Op ontdekkingsreis naar een energiezuinigere woning. Reist u mee?

In 2015 plaatsten we Sargasso mijn bericht Wanneer ga jij van het gas af? In de tussenliggende jaren heeft Sargasso geregeld aandacht besteed aan de klimaatbeleid en energietransitie, zoals het verbod op aardgas bij nieuwbouw, de 27 proeftuinen die van gas af gaannul op de meter renovatiesinfraroodverwarming en energiebesparing. Maar hoe breng je dat zelf in praktijk? Hoe verduurzaam je je eigen huis? Waar loop je tegenaan en zijn adviseurs, bouwbedrijven en installateurs er wel klaar voor om je te ondersteunen? Een aantal redacteuren van Sargasso zullen de lezers van Sargasso de komende tijd meenemen in hun zoektocht en hun eigen ervaringen beschrijven. Ik heb vorige week het spits af gebeten met een korte beschrijving van mijn woonsituatie en een aantal kleinere maatregelen die ik in ons huis genomen heb. Heb je zelf ervaring met energiebesparing in je huis? Deel ze in de reacties.

Type woning en gezinssituatie

Onze woning is een grondgebonden tussenwoning met bouwjaar 1991. De woning heeft een oppervlakte van 119 m2 verdeeld over 5 kamers. De woning was bij aanschaf aan de voorkant en achterzijde voorzien van gewoon dubbelglas. Enkel de schuifpui aan de achterzijde was voorzien van HR+ glas. Het huis is naar de huidige maatstaven redelijk geïsoleerd (zo’n 7 cm spouwmuurisolatie) en had label C toen we het huis kochten. We begonnen in het huis met 3 personen, inmiddels is er een tweede kind bij en zijn we met 4.

We hebben het huis in 2010 gekocht en bij aanschaf een bouwdepot afgesloten voor het vervangen van de VR-ketel door een HR-ketel en een zonneboiler (waarover later meer). De hypotheekadviseur vond dat toentertijd maar vreemd, dat geld konden we toch ook voor een nieuwe keuken of badkamer gebruiken. Sindsdien ben ik niet meer bij een hypotheekadviseur geweest, maar ik hoop dat zij hun rol inmiddels beter weten te pakken bij het energiezuiniger maken van bestaande woningen. In ieder geval zijn er inmiddels meerdere banken die hypotheekproducten op de markt brengen die rentevoordeel bieden als de woning energiezuiniger wordt gemaakt.

Energieverbruik woning en meterstanden bijhouden

Na aanschaf schatte het energiebedrijf ons energieverbruik in op 1.800 m3 aardgas en 6.800 kWh elektriciteit, wat een voorschotrekening van ruim 200 euro per maand opleverde. Reden om vanaf het begin iedere maand de energiestanden bij te houden met een zelf in elkaar geknutselde spreadsheet. Voor wie zelf niet van rekenen houdt zijn er ook voldoende websites en andere middelen om je energieverbruik bij te houden. In 2012 heb ik me zelf echt verdiept in de verschillende mogelijkheden om je energieverbruik bij te houden. Inmiddels heeft MilieuCentraal een website waar nog veel meer verschillende energieverbruiksmanagers worden vergeleken. Zelf gebruik ik naast mijn eigen rekensheet nog een website, omdat die net wat gebruiksvriendelijke is voor het invoeren van de meterstanden. Door het energieverbruik maandelijks vast te leggen kun je makkelijker patronen herkennen. Door de standen voor en na een vakantie op te schrijven heb ik verschillende sluipverbruikers weten op te sporen.

De vreugde was groot toen we in het eerste jaar dat we er woonden met nieuwe HR ketel, zonneboiler en een trits kleinere maatregelen op slechts 680 m3 aardgas en 2.900 kWh elektriciteitsverbruik uitkwamen. Waarmee ons voorschot terug ging naar 120 Euro.

CV-ketel vervangen

Het gasloos maken van de woning speelde bij onze keuze voor een hr-ketel nog geen rol, energie en geld besparen wel. Toen we de eerste maanden aan het klussen waren in ons nieuwe huis viel ons al snel op dat er geen radiator zat op zolder, maar dat het daar wel warmer was dan in de huiskamer. De warmtebron die de zolder op temperatuur hield bleek de cv-ketel. Nadat we de oude vr-ketel vervangen hadden door een nieuwe hr-ketel steeg de temperatuur in de woonkamer en daalde deze op zolder. De oude ketel verwarmde dus het verkeerde deel van het huis. De zolder werd uiteindelijk zo koud dat we een radiator met klokthermostaat hebben geplaatst om de zolder als werkkamer te kunnen gebruiken. Ook de andere radiatoren hebben we voorzien van klokthermostaten, zodat we met wat kunst en vliegwerk de badkamer warm konden maken. Kwestie van de klokthermostaten van de radiatoren in de woonkamer op 2 graden lager zetten, de badkamerthermostaat op 20 graden en tegelijkertijd de klokthermostaat van de cv in de woonkamer een graad warmer dan de gebruikelijke temperatuur. Gevolg: cv slaat aan, maar de radiatoren in de woonkamer zijn dichtgedraaid dus de enige plaats waar het warme water heen kan is de badkamer waar de radiator wel opengedraaid is door de klokthermostaat.

Een andere eenvoudige maatregel die we hebben doorgevoerd is het installeren van thermostaatkranen bij de douche en het bad, en een waterbesparende douchekop. Effect: meer comfort en een klein beetje energiebesparing. Het zijn bovendien maatregelen die ik zelf met mijn twee linkerhanden kon uitvoeren.

De verwarmingsbuizen op zolder hebben we geïsoleerd, weinig geld en wel een beetje besparing. Enkel de aanvoerleidingen, want bij een HR-ketel wil je de retourleiding zo koud mogelijk hebben. Of in ieder geval onder de 60 graden Celsius. Achter de radiatoren hebben we reflecterende folie geplakt, zodat de muren minder worden opgewarmd en de kamers meer.

Een andere maatregel die relatief eenvoudig uit te voeren is is het zuinig afstellen van de cv. Aan de ene kant kan dat door de temperatuur van het verwarmingscircuit in de cv te verlagen. Bij ons bleek deze op een vooroorlogse 90 graden Celsius ingesteld te staan. Dat kan waarschijnlijk makkelijk terug naar 60 of 70 graden, zonder comfortverlies. Mogelijk zelfs lager. Door dit aan het begin of eind van het stookseizoen bij te stellen kun je dat zelf ontdekken.

Alleen de temperatuur verlagen levert niet heel veel op, je zal ook de balans in je cv-systeem goed moeten (laten) inregelen, zodat alle radiatoren voldoende warm water krijgen. Dit wordt ook wel waterzijdig inregelen genoemd. Hierbij worden alle radiatoren zo ingesteld, dat ze ongeveer even snel warm worden. Door dit te doen wordt de warmte beter verdeeld waardoor de ketel niet onnodig lang hoeft te stoken. Ook koelt het water beter af in de radiatoren, waardoor het kouder terugkomt in de hr-ketel. Om dit te bereiken kun je speciale ventielen gebruiken (constante flow ventielen en constante druk gelijkstroompompen). De lagere retourtemperatuur is nog een extra voordeel waardoor de hr-ketel een stuk zuiniger gaat werken. Voor de doe-het-zelvers: hier vind je meer informatie over het energiezuinig afstellen van je cv-ketel. Een goede installateur kan je cv-systeem waterzijdig inregelen, kosten zo’n 300 Euro, besparing 15% op je gasverbruik. Als de installateur het niet kan kun je hem of haar nog tot het volgende stookseizoen geven voor een bijscholingscursus. Als de installateur in het najaar nog niet snapt wat je bedoelt met waterzijdig inregelen zoek je een installateur die dat wel weet.

Kleine maatregelen

In de keuken kwam een enorm koude tocht onder de keukenkastjes vandaan. Na een paar offertes voor het vervangen van de gevelplaat kozen we een simpele en goedkope oplossing: naar de bouwmarkt voor piepschuim. Het piepschuim hebben we achter de plint onder de keukenkastjes gestopt om de kou uit de keuken te houden.

De meeste lampen hebben we vervangen door ledlampen, op een paar halogeenlampen na. Toen we daarmee begonnen kostte een ledlamp nog 15 tot 25 euro. Inmiddels zijn de prijzen van led-lampen fors lager geworden, waarmee led-lampen een nobrainer zijn geworden.

Een andere kleine maatregel met veel comfort is de kierenjacht geweest. Hoewel we zeker niet alles hebben weten op te lossen, want kieren bij kantelramen zijn lastig op te lossen. Ik hou me aanbevolen voor tips. Wel hebben we tochtstrips geplakt bij de voordeur en de balkondeur van de slaapkamer. Minder kou in de winter, minder warmte in de zomer en minder muggen in huis… Kortom: weinig kosten, veel comfort en een klein beetje energiebesparen. Om de warmte in de huiskamer te houden hebben we een dranger geïnstalleerd en een borstel aan de onderkant van de huiskamerdeur. Niet fraai zo’n borstel, wel comfortabel.

Om koude voeten in de winter te voorkomen hebben we in de zithoek een vloerkleed gelegd. Een paar warme dekens om ’s avonds onder te kruipen voorkomt dat het huis gestookt moet worden tot de temperatuur die de grootste koukleum in huis het comfortabel vind. Met kinderen doen de dekens ze dubbel dienst, want die bouwen er bijna dagelijks hutten mee in de huiskamer.

Koken doen we op een keramische kookplaat, die al in de keuken zat toen we het huis kochten. In de zomermaanden koken we sinds vorig jaar in de weekenden soms ook met behulp van de zon. Een zonnekookapparaat vergt wat meer tijd, maar het is wel lollig om te doen. En niet onbelangrijk, de kinderen vinden het leuk om te helpen met koken met onze solar cooker.

Energiebesparend vervangen

Apparaten die de afgelopen jaren kapot zijn gegaan, zoals de wasmachine, de wasdroger, de waterkoker en de vaatwasmachine, hebben we iedere keer vervangen door energiezuinige varianten. Ook de mechanische ventilatie hebben we vervangen door een nieuwe variant op gelijkstroom. Geen balansventilatie of ventilatiewarmtepomp om de warmte terug te winnen, want dat vonden we op dat moment nog te duur. Of deze vervangingen veel uitmaken in ons elektriciteitsverbruik weet ik niet, daarvoor hou ik het energieverbruik onvoldoende bij.

Toen de zolderramen toe waren aan vervanging hebben we het dubbelglas daar vervangen door HR++. Bij het verbouwen van de badkamer hebben we het bestaande kozijn en de ruit vervangen door een HR++ versie. De badkamer is ook de eerste plaats geweest waar we zijn gaan testen met infraroodverwarming als vervanging voor de radiator.

Gedragsverandering

Ook door gedrag te veranderen kan je energie besparen. Zelf verwarmen we enkel de huiskamer en we houden de hal vorstvrij. De badkamer verwarmen we enkel ’s ochtends en ’s avonds een uurtje: bij het opstaan en het naar bed gaan van de kinderen. De slaapkamers verwarmen we niet. In de winter daalt de temperatuur daar soms tot een graad of 10, wijzelf en de kinderen zijn daar aan gewend. Of het veel scheelt in de energierekening weet ik niet, maar een koude slaapkamer vind ik comfortabeler dan een warme.

Vervolg

Volgende keer meer over grotere maatregelen, zoals isoleren, de aanschaf van een zonneboiler, zonnepanelen installeren, of de overstap op een andere verwarmingsbron.

Heb je zelf ervaring met kleine maatregelen voor energiebesparing? Laat het weten in de commentaren, en bedenk daarbij dat niet iedereen met thermo-ondergoed en een muts op in een berenvelletje voor een knappend haardvuurtje wil liggen.

Dit bericht is geschreven voor en gepubliceerd op Sargasso.

De dubbele klimaatpet van olie- en gasbedrijven

Aan de ene kant investeren Europese olie- en gasbedrijven de laatste tijd steeds meer in duurzame energie en in overnames van clean tech bedrijven. Aan de andere kant spenderen ze veel geld om te lobbyen tegen klimaatbeleid. Een nieuw onderzoeksrapport van de Britse denk tank Influence Map schat dat de vijf grootste private olie- en gasbedrijven sinds de ondertekening van het klimaatakkoord van Parijs 1 miljard dollar hebben gespendeerd om klimaatbeleid te blokkeren.

Lobby tegen klimaatbeleid

InfluenceMap onderzocht de uitgaven van ShellBPChevronTotal en ExxonMobil. Volgens Influence Map geven de bedrijven samen jaarlijks zo’n $200 miljoen uit om klimaatbeleid te vertragen of om energie- en klimaatbeleid bij te sturen. De uitgaven worden vooral in de VS gedaan. Tegelijkertijd geven de bedrijven zo’n $195 miljoen dollar uit aan reclamecampagnes om de suggestie te wekken dat ze een ambitieus klimaatbeleid voorstaan.

Als voorbeeld noemt InfluenceMap de biobrandstof van algen campagne van Exxon. Volgens de advertentie campagne van Exxonmobil zijn algen een van de ‘grootste beloften voor de volgende generatie biobrandstoffen’ met significante klimaatvoordelen. Het doel van Exxon om 10.000 vaten bio-brandstof van algen per dag te maken behelst echter slechts 0,2% van de raffinagecapaciteit van het oliebedrijf.  Tegelijkertijd heeft het bedrijf aangekondigd fors te gaan investeren in olie- en gaswinning, zowel in de schaliegaswinning en in de Canadese teerzanden. Ook kwam het bedrijf niet opdagen op een hoorzitting van het Europees Parlement over het verspreiden van nepnieuws over klimaatverandering. In een brief, die in handen is van AFP, geeft ExxonMobil aan bang te zijn dat uitspraken op de hoorzitting gebruikt kunnen worden in Amerikaanse klimaatzaken tegen het bedrijf over het verspreiden van onjuiste informatie over klimaatwetenschap en over de risico’s die klimaatverandering voor het bedrijf oplevert. De Europese groenen hebben als reactie op het niet op komen dagen een motie ingediend om lobbyisten van ExxonMobil de toegang tot het Europees Parlement te ontzeggen, daarmee zou het bedrijf na Monsanto het tweede bedrijf worden dat dit privilege verliest.

Transitiestrategie

Opvallend is dat ook de Europese olie- en gasbedrijven nog zo fors inzetten op het blokkeren van klimaatbeleid, terwijl ze in hun investerings- en overnamebeleid duidelijk verder kijken dan de traditionele olie- en gaswinning. Volgens denktank CDP, dat zich richt op het vergelijkbaar en inzichtelijk maken van de klimaatemissies van bedrijven, zijn Europese olie- en gasbedrijven beter gepositioneerd voor de energietransitie dan hun Amerikaanse en Chinese concurrenten. In de top 10 best voorbereide bedrijven staan, volgens recent onderzoek van CDP, 7 bedrijven uit de EU in de top 10.

Total, Shell en BP behoren alle drie tot deze top 10. Shell en Total behoren volgens CDP zelfs tot de meest ambitieuze bedrijven, omdat ze naast vermindering van hun eigen CO2-emissies ook doelen stellen voor het verminderen van de CO2 emissies die hun producten veroorzaken. Ook hebben BP, Total en Shell de afgelopen jaren alle drie verschillende bedrijven voor elektrisch laden overgenomen.  Total heeft daarnaast bedrijven voor energieopslag, energiemanagement en zonne-energie overgenomen. Total en Shell hebben beide elektriciteitsbedrijven overgekocht, en zijn beide in de race voor de overname van Eneco. Shell heeft recent zelfs aangegeven het grootste elektriciteitsbedrijf ter wereld te willen worden, al zijn investeerders nog niet overtuigd van die strategie.

Vandaag maakte Shell bekend zijn lidmaatschap van de invloedrijke Amerikaanse lobbyclub AFPM heeft opgezegd. De AFPM heeft zich afgelopen jaar ingezet om de uitstootregels voor nieuwe auto’s in de Verenigde Staten te verruimen. Shell zegt die ruimere uitstootregels niet te steunen. Daarnaast is AFPM het niet eens met de klimaatdoelen die afgesproken zijn in Parijs, die Shell wel zegt te omarmen. Ook op andere vlakken is er onenigheid.

Conclusie

Amerikaanse oliebedrijven, zoals Exxon en Chevron, zijn in algemeen minder bezig met klimaatverandering dan hun Europese concurrenten. Wat mede-veroorzaakt zal worden doordat de binnenlandse druk om te veranderen in de VS kleiner is dan in Europa. Tegelijkertijd lijken Total, Shell en BP moeite te hebben om de omslag die ze op de Europese markt aan het maken zijn om te zetten in een veranderende lobbystrategie. Vooral in de VS lijkt de verleiding groot om door te gaan met het blokkeren van klimaatbeleid.

Dit bericht is geschreven voor en gepubliceerd op Sargasso.

Elektrificatie van openbaar vervoer zet door

China heeft de afgelopen jaren massaal elektrische bussen in gebruik genomen voor het openbaar vervoer, ondertussen bleven de ontwikkelingen in Europa en Nederland achter. De toename van het aantal elektrische bussen in nieuwe concessies voor het openbaar vervoer laten zien dat de elektrische bus ook in Nederland een blijvertje is. Ook werken veel bestaande bussenbouwers, zoals MAN, Mercedes en Volvo, aan de grootschalige marktintroductie van elektrische bussen.

China

De belangrijkste markt voor elektrische bussen is nog steeds China. Meer dan 95% van het wereldwijde aantal elektrische bussen rijdt daar rond. In de top 5 van grootste fabrikanten staan ook enkel Chinese bedrijven: Yutong, BYD, Zhongtong Bus, CRRC en Foton. In China is het openbaar vervoer in meerdere steden inmiddels volledig elektrisch. In Shenzen waren begin 2018 alle meer dan 16.000 bussen elektrisch. In Xi’an rijden meer dan 3.000 elektrische bussen. Op jaarbasis ligt de verkoop van elektrische bussen in China rond de 100.000 stuks.

Europa

De Chinese markt begint inmiddels verzadigd te raken, reden voor Chinese fabrikanten om hun blik nog nadrukkelijker op het buitenland te richten. In Europa werden in 2018 650 elektrische bussen afgeleverd. Het Nederlandse VDL was in 2018 marktleider in elektrische bussen met 15% van de markt, het Poolse Solaris volgt met 14%, het Chinese BYD heeft 11% en het Britse ADL 9%. ADL heeft een samenwerkingsverband met BYD.

Nederland

In Nederland gaat het om andere aantallen dan in China. Hier maakte QBUZZ kort geleden bekend 160 elektrische bussen te hebben besteld voor de concessie in Drenthe en Groningen. Hiervan komen er 60 van het Nederlandse EBUSCO, deze bussen kunnen 400 kilometer rijden zonder bijladen. Verder koopt QBUZZ 45 bussen bij VDL en 55 bussen bij Heuliez Bus uit Frankrijk, dit zijn beide extra lange stadsbussen van 18 meter. In Leiden heeft Arriva sinds kort ook elektrische bussen rijden, van Volvo. En sinds 1 april rijden er 37 elektrische bussen bij QBUZZ in de concessie Drechtsteden.

Effect op vraag naar diesel en benzine

Elektrische bussen hebben volgens Bloomberg New Energy Finance (BNEF) een veel groter effect op de vraag naar diesel en benzine dan elektrische auto’s. Elke 1.000 elektrische bussen drukken de vraag naar diesel met 500 vaten per dag. Ter vergelijking 1.000 elektrische auto’s beperken de vraag naar olie met slechts 15 vaten. De verwachting voor eind 2019 is dat elektrische bussen wereldwijd 270.000 vaten diesel per dag zullen besparen. Dat is slechts een fractie van de wereldwijde vraag naar olie, maar met de introductie van steeds meer elektrische auto’s en een voorzichtige start met de elektrificatie van vrachtwagens kan het oneindige groeiscenario voor olie wel eens eerder afgelopen zijn dan waar oliebedrijven in hun scenariostudies vanuit gaan.

Dit bericht is geschreven voor en gepubliceerd op Sargasso.

CO2-heffing: ’Industrie is kleuter die tegenstribbelt’

De industrie schreeuwt moord en brand omdat het kabinet een CO2-heffing invoert. Gaat dit banen kosten in de staalindustrie en bij andere vervuilende bedrijven? Klimaateconoom Reyer Gerlagh ontkent de risico’s niet, maar is toch voorstander. De Tilburgse hoogleraar klimaateconomie was mede-initiatiefnemer van een open brief van 71 economen die pleitten voor een CO2-heffing. In een interview met De Telegraaf stelt Gerlagh:

We kunnen wel op elkaar blijven wachten, dan komen we helemaal nergens.

(…)

Er wordt van twee walletjes gegeten. De prijs moet laag zijn én ze moeten een hoge compensatie krijgen. Met zo’n hoge compensatie kun je je juíst een hoge prijs veroorloven zonder dat je failliet hoeft te gaan. De energie-intensieve industrie gedraagt zich heel behoudend, hakken in het zand. Terwijl je je de vraag moet stellen: waar wil je staan over 20 jaar? Maar de industrie richt zich te veel op het tegenhouden van verandering. De industrie is als een tegenstribbelende kleuter.

Met compenserende maatregelen kun je volgens Gerlagh voor een belangrijk deel voorkomen dat bedrijven naar het buitenland verdwijnen. Een ander doel waar een CO2 heffing bij helpt is technologische veranderingen, dat blijkt uit empirisch onderzoek. Als er een prijs is voor CO2 ontwikkelen bedrijven patenten voor zuiniger productieprocessen. Precies de innovaties die nodig zijn voor een CO2 arme economie.

Gerlach stelt dat bedrijven die hun ingenieurs opdracht geven om slimme manieren te bedenken om minder CO2 uit te stoten uiteindelijk minder CO2-heffing betalen en subsidies ontvangen. Bedrijven die dat niet doen en het allemaal maar gedoe vinden, betalen de heffing en doen verder niks. Dan zijn bedrijven die investeren beter af. Die bedrijven blijven bestaan, bedrijven die niets doen gaan failliet.

Gerlach geeft in het interview ook aan dat de energieprijs voor de industrie in Nederland laag is. Als we die lage energieprijs zouden houden en die CO2-heffing er bovenop zetten, komt Nederland misschien op het niveau van gewone energieprijzen. Op papier is Nederland dan het enige land met een CO2-prijs, in de realiteit is de Nederlandse lastendruk dan vergelijkbaar met andere landen. Waarmee niet gezegd is dat het geen spannend experiment is, op deze specifieke manier is het volgens Gerlach nog niet eerder gedaan door andere landen.

Dit bericht is geschreven voor en gepubliceerd op Sargasso.

BMW, Volkswagen en Daimler gaan voor elektrisch

De Duitse autofabrikanten BMW, Daimler en Volkswagen hebben bekend gemaakt vol in te zetten op elektrische auto’s en hybrides. Tegelijkertijd geven ze aan dat in hun ogen waterstofauto’s de komende 10 jaar nog niet marktrijp zijn.

Een klein feestje voor degenen die geloven dat elektrisch rijden de toekomst heeft en treurnis voor degenen die inzetten op waterstof. De drie grote Duitse autoconcerns hebben namelijk een akkoord gesloten om de komende 10 jaar vol in te zetten op elektrificatie van hun modellen, zo bericht Clean Energy Wire op basis van Focus Online.

Met name Volkswagen wil vol inzetten op elektrische voertuigen en bundelt de krachten met de Zweedse accuproducent Northvolt in een poging om de Europese batterijproductie van de grond te tillen. BMW wilde eerder nog de optie voor andere technieken, zoals waterstof, open houden. Ook heeft BMW begin deze week kostenbesparingsplannen aangekondigd om de ontwikkeling van elektrische auto’s te financieren. Volgens Bloomberg heeft met name BMW het momenteel moeilijk met de omschakeling naar elektrisch rijden, ook al leek BMW met de introductie van nieuwe modellen en een goede marktpositie in China beter gepositioneerd dan andere autofabrikanten. Dat bevestigd het beeld dat ik vorig jaar schetste dat vooral BMW last kan krijgen van de overgang naar elektrisch rijden en de opkomst van Tesla in het luxere marksegment.

PS Met dit artikel wil ik niet zeggen dat elektrisch rijden volledig duurzaam is. Net als alle sectoren die delfstoffen gebruiken hebben elektrische auto’s forse uitdagingen in hun keten, voor een groot deel veroorzaakt door de winning van onder andere kobalt, zoals Amnesty recent berichtte. Dat zijn echter problemen die ook spelen bij de productie van je mobiele telefoon, je laptop, je fossiele auto (oliewinning in Nigeria en elders), veel industriële magneten (neodymium), kolenwinning, etc. etc.

Verduurzaam je huurhuis

Je huurhuis verduurzamen terwijl je woningbouwcorporatie niet meewerkt? Een huurder kan best een eind komen met zonnepanelen, infraroodpanelen voor verwarming, een doorstroomverwarmer voor warm water en koken op inductie. Tips van de huurder:

  1. Word lid van de Woonbond. Een woningcorporatie is minder machtig dan je denkt. Je hebt als huurder veel rechten, dus leer ze kennen.
  2. Installeer een energie-app. Als je ziet hoeveel je verbruikt is het makkelijker om dit te verminderen.
  3. Wil je zelf aan de slag met innovatieve producten? Kijk dan eens op de website van Thuisbaas.
  4. Eigenlijk wil je niet je huis verwarmen, maar jezelf. Investeer dus in thermo-ondergoed, warme dekens en sloffen. Je verwarming kan zo een graad lager!
  5. Wil je op inductie koken? Hou rekening met het vermogen van de groepen in je meterkast. Als deze niet groot genoeg zijn, vraag dan of je woningcorporatie ze kan aanpassen.

Open waanlink

Dit bericht is geschreven voor en gepubliceerd op Sargasso.

De doorgerekende draai van Rutte III over verdeling klimaatkosten

Vorige presenteerde het CPB en PBL hun doorrekening van het ontwerp klimaatakkoord. De conclusie van het PBL is dat de doelstelling om de CO2 uitstoot met 49% te reduceren waarschijnlijk niet wordt gehaald. Het CPB concludeerde dat met name de lage en de middeninkomens de lasten van het energie- en klimaatbeleid (inclusief het ontwerp klimaatakkoord) dragen. Het kabinet was er als de kippen bij om maatregelen aan te kondigen ter verzachting van de pijn, waarbij lasten van burgers naar bedrijven worden geschoven.

Doorrekening PBL

De conclusie van de doorrekening van PBL is dat de verwachte afname van de uitstoot van broeikasgassen in 2030 31 – 52 megaton CO2-equivalenten bedraagt. De opgave bedraag 48,7 megaton (49% ten opzichte van 1990). Dit valt net binnen de bandbreedte, maar wordt waarschijnlijk niet gehaald. Het ontwerpakkoord kan volgens het PBL leiden tot grote stappen in de energietransitie, maar er is nog veel werk aan de winkel: er moeten (politieke) keuzes gemaakt worden waarmee onzekerheden over het precieze effect van de voorgestelde maatregelen afnemen. De nationale kosten van deze voorstellen in 2030 vallen met 1,6 – 1,9 miljard euro nu lager uit dan geraamd op basis van het hoofdlijnenakkoord in 2018.

De grootste reductie (18,3 – 21,0 Mton) wordt bereikt in de elektriciteitssector. Het doel was hier een reductie van 20,2 Mton. De sterke toename van hernieuwbaar opgewekte elektriciteit zorgt er mogelijk voor dat Nederland in 2030 netto-exporteur van elektriciteit is en ook bijdraagt aan vermindering van emissies in het buitenland. Het einde van kolenstook en ondersteuning van wind- en zonne-energie zorgt ervoor dat in 2030 zo’n driekwart van de elektriciteitsproductie hernieuwbaar is.

De sector met daarna de grootste reductie is de industrie(6,0 – 13,9 Mton), waar naar verwachting het doel (14,3 Mton) niet wordt gehaald. De grote bandbreedte wordt veroorzaakt door onzekerheden over de bonus-malus regeling, waarvan PBL twijfelt of deze het gewenste effect gaat hebben.

Ook in de mobiliteit is er met 4,2 – 8,0 (doel 7,3 Mton) sprake van een forse emissiereductie. De bandbreedte komt hier door onzekerheid over de snelheid waarmee het aantal elektrische personenauto’s in Nederland zal toenemen, de mate van inzet van biobrandstoffen en de omvang van stedelijke zones voor zero-emissies van het goederenvervoer.

De aanpak in de landbouwsector(1,8 – 4,6 Mton reductie) is gelijk verdeeld over een reductie van overige broeikasgassen in de veeteelt en vernieuwing van de glastuinbouw; de reductie door ander landgebruik is minder. In de gebouwde omgeving (reductie 0,8 – 3,7 Mton) staat onzekerheid over het succes van de wijkaanpak centraal. De normering in de utiliteitsbouw kan naast de wijkaanpak ook tot forse emissiereductie leiden.

Doorrekening CPB

Uit de doorrekening van het CPB komt naar voren dat met name de lage en de middeninkomens zijn die er door het klimaatakkoord op achteruitgaan, terwijl de achteruitgang in koopdracht door het totale klimaat en energiebeleid ook al steviger aankomt bij lagere inkomens. Het CPB hanteert, net als het PBL, bandbreedtes voor de verwachte effecten.

Het totale inkomenseffect bestaat deels uit maatregelen die burgers direct raken en deels uit afwenteling van kosten door bedrijven. De afbeelding laat zien dat huishoudens een groot deel van de afwenteling door bedrijven opvangen door gedragseffecten, bijvoorbeeld door schonere producten te kiezen.

Reactie op doorrekening PBL en CPB

In de eerste reacties op de doorrekening van PBL en CPB lag de focus op het feit dat de doelen voor 2030 waarschijnlijk niet gehaald zouden worden en dat huishoudens, met name de lagere en modale inkomens, er in koopkracht op achteruit zouden gaan. In sommige gevallen zelfs 3 tot 4%. Deze reacties verstomde echter al snel toen het kabinet met een snelle reactie bleek te komen.

Kabinetsreactie op doorrekening

Het kabinet was vlot met reageren op de doorrekening. In deze reactie gaf het kabinet aan om dat ze de komende weken tot een definitief pakket aan maatregelen te komen. In dat definitieve pakket zal klimaatakkoord op vijf punten worden bijgesteld. Op de eerste plaats zal in ieder geval de verdeling van kosten tussen burger en bedrijfsleven aangepast worden. Dit gebeurt door de opslag duurzame energie (ODE) vanaf 2020 voor grootverbruikers te verhogen, waarbij de verhouding tussen huishoudens en bedrijven 1/3 – 2/3 wordt in plaats van de huidige 50-50. Of deze verhouding ook bij de energiebelasting wordt aangepast laat de brief in het midden.

Op de tweede plaats gaat de bonus-malus regeling voor bedrijven bij het grofvuil en komt er een ‘verstandige en objectieve’ CO2 heffing voor bedrijven. Hoe deze er uit komt te zien is onduidelijk. Op de derde plaats zal het kabinet elektrische auto’s minder ondersteunen van voorgesteld en meer inzetten op het ontwikkelen van de tweedehandsmarkt voor elektrische auto’s. Als gevolg hiervan hoeven de kosten van brandstofauto’s minder te stijgen. Op de vierde plaats zal het kabinet meer geld vrijmaken voor de extra CO2 reductie die de landbouwsector wil realiseren. Op de vijfde plaats gaat het kabinet de inzet van CO2 afvang en opslag (CCS) beperken.

Met deze reactie kunnen de koopkrachtplaatjes van het CPB meteen bij het grofvuil, die zijn achterhaald.

Reactie op kabinetsreactie

De Telegraaf was een van de eerste die de kabinetsreactie om de verdeling van kosten tussen burgers en bedrijven aan een plotse ommezwaai van een kabinet in ‘ nauw noemde. Een begrijpelijke reactie van de Telegraaf gelet op de snelheid van reageren, aangezien Sargasso eerder liet zien dat geen van de coalitiepartijen sinds het aantreden van Rutte III voor zo’n verschuiving heeft gestemd. De volledige coalitie en GroenLinks stemde vorig jaar tegen het SP/PvdD amendement dat het dichtst in de buurt komt van de in de kabinetsreactie aangekondigde verschuiving van de opslag duurzame energie van burgers naar bedrijven. De SP en PvdD stelde vorig jaar een verdeling van 20/80 tussen huishoudens en bedrijven voor.

De tarieven voor de ODE zijn vooralsnog overigens een stuk lager dan de tarieven voor de energiebelasting. Bij het verschuiven van de verdeling van de energiebelasting wordt echter vaak als argument in de strijd geworpen dat het bedrijfsleven al een CO2 prijs betaalt via het Europese emissiehandelssysteem voor CO2 (ETS). Dat is een van de reden dat verschillende partijen al langer pleiten voor een CO2 heffing, al dan niet in de vorm van een bodemprijs. Waarbij er nog verschillende smaken zijn, bijvoorbeeld enkel gericht op bedrijven die niet onder ETS vallen, enkel gericht op de energiesector of gericht op alle bedrijven en sectoren. De prijs voor CO2 in het ETS systeem ligt momenteel rond de € 22,50 per ton CO2.

Ontwikkeling CO2 prijs, bron Finanzen.nl

Voor bedrijven die en onder ETS vallen en energiebelasting betalen zijn de kosten per ton CO2 een stuk lager dan voor huishoudens. Dat is duidelijk te zien in onderstaande tabel, waarbij de energiebelastingtarieven omgerekend zijn naar de corresponderende CO2 prijs in Euro per ton CO2, alle bedragen zijn inclusief 21% BTW. De bedragen hieronder wijken af van de getallen van Han Blok, omdat ik de opslag duurzame energie buiten beschouwing heb gelaten en uitgegaan ben van andere CO2 emissiefactoren.

ElektriciteitGasGrijze stroom (0,649 kg CO2/kWh)Aardgas (1,890 kg CO2/m3)
0 t/m 10.000 kWh0-170.000 m³€ 184€ 188
10.001 t/m
50.000 kWh
170.001
t/m
1 miljoen
€ 100€ 42
50.001 t/m
10 miljoen kWh
meer
dan 1
miljoen
t/m 10
miljoen
€ 26€ 15
meer dan 10
miljoen kWh
meer
dan 10
miljoen
€ 1€ 8

Tel bij de bedragen in bovenstaande tabel de kosten per ton CO2 uit het ETS en het is duidelijk dat huishoudens nog steeds een stuk meer betalen. De invoer van een CO2 heffing kan dan ook bijdragen  aan een eerlijkere verdeling van de kosten van klimaatbeleid tussen bedrijven en huishoudens. Zelfs als bedrijven in 80% van de gevallen de kosten van zo’n CO2 heffing doorberekenen aan klanten, want het CPB geeft aan dat huishoudens deze prijsstijgingen door gedragsaanpassingen ontlopen. Bedrijven die hun omzet willen behouden zullen hun CO2 uitstoot verminderen, bv door energiebesparing of door over te schakelen van gas op elektriciteit.

CPB: afwenteling van kosten door bedrijven wordt grotendeels te niet gedaan door gedragseffecten van huishoudens.

Het kabinet kan bedrijven daarvoor op verschillende manieren de tijd en kans geven. Een eerste is om de CO2 heffing als een jaarlijks oplopende bodemprijs in te voeren. De CO2 heffing gaat dan pas geld kosten op het moment dat de prijs per ton CO2 in het emissiehandelssysteem onder de de bodemprijs komt te liggen, terwijl bedrijven voor hun investeringen wel een vaststaand prijspad zien. Het kabinet zou bijvoorbeeld kunnen starten met een bodemprijs van € 10 / ton CO2 in 2020 en deze jaarlijks € 10 / ton op laten lopen tot 2030. Bij de huidige ETS prijs krijgen bedrijven pas in 2022 last van de bodemprijs, terwijl de bodemprijs al wel vanaf 2020 de investeringsbeslissingen gaat beïnvloeden. Bij deze variant is de CO2 prijs in 2030 nog niet op het niveau van huishoudens, dus als burger wil ik nog steeds graag de kans om mee te doen aan ETS. Het aanschaffen van CO2 rechten is namelijk vele malen goedkoper dan de huidige energiebelasting op elektriciteit en gas.

Een andere optie is om de verschillende varianten van de CO2 heffing uit de doorrekening van de verkiezingsprogramma’s van 2017 te bekijken en daaruit de versie te kiezen met het meeste effect op de CO2 emissie en de minste nadelige gevolgen voor de concurrentiepositie.

Afsluitend

Veel commentaren die ik de afgelopen dagen heb gelezen zien de draai van Rutte III met betrekking tot de verdeling van de kosten van het klimaatbeleid tussen burgers en bedrijfsleven als een overwinning voor GroenLinks. Jesse Klaver heeft ook positief gereageerd op deze draai. De gepresenteerde voorstellen passen echter ook prima bij SGP (meer geld voor landbouw), of SP en PvdA (verschuiven van lasten van bedrijfsleven naar burger).  Ook de uitlatingen van Sybrand Buma, CDA, in het AD dat GroenLinks hooguit derde keus is geven aan dat het maar de vraag is of GroenLinks de daadwerkelijke gedoogpartner gaat worden na de verkiezing van een nieuwe Eerste Kamer door de nieuwe leden van Provinciale Staten.

Een ander risico van de kabinetsreactie is dat de details pas in april naar buiten komen en dat de voorstellen pas op z’n vroegst in 2020 doorgevoerd worden. De kans bestaat nog steeds dat de reparatie enkel de verhoging van de energierekening van 2019 compenseert. Of dat de ODE voor huishoudens enkel minder hard stijgt, omdat deze de komende jaren sowieso op gaat lopen doordat er meer projecten die SDE+ hebben ontvangen energie gaan produceren en omdat via de SDE++ ook subsidie aan industriële projecten voor CO2 reductie gegeven kan gaan worden. Bij dat laatste kan het ook gaan om kostbare projecten, zoals CO2 afvang en opslag of overschakelen van gas naar elektrische productieprocessen.

Wat het kabinet wel slim heeft gedaan is dat met de snelle reactie niet alleen een handreiking is gedaan naar PvdA, SP, SGP en GroenLinks, maar ook dat de aandacht over het waarschijnlijk niet halen van de doelstelling voor 2030 volledig weg is. De discussie over de haalbaarheid van de doelen zien we ongetwijfeld over een jaar terugkeren, wanneer de regio’s aan moeten geven welke bijdrage zij gaan leveren aan het nationale klimaatakkoord ten aanzien van duurzame elektriciteit en gebouwde omgeving.

Dit bericht is geschreven voor en gepubliceerd op Sargasso.