Volkskrant: Waarom tankers ongehinderd gifstoffen verspreiden

In De Volkskrant van 1 april besteedde Toine Heijmans aandacht aan varend ontgassen, of beluchten van de tanks zoals de branche het liever lijkt te noemen.

Nu is ontgassen verboden door de provincie maar de schepen ontgassen door. De Lek is rijkswater en het rijk handhaaft niet omdat eerst een internationaal verdrag moet geratificeerd – zo zit het ongeveer.

Maanden, jarenlang melden bij DCMR zorgde er voor de bewoners enkel voor dat ze werden verwezen van het kastje naar de muur. Ook contact met het ministerie leidde niet tot een oplossing voor de overlast. Een voor mij bekende situatie, want voordat ik mijn eerste publicatie over varend ontgassen op Sargasso plaatste was ik al zeker twee jaar bezig met autoriteiten aanspreken op hun verantwoordelijkheden. Wat niet lukte, want de verantwoordelijkheid in dit dossier is vakkundig weggewerkt.

Of zoals Heijmans concludeert:

Dit land is in staat iedereen te bekeuren die een kilometer per uur te hard rijdt, die een dag te vroeg met zijn kinderen op vakantie gaat, die een ondermaatse vis vangt, zwemt bij een brug, wandelt buiten de paden, Utrecht binnengaat met een oude diesel – en wie niet tijdig zijn boetes betaalt krijgt daar weer boetes voor.

Maar tankers die chemische wolken uitblazen: ingewikkeld.

Ondertussen stemt de Rotterdamse gemeenteraad vanavond over het VVD plan om een pilot te starten met handhaving van het provinciaal ontgasverbod uit 2015.

Begin maart heeft Sargasso daarover onderstaande vragen gesteld aan de VVD-fractie van Rotterdam:

  1. Waarom schroeft de VVD de ambities voor de regiodeal terug van de provincies Zuid-Holland en Noord-Brabant naar enkel de regio Groot-Rotterdam?
  2. Waarom noemt de VVD de regiodeal uit 2014 niet, terwijl gedeputeerde Baljeu als havenwethouder betrokken was bij de totstandkoming van deze regiodeal?
  3. Heeft de VVD fractie navraag gedaan bij de gemeente of provincie naar de resultaten van de regiodeal uit 2014?

Daar hebben we nog geen antwoord op ontvangen.

Open waanlink

Dit bericht is geschreven voor en gepubliceerd op Sargasso.

Wie gaat de regels voor ontgassen uit het ADN vanaf 1 juli handhaven?

De VVD Rotterdam diende een paar weken geleden het initiatiefvoorstel regiodeal varend ontgassen voor de regio Groot-Rotterdam in. Doel van deze regiodeal is om medio 2019 starten met het handhaven van het provinciaal verbod op ontgassen in de regio Groot-Rotterdam (zie deze pdf). Bestudering van de wijziging van het verdrag voor vervoer van gevaarlijke stoffen over water (het ADN) en navraag bij experts leert Sargasso dat de regiodeal bij voorbaat achterhaald is. De nieuwe regels uit het ADN verbiedt het varend ontgassen van alle stoffen per 1 juli 2019.

Handhaving in drukbevolkte gebieden

De Gelderse Gedeputeerde Bea Schouten deed vorige week een oproep aan minister Cora van Nieuwenhuizen (I&W) om zo snel mogelijk een landelijk verbod in te voeren op varend ontgassen. De Gelderlander schreef afgelopen weekend dat minister Cora van Nieuwenhuizen heeft geantwoord dat er na de zomer vooruitlopend op een landelijk verbod op varend ontgassen een brede handhavingsactie tegen varend ontgassen in dichtbevolkte gebieden wordt ingesteld. Dit moet vooruitlopen op het landelijk verbod, dat waarschijnlijk vanaf 2020 gefaseerd wordt ingevoerd.

Bij de brede handhavingsactie zijn Rijkswaterstaat, politie, de Inspectie voor de Leefomgeving, regionale handhavers en havendiensten betrokken. Deze acties zullen in verschillende regio’s gehouden worden, mogelijk ook in Gelderland.

ADN

Na een tip van de vereniging Stop Ontgassen ben ik voor Sargasso dieper in het zogenaamde ADN verdrag gedoken. In dit verdrag zijn regels voor het vervoer van gevaarlijke stoffen over water vastgelegd. De nieuwste versie van het ADN is per 1 januari 2019 van kracht in Nederland. Het ADN kent een overgangsperiode van 6 maanden totdat de regels gehandhaafd gaan worden. In hoofdstuk 7 artikel 7.2.3.7.1.1 tot en met 3 staat beschreven aan welke voorwaarden voldaan moet worden om vanaf 1 juli 2019 te mogen ontgassen (varend of bij een ontgassingsinstallatie).

Volgens de nieuwe ADN regels mag ontgassen, beluchten en inertiseren enkel nog via het manifold van het schip (het leidingennet tussen de tanks en naar de laadpunten). Bij de task force groep varend ontgassen is bekend dat de eerste 2 uur 200.000 miligram/m3 wordt uitgestoten, dat is hoger dan de in het ADN toegestane concentratie. De nieuwe ADN regels geven daarom de voorkeur aan gesloten systemen om te ontgassen, of aan het aanzuigen van schone lucht via het manifold. Deze nieuwe regels zijn onder andere ontwikkeld op basis van werkgroep paper 2017/47 (pdf), dat is opgesteld door het ministerie van Infrastructuur en Water, het Centraal Bureau voor de Rijn- en Binnenvaart (CBRB) en de European Barge Union (UBU). Ze kunnen dus niet geheel onbekend zijn op het ministerie van I&T. Onderstaande video, van het ministerie, het CBRB en de EBU, legt uit hoe de nieuwe regels werken:

Het ADN legt de verantwoordelijkheid voor verantwoord ontgassen bij de verlader. Deze is namelijk opdrachtgever en eigenaar van de lading, dus ook van de resterende damp. Dat eigenaarschap is belangrijk bij vergunningverlening en handhaving, want dat betekent dat omgevingsdiensten via de ketenverantwoordelijkheid maatregelen in de milieu/omgevingsvergunning van verladers kunnen opnemen:

Tegelijkertijd hebben omgevingsdiensten een mogelijkheid om verladers, tankopslagbedrijven, chemiebedrijven en raffinaderijen, via de ketenverantwoordelijkheid aan te zetten tot het verantwoord laten ontgassen van schepen die in hun opdracht lading vervoeren. Zeker voor de categorie zeer zorgwekkende stof, zoals benzeen (dat volgens RIVM een emissiegrenswaarde van 1 mg/m3 en massagrenswaarde van 2,5 gram per uur heeft), waarvoor een minimalisatie en een 5 jaarlijkse informatieplicht geldt op basis van artikel 2.4 lid 2 en artikel 2.4 lid 3 van het Activiteitenbesluit. Een ambtenaar van het ministerie van I&W gaf daarover jaren terug onderstaande redeneertrend af:

Is de damp van de verlader, dan geeft deze kennelijk impliciet opdracht om zíjn dampen te laten ontgassen door de schipper. Daarmee is het in principe een emissie van de verlader, uitgevoerd door een derde partij. Ben benieuwd, wat het Wm-bevoegd gezag dáár van vindt…

In dat geval kan de omgevingsdienst de verladers aanpakken op hun verantwoordelijkheid voor de emissies.

In normaal Nederlands: in de milieuvergunning kunnen omgevingsdiensten verladers aanspreken op hun ketenverantwoordelijkheid, zoals dat in 2009 ook al is gedaan met gegaste containers. Het zijn ook de omgevingsdiensten die de sleutel in handen hebben als het gaat om het vergunnen van voldoende ontgassingsinstallaties. Daarvoor hoeft niet gewacht te worden op een pilot vergunning aan Shell, daar kan DCMR al meteen Mariflex uit Vlaardingen bij betrekken. Ook voor de Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied is er weinig reden om te wachten met het vergunnen van ontgasssingsinstallaties, aangezien het Havenbedrijf Amsterdam al in 2013 betrokken was bij proeven van Specialised Tanker Services (STS) met een ontgassingsinstallatie.

Handhaving ADN

De grote vraag is nu hoe de hoe omgevingsdiensten, het landelijk korps politiediensten (KLPD), Inspectie Leefomgeving en Transport (IL&T) en Rijkswaterstaat de handhaving vanaf 1 juli gaan regelen. Hoe gaan ze controleren of de op een schip aanwezige apparatuur in staat is om varend ontgassen volgens de nieuwe ADN regels veilig uit te voeren?  En hoe wordt dit gehandhaafd?

Waarschijnlijker is dat de nieuwe ADN regels varend ontgassen sterk bemoeilijken en dat ontgassen bij een daartoe aangewezen ontgassingsinstallatie noodzakelijk gaat zijn. Het ADN kent in dat geval een simpele methode om te controleren of een schip verantwoord ontgast is. Een schip dat vluchtige organische stoffen vervoert draagt namelijk een speciale markering. Deze mag pas verwijdert worden als de tanks minder dan 20% LEL aan damp bevatten. Dit is vaak ook een eis van een nieuwe verlader voordat een nieuwe lading aangenomen kan worden. Een schipper heeft er dus belang bij om van zijn resterende dampen af te komen.

Het ADN stelt ook dat er een checklist moet worden ingevuld door schipper en ontgassingsinstallatie voordat er verantwoord ontgast mag worden. Dit biedt toezichthoudende instanties een simpel administratief aangrijpingspunt om na te gaan of er verantwoord ontgast is. Voor iedere keer dat een binnenvaartschip zijn markering verwijdert dient de schipper dan namelijk een bewijs te overleggen dat er verantwoord ontgast is.

Omgevingsdiensten kunnen aan verladers de eis opleggen dat deze aan moet kunnen tonen dat een binnenvaarttanker, die in hun opdracht vluchtige organische stoffen vervoert heeft, volgens de regels van het ADN ontgast is. Dat kan m.b.v. de checklist voor verantwoord ontgsssen uit het ADN in combinatie met een ontgassingscertificaat. In digitale tijden als deze zou het weinig moeite moeten kosten om die gegevens op te nemen in het elektronisch milieujaarverslag dat bedrijven toch al aan dienen te leveren.

Conclusie

Binnenvaarttankschepen kunnen niet voldaan aan de voorwaarden waaronder varend ontgassen vanaf medio 2019 wordt toegestaan. Hiermee ontstaat de facto een verbod op varend ontgassen voor nagenoeg alle stoffen. Dit zorgt ervoor dat de regiodeal van de VVD, die medio 2019 in moet gaan, en de bestaande provinciale ontgasverboden vanaf 1 juli 2019 irrelevant. De brede handhavingsacties van het rijk in dichtbevolkte gebieden (nog steeds een ongedefinieerde term in de wet) lijken dan ook niet de juiste aanpak. De echte vraag is waarom omgevingsdiensten, het landelijk korps politiediensten (KLPD), Inspectie Leefomgeving en Transport (IL&T) en Rijkswaterstaat de handhaving van de regels voor ontgassen uit het ADN vanaf 1 juli 2019 niet ter hand nemen. Deze vraag is ook gesteld aan het Ministerie van I&W, maar ik heb hier nog geen antwoord op ontvangen.

Dit bericht is geschreven voor en gepubliceerd op Sargasso.

Regiodeal varend ontgassen 1.0 vs 2.0. Zoek de verschillen

Vorige week maakte de VVD een plan bekend om regionaal samen te werken aan het tegengaan van varend ontgassen. Te beginnen in de regio Groot-Rotterdam, zie ook dit eerdere bericht. Sargasso dook in haar eigen archieven en kwam een soortgelijk initiatief tegen uit 2014 van de provincies Noord-Brabant, Zuid-Holland en het toenmalig ministerie van Infrastructuur en Milieu. Tijd om de initiatieven te vergelijken en vragen te stellen.

Regiodeal 1.0: 2014

In 2014 stelde het nieuwsbericht van het ministerie het volgende over de regiodeal:

Het ministerie van Infrastructuur en Milieu, de provincies Noord-Brabant en Zuid-Holland en de gemeente Rotterdam hebben bestuurlijk overeenstemming bereikt over het terugdringen van ontgassingen door varende binnenvaartschepen.

(…)

Overeenstemming is er over de uitwerking van een samenhangend pakket van internationale, nationale, regionale en lokale maatregelen. De maatregelen bestaan uit een convenant met het bedrijfsleven op nationaal en regionaal niveau en verbodsbepalingen in internationale, nationale, regionale en lokale regelgeving. Het pakket treedt vanaf 2015 in werking en is naar verwachting in 2018-2020 volledig gerealiseerd. Samenwerking met andere overheden, met name provincies, waarvoor dit pakket van maatregelen ook relevant kan zijn, wordt gezocht.

(…)

Het pakket van de gezamenlijke aanpak bestaat dus uit:

a.   Nationaal convenant (green deal) door ministerie van Infrastructuur en Milieu met branche-organisaties per 1 januari 2015 in te gaan voor benzeen en start onderzoek aanpak benzeenhoudende vluchtige stoffen.

b.   Verbod op ontgassingen te regelen via de provinciale milieuverordening van provincie Noord-Brabant en provincie Zuid-Holland voor benzeen per 1 januari 2015 en benzeenhoudend per 1 januari 2016.

c.   Regionaal convenant (regionaal afsprakenkader Rijnmond) waarin voor het Rijnmondgebied afspraken worden gemaakt tussen onder meer Havenbedrijf Rotterdam, Deltalinqs, en individuele  bedrijven over het terugdringen van ontgassingen en het realiseren van techniek om ontgassingen te kunnen uitvoeren.

d.   Nationaal verbod op benzeen. Inzet ministerie van Infrastructuur en Milieu vooruitlopend op CDNI verdrag. Zodra er in CDNI kader internationaal voldoende overeenstemming is om over te gaan tot een CDNI-verbod is er basis voor een nationaal verbod op het ontgassen van benzeen en van  nog te bepalen andere zeer zorgwekkende vluchtige stoffen.

Regiodeal 2.0: VVD plan voor regio Groot Rotterdam

Net als bij de eerste regiodeal is Jeanette Baljeu betrokken. In 2014 als havenwethouder van Rotterdam, inmiddels als gedeputeerde voor de VVD in de provincie Zuid-Holland. Het initiatiefvoorstel van de VVD doet 4 aanbevelingen:

Aanbeveling 1
Te lobbyen bij de Minister van Infrastructuur en Waterstaat om vooruitlopend op het landelijke verbod op varend ontgassen al medio 2019 een verbod op varend ontgassen in de regio Groot-Rotterdam in te voeren. Onder deze regio valt Rotterdam-Rijnmond en de gehele Krimpenerwaard. Het verbod wordt gehandhaafd door I&W in samenwerking metde provincie Zuid-Holland, DCMR en Havenbedrijf Rotterdam en bij overtreding dus ook echt beboet.

Aanbeveling 2
Tegelijkertijd met de pilot op het verbod op varend ontgassen, via een pilot van ten minste twee jaar beperkingen wegnemen voor het plaatsen, testen en het volledig in gebruik nemen van ontgassingsinstallaties, in de regio Groot-Rotterdam.

Aanbeveling 3
Via de staatssecretaris van I&W te realiseren dat de uitstoot gaat worden geoormerkt als restproduct en in samenwerking met de provincie Zuid-Holland te regelen dat het vergunningstraject voor de realisatie van de ontgassingsinstallatie zo eenvoudig mogelijk gehouden gaat worden.

Aanbeveling 4
In samenwerking met het Havenbedrijf Rotterdam geschikte locaties toe te wijzen, in kaart te brengen welke bedrijven hieraan willen meewerken en het maken van een sluitend administratiesysteem.

Vragen bij de oude en de nieuwe regiodeal

Het lezen van de twee regiodeals roept een hoop vragen op. Hieronder de belangrijkste:

  1. Wat is er terecht gekomen van de regionale samenwerking uit 2014 en is de nieuwe regiodeal geen herhaling van zetten?
  2. Wat is er gebeurd is met het nationaal convenant, de Green Deal  die per 1 januari 2015 in zou gaan?
  3. Waarom keerde het ministerie zich vorig jaar in antwoord op Kamervragen tegen de provinciale ontgasverboden, terwijl provinciale ontgasverboden onderdeel uitmaakte van de regiodeal uit 2014?
  4. Waarom is het DCMR sinds 2014 niet gelukt om milieuvergunningen voor ontgassingsinstallaties, anders dan Rubis, af te geven?
  5. Waarom wordt er momenteel door DCMR wel gewerkt aan een milieuvergunning voor een ontgasssingsinstallatie voor Shell en is deze voor Mariflex in Vlaardingen nog steeds niet gerealiseerd?
  6. Waarom schroeft de VVD de ambities voor de regiodeal terug van de provincies Zuid-Holland en Noord-Brabant naar enkel de regio Groot-Rotterdam?
  7. Waarom noemt de VVD de regiodeal uit 2014 niet, terwijl gedeputeerde Baljeu als havenwethouder betrokken was bij deze regiodeal?

Tegen de tijd dat er antwoorden zijn zal ik die hier publiceren. Vooralsnog heeft de VVD niet gereageerd op de vraag wat het verschil is met de regiodeal uit 2014:

Tot die tijd: vul gerust aan met uw eigen vragen in dit taaie, stropigere dossier.

Dit artikel is geschreven voor en gepubliceerd op Sargasso.

Schippers ontduiken ontgasverbod

Sinds 2017 is varend ontgassen van benzeen verboden in de provincie Gelderland, maar rederij Jaegers Shipping geeft er expliciet opdracht voor, blijkt uit documenten die in handen zijn van De Gelderlander.

Ook andere grote rederijen pushen om te ontgassen, ongeacht provinciale verboden

zegt een schipper met gewetensbezwaren tegen De Gelderlander. Op een plattegrond van Gelderland die bij de instructies voor schippers is gevoegd, staat met rood gemarkeerd waar de schippers hun tanks moeten luchten: op de Waal en de Rijn, met uitzondering van de dichtbevolkte gebieden rond Arnhem, Nijmegen en Tiel.

In een reactie aan De Gelderlander stelt Jaeger dat ze niet op de hoogte was van het provinciaal ontgasverbod in Gelderland en dat de interne procedures inmiddels zijn aangepast.

Open waanlink

Dit bericht is geschreven voor en gepubliceerd op Sargasso.

Provinciaal ontgasverbod: bewoners blij gemaakt met een dode mus

Deze week maakte de VVD Rotterdam en Zuid-Holland een nieuw plan bekend om ontgassen door de binnenvaart te verbieden in Zuid-Holland. Arno Bonte, GroenLinks wethouder in Rotterdam, was op twitter blij met het plan. Wie het plan leest vraagt zich echter vooral af wat het provinciaal ontgasverbod uit 2015 voorstelt. Het enige goede nieuws voor bewoners van Zuid-Holland is dat uit instructies van de Duitse reder Jaeger Shipping blijkt dat haar schippers opdracht hebben om niet in Zuid-Holland, maar in Gelderland te ontgassen. Aantal geconstateerde overtredingen in Gelderland sinds de invoer van het provinciaal ontgasverbod in 2017: 1. De Gelderlander constateert dan ook droogjes dat ook het Gelders provinciaal ontgasverbod een wassen neus is. Inmiddels reageren Gelderse politici boos op de nieuwste berichtgeving over ontgastoerisme en roeren bewoners zich met verhalen over stankoverlast.

VVD plan voor ontgasverbod

Dieke van Groningen, VVD raadslid in Rotterdam, heeft een initiatiefvoorstel gelanceerd. Het probleem van het varend ontgassen valt volgens het initiatiefvoorstel uiteen in vier delen (1) handhaven en beboeten, (2) praktische voorzieningen, (3) vergunningen en (4) betaalbaarheid.

Het handhaven en beboeten in de Rotterdamse wateren is volgens de VVD zeer lastig, omdat Rijkswateren niet onder de verantwoordelijkheid van de provincie Zuid-Holland vallen. Het ontbreken van een landelijk verbod maakt dat er geen urgentie is om op Rijkswateren te handhaven. Een punt waar Sargasso ook al meermalen op heeft gewezen en navraag over heeft gedaan.

De VVD stelt ook dat er sinds de invoering van het Provinciale verbod, de afgelopen jaren een stagnatie rond het ontgassingsdossier is opgetreden op het vlak van de ontgassingsfaciliteiten aan de kade. In het Rotterdamse havengebied heeft Rubis een vergunning om schepen van derden te kunnen ontgassen. Deze installatie heeft echter een beperkte capaciteit. Daarnaast is het mogelijk om in Moerdijk schepen te laten ontgassen. Deze twee plekken zijn lang niet voldoende zodra het landelijk verbod is ingevoerd.

In 2015 berichtte we op basis van een lokale nieuwssite dat DCMR geen daling van het aantal ontgassingen waarnam. Wat vervolgens door DCMR ontkend werd. De combinatie van de constatering van de VVD dat het ontbreekt aan handhaving, dat het aantal praktische voorzieningen om verantwoord te ontgassen beperkt is en de nauwelijks dalende cijfers van Emissieregistratie roept de vraag op of er meer rederijen zijn die net als Jaeger Shipping een instructie hebben waar schippers varend moeten ontgassen worden.

Vergunningverlening aan ontgassingsinstallaties

In zijn Kamervragen vraagt Remco Dijkstra in navolging van de aanbevelingen van de VVD fractie in Rotterdam om een pilot voor tenminste twee jaar voor het plaatsen, testen en volledig in gebruik nemen van ontgassingsinstallaties, waarbij de inzet is de uitstoot te minderen en te oormerken als restproduct en waarbij het vergunningstraject zo eenvoudig mogelijk wordt gehouden. In het plan schrijft de Rotterdamse VVD daarover:

De grootste bottleneck bij het realiseren van voorzieningen is gelegen in het emissie- en vergunningenvraagstuk. Hoe moeten we de lading die wordt ontgast definiëren; als restproduct of als restafval? De omgevingsdiensten en Inspectie Leefomgeving en Transport (IL&T) categoriseren dit als afval, terwijl in het CDNI staat dat het restproduct zou betreffen. In het geval van afval zijn de vergunningstrajecten vele malen complexer. Daarbij moet de Provincie zich dan uitspreken over de emissie. Ook is het hergebruik van grondstoffen complexer, omdat dit onder afvalstoffen regelgeving niet of slechts beperkt is toegestaan.

De pilot die dient om de capaciteit aan ontgassingsinstallaties te vergroten en de vragen van de Remco Dijkstra vragen niet naar de concrete problemen waar twee ontgassingsinstallaties in de regio Rijnmond, in Amsterdam en in Gelderland tegenaan lopen. Deze installaties krijgen slechts sporadisch een ontheffing om hun ontgassingsinstallatie te testen. De Don Quichote (door GreenPoint Marine Services gebouwd met subsidie van het Havenbedrijf Rotterdam) heeft 9 maanden moeten wachten op toestemming voor een tijdelijke vergunning, waarbij de inspectie Leefomgeving en Transport een grote hobbel bleek. Deze inspectie had ook in 2013 al moeite met mobiele installaties. Want al in 2013 kreeg Sargasso interne correspondentie van IL&T in handen waaruit het verzet tegen het gebruik van mobiele ontgassingsinstallaties blijkt (let ook even op de hoeveelheden teruggewonnen product per schip waar hierover geschreven wordt in interne mailings, die zijn een factor hoger dan CE Delft en RIVM in hun rapportages hanteren):

De firma X is eigenaar het z.g. ontgassingsysteem van bedrijf Y.

Al zo’n 6 jaar ben ik namens ILT betrokken bij de ontwikkeling van deze mobiele ontgassings-unit.

De toepassing aan de walzijde, statisch dus, heeft zich inmiddels bewezen.

Mobiele toepassing ( in een ladingruim van een schip of op een ponton) stuit nog steeds op grote bezwaren. Per ontgassing wordt zo’n 4000 liter zuiver product teruggewonnen dat opgeslagen en vervoerd moet worden.

Ongeveer 2 maanden geleden is er overleg geweest met  Beleidskern van I en M, ILenT en klassebureau Z als vertegenwoordiger van Y.

Opnieuw is vastgesteld dat er ernstige bezwaren zijn ( regeltechnisch en veiligheid) dat de mobiele toepassing van het systeem niet wordt ondersteund.

Om kort te gaan… Y mag de ontgassingsunit gerust op een ponton plaatsen maar er mag GEEN ontgassing van een binnenvaartschip met gevaarlijke stoffen plaatsvinden.

Vragen blijven onbeantwoord

IL&T gaf op vragen van Sargasso enkel algemene antwoorden, maar heeft tot op heden de vervolgvragen onbeantwoord gelaten. Het Havenbedrijf Amsterdam heeft namelijk een proef uitgevoerd met een mobiele unit voor het ontgassen van binnenvaarttankschepen. Voor de goede orde en de liefhebber van vragen stellen herhaal ik onze vervolgvragen hieronder:

Begrijp ik het goed dat het Havenbedrijf Amsterdam zich volgens u in laat met illegale activiteiten?
Zo ja, welke regels worden er overtreden? Uw antwoord ‘Het ontgassen van ladingtanks met behulp van mobiele units op pontons is uit het oogpunt van regelgeving niet toegestaan.’ is te algemeen om mee uit de voeten te kunnen. Graag wetsartikel en/of AMVB en artikelnummer waar u het bestaande ‘verbod op ontgassen met behulp van mobiele units op pontons’ op baseert en op basis waarvan u dit verbod handhaaft.

Ik hoor ook graag van u of uw inspectie er vanwege achterlopende regelgeving kiest voor het in de lucht blazen van schadelijke gassen (benzine, benzeen, tolueen) met bijbehorende gezondheidsschade voor de omgeving in plaats van voor het (onder voorwaarden) gedogen van een schoon alternatief?

Indien het Havenbedrijf Amsterdam naar uw mening niet in overtreding is hoor ik graag op basis van welke uitzondering in uw regelgeving u de proef in Amsterdam toestaat en waarom deze constructie niet mogelijk is in de Rotterdamse haven?

De andere installatie in de Rotterdamse haven die niet voorkomt in de VVD stukken is die van maritiem dienstverlener Mariflex in Vlaardingen. Ook zij lopen aan tegen problemen in de vergunningverlening bij DCMR en IL&T. Walter van de Pluijm, sales director bij Mariflex, beklaagde zich in oktober 2018 al tegen het blad Mainport dat Mariflex hooguit een tijdelijke vergunning krijgt om een enkel schip te verantwoord te ontgassen. Terwijl de praktijkresultaten volgens hem een grote verbetering laten zien. Van 200.000 miligram per kubieke meter naar 20 miligram per kubieke meter. De installatie is mobiel, waardoor het voor de hand ligt dat zij tegen dezelfde problemen bij IL&T oplopen als het bedrijf uit de correspondentie van  2013. In Gelderland loopt het vergunningstraject voor ontgassingsinstallaties ook moeizaam. Het bedrijf 24/7 Nature Power probeert al ruim een jaar een locatie en vergunning te krijgen.

Emissies

Een grote crux in het verhaal is van wie de eigenaar van de ladingdamp die overblijft in binnenvaarttankschepen is. Is het van de verlader, dan kan het Wm-bevoegd gezag ze aanspreken op de ketenverantwoordelijkheid. Is het van de schipper, dan is het aan de schipper om te bepalen of het restproduct gewonnen kan en mag worden. In correspondentie met een ambtenaar van het ministerie van I&W werd daarbij de volgende denklijn uitgezet:

Het is in principe steeds de verlader die moet beslissen, wat er met de dampen dan wel het condensaat gebeurt. Hij is eigenaar van de lading. De vervoerder (schipper) wordt namelijk geen eigenaar van de lading of het afval, alhoewel de verladers op dit moment wel de schipper met de dampen opzadelt.

Interessante vraag in deze is, hoe de eigendomsrelatie verandert, als de verlader – zoals nu – de schipper wegzendt, terwijl er zich nog dampen in de tanks bevinden.

Dat zou kunnen worden beschouwd als het overdragen van het eigendomsrecht, waarna de schipper erover kan beslissen. Die zijn mogelijk wél bereid om het condensaat als verhandelbaar product te beschouwen.

Is de damp van de schipper? Dan kan hij ermee doen wat ‘ie wil (dus verkoopbaar product van laten maken). Dan zou e.e.a. formeel kunnen/moeten worden vastgelegd in de charter (de vervoersopdracht). Is het van de verlader? Dan geeft deze kennelijk impliciet opdracht om zíjn dampen te laten ontgassen door de schipper. Daarmee is het in principe een emissie van de verlader, uitgevoerd door een derde partij.

Over restproduct of afval schreef een ambtenaar van het ministerie van I&W het volgende:

Als je de ladingdamp als afval beschouwt, dan wordt de condensator inderdaad de ‘opwerkingsinstallatie’. Dat betekent, dat de installatie een afvalverwerkingsinstallatie is, die daarvoor alle benodigde Wm-vergunningen moet hebben. In dat geval kan de condensator niet meer op het terrein (of de steigers) van de verlader staan, omdat de activiteit afvalverwerking zeer waarschijnlijk niet past bij de vergunning van de verlader. Het is maar de vraag, of het juridisch mogelijk is die opwerking ‘mobiel’ te laten plaatsvinden. Na condensatie heb je in principe een opgewerkt product, dat weer in de handel kan worden gebracht.

Als het condenseren echter wordt gezien als een onderdeel van het losproces (immers komt er mogelijk zuiver product uit, dat bij de lading kan worden gevoegd), dan kan het mogelijk wél op de locatie van de verlader (of mobiel) en valt ‘t vermoedelijk wel onder zijn vergunning. Het wordt dan pas afval, als de verlader aangeeft, dat hij ’t niet als lading meer wenst te beschouwen en zich ervan wil ontdoen.

Er is misschien nog een optie: de verlader geeft niet aan, dat ‘ie zich ervan wil ontdoen, maar ‘verkoopt’ het als een off spec-product aan een handelaar.

Als de omgevingsdiensten en IL&T gelijk hebben en het is afval dan is handhaving heel simpel: afval lozen mag namelijk niet van de wet. Volgens de wet Milieubeheer en de kaderrichtlijn afval zijn afvalstoffen: alle stoffen, preparaten of voorwerpen, waarvan de houder zich ontdoet, voornemens is zich te ontdoen of zich moet ontdoen. Uit bovenstaande delen van de mailwisseling met het ministerie blijkt dat de verlader verantwoordelijk blijft voor de lozing op de lucht, zolang het eigendom van de ladingdamp niet wordt overgedaan van de verlader. Via de ketenverantwoordelijkheid kunnen omgevingsdiensten hier op ingrijpen. Zeker voor stoffen als benzeen, die in de categorie zeer zorgwekkende stof vallen. Voor deze stoffen geldt een minimalisatie en een 5 jaarlijkse informatieplicht op basis van artikel 2.4 lid 2 en artikel 2.4 lid 3 van het Activiteitenbesluit.

Deze informatie is in 2014 gedeeld met Essencia, de Belgische brancheorganisatie voor de chemie.

Handhaving een wassen neus

Groot struikelpunt voor Mariflex en haar concurrenten is het gebrek aan handhaving van de provinciale ontgasverboden en het niet inzetten van de ketenverantwoordelijkheid door omgevingsdiensten. Zeeschepen die na het lossen naar zee gaan en gasvrij terug keren, dat kan maar op een manier: luiken open en blazen maar. Geniet van uw patatje gasdamp in Hoek van Holland. Handhaving van de provinciale verboden voor de binnenvaart is niet makkelijker geworden sinds het ministerie verklaart heeft dat de provinciale verboden op varend ontgassen niet rechtsgeldig zouden zijn.

Een rondgang van Sargasso langs verschillende omgevingsdiensten en provincies leert dat handhaving in meer provincies niet hoog op de agenda staat. Vanuit de Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied wordt aangegeven dat de provincie Noord-Holland het ontgassingsverbod niet handhaaft totdat een ontgassingsfaciliteit in Amsterdam operationeel is. De ontgassingsfaciliteit zou in 2017 operationeel moeten zijn geworden, maar  is dit wel het geval. Vanaf dat moment volgen er sancties op het varend ontgassen van benzeen en benzeenhoudende ladingen. We streven er naar dat in 2017 een ontgassingsfaciliteit operationeel is in de Amsterdamse haven.

Het aantal meldingen van de e-noses dat specifiek met ontgassen samenhangt wordt niet vermeld. Wel dat het aantal meldingen het grootst is bij de e-noses die rond de tankoverslagbedrijven zijn geplaatst. Nieuwsblad De Kennemer meldde in januari al wel dat er 7 ontgassingen per dag worden geregistreerd langs het Noordzeekanaal door het e-nose netwerk. Het nieuwsbericht geeft ook aan dat er stapsgewijs wordt gewerkt aan een verbod op varend ontgassen. Motorbrandstoffen worden verboden vanaf 2020. Nu weet ik niet precies wat er onder motorbrandstoffen wordt verstaan, maar het ontgassen van benzine (UN1203) al sinds lang verboden. Dat de grootste benzinehaven ter wereld vanaf 2020 gaat handhaven op ontgassen van motorbrandstoffen roept zodoende vragen op.

Bij de Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid (OZHZ) zijn de volgende aantallen klachten waarbij ontgassen de mogelijke oorzaak is, bekend:
2016     9
2017     12
2018     24

Bij de OZHZ zijn er geen handhavingsactie, boetes en processen verbaal bekend/behandeld. Er is namelijk afgesproken dat de ‘varende’ handhavers (Havenbedrijf, Zeehavenpolitie of Landelijke eenheid) de handhaving verzorgen.

De Provincie Zeeland antwoord dat uit gegevens van de Zeeuwse milieuklachtenlijn blijkt dat er in 2018 geen klachten zijn binnengekomen die gingen over ontgassen of die daaraan te relateren zijn. Overigens is het vaak voor de meldkamer niet eenvoudig om een klacht aan een bepaald bedrijf of activiteit te relateren.

De handhaving van het verbod is in handen van de Landelijke Eenheid van de politie. Zij hebben aan de provincie Zeeland doorgegeven dat er in 2018 een proces verbaal is opgemaakt en dat er enkele waarschuwingen zijn uitgedeeld.

De Omgevingsdienst Midden en West Brabant heeft enkel gereageerd dat beantwoording later zou volgen in verband met de kerstvakantie. DCMR heeft contact gezocht en mijn voicemail ingesproken, waarna ik zelf niet meer heb gebeld.

Gevolgen ontgassen voor de omgeving

Varend ontgassen heeft niet enkel gevolgen voor de bemanning en het milieu. Ook voor omwonenden en kantoren langs het water kunnen er gevolgen zijn. In april 2018 werd op Amsterdam Amstel een trein ontruimd, nadat een  passagier onwel geworden was door een ontgassend binnenvaartschip. Uit correspondentie die Sargasso in bezit heeft blijkt ook dat het kantoor van Rijkswaterstaat in Utrecht minstens een keer ontruimd is vanwege een passerend schip dat varend aan het ontgassen was. Het kantoorpand is vervolgens vrijgegeven zonder overleg met de veiligheidsregio, een gebeurtenis waar de brandweer op z’n zachts gezegd verbaasd over was.

In De Gelderlander vertellen verschillende bewoners over de stankoverlast die ze ervaren. Verschillende bewoners geven ook aan zich zorgen te maken over mogelijke gezondheidseffecten van langsvarende schepen die ontgassen aan de buitenlucht.

Uit het plan van de VVD blijkt dat bewoners van Zuid-Holland en ondernemers, die hebben geïnvesteerd in een ontgassingsinstallatie, de afgelopen 5 jaar blij zijn gemaakt met een dode mus. Uit de instructie van Jaeger Shipping blijkt dat provinciale ontgasverboden zonder handhaving een wassen neus zijn. Verbieden, vergunnen en handhaven horen bij elkaar. Dus leden van Provinciale Staten doe uw werk ook in verkiezingstijd en stel vragen over het uitblijven van die vergunningen voor ontgassingsinstallaties. Bewoners die actie willen ondernemen kunnen zich aansluiten bij de vereniging Stop Ontgassen en hun petitie tekenen.

Dit bericht is geschreven voor en gepubliceerd op Sargasso.

‘Lekkerkerk ziek van varend ontgassen’

Op de plaatselijke nieuwssite Het Kontact vertellen bewoners van Lekkerkerk over de overlast die zij ervaren van varend ontgassen:

We worden willens en wetens vergiftigd.

zeggen Peter Breedveld en Liesbeth Klip, wonend in het tussen Lekkerkerk en Bergambacht gelegen buurtschap Opperduit en spreekbuis namens een grote groep buurtgenoten. De bewoners doelen op de stank die vrij komt bij het ontgassen van binnenvaarttankschepen op de Lek. Op een videofilmpje laten de bewoners een langzaam varende tanker te zien die stil komt te liggen.

Dat is het moment waarop het ontgassen plaatsvindt. Je hoort staande op de dijk het zoemen van de ventilatoren die zorgen dat er overdruk ontstaat en de gassen het schip verlaten. Niet veel later ruik je de gevolgen ervan en krijg je last van rode ogen, een vieze smaak in je mond en voel je je misselijk. Het is schunnig en onacceptabel dat wij als burgers met deze ziekmakende viezigheid worden geconfronteerd. De stoffen die worden uitgestoten zijn, nog buiten het feit dat ze enorm stinken, vanwege hun kankerverwekkende eigenschappen, bewezen schadelijk voor de gezondheid

Bij ontgassen worden, ondanks een provinciaal uitgevaardigd verbod, benzeen en andere zwaar toxische stoffen uitgestoten. Volgens de bewoners ontgassen binnenvaartschepen meerdere keren per dag bij Lekkerkerk. De brandweer in Lekkerkerk krijgt regelmatig meldingen van bewoners over een ‘gaslek’.

De brandweer weet dan al precies wat er in werkelijkheid aan de hand is: er heeft weer een ontgassing plaatsgevonden. Het gaat daarbij niet om incidenten, laat dat duidelijk zijn. Het gebeurt regelmatig meerdere keren per dag en elke keer is de stank vreselijk. Die lucht dringt zelfs door tot in je woning. Ramen en deuren sluiten heeft geen zin. Je ademt die troep ook thuis in.

Wat bij Sargasso weer twijfels oproept over de officiële cijfers, als er alleen al bij Lekkerkerk zo’n 600 schepen per jaar varend ontgassen (2 per dag), hoe kan het totaal aantal schepen dat jaarlijks in Nederland ontgast moet worden dan rond de 2.000 liggen? Houdt de brandweer van Lekkerkerk wel statistiekjes bij van het aantal onterechte meldingen van gaslekken? We houden ons aanbevolen voor gegevens daarover, ook uit andere regio’s.

Een ander opvallend punt in het verhaal van de bewoners is dat het schip in het filmpje stil gaat liggen. Stilliggend ontgassen aan de buitenlucht is namelijk in heel Nederland verboden, met uitzondering van de Geulhaven in Rotterdam.

Open waanlink

Dit bericht is geschreven voor en geplaatst op Sargasso.

Mogelijk sneller verbod op varend ontgassen

Minister Van Nieuwenhuizen gaat op verzoek van de Partij voor de Dieren onderzoeken of zij het schoonblazen van tanks door binnenvaartschepen tijdens de vaart eerder dan in 2020 kan verbieden. Ook zegde de minister tijdens een overleg met de Tweede Kamer toe het ontgassen maximaal in te perken tot een nationaal verbod geldt. Alleen wat zijn dan de alternatieven voor schippers?

Om bij die laatste toezegging te beginnen: het is onduidelijk hoe de minister dit denkt te bereiken. De actiegroep Stop Ontgassen stelt in een reactie:

Het gekke is dat we – behalve in het stukje zelf – nergens iets over die toezegging kunnen vinden. De minister heeft wel gezegd dat er in 2019 een proef komt met handhaving. We nemen aan dat het 6 december in de Transportraad besproken wordt.

De toezegging van de minister klinkt dan ook vooral als een herhaling van zetten. Soortgelijke geluiden waren er ook in 2013 (toen Sargasso voor het eerst over dit dossier publiceerde) te horen, concrete aanwijzingen dat comptabiliteitslijsten en dedicatievaart succes hebben zijn er niet. Of je moet uitgaan van de officiële cijfers van het RIVM (die al eerder aangepast zijn door het RIVM). Volgens de officiële cijfers bedroeg de benzeenemissie in 2012 60.751 kg. De meest recente cijfers voor 2016 laten een daling tot 24.430 kg zien. De emissie van MTBE (loodvervanger) is zelfs helemaal uit de statistieken van Emissieregistratie.nl verdwenen. Waaruit ik voorzichtig concludeer dat de sector per 2015 niet vrijwillige is gestopt met varend ontgassen van benzeen. Voorzichtig, omdat goede cijfers over ontgassen nog steeds niet beschikbaar zijn. De huidige emissiecijfers zijn gebaseerd op het rapport van CE Delft uit 2013, wat een update was van een rapport uit 2003. In beide gevallen rapporten waarvoor de opdracht mede door de industrie is gegeven. In 2013 stelde Sargasso al vragen bij de hoeveelheden uit die onderzoeken. Die vragen zijn in de tussentijd niet beantwoord.

Infographic ontgassen. Bron: SVGRE

Wie naar bovenstaande infographic kijkt en dat vergelijkt met de normen die in de nationale emissierichtlijn voor benzeen staan of in de arbonormen mag zich nog even achter de oren krabben. De SVGRE stelt dat bij ontgassen de eerste uren terugloopt van 200.000 mg/m3 naar 3.000 mg/m3. De norm voor landinstallaties is 1 mg/m3. Da’s een overschrijding van de norm met een factor 200.0000 tot 1.000. Voor de opvarenden kan dat ook niet gezond zijn. De norm vanuit de arbo is met 0.7 mg/m3 namelijk lager dan de milieunorm.

De minister bezwoer in haar antwoorden op schriftelijke vragen heel vroom dat ontgassen in dichtbevolkt gebied niet mag, waardoor het risico voor omwonenden beperkt zou zijn. Helaas is het begrip dichtbevolkt gebied in de Nederlandse wet niet gedefinieerd. Van Stop Ontgassen begrijp ik dat er gehandhaafd kan worden als een schip dichter dan 25 meter bij bebouwing komt. Je kan dus prima varend kunt ontgassen door hartje Rotterdam, want de rivier is daar 500 meter breed. Alleen zorgen dat je uit de buurt van de bruggen blijft…

Wat het onderzoek naar een versneld invoeren van een nationaal verbod op ontgassen in gaat houden is ook onduidelijk. De wetgeving hiervoor zal ongetwijfeld al in de maak zijn. Meer haast maken met de benodigde wetswijziging lijkt me dan ook meer zoden aan de dijk zetten dan een onderzoek te starten naar de mogelijkheid om een jaar te versnellen.

Ophef in Duitsland

Inmiddels begint ook in Duitsland ophef te ontstaan over varend ontgassen. Ook daar blijkt de handhaving minder goed geregeld dan het op papier klinkt. Binnenvaarttankers zijn in Duitsland sinds 2001 verplicht om hun tanks op verantwoorde wijze te ontgassen. Langs de Rijn staan echter geen installaties waarmee dit mogelijk is. De kankerverwekkende gassen worden daarom vaak gewoon de lucht in geblazen.

In Duitsland mogen schippers benzeen alleen bij uitzondering varend ontgassen. Hiervoor moet speciaal toestemming worden aangevraagd. In 2012 werd er 3 keer toestemming gevraagd en werd deze toestemming 2 keer verleend. Het federaal milieuagentschap bevestigd in een interview dat benzeen (en andere stoffen) nog vaak in de lucht worden geloosd. De controle op varend ontgassen is ook in Duitsland ontoereikend, waardoor installaties om verantwoord te ontgassen economisch geen kans hebben.

Axel Friedrich, voormalig afdelingshoofd van het Federaal Milieuagentschap, co-auteur van de Federal Immission Control Act in de jaren negentig, stelt:

De huidige praktijk is absoluut onwettig. Er is een verbod en niemand controleert of het wordt gerespecteerd of kan worden gerespecteerd. Dat is een schandaal.

Jan Harm Brouwer, teamtrekker Lucht en Geluid bij de Provincie Zuid-Holland, noemt het Duitse verbod op varend ontgassen in een ingezonden brief in de NRC ook een lege huls. Hij stelt dat de provinciale verboden in Nederland geholpen hebben bij het doorbreken van de Duitse weerstand tegen een internationaal verbod op varend ontgassen.

Friedrich herinnert zich dat er al in de jaren negentig ophef was over varend ontgassen in Duitsland.  In 2014 presenteerde het Duitse Federaal Milieuagentschap een haalbaarheidsstudie over de installatie van emissiecontrolesystemen langs de Rijn. In het 150 pagina’s tellende rapport – dat snel in de vergetelheid lijkt te zijn geraakt – zijn de problemen duidelijk beschreven. De belangrijkste verkeersas voor het vervoer van aardolieproducten in Duitsland is de Rijn. Aangezien er geen mogelijkheden voor verantwoord ontgassen zijn, gaat het rapport ervan uit dat “gedeeltelijk niet-geautoriseerde ventilatie wordt uitgevoerd”. Duitsland heeft twee decennia later nog steeds geen statistieken over varend ontgassen. Ook in die zin lijkt de Duitse situatie sterk op die in Nederland. Het enige voordeel voor bewoners van Gelderland is dat de slechte handhaving in Duitsland mogelijk betekent dat het meevalt met het ontgastoerisme.

Ook in Duitsland stelt men aan een internationale oplossing te werken. Net als in Nederland is dat geen garantie voor deugdelijke monitoring en handhaving.

Technische alternatieven voor varend ontgassen

Verschillende bedrijven hebben de afgelopen decennia alternatieven voor varend ontgassen ontwikkeld. Een deel van deze bedrijven heeft zich in Nederland inmiddels verenigd in de Sector Group Vapour Recovery and Emission Control Europe (SGVRE). Een brancheorganisatie die op initiatief van Antea Group en Berkenlinde Management Consultants is opgericht. Er zijn verschillende technieken om bij tankschepen vrijkomende vluchtige organische koolwaterstoffen te verwerken: mobiele adsorptie (actief kool), absorptie (gaswasser), oxidatie (verbranding) en condensatie-installaties. De laatste hebben de voorkeur in de markt vanwege hun duurzaamheid (hergebruik stoffen, circulaire economie), snelheid en veiligheid (inert).

Infographic ontgassen. Bron: SVRGE

In de infographic is te zien dat uitgegaan wordt van zo’n 2.000 ontgassingen per jaar in Nederland. Bij ATM in Moerdijk zijn in het vorige boekjaar 3.300 schepen gereinigd; daarvan zijn er 495 tevens ontgast. Dat betekent dat er nog zo’n 1.500 ontgassingen in de buitenlucht plaatsvinden. ATM heeft naar mijn weten een oxidatie installatie staan om schepen te kunnen ontgassen.

Een aantal jaar geleden gaf het havenbedrijf Rotterdam subsidie aan Greenpoint Maritime Services voor het realiseren van een mobiel alternatief. Dit werd de BF Don Quichote, die via crowdfunding is gefinancierd. Greenpoint Maritime Services gebruikt techniek van Vaporsol, dat gebruik maakt van absorptie. Tot op heden heeft deze naar mijn weten geen milieuvergunning weten te bemachtigen en is de installatie dus niet in gebruik. Greenpoint heeft op de website staan dat ze verwachten in het eerste kwartaal van 2019 in Rotterdam van start te kunnen. Dat is 4 jaar na invoer van het provinciale ontgasverbod. De website stelt dat het bedrijf sinds juli van dit jaar al wel in Amsterdam actief is.

Een andere optie is ontwikkeld door Linde Gas, dat schepen met behulp van stikstof verantwoord wil ontgassen. Linde Gas maakt daarbij gebruik van een condensatietechniek. De installatie van Linde Gas is mobiel, zodat de installatie naar schepen toe kan en schepen niet om hoeven te varen om verantwoord ontgast te worden.

Een nieuwkomer op de markt is 24-7 Nature Power. Ook zij hebben een mobiele techniek op basis van condensatie. 24-7 Nature Power is volgens De Gelderlander op zoek naar een locatie voor haar installatie in Gelderland.

Conclusie

Mijn voorlopige conclusie is dat de sector niet uit zichzelf gaat stoppen met varend ontgassen, anders waren ze hun toezegging aan de staatssecretaris uit 2014 om per 2015 te stoppen met het varend ontgassen van benzeen wel nagekomen. Ook een provinciaal, nationaal of internationaal verbod gaat daar niet voor zorgen, tenzij er werk gemaakt wordt van goede monitoring en handhaving. Er zijn inmiddels wel voldoende technische alternatieven ontwikkeld om een verbod snel in te kunnen voeren, mits er ook snelheid gemaakt wordt bij het verlenen van de benodigde milieuvergunning. Het volledig ontbreken van betrouwbare gegevens over varend ontgassen maakt het echter moeilijk voor marktpartijen om in te schatten hoeveel vraag er naar hun diensten is.

Dit bericht is geschreven voor en gepubliceerd op Sargasso als onderdeel van het dossier ontgassen binnenvaart.