Tag: Local4Local

  • Energierekening maart 2024

    We hebben een warme maart achter de rug, tijd om te kijken naar de ontwikkeling van onze energiekosten, energiegebruik en energieproductie. Wat in maart opviel was dat het veel minder koud was dan in maart vorig jaar, wat ook duidelijk terug te zien is in ons energiegebruik.

    Energiekosten

    Onze energiekosten bedroegen in maart Euro 128. Zo’n 50 Euro minder dan zonder onze winddelen en 25 Euro duurder dan met een dynamisch contract. Dat verschil had 16 Eurocent groter kunnen zijn ten bate van het dynamisch contract als we onze zonnepanelen bij negatieve prijzen uit hadden geschakeld.

    Met de combinatie winddelen en een Local4Local constructie waren we nog een paar euro goedkoper uit geweest. Met als extra voordeel langjarige zekerheid over een groot deel van onze energiekosten, terwijl we minder onbalans en profielkosten hoeven te betalen.

    Voor de berekening van de kosten ben ik ervan uit gegaan dat we de kosten voor winddelen halveren t.o.v. een vast contract. Dit om te compenseren voor het feit dat ik al een tijdje geen uurgegevens van De Windcentrale meer weet in te lezen in Home Assistant en ik dus niet precies tegen welke uurtarieven ik de productie van de winddelen weg kan strepen. Waarschijnlijk is dat er hoge uurprijzen zijn bij weinig wind.

    2024 Maart Energiekosten

    In het eerste kwartaal bedroegen onze energiekosten 691 Euro. Dat is 12% lager dan in het eerste kwartaal van 2023. Zonder winddelen waren onze energiekosten 37% hoger geweest dan nu. Met een dynamisch contract hadden we 19% (Euro 130) kunnen besparen ten opzichte van ons huidige vaste contract. Met de L4L constructie i.c.m. winddelen zou dit oplopen tot 28% t.o.v. ons huidige vaste contract.

    2024 Maart Energiekosten Kw1

    Energiegebruik

    In maart hebben we 760 kWh energie gebruikt. Dat is een daling van 36% t.o.v. maart 2023. Deze daling zit hem deels in minder elektriciteitsgebruik van apparatuur en warm water, maar vooral in minder energiegebruik voor verwarming.

    2024 Maart Energievraag 1

    Verwarming

    Maart 2024 was uitzonderlijk zacht met 51% minder gewogen graaddagen dan in 2023. Dat was terug te zien in ons stookgedrag, we hebben namelijk 41% minder energie gebruikt voor verwarming. Per gewogen graaddag lag ons elektriciteitsgebruik op 0,85 kWh. Daarmee ligt het elektriciteitsgebruik nog lager dan de 0,93 kWh/gewogen graaddag van 2022.

    Op jaarbasis ligt ons energiegebruik voor verwarming op 1,23 kWh/gewogen graaddag. Dat is 6% lager dan gemiddeld met infraroodverwarming.

    2024 Maart Verwarming P Graaddag

    Op jaarbasis ligt ons huidige energiegebruik voor verwarming op 2.972 kWh. Dat is 28% lager dan in een standaardjaar in de periode 1901-1930 (oudst bekende 30 jarige meetreeks met dagtemperaturen van het KNMI). Onderstaande grafiek laat ook goed zien hoe het gemiddeld jaarverbruik voor verwarming daalt sinds we over zijn gestapt op onze COP=1 infraroodverwarming. Met infraroodverwarming besparen we gemiddelde 40% ten opzichte van het langjarig gemiddelde met aardgas. Een wonderbaarlijk gegeven als je bedenkt dat er tussen de jaren met infraroodverwarming toch echt twee coronawinters met volop tCOP=1 thuiswerken en leren zitten. Het zou natuurlijk ook zo kunnen zijn dat het praktijkonderzoek van W/E over infraroodverwarming meer hout snijdt dan de theoretische verhalen van de COP=1 politie…

    2024 Maart Verwarming

    Warm water

    Voor warm water hebben we in maart 113 kWh gebruikt om m.b.v. onze warmtepomp 157 kWh warm water te produceren. Daarnaast heeft onze zonneboiler nog 66 kWh aan warmte geproduceerd.

    Resultaten van warmtepomp maart 2024

    Energieproductie

    In maart hebben onze zonnepanelen en winddelen het goed gedaan. Onze zonnepanelen produceerde op maandbasis 151 kWh, waarvan we de helft zelf hebben gebruikt en de rest terug hebben geleverd. Onze winddelen hebben 323 kWh geproduceerd en onze warmtepomp en zonneboiler 110 kWh. De resterende 172 kWh hebben we ingekocht bij het elektriciteitsbedrijf. Dat betekent dat we in maart 77% van ons energiegebruik zelf hebben geproduceerd.

    2024 Maart Energieproductie 1

    Netto energiegebruik

    Ons netto energiegebruik is in het eerste kwartaal uitgekomen op 1.209 kWh. Dat is 300 kWh lager dan in 2023. Voor een belangrijk deel ligt dit aan minder energiegebruik voor verwarming, doordat het eerste kwartaal van 2024 warmer was dan het eerste kwartaal van 2023. Het seizoenstekort is dit stookseizoen opgelopen tot 1.984 kWh. Ook dat is een stuk lager dan eerdere jaren, hoewel april daar gemiddeld nog zo’n 110 kWh aan toevoegt.

    2024 Maart Netto Energie

    CO2-uitstoot

    De CO2-uitstoot van ons energiegebruik in maart ligt volgens alle 5 methoden lager dan de uitstoot in de periode toen we aardgas gebruikte voor verwarming. Ook gemiddeld genomen hebben we onze CO2-uitstoot volgens alle methoden verminderd sinds we over zijn gestapt op infraroodverwarming.

    Afbeelding 1

    Onze CO2-uitstoot in het eerste kwartaal is ook gedaald ten opzichte van de CO2-uitstoot in de periode dat we met aardgas verwarmden. De mate waarin verschilt per methode, maar alle vijf de methoden laten nu een daling zien.

    Afbeelding 2
  • Energiecontract: vast, variabel of dynamisch?

    Met name op sociale media wordt al een tijd de loftrompet gestoken over het dynamisch elektriciteitstarief als manier om bewuster om te gaan met het elektriciteitsgebruik (gebruiken op momenten met veel zon en/of wind) en als manier om te besparen op de energierekening. Zelf hebben we een andere wijze gekozen om te besparen op de energierekening: de productiemiddelen in eigen bezit nemen. Deels via onze zonnepanelen en deel door het aanschaffen van meerdere winddelen. Bij beide bestaat er momenteel geen financiële stimulans om het elektriciteitsgebruik af te stemmen op de productie van onze winddelen of zonnepanelen.

    Tijd om beide eens te vergelijken. Ik ben daarbij uitgegaan van maanddata van elektriciteitsgebruik, elektriciteitsproductie en stroomprijzen. Het blijft dus een schatting.

    Kosten zonder winddelen

    Op dit moment krijgen we een groot deel van onze stroom van onze winddelen en zonnepanelen. Het restant kopen we in bij Greenchoice.

    De kosten voor de inkoop van stroom, inclusief belastingteruggaaf, vastrecht, en energiebelasting over ingekochte stroom en over de opbrengst van onze winddelen bedroeg in 2023 ongeveer Euro 3.155. Onze zonnepanelen brachten in 2023 ongeveer Euro 640 op. De totale energierekening zonder winddelen zou daarmee uitkomen op ruim Euro 2.500.

    Kosten met winddelen

    Naast onze zonnepanelen hebben we ook meerdere winddelen. De opbrengst van onze winddelen bedroeg dit jaar een kleine Euro 1.500. Daar stonden Euro 225 aan kosten voor beheer en profielkosten tegenover.

    Bij onze winddelen betalen we een vergoeding aan Greenchoice voor profielkosten. Er zijn nou eenmaal momenten dat we wel stroom gebruiken en het niet waait; en momenten dat het wel waait, maar we geen stroom gebruiken. De profielkosten lopen in 2023 op naar zo’n Euro 0,10 per kWh, nu is dat nog zo’n Euro 0,06 per kWh.

    Daarmee komen onze totale kosten in 2023 ongeveer uit op Euro 1.265. Zo’n Euro 105 per maand.

    Kosten dynamisch tarief

    Bij een dynamisch tarief wisselt je elektriciteitstarief elk uur op basis van de prijs die tot stand komt op de stroommarkt. Dat betekent dat je kan profiteren van prijsverschillen, bijvoorbeeld door de wasmachine, droger en warmtepomp aan te zetten op momenten dat de prijs laag is.

    Wanneer we overstappen op een dynamisch tarief zullen we onze winddelen moeten verkopen. Greenchoice biedt namelijk (nog?) geen dynamisch tarief. Dat betekent dat we meer stroom in hadden moeten kopen, maar gemiddeld wel tegen een lager tarief dan de tarieven die Greenchoice rekent. Onderstaande tabel laat zien dat het verschil met name in de eerste helft van 2023 fors was in het voordeel van dynamische tarieven.

    Maanddynamisch maand gemiddeldeGreenchoice
    januari€ 0,343€ 0,810
    februari€ 0,354€ 0,692
    maart€ 0,317€ 0,692
    april€ 0,310€ 0,483
    mei€ 0,285€ 0,463
    juni€ 0,302€ 0,397
    juli€ 0,278€ 0,386
    augustus€ 0,301€ 0,388
    september€ 0,310€ 0,389
    oktober€ 0,300€ 0,389
    november€ 0,305€ 0,390
    december€ 0,283€ 0,390
    Gemiddelde prijs in Euro per kilowattuur. Prijs inclusief btw, variabele opslagen en energiebelasting.

    Op basis van bovenstaande prijzen hadden we in 2023 met een dynamisch tarief zo’n Euro 1.890 aan elektriciteitskosten betaald (inclusief energiebelasting, teruggaaf energiebelasting, vastrecht, opslag per kWh en btw). Onze zonnepanelen zouden in dezelfde periode zo’n Euro 575 hebben opgebracht. De energiekosten bij een dynamisch tarief zouden daarmee ongeveer op Euro 1.315 zijn uitgekomen.

    Conclusie

    2023 Energierekening

    Op basis van bovenstaande berekening kan geconcludeerd worden dat zowel met winddelen als met een dynamisch tarief een forse verlaging van de elektriciteitsrekening mogelijk is.

    De mate van daling is in 2023 vergelijkbaar voor winddelen en dynamisch tarief, al had het dynamisch tarief zo’n Euro 65 duurder uitgepakt.

    Doordat de tarieven bij een dynamisch tarief per dag en uur fluctueren heeft dit product een hoger risicoprofiel. Dat vind ik een nadeel. Bij Greenchoice staat het tarief inmiddels weer voor een jaar vast. Daarmee staan ook de vergoedingen voor de stroom van onze zonnepanelen en winddelen ook voor een jaar vast. De profielkosten van onze winddelen stijgen volgend jaar wel met zo’n Euro 140. Het is dus mogelijk dat we volgend jaar wel een voordeel zouden kunnen behalen met een dynamisch tarief.

    Vooralsnog kies ik voor de zekerheid van zonnepanelen en winddelen boven een dynamisch tarief. Tegelijkertijd laat bovenstaande analyse zien dat er voor mensen met een hoog elektriciteitsgebruik een fors voordeel te halen is door te kiezen voor dynamisch (hoger risicoprofiel) of voor zonnepanelen en winddelen. Winddelen staan momenteel te koop met prijzen variërend van Euro 41 (looptijd tot september 2025) en Euro 100 (looptijd tot september 2030).

    Tegelijkertijd hoop ik dat om | nieuwe energie op niet te lange termijn samen met de aangesloten energiecoöperaties komt met het Local4Local model. Een mooie combinatie van vaste tarieven voor stroom die je afneemt op het moment dat de projecten van de coöperatie stroom produceren en dynamische contracten op momenten dat je stroom afneemt op momenten dat de windturbines en zonnepanelen geen stroom leveren.

  • Energiecontract: vast, variabel, dynamisch of op naar de commons?

    Wie een beetje grasduint op social media en de discussie over energie daar volgt komt daar meestal drie smaken tegen: nationaliseer de boel, verplicht energiebedrijven om weer jaarcontracten aan te bieden en tot slot voorstanders van dynamische tarieven. Tot deze laatste behoren vooral ‘energienerds’ en voorstanders van verduurzaming. Een deel van hen is overgestapt op zogenaamde dynamische energietarieven en roept trots dat ze geld toe krijgen om de elektrische auto te laden.

    Bij alle drie de opties vraag ik me af: helpt dit de energietransitie verder? Wat hebben mensen met een krappe portemonnee aan de voorgestelde maatregel? Maar eerst wat is het verschil eigenlijk tussen vaste, variabele en dynamische tarieven.

    Vaste tarieven

    Een vast tarief is wat het zegt: gedurende de looptijd van het contract betaal je een vast bedrag per kilowattuur of per kubieke meter aardgas. Eventueel is er nog een dag en een nachttarief voor elektriciteit, maar de prijs die je voor beide betaalt per eenheid verbruik verandert niet gedurende de looptijd van het contract.

    Voor het energiebedrijf komt er heel wat meer bij kijken om een vast tarief aan te bieden aan klanten. Het energiebedrijf moet o.a. inschatten wanneer ze denken dat een klant stroom en gas gebruikt. Waarbij er altijd het risico bestaat dat een klant meer of minder gebruikt dan vooraf ingeschat. Of dat de ingekochte elektriciteit niet gelijktijdig geproduceerd en afgenomen wordt, waardoor onbalans ontstaat. Ook kan het zijn dat een energiebedrijf een deel van de op termijn ingekochte energie vooruit moet betalen. Vaak is dat een percentage van de contractwaarde, de beruchte margin call. Al deze kosten versleutelt het energiebedrijf in het vaste tarief.

    Lange tijd zijn vaste tarieven een goede manier geweest voor energiebedrijven om klanten te binden. Een jaar of langer vastigheid over de prijs van gas en elektriciteit, maar dan ook zo lang klant zijn. Bij overstappen volgt een boete. Deze was relatief laag, waardoor overstappen bij prijsdalingen lucratief was voor klanten. In de toekomst zal deze gebaseerd worden op de tarieven die je hebt afgesproken en de tarieven die nu gelden. Vergelijkbaar met hoe de boeterente wordt berekend bij tussentijds oversluiten van je hypotheek. Hoe hoger de tarieven die je betaalt en hoe lager de huidige tarieven, hoe hoger de overstapboete. Dat geeft energiebedrijven zekerheid dat klanten die bij de huidige hoge prijzen toch kiezen voor 3 jaar vast niet zomaar weg kunnen lopen als de prijzen onverhoopt toch dalen, waarmee zij blijven zitten met duren inkoopcontracten.

    De eerste vaste contracten worden al weer aangeboden, of het verstandig is om in een markt met dalende tarieven je tarief voor een jaar vast te zetten? Wie het weet mag het zeggen. Veel zal afhangen van de beschikbaarheid van aardgas komende winter en van een geslaagde herstart van Frankrijks kerncentrales. Voor mensen die veel behoefte hebben aan zekerheid over hun energiekosten kan het een uitkomst zijn. Aan de andere kant: tot en met december bent u beschermt via het prijsplafond. Dat biedt ook kansen om te experimenteren met andere contractvormen.

    Variabel

    Met een variabel tarief wordt het energietarief maandelijks aangepast. Dat kan omlaag zijn, zoals momenteel gebeurd, maar ook omhoog. Het nadeel is dat het geen zekerheid geeft over de kosten op jaarbasis. Voor eigenaren van zonnepanelen is het nadeel dat de tarieven in de zomer lager liggen, waardoor de zomerse kilowatturen tegen lagere tarieven vergoed worden dan ze in de winter zijn afgenomen.

    Het voordeel voor de klant is dat een variabel contract, waarbij de tarieven maandelijks worden gewijzigd, iedere maand opzegbaar is. De tariefswijziging biedt daar ruimte voor. Op die manier kan je de komende maanden profiteren van de goedkopere stroom in de zomer (meer zon in de mix). Rond september, oktober moet je dan wel opletten of het niet tijd is om alsnog de tarieven een jaar vast te zetten.

    Voor mensen met een krappe beurs kan een variabel tarief een optie zijn. Hou er wel rekening mee dat tarieven vaak net wat langzamer dalen dan dat ze stijgen.

    Dynamische tarieven

    De aanbieders van dynamische tarieven rekenen met uurtarieven van de zogenaamde day ahead markt. Op uren dat veel zon en wind verwacht wordt en de vraag laag is zijn de tarieven ook laag. Het kan zelfs voorkomen dat je in die uren geld toe krijgt om stroom af te nemen. Het voordeel voor afnemers van een product dat slechts beperkt op te slaan is en een elektriciteitssysteem met onvoldoende flexvermogen (energiegebruikers die bereid en in staat zijn meer af te nemen op momenten met veel aanbod). Voor energienerds of mensen en bedrijven die actief bezig zijn met energie kan een dynamisch tarief een goede manier zijn om op kosten te besparen. Bijvoorbeeld door de elektrische auto of thuisaccu op te laden als de prijs laag is, of door de vaatwasser nog even uit te stellen. Of door het productieproces af te stemmen op het moment dat er veel elektriciteit beschikbaar is (wat zeker geen nieuw idee is).

    Negatieve prijzen hebben echter ook een negatief effect op de energietransitie: want waarom zou je in zonnepanelen of windturbines investeren als er een toenemend aantal uren is waarop je geld moet betalen om je product af te zetten? Zeker bij leden van energiecoöperaties, waar niet alle leden even veel kaas van de energiemarkt hebben gegeten, geeft dat verwarring en twijfel. Negatieve prijzen zijn namelijk met regelmaat goed voor een nieuwsbericht. Je kan natuurlijk ook zorgen dat je zonnepanelen uit gaan als de prijs onder nul zakt. Dat gaat echter ten koste van de inkomsten, tenzij je zorgt dat je een vergoeding krijgt voor het terugschroeven van de productie. Zoals Zeeuwind bijvoorbeeld heeft gedaan.

    Het nadeel van dynamische tarieven is dat ze niet alleen omlaag, maar ook omhoog kunnen. Tot en met december ben je beschermd door het prijsplafond, dat wordt (terecht!) berekend over het gemiddelde tarief en niet per uur. Vanaf 2024 ben je niet meer beschermd. Dan ben je volledig overgeleverd aan de markt.

    Bij dynamische tarieven wordt een deel van het risico namelijk neergelegd bij de klant. Soms betaal je minder dan bij een variabel of vast elektriciteitstarief, maar soms ook erg veel. Wat betekent dat je potentieel voor hele hoge kosten kan komen te staan, tenzij je in staat bent het verbruik van elektriciteit uit te stellen. Zeker inwoners met een krappe beurs hebben daar naar mijn inschatting beperkt mogelijkheden toe. ’s Avonds wil je licht, de was moet een keer gedaan worden en het verbruik wordt vaak al tot een minimum beperkt.

    Een extreem voorbeeld van de risico’s van dynamische tarieven deed zich in 2021 in Texas voor, waar de prijs door het uitvallen van gascentrales t.g.v. winterkou, steeg van 5 $cent/kWh naar 9$/kWh. Nu acht ik de kans dat Nederland vergelijkbare problemen op de elektriciteitsmarkt krijgt niet groot, aan de andere kant had ik je twee jaar geleden ook voor gek verklaard als je had beweerd dat de gasprijs boven de Euro 2 per kubieke meter uit zou komen of de elektriciteitsprijs (kaal leveringstarief) zou vertienvoudigen naar meer dan 50 Eurocent per kWh.

    Vraagtekens bij dynamisch

    Hoewel een dynamisch tarief, waarbij je soms zelfs geld toe krijgt om stroom af te nemen, heel cool lijkt ben ik er geen fan van. Voor investeerders in wind- en zonne-energie is het lastig: waarom investeren in een product dat in toenemende mate te maken krijgt met negatieve prijzen? Voor afnemers met een krappe beurs is het lastig: wat als tegenover de kans op een lage rekening ook kans op een hoge rekening staat? Dat eerste is fijn, dat tweede onbetaalbaar.

    Ik begrijp mensen (met een krappe beurs) die bereid zijn te betalen voor zekerheid heel goed. Al is het maar omdat ik zelf ook liever zekerheid heb, al weet ik dat zekerheid ook een prijs kent. Zelf zoek ik ook meer vastigheid, onder andere omdat onze inkomsten over de jaren nogal fluctueren. Onze hypotheekrente staat nog 20 jaar vast, ons gasverbruik hebben we geëlimineerd (lukt namelijk niet om langer dan paar jaar vast te zetten) en ons elektriciteitsverbruik hebben we op jaarbasis voor 80% afgedekt met zonnepanelen en winddelen (huidige stand 75%). Onze winddelen leveren jaarlijks zo’n 4.500 kWh elektriciteit. De windturbines waarin we hebben geïnvesteerd gaan nog 2 tot 8 jaar mee.

    Ons elektriciteitsgebruik wordt maandelijks weggestreept tegen de productie van onze winddelen (enkel leveringstarief) en de productie van onze zonnepanelen (leveringstarief en energiebelasting). In ruil daarvoor betalen we per winddeel een vergoeding voor onbalans, in normaal Nederlands we betalen het energiebedrijf om stroom te leveren als het niet waait en om de stroom te verkopen als het waait, maar we geen stroom gebruiken.

    In het model waar we voor gekozen hebben is het probleem van gelijktijdigheid (en het financiële risico daarvan) voor het energiebedrijf. Nu de elektriciteitsprijzen sterker omhoog en omlaag stuiteren gaan de kosten die het energiebedrijf rekent voor het niet gelijktijdig gebruiken en producten omhoog. Het energiebedrijf stimuleert ons niet om gebruik en productie in balans te brengen.

    Local4Local

    Bij Local4Local kiezen de energiecoöperaties een andere route. Zij zetten juist in op het stimuleren van gelijktijdigheid van productie en gebruik van elektriciteit. Wanneer elektriciteitsproductie en afname gelijktijdig plaats vinden kunnen ze (langjarig) scherpe en vaste elektriciteitstarieven bieden aan hun leden, maar ook een veilig rendement voor de leden die investeren in de wind- en zonprojecten.

    Wanneer er bij Local4Local meer wordt afgenomen dan geproduceerd wordt dit ingekocht bij een andere energiecoöperatie of op de elektriciteitsmarkt. Als er minder wordt afgenomen dan geproduceerd wordt het restant verkocht aan een andere energiecoöperatie of op de spotmarkt. Bij negatieve prijzen kan er ook voor gekozen worden om de productie van een installatie terug te schroeven.

    De tarieven die energiecoöperaties kunnen rekenen zijn gebaseerd op wat ze kostprijs+ noemen. Dat is een tarief dat gebaseerd is op een eerlijke vergoeding voor de investeerders, het energiebedrijf dat de administratie verzorgt en voor de lokale energiecoöperatie die het project realiseert. Het marktmodel biedt ook de mogelijkheid om langjarige afspraken te maken tussen afnemer en producent, of tussen de lokale energiecoöperatie en haar leden. Een filmpje van Streekenergie ter verduidelijking van het model:

    Betuwewind, een van de pioniers, rekent haar leden maximaal 16 Eurocent per kilowattuur. Een tarief waar je in de huidige markt een puntje aan kan zuigen. Momenteel kunnen ze geen klanten onder hun leden werven, omdat de productiecapaciteit volledig verkocht is. Een overstap zou wel een forse besparing betekenen op de energierekening.

    Om aan meer leden te gaan leveren is het wel nodig dat er nieuwe projecten van de grond komen. Lees: er zijn meer zonnedaken, zonnevelden en windturbines nodig. Of misschien wel een biogascentrale op groen gas van de lokale mestvergister… Allemaal energiebronnen met nadelen, alleen hebben de alternatieven (of het nu kolencentrales, gascentrales, kerncentrales of waterkrachtcentrale zijn) dat ook. Het voordeel van Local4Local: omwonenden zullen er bij de huidige prijzen zelf om gaan vragen, want wie wil dat nou niet: zekerheid over de energiekosten voor de komende 10 tot 20 jaar?

    Binnen de coöperatie waar ik zelf actief ben zitten we ook te sleutelen aan de business case voor een windturbine. Het voorlopige plan is om deze zonder subsidie te realiseren. De verschillende scenario’s die we hebben laten doorrekenen laten de waarde van gelijktijdigheid zien: bij 60% gelijktijdigheid is het benodigde kostprijs+ tarief 35% hoger dan bij 100% gelijktijdigheid. De scenario’s laten ook de waarde van lange termijn afspraken zien. Wanneer we afspraken kunnen maken voor de komende 15 jaar kan het kostprijs+ tarief ruim de helft zakken ten opzichte van een prijsafspraak voor 5 jaar.

    Het nieuwe model roept nog wel veel vragen op: Welke nieuwe leden/klanten laat je toe tot het collectief? Wat doe je als de energievraag niet gelijktijdig is met de energieproductie? Hoe verdeel je de kosten van ongelijktijdigheid over de leden? Wat vinden we eerlijke vergoedingen voor de investeerders, voor de coöperatie en voor het energiebedrijf? Welke productie-installatie schakel je uit als de prijzen onder nul zakken en er onvoldoende elektriciteitsvraag is binnen het collectief? Vragen die je via marktprikkels (prijzen) kan oplossen, maar ook via de aloude methodes van de commons.

    Ondanks de vragen die het model oproept biedt het Local4Local model vooral kansen. Daarbij biedt het prikkels om te zorgen dat vraag en aanbod op de elektriciteitsmarkt in evenwicht komen, een prikkel die mist in het Windcentrale model. De mogelijkheid om lange termijn afspraken te combineren met de spotmarkt voor elektriciteit zorgt dat je het beste pakt van beide werelden. De gemiddeld goedkopere tarieven van de spotmarkt met de zekerheid en vastigheid van hernieuwbare bronnen.