De economische toekomstkansen van kernenergie

In het debat over energietransitie en klimaatmaatregelen gericht op de energiesector zijn er een paar constanten die telkens opduiken. Een van de hardnekkigste betreft kernenergie. Al onder Rutte I waren er plannen voor Borssele II. Rond dezelfde tijd werd in de VS door voorstanders van kernenergie hoopvol gesproken van een ‘nucleaire renaissance’. Voorstanders vinden dat kernenergie taboe is verklaard voor het klimaatakkoord. Mij lijkt het nuttiger om eens te kijken naar hoe reëel de marktkansen van kernenergie zijn.

Historie

Voor wie de ontwikkeling van kernenergie al langer volgt is het geen verrassing dat nieuwe centrales moeilijk van de grond komen in Europa en de VS. Wereldwijd neemt de totale capaciteit van kerncentrales ook nauwelijks meer toe en stijgt de gemiddelde leeftijd van de kerncentrale vlot. In 2009 publiceerde Citibank een rapport met de titel “New Nuclear – The Economics Say No” (pdf), waar ik toen ook al aandacht aan besteedde. In dit rapport laat Citibank zien dat de kosten en financiële risico’s van kernenergie groot zijn voor private investeerders. De studie somt vijf grote risicogebieden op waar ontwikkelaars en beheerders van nieuwe kerncentrales rekening mee moeten houden: planning, bouw, energieprijs, beheer en sluitingskosten.

Volgens de studie hebben overheden in geïndustrialiseerde landen enkel de risico’s op het vlak van planning beheersbaar gemaakt voor ontwikkelaars van kerncentrales. Hoewel het een belangrijke factor is, “is het de factor met de minste financiële impact”. Bouw, energieprijs en beheer zijn de belangrijkste risicogebieden. Zo enorm dat ze echte “corporate killers” zijn en ook de grootste energiebedrijven op de knieën kunnen dwingen, volgens het rapport.

De Duitse fysicus Christoph Pistner van het Duitse Instituut voor Toegepaste Ecologie kwam toentertijd tot dezelfde conclusie. In zijn rapport “Renaissance of nuclear energy” (pdf, Duits) voert Pistner aan dat ontwikkelaars “de enorme bouwkosten van een nieuwe kerncentrale op voorhand en voor een ongewoon ladnge termijn moeten financieren.” Het duurt volgens Pistner minstens twintig jaar voor de operationele kosten terugbetaald zijn. Pas na die periode maakt een kerncentrale winst.

Amerika’s nucleaire renaissance

Vanaf 2010 zijn er meer dan tien plannen geweest voor nieuwe kerncentrales in de VS. Voorstanders droomden al van een nucleaire renaissance. Ondanks dat Obama ruim 8 miljard dollar aan garanties beschikbaar stelde voor de bouw van 2 nieuwe kerncentrales wordt er inmiddels enkel nog aan de nieuwe kerncentrale Vogtl gewerkt. De bouw van deze kerncentrale ligt achter op schema en boven budget. Dit is voor het energiebedrijf niet zo erg, omdat ze de bouwkosten al door mogen rekenen aan hun klanten.

Westinghouse, het Amerikaanse dochterbedrijf van Toshiba dat kerncentrales bouwt, is in 2017 failliet gegaan en Amerikaanse energiebedrijven, zoals Exelon, geven aan dat ze niet verwachten dat er nog nieuwe kerncentrales gebouwd zullen worden. Erg hoopvol ziet het er dus niet uit voor nieuwbouw van de huidige generatie kerncentrales, dat concluderen ook Amerikaanse onderzoekers in een recent paper. De auteurs zijn voorstander van kernenergie, maar geven aan dat de toestand waarin kernenergie zich bevind reden is tot diepe bezorgdheid. Of in hun eigen woorden:

Achieving deep decarbonization of the energy system will require a portfolio of every available technology and strategy we can muster. It should be a source of profound concern for all who care about climate change that, for entirely predictable and resolvable reasons, the United States appears set to virtually lose nuclear power, and thus a wedge of reliable and low-carbon energy, over the next few decades.

Bestaande kerncentrales en technologische ontwikkeling

Bestaande kerncentrales in de VS hebben het zwaar en staan onder druk van goedkopere opties, zoals hernieuwbare energie en gascentrales. Volgens een recente analyse van Bloomberg New Energy Finance draait een kwart van de kerncentrales met verlies of loopt het risico om gesloten te worden. Deze centrales hebben een gezamenlijke opwekkingscapaciteit van 32,5 gigawatt. Verschillende staten ondernemen initiatieven om sluiting te voorkomen, maar dat zorgt hooguit voor vertraging en niet voor extra capaciteit. Het stelpen van de verliezen vergt $1,3 miljard per jaar.

De Amerikaanse onderzoekers lopen ook alle technologische ontwikkelingen langs en zijn weinig hoopvol over de toekomstperspectieven. Veel van de geavanceerde technieken, zoals gesmolten-zoutreactoren en thoriumcentrales, zijn nog decennia verwijderd van commerciële toepassing. Het enige lichtpuntje dat ze zien voor geavanceerde reactoren is TerraPower, de nucleaire startup waar Bill Gates in geïnvesteerd heeft. Waarbij ze wel aantekenen dat het ook dit bedrijf niet lukt om haar techniek binnen het Westerse systeem te commercialiseren, waardoor ook dit bedrijf inmiddels samenwerkt met China.

Een deel van de voorstanders van kernenergie ziet kleine modulaire kerncentrales als mogelijke oplossing. Daar denken de auteurs anders over, pas vanaf een prijs van $100/ton CO2 achten zij deze techniek kansrijk. Ook een hogere gasprijs zou helpen.

Situatie in West-Europa

In West-Europa zijn de marktkansen voor kernenergie niet veel beter. Duitsland is nog steeds van plan alle kerncentrales uit te faseren en Frankrijk heeft plannen gemaakt om de afhankelijkheid van kernenergie te verkleinen. De omvang van de Franse plannen om kerncentrales te sluiten verschilt niet veel met de Duitse plannen. Om het aandeel kernenergie in Frankrijk te verlagen moeten ongeveer 22 kerncentrales gesloten worden. Ter vergelijking: Duitsland sluit er 17 om de Atomausstieg te realiseren. Een aanvullend probleem voor bestaande kerncentrales in Europa zijn de grote tekorten in de fondsen voor ontmanteling van kerncentrales en berging van kernafval.

Ondertussen kampt de laatste grote Europese kerncentrale bouwer EDF met kwaliteitsproblemen en veiligheidsproblemen. De vertragingen en budgetoverschrijdingen bij de bouw van de centrales in Flamanville en Hinkley C lopen nog steeds verder op. Lichtpuntje lijkt de opening in september 2019 van Olkiluoto-3, de Finse reactor die al 10 jaar vertraagd is en bijna 6 miljard euro duurder is dan begroot.

Tegenvallers zijn er ook, zo liggen alle procedures voor een tweede kerncentrale bij Borssele stil sinds 2012. De kans dat één van deze partijen de draad weer oppakt lijkt klein. Een recent advies van de National Infrastructure Commission in het Verenigd Koninkrijk adviseert om het aantal nieuwe kerncentrales te beperken en in te zetten op hernieuwbare energie. Dat biedt dus ook weinig goed nieuws voor de kernindustrie:

Any assessment needs to recognise the full costs and risks. It should not be distorted by hidden costs or used to present costs as artificially lower. Given the balance of costs and risk, a renewables based system looks like a safer bet at present than constructing multiple new nuclear power plants. But a large amount of uncertainty does remain.

Opvallend, omdat er in de commissie twee leden zitten die een achtergrond in de kernenergiesector hebben.

Rampjaar 2017

Vorig jaar werd door verschillende voorstanders van kernenergie uitgeroepen tot een slecht jaar. Ze waarschuwden voor een “snel verergerende crisis“, een “crisis die het voortbestaan van kernenergie in het westen bedreigd“, “de crisis waarmee de kernindustrie wordt geconfronteerd in ontwikkelde landen“, de “as van een stervende industrie”, en van een”industrie aan de ademhalingsmachine in de VS en in andere ontwikkelde economiën”.

Conclusie

Mijn conclusie is dat kernenergie niet wordt doodgezwegen of taboe is. Citibank had het 10 jaar geleden al juist: nieuwe kerncentrales kunnen in de Amerikaanse en Europese elektriciteitsmarkt economisch niet uit. Tenzij er forse staatssteun wordt geboden of de CO2-prijs veel hoger wordt. Voorstanders van kernenergie komen er steeds openlijker voor uit dat staatssteun nodig is. De ontwikkelingen rond Hinkley C en in de VS laten zien dat kernenergie daarbij nu al niet de goedkoopste optie is en dat er meer kans is dat de kosten van hernieuwbare energie dalen, dan die van kernenergie. Gelet op de stijgende leeftijd van kerncentrales lijkt het dan ook aannemelijker dat kernenergie in de VS, de EU en in Nederland het tijdperk van ontmanteling in gaat.

Nieuwe ontwikkelingen, zoals thoriumcentrales, gesmolten-zoutcentrales of kleine modulaire reactoren zijn nog decennia weg van commerciële toepassing. Deze technieken komen daarmee te laat voor een bijdrage aan het terugdringen van CO2-emissie in 2030. Dat maakt dat deze nieuwe technieken terecht geen rol spelen in het klimaatakkoord dat afspraken tot 2030 bevat.

Dit bericht is eerder verschenen op Sargasso.

Wat is de klimaatimpact van het sluiten van kolencentrales en een mimumprijs voor CO2?

In de luwte van het geweld van de nieuwsberichten over de hoofdlijnen van het klimaatakkoord, die vandaag gepresenteerd zijn, heeft het Ministerie van Economische Zaken een lang verwacht onderzoeksrapport over de effecten van een minimum CO2-prijs en het uitfaseren van kolen voor de elektriciteitsproductie aan de Tweede Kamer gezonden. Het onderzoek is uitgevoerd door Frontier Economics.

Belangrijk voor de interpretatie van een rapport waar een ingewikkeld model achter hangt vind ik het lezen en doorgronden van de aannames. Twee daarvan springen er voor mij uit, omdat deze nogal impact hebben op de interpretatie van de conclusies:

The Reference Case is based on the current and intended policy framework in the Netherlands and in North-Western Europe. It represents a scenario which is built upon a combination of current market expectations, e.g. regarding fuel prices and CO2 prices, and political targets for example for the development of RES-E. However,  we only take those policy decisions into account which are defined in an operational  manner and are officially decided.

Oftewel: er worden enkel beleidsbeslissingen meegenomen waar officieel over besloten is en dat operationeel gemaakt is. Dat betekent dat ik verwacht dat de op handen zijnde sluiting van de eerste bruinkoolcentrales meegenomen is, maar dat de werkzaamheden van de onlangs ingestelde Duitse kolenexit commissie nog niet meegenomen zullen zijn.

Een tweede belangrijke aanname heeft betrekking op de ontwikkeling van groene stroom in het buitenland:

Overall increase in RES-E across all modelled countries

Hier kan je je afvragen hoe de onderzoekers zijn omgegaan met het Duitse Kabinetsplan voor 65% groene stoom in 2030. Dit is officieel beleid, maar is het operationeel genoeg om meegenomen te zijn?

Duitse elektriciteitsproductie

In de grafiek hieronder is te zien dat het aandeel groene stroom in Duitsland in 2017 38,2%. was Het is vaststaand en operationeel gemaakt beleid dat alle kerncentrales in Duitsland voor 2030 sluiten. Dat maakt ruimte voor 13,1% extra groene stroom, zonder dat er een kolen- of gascentrale hoeft te sluiten. Het aandeel groene stroom komt daarmee op 51,3%.

Electricity generation in Germany Energy Charts
Bron Energy-Charts.de

Gascentrales zijn al grotendeels uit de elektriciteitsmix geduwd in Duitsland. De resterende gascentrales leveren vaak elektriciteit en warmte, dus die kunnen niet zo makkelijk uit. Dat betekent dat de resterende 13,7% geleverd moet worden door het vergroten van de elektriciteitsproductie, wat ik niet heel waarschijnlijk acht omdat Duitsland al een fors productieoverschot heeft en veel stroom exporteert. Het ligt meer voor de hand dat deze ontbrekende 13,7% groene stroom bereikt wordt door het sluiten van kolencentrales (bruin- of steenkool) en het vervangen daarvan door groene stroom (of door minder stroom te exporteren).

Als enkel steenkolencentrales sluiten scheelt dat zo’n 80 megaton CO2 op een totale emissie van 319 megaton voor de elektriciteitssector, dat is bijna 25%. Wanneer er ook bruinkoolcentrales sluiten zal de reductie hoger liggen.

20180326-uba-german-greenhousegasemissions1990-2017
Bron: Clean Energy Wire

Conclusie

De onderzoekers geven aan dat een deel van de vermindering van de CO2 emissie in Nederland, door sluiting van de kolencentrales of door invoer van een bodemprijs voor CO2, te niet wordt gedaan door de stijging van CO2 emissies in omliggende landen. Waarbij vooral Duitsland een groot export potentieel heeft. Uit het rapport kan ik echter niet halen hoe bovenstaande twee punten in het rekenmodel zijn meegenomen. Daar kan ik wel allerlei aannames over doen, maar ik laat het met alle plezier aan een Tweede Kamerlid over om daar eens navraag over te doen bij het Ministerie van Economische Zaken en Klimaatverandering. Een black box model voor Groningen lijkt me al erg genoeg, een tweede voor het berekenen van de effecten van het sluiten van kolencentrales of het invoeren van een minimumprijs voor CO2 lijkt met niet nodig.

14 juli: duurzame open huizenroute in Schiedam

flyer duurzame open huizenroute Schiedam
Duurzame huizenroute 2018 Schiedam
Sta jij te trappelen om zo duurzaam mogelijk te wonen? Laat je inspireren tijdens de Duurzame Open Huizen Route op zaterdag 14 juli tussen 13.30 en 16.30 uur. Neem bijvoorbeeld een kijkje bij Herman en Sonja, die een historisch pand aan de Hoogstraat aan het verduurzamen zijn. Of ervaar hoe behaaglijk infraroodpanelen zijn tijdens een bezoekje aan het huis van Jeroen en Eva.

Deze en andere Energieke Schiedammers stellen op 14 juli tussen 13.30 en 16.30 uur hun huizen voor je open en beantwoorden je vragen over duurzaam wonen. Je kunt ook woningen bezoeken waar bewoners aan de slag zijn gegaan met woningverbetering, Lang Zult U Wonen, herstel van onveilige galerijen, het activeren van een VvE of funderingsherstel.

Zie hieronder een kaart van alle deelnemende huizen. Binnenkort volgen beschrijvingen van de bijzonderheden van elk huis. Als je wil weten wat je bij mij kunt verwachten hier alvast een voorproefje. Zet zaterdag 14 juli alvast in de agenda!

Tip
Wil je liever met een groep Schiedammers langs de huizen? Meld je dan aan voor de fietsroute!

Dit bericht is overgenomen van Energiek Schiedam.

Echtpaar krijgt aanslag belastingdienst over bevingsvergoeding

Een Gronings echtpaar dat gebruik maakte van de Regeling waardevermeerdering heeft een naheffing gekregen van € 1.500 van de belastingdienst. Het echtpaar in kwestie blijkt gekort te zijn op de zorgtoeslagen en een naheffing inkomstenbelasting ontvangen te hebben van de belastingdienst. Tegen RTV Noord zegt het echtpaar:

Protesteren had geen zin. We hebben ons verlies maar genomen, hoewel we het wel heel onrechtvaardig vinden. Hier kunnen we helemaal niets aan doen. We hebben gewoon schade en ook recht op een energiepremie.

Het echtpaar heeft een afbetalingsregeling gesloten met de belastingdienst en betaalt het bedrag in 23 maandelijkse termijnen.

De Regeling waardevermeerdering werd ingesteld door de het Ministerie van Economische Zaken voor woningeigenaren met een door het Centrum Veilig Wonen erkende aardbevingsschade van minstens € 1.000,-. Zij konden naast de vergoeding van de schade, een maximaal bedrag van € 4.000,- krijgen voor energiebesparende en energieopwekkende maatregelen. Deze regeling van het ministerie van Economische Zaken was bedoeld als compensatie voor overlast door aardbevingsschade.

Inmiddels hebben de Groningse Kamerleden Sandra Beckerman (SP) en Henk Nijboer van de PvdA Kamervragen gesteld over het optreden van de belastingdienst in deze en vergelijkbare zaken.

Open waanlink

Dit bericht is eerder verschenen op Sargasso.

Nieuwe mijnbouwwet maakt generaliteitsland van Groningen

Wiebes-272x300Even leek het erop alsof Wiebes de verademing zou zijn waar Groningen op wachtte. Dat kwam vooral door zijn besluit om de gaswinning in Groningen sterk te verminderen en zijn brief aan grootverbruikers om snel op zoek te gaan naar een alternatief voor laag calorisch (Gronings) gas. Wie beter in de details duikt en bv. het Besluit mijnbouwschade Groningen van 31 januari 2018 of het concept wetsvoorstel Minimaliseren gaswinning Groningen leest, wist al beter. Met het opschorten van de versterkingsoperatie, het opstappen van Hans Alders, het openbaar maken van het definitieve wetsvoorstel Minimaliseren gaswinning Groningen, het verhaal van één scheur en 2 instanties, en de deal tussen Staat, Shell en Exxon is het voor bijna iedere Groninger duidelijk: Wiebes is geen Kamp.

Wetsvoorstel Minimaliseren gaswinning Groningen

Wiebes kondigde eerder dit jaar het einde van de gaswinning in Groningen vanaf 2030 aan. Om dit te ondersteunen heeft het ministerie van Economische Zaken en Klimaat eind maart een wetsvoorstel ter consultatie aangeboden dat de afbouw van de gaswinning regelt. Het wetsvoorstel zorgt er onder andere voor dat het Groninger gasveld niet meer de basis van de gasvoorziening vormt, maar meer de backup gaat vormen. Voor een wetsvoorstel dat het einde van de Groningse gaswinning moet betekenen valt het op dat een jaartal waarin de productie fors verlaagd moet zijn en het jaartal waarop de gaswinning definitief gestaakt wordt ontbreekt. Het afbouwschema voor de gaswinning is ondergebracht in de privaatrechtelijk overeenkomst tussen Shell, ExxonMobil en de staat. Het is de vraag hoe dat zich dan verhoudt tot de toezichtstaak van Staatstoezicht op de Mijnen. Wat gebeurt er als SodM een lagere gaswinning voorschrijft vanuit veiligheidsoverwegingen voor de Groningse bevolking?

afbouwschema_gaswinning

Wat ook opvalt is dat wel gesproken wordt over het Groningenveld, maar dat enige definitie daarvan ontbreekt. Het wetsvoorstel bevat geen coördinaten van het Groningenveld, geen diepte of aardlaag waar het in ligt (Rotliegend).

Het wetsvoorstel voert wel een winningsplicht in voor de exploitant van het Groninger gasveld. Die winningsplicht is niet begrensd in de tijd. Welke Groninger gelooft de Minister van EZK op zijn blauwe ogen dat deze winningsplicht na 2030 niet meer gebruikt wordt voor gas in de Rotliegend laag en dat gaswinning uit diepere lagen hiermee ook is uitgesloten na 2030?

Het wetsvoorstel geeft de Minister via wijziging van artikel 34 en 105 van de Mijnbouwwet de mogelijkheid om meer gas te winnen of om gas op een later moment te winnen. Voorwaarde is wel dat de eerder berekende en beoordeelde bodembeweging (bodemdaling en bodemtrillingen) en de risico’s voor de omgeving niet anders beoordeeld zullen kunnen worden. Het probleem hierbij is dat er in Nederland geen goed en onafhankelijk gevalideerd model voor bodembeweging ten gevolge van gaswinning bestaat. Het is nog steeds wachten op de op 4 juli 2017 door Kamp toegezegde TNO-modellen die bedoeld waren om de NAM modellen te verifiëren. Ook het TUDelft fase 2 validatierapport Buitengebied dat in 2017 gereed zou zijn is nog steeds niet gepubliceerd, terwijl al in 2016 door zowel NCG Alders als toenmalig minister Kamp werd toegezegd, dat dit mede gebruikt zou bij het opstellen van een nieuw schadeprotocol.

Leveringszekerheid versus veiligheid bewoners

Het wetsvoorstel schrapt ook gronden om gaswinning te verminderen of stoppen. In de consultatieversie werden de gronden milieu en natuur geschrapt. In het uiteindelijk wetsvoorstel lijkt dit niet te gebeuren. In een speciaal Gronings hoofdstuk wordt leveringszekerheid voor eindafnemers en een nieuwe definitie van het veiligheidsbegrip geïntroduceerd. Met dat laatste begrip is wat bijzonders aan de hand, want in het wetsvoorstel slaat dit niet alleen op de veiligheid van Groningers, maar ook op leveringszekerheid voor gebruikers van gas. Leveringszekerheid levert al jaren discussie op in de Tweede Kamer: gaat leveringszekerheid boven de veiligheid van Groningers of niet? De minister lost het op, voortaan is leveringszekerheid onderdeel van het veiligheidsbegrip voor gaswinning in Groningen. Sterker, tegen het advies van de Raad van State in wordt leveringszekerheid gekoppeld aan het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM). In het advies van de Raad van State staat hierover:

De Afdeling merkt op dat dit een wat geforceerde indruk maakt. De Afdeling onderschrijft het belang van leveringszekerheid, maar acht het aanmerken van leveringszekerheid als grondrecht in de zin van de artikelen 2 en 8 van het EVRM nodig noch wenselijk.

De afweging tussen leveringszekerheid voor eindafnemers en veiligheid van Groningers komt meerdere keren in het wetsvoorstel terug, zowel in artikel 52a, artikel 52d en artikel 167c. Het is naar mijn mening dan ook de vraag of het amendement van Tom van der Lee, waarin hij stelt dat het veiligheidsbelang boven het maatschappelijk belang van eindafnemers moet gaan deze dubbeling voldoende doet door hellen naar het belang van Groningers. Het amendement voegt hiervoor namelijk lid 4a toe dat bij artikel 52d, artikel 167c wordt ongemoeid gelaten evenals de definitie van veiligheidsbelang uit artikel 52a.  Zelfs als de Tweede Kamer leveringszekerheid uit het wetsvoorstel amendeert is het de vraag welke parlementariër het aandurft om ook de definitie van veiligheidsbegrip aan te passen. Al zou dat wel in lijn zijn met de aanbevelingen van de OVV.

Een extra aanwijzing dat de minister niet echt van zins lijkt om het veiligheidsbelang van Groningers voorop stelt is artikel 52 lid 2c waarin de minister aanvullende maatregelen kan treffen als:

een aardbeving leidt tot één of meer dodelijke slachtoffers of tot ernstigeverwondingen van meerdere personen.

Het wetsvoorstel doet echter nog een paar zaken. Zo spreekt het wetsvoorstel weer over schade door aardbevingen en over het aardbevingsgebied. Aardbevingen zijn maar een zeer klein deel van de mogelijke schadeoorzaken ten gevolge van mijnbouwactiviteiten. Het schadebegrip van artikel 33 van de huidige mijnbouwwet en artikel 6:177 van het Burgerlijk Wetboek is veel ruimer. Bij Groningers en parlementariërs die de ellenlange discussie over het gebruik van de term aardbevingsschade door NAM en het hanteren van contourenkaarten nog kennen zouden hierbij toch alle alarmbellen af moeten gaan.

Wat is het Groninger gasveld?

Wat ook opvalt is dat het Groninger gasveld niet gedefinieerd wordt in het wetsvoorstel. Tot hoe diep in de ondergrond loopt het voornemen om te stoppen met winning? Waar lopen de ‘contouren’ van het Groninger gasveld? Meerdere bronnen geven aan dat daar discussie over is tussen NAM en de staat. In aardlagen onder de huidige winning in het ‘Groninger gasveld’ zit namelijk ook olie en gas. Valt dit onder het stoppen met gaswinning? Of maakt dit onderdeel van de private deal die Wiebes deze week bekend maakte: geen claims voor het stoppen van de gaswinning in het ‘Groninger veld’ in ruil voor toestemming van winning uit de diepere lagen? Of zou de NAM tevreden zijn met het vrijstellen van afdrachten over het gas dat gebufferd wordt in NORG en Grijpskerk?

Beperken aansprakelijkheid NAM

Met het invoeren van de winningsplicht wordt ook de aansprakelijkheid voor nadelige gevolgen van mijnbouwactiviteiten zoals vastgelegd in artikel 33 van de mijnbouwwet en in artikel 6:177 van het Burgerlijk Wetboek aangepast, lees verminderd. In het wetsvoorstel staat uitgelegd dat de exploitant is verplicht tot winning, wat voor het Ministerie van EZK reden is om het handelen van de exploitant in Groningen niet meer te laten vallen onder de Wet economische delicten, waarmee de toegang voor bewoners tot strafrecht afgesloten wordt. Fijn voor NAM (waar een strafzaak tegen loopt) en fijn voor EBN (de 100% dochter van het ministerie van EZK). Het wetsvoorstel zwakt ook de bescherming van mens en milieu tegen de gevolgen van een zwaar ongeval af. In de mijnbouwwet moeten deze gevolgen voorkomen worden, in Groningen hoeft de exploitant de gevolgen enkel nog te beperken.

Uitkleden bestuursrecht voor Groningen

De toegang tot het strafrecht is niet het enige recht dat Wiebes Groningers ontzegt. Hoewel de beperking van de algemene inspraakprocedure van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) minder zwaar is dan in de consultatieronde zitten er nog wel een aantal adders onder het gras. Een ieder kan weer een zienswijze indienen, alleen is artikel 8.4 uit het Awb van toepassing waardoor beroep aantekenen niet mogelijk is. Er wordt tenslotte een wettelijke winningsplicht ingesteld voor Groningen in dit wetsvoorstel.

Schadeafhandeling

Een belangrijk punt voor Groningers is een snelle en fatsoenlijke schadeafhandeling. Veel bewoners leven al jaren in onzekerheid en leiden daardoor grote psychische schade. Alle veranderingen van de afgelopen jaren hebben nog steeds geen oplossing gebracht voor veel van de oudere schadegevallen. De verandering van de afhandeling van schadegevallen van civielrechtelijk naar bestuursrechtelijk heeft weer geheel nieuwe problemen met zich meegebracht. Niet alleen wordt met deze stap ruim 80 jaar aan jurisprudentie over het veroorzaken van schade aan derden aan de kant gezet, ook levert het Kafkaëske situaties op. Zeg maar paarse krokodil 2.0.

Bijvoorbeeld bij een scheur die gemeld is aan het CVW, maar doorgroeit. De groei moet gemeld worden bij de Tijdelijke Commissie Mijnbouwschade Groningen. Waarbij de legitimiteit van de eerste claim civielrechtelijk beoordeeld wordt door CVW en het nieuwe deel onder bestuursrecht door de TCMG. Zelfs als de schadevergoeding voor beide delen van de scheur wordt toegekend is de kans dat dat gelijktijdig gebeurt klein. Als de toekenning van schadevergoeding van het eerste deel in 2018 plaats vind en de toekenning van het tweede deel in 2019, waardoor schadeherstel pas in 2019 plaats kan vinden, moet belasting betaald worden over de claim die in 2018 is toegekend. Deze telt mee als inkomen en/of vermogen aldus de website van de belastingdienst. Er kunnen dus gevolgen zijn voor de belasting en voor toeslagen. Dat geldt zowel voor inwoners als voor ondernemers. Het nieuws daarover zorgde in Groningen al voor de nodige verontwaardiging.

Conclusie

Het wetsvoorstel vermindering gaswinning Groningen geeft Groningers een hoop nieuwe zorgen en kondigt nieuwe zorgen aan. Het is ook de vraag wat de waarde van het wetsvoorstel is nu er een privaatrechtelijke overeenkomst tussen de staat en Shell en Exxonmobil ligt. De minister geeft ook aan te werken aan een permanente oplossing voor de Tijdelijke Commissie Mijnbouwschade Groningen. Betekent dit dat we straks het verhaal van één scheur en 3 instanties krijgen? Of dat de rest van Nederland zich op kan maken voor een overgang van civielrechtelijke behandeling van schadeclaims richting het bestuursrecht?

Wat wel duidelijk is is dat er maar één manier is om Wiebes terug naar de onderhandelingstafel te sturen: het wetsvoorstel wegstemmen. Het wetsvoorstel vermindering gaswinning Groningen maakt namelijk onderdeel uit van het private akkoord van de staat met Shell en ExxonMobil. Daar ligt een schone taak voor onze volksvertegenwoordigers in de Tweede Kamer.

Dit bericht is eerder gepubliceerd op Sargasso.

Klimaatakkoord en energierekening

Vandaag berichtte De Volkskrant dat er plannen zijn om de energiebelasting op gas fors te verhogen. Uiteraard leidde dat tot verhitte discussies en reacties op social media, waarbij meestal vergeten werd dat tegenover de stijging van de energiebelasting op gas een daling van de energiebelasting op elektriciteit staat.

De Telegraaf stelde dat:

Een gemiddeld huishouden gaat daardoor per jaar honderden euro’s meer betalen. Daar tegenover staat een verlaging van de belasting op elektriciteit van vijftig procent, maar het is zeer de vraag of dit de lastenverhoging compenseert. Hiervoor moeten huizenbezitters peperdure investeringen doen in alternatieve warmtebronnen.

De PVV geeft in een reactie aan dat de energierekening hiermee volstrekt onbetaalbaar wordt. De SP betwijfelt of de prijsprikkel werkt om mensen aan te zetten tot verduurzaming van hun woning. Sandra Beckerman, Tweede Kamerlid voor de SP, stelde op Twitter:

Los van de noodzaak om huishoudens met een laag en gemiddeld inkomen van gas los kunnen is het de vraag of deze groep nog meer gaat betalen door deze maatregel. Ook is vooralsnog onduidelijk welke maatregelen er in het klimaatakkoord zitten om deze groepen te ondersteunen bij de omslag naar gasloos wonen (en dan kan er echt meer dan de digitale optie warmtepomp of warmtenet).

Effect op energierekening

Mijn conclusie op basis van de gemiddelde energieverbruiken die Nibud hanteert is dat met name bewoners van vrijstaande woningen en 2 onder 1 kap woningen een hogere energierekening krijgen. Een gemiddeld gezin in een vrijstaande woning gaat er Euro 348 per jaar op achteruit, een gemiddeld gezin in een 2 onder 1 kap woning Euro 200 per jaar.

Flatbewoners gaan er met Euro 7 per jaar het minst op achteruit, bewoners van tussenwoningen volgen met Euro 92 per jaar. Ik heb geen informatie over de woonsituatie van mensen, maar ik vermoed toch dat mensen met een lager inkomen en middeninkomen vaker in flats wonen dan in een vrijstaande woning of in een 2 onder 1 kap.

Het maakt echter ook uit met hoeveel personen je samenwoont, het elektriciteitsverbruik stijgt namelijk met het aantal personen per huishouden. Huishoudens van 3 of meer personen die in een appartement/flat wonen gaan er in de voorstellen die vandaag naar buiten kwamen op voorruit. Huishoudens van 4 of meer personen in een tussenwoning ook.

Personen per huishouden 1 2 3 4 5 gemiddeld
2 onder 1 kap €284 €199 €152 €109 €92 €200
Flat €91 €6 -€42 -€85 -€102 €7
Gemiddeld alle woningen €204 €119 €72 €29 €12 €240
Hoekwoning €231 €175 €99 €56 €38 €147
Tussenwoning €175 €90 €43 €0 -€17 €92
Vrijstaand €432 €347 €300 €256 €239 €348

Alle bedragen in de tabel hierboven en in dit bericht zijn inclusief 21% BTW.

Effect woninglabel

Nu zegt het gemiddeld energieverbruik per woningtype natuurlijk niet alles, want er zit ook verschil in het energielabel. Uit eerder onderzoek van OTB Delft, onderdeel van de TU Delft, blijkt dat het verband tussen energieverbruik en energielabel in de praktijk minder sterk is dan op basis van het theoretisch energieverbruik te verwachten is. Met name slechtere labels verbruiken minder dan verwacht, waarschijnlijk komt dit deels door gedragsaanpassingen.

Effect op je eigen energierekening

Desondanks is ieders energieverbruik anders. Je kan vrij eenvoudig bepalen of je er op voor- of achteruit gaat door het aantal kilowattuur elektriciteit dat je gebruikt te delen door 3. Als de uitkomst hieruit hoger is dan het aantal kubieke meter aardgas dat je verbruikt dan ga je er op vooruit. Is de uitkomst lager dan het aantal kubieke meter aardgas dat je verbruikt dan ga er op achteruit.

Bij deze berekening heb ik geen rekening gehouden met zonnepanelen. Als je die wel hebt (zoals wij) dan zal de uitkomst van de berekening anders zijn. Daarvoor verwijs ik naar Peter Segaar’s website.

Conclusie

Door de uitgelekte schuif in de energiebelasting van elektriciteit naar gas zullen huishoudens met een hoog gasverbruik in verhouding tot hun elektriciteitsverbruik er de komende 12 jaar stap voor stap financieel op achteruit gaan. Het gaat dan met name om kleinere huishoudens en om bewoners van vrijstaande woningen en 2 onder 1 kap.

De berekeningen hierboven gaan er vanuit dat huishoudens verder geen besparende maatregelen nemen en geen maatregelen nemen om van gas naar elektriciteit (of warmte) over te stappen. Of dat ze dit niet kunnen, bijvoorbeeld doordat ze een woning huren of te weinig geld hebben voor de benodigde investeringen.

Gezien de ook al uitgelekte ambitie die Samsom heeft meegekregen om 2 miljoen woningen aardgasvrij te maken in 2030 lijkt het me waarschijnlijk dat er ook op dat front het nodige aan plannen aan zit te komen. Ook lijkt het me waarschijnlijk dat huishoudens de komende jaren bij de keuze voor bijvoorbeeld een nieuwe keuken of nieuwe keukenapparatuur naar alternatieven voor een gasfornuis gaan kijken.

Uiteraard zullen er huishoudens zijn die er op achteruit gaan, als het uitvoeren van de schuif daadwerkelijk over 12 jaar wordt uitgespreid is er ruim voldoende de tijd om voor die huishoudens maatregelen te treffen. Of om die huishoudens met voorrang van het gas af te helpen.

Groene stroom voor de industrie

In de commentaren op Sargasso (waar ik voor blog) is het een veel gebezigd argument: duurzame energie kan de industrie niet van betaalbare stroom voorzien. In Australië denken ze daar inmiddels anders over. De van oorsprong Engelse staal miljardair Gupta werkt daar gestaag aan zijn plannen om 10 GW aan zonne-energie te realiseren, waarmee hij onder andere zijn eigen staalfabrieken van stroom wil voorzien.

Gisteren maakte Gupta en de Zuid-Australische Kamer voor Mijnbouw en Energie (SACOME) een langjarige overeenkomst bekend om groene stroom te leveren aan vijf bedrijven. De verwachte besparing voor deze bedrijven ten opzichte van hun huidige energieprijs bedraagt 20 tot 50%. Deze kostenbesparing wordt bereikt door de nieuwe zonne-energie projecten te combineren met energieopslag en waterkracht. Onder de afnemers zit onder andere een kopermijn. De overeenkomst volgt op eerdere overeenkomsten die Gupta sloot, waaronder een overeenkomst om zonnestroom te leveren aan een staalfabriek in Victoria.

Kortom: het verhaal dat duurzame energie de basisindustrie niet van stroom kan voorzien kan in kolenminnend Australië naar de prullenbak. Nu nog in andere landen.

Dit bericht is eerder gepubliceerd op Sargasso.