Engelse plannen kernenergie verder onder druk

De Engelse plannen voor nieuwe kerncentrales wankelen nu na Toshiba ook Hitachi zich terug heeft getrokken. Daarmee volgen de Engelse toekomstplannen voor kernenergie het pad van de Amerikaanse nucleaire renaissance: veel plannen, weinig uitvoer.

Hitachi werkte in het Verenigd Koninkrijk aan een nieuwe kerncentrale bij Wylfa met een capaciteit van ten minste 2.900 MW. Hitachi heeft bekend gemaakt dat het een verlies van 300 miljard yen (2,4 miljard euro) op het Britse project neemt en zich terugtrekt. Ook een tweede project, in Gloucestershire, Engeland, gaat voorlopig niet door. Voor de Japanse bouwer zijn de projecten rendabel.

De plannen voor kernenergie in Groot-Brittanië staan onder druk door de hoge kosten voor Hinkley Point C en de dalende kosten van alternatieven, zoals wind op zee.

Open waanlink

Dit bericht is een bewerking van een eerder bericht op Sargasso.

Gastbijdrage: Duitsland de aluminium magneet

Tekst: Craig Morris; Vertaling: Krispijn Beek.

Update: de Nederlandse aluminium smelter Aldel maakt dit jaar een doorstart met een directe aansluiting op het Duitse elektriciteitsnetwerk. En het lijkt erop alsof het Verenigd Koninkrijk ook jaloers is op de elektriciteitsprijzen voor de grootste industriële energieverbruikers.

ACHTERGROND – Vandaag heb ik oud nieuws voor je, maar het is niet zo breed bekend. In 2013 schreef ik over de plannen van de Nederlandse aluminiumsmelter Aldel om faillissement aan te vragen als het geen directe aansluiting kreeg op het Duitse elektriciteitsnetwerk (Nederlandse elektriciteit is duurder). Kort daarna vroeg het bedrijf inderdaad faillissement aan.

Maar hier eindigt het verhaal niet. In november kondigde het bedrijf aan dat de directe aansluiting op het Duitse netwerk dit jaar gereed zal komen en dat het bedrijf op dat moment een doorstart wil maken. (Update: het lijkt erop dat het bedrijf begin maart inderdaad doorgestart is. De directe lijn is toegezegd, maar nog niet gereed. Zie dit artikel.)

In februari schreef Reuters dat de Duitse aluminium producent Trimet een in problemen verkerende concurrent in Frankrijk over had genomen. Het artikel wijst er op dat de aluminium sector in een aantal landen in moeilijkheden verkeerd, maar Duitsland behoort niet tot deze landen.

In mijn onderzoek hiernaar kwam ik ook een studie (PDF) uit april 2012 tegen naar de sluiting van een aluminiumsmelter in het VK, dat zijn aluminiumsector de laatste jaren heeft zien verkommeren. De enige keer dat Duitsland genoemd wordt in de studie is in verband met de elektriciteitsprijzen:

The most damaging of all additional energy costs are those that are imposed unilaterally, so that British energy-intensive industries pay costs that their rivals in other countries do not. With the addition of the most recent of these, the carbon price floor, total UK electricity costs in 2013 will be raised by 24 per cent for energy-intensive sectors.   To put this in perspective, German energy-intensive businesses will only be paying 16 per cent extra through government-added costs at the same time.

En verderop:

… the mitigation measures the UK gives to energy-intensive companies, such as a 65 per cent rebate on the climate change levy that will rise to 80 per cent from next year, are still small fry compared to the other green costs they face here and the greater discounts other countries offer. Germany for instance provides energy-intensive firms with a rebate of 98.5 per cent of the cost of subsidising renewable energy on electricity bills. This allows the German government to pursue its green agenda but without the risk of overburdening valuable and vulnerable industries. Including all other costs, British companies will be paying 15 per cent more for their electricity compared to Germany in 2013.

Bedenk je dat dit rapport uit april 2012 stamt, toen de Duitse opslag voor duurzame energie 3,5 Eurocent bedroeg, vergeleken met 6,2 Eurocent op dit moment. Wat betekent dat de situatie verslechterd is bezien vanuit de energie-intensieve industrie in het VK.

Het vormt aanvullend bewijs dat de grootste energieverbruikers in Duitsland zich goed staande houden in de Energiewende.

En overigens hadden de Nederlanders onlangs een grote blackout in de regio Amsterdam. Hoewel Reuters zegt dat er problemen waren bij een onderstation, weten we allemaal dat hernieuwbare energiebronnen het grootste probleem waren. De Nederlanders hebben immers zoveel zonne-energie dat ze het niet eens kunnen niet eens tellen.

Dit artikel is oorspronkelijk door Craig Morris gepubliceerd op Renewables International en met toestemming van de auteur door mij vertaald voor Sargasso.

Craig Morris is Amerikaan van geboorte en woont sinds 1992 in Duitsland. In 2006 schreef hij het boek ‘Energy Switch’ en hij schrijft regelmatig over de Duitse energietransitie. Hij is editor van Renewables International, hoofdauteur van EnergyTransition.de en directeur van Petite Planète en is te vinden op Twitter als PPChef.

Meerkosten van overschakeling op duurzame energie 400 pond per persoon per jaar

De kosten voor overschakeling naar een duurzaam energiesysteem kost het Verenigd Koninkrijk 5.000 pond per inwoner per jaar. Dat blijkt uit berekeningen van Professor David MacKay, auteur van Sustainable energy, without the hot air. Dat is een kleine 400 pond meer dan doorgaan op de huidige weg met fossiele energie, maar goedkoper dan het scenario met meer CO2 afvang en opslag (CCS) en hogere inzet van biomassa. Het laatste scenario met meer kernenergie komt als duurste uit de bus in het Verenigd Koninkrijk.

Dat laatste mag geen verrassing zijn voor wie het rapport van City Bank of de rapporten over de negatieve leercurve van kernenergie gelezen heeft (dat betekent dat nieuwe centrales duurder zijn dan oudere, alsof je nieuwe pc dezelfde prestatie levert tegen een hogere prijs dan de huidige). Ook de ontwikkelingen bij Delta zeggen voldoende over de commerciële haalbaarheid van kernenergie. Zoals Jonathan Porritt al zei in zijn afscheidsinterview kernenergie komt niet van de grond zonder staatssteun.

Het scenario dat inzet op biomassa en CCS kent twee uitdagingen. Ten eerste de beschikbaarheid van voldoende duurzaam geproduceerde biomassa voor energieopwekking (die daarmee dus niet voor andere doeleinden beschikbaar is). Ten tweede is het nodig om CCS succesvol op commerciële schaal toe te gaan passen. Wat bij de huidige CO2 prijzen op z’n zachtst gezegd een uitdaging is.

In bovenstaande berekeningen zijn de externe kosten van fossiele energie buiten beschouwing gelaten. Volgens verschillende rapporten zijn die aanzienlijk, al hangt het natuurlijk af van de invulling van duurzame energie of dat voordelen oplevert. Zo zal de luchtkwaliteit niet noemenswaardig verbeteren als je kolen en gas vervangt door biomassa. Volgens de Stern Review zijn de kosten van klimaatverandering per Brit 6.500 pond per jaar. Met een meerprijs van 400 pond per Brit voor duurzame energie lijkt dat me een uitermate rendabele investering… Met als bijkomend voordeel dat het opwekken van decentrale energie en het realiseren van energiebesparing vrij lastig te importeren is, waardoor het lokale werkgelegenheid oplevert.

Nederland

Ervan uitgaande dat het Verenigd Koninkrijk en Nederland redelijk vergelijkbaar zijn (met dien verstande dat het VK nog meer laaghangend fruit heeft dan Nederland) biedt bovenstaande berekening een mooi startpunt voor Nederland. In Nederland is daarvoor het Energietransitiemodel ontwikkeld. Daarmee kun je ook verschillende scenario’s doorrekenen, zoals bijvoorbeeld het scenario dat ontwikkeld is door Nederland krijgt nieuwe energie van het Duurzaamheidsoverleg Politieke Partijen. Toch zou ik er de voorkeur aan geven om het model van MacKay om te planten naar Nederland. Al was het maar omdat MacKay ook werkt aan de toevoeging van zaken als kostenvergelijkingen tussen scenario’s en het effect op luchtkwaliteit. Daarnaast vind ik de toelichting bij de scenario’s van de 2050 Pathway Calculator begrijpelijker en gedetailleerder.

Kosten van kernenergie

Kernenergie wordt de laatste tijd in diverse landen en door verschillende mensen, waaronder Willem Vermeend, gezien als een belangrijke oplossing voor het verminderen van de CO2 emissie. Zelfs een deel van de oude tegenstanders is inmiddels voorstander van kernenergie vanuit het oogpunt van klimaatverandering.

Daarnaast wordt kernenergie vaak gezien als goedkope stroom. Afgelopen week doken op verschillende sites twee studies uit 2009 op die daar kanttekeningen bij plaatsen. De eerste studie van de Citybank groep met de titel “New Nuclear – The Economics Say No” (pdf) laat zien dat de kosten en financiële risico’s van kernenergie groot zijn voor private investeerders. De studie somt vijf grote risicogebieden op waar ontwikkelaars en beheerders van nieuwe kerncentrales rekening mee moeten houden: planning, bouw, energieprijs, beheer en sluitingskosten.

Volgens de studie hebben overheden in geïndustrialiseerde landen tot nu toe enkel de risico’s op het vlak van planning afgebouwd. Hoewel het een belangrijke factor is, “is het de factor met de minste financiële impact”. Bouw, energieprijs en beheer zijn de belangrijkste risicogebieden, zo enorm dat ze echte “corporate killers” zijn en ook de grootste energiebedrijven op de knieën kunnen dwingen, volgens het rapport.

De Duitse fysicus Christoph Pistner van het Duitse Instituut voor Toegepaste Ecologie komt tot gelijkaardige conclusies. In zijn rapport “Renaissance of nuclear energy” (pdf, Duits) voert Pistner aan dat ontwikkelaars “de enorme bouwkosten van een nieuwe kerncentrale op voorhand en voor een ongewoon lange termijn moeten financieren.” Het duurt volgens Pistner minstens twintig jaar voor de operationele kosten terugbetaald zijn. Pas na die periode maakt de centrale winst.

Als dat klopt verklaart dat ook de lange lijst en grote bedragen subsidies voor kernenergie die het weblog Climate Progress een paar jaar geleden opsomde onder de titel Nuclear Pork — Enough is Enough. Het verklaart ook waarom Obama ruim 8 miljard dollar aan garanties beschikbaar stelt voor de bouw van 2 nieuwe kerncentrales. Zonder de garanties zijn de risico’s blijkbaar te groot voor private investeerders in de VS.

Ook verklaart het waarom Jonathan Porrit, voormalig voorzitter van de Sustainable Development Commission in het Verenigd Koninkrijk in heeft gezet op geen subsidie voor nucleair (uit The Guardian van 25 juli 2009):

Little more than a year ago, these nuclear zealots were telling the world that any new nuclear in the UK would require zero public subsidies. Hardened anti-nuclear campaigners such as myself fell about laughing – not one kilowatt-hour of nuclear-generated electricity has ever gone on to the grid, anywhere in the world, over 40 years, without some kind of public subsidy. So why does anybody suppose that it’s going to be any different this time round?

“We [in the SDC] said categorically that there was no way the industry could build new stations without subsidies. Government said we were wrong, explicitly. All the energy companies, too said they did not need subsidies. Now, they are all in there asking for large amounts of public money.

Het hele interview van The Guardian met Jonathon Porritt kun je hier vinden. Meer informatie over de studies van Citybank en Christoph Pistner vind je bij IPS, MO nieuws of Duurzaam Nieuws.

Crowdfunding: CrowdAboutNow

De utrechtste start-up CrowdAboutNow heeft deze week 100.000 Euro gewonnen. De website geeft tot nu toe weinig informatie over de opzet van het bedrijfs. Het artikel in De Nieuwe Utrechter biedt een klein kijkje in de keuken van CrowdAboutNow:

Via dit online platform kunnen Utrechtse starters met een idee voor een project zichzelf presenteren. Iedere bezoeker van de site kan vanaf een bedrag van tien euro in deze starters investeren. Een laagdrempelige en innovatieve financieringsvorm, vindt de jury.

Daarmee komt de site dicht in de buurt van bestaande crowdfunding/financing of peer to peer banking modellen die zich tot voor kort met name op microkrediet aan bedrijven in ontwikkelingslanden richtten, en het model dat ik zelf in gedacht heb. Denk daarbij aan Kiva, MyC4 of het recent gelanceerde Zidisha. De afgelopen maand zijn er echter ook soortgelijke initiatieven in het Verenigd Koninkrijk (Big Carrots) en Frankrijk (FriendsClear) gelanceerd. Ook heeft het Estse isePankur haar diensten uitgebreid richting financiering van het bedrijfsleven.

Nederland

Zelf heb ik de afgelopen weken ook verschillende gesprekken gevoerd (onder andere met Petra Kroon van Stichting Sociaal Ondernemen, Ineke van Zanten en Rinske van Noortwijk van stichting Greenwish, Rense Bos, Bastiaan Witvliet, Edgar Neo, Stephan Verveen, Mark Hillen en Pieter Jan de Bree) om te kijken of een crowdfunding initiatief voor sociaal ondernemers van de grond getrokken kan worden.

Door deze verkennende gesprekken, en met name de uitdagingen die daarbij naar voren kwamen ben ik extra benieuwd hoe CrowdAboutNow omgaat met regelgeving van bv. de AFM. Als ik dit artikel over Boober lees kan het zijn dat ze daar onderuit komen door zich enkel op kleinschalige particuliere investeerders te richten. Wat zonde zou zijn, want dan mis je synergie met bestaande financiers als banken (zie hier voor hoe ik daar over denk) en informal investors die in totaal meer dan 40.000 euro willen steken in bedrijven via een crowdfunding/financing platform.

Daarnaast ben ik erg nieuwsgierig hoe ze het risicobeheer regelen. Krijgt CrowdAboutNow een eigen ratingafdeling, zoals Big Carrots? Gaan ze samenwerken met banken of ratingbureau’s, zoals MyC4, of hebben ze een andere methodiek bedacht? Volgende week heb ik een kennismakingsgesprek met 2 van de oprichters van CrowdAboutNow, dat is een mooi moment om vragen te stellen. En te kijken of er samenwerking met andere initiatieven mogelijk is.