Categorie: economie

  • Verantwoord ketenbeheer: Van risicomanagement naar waardecreatie

    Tijdens de uitreiking van de VBDO Verantwoord Ketenbeheer Award kregen de aanwezigen het boekje Verantwoord ketenbeheer: Van risicomanagement naar waardecreatie mee. Een uitgave van KPMG en VBDO naar aanleiding van een Rond Tafel over verantwoord ketenbeheer die KPMG Sustainability , VBDO en Supply Change Associates eerder dit jaar organiseerden.

    Definitie verantwoord ketenbeheer

    Van verantwoord ketenbeheer is volgens de publicatie sprake als organisaties bij het gehele inkoopproces rekening houden met sociale en milieuaspecten. Waarbij sociale en milieuaspecten een rol krijgen naast conventionele aspecten als prijs, beschikbaarheid en kwaliteit. Bij milieuaspecten gaat het om de de impact die een product of dienst tijdens de gehele levenscyclus op de leefomgeving heeft. Bij sociale impact gaat het om de leef- en werkomstandigheden van de mensen die zijn betrokken bij de productieketen.

    Verantwoord ketenbeheer kan niet los worden gezien van duurzaam ondernemen. Een bedrijf dat verantwoord wil ondernemen kan er niet omheen om ook te kijken naar de milieudruk en sociale omstandigheden in toeleverende bedrijven.

    De eerste stap bij het implementeren van verantwoord ketenbeheer is het opstellen van richtlijnen en gedragscodes voor leveranciers. De invulling daarvan is afhankelijk van de duurzaamheidsthema’s die spelen in de keten. Voor internationale bedrijven zijn er ook veel gebruikte standaarden, zoals:

    • United Nations Global Compact
    • ILO International Labour Standards
    • ILO Code of Practice in Safety and Health
    • OECD Guidelines for Multinational Enterprises
    • The Rio Declaration on Environment and Development
    • United Nations Convention Against Corruption
    • ISO 14001
    • SA 8000
    • OHSAS 18001

    Naast algemene richtlijnen bestaan er ook richtlijnen of standaarden die voor een specifieke sector ontwikkeld zijn. Zoals bijvoorbeeld de CO2 Prestatieladder voor de Nederlandse bouwsector.

    Verantwoord ketenbeheer als risicomanagement

    Verantwoord ketenbeheer is ontstaan in reactie op de kritiek die bedrijven kregen op de werkomstandigheden bij toeleveranciers. Aanvankelijk ontkenden veel bedrijven dat ze verantwoordelijkheid droegen voor de omstandigheden bij hun toeleveranciers. In reactie daarop heeft een grote groep bedrijven inmiddels een inkoopbeleid opgezet waarmee bij leveranciers het kaf van het koren kan worden gescheiden. De aanhoudende druk van stakeholders op bedrijven als Coca Cola, C&A, Nike, Apple en Facebook laat zien dat dat geen overbodige luxe is.

    Organisaties die starten met verantwoord ketenbeheer zetten volgens de schrijvers relatief eenzijdig in op een beleid dat risico’s minimaliseert of mitigeert. Het gaat daarbij om risico’s op het gebied van:

    • reputatieschade: bv. door negatief nieuws over gebeurtenissen of omstandigheden in de toeleveringsketen.
    • omzetverlies: bv. door het verliezen van opdrachten/klanten waar duurzaamheid een rol speelt bij de inkoop.
    • wetgeving: bv. doordat er maatschappelijke onvrede ontstaat over de (waargenomen) voortgang. Koplopers hebben dan geen concurrentienadeel, maar voor bedrijven die niet aan de wetgeving voldoet ontstaan risico’s.
    • Stakeholderconflicten: verantwoordelijk gedrag zorgt voor een grotere legitimatie bij stakeholders. Dat kan voordelen opleveren bij bv. het aantrekken van personeel of draagvlak bij de lokale bevolking.

    Hoewel een defensieve strategie zeker een eerste stap is stelt de publicatie dat het niet hoeft te leiden tot het inkopen van duurzamere producten of diensten. Je scheidt tenslotte enkel op leveranciersniveau en niet op het niveau van producten of diensten. Om daadwerkelijk duurzamere producten of diensten in te kopen is meer nodig. Belangrijker nog is dat het onderscheidend vermogen van een defensieve strategie steeds kleiner wordt. De auteurs stellen vast dat defensief verantwoord ketenbeheer steeds meer de status krijgt die ‘kwaliteit’ en ISO-certificeringen hebben. Oftewel een vanzelfsprekendheid waar bedrijven niet zonder kunnen als ze zaken willen blijven doen.

    Een van de omvangrijkste initiatieven op dit gebied is het Sustainability Consortium van Wal-Mart, waar ik al eerder over schreef en waar inmiddels zo’n 100 bedrijven, instituten (waaronder WUR) en NGO’s aan meewerken. Volgens de auteurs komt het doel om producten een label te geven met alle aspecten van duurzaamheid binnen bereik. Voor Wal-Mart biedt het initiatief ook strategische mogelijkheden, waarover volgende keer meer.

  • Kan kernenergie zonder subsidie?

    Dat is de vraag die bij me opkomt nu Delta deze week heeft aangekondigd de vergunningaanvraag voor een nieuwe kerncentrale een half jaar uit te stellen. Eerder had de provincie Zeeland al bij het rijk aangeklopt voor steun voor de nieuwe kerncentrale. Het Ministerie van Economische Zaken, Landbouw & Innovatie gaf deze week aan dat subsidie voor een kerncentrale er niet in zit.

    Wat opvalt is dat in de berichtgeving voor de goede verstaander kleine kraakjes te vinden zijn die het verhaal dat kernenergie een van de goedkoopste vormen van elektriciteitsopwekking is onderuit halen. Want als elektriciteitsopwekking met kernenergie zo goedkoop is, hoe kan het dan dat een van de problemen voor het rondkrijgen van de business case de lage elektriciteitsprijs is? Je zou verwachten dat een lage elektriciteitsprijs vooral een probleem vomt voor dure vormen van elektriciteitsopwekking, zoals wind op zee of gascentrales.

    Kortom lage elektriciteitsprijs en geen steun van de overheid betekent exit vergunningaanvraag. Precies zoals je kon verwachten op basis van het rapport New Nucleair? The Economics Say No van City Bank waar ik begin 201o over schreef.

  • Impressie Uitreiking VBDO Verantwoord Ketenbeheer Award

    Afgelopen woensdag was ik namens Strukton aanwezig bij de uitreiking van de VBDO Verantwoord Ketenbeheer Award 2011 in het kantoor van KPMG. Een avond die in het teken stond van de rol die duurzaam inkopen en ketenbeheer kunnen spelen bij het verduurzamen van organisaties. Onderstaande impressie is zeker niet compleet, maar geeft hopelijk wel een beeld van de avond.

    Giuseppe van der Helm, directeur van de Vereniging van Beleggers voor Duurzame Ontwikkeling (VBDO), gaf aan dat de VBDO twee belangrijke routes ziet om de productieketen te verduurzamen:

    • Via de klant
    • Via de eigenaar/aandeelhouder

    Hoewel er bij de consument nog een wereld te winnen is als het gaat om duurzaam consumeren. Zeker als de klant een ander bedrijf is kun je grote duurzaamheidswinst behalen.

    Duurzaamheid is volgens de VBDO belangrijk vanuit maatschappelijk oogpunt en vanuit de business case. Vooral op dat laatste aspect zijn bedrijven goed aan te spreken. Om met duurzaamheid tot een sluitende business case te komen is de keten cruciaal. Zowel voor het toevoegen van waarde als voor voor het verbeteren van de marge. Verantwoord ketenbeheer draait volgens de VBDO niet om het drukken van kosten, maar om het helpen van je ketenpartners om successen te behalen in andere omstandigheden. Unilever doet dit bv. door met belangrijke leveranciers gezamenlijke ontwikkel / innovatieovereenkomsten af te sluiten. Verantwoord ketenbeheer vraagt om visie, transparantie, ketenbeheer en lef om waarde toe te voegen en aan je visie vast te houden.

    Bart Vos van de Tilburg School of Economy & Management voegde daar tijdens de paneldiscussie aan toe dat het niet alleen gaat om de verdeling van de waardecreatie tussen bedrijven, maar ook om de verdeling van waardecreatie binnen bedrijven. Hoe wordt een inkoper afgerekend? Wat telt er mee voor de projectleider? Welke businessunit ziet de gerealiseerde extra marge terug in zijn cijfers?

    Lessen Unilever

    Unilever heeft vorig jaar het Unilever Sustainable Living Plan gelanceerd. Doel verdubbeling van de omzet, milieuvoetafdruk halveren, meer dan 1 miljard mensen helpen in actie te komen om hun gezondheid en welzijn te verbeteren, en 100% van de landbouwgrondstoffen betrekken uit duurzame landbouw (da’s volgens Unilever wat anders dan biologische landbouw).

    Voor Unilever staat vast dat duurzaamheid in de toekomst een basisvoorwaarde wordt voor zakendoen. Wanneer dat zo is zijn er nog maar twee mogelijkheden leiden of volgen. Leiden geeft (tijdelijk) competitief voordeel.

    De kunst daarbij is te zoeken naar de sweet spot waar er voordeel is voor de klant en waar de oplossing goed is voor duurzaamheid. Voorbeeld: handenwassen met zeep. Om bacteriën te doden moet je je handen 30 tot 60 seconden wassen met standaardzeep. Unilever heeft een zeep ontwikkeld die hetzelfde effect bereikt in 7 seconden. Dat scheelt 23 tot 53 seconden aan water en 7 seconden is voor kinderen een haalbaardere termijn dan een minuut handen wassen. Unilever heeft ook een leverancierscode voor haar banken en financiers, dat is wennen voor de banken.

    Een belangrijke keueze van Unilever om duurzamer te worden is om weg te gaan van veilingen en internationale markten, waar je niet weet wat de herkomst is. Unilever werkt actief aan kortere ketens. Voor contacten met kleine boeren wel samenwerken met lokale partijen, dus handelshuis ertussen. Met het handelshuis worden wel afspraken gemaakt over kennisondersteuning en inkooptrajecten.

    Bij Unilever is duurzaam of niet geen discussie meer, omdat verdubbeling van de omzet en halvering van de ecologische footprint beide op hoog niveau vastliggen en even zwaar wegen bij de beoordeling. Voor bv. thee is Rainforest Alliance de norm, einde discussie. Wel is Unilever met Rainforest Alliance in discussie over de sociale criteria die Rainforest Alliance hanteert. Unilever vindt deze namelijk onvoldoende en wil vernieuwing van de criteria.

    Uitreiking Award en speciale vermeldingen

    Giuseppe van der Helm noemde vooral de vooruitgang in verduurzaming van de keten van de bouwsector opmerkelijk. Deze vooruitgang is in zijn ogen voor een belangrijk deel te danken aan het beheersen van de CO2-uitstoot. In de bouwsector is het gebruik van de CO2-prestatieladder van SKAO inmiddels heel gebruikelijk geworden. Bouwbedrijf BAM is zelfs doorgedrongen tot de top 10 van de VBDO Verantwoord Ketenbeheer Award en ontving daarvoor een speciale vermelding van de jury. Ook de vooruitgang bij Wavin, een belangrijke toeleverancier voor de bouwsector, werd beloond met een speciale vermelding.

    De vijf genomineerde bedrijven waren Akzo Nobel, DSM, Philips, Reed Elsevier en Unilever. De winnaar van de Award was Philips met 95% van de maximale score.

    Aanpak BAM

    BAM lichtte kort toe hoe zij de afgelopen jaren hadden gewerkt aan het verbeteren van hun ketenbeheer. Deze aanpak bestond uit 3 stappen (waarvan ik er maar 2 heb onthouden 😉 :

    1. keuzes maken binnen de grote hoeveelheid aan duurzaamheidsonderwerpen. BAM heeft daarbij gekozen voor: veiligheid, CO2 reductie en afvalreductie
    2. Uit de of of discussie van geld of duurzaam stappen

    Daarnaast stellen inkopers in gesprekken met leveranciers en onderaannemers de vraag of de leverancier/onderaannemer ideeën heeft hoe het duurzamer kan dan in het bestek staat (en daarbij hebben ze het niet meteen over de centjes).

    Paneldiscussie

    Van de paneldiscussie zijn me maar een paar zaken bijgebleven. Ten eerste de nadruk die Philips legde op het belang van samen met concurrenten optrekken als het gaat om problemen die vroeg in de keten zitten. Bijvoorbeeld als de winning van grondstoffen in verband wordt gebracht met oorlogen of andere misstanden. De tweede opmerking die me bij is gebleven is het antwoord van Piet Sprengers, ASN Bank, op de vraag hoe je achterblijvers in beweging kunt krijgen. Zijn idee was om dat als criterium mee te nemen in de beoordeling van de koplopers.

    De derde opmerking komt ook op naam van Piet Sprengers. Hij gaf aan dat de ASN bank investeert vanuit waarden creatie en pas dan vanuit waarde creatie. Hij gaf aan dat deze op de langere termijn heel goed in elkaars verlengde kunnen liggen. Zo heeft de ASN nauwelijks tot geen investeringen in de financiële sector, omdat de meeste banken en verzekeraars niet transparant genoeg zijn om toegelaten te worden tot het beleggingsuniversum van de ASN-bank. Dat dat de ASN bank op dit moment geen windeieren legt behoeft geen uitleg…

    Na afloop van de avond kregen alle aanwezigen het boekje Verantwoord Ketenbeheer: van risicomanagement naar waardecreatie mee.

  • Persoonlijke investeringen: Enviu Participations

    Begin 2010 heb ik in een stuk geschreven over de mogelijkheden van crowdfunding (of peer to peer banking) voor sociale ondernemers. Inmiddels heb ik zelf ook een klein aantal investeringen gedaan (en nog 2 te doen) in sociale ondernemers. Een daarvan is een investering in Enviu Participations via het platform van Symbid.

    Enviu Participations is de ontwikkelingspoot van Enviu, waarin een aantal start-ups die ze verzinnen ondergebracht zijn en worden. Inmiddels hebben ze meer dan 50% van het benodigde kapitaal hebben opgehaald via crowdfunding. Om dat te vieren hebben alle investeerders die meer dan 100 Euro hebben ingelegd een proefpakketje van Yuno ontvangen. Een leuke verrassing, waar vooral dochterlief al een week begerig naar kijkt.

    Binnenkort ga ik dus samen met mijn dochter de smaaktest doen. Aan de verpakking zal het in ieder geval niet liggen, die is aanlokkelijk genoeg voor een 2 jarige. Als Yuno goed smaakt hoeven we ook niet ver om het te kopen, want volgens de site van Yuno ligt ’t bij onze lokale Plus supermarkt in de schappen.

    Zelf ook investeren? Kijk op Enviu-investment.nl of lees alle details op Symbid.

  • 'Innovatie is hard nodig voor rendabele duurzame energie'

    Dat is de stelling die al jaren opgeworpen wordt, want het streefcijfer voor de kostprijs van duurzame energie is de kostprijs van elektriciteit die met steenkolen wordt opgewekt. De heilige graal van duurzame energievormen heet netpariteit. Een moeilijke term om te zeggen dat de elektriciteit die duurzaam wordt opgewekt even veel kost als elektriciteit van een kolencentrale (ongeveer 5 tot 7 Eurocent/kWh). De vraag is of dat terecht is. Kleinverbruikers (zowel particulier als zakelijk) betalen op dit moment namelijk ongeveer 19 Eurocent per kWh (door energiebelasting en BTW).

    Ontwikkelingen zonne-energie

    Terwijl de energiebelasting en de elektriciteitsprijs stijgt is de prijs van zonnepanelen is de afgelopen 12 maanden met ongeveer 40% gedaald. Dat is te zien aan de opkomst van nieuwe bedrijfsmodellen voor zonne-energie.

    Bij die nieuwe bedrijfsmodellen koop je niet zozeer zonnepanelen, alswel een stabiele elektriciteitsprijs. Zo biedt Zon IQ zonnepanelen aan met de garantie dat de kosten van elektriciteit opgewekt met je zonnepanelen inclusief de financieringskosten gelijk zijn t.o.v. je huidige elektriciteitskosten. Bij Zonline koop je geen zonnepanelen, maar ga je betalen voor de elektriciteit die ze opwekken. Resultaat: de prijs van (een deel van) je elektriciteitsverbruik staat de komende 20 jaar vast. Dat is nog eens wat anders dan een 3 jaar vast contract…

    De ondernemers en financiers van Zon IQ en Zonline verwachten ongetwijfeld ten minste een fatsoenlijke boterham te verdienen met hun business model. Dat kan niet anders betekenen dan dat zonnepanelen voor huiseigenaren die zelf over de financiële middelen beschikken een rendabele investering zijn. Voor Zon IQ geldt dat ze de garantie van een gelijkblijvende energierekening alleen zullen geven wanneer ze dat waar kunnen maken. En voor Zonline geldt dat ze van de opbrengst die zij ontvangen van huiseigenaren niet alleen hun eigen loon moet betalen, maar ook hun financiers.

    Ontwikkelingen windenergie

    Afgaand op het maximum subsidiebedrag voor windenergie op land ligt de kostprijs rond de 10 Eurocent per kWh. De energiebelasting ligt op 12 Eurocent per kWh. De simpelste manier om te zorgen dat wind op land zonder subsidie uit kan is deze twee tegen elkaar uitruilen. Een vrijstelling van energiebelasting voor afnemers van windenergie op land betekent dat particulieren ten minste 2 Eurocent korting per kWh krijgen, want best kans dat er windmolens zijn die voor minder dan 10 Eurocent elektriciteit produceren. Tegelijkertijd houdt de overheid de subsidie voor windenergie in haar zak en zijn er minder ambtenaren nodig om subsidieaanvragen voor duurzame energie te beoordelen.

    Voor degene die zich zorgen maken wat te doen als de wind niet waait: geen nood, voor zover ik dat begrepen heb moet de windmolenexploitant in het Nederlandse systeem zelf zorgen voor reservecapaciteit. Daar betaalt de windmolenexploitant een vergoeding voor aan degene die reservecapaciteit achter de hand houdt. Wanneer er te veel windenergie bijkomt wordt de vraag naar reservecapaciteit groter, wat de prijs opdrijft. De hogere prijs wordt doorgerekend aan de consument die windenergie afneemt. De stijgende prijs van windenergie zorgt er voor de wetten van de vrije markt vanzelf voor dat de vraag daalt, of dat er evenwicht op de markt optreed.

    Een hoge prijs voor reservecapaciteit zorgt er ook voor dat er meer aanbod komt van reservecapaciteit of dat er geïnvesteerd gaat worden in maatregelen of innovaties om de benodigde hoeveelheid reservecapaciteit te verkleinen (bv. accutechnieken).

    Alternatieve manieren om wind op land, zonne-energie en biogas te stimuleren

    De SDE+ is de bekendste regeling om duurzame energie te stimuleren. Deze wordt gefinancierd vanuit een opslag op de elektriciteitsrekening. Een alternatieve methodiek kan zijn om te kijken naar het grote succesnummer op gebied van verduurzaming: de automarkt. Door een combinatie van verschillende tarieven in de bijtellingsregel, motorrijtuigenbelasting en BPM is daar de afgelopen jaren een grote switch naar zuinigere en milieuvriendelijkere modellen gemaakt.

    Voor groene elektriciteit en biogas kan een zelfde methodiek ontwikkeld worden, mits het gaat om technieken waarvan de kostprijs onder het tarief voor kleinverbruikers ligt. Waarbij ik met het tarief voor kleinverbruikers het tarief inclusief energiebelasting en BTW bedoel. Net als bij auto’s hoeft dat geen permanente regeling te zijn, maar kun je die best in termijnen afbouwen of de verschillen verkleinen. Wanneer de overheid, net als bij aardgas, wil meeprofiteren van de baten van publieke goederen als zon en wind kan ze ook overwegen om zelf mee te investeren. Zoals ze dat ook doet bij aardgas.

    Het voordeel van zo’n systeem is dat particulieren voordeel krijgen van duurzame energie, wat het verzet een stuk minder groot zal maken. De komende 15 jaar Euro 360 korting per jaar op je energierekening? Dat kan, maar dan krijg je wel een windmolen in de buurt.. Praktijkvoorbeelden laten zien dat het verzet dan snel minder wordt. Eventueel kun je nog eisen dat particulieren zelf investeren in de opwekking van duurzame energie om van het voordeel te kunnen profiteren.

    Tijdens de toepassing zullen nieuwe innovaties gedaan worden, die de kostprijs van duurzame energie verlagen. Waardoor duurzame energie ook voor middelgrote gebruikers en uiteindelijk grootverbruikers commercieel interessant wordt. Het bijkomend voordeel is dat een aantal grootverbruikers kan dienen als buffercapaciteit in tijden van veel of juist weinig aanbod aan duurzame energie.

    PS merk ik op dat ik het in dit stuk nog niet eens heb gehad over het schrappen van regelingen die fiscaal of anderszins voordelig uitpakken voor fossiele energie.

  • Green Deal: Meer met minder

    Bezorg huiseigenaren wat meer schuld met minder energieverbruik, dat is de strekking van de oproep die de banken (verenigd in het ‘Beraad Groenfondsen’ van de Nederlandse Vereniging van Banken) en bouw-, installatie- en energiebedrijven samen aan de ministers Verhagen en Donner deden. De bedrijven willen dit vormgeven in een Green Building Deal. Tegelijkertijd begint ook De Nederlandse Bank wakker te worden en zich zorgen te maken over de verhouding tussen de gemiddelde waarde van het huis en de hoogte van de hypotheekschuld. Uiteraard heeft de uitspraak van Knot de gebruikelijke kommer en kwel reacties opgeroepen in de media.

    Green Building Deal

    Vorige week hebben de banken, bouw-, installatie, en energiebedrijven een plan gelanceerd om bestaande woningen te verduurzamen. Kern daarvan is dat installateurs en bouwers de maatregelen uitvoeren en dat banken dat financieren via de fiscale groenregeling. De maatregelen betalen zich terug door een lagere energierekening en door gebruik te maken van de fiscale groenregeling betaalt de huiseigenaar een lagere rente.

    Het voordeel voor de huiseigenaar is dat zijn woonlasten gelijk blijven, terwijl  de energierekening daalt. Bovendien zijn energiezuinigere woningen meer in trek en behouden ze in een dalende markt beter hun waarde dan energieslurpers. Het nadeel van het plan voor huiseigenaren is dat ze met nog hogere schulden worden opgezadeld.

    Het voordeel van het plan voor banken is dat de huizen (onderpand voor een enorme berg hypotheekschuld) hun waarde behouden en dat ze een goede (en relatief veilige) bestemming hebben voor het aangetrokken spaargeld. Voor installateurs en bouwbedrijven levert het werk op. Waarom de energiebedrijven meedoen weet ik niet, mogelijjk dat ze bang zijn voor verplichtingen uit het Haagse?

    De sluipende hypotheekcrisis

    Zowel Trouw (Huizenbezitters, pak uw tent en Occupy het Binnenhof, pagina 17 papieren editie 5-11-201) als Sargasso beschrijven goed wat het huidige probleem van de huizenmarkt is. Door de hypotheekrenteaftrek lossen Nederlands weinig van hun lening af. Dat maakt de Nederlandse banken bij een dalende huizenmarkt of bij gebrekkig vertrouwen tussen banken onderling kwestbaar. Nederlandse banken verstrekken hoge hypotheekleninge, waar weinig spaargeld tegenover staat. Het gat wordt door banken afgedekt door een beroep te doen op andere financiers. Door het gebrek aan vertrouwen tussen banken wordt dat moeilijker. Tegelijkertijd wordt het onderpand door de dalende huizenprijzen minder waard. Dat zorgt voor problemen op de balans van banken, die sinds de vorige crisis van 2008 nog steeds niet allemaal uitblinken van degelijkheid.

    Het voorstel van Arjen Siegmann om de hypotheekrenteaftrek af te schaffen in combinatie met compensatie en verplichte aflossing van de hypotheekschuld zou dit probleem aanpakken.Huiseigenaren krijgen een lagere schuld en banken zien de verhouding tussen hypotheeklening en onderpand verbeteren. In het voorstel van Siegman is de hoogte van de compensatie afhankelijk van het moment van aankoop (hoe langer geleden, hoe lager de compensatie). De financiering hiervan kan de overheid doen via de kapitaalmarkt.

    Het CPB heeft eerder al voorgesteld om de huidige hypotheekrenteafrek te vervangen door een aflossingsaftrek. Zelf heb ik in 2008 voorgesteld om de hypotheekrenteaftrek te koppelen aan vergroening van je huis. Dat was behoud van werkgelegenheid voor de bouw- en installatiebranche en tegelijkertijd kon de overheid haar doelstellingen voor energiebesparing in de gebouwde omgeving dichterbij brengen.

    Creatief combineren

    Inmiddels zijn de marktomstandigheden fors gewijzigd en zijn mensen voorzichtiger met investeren in hun huis. Of preciezer gezegd: ik wil mijn huis graag verder vergroenen, maar ik ben niet bereid me dieper in de schulden te steken. Zelfs niet als ik via een Green Building Deal goedkoop kan lenen. Daarom zie ik meer in een combinatie van de Green Building Deal en het voorstel van Arjen Siegman.

    Schaf de hypotheekrenteaftrek af of geef mensen de keuze om de hypotheekrenteaftrek in één keer op te nemen. In beide gevallen mag het geld maar voor 2 zaken gebruikt worden: aflossen van de hypotheekschuld of verduurzaming van de woning. Het deel van de eenmalige uitkering dat mensen willen gebruiken voor verduurzaming van de woning wordt op een bouwdepot gestald. Waarna de huiseigenaar 12 maanden krijgt om een plan van aanpak te maken om te komen tot verduurzaming van de woning. Een meetbaar deel daarvan is het Energieprestatie Certificaat (EPC). Dat is niet perfect, maar beter dan niks. Een andere mogelijkheid is afgaan op het gas- en elektriciteitsverbruik. Die zijn tenslotte ook bekend door de via het energiebedrijf afgedragen energiebelasting.

    De groenbanken komen in zicht als blijkt dat zij een lagere rente bieden dan de hypotheekrente. Een huiseigenaar zal er op dat moment namelijk voor kiezen om zijn hypotheekschuld verder af te lossen en een nieuwe lening af te sluiten bij een groenbank. De verlaging van de energierekening zal in beide gevallen gebruikt  Welke wijze van financiering ook gekozen wordt.

    Het voordeel van de huiseigenaar: een lagere hypotheekschuld, die vooral voor mensen die recent gekocht hebben onder de waarde van de woning zal komen te liggen. Daarnaast krijgen huiseigenaren de (financiële) mogelijkheid om hun energierekening verder omlaag te brengen, met de bijbehorende comfortvoordelen.

    Het voordeel voor de bank: de verhouding tussen hypotheeklening en onderpand wordt beter. Waardoor het makkelijker wordt om financiering van elders aang te trekken. Bovendien wordt de balans van banken versterkt door de aflossingen, waardoor ze minder kapitaal hoeven aan te trekken om aan de kapitaalseisen van toezichthouders te voldoen.

    Het voordeel voor de overheid: een eind aan de hypotheekrenteaftrek met kansen op forse energiebesparing in de gebouwde omgeving. En mogelijk zelfs een stukje duurzame energieopwekking. In beide gevallen komt het doel van 14% duurzame energie in 2020 weer een stukje dichterbij (en dat door afschaffing van subsdie…).

  • Milieubeleid is slecht voor de werkgelegenheid

    Dat is de strekking van discussies die de Republikeinen in de VS voeren. Veel van de discussies die in de VS beginnen belanden uiteindelijk ook in Nederland. Daarom nu maar vast twee fragmenten uit The Colbert Report over het effect van het Amerikaanse milieuagentschap (EPA) op de werkgelegenheid. Om te starten de intro:

    YES! This job-killing cemetery is murdering jobs and then burying them in itself. Jobs. Everyone knows pollution is a job creator.”

    En het interview met Carol Browner, voormalig hoofd van de EPA:

    Bron: Clean Environment Smackdown: Stephen Colbert and Former EPA Chief Carol Browner Debate

  • De (on)logica van de markt: schuldprobleem

    De afgelopen jaren blijf ik me verbazen over de logica van de heilige gelovers in de vrije markt ten aanzien van een te hoge schuldenlast. Op de een of andere manier lukt het banken en politici om twee tegengestelden redenaties te verkopen.

    De redenatie die wordt opgehangen voor kleine bedrijven en individuen luidt wie te veel schulden heeft gemaakt krijgt geen leningen meer en gaat failliet. Een doorstart is mogelijk, voor individuen zoals u en ik betekent dat 3 jaar lang leven op een absoluut bestaansminimum. Via de schuldhulpverlening wordt alle inkomsten boven het minimum gebruikt om zoveel mogelijk schulden af te betalen. Tegelijkertijd krijg je begeleiding om te voorkomen dat je jezelf nog een keer zo in de problemen brengt. Na 3 jaar ben je schuldenvrij, uw schuldeisers achterlatend met een waardeloze vordering.

    Voor landen geldt een andere logica, zie bijvoorbeeld Griekenland. Om te zorgen dat ze het teveel aan schulden af kunnen lossen lenen we extra geld uit via andere Europese lidstaten en het IMF. Die extra leningen in combinatie met forse bezuinigingen moeten er dan voor zorgen dat alle leningen alsnog terugbetaald worden. De bezuinigingen leiden tot economische krimp (= minder inkomsten) en de extra leningen tot extra uitgaven… Daarbij wordt dan ook nog het fabeltje opgehangen dat Griekenland failliet gaat als we dat niet doen (oa in de advertenties van ING op BNR), maar landen kunnen niet failliet. Landen kunnen wel stoppen met het terugbetalen van hun schulden of met het betalen van rente.

    Dat is nu precies wat Argentinië een paar jaar geleden heeft gedaan (zie bv. dit artikel in De Groene). Het snijdt de banden met de internationale kapitaalmarkt door, want wie leent er nog geld uit aan een land dat weigert terug te betalen? Tegelijkertijd maakt het ruimte om te investeren in de nationale economie en in werkgelegenheid. De economische groei die dat oplevert maakt het vervolgens mogelijk om alsnog een deel van de schulden af te lossen.

    Wanneer Griekenland stopt met terugbetalen levert dat wel een groot probleem op voor banken, verzekeraars en pensioenfondsen (zoals ABP) die hun geld geïnvesteerd hebben in Griekse staatsobligaties. Je kunt je ook afvragen waarom de goedbetaalde en hooggeschoolde werknemers daar niet eerder op het idee zijn gekomen dat de Griekese staatsschuld wel erg hoog op liep?

    Laat ik duidelijk zijn. Griekenland behoeft onze steun, de huidige manier van steunen is naar mijn mening een verkapte vorm van staatssteun aan banken, verzekeraars en pensioenfondsen die teveel geld hebben uitgeleend aan landen als Griekenland. De Grieken zien namelijk geen Euro van de steun die we zogenaamd aan hun geven.

  • Krachtenbundeling Qurrent & We Generate

    Eerder dit jaar schreef ik al over We Generate. Een nieuw type energiebedrijf dat zich richt op energiebesparing en energieopwekking bij klanten thuis, en op versterking van duurzame energieopwekking in de buurt. Vandaag las ik op Duurzaam Gebouwd dat We Generate samen gaat met Qurrent. Qurrent ontwikkelde een technologieplatform voor decentrale duurzame energieopwekking en won daarmee in 2007 een half miljoen Euro bij de Picnick Green Challenge.

    De oprichter van Qurrent, Igor Kluin, zal onderdeel worden van het managementteam van dit nieuwe energiebedrijf.
    Michel Muurmans is aangesteld als CEO die het nieuwe energiebedrijf gaat opbouwen. Muurmans was tot voor kort oprichter en directeur van DEC, een werkmaatschappij van VolkerWessels die lokale energieprojecten ontwikkelt. Daarnaast is Mark Kuperus  aangetreden als CFO.

    Volgens Duurzaam Gebouwd gaat Qurrent vanaf het voorjaar van 2012 zonnepanelen installeren bij Nederlanders thuis. Huishoudens die zijn aangesloten op het netwerk kunnen de overschotten aan energie uitwisselen en delen. Volgens het oorspronkelijke filmpje van We Generate ligt de ambitie hoger en gaat het bedrijf investeren in lokale duurzame energie-opwekking en energiebesparing, zonder dat de klant de investering hoeft te betalen. De klant betaalt de investering terug via de besparing op de energierekening. Het lijkt wel een mini energie service bedrijf (ESCo):

    [youtube http://www.youtube.com/watch?v=UKzSjI9N9vA]

    Volgens de website van Qurrent volgt in november meer informatie.

    Vergelijkbare initiatieven

    Het gaat in ieder geval druk worden op de markt. Zo komt Stichting Building Brains met WAIFER, een concept dat na eerste lezing overeenkomsten lijkt te hebben met Qurrent nieuwe stijl. Afgelopen vrijdag sprak ik op de Toekomstdag met een vertegenwoordiger van een bedrijf dat binnenkort ook actief gaat worden op de markt voor zonnepanelen, waarbij huiseigenaren zelf niet hoeven te investeren. Ze werken hiervoor samen met een Amerikaanse solar as a service provider.

    Daarnaast zijn er diverse Green Deals die een relatie hebben met decentrale energieopwekking in de gebouwde omgeving. Zo is er een Green Deal met een proef met een Amerikaans systeem om zonnepanelen te financieren via een lening die via een opslag op de OZB terugbetaald wordt aan de gemeente.

    Ook is er een Green Deal met de Windcentrale. De grote vraag daarbij blijft voor mij hoe in de toekomst door de rijksoverheid omgegaan gaat worden met salderen voor en na de elektriciteitsmeter. Zolang dat niet wordt aangepast ga ik niet investeren in de Windcentrale, zodra dat wel gebeurd gaat mijn hypotheekrenteaftrek een jaartje naar een windmolen in de buurt. Door de aankondiging van GreenChoice en Atoomstroom eerder dit jaar dat ze onbeperkt salderen achter de meter toe gaan staan voor huishoudens lijkt dat probleem voor huishoudens uit de lucht (al kan ik me vergissen, want ik ben geen fiscaal expert).

  • Impressie Innovatie-Estafette 2011 & Toekomstdag

    Afgelopen week heb ik twee bijeenkomsten bijgewoond namens Strukton. De eerste was de Innovatie-Estafette 2011 in de Van Nelle fabriek, georganiseerd door de Club van Maarssen. De tweede de Toekomstdag van ISDuurzaam.

    Innovatie Estafette

    De Innovatie Estafette was de officiële ondertekening van een van de Green Deals waar Strukton bij betrokken is, te weten de Green Deal Duurzaam Beton. Een initiatief waarin bijna twintig partijen in de Nederlandse bouwwereld samenwerken in het Programma verduurzaming betonketen. Van productie tot toepassing en hergebruik zal gewerkt gaan worden aan vergaande verduurzaming van de gehele betonketen. Het bijzondere aan het Programma verduurzaming betonketen is dat het alle schakels in de Nederlandse betonketen behelst en niet alleen gaat over het product beton, maar ook over betonnen constructies. Wat meteen ook duidelijk maakt dat mijn indruk van eerder dit jaar dat de betonsector behoudend zou zijn bijstelling behoeft. Tijdens een goed bezochte workshop over de Green Deal Duurzaam Beton pakte de asfaltsector de uitdaging op om ook die keten gezamenlijk nog een stap verder te verduurzamen.

    De opzet van de beursvloer vond ik zelf geslaagd. Geen muurtjes, geen schotjes, waardoor het makkelijk ronddwalen was van de ene naar de andere stand. Waarbij ik weer een hoop nieuwe indrukken en kennis heb opgedaan. Een tweetal gesprekken zijn me in het bijzonder bijgebleven. De een was met een vertegenwoordiger van de Stichting Vernieuwing Bouw over drempels voor vernieuwing en over verantwoordelijkheid nemen voor een ondersteunende rol (klinkt wazig en is ook nog niet geheel uitgekristalliseerd in mijn hoofd). Het andere gesprek was met bestuursleden van de Stichting Gelijkspanning. Een stichting die de aanleg van openbare gelijkstroom netten promoot in Nederland. Bijzonder, want alle elektriciteit uit het stopcontact in Nederland is wisselstroom. Zelfs nu steeds meer apparaten (van led-verlichting en laptop tot zon pv en wkk) gelijkstroom verbruiken en opwekken. Ook een stukje meerijden in een tot elektrische auto omgebouwde Volkswagen Golf met een range van 200 kilometer was een bijzonder leuke ervaring.

    Toekomstdag

    De Toekomstdag was georganiseerd door ISDuurzaam. De dag was bedoeld om professionals binnen overheid, bedrijfsleven, maatschappelijke organisaties en politiek met elkaar te verbinden. Gelet op het gemengde gezelschap was dat goed gelukt. Zelf zat ik bij de ronde tafel duurzaamheid, waar onder andere ook Raymond Steenvoorden, lid van de Raad van Bestuur van Strukton, aan deelnam.

    Tijdens de ronde tafel ging het veelvuldig of systemen en systeemfouten. Variërend van de grote nadruk die de Nederlandse overheid legt op laagwaardige toepassingen van biomassa, zoals energie-opwekking, in plaats van te focussen op hoogwaardige inzet van biomassa, tot de hindernissen die je ondervind als je een decentraal energiebedrijf probeert op te zetten. Op de vraag van een van de aanwezigen welke systemen de sprekers bedoelde volgde het antwoord: systemen bestaan niet, er bestaan alleen maar mensen. Wat het dan weer extra jammer maakte dat er veelvuldig gezocht werd naar oplossingen buiten de eigen cirkel van invloed, zoals aanpassing van ‘het systeem’ door ‘de overheid’. Waardoor de sessie af en toe aanvoelde als overheidsbashing, ongeacht of dat terecht is vind ik het weinig out of the box.

    Voor de overheid geldt echter hetzelfde als voor het systeem: ze bestaat niet. Er bestaan alleen personen die al dan niet volgens de (ongeschreven) regels van het systeem handelen. Terecht werd tijdens de discussie de uitdaging neergelegd om de connectie te leggen met individuele mensen in het systeem.

    Twee mooie ideeën die daarbij naar voren kwamen waren:

    1. Bel je pensioenfonds en vraag ze minstens 50% van je pensioengeld in duurzaamheid te investeren. Als dat volgens hun financieel niet uit kan is het de vraag wie dan over 30 jaar de rekening betaalt voor ellende die we nu veroorzaken.
    2. Neem in je eigen werkafspraken voor 2012 een SMART geformuleerde duurzame daad op. Het voorbeeld kwam van IBM Nederland, waar dit sinds een aantal jaar gebeurd. Je duurzame daad kan variëren van vrijwilligerswerk tot het ontwikkelen van een duurzamer alternatief voor een bestaande business case.

    Gaandeweg de dag kwam ik er ook achter dat Strukton via de Green Deal Rotterdam: Halvering CO2 emissie bij nog een Green Deal betrokken is. Daar ga ik over een paar weken hopelijk meer over leren, als ik een van de zwembaden waar Strukton actief is mag bezoeken.

    Tijdens de borrel na afloop van het officiële programma heb ik nog een aantal erg leuke/interessante gesprekken gehad. Een van de interessante dingen die ik opving is dat solar as a service er nu echt aan zit te komen in Europa. Nu maar hopen dat de Nederlandse particuliere markt interessant genoeg is voor bedrijven die daar actief in willen worden. Zo ja, ik heb een schuin dak dat ligt op het zuid/zuid-oosten en het is beschikbaar… (hint 😉