Sterke daling Duitse CO2-emissie in 2019 brengt doelstelling 2020 binnen bereik

De Duitse CO2-uitstoot is in 2019 voor het derde jaar op rij sterk gedaald. Hierdoor komt de reeds losgelaten doelstelling van 40% CO2-reductie in 2020 ten opzicht van 1990 weer in zicht. De daling doet zicht met name voor in de energiesector en bij de industrie, de gebouwde omgeving en met name de transport sector hebben meer moeite om een emissiedaling te realiseren. Het Duitse milieuagentschap UBA stelt dat het land goed op weg is om de klimaatdoelstellingen voor 2030 te halen, maar waarschuwt dat het coronavirus geen structurele daling van de CO2-emissie zal veroorzaken.

De Duitse uitstoot van broeikasgassen nam in 2019 opnieuw een duik. Duitsland stootte vorig jaar ongeveer 805 miljoen ton CO2 uit, een daling van 6,3% vergeleken met het jaar ervoor, de sterkste daling sinds de recessie van 2009. De emissies waren vorig jaar 35,7% lager dan in 1990. De energiesector zorgde, zoals halverwege vorig jaar al verwacht, voor de grootste reductie, gevolgd door de industriële sector. De daling in deze sectoren werd, volgens de Duitse federale milieuagentschap (UBA), sterk beïnvloed door stijgende emissieprijzen in het Europese emissiehandelssysteem (EU-ETS). Ondanks dat de transport- en gebouwensector beide een stijgende uitstoot zagen, betekent de vermindering van de uitstoot van de energie- en industriesector dat Duitsland dicht bij de doelstelling komt om de uitstoot met 40 procent te verminderen in vergelijking met 1990, wat de regering al een onhaalbare doelstelling achtte. De Duitse regering verliet de doelstelling om de CO2-emissie met 40% te reduceren ten opzichte van 1990 tijdens de coalitiegesprekken na de verkiezingen van 2017 en verving deze door een emissiebudget in de nieuwe klimaatwet. Minister van Milieu Schulze zei tijdens een persconferentie in Berlijn:

Met uitzondering van het jaar van de wereldwijde financiële crisis in 2009 is er geen grotere reductie geweest. In de reguliere economische tijden is er nog nooit zo’n sterke daling geweest.

De belangrijkste oorzaak voor de lagere emissiecijfers is de verminderde inzet van de kolencentrales, zei Schulze. Dit wordt veroorzaakt door zowel vervanging van kolen door aardgas als gevolg van lagere gasprijzen als door de stijgende prijzen voor CO2 in EU-ETS. De hogere CO2-prijzen zorgde zowel voor lager kolengebruik als voor grotere inspanningen door de industrie voor energie-efficiëntie. De winderige weersomstandigheden en de zachte winter hebben bijgedragen aan een lagere uitstoot, maar de lagere uitstoot in de energie- en industriesector zijn ook het resultaat van politieke beslissingen. Denk daarbij aan de uitbreiding van hernieuwbare energiebronnen en de geleidelijke sluiting van kolencentrales sinds 2016.

Problemen zijn er ook voor het Duitse klimaatbeleid. Zo zijn er problemen met de uitbreiding van wind- en zonne-energie. De ontwikkelingen in de transportsector, waar de CO2 uitstoot 1 miljoen ton hoger ligt dan in 1990, en de gebouwde omgeving, waar de CO2-uitstoot 5 miljoen ton hoger ligt dan in 1990, laten zien dat vooral daar nog veel moet worden bereikt. Het laat echter ook zien dat de uitdaging voor het Duitse klimaatbeleid niet zit in de energiesector, hoe graag Nederlanders ook kritiek willen leveren op het Duitse energiebeleid. Uit twee onderzoeken in opdracht van Schulze’s ministerie van Milieu (BMU) en het ministerie van Economie (BMWi) is onlangs gebleken dat maatregelen die zijn uiteengezet in het klimaatpakket van de regering voor 2030 en de geleidelijke afschaffing van kolen niet volstaan ​​om de beoogde vermindering van 55 procent te bereiken en in plaats daarvan peil het effect tot 52 procent.

Klimaatbeleidadviseur Henrik Maatsch van WWF Duitsland zei dat het succes van de reductie de “structurele traagheid” van de klimaatinspanningen van de regering niet mag verbergen. Maatsch zei dat de regering moeite had om een ​​werkbare strategie te vinden voor het implementeren van al lang bekende oplossingen om de inzinking van windenergie-uitbreiding te overwinnen of om continue ondersteuning van zonne-energie te garanderen.

Duitse CO2-emissie 1990-2019. Bron CleanEnergyWire

UBA: groen stimuleringspakket nodig om de economische activiteit te doen herleven na de huidige neergang

UBA-hoofd Messner zei dat het belangrijk zal zijn om ervoor te zorgen dat alle ondersteunende maatregelen voor de economie zijn ontworpen met de klimaatdoelstellingen in gedachten. Waarbij hij aangeeft dat deze maatregelen bijvoorbeeld kunnen bestaan ​​uit energiezuinige renovatie van gebouwen, de uitrol van elektrische voertuigen en meer mogelijkheden voor openbaar vervoer, evenals meer aandacht voor waterstof- gebaseerde brandstoffen voor industriële toepassingen. Mesner zei:

Duitsland gaat de goede kant op met betrekking tot de klimaatdoelstellingen voor 2030 en dat is zeer welkom. We weten echter ook dat we momenteel op onze lauweren rusten, vooral met betrekking tot hernieuwbare energiebronnen.

Hij zei dat zorgen dat de uitbreiding van hernieuwbare energie weer op de rails komt en dat de elektrificatie van de transportsector snel wordt opgeschaald de prioriteit heeft. Transport-NGO VCD had kritiek op de matige prestaties op het gebied van emissiereductie in de transportsector, erop wijzend dat de winst op het gebied van motorefficiëntie routinematig wordt gecompenseerd door de verkoop van zwaardere en meer voertuigen en meer met de auto afgelegde kilometers, en dat het aandeel van het vervoer in de totale uitstoot voortdurend toeneemt. In plaats van voorrang te geven aan auto’s, zou de Duitse regering meer in moeten zetten op duurzame alternatieven, vooral in binnensteden.

Verwachting CO2 uitstoot 2020

De verwachting is dat de Duitse CO2 uitstoot in 2020 verder daalt. Deels komt dat door de hogere CO2 prijzen en de zachte weersomstandigheden in het eerste kwartaal van 2020. Een ander deel wordt veroorzaakt door de terugvallende economie als gevolg van het coronavirus. De verwachting is dat het coronavirus een tijdelijk effect heeft op de CO2 uitstoot. Reden voor UBA om te pleiten voor economisch stimuleringspakket dat rekening houdt met de lange termijn klimaatdoelen.

Dit stuk is gebaseerd op een artikel van CleanEnergyWire en eerder gepubliceerd op Sargasso.

Klimaatzaak tegen uitbreiding Heathrow gewonnen

In Nederland zijn alle ogen nog gericht zijn op de wijze waarop de Nederlandse overheid dit jaar gaat voldoen aan de uitspraak van het Hogerechtshof in de klimaatzaak, die Urgenda aanspande. Ondertussen zitten klimaatactivisten aan de andere kant van de Noordzee ook niet stil. Inmiddels hebben ze voor de derde keer uitbreidingsplannen van een vliegveld geblokkeerd. Waarvan twee keer door stemming in een gemeente- of districtsraad en een keer via de rechter met een beroep op de verplichtingen die het Verenigd Koninkrijk  is aangegaan in het klimaatverdrag van Parijs.

Eerder dit jaar stemden Uttlesford District County tegen de uitbreidingsplannen van Stansted en stemde de gemeenteraad van Bristol tegen de uitbreidingsplannen van het vliegveld van Bristol. Dit gebeurde mede door druk van omwonenden en van klimaatactivisten, zoals Extinction Rebellion, Greenpeace en Friends of the Earth (Milieudefensie). Omwonenden maken zich zorgen over de negatieve effecten voor de volksgezondheid van geluidsoverlast en luchtvervuiling.

In de uitspraak tegen de uitbreiding van Heathrow stelde de rechter dat de regering ten oprechte geen rekening had gehouden met de het klimaatakkoord van Parijs bij het vaststellen van de uitbreidingsplannen voor Heathrow:

The government when it published the ANPS (Airports National Policy Statement) had not taken into account its own firm policy commitments on climate change under the Paris agreement. That, in our view, is legally fatal to the ANPS in its present form.

De Britse regering heeft al aangegeven niet in cassatie te gaan tegen de uitspraak van de rechter. Heathrow Airport is dat wel van plan. De uitbreiding van Heathrow was alleen gebaseerd op de Britse klimaatwet uit 2008. De rechter heeft de uitbreiding niet verboden, maar eist dat de regering duidelijk maakt hoe die zich verhoudt tot het klimaatakkoord. Een derde landingsbaan kan er wel komen in de toekomst, als deze past binnen het Britse klimaatbeleid.

De uitspraak is een eerste keer dat plannen van een bedrijf getoetst zijn aan het klimaatakkoord van Parijs. Daarmee kan de uitspraak ook grote gevolgen hebben voor bedrijven in andere landen. Dennis van Berkel, die als advocaat van duurzaamheidsorganisatie Urgenda betrokken was bij de klimaatzaak tegen de Nederlandse staat, stelt tegen NRC:

Deze uitspraak laat zien dat het Parijs-akkoord niet zomaar een intentieverklaring is. Overheden zullen moeten uitleggen hoe hun beleid aansluit bij Parijs.

Door deze uitspraak wordt de luchtvaartsector, die buiten het klimaatakkoord van Parijs was gehouden, alsnog binnen de reikwijdte van het klimaatakkoord gebracht. Dit kan ook gevolgen hebben voor de uitbreidingsplannen van Schiphol en Lelystad Airport. Milieufederatie Noord-Holland zal de uitspraak gebruiken om naar de rechter te gaan, zegt directeur Sijas Akkerman tegen NRC. Het wachten is op een concreet besluit tot uitbreiding.

De uitspraak kan ook gevolgen hebben voor de verschillende rechtszaken die wereldwijd lopen tegen het klimaatbeleid van bedrijven. Bijvoorbeeld voor de zaak van Milieudefensie tegen Shell in Nederland.

Dit bericht is geschreven voor en gepubliceerd op Sargasso.

Quote du Jour | Corporations should pay a higher tax rate than school teachers

De belastingmoraal en vooral de lage belastingtarieven voor multinationals liggen in Nederland al langer onder vuur. Ook in de VS neemt de kritiek toe:

Dit bericht is geschreven voor en gepubliceerd op Sargasso.

Europese kolensector in mineur, net als in de VS

 De elektriciteitsproductie door kolencentrales in de EU is vorig jaar met bijna een kwart gedaald ten opzichte van 2018. De daling was het grootst in landen met veel wind- en zonne-energie. Ook werd er in 2019 voor het eerst meer elektriciteit opgewekt met behulp van zonne-energie en windenergie dan met kolen. Dat blijkt uit de jaarlijkse analyse van de elektriciteitsproductie door Sandbag en Agora Energiewende. De wereldwijde malaise in de kolensector is daarmee ook in de EU voelbaar.

Ontwikkeling van elektriciteitsproductie door kolen, wind- en zonne-energie.

De productie van elektriciteit dor kolencentrales in de EU daalt al sinds 2002. De productie van elektriciteit door zon en windenergie stijgt al jaren. Inmiddels wordt er meer stroom opgewekt met behulp van wind- en zonne-energie dan door kolencentrales. Als de dalende lijn van kolen doorzet produceert windenergie alleen meer stroom dan kolencentrales. Sinds 2010 daalde de elektriciteitsproductie van kolencentrales met 10%.

De daling doet zich voor in alle landen van de EU, maar met name in landen met veel groene stroom. In Duitsland daalde de productie van kolenstroom met 58 TWh, waarvan 26 TWh steenkool en 32 TWh bruinkool. Daarmee zet ook de daling van bruinkool nu door. Bruinkoolcentrales stoten meer CO2 uit en hebben dus ook meer last van de gestegen CO2 prijzen. Uniper heeft inmiddels aangeven haar Duitse steenkoolcentrales in 2025 te willen sluiten.

Gas krijgt geen voet tussen de deur

Ondanks de vaak gebezigde opvatting dat aardgas een belangrijke transitiebrandstof is wisten gascentrales de afgelopen jaren niet te profiteren van de afname van elektriciteitsproductie door kolencentrales. De elektriciteitsproductie van gascentrales steeg in 2019 wel, maar ligt nog steeds 1% lager dan in 2010. Ook het aantal nieuw gebouwde gascentrales valt tegen. Wat al duidelijk was uit de problemen die Siemens heeft bij haar gasturbine onderdeel. Een onderdeel dat Siemens probeert te verzelfstandigen en waarvan het de Hengelose vestiging in 2018 verkocht aan VDL. Slechts in een beperkt aantal landen wist gas te profiteren van de daling van kolenstroom.

Verandering in elektriciteitsmix per land 2010-2019

Wat ook opvalt is dat de daling van kolenstroom het grootst is in landen met veel groene stroom. Met name in Denemarken, het Verenigd Koninkrijk en Duitsland daalt de hoeveelheid kolenstroom. Ook in kolenland Polen is de elektriciteitsproductie van kolencentrales gedaald. De productie van wind- en zonne-energie steeg sinds 2010 juist met met 13%. De elektriciteitsproductie van kerncentrales en biomassa/biogas veranderde nagenoeg niet. De elektriciteitsproductie van kernenergie daalde met een kleine 1%, vooral doordat kerncentrales in Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk minder stroom produceerde.

Ontwikkeling CO2 emissie elektriciteitssector

Door de daling van kolenstroom en de daling in het elektriciteitsverbruik is ook de CO2 uitstoot van de elektriciteitssector gedaald. Ten opzichte van 2018 daalde de CO2 emissie van de elektriciteitssector met 12%. De verwachting is dat er dit jaar wederom veel wind- en zonne-energie bij gaat komen in de EU. Sandbag en Agora Energiewende verwachten daarom dat de daling van kolenstroom in 2020 door zal zetten.

Ontwikkelingen in de VS

De situatie in de Verenigde Staten was niet veel beter dan in de EU in 2019. Ondanks Trump’s verkiezingsbelofte om de kolensector te helpen, sloot een fors aantal kolencentrales de deuren. De verwachtingen voor 2020 zijn niet veel beter.

De Energy Information Administration (EIA) verwacht dat het aandeel van kolen in de Amerikaanse elektriciteitsmix de komende vijf jaar terugloopt naar ongeveer 13%. Mogelijk dat er nog wat cadeau’s worden uitgedeeld in de verkiezingstijd om onrendabele kolencentrales open te houden. Het is echter een kwestie van tijd tot goedkopere aardgascentraels, maar vooral ook duurzame elektriciteitsproductie de rol van kolen overnemen in de VS. Daarmee lijkt ook voor de VS de rol van aardgas als transitiebrandstof eindig.

Ontwikkelingen Japan

Japan is een van de weinige resterende landen die snelheid maakt met de bouw van nieuwe kolencentrales. De komende vijf jaar wil Japan 22 nieuwe kolencentrales bouwen. Daarmee zet Japan de geloofwaardigheid van ‘de groen’ Olympische Spelen nog meer onder druk. Eerder werd al bekend dat de waterstof voor de Olympische Spelen geproduceerd gaat worden met Australische bruinkool.

Conclusie

In de EU en in de VS is de neergang van de kolensector in 2019 niet tot staan gebracht en het lijkt er ook niet op dat dat de komende jaren zal veranderen. In de EU zijn er nog slechts 8 lidstaten waar de discussie over de einddatum voor kolen nog moet beginnen, 2 waar de discussie loopt en 16 die een einddatum hebben ergens tussen 2020 en 2038.

Dit bericht is geschreven voor en gepubliceerd op Sargasso.

Klimaatzaak kinderen vs. VS afgewezen

De uitspraak van de Nederlandse Hoge Raad in de klimaatzaak die Urgenda tegen de Nederlandse overheid had aangespannen leverde wereldwijd publiciteit op. Sinds 2015 loopt er een soortgelijke zaak in de VS. Een groep van 21 kinderen was van mening dat het beleid dat voormalig president Obama voerde om de nationale fossiele energiewinning te verhogen hun recht op een veilig klimaat op het spel zette. De kinderen klaagden de federale overheid aan.

Obama en President Trump hebben de afgelopen jaren hun best gedaan het niet tot een inhoudelijke behandeling van de zaak te laten komen. In een uitspraak van het Ninth Circuit Court of Appeals wordt de zaak door de rechters afgewezen.

De rechters waren het er alle drie over eens dat klimaatverandering een urgent, bedreigend probleem is, maar oordeelden dat de eisers, die tussen de 8 en 19 jaar oud waren toen de zaak werd aangespannen, geen grond voor de aanklacht hadden. Het zetten van klimaatdoelstellingen is volgens de rechters aan de wetgevende macht. In het vonnis stellen de rechters:

The panel reluctantly concluded that the plaintiffs’ case must be made to the political branches or to the electorate at large.

Tegenslag voor klimaatactivisten

De uitspraak betekent een tegenslag voor klimaatactivisten. De uitspraak was niet unaniem. In het meerderheidsoordeel geeft rechter Andrew Hurwitz toe dat de klimaatrisico’s groeien en dat jongeren de ergste gevolgen ondervinden van stijgende gemiddelde temperaturen, zoals teeds destructievere overstromingen en branden:

In the mid-1960s, a popular song warned that we were ‘on the eve of destruction,’” he wrote. “The plaintiffs in this case have presented compelling evidence that climate change has brought that eve nearer.

Ook geven de rechters aan dat de jongeren overtuigend hebben aangetoond dat de federale overheid niet enkel gefaald had bij het terugdringen van de CO2 emissies, maar ook actief de ontwikkeling van fossiele brandstoffen had bevorderd.

Een van de drie rechters, Josephine Staton, is het niet eens met het meerderheidsoordeel en stelt in haar minderheidsstandpunt:

It is as if an asteroid were barreling toward Earth and the government decided to shut down our only defenses. Seeking to quash this suit, the government bluntly insists that it has the absolute and unreviewable power to destroy the Nation.

De advocaten van de jongeren geven ook aan dat de zaak voor niet is afgedaan met deze uitspraak. In een verklaring stellen ze:

The Court recognized that climate change is exponentially increasing and that the federal government has long known that its actions substantially contribute to the climate crisis. Yet two of the judges on the Panel refused to set the standard for redressing the constitutional violation, to protect our Nation’s children.

Daarnaast lopen er inmiddels diverse soortgelijke zaken in verschillende staten. Ook rechtenstudenten beginnen zich met de zaak te bemoeien. Recent is een groep studenten begonnen met druk uitoefenen op advocatenkantoren die fossiele energiebedrijven vertegenwoordigen in klimaatzaken. Ze roepen de advocatenkantoren op om zich terug te trekken en mede-studenten om niet voor de betreffende advocatenkantoren te gaan werken. Daarmee volgen ze de strategie van Australische ingenieurs.

Klimaatzaak openbaar aanklager New York – ExxonMobil

Een andere tegenslag voor klimaatactivisten is dat de openbaar aanklager van New York haar zaak over misleiding en fraude tegen Exxon verloor. De openbaar aanklager van New York was van mening dat Exxon beleggers had misleid over de effecten van klimaatverandering op de waarde van het bedrijf en haar bedrijfsactiviteiten. De rechter ging hier in december niet in mee. De openbaar aanklager van New York heeft inmiddels laten weten niet tegen de uitspraak in beroep te gaan.

Klimaatzaken

Met het winnen van bovenstaande zaken zijn de zorgen van de fossiele industrie over klimaatzaken niet weg. Verschillende staten en steden werken nog steeds aan rechtszaken tegen de olie-, gas- en kolenindustrie. Uit Amerikaanse wob-verzoeken komen daarbij inmiddels ook e-mails boven tafel die vragen oproepen over de rol van het Ministerie van Justitie. De mails suggereren dat er afstemming heeft plaatsgevonden tussen de olie- en gasindustrie en het ministerie van Justitie over de inbreng van de federale overheid in de rechtszaken van verschillende staten tegen de olie- en gasindustrie. Soortgelijke contacten zijn er niet geweest met de staten die de rechtszaken hebben aangespannen.

Tegelijkertijd laten de rechterlijke uitspraken in de VS zien dat het ook na de uitspraak van de Nederlandse Hoge Raad in de klimaatzaak afwachten is hoe rechters in andere landen in soortgelijke zaken zullen vonnissen.

Dit bericht is geschreven voor en gepubliceerd op Sargasso.

Wereldwijde daling autoverkoop

De wereldwijde auto-industrie heeft te maken met een terugval van de vraag naar auto’s. LMC automotive heeft zijn rapport met wereldwijde verkoopcijfers vorige week gepubliceerd, hieruit blijkt een daling van het totaal aantal verkochte auto’s van 94,4 miljoen in 2018 naar 90,3 miljoen in 2019. Dat is een daling van 4%. LMC heeft de data niet uitgesplitst naar brandstofvoertuigen en elektrische auto’s. Cleantechnica houdt deze gegevens wel bij en op basis van gegevens van de 3 grootste markten (China, Europa en de VS) en schattingen voor de overige markten komen ze uit op een stijging van de verkoop van elektrische auto’s met 9,5% (volledig elektrische en hybrides). Het aantal verkochte brandstofauto’s is volgens deze zelfde schatting wereldwijd gedaald met 4,7%.

Ontwikkelingen per markt

De Chinese markt blijft de lastigste markt voor verkopers van brandstofauto’s (benzine, diesel en lpg). De verkoop van brandstofauto’s daalde in China met bijna 8,4% ten opzichte van 2018. De verkoop van elektrische auto’s liep met 4% terug, doordat de Chinese overheid haar stimuleringsbeleid bijstelde. Ondanks de daling van de verkoop van elektrische auto’s steeg hun marktaandeel van 4,5% naar 4,7%.

In de VS daalde de verkoop van brandstofauto’s met 1,1%, de verkoop van elektrische auto’s daalde nog harder met 8,9%. Volgens Cleantechnica ontbreekt het in de VS aan een aantrekkelijk en betaalbaar aanbod van elektrische auto’s. Zo waren de Hyundai Kona EV, de Kia e-Nero en de MG ZS EV in 2019 nog niet verkrijgbaar in de VS. Het beeld wordt verder vertekend doordat Tesla eind 2018 zoveel mogelijk Model 3’s afleverde in de VS om eigenaren van de belastingvoordelen te laten profiteren.

In Europa steeg de verkoop van brandstofauto’s met minder dan 0,1%, voornamelijk door een piek in de verkopen in het vierde kwartaal. Deze piek kan te maken hebben met de strengere CO2 eisen aan autofabrikanten die vanaf dit jaar gelden. De verkoop van elektrische auto’s lag veel hoger met een stijging van 43%. Het marktaandeel van elektrische auto’s komt daarmee uit op 3,8%. Waarmee het marktaandeel van elektrische auto’s in de EU het marktaandeel in China begint te naderen.

Ondanks het terugschroeven van de voordelen voor elektrisch rijden in bv. Nederland is de verwachting dat de verkoop in de EU in 2020 zal stijgen. Autofabrikanten moeten er vanaf dit jaar voor zorgen dat alle auto’s van hun bedrijf die in 2020 in de EU nieuw worden verkocht samen niet meer dan 95 gram CO2 per kilometer uitstoten. Bij een hogere uitstoot volgen boetes. Fiat Chrysler heeft bij Tesla al CO2 rechten gekocht om de boetes te ontlopen. De toenemende populariteit van SUV’s, die meer CO2 uitstoten per kilometer, en de invoer van de nieuwe testcyclus na het dieselgate schandaal maken het voor autofabrikanten niet gemakkelijker.

De grootste autofabrikanten van Europa gaan hun doelstellingen waarschijnlijk niet halen en kunnen boetes tegemoetzien met een totale waarde van 14,5 miljard euro of meer. PA Consulting, de internationale innovatie- en transformatieconsultant, concludeert dit in zijn jaarlijkse vooruitblik op de prestaties van autofabrikanten ten opzichte van de verplichte Europese CO2 emissiedoelstellingen. Volkswagen kan, mede dankzij de hoge verkoopcijfers in Europa, een boete van zo’n 4,5 miljard euro verwachten. Geld dat niet gestoken kan worden in voorkomen dat het bedrijf de nieuwe Nokia wordt. Maar ook andere merken die voorheen goed op koers lagen, zoals Renault-Nissan-Mitsubishi, Volvo en Jaguar Land Rover, liggen niet langer op schema. Zelfs Toyota, de marktleider in hybride voertuigen, zal volgens de voorspellingen de doelstellingen niet gaan halen. Verschillende autofabrikanten hebben inmiddels hun vergoedingen aan dealers aangepast om hun dealers te stimuleren meer CO2 arme modellen te verkopen. Daimler, het moederbedrijf van Mercedes en Smart, heeft vorig jaar al een grote bezuinigingsoperatie aangekondigd.

De hoogte van de boetes kunnen er voor zorgen dat het voor autofabrikanten interessant wordt om elektrische auto’s met forse kortingen te verkopen, om op die manier boetes te verlagen. De mogelijkheden om ze volledig te ontlopen zijn echter beperkt, omdat dat een forse stijging van de productie van elektrische auto’s vergt. Gelet op de problemen die bv. Volkswagen en Mercedes lijken te ondervinden bij het opschalen van de productie van hun elektrische auto’s lijkt het onwaarschijnlijk dat dit voldoende zode aan de dijk gaat zetten.

Dit bericht is geschreven voor en gepubliceerd op Sargasso.

2019: het jaar van worstelen met de impact van klimaatverandering

In 2019 publiceerde Jelmer Mommers zijn boek Hoe gaan we dit uitleggen? en kreeg Urgenda gelijk van de Hoge Raad in de zaak over de minimaal te behalen CO2 reductie door de Nederlandse overheid. Er waren vorig jaar echter veel meer goede en lezenswaardige publicaties van klimaatwetenschappers, activisten en mensen die worstelen met het onder ogen zien van de gevolgen van klimaatverandering. Hieronder een selectie, vul gerust aan in de commentaren.

Het goede nieuws

In een publicatie in december 2019 stellen klimaatwetenschappers Zeke Hausfather en Justin Ritchie dat het business as usual scenario nu leidt tot 3 graden opwarming in 2100 ten opzichte van pre-industriële temperaturen. Nog steeds ver boven de doelstelling van het klimaatakkoord van Parijs, maar beduidend lager dan de 4 tot 5 graden opwarming uit veel oudere business as usual scenario’s.

Zekerheid is er niet te geven, omdat er nog veel variabelen zijn die kunnen veranderen. Zoals de kosten van duurzame energie, energieopslag en de ontwikkeling van zero-emission vervoer. De positieve kant van het verhaal van Hausfather en Ritchie is dat klimaatbeleid dus wel degelijk werkt. Het gaat niet snel genoeg, maar de verwachte opwarming voor het jaar 2100 kan met 1 tot 2 graden naar beneden bijgesteld worden met dank aan het gevoerde beleid in verschillende landen in de afgelopen decennia.

Het belang van hoop en de vijf stappen om optimistisch te blijven over klimaat worden mooi beschreven in deze bijdrage van Climate Reality. In een bijdrage voor Harvard Business Review vragen Alice Chen en Vivek Murthy zich af of we niet optimistischer zouden moeten zijn over de aanpak van klimaatverandering.

Volgens klimaatwetenschapper Katharine Hayhoe hebben we een visie voor een betere toekomst nodig. Een visie die Chris Turner leverde in een opiniebijdrage, waarin hij stelde dat de toekomst groener is dan dan de meeste mensen denken. Ook de jaarlijkse vooruitblik van Michael Liebreich, topman bij Bloomberg New Energy Finance, biedt zicht op een betere toekomst. Hij voorspelt een snellere daling van de CO2-emissies dan veel mensen verwachten. Liebreich verwacht niet dat de daling genoeg is om binnen de bandbreedte te blijven die volgens het IPCC nodig is om onder de 2 graden Celsius opwarming te blijven (20% wereldwijd). Wel verwacht hij komend decennium een daling van de wereldwijde emissies met 5%. Eerder vorig jaar beredeneerde hij al dat de doorbraak van hernieuwbare energie wel eens veel eerder kan komen dan oliemaatschappijen denken. Ook David Roberts, milieujournalist bij Vox, brak vorig jaar een lans voor voorwaardelijk positivisme over het aanpakken van klimaatverandering. Voor Nederland kwam de WUR recent met een hoopvolle publicatie over hoeveel groener Nederland er in 2120 uit zou kunnen zien.

De zorgen

Al deze positieve denkers daar gelaten zijn de gevolgen van de al ingebakken klimaatverandering nog steeds enorm. De bosbranden in Australië zijn het meest recente voorbeeld van een van de verwachte effecten van klimaatverandering die waarheid wordt. Voor de toekomst van Nederland zijn de bijgestelde projecties voor de toekomstige zeespiegelstijging van groter belang. Vrij Nederland stelde vorig jaar dan ook dat de zeespiegelstijging voor Nederland een groter probleem is dan we beseffen. Deltares bracht in 2018 een rapport uit waarin onderzocht is wat de gevolgen zouden zijn van een versnelde zeespiegelstijging na 2050. In 2018 stelde Peter Kuipers Munnike al in NRC dat het niet meer de vraag is of, maar vooral wanneer Nederland onder de zeespiegel verdwijnt. Geen prettig vooruitzicht en het laten doorwerken van die kennis kan leiden tot psychische problemen. Om de gevolgen van klimaatverandering het hoofd te bieden is dan ook vooral moed nodig, zo schrijft klimaatwetenschapper Kate Marvel.

Psycholoog Renee Lerzman beschrijft in dit artikel hoe praten over onze angsten kan helpen bij communicatie over klimaatverandering. Terwijl Meg Ruttan Walker in dit lezenswaardige artikel stelt dat actie de enige remedie tegen dit soort klimaatangsten en klimaatdepressie. Waarbij we volgens Mary Heglar moeten stoppen om elkaar de maat te nemen met betrekking tot onze individuele acties, maar ons moeten richten op het grotere plaatje. Het merendeel van de CO2 emissies wordt veroorzaakt door een handjevol bedrijven. Onze focus zou veel meer op deze bedrijven gericht moeten zijn in plaats van op het ons aanpraten van een schuldgevoel omdat we direct of indirect producten of diensten van deze bedrijven afnemen.

Ondanks de zorgelijke vooruitzichten en het feit dat wereldwijd het beleid nog steeds niet in lijn is met het klimaatakkoord van Parijs breekt Bina Venkataraman in de Washington Post een lans voor klimaatoptimisme. Juist nu een kleine maar groeiende groep stelt dat klimaatverandering niet meer te stoppen is en we ons maar beter bij de komende veranderingen kunnen neerleggen. Naast de vaak genoemde standaardreacties vluchten, bevriezen of vechten is er volgens wetenschapper Susanne Moser een vierde mogelijkheid: bevrienden.

Wie uiteraard niet mag ontbreken is Michael Mann, die in zijn bijdrage voor Time Magazine terugkijkt vanuit 2050 en ziet dat we de ergste gevolgen van klimaatverandering hebben weten te voorkomen.

Afsluitend

Ik sluit af met hetzelfde artikel van Diego Arguedas Ortiz uit 2020 waar Katharine Hayhoe haar twitterdraad waar dit artikel op gebaseerd is mee afsluit. In zijn artikel vraagt Ortiz zich af of het verkeerd is om optimistisch te zijn over klimaatverandering. Volgens hem niet, zolang het realistisch, rationeel en actief is.

Dit bericht is gebaseerd op een twitterdraad van Katharine Hayhoe, waar ook meer leesvoer over dit onderwerp te vinden is.

Dit bericht is geschreven voor en gepubliceerd op Sargasso.