Resultaat van ons eerste jaar winddelen

In 2012 besloten we om winddelen te kopen via De Windcentrale. Inmiddels zit ons eerste jaar als winddeler er op, dus tijd om terug te kijken op de behaalde resultaten. Al heb ik nog geen inzicht in de financiële jaarcijfers van de windmolens waar we in participeren.

Verwachting vs. realiteit

We hebben 3 winddelen, twee in Grote Geert en een winddeel in De Jonge Held. De verwachtte jaaropbrengst komt daarmee op 1.500 kWh, goed voor ongeveer 40% van ons elektriciteitsverbruik. De werkelijke opbrengst in 2013 was 1.311 kWh, dat is 13% minder. De uiteindelijke besparing op onze energierekening bedroeg 95 Euro, 10% minder dan ik vooraf had berekend. Dat kwam doordat de stroomprijs wat hoger lag dan waar ik op voorhand mee had gerekend.

Financieel resultaat

Het rendement op onze investering, rekening houdend met afschrijvingskosten en zonder inflatie, bedraagt in het eerste jaar 3%. Als we het geld op de bank hadden laten staan hadden we 1,6% ontvangen. Wat dat betreft is het dus een goede investering geweest. De hoogste rente die we momenteel betalen op een lening is echter 4%. Dat betekent dat we beter onze lening hadden kunnen aflossen. Voor komend jaar verwacht ik dat het niet veel beter wordt, aangezien het leveringstarief van Greenchoice met 7% gedaald is. Daarmee daalt dus ook het financieel voordeel van onze winddelen.

Ontwikkelingen Windcentrale

De ontwikkelingen bij De Windcentrale hebben ondertussen ook niet stilgestaan. In 2013 hebben ze 4 windmolens via crowdfunding gekocht. Ook sloten ze een samenwerking met Vereniging Eigen Huis en werden ze door het uitgeroepen tot winnaar van de WNF Cleantech Star Award 2013.

Conclusie

We kijken terug op een leuk eerste jaar winddelen. Ondanks dat het eerste jaar niet de hoeveelheid stroom of het financieel rendement heeft opgeleverd die we hadden verwacht.

Door de combinatie van zelf ons elektriciteitsverbruik bijhouden en de realtime app van De Windcentrale betrap ik me er in het weekend op dat ik stiekem even kijk of er wel genoeg wind is om de wasdroger aan te gooien. Volkomen kul natuurlijk gezien de kwaliteit van het Nederlandse elektriciteitsnetwerk, maar toch is het een sport om op dagbasis evenwicht te krijgen in ons elektriciteitsverbruik. Al ben ik er wel achter dat we in de zomermaanden de stroom van onze zonnepanelen met geen mogelijkheid opgebruikt krijgen, laat staan als het waait.

Ik troost me op dat soort dagen met de gedachte dat we bijdragen aan het verlagen van de stroomprijs voor de vaderlandse energie intensieve industrie. Al vinden eigenaren van elektriciteitscentrales dat minder leuk.

Zonnige ontwikkelingen bij Sunfunder

sunnymoneycelebrationWe hebben al een paar jaar een zonneboiler en sinds dit jaar hebben we ook zonnepanelen op ons eigen huis. Tegelijkertijd laat ik graag anderen genieten van de geneugten van de zon. Daarom investeer ik via crowdfunding ook in offgrid zonne-energie, niet alleen via het Nederlandse Waka Waka, maar ook via Sunfunder. Sunfunder is een crowdfunding site die zich richt op offgrid zonne-energie voor ontwikkelingslanden. Ze werken met verschillende leveranciers van systemen samen. Begin november ontving ik onderstaand bericht van ze (een uitgebreidere versie vind je bij CleanTechnica.com):
Project loan 100% repaid in one year
As of November 1st, SunFunder’s first loan for a SunnyMoney solar project in Zambia is fully repaid.The $10,000 loan was used to purchase and sell approximately 780 solar powered lights to families in the Chadiza district of Eastern Zambia which would improve the lives of almost 4,000 people. 86 SunFunders invested in this project and received their money back in one year.
You can learn more about the project details on our website.
 
This is the first of 4 SunnyMoney projects to be 100% repaid–a significant development in our 1 year partnership to date with SunnyMoney. It is evidence that the off-grid solar sector is bankable, contrary to the popular perception by the private sector. We’ve written up a short blog post about the implication of this milestone.

While this is the first time a SunnyMoney project is fully repaid, this is the second project loan to reach 100% repayment for SunFunder; the first project was in the Philippines with a different solar partner, Hybrid Social Solutions.

sunnymoneycelebration2This first 100% repayment by SunnyMoney is a positive sign for the other three projects still undergoing repayment process. It also further validates the viability of solar energy in off-grid communities, where solar is actually cheaper than the alternative (kerosene wick lamp for light and walking to a central village charging station for phone charging) when financed. And because of factors like declining solar system costs, increasing kerosene costs, and advances in solar business models, a villager in Tanzania can switch to solar and pay the system off in one to three years, while a homeowner in the Northeast U.S. could require a 15 to 20 year payback.

General progress to date

SunFunder has had a busy and productive summer and the fall season is faring no different. Here’s our latest update, 15 months after launching:

  • 10 projects fully funded
  • $150,000 raised on sunfunder.com
  • 1,200 total project investments made on our platform
  • 590+ individuals from 37 countries
  • 100% repayment rate
  • Over 50,000 people impacted!

Hiermee heeft Sunfunder een mooi resultaat geboekt in de eerste 15 maanden sinds haar lancering. Waarvan ik hoop dat ze dat in de toekomst voortzetten en uitbouwen. Wat mooier dan de dubbele klapper van gezondheidswinst en duurzame energie? En met een terugverdientijd waar we in Nederland voorlopig alleen maar van kunnen dromen voor zonne-energie…

Eigen ervaringen

Zelf heb ik nu 5 investeringen gedaan via Sunfunder. Vier van deze investeringen zijn actief en 1 is nog niet volledig gefinancierd. Bij 2 van de 4 actieve investeringen heb ik inmiddels ook al afbetalingen ontvangen. Ik hoop natuurlijk op 100% terugbetaling, maar weet uit mijn ervaring met MyC4 dat dat niet altijd reëel is. Maar vooralsnog gaat het goed en heb ik ook al de eerste herinvestering gedaan met behulp van de ontvangen afbetalingen. Nu nog voldoende mede-investeerders om het Rent-to-Own a Solar Light project actief te krijgen. Voor wie z’n verlanglijstje voor Sinterklaas of de Kerstman nog niet af heeft: hou heb weblog van Sunfunder in de gaten, want er schijnt wat in aantocht te zijn.

Project Status % repaid # of people with solar Energy cost savings CO2 avoided (kg)
1200 more solar lights in Copperbelt Active 49.4% 6,776 $86,959 0
Propel Zamsolar Solar Scouts Active 24.5% 2,02 $20 0
ReadySet, Charge! Active 0.0% 375 $6,000 2,05
Solar for 4,500 students Active 0.0% 22,5 $58,500 153
Rent-to-Own a Solar Light Pending 0.0% 5,4 $0 0

(nog) een kras in Wal-Mart's poging om een duurzaam boodschappenbolwerk te worden

Sinds een paar jaar timmert Wal-Mart stevig aan de weg met het Sustainability Consortium als het gaat om het verduurzamen van haar productieketen. Toch weigert mijn eigen bank (ASN) al een aantal jaar te investeren in Wal-Mart, als ik me goed herinner onder andere i.v.m. wapenverkopen in de winkels. Deze week werd duidelijk dat de ASN door een veel prominentere belegger wordt gevolgd: ABP. In het persbericht motiveert ABP  (pdf) de uitsluiting als volgt:

Het Amerikaanse bedrijf Walmart is door ABP uitgesloten vanwege het personeelsbeleid dat in strijd is met internationale richtlijnen (ILO richtlijnen), met name ten aanzien van arbeidsomstandigheden en de mogelijkheid voor werknemers om zich te organiseren in vakbonden.

Dat maakt duidelijk dat verantwoord ketenbeheer slechts een onderdeel is van maatschappelijk verantwoord ondernemen. Ik ben er van overtuigd dat samenwerking met ketenpartners veel meer impact kan hebben op duurzaamheid (zowel sociaal als milieu), tegelijkertijd vergt een ambitieuze verduurzamingsstrategie voor je productieketen ook dat je je eigen interne ambities opschroeft…

Na een paar jaar zeuren tegen ABP (over oa. investeringen in kolen, teerzanden en hun investeringsbeleid) is het mooi om te zien dat er ook voor hun een grens zit aan de engagement strategie. Wanneer een bedrijf haar gedrag en beleid niet wijzigd komt er een moment dat je afscheid moet nemen. Wat mij betreft een dikke pluim voor deze actie van ABP.

Uit de inbox: Doe mee aan online onderzoek "duurzaamheidsdialoog financiele sector"

Het woord duurzaamheid mag dan niet in de Troonrede hebben gezeten, dat wil niet zeggen dat Nederland stil zit op gebied van duurzaamheid. Gisteravond was ik bij de inleidende lezingen-avond van de cyclus Economie-Transitie, met als inzet om te komen tot een partij-overstijgend voorstel voor een economie-transitie in de richting van een duurzame / toekomstzekere / robuuste economie. De avond was georganiseerd door het Duurzaamheidsoverleg Politieke Partijen (DoPP) en is in zeker zin een vervolg op Nederland krijgt nieuwe energie.

Vanaf maandag gaat er ook een cyclus van start georganiseerd door het Sustainable Finance Lab over de toekomst van het financiële systeem. En ten derde ontving ik in de inbox een uitnodiging om deel te nemen aan het online onderzoek “duurzaamheidsdialoog financiële sector”. Dat onderzoek maakt deel uit van een verkenning van de manier waarop de financiële sector zich oriënteert op haar bijdrage aan een verduurzamende samenleving. Waar wordt de dialoog over de rol van de sector gevoerd en gevoed? Welke drempels ervaren medewerkers bij het ter sprake brengen van duurzaamheid?

Deelnemen aan het onderzoek kan via: http://www.enqueteviainternet.nl/fs42bt55pe .

Het onderzoek is een initiatief van Marleen Janssen Groesbeek en Wibo Koole, wordt gefinancierd door Agentschap NL en geniet de steun van de Stichting Eumedion (koepel van institutionele beleggers) en NIBE-SVV (opleidingsinstituut van de sector).

Het onderzoek bestaat uit een 25-tal diepte-interviews met topmensen en opinion leaders in en rond de sector, plus een online onderzoek onder duizenden medewerkers. Met de resultaten willen wij in het najaar een founders table bij elkaar brengen die de vorm en scope van een permanent platform voor dialoog (werktitel: Societeit Pure Winst) met elkaar bepalen.Het onderzoek strekt zich uit tot een brede groep stakeholders, waaronder onderwijs, toezichthouders, adviseurs, klanten en maatschappelijke organisaties.

Nu maar hopen dat deze drie initiatieven elkaar (en de vele andere lopende initiatieven) gaan vinden en versterken.

Uit de inbox: Reactie ABP op oliewinning uit teerzand

Eerder deze week schreef ik over de investeringen van ABP in oliebedrijven die actief zijn in de winning van olie uit teerzand. Inmiddels heb ik een reactie van ABP ontvangen. De reactie staat onderaan dit bericht volledig weergegeven. Wat me opvalt is dat ABP net als een aantal jaar geleden aangeeft dat ze bedrijven (in dit geval oliebedrijven) aanspreken om de schade milieu en negatieve effecten voor de lokale bevolking te minimaliseren.

Ik hoop dat dergelijke gesprekken ook consequenties kunnen hebben voor de investeringen van ABP, zoals de ASN en Triodos soms ook besluiten om bedrijven uit hun investeringsuniversum te verwijderen als ze niet voldoen aan de duurzaamheidseisen die deze banken stellen. Afgaande op de  investeringen die ABP nog steeds heeft in het mijnbouwbedrijf Freeport McMoRan kan dat echter nog wel even duren. Milieudefensie organiseerde namelijk in 1997 al een actie tegen de investeringen van ABN Amro in Freeport McMoran. ABN Amro trok zich in 1999 terug uit Freeport McMoran, terwij ABP volgens het overzicht van beursgenoteere deelnemingen het 2e kwartaal van 2010 nog steeds investeringen in Freeport McMoran had.

Bericht van ABP:

Bedankt voor uw e-mail, waarin u aandacht vraagt voor het investeren in oliezanden en andere onconventionele olie. We begrijpen uw zorgen over de bijdrage van (on)conventionele oliewinning aan klimaatverandering.

Ook ABP maakt zich zorgen over de negatieve gevolgen van deze oliewinning. We spreken oliebedrijven dan ook aan om de schade aan milieu en de negatieve effecten voor de lokale bevolking te minimaliseren. Dit houdt in dat onze vermogensbeheerder de betrokken oliemaatschappijen aanspoort om transparant te zijn over de aanpak van milieuproblemen en sociale vraagstukken, inzicht te geven in bijkomende kosten en nieuwe technieken te ontwikkelen om de druk op het milieu (waaronder ook energie- en waterverbruik) te reduceren. Dit wordt gedaan tijdens directe gesprekken met de ondernemingen in kwestie, en tijdens de aandeelhoudersvergaderingen.

Wij zijn van mening dat de winning van olie uit teerzanden een stuk schoner kan door technologische vooruitgang. Met name bij specifieke vormen van oliezandwinning (in-situ) is er veel meer energiebesparing mogelijk. Overigens komt bij deze vorm veel minder afval vrij dan bij open mijnbouw en heeft deze veel minder ingrijpende gevolgen voor het landschap en de natuur. Voor open mijnbouw is in Canada de wetgeving voor oliebedrijven inmiddels strenger geworden, waardoor oliebedrijven gedwongen zijn om het restafval van de oliezandwinning (tailing ponds) op te ruimen. Dit dwingt de bedrijven nu te investeren in onderzoek naar nieuwe technieken.

Wat betreft uw oproep om er bij oliebedrijven op aan te dringen investeringen in duurzame energie te doen: voor ABP geldt dat het in duurzame energie investeert, maar alleen wanneer deze beleggingen gepaard gaan met goede en stabiele rendementen. Die hebben we nodig om onze deelnemers een betaalbaar pensioen te kunnen bieden. Van de ondernemingen waarin we beleggen verwachten we dan ook dat ze soortgelijke eisen stellen aan hun investeringen in duurzame energie. Alleen wanneer ze investeren in rendabele vormen van duurzame energie vormen deze ondernemingen een goede belegging voor een pensioenfonds.

Voor het investeren in duurzame energie is het belangrijk dat er sprake is van helder, betrouwbaar en duurzaam overheidsbeleid. Tijdens de klimaatconferentie in Kopenhagen en wederom bij de recente klimaat top in Cancun hebben we dan ook samen met 150 andere investeerders (verenigd in de Institutional Investors Group on Climate Change) die in totaal $9000 miljard beheren, internationale overheden opgeroepen tot een stringent klimaatakkoord.

Maar gelukkig zien we ook vandaag de dag al beleggingskansen die specifiek aan de aanpak bijdragen van belangrijke maatschappelijke en milieuproblemen, zoals armoede in ontwikkelingslanden en klimaatverandering Daarbij gaat het bijvoorbeeld om bedrijven die biobrandstoffen produceren, schone technologie-ondernemingen of duurzame infrastructuurfondsen (wind- en zonne-energie) maar ook om beleggingen in microfinanciering. We zouden graag meer investeren in dit soort projecten en blijven actief op zoek naar beleggingen met goede en stabiele rendementen.

Wanneer u meer wilt weten over de invulling van het Beleid Verantwoord Beleggen door ABP, dan kunt u daarvoor onze website abp.nl raadplegen

Met vriendelijke groet, namens ABP,
Medewerker Telefoon en E-mail APG

ABP's investeringen in oliewinning uit teerzand

Milieudefensie heeft een onderzoek laten uitvoeren naar investeringen door pensioenfondsen in oliebedrijven die betrokken zijn bij de oliewinning uit teerzand. De winning van olie uit teerzand veroorzaakt behoorlijke milieuproblemen. Milieuproblemen kunnen tot financiële risico’s voor investeerders leiden, zoals de olieramp in de Golf van Mexico vorig jaar zomer duidelijk maakte.

Volgens onderzoek van RiskMetrics in opdracht van Ceres gaat ook de winning van olie uit teerzand gepaard met financiële risico’s voor de betrokken bedrijven, en daarmee voor de investeerders in deze bedrijven. Een onderzoek van RiskMetrics stelt dat de sector als geheel de kosten van herstel van milieuschade kan dragen. Voor de grote oliebedrijven (zoals Exxon en Shell) levert dat geen problemen op, maar het rapport van RiskMetrics stelt wel vraagtekens bij de impact op kleinere oliebedrijven die gespecialiseerd zijn in de winning van olie uit teerzand.

Dat is voor mij reden om het ABP weer eens een mail te sturen over hun beleggingsbeleid, aangezien ik verschillende bedrijven die genoemd worden tegen kom in het beleggingsoverzicht van het tweede kwartaal 2010 (het meest recente overzicht dat ik op de website van ABP tegenkom). Ik heb de standaardbrief van Milieudefensie wel wat aangepast. Ik vind duurzaamheid namelijk belangrijk, maar gezien de uitlatingen van ABP in het verleden en de discussie over de dekkingsgraad van ABP vermoed ik dat daar het financiële argument nog steeds belangrijker is.

U beheert het geld dat ik spaar voor mijn pensioen. Naar aanleiding van berichten in de media en onderzoeken van milieuorganisaties, maak ik mij zorgen over de toekomst van mijn pensioen. Ik wil niet dat mijn pensioengeld wordt belegd ten koste van mens en milieu.

Olieconcerns zijn op zoek naar nieuwe bronnen van olie. Denk daarbij aan olie uit de diepzee en teerzand. Dat kan grote gevolgen hebben voor het milieu, maar ook voor het financiële rendement van mijn pensioenbeleggingen. De olieamp in de Golf van Mexico heeft de koppeling tussen milieurisico’s en financiële risico’s zeer duidelijk gemaakt.

Financieel rendement
Uit een rapport in opdracht RiskMetrics Groupe in opdracht van Ceres blijkt dat de milieuschade door de exploitatie van teerzanden aanzienlijke financiële risico’s met zich meebrengt voor de betrokken oliebedrijven en daarmee voor de investeerders in deze bedrijven.

Acties als WijWillenZon van Urgenda en De Betere Wereld laten zien dat het nu al mogelijk is tegen concurerende tarieven over te schakelen op hernieuwbare energiebronnen.

Wat daarvoor vaakt ontbreekt zijn de financiële middelen. Helaas heb ik het ABP tot op heden niet kunnen betrappen op het steunen van dergelijke toekomstgerichte acties van burgers, waaronder ongetwijfeld ook veel van de deelnemers van het ABP.

Milieu-effect van teerzandwinning
De open dagmijn technieken die gehanteerd worden voor de winning van olie uit teerzand vergt veel energie en lijdt tot grote milieuschade. Niet alleen om klimaatemissies, maar het rapport van RiskMetrics wijst ook op mogelijke vervuiling van oppervlakte- en grondwater als gevolg van de winning en raffinage van teerzandolie.

Investeer in mijn toekomst!
Uit onderzoek is gebleken dat pensioenfondsen 0,3 procent van alle pensioengelden in teerzanden stoppen. Twee miljard euro, die voor mijn toekomst en die van mijn kinderen beter gestoken zouden kunnen worden in duurzame ontwikkelingen, zoals duurzame energie en energiebesparing.

Voor pensioenfondsen zijn projecten met een lange gegarandeerde opbrengst zoals windparken of zonne-energiecentrales een interessant beleggingsobject.

Voor olieconcerns zijn, gezien hun ervaring met grote projecten en hun relatief makkelijke toegang tot de kapitaalmarkt, de meer innovatieve megaprojecten zoals zonneparken in de Sahara uitermate geschikt.

Mijn verzoek

  • Stop uw beleggingen in olieconcerns die blijven kiezen voor nieuwe investeringen in onconventionele olie.
  • Vraag olieconcerns om fors in te zetten op duurzame energievormen.
  • Investeer mijn geld in duurzame (energie) projecten.

Gebruikte bronnen:

Update 9 januari: zie ook de reactie van ABP

Persbericht: Icos Capital, BAM, CSM, Imtech en TU DELFT geven nieuwe impuls aan cleantech innovaties

Via de Technopartner regeling ondersteunt EZ zogenaamd seed-capital fondsen om te investeren in technostarters. Cleantech vormt daar ook een onderdeel van, zoals blijkt uit het persbericht dat Icos Capital, een van de fondsen die deelneemt aan de Technopartner regeling, deze week uitbracht. Icos Capital richt een nieuw fonds op waarin CSM, Koninklijke BAM Groep, TU Delft en Imtech participeren. Dat persbericht wilde ik jullie dus niet onthouden:

Icos Capital, een Nederlandse investeringsfonds gespecialiseerd in schone technologieën (cleantech), heeft samen met een consortium van beursgenoteerde industriële en technologische bedrijven – Koninklijke BAM Groep, CSM en Imtech – en de Technische Universiteit Delft, het cleantech investeringsfonds ICF II (Icos Cleantech early stage Fund II) opgericht. Doel van het fonds is met financiële ondersteuning nieuwe initiatieven voor ‘groene’ technologie op het gebied van energie, voeding, recycling, water en bouw tot goed renderende ontwikkeling te brengen.

Wat is ICF II

Icos Cleantech early-stage Fund II (ICF II) richt zich op patenteerbare eigen technologisch innovaties op het gebied van schone technologieën die oplossingen bieden voor het tegengaan van de gevolgen van klimaatverandering en de schaarste aan grondstoffen. Het fonds beschikt over ruime middelen en zal tot maximaal 2,5 miljoen euro per belegging investeren in verschillende, veelal kleinere, cleantech bedrijven.

Het management van het Fonds is in handen van Icos Capital, een onafhankelijke cleantech investeerder, met partners Nityen Lal, Peter van Gelderen en Fred van Efferink, die een jarenlange ervaring hebben in dit specifieke domein en een bewezen track record in cleantech investeringen. Daarnaast krijgt het fonds industriële expertise en markt knowhow van leidende CEOs, Daan den Ouden, Ger Spruijtenburg, en John Gardner, deze industrie partners hebben aanzienlijke ervaring in het opzetten van Europese cleantech bedrijven.

Voorbouwen op ICF I

Het nieuwe fonds bouwt voort op de successen van ICF I (Icos Cleantech early stage Fund I), waarin zowel Imtech als CSM hebben geïnvesteerd. Jaarlijks is ICF I door meer dan 300 bedrijven benaderd voor mogelijke participatie. Dit biedt de kans alleen de allerbeste investeringen te doen. Zo is geïnvesteerd in technologieën die het mogelijk maken zwaar verontreinigende reststromen om te zetten in energie (i-Res & Ensartech), water uit wind te maken (Dutch Rainmaker) en van schroot de (kopervrije) primaire grondstof ijzer te maken (Resteel).

Nummer 1 in de Technopartner-tender

ICF I en ICF II zijn in respectievelijk 2006 en 2010 door een panel van succesvolle ondernemers en deskundige fondsmanagers uitgeroepen tot de nummer 1 in de Technopartner-tender, georganiseerd door het Nederlandse Ministerie van Economisch Zaken.

Nityen Lal, Managing Director of Icos Capital: “De unieke samenwerking met grote technologische bedrijven zoals BAM, CSM Imtech en de TUD resulteert in waardevolle investeringsbeslissingen waardoor groeiende innovatieve start-ups zich ontwikkelen tot succesvolle internationale cleantech bedrijven.”

Nico de Vries, voorzitter van de Raad van Bestuur van Koninklijke BAM Groep: ”Duurzaamheid en de ontwikkeling van innovatieve duurzame oplossingen vormen prioriteit voor onze organisatie. De beslissing om deel te nemen aan ICF II is complementair aan onze strategie om te werken met innovatieve duurzame technologie. Wij verwachten dat onze betrokkenheid bij ICF II onze kennis over dit nieuwe technologiespectrum verbreedt en de intensiteit van onze activiteiten in deze richting verder vergroot.”

Gerard Hoetmer, CEO CSM: “CSM is constant op zoek naar innovatieve technologieën om de (nutritionele) waarde van producten te vergroten en tegelijkertijd belangrijke doelstellingen ten aanzien van “people – planet – profit” te bereiken. Door onze betrokkenheid in ICF II willen wij onze
technologiehorizon verder verbreden door inzicht te verkrijgen in baanbrekende technologische innovaties in de volle breedte van ons activiteitenspectrum.”

René van der Bruggen, CEO Imtech: ‘’Imtech heeft in verleden ook al geïnvesteerd in het cleantechfund ICF I. Vroegtijdige participatie in duurzame technologische ontwikkeling is voor ons strategisch van belang. Enerzijds biedt dit ons de kans aan te haken bij innovatieve cleantechontwikkelingen. Anderzijds blijkt uit ICF I dat er sprake is van spin-off in de vorm van concrete orders, waarbij Imtech technische oplossingen verzorgt bij projecten die uit de participatie voortvloeien. De kennis die we hiermee opdoen kunnen weer als input dienen voor andere, veelal aan de energiemarkt gerelateerde, projecten. Triple-win dus. Daarnaast kunnen we ook nog rekenen op een goed rendement uit onze investering.’’

Meer informatie is te vinden op de site van Icos Capital.