Stopt de overheid met jokkebrokstroom?

In 2013 legde Sargasso bloot dat de Tweede Kamer zogenaamde jokkebrok stroom inkoopt. Met de marktconsultatie die op 18 augustus is gepubliceerd lijkt verandering op handen.

Hoe werkt inkoop van groene stroom

Consumptie van duurzame elektriciteit bestaat uit een combinatie van fysieke consumptie van elektriteit en het afboeken van zogenaamde Garanties van Oorsprong. Met deze garanties van oorsprong wordt de elektriciteit vergroend. Er zijn 2 manieren om duurzame elektriciteit in te kopen:

  1. Fysieke elektriciteit en garanties van oorsprong bij dezelfde leverancier kopen. Bij voorkeur bij een leverancier die ook elektriciteit uit hernieuwbare bronnen produceert. De afnemer koopt in dat geval de duurzame elektriciteit; de leverancier zorgt voor de levering van elektriciteit en voor het afboeken van de garanties van oorsprong.
  2. Het is ook mogelijk om als afnemer de garanties van oorsprong apart van de elektriciteit in te kopen. Een afnemer moet dan zelf een garantie van oorsprong rekening openen bij de uitgevende instantie (of dit door een derde partij laten doen) en vervolgens zelf garanties van oorsprong kopen bij de ingekochte elektriciteit. Deze garanties laten bijboeken op de eigen garanties van oorsprong rekening en afboeken.

Wat is jokkebrok stroom?

In 2013 legde de Nederlandse Energiemaatschappij (NME) in een reclamespotje uit wat ‘jokkebrok stroom’ is. Voor een habbekrats per klant kochten zij garanties van oorsprong van Scandinavische waterkrachtcentrales. Scandinavische landen trekken deze verkochte GvO’s niet van hun eigen groene stroomproductie af, Scandinavische energiebedrijven melden hun klanten ook nauwelijks dat ze de GvO’s van de waterkrachtcentrale hebben doorverkocht. Milieuorganisaties, zoals Greenpeace, WISE en HIER hebben dan ook al jaren kritiek op deze wijze van vergroenen van elektriciteit en spreken van sjoemelstroom.

Inkoop rijksoverheid

De rijksoverheid kiest al jaren voor het apart aanbesteden van de fysieke elektriciteit en de garanties van oorsprong. Daarmee gebruikt de rijksoverheid wel groene stroom, alleen leidt dat volgens Minister Kamp niet tot extra vergroening van de elektriciteitsvoorziening in Nederland of de EU. Terwijl het hele idee van duurzaam inkopen door de overheid toch juist was om als overheid het goede voorbeeld te geven en daarmee bij te dragen aan de verdere verduurzaming van de economie. In 2013 legde Sargasso bloot dat de rijksoverheid en Tweede Kamer zelf ook jokkebrok stroom gebruiken.

Tot voor kort hield het Kabinet vol dat de Rijksoverheid vanwege Europese aanbestedingsregels niet specifiek voor Nederlandse groene stroom kan kiezen. Er lijkt nu echter toch een doorbraak aan te komen. Op 18 augustus heeft het rijk namelijk een marktconsultatie aangekondigd ter voorbereiding van de inkoop van groene stroom voor de periode 2018-2021. In de aankondiging stelt het rijk dat er sinds dit jaar geen garanties van oorsprong van Scandinavische waterkrachtcentrales (een belangrijke bron van jokkebrok stroom) meer ingekocht worden.

Op de langere termijn wil het Rijk alleen elektriciteit kopen die in Nederland zelf duurzaam is opgewekt, zo veel mogelijk op rijksgrond. De komende vier jaar is dat nog niet haalbaar. De jaren 2018-2021 zijn daarom een overgangsperiode. Door 30 procent van de groene stroom te kopen met Nederlandse certificaten, levert het Rijk ook een bijdrage aan het opwekken van duurzame energie in Nederland.

Hiermee lijkt de rijksoverheid zijn inkoopstrategie aan te willen passen. Het langere termijn doel roept bij mij wel de vraag op hoe dit zich dan verhoudt tot de Europese aanbestedingsregels, die eerder dit jaar nog in de weg zaten bij de keuze voor Nederlandse groene stroom. Al noemde ik dat eerder al vreemd, omdat de provincie Utrecht dat bijvoorbeeld wel doet. Wordt dus vervolgd…

Dit bericht verscheen eerder op Sargasso.

Rijksoverheid jokkebrokt verder met inkoop groene stroom

Onderzoek van WISE laat zien dat de Nederlandse rijksoverheid nog steeds voornamelijk buitenlandse waterkkracht gebruikt om haar elektriciteitsverbruik te vergroenen. Een methode die door deNederlandse Energie Maatschappij in 2013 als jokkebrok stroom werd bestempeld, wat tot ophef in de Tweede Kamer leidde. WaarnaSargasso in 2013 na herhaaldelijk navragen aantoonde dat de rijksoverheid, inclusief de Tweede Kamer, zelf ook grotendeels jokkebrok stroom gebruikt. Berichtgeving in december over de inkoop van jokkebrok stroom door gemeenten leidde tot Kamervragen van SP,PvdA en Groenlinks.

Hoe werkt inkoop van groene stroom

Consumptie van duurzame elektriciteit bestaat uit een combinatie van fysieke consumptie van elektriciteit en het afboeken van zogenaamde Garanties van Oorsprong. Met deze garanties van oorsprong wordt de elektriciteit vergroend. Er zijn 2 manieren om duurzame elektriciteit in te kopen:

  1. Fysieke elektriciteit en garanties van oorsprong bij dezelfde leverancier kopen. Bij voorkeur bij een leverancier die ook elektriciteit uit hernieuwbare bronnen produceert. De afnemer koopt in dat geval de duurzame elektriciteit; de leverancier zorgt voor de levering van elektriciteit en voor het afboeken van de garanties van oorsprong.
  2. Het is ook mogelijk om als afnemer de garanties van oorsprong apart van de elektriciteit in te kopen. Een afnemer moet dan zelf een garantie van oorsprong rekening openen bij de uitgevende instantie (of dit door een derde partij laten doen) en vervolgens zelf garanties van oorsprong kopen bij de ingekochte elektriciteit. Deze garanties laten bijboeken op de eigen garanties van oorsprong rekening en afboeken.

Inkoop elektriciteit rijksoverheid

De rijksoverheid kiest al jaren voor het apart aanbesteden van de fysieke elektriciteit en de garanties van oorsprong.

Daarmee gebruikt de rijksoverheid wel groene stroom, alleen leidt dat volgens Minister Kamp niet tot extra vergroening van de elektriciteitsvoorziening in Nederland of de EU. Terwijl het hele idee van duurzaam inkopen door de overheid toch juist was om als overheid het goede voorbeeld te geven en daarmee bij te dragen aan de verdere verduurzaming van de economie.

De rijksoverheid heeft de fysieke elektriciteit tot en met 2017 ingekocht bij E.On en Delta. Het gaat in totaal om ongeveer 1 miljoen Megawatt uur, gelijk aan het elektriciteitsverbruik van ongeveer 285 duizend huishoudens. Ongeveer driekwart van de ingekochte stroom komt van E.On en een kwart van Delta.

De contracten voor fysieke elektriciteit lopen over meerdere jaren, terwijl de bijbehorende garanties van oorsprong jaarlijks worden ingekocht. Op die manier kan de hoeveelheid garanties van oorsprong worden afgestemd op het werkelijk elektriciteitsverbruik. Een raar argument, want het elektriciteitsverbruik schommelt niet heel sterk per jaar, dus de overheid zou er ook voor kunnen kiezen om een groot deel van de benodigde garanties van oorsprong meerjarig in te kopen. Bijvoorbeeld 75% van het jaarlijks elektriciteitsverbruik en enkel het resterende deel jaarlijks bij te kopen op basis van het werkelijk elektriciteitsverbruik. Op die manier krijgen eigenaren van hernieuwbare energiebronnen net als E.On en Delta langjarige zekerheid over hun inkomsten.

Reactie rijksoverheid

De rijksoverheid houdt vol dat ze zich keurig aan de wet houden en dat er nu eenmaal een overschot is aan garanties van oorsprong voor duurzame elektriciteit in Europa. Vanwege Europese aanbestedingsregels zou de rijksoverheid niet specifiek voor Nederlandse groene stroom kunnen kiezen. Het vreemde is dan natuurlijk dat de Provincie Utrecht wel gebruik maakt van Nederlandse garanties van oorsprong voor windenergie en dat de NS een aantal jaar geleden al liet zien dat je binnen Europese aanbestedingsregels wel degelijk kunt kiezen voor een aanbieder die extra duurzame opwekkingscapaciteit belooft te realiseren. Het rijk voert het NS contract zelfs als showcase op bij haar expertisecentrum inkopen. En het allervreemdste: het rijk koopt nu zelf al een klein deel van haar garanties van oorsprong wel exclusief in bij Nederlandse duurzame energieprojecten.

Bij aanbestedingen van de rijksoverheid (Prorail en Rijkswaterstaat) worden bedrijven onder andere beoordeelt op hun positie op de CO2-prestatieladder. De inkoop van hoogwaardige garanties van oorsprong maakt onderdeel uit van deze beoordeling (zie pagina 33 van handboek 3.0), terwijl de rijksoverheid zelf nog steeds voor jokkebrok stroom kiest. Dit verhoogt de geloofwaardigheid van de overheid niet.

Een ander argument dat de overheid hanteert is dat er onvoldoende hoogwaardige garanties van oorsprong beschikbaar zijn. Aan de ene kant laat dat mogelijk het succes van bewustwordingscampagnes van WISE en HIER Klimaatbureau zien, aan de andere kant zou dat juist de reden moeten zijn om de eigen inkoopmacht in te zetten om te komen tot meer duurzame energieopwekking. Dat kan ook in stappen, zoals de NS heeft gedaan.

Een laatste excuus van de overheid is dat het grote volume aan duurzame elektriciteit dat de rijksoverheid nodig heeft de prijs van hoogwaardige garanties van oorsprong beïnvloed, het rijk zou namelijk zo´n 10% van de Nederlandse duurzame elektriciteit op moeten kopen als voor Nederlandse garanties van oorsprong wordt gekozen.

Het CBS concludeerde in 2014 na onderzoek echter dat prijswaarneming van Nederlandse garanties van oorsprong niet mogelijk was. Volgens WISE bedragen de extra kosten van hoogwaardige garanties van oorsprong voor de rijksoverheid ongeveer EUR 2,2 miljoen. Als daarmee de prijs van hoogwaardige garanties van oorsprong omhoog gaat is dat toch de gewenste marktwerking? Een hogere prijs zorgt voor meer aanbod en voor lagere subsidies, want prijs van garanties van oorsprong kan namelijk meegenomen worden in de bepaling van het uit te keren subsidiebedrag. En door zelf hoogwaardige garanties van oorsprong in te kopen kan de rijksoverheid meteen inzicht in de prijsontwikkeling van garanties van oorsprong geven aan het CBS.

Dit bericht is geschreven voor en gepubliceerd op Sargasso.

Grote steden kiezen massaal voor kolenstroom

Onderstaand artikel is eind december als open waanlink geplaatst op Sargasso. Inmiddels zijn in verschillende steden, provincies en Tweede Kamerfracties vragen gesteld over de inkoop van elektriciteit.

Terwijl lokale overheden in een convenant beloofden hun stroom vanaf dit jaar duurzaam in te kopen, kiezen ze in praktijk slechts op het criterium ‘laagste prijs’. Dat blijkt uit een groteinventarisatie van gemeentelijke energieaanbestedingen door het Algemeen Dagblad. De nadruk op laagste prijs is zo groot dat Eneco en Pure Energie inmiddels niet meer inschrijven op aanbestedingen van gemeenten.

Gemeenten en provincies bevinden zich met de inkoop van jokkebrok stroom in gezelschap van de rijksoverheid, die na herhaaldelijk vragen door Sargasso ook voornamelijk goedkope buitenlandse garanaties van oorsprong bleek in te kopen. Een type garanties van oorsprong waarvan Minister Kamp onlangs aangaf dat de inkoop daarvan van slechts op papier leidt tot meer duurzame elektriciteit. Zie zijn reactie op het amendement volle transparantie voor elektriciteit.

Volgens gezamenlijk onderzoek van WISE, Natuur&Milieu, Greenpeace, Hivos, WNF en de Consumentenbond is Pure Energie, samen met Qurrent en De Unie, het duurzaamste energiebedrijf van Nederland. Eneco is volgens datzelfde onderzoek met een achtste plaats het hoogst genoteerde grote energiebedrijf.

Open waanlink

Doldwaas zomeridee: koop een energiebedrijf of twee

Vorige week maakte Vattenfall een fors verlies voor Nuon bekend en gaf ze aan dat ze mede-investeerders zoekt voor de continentale delen van het bedrijf. Ook suggereerde Eneco-topman Jeroen de Haas in een interview dat de overheid energiebedrijven moet terugkopen. Sindsdien  gonst mijn Twitter-timeline van de mensen die dromen van het terugkopen van Nuon. Door de overheid, zoals de SP wil, of via een crowdfunding campagne, zoals Sven Pluut voorstelt. Zelfs een criticaster van bestaande energiebedrijven als Jan Rotmans toonde zich op Twitter voorstander van de terugkoop van Nuon en Essent door de overheid.

Maar is terugkoop nou werkelijk zo’n goed idee? Aangezien Twitter een belabberd discussieplatform is hieronder de gehoorde argumenten op een rij (voor zover ik ze heb onthouden).

Door energiebedrijven te kopen krijgt de overheid de netwerken weer in handen

Dat is de makkelijkste, want de netwerken zijn nooit mee verkocht. De regionale gas- en elektriciteitsnetwerken zijn in handen van gemeenten en provincies gebleven, alleen netwerkbeheerder Stedin is onderdeel van overheidsbedrijf Eneco gebleven. Alle andere regionale netwerkbedrijven zijn afgesplitst. Het landelijke netwerk is nog steeds van de rijksoverheid. Alleen de warmtenetten zijn van de energiebedrijven. Waarom dat laatste zo is? Geen idee. Naar mijn mening een weeffoutje in het systeem, maar niet een waarvoor ik belastinggeld in de overname van een volledig energiebedrijf zou stoppen.

Met een energiebedrijf in handen kan de overheid de energietransitie versnellen

Dat klinkt leuk en het bekt aardig, alleen: waarom liep Nederland volgens Eurostat Europees gezien dan zo achteraan? Alle belangrijke Nederlandse energiebedrijven waren tot 2009 in handen van de overheid. Wanneer overheidsbezit werkelijk tot versnelling van de energietransitie zou leiden dan hadden we in 2009 (het jaar van de verkoop van Essent en Nuon) toch meer dan de schamele 4% aan hernieuwbare energie moeten hebben? Ook in 2004 stond Nederland met 1,8% duurzame energie al op de vierde plaats van onderen qua aandeel duurzame energie in de EU. Alleen Malta, Luxemburg en het Verenigd Koninkrijk hadden een lager percentage volgens Eurostat. Dat is nou niet echt een prestatie waar de Nederlandse overheidsaandeelhouders uit die tijd zich voor op de borst mogen kloppen…

Pas in 2011 (het laatste jaar waarvoor Eurostat cijfers heeft staan) waren we zowaar een plekje opgeschoven door stuivertje te wisselen met België, de nummer vijf op de lijst van kleinste aandeel duurzame energie. Dat heeft overigens net zoveel te maken met een terugval van het aandeel duurzame energie in België als met een kleine stijging van het aandeel duurzame energie in ons eigen land tot 4,3%.

Mijn conclusie: overheidsbezit van een energiebedrijf heeft in het verleden niet geleid tot versnelling van de energietransitie. Ik denk zelfs dat de opkomst van nieuwe bedrijven als Qurrent, BAS Energie, het al langer bestaande GreenChoice en niet te vergeten de vele energiecooperaties in meer of mindere mate van oprichting meer effect gaan hebben op de energietransitie. Net als solar lease bedrijven als Rooftop Energy die met slimme constructies komen om zonne-energie haalbaar te maken vanuit de energierekening.

De overheid heeft geleerd van fouten uit het verleden en gaat haar aandeelhoudersmacht nu wel inzetten voor de energietransitie

Wederom: het bekt lekker, maar enige onderbouwing van zulke inzet ten bate van de broodnodig geachte versnelling van de energietransitie is gewenst. Heeft het ingrijpen van de overheid in de financiële sector (de meest recente overheidsinterventie op de markt via overname van bedrijven) werkelijk geleid tot duurzamere banken en verzekeraars? Merken ASR, ABN en SNS dat de overheid stuurt op duurzaamheid van hun organisatie? Ik waag het te betwijfelen. Ook voor wat betreft de beloning maak ik me weinig illusies. Meteen na de overname van ABN werd duidelijk dat er naast de Balkenendenorm een tweede Zalmnorm van zeven ton voor bankdirecteuren werd geïntroduceerd. Dat zal voor energiebedrijven niet veel anders gaan.

Ik heb namelijk nergens gelezen dat er een grootschalige wisseling van ambtenaren heeft plaatsgevonden waarbij personen die ik ken als voorvechters van duurzaamheid aan de top van ambtelijke organisaties terecht zijn gekomen. Ook een draai naar actief aandeelhouderschap van de overheid heb ik niet waargenomen in de ambtelijke benoemingen van de laatste jaren. Dan heb ik het voor het gemak maar even niet over het feit dat de politieke leiding ook niet echt in die richtingen lijkt te denken.

Als de overheid dan toch wil leren, laat haar dan leren ingrijpen via regelgeving. De voorbeelden in landen als Duitsland, Denemarken en Spanje laten zien dat dat een veel groter effect heeft op de toename van het aandeel duurzame energie. Wel goed nadenken over de hoogte van vergoedingen, want Spanje laat zien dat een te hoge vergoeding niet houdbaar is. Met het streven naar een Noord-West Europese energiemarkt zou ik zeggen: copy-paste van onze oosterburen. Desgewenst met een wat lagere vergoeding, maar verder onder dezelfde voorwaarden. Dat is een bewezen recept voor een succesvolle energietransitie met lage groothandelsprijzen van elektriciteit voor de grootverbruikers en een hoge mate van acceptatie onder de bevolking. Met een opslag rond de 5 tot 6 eurocent per kWh is het nog altijd goedkoper dan onze huidige kleinverbruikerstarief van de energiebelasting, zelfs als er in 2014 0,8 eurocent bovenop komt.

Fossiele centrales blijven de komende twintig jaar nodig als back-up van het elektriciteitsnetwerk

Dat is goed mogelijk, maar het kan net zo goed zijn dat dat niet het geval is. Overheidsbedrijf Eneco heeft de afgelopen jaren eigenhandig ervaren dat de energietransitie soms anders loopt dan verwacht. Want hun gloednieuwe gascentrale maakt nauwelijks draaiuren. Daarmee verkeren ze in goed gezelschap, want ook de nieuwe gascentrale van Nuon draait op zeer beperkte capaciteit. Ook GDF heeft eerder dit jaar al aangekondigd gascentrales te gaan sluiten, terwijl gas gezien wordt als de transitiebrandstof naar een duurzame elektriciteitsvoorziening. Gascentrales hebben echter last van de combinatie hoog brandstofkosten, lage CO2-prijs en niet te vergeten de lage wholesale-prijs voor elektriciteit door de energietransitie in Duitsland. Dat is wat anders dan zeggen dat de elektriciteitsprijs voor kleinverbruikers daalt, want dat is net als in Duitsland niet het geval.

Duitsland, de VS en ook Australië laten zien dat het met de behoefte aan fossiele centrales als back-up voor het systeem ook een hele andere kant op kan gaan. Zo werkt Duitsland op verschillende manieren aan een betere inpassing van hernieuwbare elektriciteit. Zo heeft Duitsland sinds begin dit jaar een nieuwe regeling om opslagtechnieken te stimuleren. Opslagtechnieken kunnen momenteel wellicht financieel nog niet uit, maar met de juiste prijsprikkels en marktontwikkelingen kan dat snel gaan. Met als gevolg verdere waardedaling van bestaande energiecentrales. Daarnaast zet Duitsland in op vraagbeperking, ze hebben er sinds kort zelfs een speciale markt voor geopend.

Duitsland laat ook zien dat door de energietransitie de concepten baseload en peakload geheel andere betekenissen krijgen. Wanneer dat doorzet, gaan we de komende jaren nog meer afboekingen op bestaande centrales zien. Vooral op centrales die niet snel kunnen op- en afschakelen. Traditioneel is dat een voordeel voor gascentrales ten opzichte van kolencentrales. Alleen worden nieuwe kolencentrales inmiddels ook steeds flexibeler gebouwd. Zolang het prijsnadeel van gas niet wordt gecompenseerd door een voordeel via de CO2-prijs van ETS blijft kolen dan de voorkeur hebben.

Als provincies en gemeenten de opbrengst van de verkoop van energiebedrijven niet besteden vind het Rijk wel een manier om het op te halen

Verreweg het slechtste argument dat ik heb gelezen, want angst is een slechte raadgever. En als belastingbetaler zie ik het geld liever van de ene naar de andere overheid verhuizen, dan dat het geld wordt gestoken in de overname van bedrijven waar mogelijk nog steeds fors op afgeboekt moet gaan worden. Een sector in ieder geval waarvan je kan afvragen of het de komende twintig jaar nog de stabiele investering blijft die het van oudsher altijd was. Bovendien loop ik al voldoende risico in deze sector door de forse investeringen van mijn pensioenfondsen in de energiesector.

Een andere optie als gemeenten en provincies niet willen dat het geld wordt geconfisqueerd door ‘Den Haag’ is om het geld rechtstreeks te steken in de energietransitie. Bijvoorbeeld door te investeren in het opschalen van een sprong naar energienotanul woningen of energieneutrale kantoorgebouwen, scholen en zorginstellingen. Ik vermoed dat ze bij Energiesprong nog wel wat concepten op de plank hebben liggen.

Als de overheid energiebedrijven terugkoopt kunnen kolencentrales op termijn goedkoop omgebouwd worden tot diep-thermische centrales

Een mooie optie, alleen waarom is daar op dit moment een overname door de overheid voor nodig? Wie zegt dat de bodem bereikt is en dat er geen verdere afschrijvingen nodig zijn? En bovendien: wie zegt dat de overheid wel gaat investeren in de ombouw en marktpartijen niet? De rijksoverheid heeft met Energie Beheer Nederland enkel een goed track record als het gaat om de winning van olie en gas. Tot nu toe zie ik dit staatsbedrijf geen enkele beweging maken om een deel van de baten van duurzame energie te plukken.

Wil je water dan ook privatiseren?

Nou nee, dat heb ik ook nooit beweerd. Water is naar mijn mening een hele andere markt, waarbij de ervaring in het buitenland leert dat het scheiden van netwerk en levering veel moeilijker, zo niet bijna onmogelijk is. Bij energie is scheiding tussen de netwerken, productie en levering veel makkelijker te realiseren en dat is ook gebeurd. Dat maakt de productiebedrijven en de handelsbedrijven (de Eneco’s, Nuon’s en Essent’s van deze wereld) kwetsbaarder voor overnames en concurrentie. Zolang het netwerk in publieke handen blijft hoeft dat naar mijn mening geen probleem te zijn. In een decentrale productieomgeving verandert hun rol. Met de opkomst van lokale initiatieven worden de keuzes voor afnemers steeds groter. Koop je een winddeel bij de Windcentrale? Heb je een paar zonnepaneeltjes op je dak? Wil je nog deelnemen aan een collectieve zonnecentrale van SolarGreenPoint of 1.000.000 Watt? In theorie allemaal mogelijk.

Wellicht dat de rol van het energiebedrijf in de toekomst beperkt is tot het afnemen van stroom uit deze projecten als je het zelf niet verbruikt en het leveren van stroom als je meer vraagt dan je projecten opleveren. Als dat toekomstbeeld klopt is het bezit van veel grootschalige centrale productie mijns inziens geen zegen.

Mijn eindconclusie:

Ik wil best geld investeren in de energiesector, maar niet via een bedrijfsovername door de overheid. Ook ga ik geen geld steken in overname van bedrijven waarvan ik me zeer afvraag of ze het dieptepunt al bereikt hebben. Ik geloof absoluut dat er binnen Nuon en Essent mensen zijn die sneller willen verduurzamen. Ik betwijfel alleen of een overname door overheid of particulieren er voor gaat zorgen dat die mensen naar boven komen drijven. Of dat een groep crowdfunders in staat is om het bedrijf in de benodigde strategische klem te zetten voor verduurzaming van binnenuit (zoals Jeroen de Haas dat ooit omschreef in een interview). Ik laat me graag overtuigen van het tegendeel, dus schiet maar raak in de commentaren.

Dit bericht is eerder geplaatst op Sargasso.

De Tweede Kamer ‘jokkebrokt’ zelf ook over groene stroom

Het heeft even geduurd, maar na niet één, niet twee, niet drie, maar vier keer vragen is het hoge woord er uit: de Tweede Kamer ‘jokkebrokt’ zelf lekker mee over groene stroom, net als de Nederlandse overheid. Daarmee voldoen de Tweede Kamer en de overheid niet aan mijn verwachtingen van duurzaam inkopen: de Nederlandse overheid zet haar inkoopvolume van 1 TeraWattuur aan stroom niet in voor meer duurzame stroom in Nederland. Reden: ‘aanbestedingsregels en hoge kosten’.

Hoe zat het ook al weer?

Half mei lanceerde de Nederlandse Energie Maatschappij de campagne ‘Jokkebrokken’ (zie mijn eerdere bericht hierover). Daarin legt ze uit dat groene stroom in Nederland vaak niet is wat de consument er van verwacht. Slechts een derde van de in Nederland als groen verkochte stroom wordt ook in Nederland opgewekt. De rest is fossiele stroom die groen gemaakt is door het kopen van zogenaamde garanties van oorsprong (GvO’s) uit het buitenland.

Voor kenners van de duurzame energiewereld geen nieuws, want Nederland bungelt al jaren in de onderste regionen van het rechterrijtje van EU-lidstaten (om in voetbaltermen te spreken) als het gaat om productie van duurzame energie en duurzame elektriciteit.

Reactie Tweede Kamer

Ondanks deze voorkennis stelde de Tweede Kamerleden Jan Vos (PvdA) en Agnes Mulder (CDA) op 24 mei schriftelijke vragen aan de minister van Economische Zaken over de import van buitenlandse GvO’s. Dat was voor mij reden om bij de Tweede Kamer en de Rijksoverheid na te vragen wat voor groene stroom ze zelf gebruiken.

De Tweede Kamer antwoordde vrij snel dat ze het zelf ook niet wisten, omdat de inkoop van groene stroom via de Rijksgebouwendienst loopt. Wel meldde de Tweede Kamer dat ze door de combinatie van zonneboiler en zonnepanelen ongeveer 40% energiebesparing realiseert.

Het eerste antwoord van de Rijksgebouwendienst was niet echt bevredigend, maar gisteren kreeg ik een tweede antwoord van de Rijksgebouwendienst. Dit keer wel met informatie over het type garanties van oorsprong (GvO’s) dat de Rijksoverheid en de Tweede Kamer gebruiken:

Geachte heer Beek,

Uw vraag is niet alleen door de Publieksvoorlichting van de Rijksgebouwendienst in behandeling genomen, maar zoals ik begrepen heb, ook door de Tweede Kamer.

Vanuit de Rijksgebouwendienst kan ik u het volgende melden:

De Rijksoverheid maakt voor het overgrote deel gebruik van buitenlandse GVO’s. Binnen de aanbestedingsregels kunnen we niet expliciet eisen dat de oorsprong Nederlands moet zijn. Als we naar hoogwaardiger (groenere) alternatieven gaan, is er sprake van significant hogere kosten.

Ik hoop u hiermee voldoende geïnformeerd te hebben.

Met vriendelijke groet,

[naam verwijderd]

Coördinator/Contactpersoon Publieksvoorlichting RGD

Daarmee is mijn vraag over samenhang tussen duurzaam inkopen en beleidsdoelen ook meteen beantwoord: die is er schijnbaar niet. Al wacht ik nog op antwoord van I&M op deze vraag.

Opvallend vind ik de stapeling van argumenten om geen Nederlandse groene stroom in te kopen. Aan de ene kant kan niet geëist worden dat GvO’s van Nederlandse oorsprong zijn in verband met Europese aanbestedingsregels. Bijzonder, want de NS is van plan het te gaan doen en ProRail is naar mijn weten al over op Nederlandse groene stroom. Nu hebben die iets meer ruimte dan het rijk, maar nog steeds hebben ze te maken met Europese aanbestedingsregels.

Het tweede argument, wat niet meer nodig is als het eerste waar is, is dat hoogwaardiger (groenere) alternatieven tot significant hogere kosten voor de overheid leidt. Als dat waar is, heeft EZ haar SDE+ subsidie verkeert ingeregeld. De SDE+ garandeert namelijk een bepaalde mimimumprijs. Bij de bepaling van het werkelijke subsidiebedrag wordt de marktprijs hierop in mindering gebracht. Oftewel: het basisbedrag voor wind op land was 8,5 Eurocent / kWh in de eerste ronde van 2013. Bij een prijs voor elektriciteit van 5 Eurocent / kWh een subsidie van 3,5 Eurocent / kWh wordt verstrekt. Stel dat de aankoop van Nederlandse GvO’s leidt tot een prijsstijging van 1 Eurocent / kWh dan stijgt de marktprijs naar 6 Eurocent / kWh en ontvangt de eigenaar van de windmolen nog maar 2,5 Eurocent / kWh. Netto effect voor de overheid: o Eurocent / kWh. Alleen heeft de RGD meer geld nodig en de SDE+ minder. Vestzak-broekzak noemde mijn opa dat vroeger.

De bijbehorende berekeningen vind je hier.

Managen van verwachtingen

Natuurlijk heeft Jurgen Sweegers een punt als hij stelt dat sjoemelstroom en jokkebrokken verkeerde termen zijn:

Het is echte groene stroom en mensen krijgen wat ze kochten: echte groene stroom. Maar er is wel een probleem. Mensen hadden blijkbaar iets anders verwacht toen ze groene stroom kochten.

Dat geldt wat mij betreft nog veel meer voor door de overheid ingekochte groene stroom. Duurzaam inkopen van energie door de overheid leidt dus niet tot meer duurzame energie of groene stroom in Nederland en de Kamerleden die zich druk maken over de jokkebrokken campagne van NLE hebben boter op hun hoofd.

Het kan anders

Dat het ook anders kan laat de NS zien. In de nieuwe aanbesteding zijn de volgende voorwaarden opgenomen:

NS [wil] dat de stroomleverancier aanwijsbaar nieuwe groene stroomprojecten bouwt of contracteert. Dit om te voorkomen dat inkopen uit het beperkte huidige aanbod aan projecten tot hogere prijzen leidt en om zeker te stellen dat er sprake is van extra groene stroomproductie in onder meer Nederland. De vergroening kan geleidelijk plaatsvinden gedurende de contractperiode afhankelijk van wat realistisch is.

De NS valt ook onder Europese aanbestedingsregels, dat de overheid en Tweede Kamer zich blijven verschuilen achter Europese aanbestedingsregels vind ik dan ook niet sterk. In zekere zin erkent de overheid dat ook door zich in tweede instantie te verschuilen achter hogere kosten voor Nederlandse groene stroom.

Ons eigen elektriciteitsverbruik

Voordat je denkt dat ik hier zelf niks aan doe: we zijn thuis al jaren actief bezig met ons energieverbruik. Sinds een jaar of drie houden we dat maandelijks bij. Ons gasverbruik hebben we teruggebracht tot ongeveer 1.000 m3 per jaar met behulp van een zonneboiler. De afgelopen jaren hebben we diverse besparingsmaatregelen genomen in huis en sinds januari wekken we ongeveer 40 procent van ons elektriciteitsverbruik zelf op via Winddelen van de Windcentrale. Inmiddels zijn onze zonnepanelen geplaatst waarmee we nog eens 40 procent van ons elektriciteitsverbruik zelf op gaan wekken. Het resterend deel nemen we af van Greenchoice (een jaar vast), volgens zowel de groene stroom checker van WISE als de HIER Klimaatcampagne een groene keus.

Wil je zelf zeker weten dat het product dat je afneemt groene stroom van Hollandse bodem is dan kun je terecht bij de productvergelijker van de HIER Klimaatcampagne of de groene stroom checker van WISE. Een derde optie is de vergelijker van Greenpeace en de Consumentenbond. Leuker kunnen NGO’s het niet maken, wel onoverzichtelijker… Een vierde optie is om je aan te sluiten bij een lokaal energie intiatief.

Dit bericht is een bewerking van een eerder bericht voor Sargasso.

Antwoord op vraag 2: wat is de samenhang tussen duurzaamheidsbeleid en duurzaam inkopen

Inmiddels heb ik deze week ook antwoord gekregen op mijn tweede vraag aan de rijksoverheid over duurzame energie. Het antwoord bevat geen verrassingen, al zat ik er met mijn idee dat er geen samenhang is tussen beleidsdoelen en duurzaam inkopen naast. Met betrekking tot duurzame energie streeft de overheid naar opwekking op eigen areaal, dus binnen de mogelijkheden die de overheid ziet wordt wel geprobeerd de Nederlandse markt in beweging te krijgen.

Het volledige antwoord:

Geachte heer Beek,

Graag beantwoorden wij uw vraag: “Graag wil ik daarom van u weten hoe de overheid het beleid ten aanzien van duurzaam inkopen koppelt aan de beleidsdoelen op andere terreinen. Bv. bij het doel van 14% duurzame energie in 2020 en de inkoop van duurzame energie in het kader van het duurzaam inkoopbeleid voor de overheid.”

De Nederlandse overheid koopt energie in middels een Europese aanbesteding. Daaraan mogen alle leveranciers van energie deelnemen die in Nederland elektriciteit kunnen leveren. De elektriciteitsmarkt is een Noord west Europese markt waarbij Landen middels hoogspanning koppelingen met elkaar verbonden zijn. Zo kan elektriciteit uit Duitsland via Nederland naar het VK stromen. Daarbij wordt op prijs geconcurreerd en niet op herkomst.

Om afnemers in de gelegenheid te stellen om groene stroom in te kopen is het systeem van garantie van Oorsprong ingevoerd. Dit is een Europees systeem waarin bij de productie van hernieuwbare stroom naast de stroom zelf ook deze garanties worden geproduceerd. Deze garantie worden op een aparte Europese markt verhandeld. Het kan dan gaan om garanties  verkregen door stroom opwekking in Noorwegen (50 jaar oude waterkrachtcentrales) of in Spanje (de nieuwste Concentrated Solar Power installatie)

Wanneer een leverancier dus groene stroom aanbiedt aan een klant biedt hij dus een combinatie aan van twee producten: de stroom en de garantie.

Volgens de Elektriciteitswet is stroom groen wanneer de garanties worden aangekocht en door CertiQ na verbruik geredeemed (vernietigd) worden. De klant (grootverbruiker) kan kiezen tussen afname van een k”kant en klaar”product waarbij stroom en garantie gekoppeld zijn, en hij kan ervoor kiezen stroom en garanties apart in te kopen. Dit laatste is vaak goedkoper en is ook wat de Nederlandse overheid doet.

Verduurzaming elektra: Sinds 1 januari 2010 nemen alle rijkspartijen 100% groene stroom af. Dit gebeurt door de aanschaf van de zogenaamde garanties van oorsprong. Deze zijn het bewijs dat de elektriciteit duurzaam is opgewekt. Kostenplaatje voor 2012 was €650.000,- voor de rijkshuisvesting.

De overheid maakt voor het overgrote deel gebruik maakt van buitenlandse GVO’s.

Dit heeft de volgende oorzaken:

1.    Binnen de aanbestedingsregels kunnen we niet expliciet eisen dat de oorsprong Nederlands moet zijn.

2.    Als we naar hoogwaardiger (groenere) alternatieven gaan, is er sprake van significant hogere kosten.

Verduurzaming gas: Sinds vorig jaar (2012) geldt ook de verplichting om het gasverbruik te verduurzamen. De beschikbaarheid van groen gas is echter nog te gering (slecht 1% beschikbaar) om in onze vraag te voorzien . De rest moet vergroend worden via de aankoop van certificaten. In dit geval de Gold Standard certificaten. Vorig jaar hebben we als Rijk 240.564 (ton) aangekocht voor €2,84,- per ton. Totaal: €683.202,-

Het is overigens zo dat de verhoging van 14% duurzame energie naar 16% die door het kabinet Rutte-II is ingezet er door de Rijksoverheidmomenteel wordt geïnventariseerd op welke wijze op eigen areaal energie kan worden geproduceerd.

Met vriendelijke groet,

[Naam verwijderd]
Adviseur Maatschappelijke Correspondentie

………………………………………………………………
Directie Communicatie
Ministerie van Infrastructuur en Milieu
Plesmanweg 1-6 | 2597 JG | Den Haag |

Postbus 20901 | 2500 EX | Den Haag

Uit de inbox: Ambtenaren en sociaal ondernemers versterken elkaar

Kijk van dit soort initiatieven krijg ik energie:

GreenWish, stichting WijkAlliantie en Enviu nodigen (rijks-) ambtenaren van verschillende departementen uit, om samen 20 sociaal ondernemers en maatschappelijke initiatieven een ‘boost’ te geven. Wil je aangestoken worden door het vuur van burgerinitiatieven? Wil je met meer gevoel voor de ontwikkeling van burgerkracht in het veld de (komende) veranderingen in de taken voor de overheid en voor jou als ambtenaar ervaren? Doe dan mee. Dit programma wordt mogelijk gemaakt door het ministerie van BZK.

Programma

  • Startbijeenkomst donderdag 7 maart: 9.30-12.30 aansluitend gezamenlijke lunch:
    matching ambtenaren en sociaal ondernemers 
    introductie burgerkracht en overheidskracht
    op locatie bij een sociaal ondernemer in Den Haag
  • Maatschappelijk initiatief individueel verder helpen (minimaal 1 gesprek en enkele vervolgacties) samen met GreenWish, WijkAlliantie of Enviu.
  • Slotbijeenkomst 13 mei:

Ervaring uitwisselen en open gesprek over wat de ervaringen zeggen over de nieuwe rol van de overheid.
Deze bijeenkomst is ook open voor andere (rijks-) ambtenaren.

Praktische informatie

Tijdsinvestering:            afhankelijk van wederzijdse behoeften, naar verwachting 16 tot 20 uur inclusief bijeenkomsten
Duur:                            van 7 maart tot en met 13 mei
Deelnemers:                 rijksambtenaren uit de kring van de ministeries BZK, I&M, EZ, VWS, en V&J en gemeenteambtenaren
Deelname:                    kosteloos
Aanmelden:                  meld je vóór 18 februari aan via EmpoweringPeople@greenwish.nl vermeld hierbij functietitel en department / gemeente
Aanvullende info:          klik hier voor meer informatie, zie www.greenwish.nlwww.wijkalliantie.nl www.enviu.org of bel tel: 030-8201150

Overheid en onderstroom

Mensen met goede ideeën veroveren Nederland. Ideeën van burgers over zorg, duurzaamheid, gezondheid, gezonde voeding, leefbaarheid, natuur, energieopwekking, opvoeding; het worden er steeds méér en ze zijn succesvoller. Ooit bedachten we de overheid en maatschappelijke organisaties om te zorgen voor publieke behoeften en waarden. Nu doen burgers het steeds meer zelf. Dit vraagt om een andere rol van publieke instanties, andere verdeling van invloed, andere talenten van burgers. Empowering People gaat niet alleen over burgers, maar ook over professionals in publieke instanties.

Als ambtenaar zou je kunnen zorgen dat de onderstroom professioneler wordt en kun je aansluiting maken met de instituties. Daarbij kun je zorgen dat je weet wat er gaande is op jouw beleidsveld in de onderstroom, en deze signalen en trends vertalen naar beleid (in plaats van andersom).