Een nieuwe uitdaging…?

Recruiter vraag:

Hi Krispijn,

Ik zie op je profiel dat je open staat voor nieuwe uitdagingen en dat je je veel bezig houdt met energievraagstukken. Voor het ministerie van EZK ben ik op zoek naar senior vergunningverleners voor winningsplannen in Nederland. Hierbij zul je met name aanvragen voor instemmingsbesluiten op winningsplannen behandelen en beschikkingen opstellen ogv de Awb en de Mijnbouwwet. Hierbij is het vooral belangrijk dat je procedureel sterk bent en goed met druk kunt omgaan. Ik zie dat je al ervaring hebt bij het ministerie van EZK en vraag me dan ook af of je hier interesse in zou hebben. Ik hoor het graag!

x

Mijn antwoord:

Beste x,

Bedankt voor je bericht. Gelet op mijn (publieke) activiteiten tegen gas- en zoutwinning vind ik dit geen passende functie. Tenzij het ministerie bewust zoekt naar vergunningverleners die de randen van de weigeringsgronden uit artikel 9 (met name lid f) opzoekt om gas- en zoutwinning zo moeilijk mogelijk te maken.

Met zonnige groet, Krispijn Beek

Antwoord recruiter:

Hi Krispijn,

Bedankt voor je snelle reactie. Dat kan ik me voorstellen, dan is dat denk ik inderdaad geen passende match, omdat ze wel een zo onafhankelijk mogelijke instelling verwachten. Hartelijk dank dat je de moeite nam om te reageren.

x

Antwoord: Geen nieuwe uitdaging ūüôā

Essay ‘De economische onderbouwing van het Deltabeleid: een verschuivend perspectief’

In het essay ‚ÄėDe economische onderbouwing van het Deltabeleid: een verschuivend perspectief‚Äô, geeft Gigi van Rhee een historisch overzicht van de manier waarop beoordelingen zijn uitgevoerd bij besluitvorming vanaf de Ramp in 1953 en laat zij zien of in de besluitvorming alle effecten op het gebied van planet, profit en people zijn meegewogen. Het essay is de bijdrage van Gigi van Rhee aan het boek ‘De Nieuwe Delta‘.

Bij keuzes over de inrichting en toekomst van een deltagebied moet men rekening houden met de unieke waarde van de delta. Denk hierbij aan de financieel-economische, de maatschappelijke waarde en de natuurwaarde. Dit besef is sinds de bouw van de deltawerken geleidelijk aan ontstaan. De vraag is of deze integraliteit ook zo in de huidige (economische) onderbouwing van beleidsbeslissingen over de delta meegenomen wordt. Naast een terugblik kijkt Gigi vooruit, hoe de onderbouwing en afweging van de deltabeslissingen kunnen worden versterkt. Het essay werd gepresenteerd op de jaarlijkse werkconferentie Zuidwestelijke Delta.

Bent u benieuwd hoe Stratelligence u kan helpen bij een economische onderbouwing en/of versterking van uw beleid, neemt u dan contact met ons op via info@stratelligence.nl.

GeenStijl zakt voor rekentoets

Vandaag publiceerde GeenStijl een bericht dat GroenLinks zou liegen over de lastenverzwaring voor burgers. Er valt een hoop af te dingen op het stuk, maar laat ik beginnen met deze passage over het bedrag per huishouden:

8 miljard is bijna 500 euro per Nederlander per jaar, inclusief baby’s en bejaarden. Zeg maar gerust 2000 euro per belastingbetalend huishouden, en dat per jaar. Ofwel: GroenLinks kost u bijna een netto modaal maandsalaris per jaar.

GroenLinks verhoogt inderdaad de uitgaven aan de SDE+ met 8 miljard jaar in 2030 ten opzichte van het basispad van PBL, en die verzwaring vind inderdaad grotendeels na de komende kabinetsperiode. Laten we eerst eens kijken naar wat dit werkelijk doet met de gemiddelde energierekening. Te beginnen met de statistieken en de bronbestanden. Ik sluit stiekem af.

Energieverbruik gemiddeld gezin en hoogte opslag duurzame energie

Volgens Milieucentraal verbruikt een gemiddeld gezin in Nederland 3.300 kilowattuur elektriciteit en 1.500 kubieke meter gas per jaar.

In onderstaande tabel staat de opslag duurzame energie (ODE) per kubieke meter gas en per kilowattuur elektriciteitsverbruik. Voor GroenLinks is het tarief genoemd in 2030, zoals genoemd in de doorrekening van PBL (tabel 8.3, pfd), bij het basispad gaat het om het tarief in 2023. Ik meen me te herinneren dat PBL ook de tarieven van de ODE in 2030 gemeld heeft, maar die kom ik niet tegen in openbare stukken. Voor de hoogte van de ODE in 2023 baseer ik me daarom op de Nota naar aanleiding van verslag van Wet opslag duurzame energie in verband met vaststelling tarieven voor 2017. Ook staat in de tabel de gemiddelde energiebesparing die in 2030 gehaald wordt t.o.v. het huidig verbruik.

 Wat Basispad (2023) GroenLinks Eenheid
ODE gas 0,058 0,176 Euro/m3
ODE elektriciteit 0,023 0,109 Euro/kWh
Energiebesparing in 2030 20%

Aantal inwoners en huishoudens

GeenStijl gaat uit van 16 miljoen inwoners (8 miljard gedeeld door 500) en een gemiddelde omvang per huishouden van 4 personen (2000 gedeeld 500). Een factcheck op deze cijfers bij CBS levert onderstaande gegevens op voor 2016.

Aantal inwoners en huishoudens volgens CBS (stand 2016) en GeenStijl.

CBS GS
Aantal inwoners 16.979.120 16.000.000
Aantal huishoudens 7.720.787 4.000.000

Ik snap dat het kniesoren is, maar als je factchecked zorg dan dat je zelf je feiten op orde hebt…¬†Dat GeenStijl een miljoen inwoners niet meetelt op een totaal van 17 miljoen is tot daaraantoe, maar 3,7 miljoen huishoudens buiten beschouwing laten op een totaal van 7,7 vind ik wat te gortig.

Tarieven Opslag Duurzame Energie GeenStijl

Naar aanleiding van commentaar op twitter dat de  berekeningen lastig te volgen zijn een simpelere berekening. Hoe hoog is het tarief voor de opslag duurzame energie in het basispad, hoe hoog is het bij GroenLinks en hoe hoog zouden ze moeten zijn om per gezin 2.000 Euro extra kwijt te zijn ten opzichte van het basispad van het PBL. Zie hieronder het resultaat, waarbij geen rekening is gehouden met 20% energiebesparing:

Tarief Hoeveelheid Basispad GL GS
Gas 1500 ‚ā¨0.058 ‚ā¨0.176 ‚ā¨0.610
Elektriciteit 3300 ‚ā¨0.023 ‚ā¨0.109 ‚ā¨0.378
Kosten per gezin ‚ā¨162.90 ‚ā¨623.70 ‚ā¨2,162.90
Extra kosten per gezin t.o.v. basispad ‚ā¨460.80 ‚ā¨2,000.00

Als rekening gehouden wordt met de 20% energiebesparing die GroenLinks bereikt in 2030 nemen de verschillen tussen wat GeenStijl berekent en waar PBL voor GroenLinks op uitkomt enkel maar toe. Terwijl de extra kosten per gezin bij GroenLinks dalen (want minder gas- en elektriciteitsverbruik):

Tarief Hoeveelheid Basispad GL GS
Gas 1200 ‚ā¨0.058 ‚ā¨0.176 ‚ā¨0.763
Elektriciteit 2640 ‚ā¨0.023 ‚ā¨0.109 ‚ā¨0.472
Kosten per gezin ‚ā¨163 ‚ā¨499 ‚ā¨2,163
Extra kosten per gezin t.o.v. basispad ‚ā¨336 ‚ā¨2,000

De energierekening

Dan nu de energierekening. Eerst maar eens de hoeveelheden. Op basis van Milieucentraal kom ik uit op een verbruik van 1500 m3 gas jaar en 3300 kWh elektriciteit per jaar voor een gemiddeld huishouden. Onder de aanname dat de energiebesparing van GroenLinks gelijkelijk verdeeld is over alle sectoren, daalt het energieverbruik in 2030 met 20% t.o.v. het basispad. Ik heb deze gelijkelijk verdeeld over gas en elektriciteit, al verwacht ik dat het gasverbruik harder zal dalen.

Dan de energieverbruiken waar GeenStijl mee rekent. Om uit te komen op de 500 Euro hogere kosten per persoon (bij 16 miljoen inwoners) t.o.v. het basispad die¬†GeenStijl noemt kom ik met de tarieven uit tabel 8.3 van de doorrekening uit op een energieverbruik per huishouden van 6510 m3 gas en 14.322 kWh elektriciteit (er van uitgaande dat het energieverbruik in 2030 van Geenstijl gelijk is aan het energieverbruik dat ze nu als gemiddeld energieverbruik hanteren).¬†GeenStijl gaat in haar berekening dus uit van een energieverbruik dat ruim 4 keer zo hoog ligt als een gemiddeld huishouden.¬†Lijkt me zelfs voor de niet zo milieubewuste achterban van GeenStijl wat veel… Al is het minder dan waar ik op Twitter op uit kwam. Ook ik maak wel eens een rekenfout, zeker in een vertraagde trein, dus reken mijn cijfers gerust na).

Verbruik Basispad GL excl. besparing GL incl. besparing Basispad GS GS GL
Gas (m3/jaar) 1500 1500 1200 6510 6510
Elektriciteit (kWh/jaar) 3300 3300 2640 14322 14322

De hogere tarieven voor de ODE hebben de volgende effecten op de energierekening:

Extra kosten Basispad GL excl. besparing GL incl. besparing Basispad GS GS GL
Gas ‚ā¨87 ‚ā¨264 ‚ā¨211 ‚ā¨378 ‚ā¨1,146
Elektriciteit ‚ā¨76 ‚ā¨360 ‚ā¨288 ‚ā¨329 ‚ā¨1,561
Totaal ‚ā¨163 ‚ā¨624 ‚ā¨499 ‚ā¨707 ‚ā¨2,707
Verschil t.o.v. basipad ‚ā¨0 ‚ā¨461 ‚ā¨336 ‚ā¨544 ‚ā¨2,544

Zoals te verwachten¬†is heeft de verhoging van de ODE effect op de energierekening in 2030. Voor een gemiddeld huishouden gaat het om¬†‚ā¨461 per jaar, als rekening wordt gehouden met het effect van energiebesparing wordt dat ‚ā¨336. Heel andere bedragen dan de 2.000 Euro per huishouden van GeenStijl, die alleen al door¬†hun enorme inschattingsfout van het energieverbruik per huishouden er meer dan 500 Euro naast zitten voor het basispad…

Een derde fout die GeenStijl maakt is dat ze enkel kijken naar huishoudens. Alleen verhoogt GroenLinks niet alleen de ODE heffing, maar vervlakt ze ook de tarieven (GL_12 en GL_13, pagina 111 van de doorrekening). Van de 8 miljard extra kosten komt daardoor 44% bij huishoudens terecht, en als rekening gehouden wordt met energiebesparing slechts 32%. Per persoon is de verhoging van de energierekening Euro 210 per jaar, of 153 als rekening gehouden wordt met energiebesparing. Dat is minder dan de helft van het bedrag dat GeenStijl noemt.

GL excl. besparing GL incl. besparing GS GL Verschil
Extra kosten SDE+ ‚ā¨8 mljrd ‚ā¨8 mljrd ‚ā¨8 mljrd ‚ā¨0
Waarvan huishoudens ‚ā¨3,6 mljrd ‚ā¨2,6 mljrd ‚ā¨8 mljrd ‚ā¨4,4 mljrd
Per persoon ‚ā¨210 ‚ā¨153 ‚ā¨500 ‚ā¨290
Per huishouden ‚ā¨461 ‚ā¨336 ‚ā¨2,000 ‚ā¨1,539
Aandeel huishoudens 44% 32% 100%

In bovenstaande berekening is geen rekening gehouden met het verlagende effect dat duurzame energie kan hebben op de groothandelsprijs, of met een snellere prijsdaling van duurzame energietechnologie of energieopslag dan PBL voorziet.

Alternatieve berekening energieverbruik GeenStijl

Je kan het energieverbruik waarmee GeenStijl heeft gerekend ook bepalen door uit te gaan van een stijging van 2.000 Euro per GeenStijl gezin ten opzichte van het basispad van PBL. Het gasverbruik wordt dan 5.200 m3 per jaar en het elektriciteitsverbruik ruim 11 duizend kWh, tegen 1500 m3 gas nu en 3300 kWh. Dat is nog steeds bijna 2,5 keer zo veel als het huidige energieverbruik per huishouden. In combinatie met een energiebesparing in 2030 van 20% niet zo heel realistisch.

De energierekening per huishouden komt er dan als volgt uit te zien:

Verschil tov basispad PBL GL excl. besparing GL incl. besparing GS PBL basispad GS GL
Extra kosten SDE+ ‚ā¨8 mljrd ‚ā¨8 mljrd ‚ā¨8 mljrd ‚ā¨8 mljrd
Waarvan huishoudens ‚ā¨3,6¬†mljrd ‚ā¨2,6 mljrd ‚ā¨3,1¬†mljrd ‚ā¨8 mljrd
Per persoon ‚ā¨210 ‚ā¨153 ‚ā¨183 ‚ā¨500
Per huishouden ‚ā¨461 ‚ā¨336 ‚ā¨402 ‚ā¨2,000
Aandeel huishoudens 44% 32% 39% 100%

Nog steeds een fors verschil met de berekening van PBL. Alleen al het verschil in basispad is hoger dan de stijging van de energierekening in 2030 bij GroenLinks,

Waarom pas na 2021 verhogen?

GroenLinks heeft bij het PBL een oplopende uitgaven tempo voor de SDE+ ingeleverd, waarbij we voor het gemak een lineaire ophoging naar maximaal 8 miljard Euro bovenop het basispad hadden voorgesteld tot 2030. Een voorlichter van het PBL hierover tegen de Volkskrant:

De ODE-heffing levert geld op voor subsidies, maar projecten krijgen die pas als energie wordt opgewekt. En voordat, bijvoorbeeld, een windmolenpark draaiende is en subsidie kan krijgen, ben je snel vier jaar verder.’

De heffing pas verhogen na 2020 is dus niet stiekum, maar je neerleggen bij het oordeel van de rekenmeesters van PBL, zoals ook De Volkskrant concludeert.

Mijn conclusie

GeenStijl heeft zijn statistieken¬†niet op orde. Of het nu gaat om het energieverbruik per huishouden of het aantal huishoudens, in beide zit een forse afwijking van de offici√ęle cijfers van CBS en Milieucentraal. Ook heeft GeenStijl¬†enkel gekeken naar effect op ODE voor huishoudens, zonder te kijken naar de daadwerkelijke ODE tarieven die in de doorrekening van PBL staan. GeenStijl heeft ook niet de moeite genomen om PBL of CPB te benaderen met de vraag of zij een verklaring hebben voor de¬†ophoging van de ODE na 2021, wat de Volkskrant wel heeft gedaan.

De spreadsheet met mijn berekeningen vind je hier.

 

Nieuwe baan bij Stratelligence

Veel mensen met wie ik contact onderhield weten het al: ik vertrek bij de Tweede Kamerfractie van GroenLinks. De afgelopen anderhalf jaar heb ik met veel plezier en genoegen gewerkt als fractiemedewerker energie, klimaat en milieu. Soms komen er echter kansen voorbij die je niet kan laten lopen en in die categorie valt mijn nieuwe baan bij Stratelligence. Ik mag daar onder andere gaan werken met een model dat het verdienpotentieel van groene innovaties voor de Nederlandse economie kwantificeert, uitgaande van het brede welvaartsbegrip. Voor alle mensen die ik vergeten ben te mailen of informeren over mijn overstap: dank voor de geweldige samenwerking de afgelopen anderhalf jaar, zonder al jullie hulp en aanwijzingen was het niet gelukt!

GroenLinks

De afgelopen anderhalf jaar zijn mooie resultaten geboekt door de GroenLinks fractie, waarbij ik met trots en plezier terug kijk op mijn eigen (kleine) bijdrage hieraan. Een persoonlijk hoogtepunt was dat ook de VVD de GroenLinks motie over Nederland in de top 10 van de mondiale cleantech index steunde. Veel belangrijker was het voorbereiden van de vele debatten over klimaatverandering, dieselgate, veiligheid in kerncentrales, sluiting van kolencentrales, de herziening van de mijnbouwwet en gaswinning in Groningen. Dat laatste dossier vind en vond ik het meest aangrijpend. De telefoongesprekken en mailwisselingen met bewoners en actievoerders waren inspirerend, hoopvol (door het volhardende verzet), maar vooral emotioneel. Niet alleen door de ellende waarin veel Groningse gedupeerden zitten, maar vooral door de millimeter stapjes waarmee schadedossiers zich voortbewegen en het weinige wat ik voor gedupeerden kon betekenen. Het verhaal van de middelbare scholiere over de psychische impact van mijnbouwschade maakt grote indruk op mij, net als de trailer van De Stille beving.

Het¬†diepte (of hoogtepunt?) in de discussie over de Groningse gaswinning vormde¬†het aangenomen amendement, dat financi√ęle ondersteuning biedt voor proefprocessen tegen NAM en/of EBN.¬†Om een klein beetje terug te doen voor Groningers heb ik tien Eurocent overgemaakt aan de Groninger Bodembeweging voor iedere kuub aardgas die ik heb verbruikt sinds november 2010 en dat blijf ik doen tot ons huis eindelijk helemaal van gas af is.

Wie wil begrijpen wat er aan de hand is in Groningen: kijk Zondag met Lubach over Gronings gas terug:

201701_team_liesbeth
‘Team Liesbeth’

De afgelopen maand heb ik me vooral bezig gehouden met (de inhoudelijke kant van) de Klimaatwet en de doorrekening van het verkiezingsprogramma door PBL. De Klimaatwet is afgelopen vrijdag gepresenteerd, samen met het plenaire debat over de ratificatie van de Overeenkomst van Parijs vormde dat een mooi slotstuk voor mijn werkzaamheden. Het werk aan de PBL doorrekening is inmiddels ook grotendeels afgerond, het is nu wachten op de resultaten die half februari worden gepresenteerd door PBL.

Nieuwe baan

Stratelligence is een consultancybureau, dat actief is in de sectoren water, energie en duurzaamheid, transport en infrastructuur, defensie en veiligheid, industrie en andere kapitaalintensieve sectoren. Stratelligence heeft veel expertise op het terrein van optieanalyse, adaptieve strategie√ęn en omgaan met onzekerheid. Tevens hebben ze kennis van prestatiecontracten, innovatieve publiek-private samenwerkingsverbanden en strategisch advies. Bij het ontbreken van de juiste of volledige methodes ontwikkeld Stratelligence innovatieve aanpakken die ook bij onvolledige informatie richting kunnen geven of die volledig nieuw zijn voor de opdrachtgever of sector.

Bij Stratelligence ga ik onder andere meewerken aan het verder ontwikkelen van een model dat het verdienpotentieel van groene innovaties kwantificeert. Hierbij kan ik de kennis uit mijn milieu-economische opleiding combineren met de opgedane werkervaring bij overheid, politiek en bedrijfsleven. Oftewel een mooie en zeer inhoudelijke functie, waar de hersenpan weer fors mag gaan kraken.

Bij de klanten van Stratelligence werd ik in de nieuwjaarsgroet al ge√Įntroduceerd:

expert op het gebied van milieu, energie, klimaat en maatschappelijk verantwoord ondernemen. Hij studeerde Economie van Landbouw en Milieu, met als specialisatie milieu-economie. Krispijn is een verbinder en heeft zowel oog voor beleid als de uitwerking daarvan in de praktijk. Hierdoor is hij breed inzetbaar. Dit komt onder andere door zijn uitgebreide ervaring, zowel in de publieke als private sector, bij grote marktpartijen en een technische startup. Hij was Tweede Kamer fractiemedewerker energie, klimaat en milieu, adviseur maatschappelijk verantwoord en duurzaam ondernemen, senior adviseur veiligheid en MVO, beleidsmedewerker duurzaam ondernemen en werkzaam als beleidsmedewerker veilig ondernemen en milieu en economie bij het ministerie van Economische Zaken. Deze ervaring zorgt er ook voor dat Krispijn oog heeft voor (politieke) processen binnen en tussen organisaties. Bij Stratelligence zal hij zich bezighouden met vraagstukken rondom verduurzaming en duurzame ontwikkeling, groene groei, innovatie, luchtkwaliteit en energie.

Voordat ik aan de slag ga bij Stratelligence ga ik¬†genieten van 2 weken vakantie: kinderen van school halen, achterstallige klussen in huis doen, lokaal campagne voeren voor GroenLinks bij de Tweede Kamerverkiezingen en het op poten zetten van Energiek Schiedam. Daarnaast geeft het tijd om me grondig in te lezen in de modellen waarmee ik ga werken in m’n nieuwe baan.

Ik heb erg veel zin in mijn nieuwe baan en kan nauwelijks wachten om aan de slag te gaan. Voor alle mensen die ik vergeten ben te mailen of informeren over mijn overstap: dank voor de geweldige samenwerking de afgelopen anderhalf jaar! Voor iedere stem voor de Klimaatwet in de Tweede Kamer koop ik een ton CO2 op en ook voor iedere zetel die GroenLinks bij de Tweede Kamerverkiezingen van 2017 haalt koop ik een ton CO2 op. Dus Kies Klimaat, stem GroenLinks ūüėČ

Hoe reageer je veilig op een voorrangsvoertuig?

Wanneer een ambulance, brandweer- of politieauto zijn sirenes en zwaailichten aan heeft staan, moet je als gewone bestuurder ruimte maken. Alleen hoe doe je dat op een veilige manier? Uit onderzoek van het Instituut Fysieke Veiligheid blijkt dat dit voor veel bestuurders lastig is. Reden om hier in de e-Driver update van komende maand aandacht aan te besteden.

Wil je een voorsprong of bied je werkgever geen e-Driver of e-Driver Challenge aan? Bekijk dan de campagne site van het Regionaal Orgaan Verkeersveiligheid Oost Nederland en het Instituut Fysieke Veiligheid. Daar vind je zes filmpjes over veelvoorkomende verkeerssituaties met voorrangsvoertuigen en tips.

Het belang van een goed binnenklimaat op de werkplek

Mensen zijn 85% van hun tijd binnen, veel mensen brengen een groot deel van deze tijd door op kantoor. Toch gaat maar 10% van de operationele kosten van een organisatie naar huisvestingskosten en energiekosten (samen 10%), het leeuwendeel van de kosten (90%) gaat op aan de salariskosten van de medewerkers. De productiviteit van medewerkers of gebouwaspecten die daarop van invloed zijn, zijn daarmee heel relevant voor werkgevers.

Bron: Health, Wellbeing & Productivity in Offices, World Green Building Council, 2014
Bron: Health, Wellbeing & Productivity in Offices, World Green Building Council, 2014

Medewerkers ontevreden over binnenklimaat

Het Center for People and Buildings houdt jaarlijks een enquete onder werknemers over hun werkomgeving. De focus ligt daarbij op de fysieke werkomgeving, maar er wordt ook gekeken naar aspecten die voor de beleving van de werkomgeving van belang zijn. Net als in eerder onderzoek uit 2014 zijn medewerkers volgens de CfPB indicator 2015 vooral ontevreden over het binnenklimaat. Bij binnenklimaat gaat het om zaken als thermisch comfort, verlichting, geluidsinvloeden en luchtkwaliteit.

Bron: CfPB
Bron: CfPB

Gebouw de sleutel tot gezondheid en productiviteit

In het onderzoeksrapport Health, Wellbeing & Productivity in Offices (pdf) stelt de World Green Building Council dat een goede luchtkwaliteit tot een productiviteitswinst en gezondheidsvoordeel kan leiden van 8 ‚Äď 11%. Als veel medewerkers nu ontevreden zijn is de kans groot dat het voordeel op kan lopen. Oftewel gebouwen zijn de sleutel tot gezondheid en productiviteit van uw medewerkers.

Door meten is goed vast te stellen of uw gebouw voldoet aan de fysieke eisen die uw medewerkers stellen aan hun werkplek. Dat het gebouw voldoet aan de wettelijke eisen wil daarbij nog niet zeggen dat medewerkers het binnenklimaat ook als comfortabel ervaren. Temperatuur is relatief eenvoudig zelf te meten. Het wordt al lastiger om te bepalen of er geen sprake is van koudeval, tocht of een te grote temperatuur gradi√ęnt in een ruimte. Hetzelfde geldt voor geluidsinvloeden, lichtsterkte, luchtvochtigheid en luchtkwaliteit. In al deze gevallen kan het inschakelen van een gespecialiseerd bedrijf helpen om grip te krijgen op het binnenklimaat.

Luchtkwaliteit

Een goede luchtkwaliteit betekent een lage CO2 concentratie en lage concentraties aan vervuilende stoffen. Dat vergt tijdig goed ingeregelde ventilatie- en klimaatbeheersingsinstallaties, maar ook tijdig schoonmaken van ventilatiekanalen en vervangen van filters. Slecht schoongemaakte luchtbehandelingskasten zijn een bron van stof en ziektekiemen. Ook kan een slechte luchtkwaliteit leiden tot klachten als hoofdpijn, brandende ogen en irritatie van de luchtwegen.

Luchtkwaliteitsonderzoek kantoor

Een luchtkwaliteitsonderzoek kantoor is een goede manier om te achterhalen hoe het met luchtkwaliteit in een kantoor gesteld is. Met dit onderzoek kunnen de meest voorkomende ziekmakende pathogene, zoals bacterien, schimmels en gisten, geanalyseerd worden. Door ook op strategische plekken CO2, luchtvochtigheid en temperatuur te meten kan de oorzaak van klachten achterhaald worden. Als er klachten zijn over geur of fijn stof is het mogelijk om deze aspecten mee te nemen in het onderzoek. Om te bepalen of de oorzaak van een slechte luchtkwaliteit buiten het gebouw ligt is het mogelijk om ook buiten metingen te doen.

Na het uitvoeren van het luchtonderzoek kantoor wordt in een rapport duidelijk aangegeven welke problemen er zijn en welke acties genomen kunnen worden om deze aan te pakken. Zo kan bij een verhoogde waarde van fijnstof het advies gegeven worden dat de luchtbehandelingskast of luchtkanalen een schoonmaakbeurt nodig hebben of dat het kantoor zelf een grondigere schoonmaak nodig heeft. Aanvullend is het mogelijk dat de luchtbehandelingskast met eventueel luchtkanalen gedesinfeerd moeten worden. Bij een te hoge luchtvochtigheid kan worden gedacht aan ontvochtiger of andersom bij een te droge lucht aan een bevochtiger. Als de luchtkwaliteit en luchtvochtigheid goed zijn, maar een beperkt aantal medewerkers toch klachten houdt kan het advies zijn om maatwerk voor de werkplek van deze medewerkers te treffen. Bijvoorbeeld een extra luchtbevochtiger op de werkplek van deze medewerker.

Dit bericht is geschreven in opdracht van Strooming, specialist op gebied van waterveiligheid, luchtkwaliteit, brandpreventie, asbest, energiebesparing en technische keuringen. De originele publicatie is hier te vinden.

Fijn stof meting

Sinds januari van dit jaar zijn voor de buitenlucht nieuwe eisen voor luchtkwaliteit van kracht. Mensen zijn echter gemiddeld 85% van hun tijd binnen, thuis, op school of op kantoor. Allerlei stoffen die in het binnenmilieu vrijkomen, zoals vocht, CO2, fijnstof, allergenen en radon, kunnen zich bij onvoldoende ventilatie ophopen. De concentraties stoffen zijn volgens het RIVM in het binnenmilieu vaak hoger dan buiten en kunnen gezondheidseffecten veroorzaken.

Gezondheidsimpact fijnstof

Fijnstof is een verzamelnaam voor deeltjesvormige luchtverontreiniging die klein genoeg zijn om ingeademd te worden. Er is geen drempelwaarde bekend waaronder geen gezondheidseffecten optreden. Vooral gezondheidseffecten van fijnstof in de buitenlucht zijn bekend uit onderzoek. Acute effecten van fijnstof zijn hoesten, benauwdheid en verergering van luchtwegklachten, ziekenhuisopnames en toename in de dagelijkse sterfte. Mensen met bestaande luchtwegaandoeningen of hart- en vaatziekten zijn extra gevoelig. Behalve door de kortdurende piekblootstelling, kunnen gezondheidseffecten ook optreden door langdurige blootstelling aan het gemiddelde achtergrondniveau. Dit kan leiden tot blijvende gezondheidseffecten zoals verminderde longfunctie, verergering van luchtwegklachten en vroegtijdige sterfte aan met name luchtwegklachten en hart- en vaatziekten.

Er wordt steeds meer gekeken naar nog kleinere stofdeeltjes, die onderdeel zijn van PM10. Bijvoorbeeld PM2,5 zijn deeltjes die kleiner zijn dan 2,5 micrometer. Ultrafijnstof bestaat uit stofdeeltjes die kleiner zijn dan 0,1 micrometer (PM0,1). Vermoed wordt dat deze kleinere deeltjes schadelijker zijn dan PM10, omdat ze dieper in de longen kunnen doordringen. Daarnaast is er sinds kort ook weer veel aandacht voor het roet in stofdeeltjes (bv. van verbrandingsmoteren) omdat de effecten daarvan tien keer nadeliger worden ingeschat dan die van PM10.

Frisse scholen

Voor 2009 was de luchtkwaliteit volgens het Longfonds in 8 van de 10 klaslokalen onvoldoende. Reden voor de overheid om vanaf 2009 fors te investeren in regelingen om de luchtkwaliteit op scholen te verbeteren. Ook kunnen scholen die structureel aan gezondheid werken het vignet Gezonde School aanvragen en zich profileren als Gezonde School. Luchtkwaliteit is een van de onderwerpen waarmee een school zich kan profileren. Dat voorkomt gezondheidsklachten en daarmee ziekteverzuim. Ook heeft een goed binnenmilieu een positief effect op de leerprestateis.

Het gaat bij een gezonde binnenlucht niet alleen om goed ventileren, maar ook om onderhoud van bv. luchtbehandelingsinstallaties. Vanaf 1 januari 2015 zijn scholen in het primair onderwijs zelf verantwoordelijk voor het onderhoud en de aanpassingen van het gebouw. Een onafhankelijke fijnstofmeting door een expert kan uitwijzen of onderhoud en aanpassingen aan gebouw en installaties nodig zijn en of ze tot de afgesproken verbetering van de luchtkwaliteit leiden. Dat dat nog niet altijd het geval is blijkt uit een item uit augustus 2014 BNR Gezond over de luchtkwaliteit op scholen. Dit item leidde zelfs tot Kamervragen van het CDA.

Fijnstof kantoren en werkplaatsen

Ook in kantoren kan fijnstof tot gezondheidsklachten en ziekteverzuim leiden, of impact hebben op de prestaties van uw medewerkers. Mogelijke bronnen van fijnstof in kantoren zijn achterstallig onderhoud aan de luchtbehandelingsinstallatie, niet schoonmaken van de ventilatiekanalen of het te laat vervangen van filters.

Het meten van de luchtkwaliteit en fijnstof kan helpen om te bepalen of onderhoud of aanpassingen goed zijn uitgevoerd, of dat aanvullende maatregelen nodig zijn. In werkplaatsen kan het meten van fijnstof uitwijzen of de maatregelen die genomen zijn om werknemers tegen fijnstof te beschermen afdoende zijn.

Dit bericht is geschreven in opdracht van Strooming, specialist op gebied van waterveiligheid, luchtkwaliteit, brandpreventie, asbest, energiebesparing en technische keuringen.