Tag: duurzame ontwikkeling

  • Hoe om te gaan met de beperkte houdbaarheidsdatum van duurzame oplossingen?

    Dat is een vraag die me de afgelopen jaren veel gesteld is. Veel mensen die ik spreek vinden het een groot, warrig, vaag of verwarrend begrip. De reactie op deze onzekerheid verschilt van persoon tot persoon. De een stelt dat we eerst maar eens een goede definitie van duurzaamheid moeten formuleren, zodat duidelijk is wat we er mee bedoelen. De ander versmalt het begrip tot enkel milieu, klimaat of nog smaller tot duurzame energie. Zoek bijvoorbeeld eens op duurzaam bouwen een tel het aantal links dat ingaat op andere aspecten dan enkel het energieverbruik van een gebouw… Een derde wil vooral 100% zekerheid (of verlangt naar foutloze wetenschap) voordat er tot actie overgegaan kan worden.

    De waarde van onzekerheid

    Ergens vind ik het jammer dat er zo’n sterke drive tot zekerheid en versimpeling is. Het streven naar duurzaamheid is in mijn ogen namelijk een complex en lastig proces, waarbij duurzaamheid en de oplossingen die we er voor zoeken ook nog eens een moving targets zijn. Wat vandaag duurzaam lijkt, kan morgen onduurzaam blijken te zijn (denk aan de discussies over duurzaamheid van energie uit biomassa). Het aanleren van nieuwe ideeën, maar vooral ook het afleren van oude blijkt een lastige opgave te zijn voor mensen. Het vereist een omslag van denken in absolute waarheden naar denken in voorwaardelijke waarheden, aldus Ted Cadsby in een blog op Harvard Business Review.

    Hij vergelijkt de manier waarop ons brein werkt met de bevruchting van een eicel. Zodra de eerste zaadcel een eicel bevrucht wordt de wand van de eicel ondoordringbaar, zodat andere zaadcellen niet meer naar binnen kunnen. Volgens Cadsby gebeurt dat ook in onze hersenen bij onzekerheid. Iets niet weten creëert een spanning die opgelost kan worden door een oplossing aan te dragen. Zodra deze oplossing gevonden is hebben andere oplossingen minder kans. Oplossingen die goed passen binnen onze denkbeelden maken natuurlijk meer kans, dan oplossingen die een grote omslag in ons denksysteem vereisen om weer tot een consistent geheel te komen. Voor wie meer in het Nederlands wil lezen over het nemen van beslissingen in complexe situaties raad ik de site van Top Innosense aan, of begin bij dit bericht op hun oude weblog.

    De waarde van onzekerheid bij duurzame ontwikkeling

    Het bereiken van een duurzame(re) samenleving is een complex probleem. Al was het maar vanwege de vele verschillende betekenissen die mensen toekennen aan het woord. Voor de een is duurzaamheid innovatie, voor de ander is duurzaamheid de normaalste zaak van de wereld, en voor andere gaat het om dood aan het grootkapitaal of om plantjes knuffelen.

    Een van de lastigste aspecten aan duurzaamheid vind ik zelf de complexe relaties tussen ogenschijnlijk onafhankelijke zaken en de onvoorspelbare innovatieroutes die er bij horen. Zo is er een grote samenhang mogelijk tussen menselijke gezondheid, luchtkwaliteit en klimaatbeleid, maar nog mooier is het als duurzame ontwikkeling ook bijdraagt aan werkgelegenheid. In beleidstermen heb je het dan over Green Growth, een onderwerp waar de UNEP veel over gepubliceerd heeft en waar Zuid-Korea het voortouw heeft.

    In Nederland lopen veel discussies over groene groei vast op de toekomst van de energie-intensieve industrie. Dit komt m.i. deels door de versmalling van de discussie over de transitie naar een duurzame samenleving tot een energietransitie en doordat er geen ruimte is voor nieuwe waarheden. In een deel van de hoofden is er zelfs geen plaats voor bestaande waarheden, zoals het scala aan steunregelingen vooor fossiele energie. Maatregelen die voor een milieu-econoom simpelweg gelijk staan aan een subsidie, alleen dan in de vorm van fiscale prikkels of command-and-control beleid. Een goed startpunt voor meer uitleg daarover is environmental economics 101 van Env-Econ.net.

    Voorwaardelijke waarheden bij duurzame energie

    Nederland heeft in het verleden veel energie-intensieve industrie weten aan te trekken door goedkoop aardgas, dat moest en zou ten gelde gemaakt worden voordat de volledige energievoorziening op kernenergie zou overschakelen. Onder druk van toenemende vraag en het milieubeleid wordt elektriciteit van aardgas duurder. Van oudsher is het idee dat duurzame energie te duur is voor de energie-intensieve industrie. Bovendien leveren de zon en de wind geen elektriciteit op aanvraag, zoals (een deel van) de huidige fossiele elektriciteitscentrales wel kunnen. Daarom is er een back-up capaciteit nodig in de vorm van gascentrales om altijd aan de vraag naar elektriciteit te kunnen voldoen. Wat de kosten voor de energie-intensieve industrie nog verder opdrijft.

    Momenteel kiezen energie-intensieve bedrijven die geen tijdkritische of volcontinue productieprocessen ervoor om te produceren op het moment dat er weinig vraag is naar elektriciteit. Op die momenten is de elektriciteitsprijs laag, doordat de basislast centrales doordraaien. Als elektriciteit tientallen procenten van je kostprijs uitmaakt is het interessant om juist op die momenten te produceren.

    Wat nu als we het systeem gaan kantelen? Wat gebeurt er als de energie-intensieve industrie haar productieproces en hun productiecapaciteit afstemt op piekuren in elektriciteitsaanbod? Wat betekent dat voor de standpunten over de energie-intensieve industrie en over de daarvoor benodigde energiebronnen? Wat betekent dat voor de business case van zon- en windenergie en van nieuwe basislast elektriciteitscentrales? Wat betekent het extra vermogen aan wind- en zonneenergie dat mogelijk wordt als de energie-intensieve industrie overstapt op duurzame eneergie voor de lokale luchtkwaliteit en volksgezondheid? Is zo’n overstap onmogelijk? Lees dan de managementsamenvatting van DAAN, een voorstel van Akzo Nobel, Nyrstar en Eneco, of het bredere onderzoek naar vergroening van de basislast en de energie-intensieve industrie.

    En nog een stapje gekker: Wat gebeurt er als je een volledige stad energieneutraal kan maken inclusief hun energie-intensieve industrie? Onmogelijk? Niet als het aan Building Brains ligt… Of als zonne-energie juist kan gaan voorzien in een deel van de piekvraag naar elektricteit en misschien zelfs de behoefte aan extra hoogspanningsleidingen in de gebouwde omgeving kan verkleinen?

    Of op z’n gekst: Wat gebeurt er als je een wijk met voornamelijk sociale woningbouw zonder sloop omvormt tot een gebied met lokale werkgelegenheid, gesloten materiaal- en energiekringlopen, en eigen voedselvoorziening terwijl de huizen betaalbaar blijven? Dan krijg je een heel ander type wijk.

    Slot

    Een heldere definitie van duurzaamheid is lastig te geven. Dat geldt echter ook voor gezondheid, toch weet iedereen wat ongezond is en neemt de overheid voortdurend maatregelen om gezond gedrag te bevorderen of ongezond gedrag af te straffen (maar of dat laatste altijd even effectief is…?). Voor duurzaamheid geldt feitenlijk hetzelfde, iedereen snapt dat producten of productieprocessen waar je ziek van wordt niet vol te houden zijn. De oplossingen zijn op het eerste oog echter zo complex en vergen zoveel systeemaanpassingen dat het aanlokkelijk is om nog een keer 10 jaar te blijven hangen in nader onderzoek.

    Zelf ben ik meer van het doen. Nu we weten dat we weg willen van vervuilende en ziek makende producten en productieprocessen is het zaak om stapjes te gaan nemen. Vanwege de complexiteit is het zaak om  onze ogen voortdurend open te houden voor betere oplossingen en nieuwe inzichten. Dat betekent dat waarheden voorwaardelijk worden, context afhankelijk (wat hier duurzaam is, hoeft dat elders niet te zijn) en subjectief. Of zoals Thierry de Baillon stelt in tweedelig stuk over design thinking: complexe problemen kun je beter tackelen via veel kleine beslissingen dan via een grote beslissing. Waarbij het volgens Bob Sutton dan wel weer van belang is om stong opinions, weakly held te hebben.

    Met dank aan Louis Suarez voor de inspiratie.

  • Impressie Powershift bijeenkomst 28 juni 2011

    Op donderdag 28 juni was ik via Igor Kluin uitgenodigd bij de Powershift bijeenkomst die Sogeti en Rijkswaterstaat samen organiseerde in het LEF Future Centre van Rijkswaterstaat in Utrecht. Onderwerp van de bijeenkomst was de vraag hoe we de Energietransitie in Nederland kunnen versnellen. Aanleiding voor de bijeenkomst was een internationale studie uitgevoerd door VINT over de stand van zaken op gebied van energietransitie.

    Menno van Doorn, een van de onderzoekers, legde na afloop van de bijeenkomst uit dat er geen dik rapport zal komen, want die zijn er al genoeg. In plaats daarvan staan fragmenten van de interviews online op Vimeo. Je kan ze op dit Vimeo kanaal vinden en ik zal de komende weken de verschillende delen hier de revue laten passeren. Er zit namelijk voldoende stof tot nadenken in de fragmenten.

    Voor nu de inleiding en een korte impressie van de bijeenkomst.

    [vimeo http://www.vimeo.com/25663459 w=400&h=220]

    Powershift Introduction from Sogeti VINT on Vimeo.

    De Powershift bijeenkomst

    Het was een inspirerende bijeenkomst, op een mooie locatie. Al moet ik eerlijk zeggen dat de dag het niet haalde bij de speech van Van Jones eerder op de Powershift bijeenkomst in de VS. Tijdens de dag (zowel plenair, als in kleinere groepjes) werd mij erg duidelijk dat de verschillen van inzicht in de energiewereld groot (aan het worden) zijn. Het duidelijkst werd dat in de gesprekken over de toekomstige rol en het business model van grote energiebedrijven.

    Een aantal aanwezige grote energiebedrijven vertelde sterk in te zetten op een functie als energiemakelaar in een decentrale energiewereld, waarbij ze verdienen aan het afstemmen van bijvoorbeeld vraag en aanbod. Er waren ook een paar grote energiebedrijven die een heel ander business model bedacht hadden. Het meest in het oog springende plan vond ik om klanten korting te geven als ze op jaarbasis precies afnemen wat ze van te voren hebben afgesproken (mogelijk zelfs op het tijdstip dat ze hebben afgesproken), maar ze fors te laten betalen als ze meer of minder elektriciteit afnemen. Als potentiële klant vond ik dat nou niet echt een aantrekkelijk idee, alsof je gestraft wordt voor minder minuten bellen dan er in je belbundel zitten…

    Daarnaast waren er kleine bedrijven die sterk inzetten op business modellen om decentrale, duurzame energie en energiebesparing voor burgers en bedrijven interessant te maken. Waarbij soms samenwerking met grotere marktpartijen wordt gezocht om schaalgrootte te genereren.

    Stof tot nadenken

    Van de ideeën die ik heb gehoord wil ik er drie niet ongenoemd laten:

    • De nationale black-out day: een dag zonder elektriciteit om iedereen bewust te maken van de kwetsbaarheid van onze elektriciteitssysteem en van onze afhankelijkheid daarvan. En zoals Igor Kluin stelde: iedereen is zelf verantwoordelijk om daar al dan niet wat aan te doen. Het idee is afkomstig van de groep die zich bezig hield met bewustwording van de burger.
    • Iedere vierkante meter moet meervoudig productief zijn.
    • De ‘Tupperware’ energieparty, waarop leden van VvE’s of huiseigenaren uitleg krijgen over de (on)mogelijkheden van decentrale, duurzame energie.
  • Veerkrachtige steden: de economische ratio van Jeff Rubin

    Na een hele reeks presentaties van ontwerpers en biologen over veerkrachtige steden vind ik het vandaag tijd voor een economische insteek. Bereidt je voor op wat hersenkrakers en omdenkmomenten. Waarom ethiek gebruiken als de markt het ook kan? We zijn nauwelijks uit de recessie en de olieprijs staat op een hoogte die we tot voor kort als zeer schadelijk voor de economie beschouwde. Laat staan wat de prijs gaat doen als de economie echt aantrekt…

  • Veerkrachtige steden toegift

    Mark van Baal vroeg zich vorig jaar in een artikel in Ode af wat er komt na duurzaamheid. Hij stelde voor om uit te gaan van het begrip veerkracht. Een mooi concept, inmiddels heb ik ook een aantal geweldige filmpjes op internet gevonden dat invulling geven aan het begrip voor steden.

    Als toegift op een week vol berichten over veerkrachtige steden vandaag een met feiten en cijfers overladen presentatie van Peter Calthrope. Ondanks de hoeveelheid cijfers is het zeker geen saaie presentatie. Calthrope gaat onder andere in op de relatie tussen bouwwijze en CO2 uitstoot, maar ook op het verband tussen waarde van het vastgoed en de ‘loopbaarheid’ van de buurt. Waarschuwing voor autominnaars en OV-haters: het bekijken van deze presentatie kan je aan het nadenken zetten 😉

  • Veerkrachtige steden: verticale tuinen

    Mark van Baal vroeg zich vorig jaar in een artikel in Ode af wat er komt na duurzaamheid. Hij stelde voor om uit te gaan van het begrip veerkracht. Een mooi concept, inmiddels heb ik ook een aantal geweldige filmpjes op internet gevonden dat invulling geven aan het begrip voor steden. Daarom deze week een reeks over veerkrachtige steden.

    Vandaag een aantal presentaties over verticale tuinen en alles wat daarbij komt kijken. Het onderwerp sluit mooi aan bij het verhaal van Jan Rotmans, maar ook bij de ontwikkeling van urban farming en groene daken in Nederland.

  • Presentaties over veerkrachtige steden in Californië

    Mark van Baal vroeg zich vorig jaar in een artikel in Ode af wat er komt na duurzaamheid. Hij stelde voor om uit te gaan van het begrip veerkracht. Een mooi concept, inmiddels heb ik ook een aantal geweldige filmpjes op internet gevonden dat invulling geven aan het begrip voor steden. Daarom deze week een reeks over veerkrachtige steden.

    Vandaag een lange zit (maar dat mag best op een zaterdag), maar zeker de moeite waard. Als je niet zoveel tijd hebt, kijk dan even op de website van Fora.tv voor de onderdelen die je het meest interesseren.

  • Jan Rotmans over veerkrachtige steden

    Mark van Baal vroeg zich vorig jaar in een artikel in Ode af wat er komt na duurzaamheid. Hij stelde voor om uit te gaan van het begrip veerkracht. Een mooi concept, inmiddels heb ik ook een aantal geweldige filmpjes op internet gevonden dat invulling geven aan het begrip voor steden. Daarom deze week een reeks over veerkrachtige steden.

    Vandaag aandacht voor Jan Rotmans, een van de nestors van de transitie naar een duurzame economie in Nederland. Hieronder vind je zijn presentatie van het TVVL congres. De presentatie is in vier delen geknipt. In het eerste deel gaat Jan Rotmans in op het ontstaan van een nieuwe economie rond duurzaamheid, mondiaal gezien de snelst groeiende economie. In het tweede deel geeft hij 10 verrassende manieren om te kijken naar duurzaamheid in de gebouwde omgeving. Het derde deel gaat over oud en nieuw denken: biomassa als grondstof, een denkrichting voor de Rotterdamse haven en het Doorbraakplan. In het vierde deel constateert Rotmans dat we wel goed bouwen, maar hij vraagt zich af of we wel de goede dingen bouwen? Wat denk jij na het zien van Rotmans presentatie?

    [youtube http://www.youtube.com/watch?v=1iLVoJFC4TY&w=560&h=349]

    [youtube http://www.youtube.com/watch?v=rhl0om5f9I4&w=560&h=349]

    [youtube http://www.youtube.com/watch?v=UEY_PnHniuc&w=560&h=349]

    [youtube http://www.youtube.com/watch?v=KRcTSFEPVDY&w=560&h=349]

  • Veerkrachtige steden: Natalie Jeremijenko: The art of the eco-mindshift

    Mark van Baal vroeg zich vorig jaar in een artikel in Ode af wat er komt na duurzaamheid. Hij stelde voor om uit te gaan van het begrip veerkracht. Een mooi concept, inmiddels heb ik ook een aantal geweldige filmpjes op internet gevonden dat invulling geven aan het begrip voor steden. Daarom deze week een reeks over veerkrachtige steden.

    De aftrap is aan een presentatie op TED. Dat is altijd een mooie bron van inspiratie, zeker als je behoefte hebt aan wat anders dan de zwart wit tegenstellingen die de boventoon lijken te voeren in het openbaar debat. In onderstaand filmpje laat Natalie Jermijenko een aantal mooie voorbeelden van omdenken zien. Waarbij de stadse omgeving voor mens en milieu verbeter en er ook nog werkgelegenheid wordt gecreëerd.

    De voorbeelden komen uit haar Environmental Health Clinic. Welke van deze voorbeelden zijn volgens jou bruikbaar voor Nederlandse steden?

  • Manifest maatschappelijk verantwoord inkopen en ondernemen

    Bijna twee jaar geleden vroeg ik me samen met een aantal collega’s af of we de kritiek vanuit het bedrijfsleven op de criteria voor duurzaam inkopen via een interactief proces tot een samenwerking tussen overheid en bedrijfsleven zouden kunnen ombuigen. Beide partijen onderschrijven tenslotte het doel: bij het verduurzamen van de samenleving ook gebruik maken van de inkoopmacht van de overheid cq. de eigen organisatie.

    In het kader van de toolbox van buiten naar binnen bedachten we daarom een interactief proces om via een informeel proces tussen de inkopers van overheidsorganisaties en bedrijfsleven langzaam maar zeker tot een formeel proces tussen beleidsmakers uit bedrijfsleven en overheidsorganisaties te komen. Waarbij de criteria voor duurzaam inkopen die Agentschap NL heeft ontwikkeld als voorbeeld kunnen dienen.

    We hebben ons proces tijdens de slotbijeenkomst van de toolbox gepresenteerd. We hadden het goede voornemen om er mee aan de slag te gaan na de cursus en ook daadwerkelijk wat neer te zetten. Meer dan een berichtje op mijn weblog, en een presentatie en toelichting aan een aantal collega’s van het programma duurzame bedrijfsvoering rijksoverheid is er echter niet van gekomen. Want ieder van ons was te druk met zijn reguliere werkzaamheden om werkelijk tijd in te steken in ons plannetje. We hebben het nog wel ingediend als plan voor de ASN Wereldprijs, maar ook daar hebben we vervolgens te weinig tijd in weten te steken om zelfs maar een weekprijs te winnen.

    De verrassing

    Op dinsdag 8 februari kwam de Nederlandse Vereniging voor Inkoopmanagement (NEVI) met een persbericht dat 17 Chief Procurement Officers van grote publieke en private bedrijven hun streven om duurzaam inkoopmanagement te verankeren hebben vastgelegd in het manifest Maatschappelijk Verantwoord Inkopen en Ondernemen (MVIO). De deelnemende bedrijven zijn: Achmea Zorgverzekeringen, Akzo Nobel, Albert Heijn, Delta Lloyd, Essent Nederland, Heineken Nederland, ING Bank, ING Verzekeringen, Koninklijke DSM, Koninklijke FrieslandCampina, KLM, Koninklijke Philips Electronics, KPN, Nederlandse Spoorwegen, Rabobank Nederland, Rijksoverheid en NEVI.

    Volgens het persbericht zullen de deelnemende bedrijven in vijf jaar tijd milieu -en sociale criteria als vanzelfsprekend worden meegewogen in het inkoopbeleid van hun ondernemingen. De deelnemende bedrijven kunnen daarbij de duurzaam inkoop criteria van Agentschap NL gebruiken of zelf criteria voor maatschappelijke verantwoord inkopen ontwikkelen.

    Of er een verband is tussen het plan voor een alliantie duurzame bedrijfsvoering dat mijn medecursisten en ik hadden uitgedacht en de totstandkoming van het manifest maatschappelijk verantwoord inkopen en ondernemen weet ik niet. Het is in ieder geval wel erg leuk om te zien dat een oud idee in een andere vorm op een andere plaats weer opduikt. Als er een verband is dan is het een goed voorbeeld van je idee laten gaan.

    En nu verder?

    Voor zover mij bekend zijn zo’n beetje alle aan het manifest deelnemende bedrijven lid van VNO-NCW, MKB Nederland en/of MVO Nederland. Ik ben dan ook benieuwd wat de inbreng vanuit deze bedrijven gaat worden in de afgelopen week door MVO NL, MKB NL en VNO-NCW aangekondigde vernieuwing van de duurzaam inkopen criteria. Een van de ideeën die ik tegenkwam in de berichtgeving van MVO Nederland was dat er minder naar lijstjes gekeken moet worden en meer naar een ketenaanpak.

    Ik ben dan wel benieuwd welke vorm van ketenaanpak gekozen gaat worden. Als twee uiterste (voor zover bij mij bekend) heb je aan de ene kant de simpele regels voor duurzaam inkopen van IBM (slechts 4 regels) en aan de andere kant de zeer uitgebreide, wetenschappelijk onderbouwde methodiek van het Sustainability Consortium (waar onder andere Ahold, KPMG en Unilever deel van uitmaken).

    Dit bericht is ook geplaatst op duurzaam pleio en op  het rijksduurzaamheidsnetwerk.

  • Ook Treemagotchi komt er wel 😉

    Sinds vorig jaar ben ik een van de ‘adviseurs’ van Treemagotchi. Een site die mensen aan zet tot duurzamer gedrag met de inzet van social media, ook wel slacktivism genoemd. De ambities van Treemagotchi zijn groot en om deze waar te kunnen maken is vorig jaar besloten het roer om te gooien. De focus ligt voor komend jaar op Treemagotchi@school en Tremagotchi@work. En het mooie is: je kan eigenaar worden van een stukje Treemagotchi

    Zo kan Treemagotchi mooie dingen blijven doen en kan je delen in maatschappelijk en financieel succes. Uit hun mailing:

    Hoe vind je dit klinken?…”Ik ben aandeelhouder van Treemagotchi”. Dat kan dus nu vanaf €250 en elk jaar heb je recht op een deel van de winst.

    Treemagotchi werkt hiervoor samen met stichting wekomenerwel.nl (waar ik al eerder over schreef). Je kan Treemagotchi vanaf nu ook volgen op hun blog.