Bas Eickhout over klimaat

Voor wie de komende dagen wat meer behoefte heeft aan inhoud in plaats van aan proefballonnen, essays of opvattingen van niet verkiesbare politici hierbij het klimaatcollege van Bas Eickhout van afgelopen zondag en de link naar zijn eerdere interview bij De Correspondent. Goed voor uw kennis over klimaatverandering, maar vooral ook goed voor uw kennis over de werking van de Europese Unie en over hoe een politicus daar effectief in kan opereren.

Voor wie Bas Eickhout niet kent: hij is de lijsttrekker voor GroenLinks bij de Europese Parlementsverkiezingen en heeft als rapporteur van het Europees Parlement o.a. strengere eisen aan het gebruik van f-gassen (2013), ondanks de lobby van Brock & Ollie, op zijn naam staan en meer recent het invoeren van een CO2 norm voor vrachtauto’s.

Ook als je niet op GroenLinks stemt kan het geen kwaad om wat inhoud op te snuiven tussen alle laveldel en paardenraces nieuwtjes door. Wil je inhoudelijk partijen vergelijken dan kan je bij Sargasso terecht voor een overzicht van stemwijzers. Voor een beoordeling van het stemgedrag op klimaatgebied kan je hier terecht en Finance Watch heeft een beoordeling van de kwaliteit van de voorstellen voor financiële stabiliteit.

Klimaatcollege

Interview De Correspondent

Het elitaire stemgedrag van Europa’s anti-elite partijen

Corporate Europe Observatory heeft een onderzoek gepubliceerd naar wat ze autoritair-rechtse politieke partijen noemt, zoals de PVV in Nederland. CEO onderzocht of het stemgedrag van deze partijen overeenstemt met het beeld dat ze scheppen van een partij die opkomt voor de gewone hardwerkende mens en sociale rechten. De uitkomst: nee, met de PVV als slechts scorende. Van de 14 onderzochte voorstellen steunde de PVV er maar één. Iets om over na te denken als u donderdag in het stemhokje staat.

Het onderzoek

Corporate Europe Observatory (CEO) is een Europese onderzoeks- en campagne organisatie, die de invloed van het bedrijfsleven op de Europese Unie onderzoekt. Voor dit onderzoek onderzocht CEO hoe de verschillende autoritair rechtse partijen stemden over 14 voorstellen die te maken hebben met sociale rechten voor werkende mensen. De onderzochte voorstellen gaan bijvoorbeeld over gezondheid en veiligheid op het werk, fatsoenlijke werkomstandigheden, het tegengaan van belastingontwijking, het invoeren van een Europees minimumtarief voor winstbelasting van 25% en bescherming van werknemers tegen kankerverwekkende en mutagene stoffen.

De PVV stemde tegen 13 van de 14 onderzochte voorstellen, waaronder alle hiervoor genoemde voorstellen, en is daarmee de slechts scorende autoritair rechtse partij.

Working class heroes?

CEO concludeert dat autoritair rechtse partijen vaak claimen dat ze de enige zijn die het opnemen voor de gewone werkende mens, maar bij nader onderzoek blijkt daar uit hun stemgedrag en gedrag weinig van. Sterker veelal steunen ze de rijken en het grote bedrijfsleven. Deze partijen zeggen vaak tegen corruptie te zijn, maar ze hebben een slecht track record als het gaat om tweede baantjes of ander schandalen. Ze zeggen belastingontwijking en de macht van multinationals te willen aanpakken, maar als er voorstellen voor liggen maken ze terugtrekkende bewegingen of sluiten ze een bondje met multinationals. Slechts op één punt maken ze hun verklaarde principes waar: autoritair rechtse partijen stellen veelal niet om klimaatverandering te geven. De meeste doen dat ook niet, de PVV inclusief.

Bij autoritair rechtse partijen die aan de macht zijn, zoals Lega, Fidesz en ANO, is de praktijk van corruptie, bevoordelen van het grote bedrijfsleven (zowel nationaal en internationaal) en zelfs de creatie van nieuwe oligarchen. Aan dit rijtje kan inmiddels de FPÖ worden toegevoegd, waarvan de voorman in een klassieke honeytrap getrapt te zijn. In een video die vrijdag opdook bij de Süddeutsche Zeitung en Der Spiegel praten de politici van de FPÖ met een vrouw, die zich voordoet als een vermogende Russische, over hoe zij zo’n 250 miljoen euro kan investeren in Oostenrijk, bijvoorbeeld door de grote krant Kronen Zeitung over te nemen. Die zou volgens Strache de FPÖ dan een handje kunnen helpen bij de verkiezingscampagne en in ruil zou de Russische dan alle openbare opdrachten in de wegenbouw toegespeeld krijgen. Inmiddels heeft de video met vermeende omkoping tot de val van het Oostenrijkse kabinet geleidt.

Conclusie

Europese autoritair rechtse partijen, de PVV incluis, laten in hun stemgedrag in het Europees Parlement weinig zien van de beleden bescherming van de hardwerkende medemens. Ook van het aanpakken van de macht van het grote bedrijfsleven of de rijken blijft er in de praktijk weinig over.

CEO concludeert dat geen van de autoritair rechtse partijen die aan de macht zijn een beter werkende democratie heeft gecreëerd, waarin burgers gehoord kunnen worden en beleid dat hun leven raakt kan beïnvloeden. Sterker de aanvallen op de persvrijheid, de rechtspraak en het maatschapelijk middenveld in Hongarije, Polen en Tsjechië maakt het veel moeilijker om politici verantwoordelijk te houden voor de gevolgen van hun beleid.

Er valt donderdag 23 mei dus wat te kiezen.

Het hele onderzoek van CEO is hier te vinden volledige overzicht van de stemmingen is hier te vinden.

Infraroodverwarming: de energiekosten willen maar niet stijgen

Begin maart zijn onze infraroodpanelen geïnstalleerd. In maart en april hebben we ons huis er mee warm gehouden, waarbij de cv-ketel enkel gebruikt is voor warm water. Verder stond de cv op het zomerprogramma. Eerder heb ik al ons energieverbruik van de maanden maart en april geanalyseerd. Daarbij heb ik niet gekeken naar de variabele energiekosten. Hoog tijd om dat wel te doen, uitgaande van de hypothese dat infraroodverwarming een warmterendement heeft van 100%, of zo je wilt een COP van 1 verwacht ik dat de energiekosten over de eerste vier maanden van dit jaar fors gestegen zijn. Een kWh warmte via aardgas kost namelijk 8 Eurocent, dezelfde kWh via elektriciteit kost in ons geval 22 Eurocent tijdens daluren en 25 Eurocent tijdens piektarief.

Variabel energiekosten 2011-2019

Ik begin met de werkelijke kosten, waarbij niet gecorrigeerd is voor verandering in tarieven. Hier onder staan de cumulatieve kosten voor aardgas per jaar.

In bovenstaande grafiek is goed te zien dat de kosten voor aardgas in maart en april nauwelijks gestegen zijn. De lijn 2019 HR laat zien wat de verwachte ontwikkeling van de kosten voor aardgas zijn als uitgegaan wordt van het aantal graaddagen in maart en april 2019 vermenigvuldigd met het gemiddelde aardgasverbruik per graaddag maart en april in de periode 2014-2018. Ten opzichte van de situatie met een HR ketel hebben we Euro 86 minder aan aardgas uitgegeven.

Ik heb de periode 2011-2013 buiten beschouwing gelaten, omdat het gasverbruik in 2013 erg veel hoger lag dan in andere jaren en omdat in 2013 de laatste grote veranderingen in ons huis zijn gedaan (onder andere het plaatsen van zonnepanelen).

De elektriciteitskosten zijn uiteraard wel gestegen nu we ons huis verwarmen met infraroodpanelen. In totaal met 101 Euro. Wat betekent dat we tot nu toe per saldo 15 Euro duurder uit zijn door over te schakelen op infraroodverwarming. Op het eerste gezicht lijkt dat niet in lijn met de verwachting dat de verwarmingskosten met een factor 3 stijgen (uitgaande van COP = 1).

Variabele energiekosten omgezet naar 2019

Het is natuurlijk mogelijk dat de verandering in energiekosten veroorzaakt wordt verandering in de tarieven voor gas en elektriciteit. De overheid heeft de energiebelasting op gas tenslotte verhoogd per 1 januari, terwijl de energiebelasting op elektriciteit is verlaagd. Daarom heb ik alle verbruiken van gas en elektriciteit sinds 2011 omgezet naar de huidige tarieven. Voor gas geeft dat geen schokkende resultaten. Als is in onderstaande grafiek wel beter zichtbaar dat ons gasverbruik in 2019 lager ligt dan in andere jaren.

Het meest interessant om te toetsen of de verwarmingskosten met een factor 3 gestegen zijn is onderstaande grafiek met de variabele kosten voor elektriciteit. Uitgaande van COP = 1 zou ik daar een forse stijging verwachten tot Euro 326. Ruim boven 2012 en 2013, de 2 duurste jaren tot nu toe. De werkelijke variabele kosten bedragen 193 Euro. Een verschil van Euro 133 tussen de theorie COP=1 en de praktijk. Waar ik meteen bij wil voegen dat de gemiddelde binnentemperatuur in maart en april 2019 niet wezenlijk verschilt heeft van de binnentemperatuur van maart en april 2018. Bij gebruik van een hr-ketel voor verwarming hadden de elektriciteitskosten uiteraard lager gelegen.

Tot slot dan het effect op de totale variabele energiekosten. Ook dan is in onderstaande grafiek goed te zien dat de ontwikkeling van de werkelijke kosten afwijkt van de energiekosten die te verwachten zijn als de hypothese COP = 1 waar zou zijn. In werkelijkheid ontlopen de kosten voor verwarming met een hr-ketel en infraroodverwarming elkaar bij ons na twee maanden gebruik nauwelijks.

Conclusie

Eerder had ik al aangeven dat ons energieverbruik niet echt aanleiding gaf om te geloven dat de hypothese dat infraroodverwarming gelijk staat aan een verwarming met een COP van 1 in de praktijk stand houd. Uit de omrekening naar geld komt, logischerwijs, nu dezelfde conclusie naar voor. De werkelijke energiekosten zijn niet gestegen, zoals de Nederlandse theorethyse hypothese COP=1 voorspelt. Waarbij in ons geval verwarmen met infrarood nauwelijks een financiële besparing oplevert ten opzichte van een hr-ketel. Terwijl een kWh elektriciteit 2,7 (dal) tot 3,3 (piek) keer zo duur is als een kWh gas. Het lijkt er dus eerder op dat een kWh van onze infraroodpanelen 2,7 tot 3,3 kWh van gasverbruik vervangen, waarmee mijn eigen verbruik in lijn is met de infrarood woning die ik in 2015 analyseerde. Al is COP een stomme maat voor een verwarming die niet primair de lucht verwarmt.

Energieverbruik en opwekking april 2019

April is voorbij, dus tijd om naar ons energieverbruik over april te kijken. Waarbij ik meteen kan melden dat ik redelijk wat wijzigingen heb gemaakt in mijn berekingen in verband met de slimme meter die we hebben en in verband met de overgang naar infraroodverwarming. Het kan dus goed zijn dat er hier en daar nog een foutje in de spreadsheet zit die de komende maanden naar boven gaat komen. De ergste zijn er volgens mij uit, waarmee de getallen over maart met terugwerkende kracht licht zijn gewijzigd.

Kengetallen voor april

Om te beginnen een tabelletje met wat kengetallen over april. Waarmee meteen het eerste verschil binnenkomt: al het energieverbruik reken ik vanaf nu om in kilowattuur. Dat telt lekker makkelijk op en het vergelijkt ook makkelijker.

Wat20182019verschil
Ruimteverwarming261167-36%
Verbruik/graaddag1,810,95-48%
Elektriciteitsafname281593111%
Teruglevering180
Elektriciteitsverbruik28141347%
Zonnepanelen21227831%
Zonnedelen1912-37%
Winddelen9452-45%
Zonneboiler1511627%
Totaal opwekking4775046%
Netto elektriciteitsverbruik-4471-260%
Saldo elektriciteit op jaarbasis-163

Wat in bovenstaande tabel meteen opvalt is dat ons energieverbruik voor ruimteverwarming fors is gedaald. Niet alleen in absolute zin (van 261 kWh naar 167 kWh), maar ook per graaddag. April was de eerste volledige maand waarin we ons huis enkel volledig met infraroodverwarming hebben verwarmd. Nog een beetje vroeg om hele harde conclusies te trekken, maar de stelling dat het overgaan van gasgestookte cv-ketel naar infraroodverwarming geen een op een vervanging is van gas door elektra durf ik na 2 maanden wel aan

Door de overschakeling op infraroodverwarming is ons totale elektriciteitsverbruik uiteraard wel gestegen. In totaal verbruikte we in april 47% meer dan in april 2018. Ons gasverbruik is daarmee wel gedaald met 28m3 en bedroeg in april slechts 4 m3. Omgerekend zo’n 40 kWh. De ruimteverwarming werd geleverd door infraroodverwarming en de zonneboiler leverde een groot deel van het warme water.

Een andere opvallende is dat onze eigen zonnepanelen meer hebben opgebracht dan vorig jaar, maar dat onze zonnedelen en winddelen beide minder hebben gepresteerd. Bij de Winddelen komt dat deels doordat er voor de periode 26 t/m 30 april geen gegevens beschikbaar zijn. Per saldo steeg de hoeveelheid opgewekte energie wel t.o.v. 2018.

Gewijzigde berekening gasverbruik warm water

Afgelopen maand heb ik opnieuw berekend hoeveel gas we verbruiken voor warm water. Daarbij ben ik uitgegaan van de gemiddelde gaslevering aan een C-label woning voor de jaren 2012-2017. Volgens het CBS gaat het om de volgende hoeveelheden:

CBS aardgaslevering C labelm3/m2
201211,5
201311,6
201410,5
201510,3
201610,4
201710,4

Het gaat hier om het aantal kubieke meter per vierkante meter woonoppervlak. Onze woning is 119m2 en ik ben uit gegaan van 20% gasverbruik voor warm water. Verder ben ik er van uitgegaan dat onze zonneboiler het hele jaar warmte levert, alleen veel minder in de wintermaanden dan in de zomer.

MaandMaximaal aandeel zonneboiler in warm water
Januari5,00%
Februari10,00%
Maart25,00%
April75,00%
Mei75,00%
Juni90,00%
Juli90,00%
Augustus90,00%
September75,00%
Oktober50,00%
November10,00%
December5,00%


Verdeling energievraag tussen warm water, ruimteverwarming en overige elektra

Op basis van de nieuwe verdeling tussen warm water en verwarming heb ik afgelopen weken onderstaande grafiek ontwikkeld over de verdeling van de energievraag over warm water, ruimteverwarming en overige elektrische apparatuur. Dat geeft het volgende beeld:

In bovenstaande grafiek is goed te zien hoe groot de piek is die veroorzaakt wordt door onze energievraag voor ruimteverwarming. Het verbruik voor warm water en andere elektrische apparatuur kent een veel vlakker verloop. Voor de invoer van led-lampen was met name het verbruik van andere elektrische apparatuur hoger en meer seizoensgebonden. De pieken werden tot februari van dit jaar geleverd door aardgas. Door de installatie van de infraroodpanelen gaat dat veranderen. Ook de piek zal geleverd worden door elektriciteit. Een eerste begin van hoe die piek er dan uit gaat zien is in onderstaande grafiek te zien, waar is weergegeven wat de bron van energielevering is (gas, zonnewarmte, zonnedelen, zonnepanelen, winddelen of inkoop van groene stroom).

Duidelijk te zien is dat in maart en april 2019 het gasverbruik daalt en het elektriciteitsverbruik stijgt. In april gebruikten we voor 66% elektriciteit en voor 26% de zonneboiler. Op jaarbasis is de verschuiving richting elektriciteit vooralsnog gering. Het aandeel elektriciteit is opgelopen tot 36% en de zonneboiler voorziet in 10% van onze energiebehoefte, ruim 50% van ons energieverbruik de afgelopen 12 maanden is dus nog geleverd door aardgas. Pas vanaf het nieuwe stookseizoen zal het aandeel aardgas verder teruglopen. Onze totale energiebehoefte kruipt ook langzaam terug naar minder dan 10.000 kWh per jaar.

Energieverbruik verwarming

Begin maart is

In maart heb ik onderstaande hypotheses geformuleerd over ons energie verbruik voor verwarming:

HypotheseCOP = 135% energiebesparing66% energiebesparing
Extra elektriciteitsverbruik (in kWh/Jaar5.6003.7001.900
Energiebesparing (in kWh/jaar)01.9003.800
Verbruik (in kWh/graaddag)2,11,40,7
Verbruik (in m3 gas/graaddag)0,220,140,07
Verbruik (in kWh/m2 per jaar)473116*

Aangezien ik behoorlijk heb zitten wijzigen in mijn spreadsheet is het tijd om deze hypotheses opnieuw te berekenen. Waarbij ik de hypotheses nu formuleer op basis van een standaard stookjaar (2801 graaddagen, langjarig gemiddelde van 2001-2018 volgens Warmtepompweetjes). De hypotheses luiden dan als volgt:

HypotheseCOP=135%66%
Energie verwarming6.0553.9362.059
Energiebesparing0,02.1193.996
Verbruik kWh/graaddag2,21,40,7
Verbruik in kWh/m2513317

Infraroodverwarming

In de laatste twee maanden van ons stookseizoen hebben we ons huis met infraroodpanelen verwarmt. In april is ons energieverbruik voor verwarming uitgekomen op 167 kWh. Belangrijker is dat het verbruik per graaddag gedaald is tot 0,9 kWh/graaddag. In maart was dit 1,3 kWh per graaddag en in 2018 1,8 kWh per graaddag. In onderstaande grafiek is goed zichtbaar dat in maart en april het energieverbruik per graaddag in 2019 lager ligt dan in voorgaande jaren. Een verschil dat overigens niet voort lijkt te komen uit een lagere ruimtetemperatuur. De gemiddelde temperatuur in april was met 20,7 graden Celsius namelijk 0,2 graden hoger dan in 2018. Voor zover ik kan beoordelen ligt de thermometer op dezelfde plaats boven op een kast (ongeveer 2 meter boven de grond) en buiten bereik van de straling van onze infraroodpanelen.

Het totale energieverbruik voor verwarming in 2019 ligt vooralsnog op schema om tot de zuinigste jaren te gaan behoren.

Als je bovenstaande grafiek bekijkt dan zul je snappen dat ik er nog goede hoop op heb dat 2019 ons zuinigste jaar wordt. En dat ik er op reken dat we ook dit jaar weer onder de 50 kWh/m2 voor ruimteverwarming uitkomen in onze C-label woning. In onderstaande grafiek is het energieverbruik voor verwarming gecorrigeerd voor temperatuur. Ook dan is 2019 tot nu toe een van de meest energiezuinige jaren en valt op hoe extreem veel we voor ons doen hebben gestookt in 2013.


Conclusie

De hypotheses over ons verbruik voor verwarming zijn geformuleerd op jaarbasis, dus met zekerheid valt er nog weinig over te zeggen. Wat wel te zeggen valt is dat het verbruik per graaddag in maart en april op respectievelijk 1,3 en 0,9 kWh per graaddag lag. Dat ligt aanzienlijk lager dan ons gemiddelde verbruik in voorgaande jaren. Ook ligt het verbruik dichter in de buurt van de besparingshypotheses dan in de buurt van de COP=1 hypothese. Voorlopig is het echter een half jaar wachten op nieuwe resultaten, want het stookseizoen is bijna afgelopen.

Varend ontgassen: de saga continues

De afgelopen maanden zijn er veel vragen gesteld door lokale, provinciale en landelijke politici over varend ontgassen. De antwoorden hierop zijn inmiddels voor het merendeel binnen en de minister van Infrastructuur en Water heeft een voortgangsbrief aan de Tweede Kamer gestuurd. Ook geeft de VVD Rotterdam nog steeds groots op van hun initiatief om in het gebied Groot Rotterdam een pilot met handhaving van een verbod op varend ontgassen uit te voeren. Tijd dus om me daar weer eens een Paasweekend lang doorheen te worstelen en mijn bevindingen te delen. De lezer die het dossier varend ontgassen van zeer zorgwekkende stoffen op Sargasso langer volgt zal zich niet verbazen dat ik na het lezen van alle stukken weer eindig met meer vragen dan antwoorden. Op 8 mei spreek ik tijdens de Maritime Industry beurs over varend ontgassen, wie weet krijg ik dan antwoorden.

Continue reading “Varend ontgassen: de saga continues”

NRC en het varend ontgassende kwartje

Twee weken geleden las ik in het NRC een uitstekend artikel van Hester van Santen over de toekomst van de raffinaderijen in Nederland. Het artikel (betaalmuurtje) schetst de vele uitdagingen die er op de raffinaderijen in Nederland af komen. In raffinaderijen gaat het om grote volumes en lage marges. Gemiddeld wordt op op een liter raffinage product minder dan 3 Eurocent marge behaald. Uit onderzoek in opdracht van het ministerie van Economische Zaken en Klimaat blijkt dat de marges van raffinaderijen in andere werelddelen 10 tot 240% hoger liggen dan in Nederland. Twee van de raffinaderijen staan in de top 10 van grootste CO2 uitstoters van Nederland. De vraag waar het Kabinet en de Tweede Kamer de komende maanden voor staat is hoe hard het nationale klimaatbeleid de sector mag raken. De vraag is ook hoe hard een verbod op varend ontgassen, waarbij de verlader de rekening betaalt, de sector raakt of mag raken.

Ontwikkelingen raffinagesector

Een raffinaderij is in z’n simpelste vorm een grote destillatiekolom (maar dan wel een heel in gewikkelde). Raffinaderijen produceren van oudsher ruwweg drie soorten producten. Het lichtste spul is nafta (in Europa vooral grondstof voor chemicaliën) en benzine. In het middensegment ontstaat diesel en kerosine. Onderaan blijven smeermiddelen en zware stookolie over. Stookolie wordt traditioneel voor een groot deel gebruikt in de zeescheepvaart. De hoogste marge wordt gehaald op diesel en kerosine. Uit olie kunnen raffinaderijen maximaal 40 tot 50% diesel en kerosine halen. Het restant bestaat uit minder lucratieve benzine, nafta en stookolie. Door de nieuwe regels voor brandstofkwaliteit in de zeescheepvaart zal de vraag naar stookolie de komende jaren gaan dalen. Dat is de reden dat verschillende raffinaderijen in Europa investeren in nieuwe krakers. In Nederland hebben Shell en ExxonMobil dit gedaan. Andere raffinaderijen hebben de investeringsbeslissing uitgesteld of bereiden de investeringsbeslissing nog voor.

Raffinaderijen in Europa hebben te maken met verschillende uitdagingen. De vraag naar hun producten in Europa daalt, terwijl deze in Azië en Afrika groeit. In deze gebieden worden ook grotere en modernere raffinaderijen gebouwd, waarmee vergeleken de Europese raffinaderijen oud en klein zijn. In Europa zijn daarnaast de arbeidskosten hoger en de milieuregels strikter. Europa wint ook weinig eigen olie.

Wat ook niet helpt is dat het overschot aan benzine werd geëxporteerd naar de VS. Door de groei van de oliewinning en de benzineproductie in de VS dalen de opbrengsten van de export van benzine. Verder is raffinage een CO2 intensief proces, waardoor raffinaderijen last hebben van de gestegen CO2 prijs. Ook al krijgen ze een groot deel van hun CO2 rechten nog gratis, de verwachting is dat de CO2 prijs richting 2030 verder op gaat lopen.

Voor de Europese chemische sector spelen vergelijkbare zaken. Met name de sterk gedaalde prijs van aardgas in de VS zet een rem op de Europese investeringen in de chemie en zet druk op marges. Al met al niet echt een economisch klimaat waarin deze bedrijfstakken zitten te wachten op een kostprijsverhoging door een verbod op varend ontgassen, waarbij zij als verlader verantwoordelijk worden voor het betalen van de rekening.

Verladers, waaronder raffinaderijen en de chemie, zullen opdraaien voor de extra kosten van verantwoord ontgassen. Dat gaat om 3 tot 5 duizend Euro per keer. Voor een binnenvaarttankschip dat 3 miljoen liter vervoert betekent dat 0,1 tot 0,5 Eurocent extra kosten per liter raffinageproduct. Oftewel 3 tot 5% minder marge voor een sector met een lage marge, waarvoor de Botlek toch al geen vanzelfsprekende keuze meer is. Niet gek dus dat Shell z’n raffinaderij het warmtenet van de provincie Zuid-Holland in koppelt voor extra inkomsten en ook zoekt naar manieren om straks met SDE++ subsidie CO2 op te kunnen gaan slaan.

Tot slot

Het is de vraag of de zes raffinaderijen in de Botlek allemaal behouden blijven als de vraag naar diesel en benzine in Europa verder daalt door toenemende elektrificatie van transport, met name stadsbussen. Waarbij de uiteindelijke rekening van de raffinaderij wel eens bij de belastingbetaler kan komen te liggen, want zoals het artikel in de NRC afsluit:

Maar een raffinageterrein definitief ontmantelen, dat is het laatste wat je wilt. Na een halve eeuw raffineren is de bodem doorgaans flink vervuild. Het is in Nederland nooit gedaan, maar afbreken en woningen bouwen? Dat is waarschijnlijk veel te duur.

Dat u vast weet wat ‘de vervuiler betaalt’ waard is als een van de raffinaderijen ooit omvalt of gesloten wordt.

Voor omwonenden van de Nederlandse waterwegen is het een hard gelach, want na 5 jaar voor het lapje gehouden te zijn met provinciale ontgasverboden lijken de rijksoverheid, provincies, omgevingsdiensten en industrie nog steeds geen haast te hebben om te werken aan alternatieven voor varend ontgassen. Het uitgangspunt voor het beleid rond varend ontgassen lijkt meer pappen, nathouden en kijken hoe met hergebruik van maatregelen van 5 jaar terug de rust weer terug kan keren in de tent. Daarover een volgende keer meer.

Dit bericht is geschreven voor en gepubliceerd op Sargasso.

De toekomst van gaswinning in Nederland

Minister Wiebes van het ministerie van Economische Zaken en Klimaat heeft begin 2018 aangekondigd dat de gaswinning in Groningen vanaf 2030 beëindigd wordt. NAM maakte vorig jaar al duidelijk dat het veld tegen die tijd ook al leeg is of niet meer op het huidig niveau kan produceren. NAM is inmiddels begonnen met de ontmanteling van de eerste productielocaties in Groningen. Om de gasbaten nog wat langer binnen te laten komen is de rijksoverheid er veel aan gelegen om de gaswinning uit kleine velden op te voeren. In antwoord op schriftelijke Kamervragen van Tierry Baudet stelt minister Wiebes dat hij een toename van de binnenlandse gasproductie verwacht.

Het voorgenomen verbod op het gebruik van kolen voor elektriciteitsproductie moet ertoe leiden dat er per 1 januari 2030 geen kolen meer gebruikt worden voor de productie van elektriciteit. Hiermee wordt verzekerd dat het verbod op kolen een aanzienlijke bijdrage levert aan het realiseren van de ambitie uit het klimaatakkoord van 49% CO2-reductie. Dit heeft invloed op de samenstelling van het Nederlandse productiepark. Welke energiebronnen de weggevallen productie als gevolg van het verbod zullen opvangen is afhankelijk van de ontwikkelingen op de elektriciteitsmarkt en daarmee onzeker. Op basis van de analyse van Frontier Economics (2018) is onze inschatting dat de voorgenomen wet zal leiden tot een toename van de import en een toename van de binnenlandse productie van gas en biomassa.

Een toename van binnenlandse productie? Waar wil de minister die vandaan toveren met afbouw van de gaswinning in Groningen en afnemende productie van de kleine velden? Broeden EZK en EBN op een hernieuwde poging om schaliegas te winnen of heeft EBN hoge verwachtingen van de hoeveelheid aardgas die gewonnen kan worden via de dual-play strategie bij diepe en ultradiepe aardwarmte? Deze dual-play strategie beschreef EBN in 2018 op pagina 45 van het rapport Play based portfoliobenadering (pdf):

Met name op het gebied van het combi­neren van geothermie en olie- en gaswinning zou onshore nog veel mogelijk zijn. Dit gaat om herge­bruik van bestaande olie- en gasputten, maar ook om nieuwe projectontwikkelingen waarbij tijdelijk nog olie- en gas gewonnen worden en tegelijk duurzame geothermie kan worden ontwikkeld die profiteert van een sterke risico- en kostenreductie.

En waarom is onduidelijk hoe de weggevallen elektriciteitsproductie van kolencentrales opgevangen gaat worden? Is er als opdracht aan de elektriciteitstafel van het klimaatakkoord geen opgave voor 20 Mton CO2 reductie in 2030 meegegeven? Lijkt me lastig realiseerbaar als aardgas op veel grotere schaal ingezet gaat worden voor elektriciteitsopwekking.

Dit bericht is geschreven voor en gepubliceerd op Sargasso.