gaat starten op het gebied van duurzame energie en vermindering van CO2-uitstoot (o.a. de introductie van de Klimaathypotheek). En in samenwerking met het Wereld Natuur Fonds hebben we een creditcard met klimaatcompensatie voor alle particuliere creditcardhouders geïntroduceerd.

Aan verduurzaming van onze bedrijfsvoering en financiële dienstverlening blijven we hard werken. Tot slot wat betreft de Zembla uitzending van 10 juni 2007: uiteraard trekken wij ons de daarin geuite kritiek aan. Concreet betekent dit, dat wij per bekritiseerde onderneming na zullen gaan of wij de financiering daarvan, respectievelijk de belegging daarin, zullen handhaven of niet. Zo niet, dan hebben wij de consequenties daarvan getrokken. Zo ja, dan zullen wij ook met redenen omkleed aangeven waarom wij met dat bedrijf als klant verder willen gaan.

Met vriendelijke groet,

Directeur MVO Rabobank Nederland