Gastbijdrage: Duitsland de aluminium magneet

Tekst: Craig Morris; Vertaling: Krispijn Beek.

Update: de Nederlandse aluminium smelter Aldel maakt dit jaar een doorstart met een directe aansluiting op het Duitse elektriciteitsnetwerk. En het lijkt erop alsof het Verenigd Koninkrijk ook jaloers is op de elektriciteitsprijzen voor de grootste industriële energieverbruikers.

ACHTERGROND – Vandaag heb ik oud nieuws voor je, maar het is niet zo breed bekend. In 2013 schreef ik over de plannen van de Nederlandse aluminiumsmelter Aldel om faillissement aan te vragen als het geen directe aansluiting kreeg op het Duitse elektriciteitsnetwerk (Nederlandse elektriciteit is duurder). Kort daarna vroeg het bedrijf inderdaad faillissement aan.

Maar hier eindigt het verhaal niet. In november kondigde het bedrijf aan dat de directe aansluiting op het Duitse netwerk dit jaar gereed zal komen en dat het bedrijf op dat moment een doorstart wil maken. (Update: het lijkt erop dat het bedrijf begin maart inderdaad doorgestart is. De directe lijn is toegezegd, maar nog niet gereed. Zie dit artikel.)

In februari schreef Reuters dat de Duitse aluminium producent Trimet een in problemen verkerende concurrent in Frankrijk over had genomen. Het artikel wijst er op dat de aluminium sector in een aantal landen in moeilijkheden verkeerd, maar Duitsland behoort niet tot deze landen.

In mijn onderzoek hiernaar kwam ik ook een studie (PDF) uit april 2012 tegen naar de sluiting van een aluminiumsmelter in het VK, dat zijn aluminiumsector de laatste jaren heeft zien verkommeren. De enige keer dat Duitsland genoemd wordt in de studie is in verband met de elektriciteitsprijzen:

The most damaging of all additional energy costs are those that are imposed unilaterally, so that British energy-intensive industries pay costs that their rivals in other countries do not. With the addition of the most recent of these, the carbon price floor, total UK electricity costs in 2013 will be raised by 24 per cent for energy-intensive sectors.   To put this in perspective, German energy-intensive businesses will only be paying 16 per cent extra through government-added costs at the same time.

En verderop:

… the mitigation measures the UK gives to energy-intensive companies, such as a 65 per cent rebate on the climate change levy that will rise to 80 per cent from next year, are still small fry compared to the other green costs they face here and the greater discounts other countries offer. Germany for instance provides energy-intensive firms with a rebate of 98.5 per cent of the cost of subsidising renewable energy on electricity bills. This allows the German government to pursue its green agenda but without the risk of overburdening valuable and vulnerable industries. Including all other costs, British companies will be paying 15 per cent more for their electricity compared to Germany in 2013.

Bedenk je dat dit rapport uit april 2012 stamt, toen de Duitse opslag voor duurzame energie 3,5 Eurocent bedroeg, vergeleken met 6,2 Eurocent op dit moment. Wat betekent dat de situatie verslechterd is bezien vanuit de energie-intensieve industrie in het VK.

Het vormt aanvullend bewijs dat de grootste energieverbruikers in Duitsland zich goed staande houden in de Energiewende.

En overigens hadden de Nederlanders onlangs een grote blackout in de regio Amsterdam. Hoewel Reuters zegt dat er problemen waren bij een onderstation, weten we allemaal dat hernieuwbare energiebronnen het grootste probleem waren. De Nederlanders hebben immers zoveel zonne-energie dat ze het niet eens kunnen niet eens tellen.

Dit artikel is oorspronkelijk door Craig Morris gepubliceerd op Renewables International en met toestemming van de auteur door mij vertaald voor Sargasso.

Craig Morris is Amerikaan van geboorte en woont sinds 1992 in Duitsland. In 2006 schreef hij het boek ‘Energy Switch’ en hij schrijft regelmatig over de Duitse energietransitie. Hij is editor van Renewables International, hoofdauteur van EnergyTransition.de en directeur van Petite Planète en is te vinden op Twitter als PPChef.

Aldel, of het failliet van het grootverbruikersconsortium

Bijna tien jaar geleden streed een klein groepje grootverbruikers van elektriciteit samen met de FNV voor lagere stroomprijzen. De overheersende gedachte bij het grootverbruikersconsortium (met steun van VNO-NCW) en de FNV was dat Nederland teveel dure gascentrales had die energie met een (te) hoge kostprijs leverden.

Het was dus tijd, meenden zij, voor nieuwe gas- en kolencentrales, die energie met een lagere kostprijs zouden kunnen leveren. Dure wind- en zonne-energie kon in hun optiek geen oplossing zijn.

Ook het Ministerie van Economische Zaken ging in die gedachte mee, zoals vorig jaar al te lezen viel in het uitstekende onderzoeksdossier Land van gas en kolen van de Onderzoeksredactie.

Energiebedrijven

De energiebedrijven hebben weinig plezier beleefd aan de toen gemaakte keuze voor investeringen in nieuwe kolen- en gascentrales. Eneco heeft zijn nieuwe gascentrale alweer gesloten. Vattenfall en RWE hebben forse afschrijvingen gedaan op hun Nederlandse tak. Een groot deel daarvan komt voor rekening van de afwaardering van hun productiepark.

Als gevolg hiervan is Nuon inmiddels door eigenaar Vattenfall uit de etalage gehaald. Pech voor de Nederlandse crowdfunders die vorig jaar het plan opperden om Nuon terug te kopen.

Grootverbruikersconsortium

Ook de leden van het grootverbruikersconsortium hebben weinig plezier beleefd van hun lobby. Het verschil in groothandelsprijs van elektriciteit met Duitsland is de afgelopen jaren alleen maar groter geworden. Duitsland is de afgelopen jaren immers alleen maar doorgegaan met forse investeringen in wind- en zonne-energie.

Hoewel de kostprijs per megawattuur van laatstgenoemde energiebronnen misschien wel hoger ligt dan die van conventionele energie, zijn de marginale kosten nihil. Daarmee drukken wind- en zonne-energie de groothandelsprijs omlaag. Tot groot verdriet van eigenaren van kolen-, gas- en kerncentrales, doen met name zonnepanelen dat ook nog eens vooral op momenten met veel vraag naar elektriciteit, wat traditioneel de lucratieve uren waren.

De crisis in de kolensector is zo groot dat Vattenfall nu van de bruinkool activiteiten in Duitsland af wil. Al kan dat ook komen door de eigen duurzaamheidsdoelstellingen. Een duidelijker teken is dat Bilfinger, een bouwer van gas- en kolencentrales, Duitsland gaat verlaten (oei… toch wat de-industrialisatie). De draai die Bilfinger de laatste jaren heeft gemaakt, van nieuwbouw naar service, is duidelijk te laat gekomen.

Voor Herbert Bodner, de CEO van Bilfinger, is de situatie helder:

We moeten ons richten op landen waar kolen nog een toekomst hebben.

Het verdriet van Bilfinger en de energiebedrijven is echter de blijdschap van de Duitse energie-intensieve industrie. Het prijsvoordeel is zo groot dat Aldel vorig jaar al aangaf een eigen stroomkabel naar het Duitse net te willen om van dat prijsverschil te kunnen profiteren.

In de aankondiging dat aluminiumsmelterij Aldel weer opengaat, ontbreekt helaas de verwijzing naar de lobby, die Aldel en het grootverbruikersconsortium jaren hebben gevoerd, voor meer kolencentrales.

Aldel gaat open en zal in de toekomst rechtstreeks goedkope stroom uit Duitsland halen. De investering voor de kabel is voor de nieuwe oude eigenaar Kletsch waarschijnlijk met gemak te betalen uit winstuitkeringen van de afgelopen jaren.

Ministerie van Economische Zaken

Tenslotte heeft ook het Ministerie van Economische Zaken weinig plezier van de gevoerde strategie voor meer kolencentrales. Op de eerste plaats liggen de vergunningen nog steeds onder vuur van de milieubeweging. Op de tweede plaats is Nederland nog steeds niet de netto-exporteur van elektriciteit waar in Den Haag van gedroomd werd. Sterker Nederland betaalt per megawattuur meer aan Duitslandvoor import dan het ontvangt voor haar eigen export.

Om de zaak nog wat erger te maken, gaat het Ministerie van Economische Zaken de kolencentrales vanaf volgend jaar laten bijstoken met biomassa die duurder is dan windenergie… In de juni-fase van de Stimuleringsregeling duurzame energieproductie 2015 (SDE) ontvangen windmolens maximaal 10,7 Eurocent/kWH. Kolencentrales krijgen bij ‘meestook bestaande capaciteit’ 10,8 ct/kWh.

Dit artikel is eerder verschenen op Sargasso.