Stopt de overheid met jokkebrokstroom?

In 2013 legde Sargasso bloot dat de Tweede Kamer zogenaamde jokkebrok stroom inkoopt. Met de marktconsultatie die op 18 augustus is gepubliceerd lijkt verandering op handen.

Hoe werkt inkoop van groene stroom

Consumptie van duurzame elektriciteit bestaat uit een combinatie van fysieke consumptie van elektriteit en het afboeken van zogenaamde Garanties van Oorsprong. Met deze garanties van oorsprong wordt de elektriciteit vergroend. Er zijn 2 manieren om duurzame elektriciteit in te kopen:

  1. Fysieke elektriciteit en garanties van oorsprong bij dezelfde leverancier kopen. Bij voorkeur bij een leverancier die ook elektriciteit uit hernieuwbare bronnen produceert. De afnemer koopt in dat geval de duurzame elektriciteit; de leverancier zorgt voor de levering van elektriciteit en voor het afboeken van de garanties van oorsprong.
  2. Het is ook mogelijk om als afnemer de garanties van oorsprong apart van de elektriciteit in te kopen. Een afnemer moet dan zelf een garantie van oorsprong rekening openen bij de uitgevende instantie (of dit door een derde partij laten doen) en vervolgens zelf garanties van oorsprong kopen bij de ingekochte elektriciteit. Deze garanties laten bijboeken op de eigen garanties van oorsprong rekening en afboeken.

Wat is jokkebrok stroom?

In 2013 legde de Nederlandse Energiemaatschappij (NME) in een reclamespotje uit wat ‘jokkebrok stroom’ is. Voor een habbekrats per klant kochten zij garanties van oorsprong van Scandinavische waterkrachtcentrales. Scandinavische landen trekken deze verkochte GvO’s niet van hun eigen groene stroomproductie af, Scandinavische energiebedrijven melden hun klanten ook nauwelijks dat ze de GvO’s van de waterkrachtcentrale hebben doorverkocht. Milieuorganisaties, zoals Greenpeace, WISE en HIER hebben dan ook al jaren kritiek op deze wijze van vergroenen van elektriciteit en spreken van sjoemelstroom.

Inkoop rijksoverheid

De rijksoverheid kiest al jaren voor het apart aanbesteden van de fysieke elektriciteit en de garanties van oorsprong. Daarmee gebruikt de rijksoverheid wel groene stroom, alleen leidt dat volgens Minister Kamp niet tot extra vergroening van de elektriciteitsvoorziening in Nederland of de EU. Terwijl het hele idee van duurzaam inkopen door de overheid toch juist was om als overheid het goede voorbeeld te geven en daarmee bij te dragen aan de verdere verduurzaming van de economie. In 2013 legde Sargasso bloot dat de rijksoverheid en Tweede Kamer zelf ook jokkebrok stroom gebruiken.

Tot voor kort hield het Kabinet vol dat de Rijksoverheid vanwege Europese aanbestedingsregels niet specifiek voor Nederlandse groene stroom kan kiezen. Er lijkt nu echter toch een doorbraak aan te komen. Op 18 augustus heeft het rijk namelijk een marktconsultatie aangekondigd ter voorbereiding van de inkoop van groene stroom voor de periode 2018-2021. In de aankondiging stelt het rijk dat er sinds dit jaar geen garanties van oorsprong van Scandinavische waterkrachtcentrales (een belangrijke bron van jokkebrok stroom) meer ingekocht worden.

Op de langere termijn wil het Rijk alleen elektriciteit kopen die in Nederland zelf duurzaam is opgewekt, zo veel mogelijk op rijksgrond. De komende vier jaar is dat nog niet haalbaar. De jaren 2018-2021 zijn daarom een overgangsperiode. Door 30 procent van de groene stroom te kopen met Nederlandse certificaten, levert het Rijk ook een bijdrage aan het opwekken van duurzame energie in Nederland.

Hiermee lijkt de rijksoverheid zijn inkoopstrategie aan te willen passen. Het langere termijn doel roept bij mij wel de vraag op hoe dit zich dan verhoudt tot de Europese aanbestedingsregels, die eerder dit jaar nog in de weg zaten bij de keuze voor Nederlandse groene stroom. Al noemde ik dat eerder al vreemd, omdat de provincie Utrecht dat bijvoorbeeld wel doet. Wordt dus vervolgd…

Dit bericht verscheen eerder op Sargasso.

Rijksoverheid jokkebrokt verder met inkoop groene stroom

Onderzoek van WISE laat zien dat de Nederlandse rijksoverheid nog steeds voornamelijk buitenlandse waterkkracht gebruikt om haar elektriciteitsverbruik te vergroenen. Een methode die door deNederlandse Energie Maatschappij in 2013 als jokkebrok stroom werd bestempeld, wat tot ophef in de Tweede Kamer leidde. WaarnaSargasso in 2013 na herhaaldelijk navragen aantoonde dat de rijksoverheid, inclusief de Tweede Kamer, zelf ook grotendeels jokkebrok stroom gebruikt. Berichtgeving in december over de inkoop van jokkebrok stroom door gemeenten leidde tot Kamervragen van SP,PvdA en Groenlinks.

Hoe werkt inkoop van groene stroom

Consumptie van duurzame elektriciteit bestaat uit een combinatie van fysieke consumptie van elektriciteit en het afboeken van zogenaamde Garanties van Oorsprong. Met deze garanties van oorsprong wordt de elektriciteit vergroend. Er zijn 2 manieren om duurzame elektriciteit in te kopen:

  1. Fysieke elektriciteit en garanties van oorsprong bij dezelfde leverancier kopen. Bij voorkeur bij een leverancier die ook elektriciteit uit hernieuwbare bronnen produceert. De afnemer koopt in dat geval de duurzame elektriciteit; de leverancier zorgt voor de levering van elektriciteit en voor het afboeken van de garanties van oorsprong.
  2. Het is ook mogelijk om als afnemer de garanties van oorsprong apart van de elektriciteit in te kopen. Een afnemer moet dan zelf een garantie van oorsprong rekening openen bij de uitgevende instantie (of dit door een derde partij laten doen) en vervolgens zelf garanties van oorsprong kopen bij de ingekochte elektriciteit. Deze garanties laten bijboeken op de eigen garanties van oorsprong rekening en afboeken.

Inkoop elektriciteit rijksoverheid

De rijksoverheid kiest al jaren voor het apart aanbesteden van de fysieke elektriciteit en de garanties van oorsprong.

Daarmee gebruikt de rijksoverheid wel groene stroom, alleen leidt dat volgens Minister Kamp niet tot extra vergroening van de elektriciteitsvoorziening in Nederland of de EU. Terwijl het hele idee van duurzaam inkopen door de overheid toch juist was om als overheid het goede voorbeeld te geven en daarmee bij te dragen aan de verdere verduurzaming van de economie.

De rijksoverheid heeft de fysieke elektriciteit tot en met 2017 ingekocht bij E.On en Delta. Het gaat in totaal om ongeveer 1 miljoen Megawatt uur, gelijk aan het elektriciteitsverbruik van ongeveer 285 duizend huishoudens. Ongeveer driekwart van de ingekochte stroom komt van E.On en een kwart van Delta.

De contracten voor fysieke elektriciteit lopen over meerdere jaren, terwijl de bijbehorende garanties van oorsprong jaarlijks worden ingekocht. Op die manier kan de hoeveelheid garanties van oorsprong worden afgestemd op het werkelijk elektriciteitsverbruik. Een raar argument, want het elektriciteitsverbruik schommelt niet heel sterk per jaar, dus de overheid zou er ook voor kunnen kiezen om een groot deel van de benodigde garanties van oorsprong meerjarig in te kopen. Bijvoorbeeld 75% van het jaarlijks elektriciteitsverbruik en enkel het resterende deel jaarlijks bij te kopen op basis van het werkelijk elektriciteitsverbruik. Op die manier krijgen eigenaren van hernieuwbare energiebronnen net als E.On en Delta langjarige zekerheid over hun inkomsten.

Reactie rijksoverheid

De rijksoverheid houdt vol dat ze zich keurig aan de wet houden en dat er nu eenmaal een overschot is aan garanties van oorsprong voor duurzame elektriciteit in Europa. Vanwege Europese aanbestedingsregels zou de rijksoverheid niet specifiek voor Nederlandse groene stroom kunnen kiezen. Het vreemde is dan natuurlijk dat de Provincie Utrecht wel gebruik maakt van Nederlandse garanties van oorsprong voor windenergie en dat de NS een aantal jaar geleden al liet zien dat je binnen Europese aanbestedingsregels wel degelijk kunt kiezen voor een aanbieder die extra duurzame opwekkingscapaciteit belooft te realiseren. Het rijk voert het NS contract zelfs als showcase op bij haar expertisecentrum inkopen. En het allervreemdste: het rijk koopt nu zelf al een klein deel van haar garanties van oorsprong wel exclusief in bij Nederlandse duurzame energieprojecten.

Bij aanbestedingen van de rijksoverheid (Prorail en Rijkswaterstaat) worden bedrijven onder andere beoordeelt op hun positie op de CO2-prestatieladder. De inkoop van hoogwaardige garanties van oorsprong maakt onderdeel uit van deze beoordeling (zie pagina 33 van handboek 3.0), terwijl de rijksoverheid zelf nog steeds voor jokkebrok stroom kiest. Dit verhoogt de geloofwaardigheid van de overheid niet.

Een ander argument dat de overheid hanteert is dat er onvoldoende hoogwaardige garanties van oorsprong beschikbaar zijn. Aan de ene kant laat dat mogelijk het succes van bewustwordingscampagnes van WISE en HIER Klimaatbureau zien, aan de andere kant zou dat juist de reden moeten zijn om de eigen inkoopmacht in te zetten om te komen tot meer duurzame energieopwekking. Dat kan ook in stappen, zoals de NS heeft gedaan.

Een laatste excuus van de overheid is dat het grote volume aan duurzame elektriciteit dat de rijksoverheid nodig heeft de prijs van hoogwaardige garanties van oorsprong beïnvloed, het rijk zou namelijk zo´n 10% van de Nederlandse duurzame elektriciteit op moeten kopen als voor Nederlandse garanties van oorsprong wordt gekozen.

Het CBS concludeerde in 2014 na onderzoek echter dat prijswaarneming van Nederlandse garanties van oorsprong niet mogelijk was. Volgens WISE bedragen de extra kosten van hoogwaardige garanties van oorsprong voor de rijksoverheid ongeveer EUR 2,2 miljoen. Als daarmee de prijs van hoogwaardige garanties van oorsprong omhoog gaat is dat toch de gewenste marktwerking? Een hogere prijs zorgt voor meer aanbod en voor lagere subsidies, want prijs van garanties van oorsprong kan namelijk meegenomen worden in de bepaling van het uit te keren subsidiebedrag. En door zelf hoogwaardige garanties van oorsprong in te kopen kan de rijksoverheid meteen inzicht in de prijsontwikkeling van garanties van oorsprong geven aan het CBS.

Dit bericht is geschreven voor en gepubliceerd op Sargasso.

Inkoopstrategie voor elektriciteit van rijksoverheid is gemiste kans

Voor het zomerreces van 2014 deed Minister Kamp de Tweede Kamer de toezegging dat hij zou bezien of de aanbesteding van groene stroom door het rijk anders kan. Bijvoorbeeld door te kijken naar de manier waarop de NS vorig jaar groene stroom heeft aanbesteed. Inmiddels heeft de rijksoverheid haar elektriciteit voor 2016 en 2017 aanbesteed. Navraag bij het Ministerie van Binnenlandse Zaken leert dat het enkel om de volumes elektriciteit gaat, de garanties van oorsprong (waarmee de ingekocht stroom vergroend wordt) zijn nog niet ingekocht. Daarmee volgt de rijksoverheid de trend naar een sterkere koppeling tussen elektriciteitsopwekker en -verbruiker niet. Een gemiste kans voor duurzame energie en voor kostenbesparing.

Langjarige zekerheid drukt kosten hernieuwbare elektriciteit

Windturbines en zonne-energie installaties vergen vooral grote investeringen vooraf, terwijl de onderhoudskosten minimaal zijn en er geen brandstofkosten zijn. Een grote kostenpost wordt dan ook gevormd door de financieringskosten, met name rente en dividend. Hoe zekerder een bedrijf is van de toekomstige cashflow hoe lager de risico opslag die een bank of investeerder rekent en hoe lager dus ook de kosten voor het bouwen van een nieuwe installatie.

In de VS neemt het afsluiten van contracten voor meerjarig inkoop van het geproduceerde volume aan elektriciteit van windmolenparken en zonne-energie installaties dan ook snel toe, dit gebeurd m.b.v. zogenaamde power purchase agreements (PPA’s). Door langjarige inkoopcontracten af te sluiten weten afnemers zich langjarig verzekerd van een vast elektriciteitstarief. Terwijl eigenaren van windturbines en zonne-energie installaties zich verzekert weten van een langjarige cashflow.

De kosten van PPA’ s dalen in de VS, zo lag de gemiddelde PPA prijs voor windenergie in 2013 op $25/MWh. Niet helemaal vergelijkbaar met de kosten in Nederland, omdat de belastingvoordelen en steunmaatregelen daar anders gestructureerd zijn dan hier en ook gebaseerd op een klein aantal nieuwe installaties (‘slechts’ 630 MW). Maar toch: het geeft aan dat met PPA’s scherpe inkooptarieven mogelijk zijn. Vorig jaar hebben het Wereld Natuur Fonds en 12 Fortune 500 bedrijven ook gezamenlijke inkoopprincipes voor de inkoop van duurzame energie bekend gemaakt. Grote Amerikaanse bedrijven roepen daarnaast energiebedrijven op om het aanbod van duurzame elektriciteit te vergroten om in hun vraag te voorzien.

Goed voorbeeld: de NS

Het rijk had bij de inkoop van elektriciteit ook een schoonheidswedstrijd à la de NS kunnen uitschrijven. Waarmee het aanbod van groene stroom vergroot had kunnen worden.

De NS heeft namelijk een contract met Eneco gesloten voor de levering van tractie-elektriciteit (1,4 terawattuur, 1% van het Nederlandse elektriciteitsverbruik, 10% van de Nederlandse groene stroom). De groene stroom die de NS afneemt van Eneco is afkomstig uit nieuwe windparken die de komende jaren stapsgewijs in gebruik genomen worden in onder meer Nederland, Scandinavië en België.  De energie is daardoor direct herleidbaar naar de bron. NS maakt geen aanspraak op bestaande duurzame energiebronnen en het aanbod van groene stroom op de energiemarkt groeit door de wijze waarop de NS haar groene elektriciteit heeft ingekocht, terwijl de gekozen inkoopstrategie er ook voor zorgt dat er weinig tot geen prijsopdrijvend effect optreed.

Waarde GvO’s

De hoogte van de SDE subsidie wordt jaarlijks vastgesteld. Momenteel wordt enkel gekeken naar de marktprijs van elektriciteit, deze wordt van het toegekende basisbedrag afgetrokken om de hoogte van het subsidiebedrag vast te stellen. De overheid heeft de mogelijkheid om de waarde van GvO’s mee te nemen bij het bepalen van de hoogte van de SDE subsidie, dat doet ze niet omdat het lastig is de prijs vast te stellen. Het CBS schatte de waarde van een GvO Nederlandse wind in 2014 in op 0,1 tot 0,2 Eurocent/kWh. Uitgaande van de geproduceerde hoeveelheid windenergie in 2013 (laatste cijfers in CBS Statline) en het CBS onderzoek naar de waarde van GvO’s Nederlandse wind levert het verrekenen van de waarde van een GvO een besparing op tussen de 5 en 11 miljoen Euro per jaar.

Nut van prijsopdrijven GvO’s voor de overheid

Voor de Nederlandse overheid kan het opdrijven van de prijs van GvO’s door kwalitatieve eisen te stellen aan de soort groene stroom extra geld besparen. Door zelf Nederlandse GvO’s windenergie in te kopen (of met behulp van bijvoorbeeld de eisen uit het handboek CO2-prestatieladder eisen te stellen aan de kwaliteit van GvO’s) krijgt de overheid beter zicht op de marktprijs van GvO’s. Dat maakt het mogelijk om de waarde van GvO’s daadwerkelijk te verrekenen. De besparing neemt wel af tot 4,5 tot 9 miljoen Euro, doordat de overheid ook kosten moet maken voor de inkoop van kwalitatief betere GvO’s.

Wanneer de inkoop van de Nederlandse overheid een prijsopdrijvend effect heeft op de waarde van GvO’s neemt de besparing toe. Per tiende cent per kWh bespaart de overheid per saldo zo’n 4,5 miljoen Euro. Dat bedrag wordt nog hoger als ook de prijs voor andere Nederlandse GvO’s stijgt, wat niet ondenkbaar is aangezien het elektriciteitsverbruik van de rijksoverheid goed is voor zo’n 10% van de Nederlandse duurzame energie productie.

Wanneer het in verband met Europese aanbestedingseisen niet haalbaar is om expliciet om Nederlandse groene stroom te vragen, dan biedt het handboek van de CO2 prestatieladder een prima uitweg. Rijkswaterstaat werkt daar mee en ik ben in de drie jaar dat ik er mee heb gewerkt weinig tot geen gecertificeerde bedrijven tegengekomen die het aandurven om te kiezen voor de goedkope optie van Noorse, laat staan IJslandse, garanties van oorsprong.

Voor de bewuste consument is het effect op de energierekening van deze strategie beperkt. Uitgaande van een jaarverbruik van 3.500 kWh gaat het om 35 Euro/jaar, of Euro 2,92 per maand. Daar staat tegenover dat er minder geld nodig is voor de SDE subsidie.

Conclusie

De belangrijkste vraag is of ministers, beleidsmakers en inkopers in staat zijn om over hun eigen budget en ministerie heen te werken aan een integrale beleids- en inkoopstrategie voor duurzame energie. De antwoorden die ik de afgelopen jaren heb gehad vanuit inkopers en beleidsmakers stemmen wat dat betreft weinig hoopvol. Want ‘de inkoop van IJslandse waterkracht voldoet toch aan de duurzaam inkopen criteria’?

Dit bericht is eerder gepubliceerd op Sargasso.

Essent start bouw 12 mega windmolens

Gisteren las ik dat RWE/Essent begonnen is met de bouw van het windpark Zuidwester, onderdeel van het grotere windpark Noordoostpolder. In windpark Zuidwester komen 12 windmolens van 7,5 MW per stuk te staan. In totaal gaat Zuidwester 280 miljoen kiloWattuur per jaar produceren. Daarmee is het windpark goed voor het energieverbruik van 80.000 huishoudens (uitgaande van 3.500 kWh per huishouden per jaar).

Dat betekent dat iedere windmolen ruim 6.500 huishoudens van elektriciteit kan voorzien. Dat betekent dat één zo’n nieuwe molen ruim voldoende elektriciteit produceert om heel Strukton een jaar van windenergie te voorzien, zelfs nu het elektriciteitsverbruik de afgelopen jaren door overnames is gestegen tot het equivalent van zo’n 4.000 huishoudens.

Het gehele windpark NOP gaat 1,4 TWh (1,4 miljard kWh) opwekken. Dat is voldoende om de Nederlandse treinen van windenergie te voorzien, of om de rijksoverheid van Noorse waterkracht af te halen (inclusief de Tweede Kamer) en op Nederlandse windenergie over te laten schakelen.

Antwoord op vraag 2: wat is de samenhang tussen duurzaamheidsbeleid en duurzaam inkopen

Inmiddels heb ik deze week ook antwoord gekregen op mijn tweede vraag aan de rijksoverheid over duurzame energie. Het antwoord bevat geen verrassingen, al zat ik er met mijn idee dat er geen samenhang is tussen beleidsdoelen en duurzaam inkopen naast. Met betrekking tot duurzame energie streeft de overheid naar opwekking op eigen areaal, dus binnen de mogelijkheden die de overheid ziet wordt wel geprobeerd de Nederlandse markt in beweging te krijgen.

Het volledige antwoord:

Geachte heer Beek,

Graag beantwoorden wij uw vraag: “Graag wil ik daarom van u weten hoe de overheid het beleid ten aanzien van duurzaam inkopen koppelt aan de beleidsdoelen op andere terreinen. Bv. bij het doel van 14% duurzame energie in 2020 en de inkoop van duurzame energie in het kader van het duurzaam inkoopbeleid voor de overheid.”

De Nederlandse overheid koopt energie in middels een Europese aanbesteding. Daaraan mogen alle leveranciers van energie deelnemen die in Nederland elektriciteit kunnen leveren. De elektriciteitsmarkt is een Noord west Europese markt waarbij Landen middels hoogspanning koppelingen met elkaar verbonden zijn. Zo kan elektriciteit uit Duitsland via Nederland naar het VK stromen. Daarbij wordt op prijs geconcurreerd en niet op herkomst.

Om afnemers in de gelegenheid te stellen om groene stroom in te kopen is het systeem van garantie van Oorsprong ingevoerd. Dit is een Europees systeem waarin bij de productie van hernieuwbare stroom naast de stroom zelf ook deze garanties worden geproduceerd. Deze garantie worden op een aparte Europese markt verhandeld. Het kan dan gaan om garanties  verkregen door stroom opwekking in Noorwegen (50 jaar oude waterkrachtcentrales) of in Spanje (de nieuwste Concentrated Solar Power installatie)

Wanneer een leverancier dus groene stroom aanbiedt aan een klant biedt hij dus een combinatie aan van twee producten: de stroom en de garantie.

Volgens de Elektriciteitswet is stroom groen wanneer de garanties worden aangekocht en door CertiQ na verbruik geredeemed (vernietigd) worden. De klant (grootverbruiker) kan kiezen tussen afname van een k”kant en klaar”product waarbij stroom en garantie gekoppeld zijn, en hij kan ervoor kiezen stroom en garanties apart in te kopen. Dit laatste is vaak goedkoper en is ook wat de Nederlandse overheid doet.

Verduurzaming elektra: Sinds 1 januari 2010 nemen alle rijkspartijen 100% groene stroom af. Dit gebeurt door de aanschaf van de zogenaamde garanties van oorsprong. Deze zijn het bewijs dat de elektriciteit duurzaam is opgewekt. Kostenplaatje voor 2012 was €650.000,- voor de rijkshuisvesting.

De overheid maakt voor het overgrote deel gebruik maakt van buitenlandse GVO’s.

Dit heeft de volgende oorzaken:

1.    Binnen de aanbestedingsregels kunnen we niet expliciet eisen dat de oorsprong Nederlands moet zijn.

2.    Als we naar hoogwaardiger (groenere) alternatieven gaan, is er sprake van significant hogere kosten.

Verduurzaming gas: Sinds vorig jaar (2012) geldt ook de verplichting om het gasverbruik te verduurzamen. De beschikbaarheid van groen gas is echter nog te gering (slecht 1% beschikbaar) om in onze vraag te voorzien . De rest moet vergroend worden via de aankoop van certificaten. In dit geval de Gold Standard certificaten. Vorig jaar hebben we als Rijk 240.564 (ton) aangekocht voor €2,84,- per ton. Totaal: €683.202,-

Het is overigens zo dat de verhoging van 14% duurzame energie naar 16% die door het kabinet Rutte-II is ingezet er door de Rijksoverheidmomenteel wordt geïnventariseerd op welke wijze op eigen areaal energie kan worden geproduceerd.

Met vriendelijke groet,

[Naam verwijderd]
Adviseur Maatschappelijke Correspondentie

………………………………………………………………
Directie Communicatie
Ministerie van Infrastructuur en Milieu
Plesmanweg 1-6 | 2597 JG | Den Haag |

Postbus 20901 | 2500 EX | Den Haag

Antwoord van de RGD & poging 4: Overheid en Tweede Kamer wat voor groene stroom gebruikt u zelf?

Gisteren heb ik antwoord gekregen van de Rijksgebouwendienst op de vraag over groene stroom, die ik vorige week stelde aan de Tweede Kamer:

Geachte heer Beek,

Via persvoorlichter [naam verwijderd] van de Tweede Kamer ontving ik uw gegevens en vragen mbt tot groene stroom.

Wat betreft de Rijksoverheid kan ik u het volgende meedelen over de verduurzaming van elektra en gas:

Verduurzaming elektra: Sinds 1 januari 2010 nemen alle Rijkspartijen 100% groene stroom af. Dit gebeurt door de aanschaf van de zogenaamde garanties van oorsprong. Deze zijn het bewijs dat de elektriciteit duurzaam is opgewekt.

Verduurzaming gas: Sinds vorig jaar (2012) geldt ook de verplichting om het gasverbruik te verduurzamen. De beschikbaarheid van groen gas is echter nog te gering (slecht 1% beschikbaar) om in onze vraag te voorzien . De rest moet vergroend worden via wederom de aankoop van certificaten. In dit geval de Gold Standard certificaten. grt.

Met vriendelijke groet,

[naam verwijderd]

Senior Communicatieadviseur Rijksgebouwendienst

Of eigenlijk: ik heb nog steeds geen antwoord op de vraag die ik heb gesteld. Want nu weet ik nog niet wat voor stroom ze gebruiken: buitenlandse GvO’s of Hollandse Groene. Daarom heb ik meteen maar een 4e poging gedaan:

Geachte [naam verwijdert],

Bedankt voor uw reactie.

Helaas is dit geen antwoord op de vraag die ik gesteld heb aan de Tweede Kamer en aan de rijksoverheid.

Gezien de ophef die een aantal weken geleden bij Tweede Kamerleden ontstond over de verkoop van spotgoedkope buitenlandse GvO’s aan Nederlandse consumenten wil ik graag weten wat voor GvO’s de Tweede Kamer en het Rijk zelf gebruiken als bewijs van duurzame elektriciteitsopwekking.

Oftewel: zijn het Nederlandse GvO’s of buitenlandse GvO’s? In het geval van buitenlandse GvO’s: telt het exporterende land deze dan mee in de rapportage aan de EU in het kader van de EU duurzame energie richtlijn of niet*?

Mvg. Krispijn Beek

De derde vraag staat ook uit bij de RGD, ik neem aan dat ze die samen met vraag 4 beantwoorden. Verder weet ik  inmiddels dat de vraag over samenhang tussen de criteria duurzaam inkopen en overige beleidsdoelen in behandeling is bij I&M. Inhoudelijk heb ik daar nog niks op teruggehoord.

To be continued…

* Dat zijn de eisen die de CO2 prestatieladder stelt om CO2 reductie van groene stroom mee te mogen nemen. Anders telt het simpelweg als grijs bij het bepalen van de CO2 footprint.

Antwoord van de Tweede Kamer en poging 3: overheid gebruikt u Hollandse Groene of sjoemelstroom?

Ik heb antwoord gekregen van de Tweede Kamer op mijn vraag wat voor soort groene stroom de Tweede Kamer zelf gebruikt. Hoewel dat niet wil zeggen dat ik het nu wel weet, weet ik nu wel dat ik daarin niet alleen ben. De stafdienst voorlichting van de Tweede Kamer weet het zelf namelijk ook niet. In tegenstelling tot de publieksvoorlichters van Rijksoverheid.nl geven ze wel aan waar ik meer informatie kan krijgen en welke maatregelen de Tweede Kamer heeft genomen in het gebouw. Zowel voor energiebesparing als voor energieopwekking:

Geachte heer Beek,

Hartelijk dank voor uw mail.

U vraagt wat voor soort groene stroom de Tweede Kamer zelf gebruikt. De Tweede Kamer neemt door tussenkomst van de Rijksgebouwendienst deel aan de Collectieve Energie Inkoop (CEI). Dit is een  inkoopcollectief van het Rijk. CEI zorgt onder meer voor: leveranciersselectie via Europese aanbesteding en internetveiling, vergroenen of verduurzamen van het energieverbruik en inkoop van aardgas en elektriciteit.  Voor nadere details over deze inkoop van stroom verwijs ik u naar de Rijksgebouwendienst. Deze kunt u bereiken via 070 339 39 39  http://www.rgd.nl/contact/

Ik kan u wel informeren over duurzaamheid en energiebesparende maatregelen bij de Tweede Kamerorganisatie.

Het nieuwbouw gedeelte van het Tweede Kamergebouw waar zich de vergaderzalen, restaurants en keukens bevinden heeft, een A-label gekregen. In de monumentale gebouwdelen wordt waar mogelijk energiebesparende maatregelen genomen.

De Tweede Kamerorganisatie maakt al ruime tijd gebruik van zonnepanelen en een zonneboiler. Deze zijn onder meer in gebruik ten behoeve van de warmwatervoorziening. De combinatie van zonnecollectoren en zonneboiler levert een energiebesparing op van circa 40 %.

Verlichting wordt stapsgewijs vervangen door duurzame LED verlichting. In de zomer van 2010 werd de totale verlichting van de Plenaire Zaal vervangen. Uitgangspunten hier waren onder andere energiebesparing en duurzaamheid.

Elke gelegenheid wordt  aangegrepen om energie te besparen. Daar waar mogelijk worden ontwikkelingen toegepast in het Tweede Kamergebouw. Zo houdt de afdeling inkoop bij elke aanbesteding rekening met regelgeving rondom duurzaam inkopen. Duurzame ontwikkelingen worden op de voet gevolgd.  Ik vertrouw u voldoende te hebben geïnformeerd.

Met vriendelijke groet,
[naam verwijderd]
Stafdienst Voorlichting
Tweede Kamer der Staten-Generaal

Uiteraard heb ik de vraag over de soort groene stroom die de rijksoverheid inkoopt inmiddels gesteld aan de RGD en ook maar eens op het Rijksduurzaamheidsnetwerk. Op mijn tweede poging aan de rijksoverheid heb ik nog geen antwoord gekregen.

Wordt vervolgd…