Europese kolensector in mineur, net als in de VS

 De elektriciteitsproductie door kolencentrales in de EU is vorig jaar met bijna een kwart gedaald ten opzichte van 2018. De daling was het grootst in landen met veel wind- en zonne-energie. Ook werd er in 2019 voor het eerst meer elektriciteit opgewekt met behulp van zonne-energie en windenergie dan met kolen. Dat blijkt uit de jaarlijkse analyse van de elektriciteitsproductie door Sandbag en Agora Energiewende. De wereldwijde malaise in de kolensector is daarmee ook in de EU voelbaar.

Ontwikkeling van elektriciteitsproductie door kolen, wind- en zonne-energie.

De productie van elektriciteit dor kolencentrales in de EU daalt al sinds 2002. De productie van elektriciteit door zon en windenergie stijgt al jaren. Inmiddels wordt er meer stroom opgewekt met behulp van wind- en zonne-energie dan door kolencentrales. Als de dalende lijn van kolen doorzet produceert windenergie alleen meer stroom dan kolencentrales. Sinds 2010 daalde de elektriciteitsproductie van kolencentrales met 10%.

De daling doet zich voor in alle landen van de EU, maar met name in landen met veel groene stroom. In Duitsland daalde de productie van kolenstroom met 58 TWh, waarvan 26 TWh steenkool en 32 TWh bruinkool. Daarmee zet ook de daling van bruinkool nu door. Bruinkoolcentrales stoten meer CO2 uit en hebben dus ook meer last van de gestegen CO2 prijzen. Uniper heeft inmiddels aangeven haar Duitse steenkoolcentrales in 2025 te willen sluiten.

Gas krijgt geen voet tussen de deur

Ondanks de vaak gebezigde opvatting dat aardgas een belangrijke transitiebrandstof is wisten gascentrales de afgelopen jaren niet te profiteren van de afname van elektriciteitsproductie door kolencentrales. De elektriciteitsproductie van gascentrales steeg in 2019 wel, maar ligt nog steeds 1% lager dan in 2010. Ook het aantal nieuw gebouwde gascentrales valt tegen. Wat al duidelijk was uit de problemen die Siemens heeft bij haar gasturbine onderdeel. Een onderdeel dat Siemens probeert te verzelfstandigen en waarvan het de Hengelose vestiging in 2018 verkocht aan VDL. Slechts in een beperkt aantal landen wist gas te profiteren van de daling van kolenstroom.

Verandering in elektriciteitsmix per land 2010-2019

Wat ook opvalt is dat de daling van kolenstroom het grootst is in landen met veel groene stroom. Met name in Denemarken, het Verenigd Koninkrijk en Duitsland daalt de hoeveelheid kolenstroom. Ook in kolenland Polen is de elektriciteitsproductie van kolencentrales gedaald. De productie van wind- en zonne-energie steeg sinds 2010 juist met met 13%. De elektriciteitsproductie van kerncentrales en biomassa/biogas veranderde nagenoeg niet. De elektriciteitsproductie van kernenergie daalde met een kleine 1%, vooral doordat kerncentrales in Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk minder stroom produceerde.

Ontwikkeling CO2 emissie elektriciteitssector

Door de daling van kolenstroom en de daling in het elektriciteitsverbruik is ook de CO2 uitstoot van de elektriciteitssector gedaald. Ten opzichte van 2018 daalde de CO2 emissie van de elektriciteitssector met 12%. De verwachting is dat er dit jaar wederom veel wind- en zonne-energie bij gaat komen in de EU. Sandbag en Agora Energiewende verwachten daarom dat de daling van kolenstroom in 2020 door zal zetten.

Ontwikkelingen in de VS

De situatie in de Verenigde Staten was niet veel beter dan in de EU in 2019. Ondanks Trump’s verkiezingsbelofte om de kolensector te helpen, sloot een fors aantal kolencentrales de deuren. De verwachtingen voor 2020 zijn niet veel beter.

De Energy Information Administration (EIA) verwacht dat het aandeel van kolen in de Amerikaanse elektriciteitsmix de komende vijf jaar terugloopt naar ongeveer 13%. Mogelijk dat er nog wat cadeau’s worden uitgedeeld in de verkiezingstijd om onrendabele kolencentrales open te houden. Het is echter een kwestie van tijd tot goedkopere aardgascentraels, maar vooral ook duurzame elektriciteitsproductie de rol van kolen overnemen in de VS. Daarmee lijkt ook voor de VS de rol van aardgas als transitiebrandstof eindig.

Ontwikkelingen Japan

Japan is een van de weinige resterende landen die snelheid maakt met de bouw van nieuwe kolencentrales. De komende vijf jaar wil Japan 22 nieuwe kolencentrales bouwen. Daarmee zet Japan de geloofwaardigheid van ‘de groen’ Olympische Spelen nog meer onder druk. Eerder werd al bekend dat de waterstof voor de Olympische Spelen geproduceerd gaat worden met Australische bruinkool.

Conclusie

In de EU en in de VS is de neergang van de kolensector in 2019 niet tot staan gebracht en het lijkt er ook niet op dat dat de komende jaren zal veranderen. In de EU zijn er nog slechts 8 lidstaten waar de discussie over de einddatum voor kolen nog moet beginnen, 2 waar de discussie loopt en 16 die een einddatum hebben ergens tussen 2020 en 2038.

Dit bericht is geschreven voor en gepubliceerd op Sargasso.

Klimaatlabel Europese partijen

In mei zijn de verkiezingen voor het Europees Parlement. Climate Action Network Europe heeft het stemgedrag van Europese de Europese fracties geanalyseerd en de partijen op basis van hun stemgedrag ingedeeld in verdedigers, vertragers en dinosaurussen. Van de Nederlandse partijen behoren GroenLinks, Partij voor de Dieren, PvdA en SP tot de verdedigers. Dit zijn de partijen die het meest pro-klimaatbeleid stemmen. D66, CU, CDA, VVD en SGP behoren tot de vertragers. En PVV behoort, niet geheel verrassend, tot de dinosaurussen.

Open waanlink

Dit bericht is geschreven voor en gepubliceerd op Sargasso.

EU: heel Europa ‘van aardgas los’

De Europese Unie heeft een voorstel aangenomen om het gebruik van hernieuwbare energie voor verwarming en koeling vanaf 2021 jaarlijks met 1,3% te vergroten. Daarmee wordt eindelijk de draai gemaakt van hernieuwbare elektriciteit naar warmte en koeling. Niet onbelangrijk aangezien verwarming en koeling goed zijn voor een groot deel van de energievraag in de EU en slechts 18% van de warmte en koude duurzaam is. In Nederland bestond 19% van de totale energievraag in 2017 uit warmte. Waarvan slechts 10% hernieuwbare warmte was, vooral uit biomassa.

Het Europese voorstel laat zien dat Nederland misschien een van de weinige lidstaten is die al bezig is met de omslag van aardgas naar andere bronnen voor verwarming van de gebouwde omgeving, maar dat er wel degelijk gewerkt wordt aan een Europees plan om de omslag naar gas te voorkomen. Of als dat niet lukt er een tijdelijke fase van te maken. Landen als Denemarken, het Verenigd Koninkrijk en Belgiëwerken ook al aan de overstap naar andere warmtebronnen. En ook in de VS zijn plannen om aardgas als warmtebron te vervangen.

Om de EU klimaatdoelen voor 2050 te halen is volgens sommige onderzoekers een verbod op nieuwe gasketels en gasboilers per 2030nodig. Dat verbod is echter voorlopig nog niet in de maak.

Kansen voor de industrie

Een verplichting om het aandeel duurzame warmte en koude vanaf 2021 te verhogen biedt kansen voor de Europese industrie. Zeker voor bedrijven die zich bezig houden met zonnewarmte oplossingen (zonneboilers, heatpipes etc). Zonnewarmte maakt nu nog maar een klein deel van de totale warmtevoorziening uit. Europa exporteert zijn kennis en producten nu vooral naar Zuid-Amerika en China. Terwijl zonnewarmte in zuidelijke lidstaten, zoals Griekenland, volledig in de warmwatervoorziening voor een huishouden kan voorzien. Ook in Denemarken en Oostenrijk zijn grote zonnewarmte systemen te vinden. Grote zonnewarmte systemen kunnen ook een rol spelen bij het leveren van warmte aan een warmtenet, zoals bijvoorbeeld bij Nagele in balans, een van de 27 proeftuinen voor aardgasvrije wijken, de bedoeling is.

Dit bericht is geschreven voor en gepubliceerd op Sargasso.

De economische opleving van Portugal

Portugal was een van de landen die getroffen werd door de Europese schuldencrisis. De economie kromp, lonen werden verlaagd en de werkloosheid verdubbelde. De overheid stemde in met een Europees steunpakket. Toen de crisis zich verdiepte schoof de regering de scherpste bezuinigingsmaatregelen uit het steunpakket, waardoor de economie weer aantrok. In The New York Times een uitgebreide rapportage van het land dat zoals Premier António Costa in een interview zei:

What happened in Portugal shows that too much austerity deepens a recession, and creates a vicious circle, We devised an alternative to austerity, focusing on higher growth, and more and better jobs.

Open waanlink

Dit artikel is eerder verschenen als open waanlink op Sargasso.

Zijn eisen aan de scheepvaart slecht voor de economie?

De Club van 30 had gisteren een artikel staan over de effecten van de nieuwe luchtkwaliteitseisen voor de zeescheepvaart op het Nederlandse bedrijfsleven. Volgens de nieuwe luchtkwaliteitseisen het zwavelgehalte van scheepsbrandstoffen wereldwijd dalen, waarbij er aanvullende eisen gesteld kunnen worden in zogenaamde SECA gebieden. Waar de Noordzee ook toe behoort. Bernard ‘duurzaamheid is innovatie‘ Wientjes stelt volgens de Club van 30 in een brief aan Staatssecretaris Atsma dat deze aanvullende maatregelen slecht zijn voor de scheepvaart en voor de staal en papierindustrie in Nederland. Om te beoordelen of dat klopt lijkt het me verstandig om te bezien wat de maatregelen inhouden, welke redenen er zijn voor de maatregelen en mogelijke alternatieve maatregelen om de doelen te halen.

Wat houden de maatregelen in?

Volgens de Europese Commissie (pdf) betekenen de afspraken een afname met 4,50 gewichtsprocent van zwavelgehalte van scheepsbrandstoffen:

  • een afname van het zwavelgehalte tot 3,50 gewichtsprocent tegen 1 januari 2012;
  • een afname van het zwavelgehalte tot 0,50 gewichtsprocent tegen 1 januari 2020, behoudens herziening in 2018, met  mogelijk uitstel tot 2025.

Voor de zogenaamde SECA’s (waaronder dus de Noordzee) gaat het om een afname met 1,50 gewichtsprocent  van het zwavelgehalte van alle  scheepsbrandstoffen die worden gebruikt binnen SECA’s

  • tot 1,00 % tegen 1 juli 2010;
  • tot 0,10 % tegen 1 januari 2015;

Waarom is de maatregel nodig?

In 2001 hebben de lidstaten van de EU zich gecomitteerd aan de het programma schone lucht voor Europa (Clean Air For Europe). Het einddoel daarvan is dat de luchtkwaliteit dusdanig moet verbeteren dat er geen merkbaar effect meer is van luchtverontreiniging op gezondheid en milieu.

Om de doelstellingen uit CAFE te bereiken worden de luchtverontreinigende emissiesbinnen de Europese Unie vanuit verschillende hoeken gereguleerd. Aan de ene kant gebeurd dit door grenzen te stellen aan de hoeveelheid emissies, de concentratie van luchtverontreinigende stoffen en de neerslag (deposito) van luchtverontreinigende stoffen. Aan de andere kant worden de luchtverontreinigende emissies gereguleerd door bronbeleid.

De absolute hoeveelheid emissies per land worden begrensd door de Nationale Emissieplafonds uit de Nationale Emissie Plafond-richtlijn, waar de luchtvaart en zeescheepvaart niet onder vallen. De maximale concentratie luchtverontreiniging op een bepaald tijdstip op een bepaalde plaats wordt begrensd door de Kaderrichtlijn Luchtkwaliteit, waar luchtverontreiniging veroorzaakt door de luchtvaart en zeescheepvaart wel meetelt. De hoeveelheid neerslag van luchtverontreinigende stoffen wordt in bepaalde gebieden gereguleerd door natuurwetgeving (Natura 2000).

De afgelopen decennia hebben grote reducties in luchtverontreingende emissies plaatsgevonden, waardoor de luchtkwaliteit aanzienlijk verbeterd is. Zo wordt de luchtkwaliteitsnorm voor zwaveldioxide al jaren gehaald (bron: Compendium voor de Leefomgeving). Tegelijkertijd zijn er nog aanvullende maatregelen nodig om de lange termijn doelstellingen van CAFE te halen (bron: kamerbrief Milieubeleid industrie na afloop milieuconvenanten).

Met het huidige zwavelgehalte (1,5 %) was de zeescheepvaart op het Nederlands deel van de Noordzee in 2009 goed voor 51% van de zwaveldioxide-emissies (SO2) (bron Compendium voor de Leefomgeving). Bij een verwachte toename van de zeescheepvaart neemt de emissie van SO2 door de zeescheepvaart de komende jaren verder toe. Voor een beeld van het huidig effect van de zeescheepvaart op de SO2 emissies zie dit artikel in The Guardian.

Alternatieve maatregelen

Natuurlijk is het mogelijk om de doelstellingen op een andere manier te halen. Industrie, landbouw en wegverkeer hebben de afgelopen 30 jaar echter al grote stappen gemaakt in het verlagen van hun luchtverontreinigende emissies, met name de emissies van SO2 zijn fors gedaald. Extra reductie in die sectoren is daarmee relatief duur. De scherpere eisen aan brandstoffen op de Noordzee zijn naar mijn mening dan ook een logische stap om de emissie van zwaveldioxide op het Nederlands grondgebied verder te verlagen en passend bij het principe de vervuiler betaalt. Tenzij de voorman van VNO-NCW bedoelt dat de doelstellingen uit CAFE aan de wilgen gehangen moeten worden…?

Nederland modderland, belemmeringen voor duurzame innovaties

Gisteravond heb ik Goudzoekers zitten kijken. De aankonding van de aflevering Nederland Modderland beloofde veel:

Nederland dreigt de boot weer eens te missen. Het zou als ondernemend, duurzaam en vernieuwend land weer op de kaart gezet worden -dat was wat Balkenende voor ogen had, toen hij in 2003 het Innovatie Platform oprichtte. Hoe is het nu met dat ‘swingende kennisland’?

De start was ook goed met Ruud Koornstra en Igor Kluin die uitlegde op welke wijze zij hun onderneming runnen en tegen welke belemmeringen ze daarbij aan lopen. De anekdote van Igor Kluin over een manager van een netwerkbedrijf dat het product van Qurrent onzinnig vind legt meteen de vinger op een van de zere plekken van de transitiefanfare.

Desondanks kon de uitzending de belofte van de aankondiging naar mijn mening niet waarmaken. Zoals ik tijdens de uitzending al tweette vond een van de interviewers luchtgitaar spelen helaas belangrijker dan doorvragen aan de geëmigreerde ondernemer welke belemmeringen in regelgeving voor startups zijn vertrek naar de VS veroorzaakt hadden. Gelukkig maakte Frans Nauta het nog goed door voor te stellen om alle hoogleraren voortaan nog maar 9 maanden salaris te geven en ze de andere 3 maanden bij te laten klussen ter meerdere eer & glorie van het ‘algemeen belang’ (of ordinair gezegd: bijscharrelen om zorg te dragen voor voldoende nieuwe en innovatieve bedrijvigheid in profit of non-profit hoek).

Onderzoek naar belemmeringen

Ik wil niet beweren dat ik alle antwoorden heb op belemmeringen voor (duurzame) innovaties in Nederland. Op gebied van duurzame innovaties zijn er inmiddels al wel voldoende rapporten en onderzoeken verschenen die houvast bieden. Een makkelijk weg te lezen start vormt het rapport Koplopersloket Schone Energie (pdf  hier) uit 2009 van Rebelgroup. Degelijkere werkjes (vooral ook dikker, saaier en wetenschappelijk verantwoorder) zijn gemaakt in opdracht van de Europese Commissie, DG Enterprise. Bijvoorbeeld de Study on the Competitiveness of the EU eco-industry (2009) of de studie naar milieuschadelijke subsidies uit 2010.

De conclusies en aanbevelingen komen ruwweg overeen en bevatten vaak onderdelen van de volgende waslijst:

  • zorg voor een gelijk speelveld tussen duurzaam en niet-duurzaam (dus bouw milieuschadelijke subsidies en/of ondersteuningsregelingen af);
  • zorg voor voldoende geld / financiering;
  • zet de inkoopmacht van de overheid in;
  • neem hindernissen in regelgeving weg;
  • zorg voor kennisoverdracht tussen klant en leverancier van duurzame producten/diensten;
  • zorg voor een goede Europese markt voor duurzame innovaties, de Nederlandse markt is te klein om van schaalvoordelen te profiteren (dus zet in op Europese standaarden);
  • een eigen thuismarkt is van groot belang om tot export te kunnen komen (‘eat your own dogfood’).

Alternatieve opvattingen

Natuurlijk vind niet iedereen dat bovengenoemde punten recht doen aan de knelpunten die er bestaan op gebied van duurzame innovaties. Als je daar in geïnteresseerd bent raad ik je aan om eens rond te neuzen in de archieven van de LinkedIn groep Innovatie 2.0 of in het archief van het weblog van Wouter de Heij.