Meer dan 11.000 wetenschappers waarschuwen voor klimaatcrisis

27 jaar geleden, in 1992, publiceerde de ‘Union of Concerned Scientists’, samen met meer dan 1.700 onafhankelijke wetenschappers, met onder hen de meerderheid van de nog levende Nobelprijswinnaars Natuurwetenschappen, de ‘World Scientists’ Warning to Humanity’ (pdf). Deze bezorgde wetenschappers riepen de mensheid op de vernietiging van ons milieu af te remmen en waarschuwden dat:

een grote verandering in de omgang van de mensheid met de aarde en het leven noodzakelijk zou zijn, als we enorme menselijke ellende nog wilden voorkomen.

Deze week herhaalde William J Ripple, Christopher Wolf, Thomas M Newsome, Phoebe Barnard, en William R Moomaw deze oproep in een publicatie in BioScience. De publicatie werd ondertekend door ruim 15,364 mensen, waarvan ruim 11.000 wetenschappers, uit 184 landen. Ripple et al. constateren dat er op een paar onderdelen na in 27 jaar weinig vooruitgang is geboekt. Dit baseren ze op een wetenschappelijke analyse van meer dan veertig jaar aan beschikbare gegevens over onder andere energieverbruik, temperatuur, bevolkingsgroei, ontbossing, ijsmassa en emissies.

Het goede nieuws

Om het bericht optimistisch te houden begin ik bij het goede nieuws. Volgens de auteurs toont de snelle wereldwijde afname in de productie van ozon-schadelijke stoffen aan dat wij in staat zijn snel positieve veranderingen uit te voeren. De auteurs zien ook vooruitgang in de vermindering van extreme armoede en honger. Andere pluspunten zijn de snelle daling van de geboortecijfers in vele gebieden (ondanks de teruglopende bestedingen aan family planning), toe te schrijven aan investeringen in het onderwijs aan meisjes en vrouwen, de veelbelovende daling van ontbossing van sommige gebieden, en de snelle groei van de hernieuwbare energiesector.

Het slechte nieuws

Ondanks het goede nieuws zijn de bedreigingen voor ons ecosysteem op aarde de afgelopen 25 jaar verre van afgenomen. Deze zijn zelfs veel erger geworden, zoals onderstaande figuur laat zien. Alarmerend is volgens de auteurs de huidige tendens naar een potentieel catastrofale klimaatverandering als gevolg van de toename van broeikasgassen in de atmosfeer door de verbranding van fossiele brandstoffen (Hansen et al. 2013), door ontbossing (Keenan et al. 2015) en door landbouwproductie – in het bijzonder de toename van herkauwers voor de vleesconsumptie (Ripple et al. 2014). Verder hebben wij volgens de auteurs een massa extinctie ontketend, de zesde in ruwweg 540 miljoen jaar. Deze massa extinctie zou vele van de huidige levensvormen kunnen vernietigen of richting uitsterving tegen het eind van deze eeuw sturen.

Ripple et al. stellen:

Wij brengen onze toekomst in gevaar door onze intensieve, maar geografisch en demografisch ongelijke materiële consumptie niet te beteugelen en omdat wij ons niet realiseren dat de snelle toename van de bevolking de hoofdreden is achter vele ecologische en zelfs sociale gevaren (Crist et al. 2017).Omdat we er niet in te slagen de bevolkingstoename te beperken, de rol van een economie enkel gebaseerd op groei te herzien, broeikasgassen te verminderen, hernieuwbare energie uit te breiden , biotopen te beschermen, ecosystemen te herstellen, verontreiniging onder controle te houden, dierensterfte te stoppen en invasieve vreemde fauna en flora te beperken, onderneemt de mensheid niet de noodzakelijke stappen om onze bedreigde biosfeer te beveiligen.

Wereldwijde klimaatplannen schieten te kort

De constateringen van de Ripple et al. ten aanzien van de voortgang op gebied van klimaatbeleid komen overeen met een recent rapport van het Universal Ecological Fund dat stelt dat enkel de plannen van de EU en een aantal andere Europese landen afdoende zijn om aan de doelstellingen van het klimaatakkoord van Parijs te voldoen. Van de 184 landen die toezeggingen hebben scoren slechts 36 een voldoende, terwijl 12 gedeeltelijk voldoende scoren. De overigen scoren een (gedeeltelijke) onvoldoende.

Van de vijf grootste uitstoters van broeikasgassen zijn enkel de toezeggingen van de EU voldoende. De EU zet in op tenminste 40% CO2e reductie ten opzichte van 1990 in 2030. De lidstaten liggen volgens het Universal Ecological Fund op koers om gezamenlijk 58% reductie te behalen. China heeft grootse plannen, maar deze zijn volgens het Universal Ecological Fund de komende jaren nog onvoldoende om de broeikasgasemissies in China daadwerkelijk te laten dalen. Ook India’s broeikasgasemissies stijgen naar verwachting nog tot 2030 door economische groei. De Verenigde Staten hebben recent stappen gezet om het klimaatakkoord van Parijs te verlaten, al zal dat pas na de presidentsverkiezingen volgend jaar z’n effect krijgen. Rusland heeft nog helemaal geen toezeggingen voor het reduceren van haar broeikasgasemissies gedaan. Het enige lichtpunt is dat Rusland recent wel toegetreden is tot het klimaatakkoord van Parijs.

Niet alleen de plannen om klimaatemissies te verminderen zijn onvoldoende, ook de realisatie schiet te kort. Veel landen hebben namelijk nog onvoldoende beleid om de gestelde doelen te halen. Ook komen landen hun toezeggingen voor financiering, technologieoverdracht en kennisopbouw niet na. Het niet nakomen van deze toezeggingen is een probleem, want 126 landen hebben hun toezeggingen hier geheel of gedeeltelijk van afhankelijk gemaakt.

Benodigde acties

Volgens Riple et al. zijn voor een overgang naar duurzaamheid de volgende effectieve en gevarieerde stappen nodig (niet in
volgorde van belang of urgentie):

  • Prioriteit geven aan de oprichting van stevig gefinancierde en goed beheerde reservaten voor een belangrijk deel van de leefgebieden van de aarde op het land, het water, de zee en de lucht.
  • behoud van de natuurlijke ecosysteemdiensten door het stoppen van de herbestemming van de bossen, graslanden, en andere inheemse leefgebieden;
  • grootschalig herstel van inheemse aanplantingen, boslandschappen in het bijzonder;
  • wilde inheemse diersoorten opnieuw uitzetten, zeker de top predators om de ecologische processen en dynamiek te herstellen;
  • ontwikkeling en uitvoering van passende beleidsinstrumenten om het uitsterven van dieren te verhelpen en om de stroperij en de handel en exploitatie van bedreigde diersoorten te stoppen;
  • verminderen van voedseloverschotten door opvoeding en betere infrastructuur;
  • stimuleren van de consumptie van plantaardige voedingsmiddelen;
  • verdere vermindering van de geboortecijfers, door vrouwen en mannen toegang te geven tot onderwijs en diensten voor vrijwillige gezinsplanning, met name in gebieden waar deze middelen nog steeds ontbreken;
  • bevorderen van natuureducatie in open lucht voor kinderen en van een algemene betrokkenheid van de samenleving voor de waardering van de natuur;
  • het overhevelen van financiële investeringen naar positieve ecologische innovatie;
  • ontwikkeling en bevordering van nieuwe groene technologieën en massaal omschakelen naar hernieuwbare energiebronnen, met een gelijktijdige afschaffing van subsidies voor de productie van energie uit fossiele brandstoffen;
  • herziening van onze economie om de ongelijke verdeling van kapitaal te verminderen en ervoor te zorgen dat prijzen, belastingen en financiële toeslagen rekening houden met de werkelijke kosten van consumptiepatronen op onze omgeving; en
  • het inschatten van de grootte van een wetenschappelijk verdedigbare, duurzame menselijke populatie op lange termijn en tegelijk landen en hun leiders verenigen om dit cruciaal doel te ondersteunen.

Om een wijdverbreide ellende en een catastrofaal verlies aan biodiversiteit te voorkomen, moet de mensheid  volgens Ripple et al. een duurzaam milieugericht businessmodel uitwerken en uitvoeren. Vijfentwintig jaar geleden was dit reeds ondubbelzinnig geformuleerd door wetenschappers, maar in de meeste opzichten hebben we geen rekening gehouden met hun waarschuwing. Volgens de Rippel et al. is het vijf voor twaalf en zal het binnenkort te laat zijn om corrigerende maatregelen te nemen. De auteurs stellen dat we moeten erkennen, in ons dagelijks leven en in onze bestuurlijke instellingen, dat de Aarde met al zijn leven ons enige huis is.

Onder druk wordt alles vloeibaar

Veel politieke leiders reageren op publieke druk (of op tractoren en graafmachines). Daarom moeten wetenschappers, opiniemakers en burgers er volgens Ripple et al. op aandringen dat hun overheden direct maatregelen nemen. Dit is volgens hen een morele verplichting tegenover huidige en toekomstige generaties van menselijk en ander leven. De toename van georganiseerde initiatieven vanuit de basis noemen ze hoopvol. Daarnaast zullen volgens hen ook ons individueel gedrag moeten veranderen. Bijvoorbeeld door het drastisch verminderen van onze individuele consumptie van fossiele brandstoffen, vlees, en andere natuurlijke rijkdommen. Ook nadenken over het aantal kinderen dat we krijgen behoort daarbij. Waarbij meteen opgemerkt dat rijke mensen een veelvoud vervuilen van arme mensen.

De Nederlandse vertaling van de oproep van de 11.000 wetenschappers is hier (pdf alert) te vinden.

Dit bericht is geschreven voor en gepubliceerd op Sargasso.

Wil de Galileo van de klimaatwetenschap opstaan?

Het is een vaak gebruikt argument van de ontkenners van klimaatwetenschap: de kerk geloofde Galileo ook niet toen hij zei dat de aarde om de zon draait. De kerk is in de beeldspraak van ontkenners de huidige klimaatwetenschap. En Galileo is willekeurig welke ontkenner van die wetenschap, zolang deze maar beweert dat menselijk handelen niet de oorzaak is van de huidige klimaatverandering. Daarom vandaag een kleine zoektocht naar de Galileo van de klimaatwetenschap, die waarschijnlijk verre van compleet is. Waarbij Galileo naar mijn mening een wetenschapper was die, in weerwil van de heersende opvatting dat de aarde het middelpunt van het heelal, op zoek ging naar bewijzen voor de theorie van Copernicus, waarin de zon het middelpunt van het heelal is.

De aarde als middelpunt van het heelal

Tot aan de 17 eeuw was de opvatting van de kerk dat de aarde het centrum van het heelal was. Vlak voor zijn dood in 1534 publiceerde Copernicus zijn theorie, waarin de zon het centrum van het universum was. Het boek trok weinig aandacht van het Vaticaan totdat Galileo er in de 17e eeuw naar begon te verwijzen. Met behulp van onderzoek met zijn telescoop verzamelde hij bewijzen voor de theorie van Copernicus. Zijn publicaties hierover brachten Galileo in conflict met de Katholieke kerk en leverde hem uiteindelijk een levenslang huisarrest op. De Katholieke kerk sprak pas in 1992 haar excuses uit, waarmee Galilei’s naam werd gezuiverd en Galilei werd erkend als gelovig mens. Tijden veranderen, want inmiddels is de zon ook niet meer het middelpunt van het heelal in de theorieën over het heelal.

Als we een klimaat-Galileo aan willen wijzen zoeken we dus een wetenschapper die tegen de heersende opvattingen in zijn tijd ver vooruit is met zijn voorspelling over de menselijke invloed op klimaat. Tot ver in de 20ste eeuw was de algemene overtuiging dat de nietige mens niet in staat is tot permanente veranderingen aan de aarde. Enkel door het voeren van een kernoorlog kon de mens blijvende invloed hebben op het klimaat op aarde. Ondanks de overheersende opvatting dat de mens geen invloed op wereldschaal kan hebben is er al lange tijd een onderstroom van wetenschappers die anders beweert. Deze mensen komen dus in aanmerking voor de titel klimaat-Galileo. Als mensen vasthouden aan het 19e eeuwse idee dat de mens te  nietig is om effect te hebben op mondiaal niveau dan heeft dat weinig tot niets te maken met Galileo.

Kandidaat klimaat-Galileo: John Tyndall

In 1859 demonstreerde Tyndall dat sommige gassen infraroodstraling blokkeren. Hij stelt dat veranderingen in concentraties van deze gassen veranderingen klimaatverandering kunnen veroorzaken. Slechts weinigen binnen en buiten de wetenschap besteedden aandacht aan de ideeën van Tyndall.

Kandidaat klimaat-Galileo: Svante Arrhenius

In 1896 publiceerde de Zweedse Arrhenius het idee dat de mensheid de gemiddelde temperatuur op aarde kan verhogen door het verbranden van fossiele brandstoffen. Het was slechts een van de ideeën over mogelijke oorzaken van klimaatverandering. Slechts enkele wetenschappers besteedden aandacht aan het idee van Arrhenius en gebruikte experimenten en ruwe aannames om te beargumenteren dat menselijke emissies de aarde niet konden veranderen. De meeste mensen vonden het vanzelfsprekend dat de nietige mens nooit de wereldwijde natuurlijke processen kon verstoren.

Andere wetenschappers waren sceptisch over de theorie van Arrhenius, mede ingegeven door het simplisme van het model. Zo hield het model geen rekening met de invloed van veranderingen in bewolking. In metingen met de toenmalige spectograven overlapte de bandbreedte waarin CO2 en waterdamp infrarood reflecteerde elkaar. Meer CO2 kon geen effecten hebben op de uitstraling in de bandbreedte van waterdamp, omdat waterdamp in die bandbreedte al blokkeerde. Daarbij beschouwde de toenmalige wetenschappers de atmosfeer als één grote dikke laag. Huidige wetenschappers verdelen de atmosfeer in verschillende lagen. De wereldwijde gemiddelde temperatuur wordt gereguleerd door de dunne buitenste lagen van de atmosfeer, waar infraroodstraling makkelijk kan ontsnappen uit de dampkring. Hoe hoger hoe kouder de atmosfeer wordt. Koude lucht kan minder waterdamp bevatten, waardoor een stijging van andere broeikasgassen (zoals CO2) met 1% veel invloed kan hebben op de wereldwijde temperatuur.

Kandidaat klimaat-Galileo: Guy Stewart Callendar

Guy Steward Callender was een Engelse amateurwetenschapper. Hij beargumenteerde in de jaren 30 dat de waargenomen opwarming in de Verenigde Staten en het Noord-Atlantische gebied geen onderdeel was van een natuurlijke cyclus, maar het het gevolg van menselijk handelen. Hij ging er van uit dat de gevolgen van de opwarming positief zouden zijn.

Kandidaat klimaat-Galileo: Edward Telle

Edward Telle was een natuurkundige die in 1959 de olieindustrie waarschuwde voor klimaatverandering als gevolg van het gebruik van hun product. Bij een congres voor het 100 jarig bestaan van de olieindustrie vertelde hij het verzamelde publiek:

Ladies and gentlemen, I am to talk to you about energy in the future. I will start by telling you why I believe that the energy resources of the past must be supplemented. First of all, these energy resources will run short as we use more and more of the fossil fuels. [….] But I would […] like to mention another reason why we probably have to look for additional fuel supplies. And this, strangely, is the question of contaminating the atmosphere. [….] Whenever you burn conventional fuel, you create carbon dioxide. [….] The carbon dioxide is invisible, it is transparent, you can’t smell it, it is not dangerous to health, so why should one worry about it?

Carbon dioxide has a strange property. It transmits visible light but it absorbs the infrared radiation which is emitted from the earth. Its presence in the atmosphere causes a greenhouse effect [….] It has been calculated that a temperature rise corresponding to a 10 per cent increase in carbon dioxide will be sufficient to melt the icecap and submerge New York. All the coastal cities would be covered, and since a considerable percentage of the human race lives in coastal regions, I think that this chemical contamination is more serious than most people tend to believe.

Na afloop vatte hij zijn waarschuwing als volgt samen:

At present the carbon dioxide in the atmosphere has risen by 2 per cent over normal. By 1970, it will be perhaps 4 per cent, by 1980, 8 per cent, by 1990, 16 per cent [about 360 parts per million, by Teller’s accounting], if we keep on with our exponential rise in the use of purely conventional fuels. By that time, there will be a serious additional impediment for the radiation leaving the earth. Our planet will get a little warmer. It is hard to say whether it will be 2 degrees Fahrenheit or only one or 5.

But when the temperature does rise by a few degrees over the whole globe, there is a possibility that the icecaps will start melting and the level of the oceans will begin to rise. Well, I don’t know whether they will cover the Empire State Building or not, but anyone can calculate it by looking at the map and noting that the icecaps over Greenland and over Antarctica are perhaps five thousand feet thick.

Met zijn waarschuwing tijdens een congres van de olieindustrie maakt Edward Telle een goede kans op de titel klimaat-Galileo.

Kandidaat klimaat-Galileo: Charles Keeling

In de jaren 50 werden studies op touw gezet om Callendar’s ideeën te toetsen. Dankzij betere technieken en meer overheidsfinanciering, mede vanwege militaire belangstelling voor betere weersvoorspellingen, wisten wetenschappers aan te tonen dat de CO2-concentratie in de atmosfeer inderdaad kon toenemen en dat dit een opwarmend effect kon hebben.

In 1960 wist Charles Keeling dit voor het eerst nauwkeurig in beeld te brengen. Aan Charles Keeling danken we de Keeling curve.

Kandidaat klimaat-Galileo: E. Robinson en R.C. Robbins

In 1968 publiceerde E. Robinson en R.C. Robbins een rapport in opdracht van het American Petroleum Institute. In dit rapport stond de volgende waarschuwing te lezen over het effect van hun product op het klimaat op aarde:

Significant temperature changes are almost certain to occur by the year 2000, and these could bring about climatic changes. […] there seems to be no doubt that the potential damage to our environment could be severe. […] pollutants which we generally ignore because they have little local effect, CO2 and submicron particles, may be the cause of serious world-wide environmental changes.

Robinson en Robbins maken een goede kans op de titel klimaat-Galileo met  het publiceren van een waarschuwing over klimaatverandering ten gevolge van CO2 in een rapport in opdracht van de olieindustrie.

Kandidaat klimaat-Galileo: James Hansen

In 1988 getuigde NASA wetenschapper James Hansen voor het de Amerikaanse Senaat over klimaatverandering. Dertig jaar later kan geconcludeerd worden dat hij grotendeels gelijk heeft gehad.

Of dat voldoende is voor de titel klimaat-Galileo?

Conclusie

Bij door menselijk handelen veroorzaakte klimaatverandering is er naar mijn mening niet echt één Galileo aan te wijzen. Verschillende mensen hebben de afgelopen eeuwen gewezen op de mogelijkheid dat het verbranden van fossiele brandstoffen klimaatverandering kan veroorzaken. Voor het grote publiek is James Hansen de grote bekende. Binnen de fossiele energie industrie komen mensen als Edward Telle, Robinson en Robbins meer in aanmerking. Vanuit wetenschappelijk oogpunt ligt Callendar meer voor de hand. Een ding is zeker: wat in al die tijd niet verandert is is het fanatisme waarmee de onwelkome boodschap dat het verbranden van fossiele brandstoffen door mensen het klimaat kan veranderen wordt bestreden. De fossiele energiekerk legt alleen geen huisarrest op, maar stuurt een leger social media trollbots of fossiel gefinancierde denktanks op je af.

Dit bericht is geschreven voor en gepubliceerd op Sargasso.

VN-rapport United in Science: laatste 5 jaar warmste ooit gemeten

De periode 2015-2019 is volgens wetenschappers de warmste periode ooit gemeten met een temperatuur 1,1 graden Celsius boven pre-industrieel niveau. De hoeveelheid ijs neemt ook nog steeds af, de zeespiegel stijgt, oceanen verzuren en de concentratie van belangrijke broeikasgassen als koolstofdioxide (CO2), methaan (CH4) en lachgas (N2O) bevind zich op record hoogte voor de periode met menselijke beschaving. Het rapport United in Science is het product van een samenwerking tussen verscheidene belangrijke wetenschappelijke instituten zoals de Wereld Meteorologische Organisatie en het klimaatpanel IPCC. In het rapport stellen de wetenschappers ook dat de wereld nog steeds te weinig doet om klimaatverandering en de gevolgen ervan tegen te gaan. Het rapport United in Science is gisteravond aan de vooravond van de VN-klimaattop in New Yorkgepubliceerd. De hoop en verwachting is dat landen hier hun inzet om de doelstellingen van het klimaatakkoord van Parijs te halen zullen verhogen. De afgelopen dagen gingen wereldwijd al miljoenen jongerende straat op om daartoe op te roepen. Deze acties gaan door tot en met vrijdag.

Belangrijkste punten uit United in Science

Dat de afgelopen 5 jaar de warmte periode is kan geen verrassing zijn voor degene die de maandelijkse update van de wereldtemperatuur van Steeph op Sargasso volgen. Dat het ijs op de polen smelt kan ook weinigen ontgaan. De minimale hoeveelheid ijs in de zomer is in de periode 19792-2018 met ongeveer 12% per decennium geslonken. De vier laagste hoeveelheden winterijs traden op in de periode 2015-2019, in deze periode verloren gletsjers recordhoeveelheden ijs. Op de zuidpool is het verlies aan ijs verzesvoudigd tussen 1979 en 2017.

De waargenomen stijging van de gemiddelde zeespiegel is toegenomen van 3,04 millimeter per jaar in de periode 1997-2006 naar ongeveer 4 millimeter per jaar in de periode 2007-2016. Dit komt door opwarming van de oceanen (daardoor zet water uit) en door het smelten van ijs op Groenland en West Antarctica. De verzuring van de oceaan is met 26% gestegen sinds het begin van het industriële tijdperk (voor 1750).

De niveau’s van de langjarige broeikasgassen koolstofdioxide (CO2)), methaan (CH4)) en lachgas (N2O) heeft nieuwe hoogtes bereikt. De laatste keer dat de aarde een concentratie van meer dan 400 ppm (parts per million) CO2 kende was 3-5 miljoen jaar geleden. De temperatuur lag toen 2-3°C hoger dan nu. Het ijs van Groenland en West Antarctica was gesmolten, net al een deel van Oost Antarctica. Hierdoor lag de zeespiegel 10-20 meter boven het huidige niveau.

In 2017 lag de wereldwijde gemiddelde concentratievan CO2 op 405,6 ppm, 146% boven het niveau van voor 1750. De concentratie CH4 lag op 1859 parts per billion (ppb), 257% boven het niveau van voor 1750. De concentratie van N2O was in 2017 329.9 ppb, 122% boven het pre-industriële niveau. De snelheid waarmee de CO2 concentratie stijgt neemt nog steeds toe. In de periode 1985-1995 steeg de concentratie met 1,42 ppm/jaar, in 2005-2015 was dit toegenomen tot 1,86 ppm/jaar.

De CO2 emissies zijn in 2018 met 2% gestegen naar een nieuw record van 37 miljard ton. Het VN rapport ziet nog steeds geen piek in de wereldwijde emissies, ook al stijgen de CO2 emissies inmiddels langzamer dan de wereldwijde economische groei. De huidige verwachting is dat de emissies in 2019 minstens net zo hoog worden als in 2018.

De wereldwijde energievoorziening wordt nog steeds gedomineerd door fossiele energie, ondanks een enorme groei in hernieuwbare energie in het laatste decennium. De jaarlijkse groei van het wereldwijde energieverbruik is groter dan de jaarlijkse groei van hernieuwbare energie. Wat betekent dat het gebruik van fossiele energie nog steeds groeit. Deze groei moet onmiddellijk stoppen aldus de opstellers van het rapport.

De werking van natuurlijke CO2 opslag, zoals vegetatie en oceanen, die ongeveer de helft van de uitstoot van menselijke activiteiten absorberen worden minder efficiënt. Dat vergroot de noodzaak om bodems te herstellen en nieuwe bossen aan te planten.

Emissions gap

In november komt het nieuwe UNEP Emissons Gap Rapport uit. Dit rapport vergelijkt de werkelijke emissies van broeikasgassen met het niveau waarop we zouden moeten zitten als we het meest kostenefficiënte pad om de doelstellingen uit het klimaatakkoord van Parijs willen volgen. Het verschil hiertussen is de ‘emissions gap’.

De UNEP verwacht niet dat de wereldwijde emissies voor 2030 zullen dalen. Uitgaande van de huidige toegezegde bijdragen van landen (Nationally Determined Contribution, NDC’s) is het gat in 2030 13 tot 15 Gigaton CO2e om de 2 graden doelstelling te halen. De huidige NDC’s verlagen de wereldwijde broeikasgasemissies tot 2030 met 6 GtCO2e in vergelijking met het huidige beleid. Deze ambitie moet grofweg verdrievoudigen voor de 2 graden doelstelling en vervijfvoudigen voor de 1,5 graden doelstelling. Met de huidige NDC’s komt de wereldwijde temperatuurstijging in 2100 op 2,9 tot 3,4 graden Celsius ten opzichte van de pre-industriële temperatuur.

Als de ambities uit de huidge NDC’s en de bijbehorende daden nu niet worden bijgesteld raakt de doelstelling om onder de 1,5 graden te blijven buiten beeld. Als de emissions gap niet wordt gedicht voor 2030 is het zeer waarschijnlijk dat ook de doelstelling om ruim onder (well-below) de 2 graden te blijven buiten bereik raakt. Een groot deel van het gat kan gedicht worden met bewezen beleid en technieken, zoals duurzame energie en herbebossing. Beleid en technieken die ook bij kunnen dragen aan andere sutainable development goals.

Klimaatverandering: sneller dan gedacht

Er is volgens de wetenschappers duidelijk en geconsolideerd bewijs dat menselijke invloed de dominante oorzaak van veranderingen op aarde, in een nieuw geologisch tijdperk, het antropoceen. De groeiende klimaatimpact vergroot het risico om kritische tipping points te passeren. Het gaat dan om punten die verrijkende, soms zelfs abrupte of onomkeerbare veranderingen op gang brengen. Er is een groeiend besef dat klimaatverandering sneller en harder toeslaat dan een decennium geleden werd gedacht.

PS vergeet niet uw favoriete ontkenner van klimaatwetenschap te nomineren voor de Gouden Hockeystick.

Dit bericht is geschreven voor en gepubliceerd op Sargasso.


Wetenschap: kans op hittegolf juni minstens vijf keer zo waarschijnlijk door klimaatverandering

Afgelopen juni was wereldwijd de heetste juni ooit gemeten. Ook werden er verschillende Europese weerrecords gebroken. Deze extreme hitte leidde onder andere tot natuurbranden in Spanje, verlaging van de maximumsnelheid op Duitse wegen en uitstel van nationale schoolexamens in Frankrijk. Kunnen we dit extremere weer toeschrijven aan klimaatverandering?

Klimaatwetenschapper Geert Jan van Oldenborgh van het KNMI werkt met een groep onderzoekers van World Weather Attribution aan zogenaamde ‘attributiewetenschap’. Uit de studie naar de hittegolf van afgelopen juni in Frankrijk bleek dat deze hittegolf minstens vijf keer zo waarschijnlijk is geworden door klimaatverandering. De effecten van klimaatverandering zijn dus nu al merkbaar.

Onderzoeken kunnen ook aantonen dat er geen relatie is met klimaatverandering, vertelt Geert Jan van Oldenborgh:

We hebben ook studies gedaan naar de droogte in Oost-Afrika, waar we geen enkel verband konden vinden met klimaatverandering. Dat rapporteren we ook.

Open waanlink

Dit bericht is geschreven voor en gepubliceerd op Sargasso.

Kans dat mens niet verantwoordelijk is voor klimaatverandering 1 op de 3,5 miljoen

Internationale wetenschappers hebben de resultaten van een aantal gezaghebbende onderzoeken op het gebied van klimaatverandering in de afgelopen decennia naast elkaar gelegd. Uit deze onderzoeken blijkt dat de kans dat de aarde niet sneller opwarmt door toedoen van de mens 1 op de 3,5 miljoen is.

Hiermee is een waarschijnlijkheid bereikt die een ‘gouden standaard’ wordt genoemd. Dit is een maat waarmee in de fysische wetenschappen een waarschijnlijkheid wordt aangeduid, melden de onderzoekers in een artikel in het blad Nature Climate ChangeIn 2012 werd voor het laatst zo’n ‘gouden standaard’ toegekend. Het ging toen om de vondst van het Higgs-deeltje, de ontdekking van het elementaire deeltje dat ervoor zorgt dat alle minieme deeltjes in het universum massa hebben.

Open waanlink

Dit bericht is geschreven voor en gepubliceerd op Sargasso.

Natuurkundetuchtrecht?

In het komende nummer van het Nederlands Tijdschrift voor Natuurkunde wordt de vraag opgeworpen of de Nederlandse Natuurkundige Vereniging een natuurkundig tuchtcollege op zou moeten richten. Een systeem dat bestaat in de medische wetenschap. De conclusie van Gerard van der Steenhoven, hoofddirecteur van het KNMI en voormalig voorzitter van de NNV, is dat een natuurkundetuchtrecht onnodig is. Naar zijn mening zijn er genoeg mechanismen die zelfreinigend werken in de natuurkundige praktijk. Daar is geen tuchtcollege voor nodig. Een opvatting die niet door iedereen gedeeld wordt. Zo meldt Pol Knops op Twitter dat hij hier wel voorstander van is:

Ook Tinus Pulles, gepensioneerd milieuwetenschapper, vind dat de Nederlandse Natuurkundige Vereniging afstand zou moeten nemen van het recente klimaatmanifest, dat later alsnog werd ondertekend door een al overleden persoon.

Dus barst maar los in de commentaren: is het invoeren van natuurkundetuchtrecht naar voorbeeld van het medisch tuchtrecht een goed idee? Ja of nee?

Open waanlink

Dit bericht is geschreven voor en gepubliceerd op Sargasso.