Twee weken geleden las ik in het NRC een uitstekend artikel van Hester van Santen over de toekomst van de raffinaderijen in Nederland. Het artikel (betaalmuurtje) schetst de vele uitdagingen die er op de raffinaderijen in Nederland af komen. In raffinaderijen gaat het om grote volumes en lage marges. Gemiddeld wordt op op een liter raffinage product minder dan 3 Eurocent marge behaald. Uit onderzoek in opdracht van het ministerie van Economische Zaken en Klimaat blijkt dat de marges van raffinaderijen in andere werelddelen 10 tot 240% hoger liggen dan in Nederland. Twee van de raffinaderijen staan in de top 10 van grootste CO2 uitstoters van Nederland. De vraag waar het Kabinet en de Tweede Kamer de komende maanden voor staat is hoe hard het nationale klimaatbeleid de sector mag raken. De vraag is ook hoe hard een verbod op varend ontgassen, waarbij de verlader de rekening betaalt, de sector raakt of mag raken.
Ontwikkelingen raffinagesector
Een raffinaderij is in z’n simpelste vorm een grote destillatiekolom (maar dan wel een heel in gewikkelde). Raffinaderijen produceren van oudsher ruwweg drie soorten producten. Het lichtste spul is nafta (in Europa vooral grondstof voor chemicaliën) en benzine. In het middensegment ontstaat diesel en kerosine. Onderaan blijven smeermiddelen en zware stookolie over. Stookolie wordt traditioneel voor een groot deel gebruikt in de zeescheepvaart. De hoogste marge wordt gehaald op diesel en kerosine. Uit olie kunnen raffinaderijen maximaal 40 tot 50% diesel en kerosine halen. Het restant bestaat uit minder lucratieve benzine, nafta en stookolie. Door de nieuwe regels voor brandstofkwaliteit in de zeescheepvaart zal de vraag naar stookolie de komende jaren gaan dalen. Dat is de reden dat verschillende raffinaderijen in Europa investeren in nieuwe krakers. In Nederland hebben Shell en ExxonMobil dit gedaan. Andere raffinaderijen hebben de investeringsbeslissing uitgesteld of bereiden de investeringsbeslissing nog voor.
Raffinaderijen in Europa hebben te maken met verschillende uitdagingen. De vraag naar hun producten in Europa daalt, terwijl deze in Azië en Afrika groeit. In deze gebieden worden ook grotere en modernere raffinaderijen gebouwd, waarmee vergeleken de Europese raffinaderijen oud en klein zijn. In Europa zijn daarnaast de arbeidskosten hoger en de milieuregels strikter. Europa wint ook weinig eigen olie.
Wat ook niet helpt is dat het overschot aan benzine werd geëxporteerd naar de VS. Door de groei van de oliewinning en de benzineproductie in de VS dalen de opbrengsten van de export van benzine. Verder is raffinage een CO2 intensief proces, waardoor raffinaderijen last hebben van de gestegen CO2 prijs. Ook al krijgen ze een groot deel van hun CO2 rechten nog gratis, de verwachting is dat de CO2 prijs richting 2030 verder op gaat lopen.
Voor de Europese chemische sector spelen vergelijkbare zaken. Met name de sterk gedaalde prijs van aardgas in de VS zet een rem op de Europese investeringen in de chemie en zet druk op marges. Al met al niet echt een economisch klimaat waarin deze bedrijfstakken zitten te wachten op een kostprijsverhoging door een verbod op varend ontgassen, waarbij zij als verlader verantwoordelijk worden voor het betalen van de rekening.
Verladers, waaronder raffinaderijen en de chemie, zullen opdraaien voor de extra kosten van verantwoord ontgassen. Dat gaat om 3 tot 5 duizend Euro per keer. Voor een binnenvaarttankschip dat 3 miljoen liter vervoert betekent dat 0,1 tot 0,5 Eurocent extra kosten per liter raffinageproduct. Oftewel 3 tot 5% minder marge voor een sector met een lage marge, waarvoor de Botlek toch al geen vanzelfsprekende keuze meer is. Niet gek dus dat Shell z’n raffinaderij het warmtenet van de provincie Zuid-Holland in koppelt voor extra inkomsten en ook zoekt naar manieren om straks met SDE++ subsidie CO2 op te kunnen gaan slaan.
Tot slot
Het is de vraag of de zes raffinaderijen in de Botlek allemaal behouden blijven als de vraag naar diesel en benzine in Europa verder daalt door toenemende elektrificatie van transport, met name stadsbussen. Waarbij de uiteindelijke rekening van de raffinaderij wel eens bij de belastingbetaler kan komen te liggen, want zoals het artikel in de NRC afsluit:
Maar een raffinageterrein definitief ontmantelen, dat is het laatste wat je wilt. Na een halve eeuw raffineren is de bodem doorgaans flink vervuild. Het is in Nederland nooit gedaan, maar afbreken en woningen bouwen? Dat is waarschijnlijk veel te duur.
Dat u vast weet wat ‘de vervuiler betaalt’ waard is als een van de raffinaderijen ooit omvalt of gesloten wordt.
Voor omwonenden van de Nederlandse waterwegen is het een hard gelach, want na 5 jaar voor het lapje gehouden te zijn met provinciale ontgasverboden lijken de rijksoverheid, provincies, omgevingsdiensten en industrie nog steeds geen haast te hebben om te werken aan alternatieven voor varend ontgassen. Het uitgangspunt voor het beleid rond varend ontgassen lijkt meer pappen, nathouden en kijken hoe met hergebruik van maatregelen van 5 jaar terug de rust weer terug kan keren in de tent. Daarover een volgende keer meer.
Het voorgenomen verbod op het gebruik van kolen voor elektriciteitsproductie moet ertoe leiden dat er per 1 januari 2030 geen kolen meer gebruikt worden voor de productie van elektriciteit. Hiermee wordt verzekerd dat het verbod op kolen een aanzienlijke bijdrage levert aan het realiseren van de ambitie uit het klimaatakkoord van 49% CO2-reductie. Dit heeft invloed op de samenstelling van het Nederlandse productiepark. Welke energiebronnen de weggevallen productie als gevolg van het verbod zullen opvangen is afhankelijk van de ontwikkelingen op de elektriciteitsmarkt en daarmee onzeker. Op basis van de analyse van Frontier Economics (2018) is onze inschatting dat de voorgenomen wet zal leiden tot een toename van de import en een toename van de binnenlandse productie van gas en biomassa.
Een toename van binnenlandse productie? Waar wil de minister die vandaan toveren met afbouw van de gaswinning in Groningen en afnemende productie van de kleine velden? Broeden EZK en EBN op een hernieuwde poging om schaliegas te winnen of heeft EBN hoge verwachtingen van de hoeveelheid aardgas die gewonnen kan worden via de dual-play strategie bij diepe en ultradiepe aardwarmte? Deze dual-play strategie beschreef EBN in 2018 op pagina 45 van het rapport Play based portfoliobenadering (pdf):
Met name op het gebied van het combineren van geothermie en olie- en gaswinning zou onshore nog veel mogelijk zijn. Dit gaat om hergebruik van bestaande olie- en gasputten, maar ook om nieuwe projectontwikkelingen waarbij tijdelijk nog olie- en gas gewonnen worden en tegelijk duurzame geothermie kan worden ontwikkeld die profiteert van een sterke risico- en kostenreductie.
En waarom is onduidelijk hoe de weggevallen elektriciteitsproductie van kolencentrales opgevangen gaat worden? Is er als opdracht aan de elektriciteitstafel van het klimaatakkoord geen opgave voor 20 Mton CO2 reductie in 2030 meegegeven? Lijkt me lastig realiseerbaar als aardgas op veel grotere schaal ingezet gaat worden voor elektriciteitsopwekking.
Carole Cadwalladr is een Britse journalist bij The Observer. Ze bracht diverse onthullingen over de werkwijze van Cambridge Analytica. Onthullingen die niet enkel leidde tot dreigingen met juridische procedures door de miljardair Robert Mercer, maar ook met soortgelijke bedreigingen door Facebook. Tegelijkertijd weigert Facebook mee te werken aan onderzoeken naar overtredingen van de Britse kieswetten.
In deze Ted Talk gaat ze in op de dubieuze rol van Facebook, Google en andere grote techbedrijven in het ondermijnen van de basisregels van de Westerse democratie. En op de banden tussen de campagnes van Trump, Brexit en Rusland.
In mei zijn de verkiezingen voor het Europees Parlement. Climate Action Network Europe heeft het stemgedrag van Europese de Europese fracties geanalyseerd en de partijen op basis van hun stemgedrag ingedeeld in verdedigers, vertragers en dinosaurussen. Van de Nederlandse partijen behoren GroenLinks, Partij voor de Dieren, PvdA en SP tot de verdedigers. Dit zijn de partijen die het meest pro-klimaatbeleid stemmen. D66, CU, CDA, VVD en SGP behoren tot de vertragers. En PVV behoort, niet geheel verrassend, tot de dinosaurussen.
Begin april hebben klimaatwetenschappers een brief gepubliceerd in Science waarin ze aangeven dat de zorgen van de klimaatstakers gerechtvaardigd zijn, evenals hun roep om snelle maatregelen om de uitstoot van broeikasgassen te verminderen.
Bijna elk land heeft het Klimaatakkoord van Parijs uit 2015 ondertekend en geratificeerd. Waarmee ze zich hebben gecommitteerd aan het beperken van de wereldwijde temperatuurstijging tot 2°C boven pre-industrieel niveau en om zich in te spannen om de temperatuurstijging te beperken tot 1,5 °C. Wetenschappers hebben vorig jaar ook duidelijk laten zien dat een wereldwijde opwarming met 2°C in plaats van 1,5°C de impact van klimaatverandering fors zou vergroten en het risico vergroot dat sommige effecten onomkeerbaar worden. Doordat veel effecten van klimaatverandering wereldwijd niet gelijk verdeeld is zorgt een 2°C warmere wereld bovendien voor een stijging van de wereldwijde ongelijkheid.
Volgens de briefschrijvers zijn er al veel sociale, technische en natuurlijke oplossingen voorhanden. De jonge actievoerders vragen volgens de wetenschappers terecht dat deze ingezet worden om een duurzame samenleving te bereiken. Dat vergt wel doelgerichte en snelle actie. De tijd ontbreekt om te wachten tot de jongere generatie aan de macht is. Er rust een grote verantwoordelijkheid op politici om de benodigde randvoorwaarden en beleidsvoorstellen tijdig te implementeren.
Het vertragingseffect
Bij het broeikaseffect gaat het niet alleen om de huidige uitstoot, maar vooral om de totale concentratie broeikasgassen in de lucht. Veel broeikasgassen blijven lang in de lucht zitten. Dat betekent dat later of minder reduceren de opgave voor de toekomst vergroot. Het effect daarvan is in onderstaande grafiek te zien.
Wereldwijde emissiereductie paden met 66% kans om meer dan 2°C opwarming te voorkomen op basis van startjaar. De vaste zwarte lijn toont de historische uitstoot, terwijl de gestippelde zwarte lijn gelijkblijvende emissies ten opzichte van 2016 toont. Data en grafiekontwerp door Robbie Andrew van CICERO en the Global Carbon Project. Illustratie: Carbon Brief.
Wereldwijde emissiereductie paden met 66% kans om meer dan 2°C opwarming te voorkomen op basis van startjaar. De vaste zwarte lijn toont de historische uitstoot, terwijl de gestippelde zwarte lijn gelijkblijvende emissies ten opzichte van 2016 toont. Data en grafiekontwerp door Robbie Andrew van CICERO en the Global Carbon Project. Illustratie: Carbon Brief.
Verschil moet er wezen
Carbon Brief heeft vorige week een interactieve tool op haar website beschikbaar gemaakt waarmee je op basis van geboortejaar en land kunt nazoeken hoe groot het CO2 budget is dat iemand ter beschikking heeft. Carbon Brief concludeert op basis van haar analyse dat kleinkinderen 8 keer minder CO2 mogen uitstoten dan hun grootouders om de doelstellingen van het Klimaatakkoord van Parijs te halen.
Om de wereldwijde temperatuurstijging tot maximaal 1,5°C te beperken mag er nog minder CO2 worden uitgestoten. En moeten de CO2 emissies die Europese en Amerikaanse kinderen veroorzaken snel dalen naar het niveau van Indiase en Chinese kinderen.
Samenvattend
Wanneer rond 1995 een wereldwijde daling van de CO2 emissies was ingezet had de daling veel geleidelijker kunnen lopen. Verder uitstel of vertraging van de verlaging van de CO2 uitstoot zal de opgave voor de toekomst vergroten. Niet alleen zullen toekomstige generaties minder CO2 kunnen uitstoten gedurende hun levensduur, ook zullen ze een snellere afname van de CO2 emissies moeten bewerkstelligen. Het is dus volkomen logisch dat kinderen die op school de basisbeginselen van wetenschap onderwezen krijgen opstaan om te eisen dat de huidige machthebbers in de politiek en het bedrijfsleven hun verantwoordelijkheid nemen en alle beschikbare middelen inzetten om een daling van de wereldwijde CO2 uitstoot te bewerkstelligen.
De Duitse denktank Agora Energiewende heeft onderzoek gedaan naar de Franse protesten van de gele hesjes tegen de CO2 heffing. De Duitse denktank geeft aan dat het protest een diepere oorzaak heeft dan enkel de CO2 heffing. In het onderzoek geeft de denktank aanbevelingen voor toekomstig beleid. Waarbij ook gekeken wordt naar voorbeelden van succesvol beleid, zoals in Zwitserland.
Brand maar los in de commentaren over wat Nederland hiervan kan leren.
Voor wie meer wil weten over hoe klimaatwetenschap en klimaatbeleid beter gecommuniceerd kan worden raad ik aan Klimaatzuster te volgen op twitter.
Nadat onze oudste kind in 2009 was geboren werd het tijd om een ander huis te zoeken. Een 2-kamer appartement op 3 hoog, zonder lift, was niet echt ideaal met kind. De keuze viel als snel op een rijtjeshuis in de regio, waarbij we na heel veel huizen bezichtigen uitkwamen op ons huidige huis in Schiedam. De koop werd in het voorjaar van 2010 gesloten, terwijl we er pas begin november in zouden kunnen. Tijd genoeg dus om na te denken over mogelijke maatregelen om het huis te verduurzamen. Een van de eerste opties die in beeld kwam was een zonneboiler, zeker na het zien van dit filmpje.
Een collega was na het zien van het filmpje zo enthousiast dat hij zelf een vergelijkbaar systeem installeerde. Dat leek hem ideaal met 3 puberende kinderen die veel te lang douchen. Het boilervat dat hij kocht was wat aan de kleine kant ten opzichte van het aantal heatpipes dat hij installeerde, waardoor hij voor het middaguur al een vat met bijna kokend water had staan. Aldus niet getreurd, in de kelder installeerde hij extra boilervaten om het warme water op te slaan. Het aansluiten was wel wat linke soep met dat hete water. Les 1 tot en met 3 waren geleerd: zelf installeren is leuk, maar met mijn 2 linkerhanden niet verstandig. Hoe vuurvast mijn handjes ook zijn. Ten tweede is goed doorvragen over wat er gebeurd als het vat boven een bepaalde temperatuur komt geen overbodige luxe bij de keuze van een zonneboiler. En ten derde moet je niet teveel heatpipes installeren ten opzichte van je boilervat, dan heb je in de zomer namelijk een enorm warmteoverschot.
Het gasloos maken van de woning speelde bij onze keuze voor zonneboiler nauwelijks een rol, geld besparen en gebruik maken van de ‘gratis’ energie van de zon des te meer.
Soorten zonneboilers
Bij zonneboilers heb je grofweg de keuze tussen een drukgevuld systeem, een terugloopsysteem en een compact systeem. Daarnaast moet je kiezen of je de zonneboiler enkel gebruikt voor warm water, of ook voor ondersteuning bij de verwarming. Bij de collectors heb je dan nog de keuze tussen vlakke-plaatcollectoren, vacuümbuiscollectoren, zogenaamde PVT collectoren (warmte en elektriciteit) of modernere collectoren.
Bij een drukgevuld systeem staat de transportvloeistof onder druk. De vloeistof kan overal in het buizenstelsel aanwezig zijn, ook in de collector. Daarom moet de transportvloeistof antivries bevatten. Dat maakt het systeem iets duurder in onderhoud. Bij een terugloopsysteem loopt de transportvloeistof terug in een opslagvat als de zonneboiler niet in werking is, bijvoorbeeld als het vriest. De transportvloeistof hoeft daarom geen antivries te bevatten, waardoor een terugloopsysteem goedkoper in onderhoud is dan een drukgevuld systeem.
Bij een vlakke-plaatcollector lopen buizen onder een vlakke glasplaat waarop het zonlicht valt. Door de buizen loopt transportvloeistof die door door de zon verwarmd wordt. Een vacuümbuiscollector bestaat uit een rij glazen vacuum buizen die naast elkaar op het dak liggen. In deze vacuüm buis zit een metalen buis waar het op te warmen water doorheen loopt. Een variant hierop zijn heatpipes, bij dit type zit er in de vacuümbuis een metalen buis met vloeistof die de zonnewarmte transporteert naar de op te warmen transportvloeistof aan de uiteinden van de vacuümbuizen. Bij PVT collectoren kunnen de buizen met warm water onder de panelen fungeren als warmtebron voor een elektrische warmtepomp. De zonnepanelen zijn dan eigenlijk de buitenunit van de warmtepomp. Een groot voordeel van dit systeem is dat je een warmtepomp hebt zonder grondboring én zonder buitenunit die plaats inneemt en geluid maakt.
Meer informatie over zonneboilers vind je bij Milieucentraal of Eigen Huis, al heeft de Consumentenbond betere uitleg over welke verschillende soorten zonneboilers er bestaan. Bij het kiezen van een installateur is het verstandig om te letten op het zonnekeur installateur. Dit keurmerk garandeert dat een vakbekwame installateur erkend is door de Stichting Erkenning Installatiebedrijven (SEI).
De zoektocht naar een nieuwe HR-ketel en zonneboiler
Bij het zoeken naar een nieuwe HR-ketel met zonneboiler liepen we tegen verschillende zaken aan. Op de eerste plaats was het lastig om een goede informatie en een goede installateur te vinden, met name voor de zonneboiler. Inmiddels kun je daarvoor in veel gemeenten ook terecht bij je lokale energiecoöperatie of het lokale energieloket. In 2010 vond ik het behelpen met informatie die beschikbaar was.
Uiteindelijk hebben we voor de zonneboiler meerdere offertes laten uitbrengen. Sommige installateurs beloofden gouden bergen, zoals 75% besparing op de gasrekening met enkel en alleen een zonneboiler voor warm water. Hoe dat werkt als de gasrekening gemiddeld 80% van de gasrekening op gaat aan verwarming en 20% aan warm water konden ze niet helemaal uitleggen.
Ook bij de keuze tussen systemen en de benodigde omvang van het boilervat werden soms onlogische verhalen opgehangen, wat veel zoekwerk op internet opleverde. Een van de verkopers adviseerde een boilervat van maximaal 100 liter, wat ik aan de kleine kant vond voor een 3-persoonshuishouden waar zowel een douche als een bad gebruikt wordt. Een andere verkoper legde uit dat een vlakke plaat zonneboiler meer warmte oplevert in de zomer, terwijl vacuümbuizen (heatpipes) het beter doen in de herfst en in het voorjaar. Daarom vond hij vlakke plaat verstandiger. Wat ik niet met hem eens was, want in de zomer heb ik de minste behoefte aan warmte. In andere seizoenen is het spannender of een zonneboiler voldoende warmte weet te leveren voor warm water. Dus alles wat het seizoen oprekt is mooi meegenomen. Bovendien had ik dat filmpje van 70 graden in het boilervat in de winter in m’n achterhoofd.
Uiteindelijk hebben we gekozen voor een drukgevuld vacuümbuissysteem met een boilervat van 300 liter. Het resultaat van onze zonneboiler is dat ons gasverbruik tussen april en oktober (buiten het stookseizoen) gemiddeld zo’n 8 m3 per maand bedraagt, terwijl we volgens mijn schatting (gebaseerd op die van Milieucentraal) zo’n 25 m3 per maand aan gas verbruiken voor warm water. Gedurende 7 maanden van het jaar voorziet onze zonneboiler dus in zo’n 75% van ons warme water.
Onze wasmachine en vaatwasmachine sloten we, zonder voorschakelapparaat, aan op het warme water van de zonneboiler (een zogenaamde hotfill). Op die manier sparen we elektriciteit voor het verwarmen van water uit. Het leverde al snel een vierde les op: Doordat de wasmachine rechtstreeks op het warme water was aangesloten en niet met koud water werd nagespoeld bleef de was warm. Als de was niet meteen werd opgehangen na afloop van het programma ging de was daardoor muf ruiken. Staaltje goedkoop is duurkoop, want voor een paar honderd Euro extra hadden we een voorschakelapparaat gehad. Zo’n apparaat zorgt ervoor dat de was wel met koud water wordt nagespoeld.
De vijfde les volgde een paar jaar later: onze wasmachine begaf het. Bij de reparatie bleek alles verstopt te zitten met algen, die zich prima hadden ontwikkeld bij de warme temperaturen in onze wasmachine. Doordat er niet met koud water werd nagespoeld hadden ze een prima biotoop. De nieuwe wasmachine is dan ook niet meer hotfill aangesloten. Zelfs het voorschakelapparaat kreeg ik thuis niet meer door de huisvergadering.
Energieverbruik woning
Na aanschaf schatte het energiebedrijf ons energieverbruik in op 1.800 m3 aardgas en 6.800 kWh elektriciteit, wat een voorschotrekening van ruim 200 Euro per maand opleverde. Reden om sindsdien iedere maand de energiestanden bij te houden. Groot was mijn vreugde toen we in het eerste jaar dat we er woonden met nieuwe HR ketel en zonneboiler op slechts 680 m3 aardgas en 2.900 kWh elektriciteitsverbruik uitkwamen. Waarmee ons voorschot terug ging naar 120 Euro. Wat ook terug te zien is in de ontwikkeling van onze totale energierekening. De schatting voor het eerste jaar was Euro 2.400, maar uiteindelijk eindigde we rond de Euro 1.300. In 2012 en 2013 zat dat hoger. Waarom we sinds 2014 geen leveringskosten voor elektriciteit meer betalen is een onderwerp voor een andere keer.
Ontwikkeling energieverbruik per jaar
De verlaging in ons energieverbruik komt ook door gedragsverandering ten opzichte van de vorige bewoners, maar onze nieuwe HR-ketel en de zonneboiler hebben wel degelijk een rol gespeeld. De eerste maanden was het op zolder, waar de cv-ketel hangt, warmer dan in de woonkamer. Dat is pas verandert toen we de nieuwe hr-ketel ingebruik namen. Dat heeft er uiteindelijk toe geleid dat we op zolder een radiator hebben geplaatst om de zolder als werkkamer te kunnen gebruiken. Er zat daar geen radiator, terwijl het bij de vorige bewoners een kinderkamer was. De oude ketel verwarmde dus simpelweg het verkeerde deel van het huis.
Kosten zonneboiler
Wij hebben in 2011 Euro 5.600 betaald voor onze zonneboiler. De aanschaf gaf ons ook recht op Euro 1.100 subsidie. Vlak nadat we de opdracht hadden gegeven bleek dat het Ministerie van Economische Zaken deze met terugwerkende kracht afschafte. Onze installateur heeft hier namens ons en andere klanten succesvol bezwaar tegen aangetekend. Het heeft wel ruim een jaar geduurd voordat het ministerie tot uitbetaling van de subsidie over ging. Waarbij we meermalen nieuwe machtigingsformulieren hebben moeten invullen omdat er een punt of komma verkeerd stond.
Bij de keuze voor een zonneboiler heeft voor ons de terugverdientijd niet de grootste rol gespeeld. De kosten van zonneboilers zijn inmiddels gedaald en er is wederom subsidie op mogelijk via de ISDE regeling. Op verschillende websites vind je zonneboilers vanaf Euro 1.600 na aftrek van de ISDE subsidie. De terugverdientijd ligt zo rond de 8 à 10 jaar, afhankelijk van je eigen energieverbruik.
De aanschaf van de hr-ketel tel ik niet mee bij de kosten om van aardgas af te gaan. De vervanging van de vr-ketel door een hr-ketel was namelijk een reguliere vervanging: ketel stuk, moderne ketel er in. De kosten van deze eerste grote maatregel om van gas af te gaan voor onze label C woning bedragen daarmee Euro 4.500. Naast een kleine honderd Euro aan tochtstrips en isolatiemateriaal voor o.a. de verwarmingsbuizen brengt dat de rekening op Euro 4.600.
Milieudefensie kondigde vorig jaar een klimaatzaak tegen Shell aan en stelde de volgende eisen aan Shell om dagvaarding te voorkomen:
Shell brengt zijn beleid en investeringen in lijn met de klimaatdoelen van Parijs;
Shell bouwt zijn olie- en gasproductie af en brengt zijn uitstoot terug naar nul in 2050;
Shell maakt afspraken met Milieudefensie over de invulling, tussendoelen en openbare verantwoording.
Shell kreeg 8 weken om tegemoet te komen aan de eisen van Milieudefensie, maar deed dat niet. Daarom overhandigt Milieudefensie vorige week de dagvaarding met als inzet dat Shell zijn plannen en strategie aanpast zodat die in lijn komen met het klimaatakkoord van Parijs uit 2015. Er wordt geen schadevergoeding geëist.
Reactie Shell
Shell stelt de klimaatafspraken te ondersteunen. Tegelijkertijd heeft het bedrijf sinds 2015 ook forse bedragen uitgegeven om klimaatbeleid te vertragen of voorkomen. Shell kondigde recent wel aan zijn lidmaatschap van de invloedrijke Amerikaanse lobbyclub AFPM heeft opgezegd. De AFPM is het niet eens met de klimaatdoelen die afgesproken zijn in Parijs, die Shell wel zegt te omarmen. Daarnaast heeft de AFPM zich de afgelopen jaren ingezet om de uitstootregels voor nieuwe auto’s in de Verenigde Staten te verruimen. Shell zegt die ruimere uitstootregels niet te steunen, maar zat nog wel in het bestuur van de American Fuel & Petrochemical Manufacturers (AFPM) die volgens Influence Map waarschijnlijk een belangrijke rol speelde bij de verruiming van de uitstootregels. Bij het aanpassen van de eisen aan methaanemissies in de VS is een zelfde beeld zichtbaar. Voor de schermen stelt Shell daar tegen te zijn, terwijl het bedrijf in 2017 en 2018 samen met het American Petroleum Institute (API) diverse ontmoetingen heeft gehad met de Amerikaanse overheid om de regels voor methaanemissies, die Obama heeft ingevoerd, te verzwakken.
Mars vanaf Malieveld
Sinds Milieudefensie de klimaatzaak tegen Shell aankondigde hebben onder meer Greenpeace Nederland, Jongeren Milieu Actief en de Waddenvereniging zich bij het initiatief aangesloten, evenals ruim 17.300 Nederlanders. Vorige week trokken de actievoerders in een mars van het Malieveld naar het Shell-gebouw in de wijk Benoordenhout. Een deurwaarder heeft de dagvaarding, een ruim 200 pagina’s tellend document, en meerdere dozen met bewijsmateriaal officieel overhandigen.
Disclaimer: net als bij de klimaatzaak van Urgenda ben ik mede-eiser in de klimaatzaak tegen Shell.
In Schiedam is ophef ontstaan in de raad over de plannen van staalharderij Dominial om meer aardgas te gaan gebruiken. Aan de ene kant worden plannen ontwikkeld worden om de eerste wijken van aardgas te gaan halen en op het warmtenet van Eneco aan te sluiten. Aan de andere kant heeft de gemeente het bedrijf Dominial een vergunning verleend om het gasverbruik met een factor 2 tot 3 te verhogen. Dat staat haaks op de ambities van de gemeente om het aardgasverbruik te verminderen.
Volgens de brief van het college (in bezit van Sargasso) leveren de uitbreidingsplannen van Dominial een extra aardgasverbruik van 660.000 m3 op (equivalent aan het aardgasverbruik van circa 440 huishoudens). Het is volgens het college van Schiedam nauwelijks uit te leggen:
dat wij aan bedrijven een vergunning met extra gasstook moeten verlenen en tegelijkertijd proberen bewoners mee te krijgen om een eerste woonwijk van het gas af te halen (en daar nu al veel geld voor uitgeven).
Het college van Schiedam wil de komende maanden Euro 305.000 namelijk uittrekken om de haalbaarheid van een warmtenet in de wijk Groenoord nader te onderzoeken. Een voorstel dat zorgt voor verdeeldheid in de raad, omdat er nog geen concreet plan op tafel ligt.
In haar brief schrijft het college ook dat de omgevingswet meer ruimte biedt voor lokale afwegingen, maar dat deze niet geschikt is om klimaatdoelen bij bedrijven te bereiken. Ten eerste omdat de gemeente maar voor een beperkt deel van de bedrijven het bevoegd gezag is, veel grotere bedrijven vallen onder het bevoegd gezag van de provincie. Het aanscherpen van lokale regels zou er dan voor zorgen dat juist kleinere bedrijven scherpere regels krijgen, terwijl grotere bedrijven niet onder deze regels vallen.
Op de tweede plaats kan lokaal beleid, dat verder gaat dan rijksbeleid, er volgens de gemeente voor zorgen dat bedrijven naar andere gemeenten vertrekken. Het befaamde waterbedeffect dat we ook op nationaal niveau kennen en dat pas ophoudt bij een intergalactisch klimaatbeleid.
Het college van Schiedam schrijft ook:
De ongeclausuleerde uitbreiding van gasstook bij bedrijven conflicteert met het kunnen overtuigen van bewoners om hun bestaande gasstook terug te dringen. Bovendien wordt onze klimaatopgave groter door toename van het gasverbruik van het bedrijfsleven.
In de brief constateert het college van Schiedam dat het ontwerp klimaatakkoord nog geen zicht geeft op een afbouwschema voor gas of op mogelijkheden om meer te kunnen regelen dan nu volgens wet- en regelgeving mogelijk is. In de brief vraagt het college de minister welke oplossingen hij voor ogen heeft voor de genoemde dilemma’s.
Dominial levert de restwarmte van haar productieproces overigens wel aan bedrijven in de buurt. Dat gebeurt niet via een warmtenet maar met behulp van een warmtewisselaar. Hierdoor krijgt Dominial koelwater voor haar productieproces en krijgen de buren warmte voor hun kantoren en bedrijfsruimtes.
In een reactie aan Sargasso stelt Evert Hassink van Milieudefensie:Niet alleen voor Schiedammers, ook voor Groningers is het onbegrijpelijk dat er nog een fabriek ter grote van een dorp op Gronings gas wordt aangesloten. Is dit de energietransitie?
Conclusie
Naar mijn mening vergt het maar een paar van dit soort vergunningen erbij en naar je draagvlak bij bewoners voor de overstap van aardgas op een andere warmtebron kun je als gemeente wel fluiten. Momenteel ligt er een wetsvoorstel ter consultatie voor over een verbod op laagcalorisch (Gronings) gas voor grootverbruikers, in dit wetsvoorstel is niks geregeld voor uitbreidingsvergunningen of nieuwe vergunningen voor bedrijven die niet tot de grootverbruikers behoren. Regeren is vooruitzien, dat het ministerie van EZK vergunningsaanvragen voor het gebruik van extra laagcalorisch aardgas niet heeft meegenomen vind ik dan ook teleurstellend. De kleinste stap die genomen kan worden is dat bedrijven verplicht worden om groen gas in te kopen als ze hun gasverbruik willen opschroeven.
Nu is ontgassen verboden door de provincie maar de schepen ontgassen door. De Lek is rijkswater en het rijk handhaaft niet omdat eerst een internationaal verdrag moet geratificeerd – zo zit het ongeveer.
Maanden, jarenlang melden bij DCMR zorgde er voor de bewoners enkel voor dat ze werden verwezen van het kastje naar de muur. Ook contact met het ministerie leidde niet tot een oplossing voor de overlast. Een voor mij bekende situatie, want voordat ik mijn eerste publicatie over varend ontgassen op Sargasso plaatste was ik al zeker twee jaar bezig met autoriteiten aanspreken op hun verantwoordelijkheden. Wat niet lukte, want de verantwoordelijkheid in dit dossier is vakkundig weggewerkt.
Of zoals Heijmans concludeert:
Dit land is in staat iedereen te bekeuren die een kilometer per uur te hard rijdt, die een dag te vroeg met zijn kinderen op vakantie gaat, die een ondermaatse vis vangt, zwemt bij een brug, wandelt buiten de paden, Utrecht binnengaat met een oude diesel – en wie niet tijdig zijn boetes betaalt krijgt daar weer boetes voor.
Maar tankers die chemische wolken uitblazen: ingewikkeld.
Ondertussen stemt de Rotterdamse gemeenteraad vanavond over het VVD plan om een pilot te starten met handhaving van het provinciaal ontgasverbod uit 2015.
Geweldig zeer brede steun voor ons initiatief voorstel varend #ontgassen goed geregeld, tijdens cie EDEM. Komende donderdag al in de Gemeenteraad!! Daarna is de @MinIenW aan zet! De kans om in #Rotterdam de pilot te starten met handhaving en goede faciliteiten.#Trots#havenpic.twitter.com/GAKFY5Zj5S
— Dieke van Groningen (@diekevgroningen) April 4, 2019
Begin maart heeft Sargasso daarover onderstaande vragen gesteld aan de VVD-fractie van Rotterdam:
Waarom schroeft de VVD de ambities voor de regiodeal terug van de provincies Zuid-Holland en Noord-Brabant naar enkel de regio Groot-Rotterdam?
Waarom noemt de VVD de regiodeal uit 2014 niet, terwijl gedeputeerde Baljeu als havenwethouder betrokken was bij de totstandkoming van deze regiodeal?
Heeft de VVD fractie navraag gedaan bij de gemeente of provincie naar de resultaten van de regiodeal uit 2014?