Tag: zelflevering

  • Duurzame energie en de stijgende energierekening

    Sinds begin oktober is er een discussie gaande over de stijgende kosten van energie als gevolg van de ambities om meer duurzame energie op te wekken. Volgens sommige energiebedrijven is er een extra energieheffing nodig om buffercapaciteit aan te leggen. Volgens weer anderen, zoals Rene Leegte van de VVD, is Duitsland het voorbeeld van een land waar de kosten van de energietransitie de pan uit reizen. Tijd om de eigen elektriciteitsrekening er bij te pakken en de Duitse en het Nederlandse systeem in prijs te vergelijken.

    De kosten van buffercapaciteit

    Volgens GDF Suez en E.ON is een extra energieheffing nodig om buffercapaciteit aan te leggen. Deze buffercapaciteit moet voorkomen dat het licht uit gaat als het aandeel duurzame elektriciteit in Nederland stijgt. Dat de regelkosten voor fossiele centrales behoorlijk volgens sommige energiebedrijven behoorlijk kunnen zijn laat Hans Labohm zien. Hij schrijft op basis van gegevens van Rob Walter dat deze regelkosten ongeveer 4 Eurocent per kWh bedragen voor windenergie en iets minder voor zonne-energie.

    Inmiddels heeft Eneco via haar website weten geen aanleiding te zien voor een extra energieheffing ten bate van fossiele energie. Dat laat meteen zien hoe dit soort zaken opgelost kan worden sinds het opheffen van de Samenwerkende Energieproducenten: via marktwerking. Dit is nou typisch zo’n geval waarin dat werkt.

    GDF Suez en E.ON wensen blijkbaar een hogere prijs te berekenen aan hun klanten i.v.m. benodigde back-up capaciteit. Eneco stelt dat dit niet nodig is en denkt dat de prijs gelijk kan blijven. Effect: klanten stappen over naar Eneco, of naar andere energieproducenten die een lagere vergoeding vragen voor het dragen van programmaverantwoordelijkheid. In een markt waarbij de NMA de consument vooral aanzweept om op de prijs te letten is het dan exit GDF Suez en E.ON.

    Bovenstaande neemt overigens niet weg dat ik volledig bereid ben om een energiebedrijf te betalen voor programmaverantwoordelijkheid.

    Onze elektriciteitsrekening

    Het variabele deel van onze elektriciteitsrekening bestaat uit 3 delen:

    1. leveringstarief elektriciteit
    2. energiebelasting
    3. BTW

    Elektriciteitskosten

    Uitgaand van ons verwachte elektriciteitsverbruik voor 2013 gaan we zo’n € 280 aan elektriciteit betalen (inclusief BTW).

    Prijs ex btw BTW Prijs incl btw Jaarverbruik Kosten
    Laagtarief  € 0,055 21%  € 0,0666 1.600  € 106,48
    Hoogtarief  € 0,075 21%  € 0,0908 1.900  € 172,43
    Elektriciteitskosten 3.500  € 278,91

    Energiebelasting vs. feedin opslag

    In het eerste deel staan de kosten van elektriciteitslevering. Die blijven gelijk, ongeacht de keuze voor energiebelasitng of feedin dat je hanteert voor de financiering van duurzame energie. Het verschil tussen beide systemen ontstaat zodra je gaat kijken naar de energiebelasting en de feedin opslag. De berekening zie je in de tabel hieronder.

    Energiebelasting Feedin opslag
    ex BTW € 0,11400 € 0,05277
    BTW 21% 21%
    incl. BTW € 0,13794 € 0,06385
    Jaarverbruik 3.500 3.500
    Totaal belasting € 483 € 223
    Totaal elektriciteit € 279 € 279
    Totaal variabel € 762 € 502
    Verschil met EB € – € 259
    Besparing tov EB 0% 34%
    Belastingdruk 173% 80%

    Zoals je ziet levert het Duitse feedin systeem een besparing op de elektriciteitsrekening op van € 259. Dat is dik 30% minder en fors meer duurzame energie dan in Nederland. De stijgende energierekening voor particulieren in Nederland ligt dus veel minder aan het succes van het duurzame energie beleid in Nederland, dan aan het ophogen van de energiebelasting door de overheid.

    De belastingdruk op elektriciteit in Nederland voor particulieren is dan ook dik 170%. Oftewel voor iedere Euro aan elektriciteit die je koopt betaal je € 1,70 aan energiebelasting. In Duitsland betaal je na verhoging van de feedin opslag nog steeds slechts € 0,80 aan feedin opslag voor iedere Euro aan elektriciteit.

    Doe mij dus maar de Duitse insteek: meer resultaat tegen 1/3 minder kosten. Maar ja, marktwerking tussen nationale overheden vergt dat je multinational of grootverbruiker bent…

    PS de berekeningen vind je hier.

  • Uit de inbox: SolarGreenPoint Terbregseplein uitverkocht

    Logo Solar Green PointDeze week ontving ik een email van SolarGreenPoint, waarin stond dat hun eerste project bij het Terbregseplein volledig uitverkocht is. Het is nog wachten op de bouwvergunningen, maar zodra dat geregeld is kan het project van start. Een mooi moment om te zien hoe deze coöperatieve zonnecentrale zich verhoudt tot bv. Zonnepark Nijmegen.

    De kengetallen

    Investering/stuk € 500,00
    Jaarlijkse onderhoudskosten € 12,50
    Elektriciteitsopbrengst in kWh/jaar 197
    Levensduur 25 jaar
    Verwachte prijsstijging elektriciteit 7%
    Verwachte stijging onderhoudskosten 2%

    Mijn berekeningen

    Ik heb de getallen maar eens door mijn spreadsheetje heen gegooid. Waarbij ik een scenario heb gemaakt met de 7% prijsstijging voor elektriciteit en 2% indexatie op onderhoudskosten. De prijsstijging voor elektriciteit vind ik vrij hoog, dus ik heb ook een scenario doorgerekend met 3% prijsstijging (waar De Windcentrale mee rekent) en 0% indexatie op onderhoudskosten. De uitkomsten zie je in onderstaande tabel.

    SolarGreenPoint
    Verandering energieprijs 7% stijging 3% stijging
    Kostprijs / kWh exclusief energiebelasting € 0,18 € 0,16
    Kostprijs / kWh inclusief energiebelasting € 0,32 € 0,30
    Gemiddelde elektriciteitsprijs energiebedrijf € 0,35 € 0,26
    Gemiddelde energiebelasting / kWh € 0,14 € 0,14
    Gemiddelde kostprijs elektriciteit energiebedrijf € 0,21 € 0,12
    Terugverdientijd zonder zelflevering 23 >30 jaar
    Netto Contante Waarde zonder zelflevering € 140,45 € 230,65-
    Terugverdientijd met zelflevering 13 15
    Netto Contante Waarde met zelflevering € 819,80 € 448,70

    Mijn conclusies

    De belangrijkste vind ik dat het fenomeen terugverdientijd, wat een terugkerend thema is bij iedere duurzame investering geen rol lijkt te spelen bij de keuze voor een paneel in een collectief zonne-energie park. Of het nu gaat om Zonnepark Nijmgen of SolarGreenPoint in het meest gunstige scenario (zelflevering wordt toegestaan en de elektriciteitsprijs stijgt met 7% per jaar) is de terugverdientijd van een paneel 13 jaar. Zonne-energie heeft blijkbaar een meerwaarde voor mensen, waardoor ze niet meer alleen naar de kostprijs kijken. Wat te prijzen is.

    De keerzijde van de medaille is dat het me tot het mailtje van afgelopen week niet gelukt was om een fatsoenlijke berekening te maken van SolarGreenPoint. Simpelweg omdat de daarvoor benodigde informatie niet op de site te vinden was (of heel goed verstopt). Dat vind ik een groot verschil met Zonnepark Nijmegen, waar de informatie en de berekeningen wel te vinden zijn.

    Een laatste conclusie is en blijft dat windenergie financieel interessanter is dan zon (zie ook mijn eerdere berichten over zonne-energie versus windenergie). Zonder zelflevering verdient een  winddeel zich in 11 jaar terug (bij een prijsstijging van 3%), met zelflevering is dat zelfs in 4 jaar tijd. Wat niet wegneemt dat er goede redenen kunnen zijn om liever wat meer te betalen voor deelname aan een zonne-energie coöperatie, zoals je ook meer betaalt als je een hippe smartphone wil. Bijvoorbeeld als je windmolens niet mooi vind.

  • Op naar de eerste Windcentrale

    De Windcentrale heeft deze week een nieuwe functie op haar site toegevoegd. Je kan nu zien hoeveel winddelen er al verkocht zijn. Op het moment van schrijven staat de teller op 8210 winddelen van De Grote Geert. Dat betekent dat van de 9.910 winddelen er nog 1.700 te koop zijn, oftewel 850.000 kWh. Goed om zo’n 243 huishoudens van windenergie te voorzien (uitgaande van een jaarverbruik van 3.500 kWh per huishouden per jaar). Per huishouden vergt dat een investering van €2.415 (7 winddelen van €345 per stuk).

    Ondertussen merk ik dat mijn weblog vooral bezocht wordt door mensen die op zoek zijn naar de nadelen van De Windcentrale. Toch een vreemd fenomeen: ik ben wat kritisch, maar koopt uiteindelijk toch 2 winddelen en vervolgens blijft m’n weblog vooral bezocht worden door mensen die op zoek zijn naar de nadelen. Het was me al eens opgevallen dat er behoorlijk wat bezoekers zochten naar nadelen of slechte ervaringen met zonneboilers, heatpipes, Meewind en De Windvogel. De Windcentrale slaat echter alles. In de top 10 van zoektermen op mijn blog komen De Windcentrale en winddelen al weken alleen voor in combinatie met het woord ‘nadelen’. Misschien wat om over na te denken voor de marketeers en seo-specialisten onder mijn lezers.

    Hopelijk gaat het aantal zoekers naar negatieve informatie de pret niet drukken, want ik hoop toch minimaal op nog 243 mede winddelers. Meer mag natuurlijk ook 🙂 En ik hoop natuurlijk dat al die winddelers de landelijke politiek gaan lastig vallen over zelflevering / salderen voor de meter (al schijnen inmiddels 7 partijen in verkiezingstijd achter het idee te staan). Het is tenslotte toch van de zotte dat de Nederlandse politiek roept dat we duurzamer moeten worden, maar dat de energiebelasting op duurzame energie even hoog is als op fossiel energie. Voor consumenten gaat het dan al snel om 70% van de elektriciteitsprijs. Terwijl we met de vergroening van auto’s toch een goed voorbeeld hebben van de kracht van financiële prikkels…

    Nog zotter wordt het als je bedenkt dat de Nederlandse staat bij het winnen van fossiele energiebronnen 40% van de investering en het risico voor zijn rekening neemt via Energiebeheer Nederland*, terwijl je bij duurzame energie mag meeloten voor een exploitatiesubsidie. Die exploitatiesubsidie kan veel lager worden wanneer groene en grijze stroom gedifferentieerde belastingtarieven krijgen. Zodra dat gebeurt wil ik met alle plezier praten over een variabele vergoeding voor transportkosten (afhankelijk van afstand tussen energieopwekking en energieverbruik) en een vergoeding voor de  programmaverantwoordelijkheid van het energiebedrijf.

    * GroenLinks is naar mijn weten de enige partij die in haar verkiezingsprogramma aangeeft dat EBN  niet mag gaan investeren in een specifieke vorm van fossiele energie, te weten schaliegas.

  • Visie e-Decentraal en partners op decentrale energie

    Deze week rolde de timeline van twitter en de rss-lezer vol met berichten over de reactie van een brede coalitie op de discussienotitie ‘DECENTRALE ENERGIESYSTEMEN: Wat is de visie van EL&I?’ van juni 2012. De discussienotitie van EL&I is onder een select gezelschap verspreid en niet openbaar. Ik heb de discussienotitie inmiddels onderhands wel in bezit, maar meer dan een eerste ruwe aanzet tot een visie kan ik het niet noemen. Tenzij de ideeën armoede werkelijk heeft toegeslagen. Het persbericht en de bijbehorende brief kun je vinden op de website van e-Decentraal.

    Vormen van duurzame energie productie

    e-Decentraal onderscheid 3 vormen van duurzame energie productie:

    1. Eigen productie en gebruik van duurzame energie achter de aansluiting op de openbare gas- elektriciteits- en warmtenetten, zonder levering aan deze netten. De gebruiker produceert duurzame warmte, koude, elektriciteit of groen gas voor eigen gebruik achter de aansluiting op de openbare netten en levert geen energie terug aan deze netten. Het effect op de energiehuishouding is hetzelfde als met energiebesparing: de vraag neemt af. Daarover is nu geen belasting verschuldigd en dat moet zo blijven.
    2. Eigen productie van duurzame energie voor eigen gebruik, met gebruikmaking van het openbare net. De gebruiker produceert duurzame warmte, koude, elektriciteit of groen gas voor eigen gebruik, levert als de productie hoger dan de vraag is aan het openbare net en neemt af van het openbare net als de vraag hoger is dan het aanbod.
    3. Productie van duurzame energie, bedoeld voor derden. De situatie betreft partijen die duurzaam opwekken en aan derden leveren via de openbare netten. Hier is salderen niet aan de orde.

    Gewenste aanpassingen

    e-Decentraal pleit voor uitbreiding van de bestaande regelingen op de volgende punten:

    1. Uitbreiding van het bestaande systeem voor saldering achter de meter naar groen gas;
    2. Vormen van saldering ook mogelijk maken voor productie die niet achter de eigen aansluiting op het openbare net, maar in de buurt. Bij buurt wordt daarbij gedacht aan het regionale gasnet of het 20 kV-net.
      Op die manier kunnen bijvoorbeeld ook bewoners waarvan de woning niet op het zonnige zuiden is gericht en bewoners van flats en appartementen hun eigen energie zelf gaan opwekken. Individueel of in collectief verband. Iedereen moet kunnen investeren in de verduurzaming van zijn energievoorziening. Het moet voor kleinverbruikers ook mogelijk zijn om dit in collectief verband te doen. Of door verhuurders van woningen voor hun huurders of Verenigingen van Eigenaren voor hun leden.
    3. Als een collectief ook de rol van energiebedrijf gaat vervullen, dan is de nu verplichte leveringsvergunning disproportioneel zwaar. E-Decentraal pleit voor een lichtere vorm, op den duur wellicht te vervangen door (uitsluitend) een meldingsplicht bij de NMA en/of de netbeheerder. De programmaverantwoordelijkheid moet dan wel bij een door TenneT erkende partij zijn ondergebracht.
    4. Voor de aansluiting op en het gebruik van de openbare netten kunnen de kosten doorberekend worden aan de betreffende kleinverbruiker of collectief van kleinverbruikers. Daarbij gaat e-decentraal er wel vanuit dat de eventuele diepere investeringen in netverzwaring gesocialiseerd worden, net als dat nu gebeurt voor grootschalige centrale aansluitingen.

    Randvoorwaarden

    E-Decentraal stelt de volgende randvoorwaarden voor haar voorstellen:

    • Het gelijkheidsbeginsel. Dat betekent ondermeer salderen voor eigen gebruik niet beperken tot een selectieve groep energiegebruikers en/of –opwekkers. Daarnaast bij de toegang en het gebruik van de openbare energie infrastructuur dezelfde regels hanteren voor warmte/koude, groen gas en duurzame elektriciteit.
    • De elektriciteits-, gas- en warmtewet en het toezicht daarop moeten een eerlijk speelveld voor decentraal duurzaam opgewekte energie gaan bieden. De energie-wetten zijn ontworpen op basis van een centraal energiesysteem en daardoor op veel punten strijdig met de belangen van decentrale systemen.
    • De energiebelasting moet meer gaan reguleren en daardoor energiebesparing en duurzame opwekking stimuleren. Dat is ook in lijn met het Lenteakkoord (opheffing vrijstelling kolenbelasting, verhoging Energiebelasting op grijs gas) en de ontwikkeling van de nieuwe EU richtlijn (grondslag voor energiebelasting grotendeels baseren op de koolstofinhoud en bij de bron heffen).
    • Uitbreiding en vereenvoudiging van de mogelijkheden van financiering van decentrale duurzame initiatieven. Ondermeer door versoepeling van de (toepassing van de) Wet op het financieel toezicht door De Nederlandsche Bank en de AFM, zodat crowdfunding voor decentrale duurzame initiatieven mogelijk wordt.
    • Het huidige systeem van saldering is laagdrempelig en eenvoudig. Bij een verdere uitbouw en verbreding van het systeem van teruglevering moeten deze voordelen behouden blijven.

    Mijn mening over het verhaal

    Wat ik goed vind in het inleidende verhaal is dat de opstellers geen onderscheid maken in type duurzame energie (warmte, koude, elektriciteit, groen gas) of toegepaste technologie. Daarmee voorkom je dat investeringen in bepaalde technieken gedaan worden enkel voor een fiscaal voordeel. Ook de brede ondersteuning vanuit verschillende organisaties vind ik goed geregeld. Daarmee is het een krachtig verhaal.

    De randvoorwaarde dat energiebelasting ingezet moet worden om energiebesparing en duurzame opwekking te stimuleren is goed. Het is alleen jammer dat dat zo weinig is uitgewerkt en zo weinig aandacht krijgt in het persbericht. Al vind ik de reacties die ik op internet tegen kom als gevolg van dit ondergeschoven kindje wat overtrokken. Zelf vraag ik me nog steeds af waarom EL&I en Financien geen lering trekken uit de succesvolle verduurzaming van het zakelijke wagenpark. De combinatie van lagere bijtelling, BPM en wegenbelasting voor zuinige auto’s heeft die markt behoorlijk op z’n kop gezet. Internationaal vent Nederland het uit als een best practice op beleidsgebied, maar nationaal zijn we niet in staat om hetzelfde mechanisme te gebruiken op andere beleidsterreinen…

    Wat ik persoonlijk (als investeerder in De Windcentrale en lid van Windvogel) spijtig vind is de definitie van buurt. Volgens mij is er geen windmolen van De Windcentrale of De Windvogel die me van elektriciteit kan voorzien zonder over het hoogspanningsnet te gaan.

    Ik kan me voorstellen dat TenneT graag haar hoogspanningsnetwerk wil ontzien en dus productie en afname in de buurt wil stimuleren. Dat moet je m.i. echter niet doen via de energiebelasting, maar via een verschil in transportkosten. Dan is het daarna aan mij om minder transportkosten te betalen en een windmolen in de buurt te accepteren, of meer transportkosten te betalen en m’n wind van zee of uit Delfzijl te halen. En ja, ik weet dat grootschalige windmolens op land een lagere kostprijs hebben dan kleinschalige windparken en wind op zee. Maar juist vanuit andere waarden zijn er legio mensen die niet de goedkoopste optie kiezen, waaronder ik mijzelf ook reken.

    Discussienotitie EL&I

    Wat betreft de discussienotitie van EL&I wil ik slechts 1 ding kwijt: in de notitie wordt gesteld dat (de rest mag je WOBBEN,):

    Belastingvrijstelling vaak (zoals bij windenergie) een forse ‘overstimulering’ zou betekenen.

    Dat kan natuurlijk waar zijn, alleen vraag ik me dan af hoe die overstimulering er uit ziet bij fossiele energie, gezien de ondersteuning d.m.v. fiscale voordelen, subsidies en andere reguleringen. Denk aan:

    • 40% investering van staatsgeld voor proefboringen en exploitatie (in ruil voor 40% opbrengsten, maar de energiebelasting op windenergie laat zien dat je ‘rent’ ook op een heel andere wijze kunt innen als overheid)
    • kleine gasveldenbeleid: fiscale voordelen voor exploitanten die kleine gasvelden ontginnen. Ooit ingesteld bij een veel lagere olie- en gasprijs, maar naar mijn weten nog steeds van kracht. Wordt weinig gebruik van gemaakt, maar is wel lekkere achtervang.

    En zo is er nog een heel scala aan regelingen die de winning van fossiele brandstoffen bevorderen. Gelet op de winstgevendheid van oliebedrijven is dat nou echt overstimulering.

  • Windenergie vs zonne energie. Deel 2

    Ga ik zonnepanelen op ons eigen dak, investeren in een volkszonnetuintje of handelen in wind. Dat is een van de vragen die ik mijzelf heb gesteld de afgelopen maanden. Elke optie heeft z’n voors en tegens. De opties roepen ook hun eigen geharnaste misverstanden op. Zo bestaat zelfs bij het wetenschappelijk bureau van GroenLinks het idee dat windenergie niet voor Jan Modaal is weggelegd. Daarom nog maar een keer een vergelijking van de verschillende opties op diverse aspecten, zoals ik die zelf heb gehanteerd bij de keuze voor Winddelen van De Windcentrale. Dit keer de focus op de financiële en fiscale kant van het verhaal, in het vorige deel ben ik al ingegaan op de nadelen met betrekking tot milieu, natuur en sociale aspecten.

    Verschillende vormen van coöperaties

    Bij een ‘traditionele’ windcoöperatie (zoals De Windvogel, waar wij zelf lid van zijn) kun je voor weinig geld lid worden (eenmalig € 50). De leden zijn via de coöperatieve vereniging eigenaar van de windmolens. Als lid kun je geld uitlenen aan de coöperatie om de windmolens te financieren, hierover ontvang je rente. Daarnaast kun je bij De Windvogel er voor kiezen om zelf stroom af te nemen bij de coöperatie. Er is geen verband tussen de hoeveelheid elektriciteit die je afneemt en het bedrag dat je uitleent aan de coöperatie, wel is de hoeveelheid elektriciteit die je kunt afnemen gemaximeerd op 3.500 kWh.

    De Windcentrale, Zonnepark Nederland in Nijmegen en SolarGreenPoint hebben een ander model gekozen. Bij Zonnepark Nederland en SolarGreenPoint koop je een zonnepaneel op een publiek dak. De energieopbrengst van dat paneel is de komende 25 jaar voor jou. Bij SolarGreenPoint zijn nog geen definitieve gegevens te vinden. Bij Zon op Nijmegen bedraagt de investering € 500 per zonnepaneel met een gemiddelde opbrengst van 197 kWh per jaar. Daar komt nog € 15 per jaar onderhoudskosten bovenop.

    De Windcentrale verdeelt de opbrengst van haar windmolens in Winddelen van elk 500 kWh per jaar. Deze biedt ze aan voor € 345 per stuk, daar komt nog € 15 onderhoudskosten per jaar bovenop. De opbrengst kan per jaar iets fluctueren afhankelijk van de hoeveelheid wind. De windmolens gaan naar verwachting nog 16 jaar mee.

    Financiële vergelijking verschillende opties

    In onderstaande tabellen vergelijk ik de verschillende mogelijkheden om je eigen elektriciteit op te wekken. Tabel 1 is meer kwalitatief en toont de benodigde investering en jaarlijkse kosten. Tabel 2 vergelijkt de prijs per kiloWattuur voor de verschillende mogelijkheden.

    Tabel 1. Beoordelingsmatrix

    Aspect Winddeel (Windcentrale) Windcoöperatie (Windvogel) Zonnepanelen (eigen dak) Zondeel (Zonnepark Nederland)
    Uitbetaling In kWh Rente op lening In kWh In kWh
    Energiebelasting over opgewekte elektriciteit Ja a Ja b Nee Nee c
    Omzetbelasting over opgewekte elektriciteit Nee Onbekend Nee Onbekend
    Onderhoud/storing Regelt coöperatie Regelt coöperatie Zelf regelen Regelt coöperatie
    Investering d € 2.415 n.v.t. € 6.990e € 8.000
    Lidmaatschap Inbegrepen € 50 n.v.t. Inbegrepen
    Jaarlijkse kosten € 15/winddeel n.v.t. Geen € 15/zondeel
    Terugverdientijd 8 jaar n.v.t. 5-11 jaar 11 jaar
    Levensduur min. 16 jaar n.v.t. 20-25 jaar 25 jaar

    a) De Windcentrale draagt over opgewekte energie van de Winddelen energiebelasting af. Al zijn ze voorstander van het afschaffen daarvan.
    b) De Windvogel is gestopt met afdracht van energiebelasting, maar de Belastingdienst is inmiddels een rechtszaak begonnen tegen De Windvogel. Tot die tijd verlaagt De Windvogel de tarieven voor afnemers van de elektriciteit niet, maar stopt het geld in een aparte pot in afwachting van de uitspraak van de rechtbank.
    c) Zon op Nijmegen stelt bij de Zondelen gebruik te maken van de ruimte die de wet biedt om geen energiebelasting te betalen over zelfopgewekte duurzame energie voor de meter. De gemeente Nijmegen staat de eerste jaren garant voor het geval dat een onjuiste interpretatie is.
    d) Uitgaande van een jaarverbruik van 3.500 kWh
    e) Uitgaande van een installatie van 3,9 kWp, prijs bepaald met behulp van Compare my Solar www.CompareMySolar.nl

    Tabel 2: tariefopbouw per initiatief

    Initiatief Kostprijsa Energiebelasting Omzetbelasting Totaal prijs
    GreenChoice b 5,80 11,40 5,80 20,47
    Windcentrale 7,74 11,40 2,17 21,31
    Windvogel (1) c 7,71 11,40 3,63 22,74
    Windvogel (2) d 12-18 0 0 12-18
    Zon op Nijmegen e 17,8 0 0 17,80
    Zon pv (1) f 8 0 0 8
    Zon pv (2) g 13,2 0 0 13,2

    a) Kostprijzen zijn nagerekend op basis van gegevens van de websites van de aanbieders en is inclusief de jaarlijkse bijdrage per winddeel en zondeel.
    b) actietarief Greenchoice op Gaslicht.com d.d. 7 augustus 2012.
    c) Tarieven Windvogel 1 op basis van document zelflevering
    d) Tarief Windvogel 2 op basis van document zelflevering. Kostprijs is 7-12 cent, daarbovenop stelt De Windvogel 5 Eurocent voor overhead.
    e) Uitgaande van toewijzing van het recht op zelflevering, wanneer dit niet wordt toegestaan daalt het rendement. De gemeente Nijmegen staat garant voor de eerste 2 jaar energiebelasting. Inmiddels is wel duidelijk dat het slagen van het zelfleveringsconcept van Zon op Nederland afhangt van goedkeuring door de belastingdienst. Wat dat betreft kan Zon op Nederland zich aansluiten bij de rechtszaak van De Windvogel en de belastingdienst.
    f)  Op basis berekeningen Vincent Dekker
    g) Op basis berekeningen Zonnestroomnl.nl april 2012. Systeemgrootte 2,5 kWp, rentevoet 3%.

    Update 20 september: Zelf rekenen, zie hier.

    Ontwikkelingen om rekening mee te houden

    Er zijn een paar ontwikkelingen om rekening mee te houden op gebied van regelgeving. Het gaat daarbij om:

    1. Verandering van het energiebelastingtarief. Hoe hoger dat tarief wordt, hoe interessanter het wordt om te kiezen voor zonnepanelen op eigen dak. Bij die optie heb je daar tenslotte geen last van.
    2. Verandering van het btw tarief voor energie. Hoe hoger dat tarief wordt, hoe interessanter het wordt om te kiezen voor zonnepanelen op eigen dak. Bij die optie heb je daar tenslotte geen last van.
    3. Meer mogelijkheden voor zelflevering voor de meter. Als dat mogelijk wordt wordt het interessanter om met je buurt of stad samen te investeren in je eigen duurzame energie opwekking.
    4. Verandering van de salderingsregels voor eigen energieopwekking. Er zijn grofweg 2 stromingen. De eerste vind de huidige salderingsregels een vorm van subsidie en wil deze aanpassen. Daarbij gaat het met name om een vergoeding voor de programmaverantwoordelijkheid die elektriciteitsbedrijven dragen. Dat wil zeggen dat ze je ook stroom leveren als je zonnepanelen of windmolen niet werken en de elektriciteit die je tijdelijk te veel hebt afnemen. De andere kant wil juist de huidige limiet van 5.000 kWh ophogen.
    5. Binnen Europa wordt al een tijdje gesproken over herziening van de energiebelasting, waarbij het de bedoeling is om minimumtarieven in te stellen op basis van de energie-inhoud en CO2 inhoud van een energiebron. Invoer daarvan kan gunstig zijn voor wind en zonne-energie.

    De komende verkiezingen kunnen een groot verschil maken, zeker voor duurzame energie en zelflevering. Een overzicht van de standpunten op gebied van duurzame energie vind je hier, een breder overzicht van standpunten op gebied van duurzaam ondernemen vind je bij de Groene Zaak.

    Conclusie

    Zoals je in tabel 1 kunt zien is het investeren in eigen opwekking van windenergie de meest haalbare voor Jan Modaal. Het vergt het minste kapitaal. Bij De Windvogel is enkel een eenmalig lidmaatschapsgeld van € 50 verschuldigd. Je houdt dan natuurlijk de kans op jaarlijkse stijgingen van de energieprijs als de leden/investeerders stemmen voor een hoger rendement op hun ingelegde geld.

    Bij De Windcentrale krijg je met een investering van € 345 de komende jaren 500 kWh per jaar en je bent voordeliger uit ongeacht de uitkomst van de discussie over zelflevering voor de meter. Zonne-energie vergt een hogere investering voor minder kWh per jaar. Of je het nu doet op je eigen dak of dat je gokt op de mogelijkheid van zelflevering voor de meter. In beide gevallen is de benodigde investering aanzienlijk hoger.

    Onze keuze

    Als je bovenstaande hebt gelezen zal het je niet verbazen dat we ervoor hebben gekozen om 2 winddelen te kopen i.p.v. te investeren in zonne-energie. Met 2 winddelen wekken we op jaarbasis ongeveer 1.000 kWh op, dat is ongeveer 1/3 van ons elektriciteitsverbruik. We hadden 5 winddelen kunnen kopen. Vooralsnog doen we dat niet. De charme van De Windcentrale is namelijk de 1 op 1 relatie met de windmolen. Daarmee krijg je draagvlak onder de omwonenden, alleen wonen we niet in Delfzijl maar in Schiedam. Zodra er een windcentrale in onze regio komt zullen we dus winddelen bij kopen.

  • Van zelflevering naar duurzame energiebaten

    Na het afsluiten van het Lenteakkoord is wel weer duidelijk geworden dat mooie plannen van politici makkelijk kunnen stranden in de angst voor verlies aan energiebelasting van ambtenaren. Daarom wordt de btw op zonnepanelen niet verlaagd en komen er slechts pilots met zelflevering van elektriciteit. Waarmee Nederland respectievelijk terug gaat naar de oude SDE situatie waarin het installeren van zonne-energie niet eens als seizoensarbeid aangemerkt kan worden en de pilot van Eneco en De Windvogel van een paar jaar weer dunnetjes overgedaan gaat worden.

    In een artikel in de NRC verwoord Liesbeth van Tongeren een aantal angsten van de ambtenaren van Financiën. De belangrijkste lijkt te zijn dat de btw verlaging een open einde regeling is, waarbij je niet weet hoeveel mensen er gebruik van gaan maken. Wat ook maakt dat het lastig is om het budgettair effect in te schatten. Alsof de energiebelasting bij de huidige tarieven en de doorgaande prijsdalingen voor duurzame energie nog een lang leven beschoren is op de particuliere woningmarkt? En dan hebben we het nog niet over de administratieve hel die uitbreekt als particulieren hun elektrische of plugin hybride auto in de toekomst als buffer gaan gebruiken… Het wegvallen van de opbrengst van energiebelasting lijkt ook de belangrijkste drijfveer achter de weerstand tegen “zonnetuintjes” of andere vormen van zelflevering. Liesbeth van Tongeren geeft aan er een warm voorstander van te zijn, daarom hieronder nogmaals de doorrekening van het alternatief voor de huidige energiebelasting: duurzame energiebaten.

    De probleemstelling

    Wanneer we zoals GroenLinks bij monde van Liesbeth van Tongeren uitgaan van particulieren hebben we het over een verlies aan inkomsten voor de belastingdienst van ongeveer € 0,15 per kWh (Energiebelasting € 0,1140, BTW: € 0,0364).

    In de huidige situatie maakt het uit waar of je voor of achter je meter elektriciteit opwekt. Heb je een geschikt dak dan vergelijk je de kosten van het zelf opwekken van elektriciteit met de prijs inclusief energiebelasting en btw die je betaalt aan je energiebedrijf. Het goedkoopste tarief dat ik vandaag kon vinden op Gaslicht.com was Greenchoice 1 jaar vast met een kostprijs van € 0,2278 per kWh, daarvan is € 0,0774 bestemd voor Greenchoice.

    Als je in de huidige situatie een zonnetuintje wil beginnen vergelijk je de kosten daarvan met € 0,0774, want je moet energiebelasting en btw betalen. Bij een kostprijs van € 0,08 per kWh ben je dus een dief van je eigen portemonnee totdat de energieprijs stijgt. Het risico ligt bovendien volledig bij de particuliere investeerders.

    Wat we dus zoeken is een alternatief systeem dat (een deel) van de vijftien Eurocent die Financiën ontvangt per kWh terugverdient voor de Nederlandse staat en bij voorkeur tegelijkertijd particulieren die investeren in een zonnetuintje, gezamenlijke windmolen of biovergister zekerheid biedt over de kostprijs.

    Een mogelijk alternatief: Duurzame energiebaten

    Duurzame energiebaten kunnen zo’n alternatief zijn. De opzet is gelijk met de opzet van de aardgasbaten: de Nederlandse staat investeert tot 40% risicodragend in duurzame energieprojecten en ontvangt daarvoor 40% van de opbrengsten, ook mag voor deze projecten geen SDE+ aangevraagd worden. Als het inkomstenverlies voor de rekenmeesters van Financiën te groot is kan het verkleind worden door een verlaagd energiebelastingtarief in te voeren voor duurzame energie, zoals dat bij de BPM ook bestaat voor energiezuinige auto’s.

    Het vehikel om de investering te doen bestaat al en heet Energie Beheer Nederland. Een 100% dochter van de Nederlandse staat, ondergebracht bij het Ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie. Een alternatieve mogelijkheid is om de financiering te regelen via een staatsdeelneming in de onlangs door Holland Financial Center voorgestelde Groene Investeringsmaatschappij.

    Rekenvoorbeeld 1: Windbaten

    De energieopbrengst en het aantal windmolens in het rekenvoorbeeld zijn aangepast n.a.v. tweet Pauline Westendorpdie op fout wees. De betreffende fout heeft geen effect op onderstaande berekeningen.

    In het laatste nummer van 2011 van het tijdschrift Milieu (van de Vereniging voor Milieuprofessionals) stond een artikel van Geert Bosch over de kosten van windenergie. Hij rekende voor dat een windmolen een windpark met 5 windmolens van 3 MW een investering vergt van 22,5 miljoen Euro en jaarlijks gemiddeld 23.000.000 33.000.000 kWh elektriciteit levert. De kostprijs bedraagt volgens Geert Bosch 9,6 Eurocent/kWh, dat is wat hoger dan de kostprijs waar ik bij De Windcentrale op uitkwam. De subsidie bedraagt 3,6 Eurocent per kWh volgens Geert Bosch.

    Bedragen in Eurocent/kWh Huidig Windbaten Windbaten met laag EB
    Kostprijs energie 7,74 9,60 9,60
    Energiebelasting (EB) 11,40 0,00 5,00
    BTW 3,64 0,00 0,00
    Subsidie windenergie -3,60 0,00 0,00
    Windbaten
    5,27 5,27
    Saldo overheid 11,44 5,27 10,27
    Verschil met huidig
    6,16 1,16
    Kostprijs consument 22,78 14,87 19,87
    Verschil met huidig
    7,91 2,91

    Zoals je ziet ‘verliest’ de overheid bij de invoer van windbaten 6,168 Eurocent per kWh, terwijl de particulier er 7,9 Eurocent per kWh op vooruitgaat. Op jaarbasis bespaart de particulier op deze manier ruim Euro 270 op z’n energierekening (uitgaande van een jaarverbruik van 3.500 kWh). Als de overheid 5 Eurocent energiebelasting instelt resteert een verlies van 1,168 Eurocent per kWh voor de overheid, terwijl de particulier 2,9 Eurocent minder voor z’n elektriciteit betaalt. Voor de particulier resteert dan een daling van de energierekening van ongeveer Euro 100.

    In bovenstaande berekening is met een aantal zaken geen rekening gehouden:

    • kapitaalkosten voor de overheid;
    • de vermindering in kosten voor de overheid door het wegvallen van de mogelijkheid tot subsidie;
    • werkgelegenheidseffect;
    • mogelijke verandering in draagvlak (en daarmee proceskosten) en gedrag als mensen zelf voordeel hebben van windenergie, of er zelfs eigenaar van worden.

    Rekenvoorbeeld 2: Zonnebaten voor de meter

    Sterk in opkomst zijn momenteel de projecten waarbij gewerkt wordt aan zonnetuintjes. Bijvoorbeeld in Nijmegen (Zonnepark Nederland) en Amsterdam. Stel nu dat we de duurzame energiebaten invoeren voor collectieve zonnestroomprojecten, zoals in Nijmegen. Dan zie je de uitkomst per kWh hieronder (gebaseerd op het rekenvoorbeeld van Zonnepark Nijmegen).

    Bedragen in Eurocent/kWh Huidig Zonnebaten Zonnebaten met laag EB
    Kostprijs energie 7,74 17,80 17,80
    Energiebelasting (EB) 11,40 0,00 5,00
    BTW 3,64 0,00 0,00
    Subsidie zonne-energie -7,00 0,00 0,00
    Zonnebaten
    1,99 1,99
    Saldo overheid 8,04 1,99 6,99
    Verschil met huidig
    6,04 1,04
    Kostprijs consument 22,78 19,79 24,79
    Verschil met huidig
    2,99 -2,01

    Voor projecten die voor SDE+ in aanmerking komen gaat de overheid er 6 cent op achteruit, gelijk aan windenergie. Als het gaat om projecten die momenteel zonder subsidie van de grond komen gaat de overheid er per saldo 13 cent op achteruit. De particulier gaat er bij het systeem van zonnebaten 3 Eurocent op vooruit. Dat is minder dan bij windenergie. Op jaarbasis kost zonne-energie de particulier 170 Euro meer dan windenergie (uitgaande van een jaarverbruik van 3.500 kWh), maar de particulier bespaart nog steeds ruim 100 Euro op z’n energierekening.

    Rekenvoorbeeld 3: Zonnebaten achter de meter

    Het aantal particulieren dat investeert in zonnepanelen op het eigen dak (als ze dat kunnen) is ook sterk groeiende (al is er een tijdelijke hickup door de komende subsidieregeling). Al deze mensen leveren de belastingdienst een derving van vijftien Eurocent per kilowattuur zelf opgewekte elektriciteit op. Natuurlijk staat daar een eenmalige opbrengst in de vorm van btw over de geïnstalleerde zonnepanelen tegenover, maar per saldo resteert al snel een inkomstenderving voor de overheid.

    Op eigen dak verliest de overheid in de huidige situatie 15 Eurocent per kWh die zelf opgewekt wordt. De invoer van zonnebaten vermindert dit met 3 Eurocent (uitgaande van de kostprijs van 15 Eurocent die ik eerder dit jaar berekend had). Als je uitgaat van de kostprijs van 8 Eurocent die Vincent Dekker van Trouw hanteert dan wordt het verlies vermindert tot 9 Eurocent, terwijl de particulier nog steeds 8,9 Eurocent per kWh goedkoper uit is. Op jaarbasis bedraagt het voordeel voor particulieren ruim 300 Euro (uitgaande van een jaarverbruik van 3.500 kWh).

    Bedragen in Eurocent/kWh Huidig Zonnebaten Zonnebaten met laag EB
    Kostprijs energie 7,74 8,00 8,00
    Energiebelasting (EB) 11,40 0,00 5,00
    BTW 3,64 0,00 0,00
    Subsidie zonne-energie
    0,00 0,00
    Zonnebaten
    5,91 5,91
    Saldo overheid 15,04 5,91 10,91
    Verschil met huidig
    9,12 4,12
    Kostprijs consument 22,78 13,91 18,91
    Verschil met huidig
    8,87 3,87

    In bovenstaande berekeningen is met een aantal zaken geen rekening gehouden:

    • kapitaalkosten voor de overheid;
    • de vermindering in kosten voor de overheid door het wegvallen van de mogelijkheid tot subsidie;
    • werkgelegenheidseffect;
    • mogelijke verandering in draagvlak en gedrag als mensen zelf voordeel hebben van zonne-energie, of er zelfs eigenaar van worden.

    Het verhogen van de energiebelasting en de btw die voor 2013 op het programma staan zal het aantal particulieren (of verhuurders van woonruimte aan particulieren) dat investeert in zonnepanelen op het dak enkel laten groeien. Kortom: door de dalende prijs van zonne-energie en de stijgende consumentenprijs voor elektriciteit is heeft de huidige energiebelasting z’n beste tijd gehad. Tijd dus om na te denken over alternatieven.

  • Collectieve zonnestroomparken

    In Nijmegen start de gemeente in samenwerking met Zonnepark Nederland en netwerkbeheerder Liander een project waarbij mensen zonnepanelen kunnen kopen die op het dak van een publiek gebouw komen te liggen. Liander saldeert de opbrengst met je energierekening, alsof ze op je eigen dak liggen. Je betaalt dus geen energiebelasting of btw over de energie die op deze wijze wordt opgewekt. Vincent Dekker van Trouw ziet hierin de voorbode van zonnevolkstuintjes, a la de al langer bestaande volkstuintjes voor groente en fruit. Of dat terecht is is de vraag, tenzij er een juridisch verschil is tussen zelflevering van windenergie en zelflevering van zonne-energie…

    De belangrijkste vraag blijft m.i. dan ook of de rechter de zienswijze deelt dat zelflevering van energie te vergelijken is met zelflevering van groenten en fruit uit een volkstuin. En wanneer de rechter dat besluit is de vraag wat de overheid als Plan B heeft om het potentiële gat in de begroting te repareren. Is dat alsnog een wettelijk verbod op zelflevering voor de meter invoeren, of een maatregel verzinnen om inkomsten te genereren en tegelijkertijd het halen van de doelstelling voor 14% duurzame energie in 2020 dichterbij te brengen?

    Zelflevering en energiebelasting

    Er zijn verschillende manieren om je eigen energie op te wekken. Een belangrijk onderscheidt is de vraag of de energieopwekking voor of achter de meter plaats vind. Bij energieopwekking achter de meter (bv. door zonnepanelen op je eigen dak) is de wet helder: salderen mag. Bij energieopwekking voor de meter is het diffuser. Volgens Zonnepark Nederland is de wet Elektriciteitswetgeving voor meerdere interpretaties vatbaar. Volgens De Windvogel is salderen voor de wet niet expliciet verboden, dus mag het. Reden waarom windcoöperatie De Windvogel, waar ik zelf ook lid van ben, vorig jaar is gestopt met het betalen van energiebelasting over de elektriciteit die ze aan haar leden levert. Inmiddels werkt de belastingdienst aan een dagvaarding van De Windvogel, Anode en mogelijk ook een aantal leden van De Windvogel.

    Niet echt een zonnig teken voor de investeerders in Zonnepark Nederland. Al staat de gemeente Nijmegen de eerste twee jaar garant voor de energiebelasting bij Zonnepark Nederland. Wanneer de rechter beslist dat er over zelf opgewekte energie voor de meter toch energiebelasting en btw betaald moet worden valt de schade voor de kopers van zonnepanelen dus mee. Zonnepark Nederland schrijft daarover op haar site het volgende:

    De methode van salderen van opgewekte energie op een ander dan je eigen dak is nog niet uitdrukkelijk bij wet geregeld. Deze pilot maakt hiertoe gebruik van een uitzondering in de huidige Elektriciteitswetgeving die voor meerdere interpretaties vatbaar is. De pilot loopt daarmee vooruit op een (mogelijke) aanpassing van de wetgeving op dit punt. Het Ministerie van EL&I is op de hoogte van de pilots die Liander m.b.t. collectief opgewekte energie uitvoert. Toch is er een zeker risico dat het salderen van de Energiebelasting en BTW zoals in deze pilot gebeurt, niet zal worden toegestaan door de fiscus. In dat geval staat de gemeente Nijmegen voor een periode van twee jaar garant, voor de gederfde inkomsten voor de deelnemers (energiebelasting en BTW). Doordat er zo in ieder geval tenminste twee jaar gesaldeerd kan worden, is de totale businesscase gerekend over 25 jaar, voor de deelnemers toch kostendekkend. Het financieel rendement zal dan wel lager zijn, dan wanneer salderen over de volledige periode wordt toegestaan door de wetgever.

    Ook in Rotterdam zijn er plannen voor een collectieve zonne-energiecentrale op de geluidswal van de A20 ter hoogte van het Terbregseplein, deze plannen worden ontwikkeld door Solar Green Point.

    Kosten collectieve zonnestroomcentrale

    De kosten per zonnepaneel bedragen bij Zonnepark Nederland Euro 500, de verwachte opbrengst is gemiddeld 197 kWh. Daarnaast betaal je 25 jaar lang 15 Euro per jaar voor onderhoud en beheer. De totale kosten per paneel van 240 Wattpiek komen daarmee op Euro 875 ( € 500,– plus € 375,–) voor 25 jaar. Afgezien van de jaarlijkse bijdrage is de installatieprijs van Euro 2,08 per Wattpiek vergelijkbaar met de installatiekosten van zonnepanelen op je eigen dak, met als voordeel dat je er geen omkijken hebt. De jaarlijkse bijdrage van Euro 15 maakt het m.i. wat onaantrekkelijker, al kom je met een verwachte kostprijs van Euro 0,178 per kWh nog steeds onder het huidige consumententarief voor elektriciteit uit.

    De kosten per paneel met een jaaropbrengst van 230 kWh bedragen bij Solar Green Point Euro 460. Al kan de definitieve prijs nog afwijken. Daarnaast rekent ook Solar Green Point met een bedrag per jaar voor onderhoud en beheer gedurende de 20 jaar waar Solar Green Point van uit gaat. Wanneer ik de jaarlijkse bijdrage per paneel gelijk hou aan de bijdrage bij Zonnepark Nederland kom ik uit op een totale investering van Euro 760 (460 + 20 * 15) en een kostprijs per kWh van Euro 0,165.

    Wanneer de energiebelasting vervalt voor zelflevering van eigen energie voor de meter is de verwachte stroomprijs lager, zelfs als rekening wordt gehouden met de 4 Eurocent aan extra kosten die Hans Labohm en Rob Walter aan zonne-energie willen toerekenen.

    Kosten collectieve zonne-energie vergeleken met collectieve windenergie

    Naast aanbieders van collectieve zonnestroomcentrales in eigen bezit zijn er al langer coöperaties actief op het gebied van windenergie, zoals De Windvogel. Een nieuwer model vormt De Windcentrale. Bij De Windvogel betaal je eenmalig Euro 50 lidmaatschap en kun je daarnaast een bedrag uitlenen waarover rente vergoedt wordt. Bij De Windcentrale koop je winddelen in een windmolen, elk winddeel geeft recht op een deel van de elektriciteitsopbrengst. De Windcentrale gaat er van uit dat een winddeel ongeveer 500 kWh per jaar opwekt en tussen de Euro 300 en Euro 400 kost. De levensduur van een windmolen is 15 tot 20 jaar, wat betekent dat de kostprijs per kWh tussen de 3 en 5,3 Eurocent ligt. Dat is nog goedkoper dan collectieve zonnestroomcentrales.

    Plan B: duurzame energie baten

    Beide voorbeelden laten zien dat rendabele vormen van duurzame energie veeleer innovatie in de overheidsregulering vergen, dan innovatie in de markt. Het is dan ook tijd dat de overheid een Plan B verzint voor de toekomstige terugval in de opbrengst van de energiebelasting. Bij voorkeur op een manier die de energiemarkt zoveel mogelijk behandelt als andere markten, dus geen subsidies of fiscale ondersteuning voor uitontwikkelde technologieën als wind op land, olie en gas.

    Wel nadenken over de wijze waarop de overheid een deel van de private winsten van publieke goederen als zon en wind kan afromen. Bijvoorbeeld in de vorm van duurzame energie baten.

    Ik heb al een aantal keer eerder voorgerekend dat het grote prijsverschil tussen de kostprijs van windenergie (en in toenemende mate ook van collectieve zonne-energie) en de consumentenprijs van elektriciteit mogelijkheden geeft om de energiebelasting te vervangen door een systeem waarbij de overheid een deel van het rendement afroomt, zoals de staat dat via Energie Beheer Nederland ook doet bij aardgas en olie.

  • Onbeperkt salderen van zelf opgewekte energie

    Het afgelopen jaar is de slag om de subsidiepotten voor duurzame energie glansrijk verloren door particulieren. Het verlies van subsidie lijkt echter een nieuwe golf van activisme bij bedrijven in deze sector te hebben opgewekt.

    Achter de meter

    Een aantal weken geleden kondigde Atoomstroom en Greenchoice al aan dat zelfopgewekte elektriciteit bij hun onbeperkt saldeerbaar wordt zonder dat de klant BTW of energiebelasting hoeft te betalen over de zelf opgewekte energie. Wettelijk gezien hoeven energiebedrijven dat momenteel slechts te doen tot 3.000 kWh en in de toekomst tot 5.000 kWh. In jargon heet dit salderen achter de meter. Door onbeperkt salderen mogelijk te maken worden grotere decentrale energie project interessant. Wat vooral voor mkb ondernemers en de landbouw gunstig uit kan pakken. Deze groepen ondernemers vallen onder lagere energiebelastingtarieven dan particulieren, maar dan nog kan het wegvallen van energiebelasting gunstig uitpakken voor de terugverdientijd. Bedrijven kunnen namelijk ook gebruik maken van verschillende aftrekposten bij investeringen in zon-pv.

    Voor meer uitleg over de mitsen en maren van salderen achter de meter zie de drie blog berichten van Henri Bontenbal hierover en de site van Polder PV.

    Voor de meter

    Inmiddels heeft Windvogel de druk vanuit de duurzame energie hoek verder opgevoerd door aan te kondigen dat ze onbeperkt willen gaan salderen bij zelflevering van elektriciteit die is opgewekt voor de meter. Oftewel: investeer met je buren in een grote windmolen in de buurt en verbruik de elektriciteit thuis zonder energiebelasting of BTW te betalen. Windvogel vergelijkt zelf elektriciteit opwekken met het verbouwen van je eigen groenten, daar betaal je ook geen BTW ongeacht of het uit je eigen tuin of uit je volkstuin komt (en dus over de openbare weg vervoert moet worden naar je huis…

    Ook de nieuw opgerichte vereniging E-Decentraal wil inzetten op het wegnemen van hobbels voor decentrale energieprojecten, waaronder de belastingheffing over eigen opwekking voor de meter. Het zal mij benieuwen of voorstellen daartoe in het najaar een plaats krijgen in de Green Deal.

    Zo ja, dan beloof ik bij deze dat de hypotheekrenteaftrek over 2011 geïnvesteerd wordt in coproductie van duurzame energie (nieuwe capaciteit voor de fijnslijpers). Duizend Euro in het Belgische offshore park van Meewind is tenslotte al goed voor zo’n 1650 kWh, dus met 2 tot 4 duizend Euro moet het mogelijk zijn om ons eigen energieverbruik duurzaam op te wekken op land.

    Andere zonnige initiatieven

    Buiten de hele discussie over zelflevering en saldering hebben Greenchoice en Eneco inmiddels ook de eerste voorzichtige aanzetjes gegeven om het in de VS succesvolle business model ‘zon als service’ naar Nederland te halen. Vooralsnog zijn de pilots met behoorlijk wat vraagtekens omgeven. Zie bijvoorbeeld dit bericht van Henri Bontenbal. Ik hoop echter dat de pilots van Greenchoice en Eneco voldoende ervaringen opleveren om tot een beter aanbod van duurzame energie als service te komen. Zo niet, dan is het wachten op We Generate. Al ben ik benieuwd wat zij voor oplossing voor verhuizen tijdens de lopende contractduur of veranderen van leverancier gaan bieden.