Tag: klimaatverandering

  • Klimaatcrisis: branden in Los Angeles

    De eerste weken van januari hebben er stevige bosbranden in Los Angeles gewoed. Inmiddels hebben wetenschappers aangetoond dat de krachtigere wind, hogere temperatuur en drogere omstandigheden toe zijn te schrijven aan klimaatverandering. Onderzoek van World Weather Attribution bevestigd dit.

    Hoewel klimaatverandering de branden niet heeft aangestoken, heeft door mensen veroorzaakte klimaatverandering wel de omstandigheden geschapen waarin de branden tot de huidige catastrofe kunnen uitgroeien. De belangrijkste oorzaak van door mensen veroorzaakte klimaatverandering is verbranden van fossiele brandstoffen. De belangrijkste oplossing is dan ook om zo snel mogelijk over te schakelen op CO2-vrije of -arme energiebronnen.

    Us 2024 Miljard Dollar Klimaatschade 768x417 1

    Klimaatverandering en de natuurbranden in LA

    De onderzoekers van ClimaMeter, een van de samenwerkingsverbanden dat attributie onderzoek doet naar de samenhang tussen extreem weer en klimaatverandering, komen tot de conclusie dat de natuurbranden in Los Angeles versterkt zijn door klimaatverandering. De meteorologische omstandigheden zijn tot 5°C warmer, tot 15% droger (3 mm/dag) en 20% winderiger (tot 5 km/u sterkere wind) in vergelijking tot vergelijkbare omstandigheden in het verleden. Natuurlijke variabiliteit in het weer speelt volgens de onderzoekers van ClimaMeter een kleine rol.

    De onderzoekers van World Weather Attribution komen tot de conclusie dat de kans op de natuurbranden in Los Angeles (LA) met meer dan een derde (35 procent) is toegenomen sinds het begin van de menselijk klimaatverandering. Aan het eind van deze eeuw wordt een opwarming van 2,6 graden verwacht als de uitstoot niet beperkt wordt. Bij zo’n temperatuurstijging schatten de WWA-onderzoekers het risico op dit soort rampen 70 procent hoger in.

    Climameter Losangeleswildfires 20250108 Q 0.991 D 2 Era5 Msl

    De schade van de branden wordt momenteel door sommigen geschat op $150 miljard. Ter vergelijking de totale schade van alle weer- en klimaatrampen in de VS van $1 miljard of meer bedroeg $182 miljard in 2024. Grote bedragen gaan vaak het voorstellingsvermogen te boven. De impact van klimaatverandering wordt echter steeds groter voor gewone mensen. In Florida hebben huizenbezitters toenemende moeite om een (betaalbare) verzekering te vinden tegen overstromingen, in Californië hebben huizenbezitters de laatste jaren een soortgelijk probleem met het vinden van een verzekering tegen natuurbranden. Een groeiend aantal verzekeraars biedt geen verzekering meer aan in Californië of verhoogt de premies zo sterk dat de verzekering onbetaalbaar wordt.

    Hoe vervelend het ook is voor filmsterren en multimiljonairs om een van hun huizen af te zien branden, het vervelends blijft het voor degene die zich geen verzekering kunnen veroorloven en die ook aan het geld ontbreekt om uit eigen middelen hun huis op te bouwen.

    De branden hebben niet alleen effect op Californië, maar ook op Australië. Dat huurt van oudsher een deel van de Californische blusvliegtuigen in tijdens hun bosbrandseizoen. Nu het bosbrandseizoen steeds meer begint te overlappen zal Australië zelf meer blusvliegtuigen en personeel moeten regelen en minder kunnen delen met Californië. Een ontwikkeling waar brandweer en wetenschappers al een aantal jaar voor waarschuwen.

    De onderzoekers van het World Weather Attribution onderzoek bevestigen dit en stellen dat natuurbrandseizoenen inmiddels gemiddeld 23 dagen langer duren, en daarmee gevaarlijker worden.

    Het nieuwe normaal?

    De huidige bosbranden in Californië zijn nog niet het nieuwe normaal, daarvoor is het nodig om de hoeveelheid CO2 in de atmosfeer te stabiliseren. Of liever nog te verlagen. Er zijn veel hoopvolle tekenen die er op wijzen dat de wereldwijde CO2-uitstoot z’n maximum (bijna) bereikt heeft. Bv. de wereldwijde groei van hernieuwbare elektriciteit, de wereldwijde stijging van de verkoop van elektrische voertuigen (die de olie-industrie zal gaan raken) en vooral de inzet van China op elektrificatie van de industrie. Om de CO2-concentratie te stabiliseren is echter een forse afname van de CO2-uitstoot nodig.

    Zelf wat doen?

    Als je zelf actie wil ondernemen om klimaatverandering tegen te gaan heb je vele opties. Veel van de websites met tips zetten in op het verkleinen van je eigen uitstoot, belangrijker is echter het vergroten van je klimaatschaduw. Welke acties onderneem je om anderen tot actie aan te zetten? Spreek je (lokale) politici aan? Ga je op je werk het gesprek aan over vervuilende activiteiten? Zet je je in je vrije tijd in voor een klimaatactiegroep of lokale energiecoöperatie? Herken je desinformatie en spreek je die tegen?

    De onderzoekers van het World Weather Attribution onderzoek zijn namelijk helder over de belangrijkste oplossing: een snelle daling van de CO2-uitstoot ten gevolge van het verbranden van fossiele brandstoffen (olie, gas en kolen).

    Dit bericht is een bewerking van een eerder bericht op Sargasso.

  • Stand van zaken duurzame elektriciteit Nederland

    Eind vorig jaar werd bekend dat 2024 te boek staat als een van de warmste jaren sinds de metingen zijn begonnen. Ook maakte het World Weather Attribution (WWA) project bekend dat grote schade door klimaatverandering  geen dreiging is, maar al dagelijkse realiteit bij de huidige 1,3 graad opwarming. Tijd dus om vaart te zetten achter duurzame energie, want verbranden van fossiele energie is een van de belangrijkste oorzaken van klimaatverandering.

    Sinds het ondertekenen van het nationale klimaatakkoord heeft de landelijke overheid zich in Brussel hard gemaakt voor ambitieuzere doelstellingen voor 2030. Deze hogere doelstelling (55% in 2030) is ook vastgelegd in de de landelijk Klimaatwet. Dat komt mooi uit, want het Klimaatakkoord bevatte al een optie om de doelstelling op te hogen van 49% CO2-reductie naar 55% CO2-reductie. In het hoofdstuk over elektriciteit zijn hier ook cijfers voor opgenomen:

    Bron (in TWh)49% basispakket55,00%
    Wind op zee49
    Hernieuwbaar op land (> 15 kW)35
    Overige hernieuwbare opties (incl. CO2 vrij regelbaar vermogen)pm127
    Klein zon (< 15 kW)7
    Totaal91127

    De getallen in bovenstaande tabel zijn 7 TWh (Terawattuur) hoger dan in het hoofdstuk uit het klimaatakkoord, omdat ik er voor gekozen heb ook kleine zonnestroominstallaties mee te rekenen in de totale opgave. Het goede nieuws is dat het doel voor kleine zonnestroominstallaties (7 TWh) in beeld is, zodat ook kleine zonnestroominstallaties mee gaan tellen voor het behalen van de RES-biedingen.

    Voorgeschiedenis

    Bij het klimaatakkoord werd afgesproken dat gemeenten, waterschappen en provincies zich zouden organiseren in regionale energiestrategieën (RES’en). Nederland werd daarmee opgedeeld in 30 RES’en, sommige zo groot als één gemeente, andere bestaande uit 15 tot 20 gemeenten. De logica van de indeling? Da’s voer voor promotieonderzoek. In 2020 bleken de losse RES’en bij elkaar opgeteld ambitieuzer dan het minimum bod van tenminste 35 TWh. Uiteindelijk hebben de RES’en gezamenlijk 55 TWh hernieuwbare elektriciteit op te wekken. Deze biedingen zijn vastgesteld door bijna alle gemeenteraden, provinciale staten en algemene besturen van waterschappen. Al in 2019 en 2020 berichtte Sargasso dat het doel om tenminste 35 TWh hernieuwbare elektriciteit op land op te wekken in beeld was. Da’s geen reden om achterover te leunen, want inmiddels heeft het kabinet de ambitie opgehoogd naar 55% CO2-reductie in 2030, terwijl voormalig minister Jetten de Kamer informeerde dat in 2024 besluitvorming over wind op zee plaats moest vinden om de doelstelling voor 2030 en 2035 te kunnen halen. Het Kabinet heeft dat besluit niet genomen, waarmee de druk om lokale elektriciteitsproductie te realiseren groeit.

    Stand van zaken duurzame elektriciteit

    Het goede nieuws is dat de productie van duurzame elektriciteit in Nederland nog steeds in de lift zit, dat blijkt uit de Klimaat en Energieverkenning 2024 van het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL). Het slechte nieuws is dat volgens het PBL de pijplijn aan nieuwe projecten ook in 2024 verder is opgedroogd. Oftewel projecten waar al aan gewerkt wordt worden langzaam maar zeker gerealiseerd, maar het aantal nieuwe projecten is gering. Zo gering dat verschillende internationale projectontwikkelaars zich inmiddels terugtrekken van de Nederlandse markt, op zoek naar meer veelbelovende markten.

    2030Monitor RES
    Bron (in TWh)K.A. 55%RES 1.0KEV 2024NPE20232024
    Wind op zee656548954848
    Hernieuwbaar op land (> 15 kW)555546673941
    Klein zon771211
    Kernenergie444444
    Totaal13113198166103104

    Het opdrogen van de pijplijn aan nieuwe projecten betekent ook dat het lastiger gaat worden om de streefcijfers voor 2035 uit het Nationaal Plan Energiesysteem (NPE) te gaan halen. Het gat tussen streefcijfers uit het NPE en de cijfers uit de Klimaat en Energieverkenning en Monitor RES 2024 is voor 2030 al groot, voor 2035 loopt dit alleen maar verder op. Dat is slecht nieuws voor huishoudens, bedrijfsleven en industrie, die zitten te springen om betaalbare elektriciteit. Een kleiner aanbod zal namelijk een hogere prijs betekenen.

    20352050
    Bron (in TWh)KEVNPENPE
    Wind op zee91158315
    Hernieuwbaar op land (> 15 kW)5899185
    Klein zon
    Kernenergie01656
    Totaal149273556

    Een grote blokkade voor hernieuwbare elektriciteit op land zijn zorgen over de (vermeende) impact op menselijke gezondheid. Aanvankelijk ging dat vooral om geluid en trillingen van windturbines, inmiddels ook om Bisfenol A en pfas emissies. En begrijp me goed, ik ben groot voorstander van het serieus nemen van de gezondheid en hinderbeleving van omwonenden (ik heb bij een van mijn werkgevers succesvol geadviseerd een lokale geluidsnorm voor warmtepompen en airco’s op te nemen, zodat ook bestaande installaties aan de geluidsnormen moesten voldoen). Tegelijkertijd blijkt er uit RIVM meta-analyse van de beschikbare studies niet dat er sprake is van gezondheidsschade. Provincie Flevoland heeft onderzoek gedaan naar fijnstof, microplastics en bisfenol A in het oppervlaktewater en de bodem rond windmolens. Conclusie van dit onderzoek is dat het volgens Gedeputeerde Staten niet aan te tonen is dat windmolens de bron zijn van deze stoffen. De provincie heeft eind 2023 onderzoek laten doen door ingenieursbureau RoyalHaskoningDHV. Daaruit is gebleken dat de hoeveelheden bisfenol A die vrijkomen van windmolens bijna niet te meten zijn. De hoeveelheden zijn zelfs marginaal vergeleken met wat er vrijkomt door het verkeer, de industrie en de landbouw. Ook verspreidt BPA zich over een groot gebied en is er van een concentratie rond windmolens geen sprake. Ik bemoei me zelf al 15 jaar met het bisfenol A dossier, o.a. door bij de geboorte van mijn kinderen te kiezen voor BPA vrije flessen. Gelet op de zorgen bij Forum voor Democratie ben ik benieuwd naar de vervolgvragen over vervuiling van verkeer, industrie en landbouw.

    Duurzame elektriciteit projecten hebben ook te maken met van een stapeling van ambities: natuurinclusief, lokaal eigendom, ‘draagvlak’ (hoorde je bij de nieuwe kolencentrales en gascentrales begin deze eeuw geen politicus over…), landschappelijke inpassing etc. Terwijl de subsidie vanuit het Rijk tot en met 2024 vooral gericht was op kilowattknallen: wie het meeste kilowatturen hernieuwbare elektriciteit weet te produceren tegen de laagste prijs krijgt de subsidie toegewezen. Pas vanaf 2025 komt er ruimte in de subsidieregeling om kwaliteitsaspecten mee te wegen en te waarderen in de vorm van een hogere subsidie.

    Stand van zaken per RES

    Onderstaande tabel laat de ontwikkelingen per RES zien. Waarbij goed te zien is dat er grote verschillen zijn in de resultaten per RES. Dat hangt echter ook samen met hoe ambitieus het RES-bod was ten opzichte van wat er daadwerkelijk gerealiseerd was in 2018. Over het algemeen doen RES’en waar in 2018 al een aanzienlijke hoeveelheid hernieuwbare elektriciteit werd geproduceerd het beter, dan RES’en die in RES 1.0 een hoge ambitie hebben neergelegd zonder dat er al productie plaatsvond. Waarbij Friesland en Groningen de uitzonderingen zijn die de regel bevestigen.

    RES-regioBod RES 1.02018202120232024%
    Achterhoek1.3503016237541231%
    Alblasserwaard320104272268%
    Amersfoort5002055010721%
    Arnhem/Nijmegen1.6203017822970043%
    Drechtsteden370204131320956%
    Drenthe3.49910560911.83853%
    Flevoland5.810805811.9095.62897%
    Foodvalley750903684.81226936%
    Friesland3.000304501582.51584%
    Fruitdelta Rivierenland1.2001003362.32543937%
    Goeree-Overflakkee85320281427934109%
    Groningen5.7001101.8819084.09372%
    Hart van Brabant1.0004034044149449%
    Hoeksche Waard38608532534389%
    Holland Rijnland1.1403063835321219%
    Metropoolregio Eindhoven2.0008026014264132%
    Midden-Holland4351087486368%
    Noord- en Midden-Limburg1.200702528895980%
    Noord-Holland Noord3.600809002472.04857%
    Noord-Holland Zuid2.700801.3772.47280030%
    Noord-Veluwe53010951.0305110%
    Noordoost-Brabant1.6007014411456135%
    Rotterdam/Den Haag2.800304763781.83566%
    Stedendriehoek1.070703211.56238736%
    Twente1.5005027037053436%
    U161.8005027036947326%
    West-Brabant2.200806821.2611.67176%
    West-Overijssel1.8265040252679744%
    Zeeland3.055801.6802.2862.45380%
    Zuid-Limburg1.330209314222117%
    Totaal55.1441.45013.30728.18031.68657%

    Kernenergie

    Wie goed op heeft gelet heeft gezien dat kernenergie in het NPE een behoorlijke rol speelt. De productie moet groeien van 4 TWh nu naar ruim 56 TWh in 2050. De eerste nieuwe kerncentrales zouden rond 2035 online moeten komen, maar lopen tegen vertragingen op, doordat er nog te veel onzekerheden zijn over de mogelijke locaties. Die zullen dus eerder rond 2040 operationeel worden. Als dat niet nog later wordt, wat gezien de ervaringen met kernenergie in de EU, VS en China niet onverwacht zou zijn. Want ook China, vaak aangehaald als voorbeeld van een land met een succesvolle nucleaire strategie, loopt achter bij het halen van zijn doelstellingen voor kernenergie: 58 GW in 2020, 70 GW in 2025 en 120 tot 130 GW in 2030. Met de kerncentrales in voorbereiding komt China uit op 88 GW in 2030. Eind 2024 heeft China volgens de World Nuclear Association 56,9 GW geïnstalleerd vermogen. Wat betekent dat China minstens 5 jaar achterloopt bij het behalen van z’n doelen voor kernenergie.

    Voor de voorstanders van kleine modulaire kerncentrales (SMR’s) is er ook minder goed nieuws. Nadat het eerste project van Nuscale werd afgeblazen, omdat de investeringskosten opgelopen waren naar $20.000 per kilowatt, wordt inmiddels ook duidelijk dat de bouwkosten van de BWRX-300 van GE-Hitachi een factor drie hoger ligt dan de oorspronkelijk begroot $2.250 per kilowattuur. Het goede nieuws voor GE-Hitachi is dat Ontario vooralsnog wel doorzet om de de SMR te realiseren. Het slechte nieuws is dat andere potentiële kopers voorlopig de kat uit de boom lijken te kijken om te zien of GE-Hitachi de kostprijs omlaag weet te krijgen.

    Dit bericht is eerder gepubliceerd op Sargasso.

  • Energierekening eerste half jaar 2024: Besparingen met zonnepanelen en winddelen

    Het is juli, de eerste helft van 2024 zit er op. Tijd om te kijken naar onze energierekening van het eerste half jaar. En naar ons energiegebruik en onze energieproductie.

    Energierekening

    Onze energiekosten over het eerste half jaar van 2024 bedragen Euro 777.

    2024 Juni Energiekosten Zp Wd

    Zonder zonnepanelen en winddelen waren de energiekosten Euro 1.527 geweest. Onze zonnepanelen hebben ons ongeveer 450 Euro bespaard. De resterende 300 Euro besparing komt van onze winddelen. Het voordeel van onze zonnepanelen wordt ongetwijfeld minder groot door de invoer van terugleveringskosten, desalniettemin blijft de besparing aanzienlijk en blijven zonnepanelen de moeite waard.

    2024 Juni Energiekosten Juni

    De energiekosten voor juni waren hoger dan eerdere jaren. Dat komt doordat we behoorlijk wat meer energie hebben gebruikt i.v.m. een verbouwing van onze huiskamer en keuken. In 2022 en 2023 was onze energierekening in juni 60 tot 70 Euro negatief (we kregen geld toe), dit jaar bedroegen onze energiekosten in juni Euro 56. Het verschil komt vooral doordat we dit jaar in juli op maandbasis ongeveer evenveel elektriciteit hebben gebruikt als geproduceerd. Terwijl we eerdere jaren per saldo elektriciteit terug leverden aan het net.

    2024 Juni Energiekosten Opbouw Tm Juni

    Onze energiekosten voor het eerste half jaar zijn nagenoeg gelijk aan de energiekosten over de eerste helft van 2023. Afgerond bedroegen de energiekosten in de eerste helft van 2023 ook Euro 777. Met een dynamisch tarief hadden we 7% kunnen besparen, met een local4local constructie naar verwachting zo’n 20%. Hoewel het de werkelijke tarieven voor local4local nog wel een beetje gissen blijft.

    Bruto energiegebruik

    In juni hebben we onze huiskamer en keuken verbouwd. Aan het bruto energiegebruik over het eerste half jaar valt het bijna niet te merken. Het bruto energiegebruik over de eerste 6 maanden ligt 10% lager dan in 2023 en 3% lager dan het gemiddelde met infraroodverwarming.

    2024 Juni Bruto Energie

    Energievraag

    Het effect van verbouwen is het best te zien in de energievraag van juni. Vooral de energievraag van apparaten lag in juni fors hoger dan voorgaande jaren. Op termijn hoop ik dat de energievraag juist daalt.

    Aan de voorzijde is het kozijn met dubbelglas in de keuken vervangen door een kozijn met triple glas (HR++), ook het deel onder het kozijn is beter geïsoleerd. In de winter zal dit behoorlijk gaan schelen in comfort, en hopelijk ook in energiegebruik voor verwarming. Daarnaast hebben we nieuwe keukenapparatuur (zuiniger dan de oude), een inductiefornuis i.p.v. keramisch en een Quooker voor warm water in de keuken. Dat laatste gaat vooral water besparen, want het warme water kwam van zolder. Dat kostte telkens een volle 10 liter emmer voordat we warm water hadden. Tot slot heb ik zelf de zonneboiler bijgevuld, waardoor deze ook een stuk beter werkt. Wat weer scheelt in het energiegebruik van onze warmtepomp.

    2024 Juni Energievraag

    Dat is ook te merken aan het elektriciteitsgebruik. Dat in juni 2024 beduidend hoger lag dan in voorgaande jaren. Bij het energieaanbod is goed zichtbaar dat we daarmee wel beter in balans zijn dan voorgaande jaren. Sinds 2013 leveren we in juni zo’n 100 tot 200 kilowattuur terug, dit jaar hebben we 9 kWh afgenomen in juni. Wat betekent dat we op maandbasis 99% van onze energie (en 98% van onze elektriciteit) zelf hebben geproduceerd.

    2024 Juni Energieaanbod

    Dat we minder een klein hoeveelheid stroom hebben afgenomen komt deels doordat we zo’n 200 kWh meer elektriciteit hebben gebruikt. Het komt echter ook doordat onze zonnepanelen 70 kWh minder hebben geproduceerd, terwijl onze winddelen juist 45 kWh meer hebben geproduceerd.

    2024 Juni Energieaanbod En Vraag Tm Juni

    Over het eerste half jaar gemeten is ons energiegebruik gedaald ten opzichte van 2023. Dit komt vooral doordat we bijna 300 kWh minder energie voor verwarming nodig hebben gehad. Een gevolg van de uitzonderlijk zachte winter, klein voordeeltje van klimaatverandering. Of dat opweegt tegen de nadelen waag ik echter te betwijfelen, zeker voor wat betreft de nadelen voor West-Europa (en Nederland) op de wat langere termijn.

    Ook de hoeveelheid elektriciteit die we hebben ingekocht is gedaald ten opzichte van de eerste helft van 2023. De eerste helft van 2024 hebben we 977 kWh ingekocht, dat is een daling met 20% ten opzichte van de eerste helft van 2023.

    Zelf aan de slag?

    Als je zelf aan de slag wil met het verlagen van je energierekening, dan is het verstandig te beginnen met kleine stappen: kieren dichten en ventilatie op orde brengen, investeren in energiezuinige apparatuur, de cv-ketel en radiatoren ontluchten etc. Voor de langere termijn is het verstandig om maatregelen op te nemen in je reguliere plannen voor onderhoud van je huis. Ga je verbouwen? Neem verduurzaming mee: nieuwe kozijnen of ramen? Kies voor HR++. Nieuwe cv-ketel? Overweeg een hybridewarmtepomp of zonneboiler ter ondersteuning van de de cv. Nieuwe keuken? Kies voor energiezuinige apparatuur.

    En ondanks alle verhalen in de media: zonnepanelen blijven een no-brainer, mits je er plek voor hebt op je dak. Steek daarbij liever wat meer geld in een goede installatie, die voorbereid is op de toekomst zonder salderen. Bijvoorbeeld in een omvormer die kan reageren op dynamische tarieven, zodat je minder of geen stroom produceert bij negatieve stroomprijzen. Of een omvormer waarbij je in kan stellen dat er geen stroom wordt teruggeleverd aan het net, die bestaan al in het buitenland waar dezelfde merken omvormers verkocht worden. Het is dus een kwestie van tijd en moeite om de software ook geschikt te maken voor de Nederlandse markt.

  • Onze energierekening in 2023

    Volgens het KNMI was 2023 het natste en warmste jaar sinds ze begonnen zijn met meten. Dat is ook zichtbaar in het aantal gewogen graaddagen, dat met 2.337 ruim een kwart lager ligt dan het klimaatgemiddelde van 3.172 in de periode 1901-1930. Het komt overeen met de verwachtingen toen ik begon met werken: de winters warmer en natter, en de zomers warmer. Het warmere weer heeft ook z’n weerslag op ons energiegebruik. We verbruiken zo’n 1.000 kWh minder voor verwarming door het warmere weer. In totaal hebben we vorig jaar 7.666 kWh elektriciteit gebruikt, wat ons een energierekening van € 1.194 heeft opgeleverd. Omgerekend € 0,16 per kWh, inclusief energiebelasting, vastrecht en btw. Een prijsniveau dat we voornamelijk hebben bereikt doordat het grootste deel van de stroom die we gebruiken geleverd wordt door onze zonnepanelen en winddelen.

    Energiekosten

    Onze energiekosten zijn iets lager uitgekomen dan ik eind december inschatte. Dat komt vooral doordat onze winddelen in december beter hebben gepresteerd dan in december 2022. Al met al komt onze energierekening uit op €1.194, een maandbedrag van € 99,50. Best netjes gezien alle druk op de energiemarkt. Voor volgend jaar verwacht ik een lichte stijging, tenzij de hoeveelheid wind en zon fors daalt ten opzichte van 2023.

    Onderstaande grafiek laat het verloop van onze energierekening sinds 2011 zien. Het valt op dat we op 2021 na onze energierekening behoorlijk stabiel hebben weten te houden.

    Energierekening per jaar 2011-2023, plus verwachting 2024 en vergelijking met dynamisch tarief

    De hoogte van onze energierekening van 2011 (€1.132) verschilt nauwelijks van de energierekening van 2023 (€1.194). Daar hebben we wel de nodige investeringen in en aanpassingen aan ons huis voor moeten doen. Ten opzichte van de periode 2014-2018 is de energierekening wel met zo’n € 400 gestegen. In 2022 hebben we onze energierekening laten dalen ten opzichte van 2021, best een prestatie als je bedenkt dat de elektriciteitsprijzen in 2022 door het dak gingen (tenzij je een dynamisch contract had).

    In bovenstaande grafiek heb ik voor de jaren 2021, 2022 en 2023 daarom met behulp van de gemiddelde groothandelsprijs per maand uitgerekend hoe hoog onze energierekening zou zijn als we een dynamisch energiecontract zouden hebben. Ook heb ik met behulp van de uurdata uit Home Assistant en de uurprijzen op de day-ahead prijs (bron: Energy Charts) uitgerekend hoe hoog onze energierekening zou zijn bij overstap op dynamische tarief.

    Ten opzichte van de gekozen strategie om extra winddelen bij te kopen zouden we gemiddeld €9 per jaar extra hebben bespaard. Terwijl we pas in het voorjaar van 2022 extra winddelen bij hebben gekocht.

    In 2023 zou onze energierekening €225 hoger zijn geweest bij dynamische tarieven (uitgaande van gemiddelde maandprijzen). Het verschil loopt op naar €330 bij het rekenen met uurdata over 2023. Dat komt met name doordat de opbrengsten van de teruggeleverde zonnestroom dan daalt van €302 (huidige energiecontract) naar €76 (€286 uitgaande van maandgemiddelde prijzen). De kosten van ingekochte stroom dalen ten opzicht van ons huidige contract naar €931 (€898 uitgaande van maandgemiddelde prijzen), maar daar staat ook tegenover dat we dan netto €1.300 aan opbrengsten van onze winddelen zouden missen. In de eerste helft van 2023 hebben we ook geprofiteerd van het verlaagd tarief, wat ons €556 heeft opgeleverd. Zonder het verlaagd tarief zouden we €227 kunnen hebben bespaard met een dynamisch tarief ten opzichte van de gekozen strategie.

    Onderstaande grafiek laat duidelijker zien wat het effect van winddelen en een dynamisch contract op onze energiekosten van 2023 is geweest.

    2023 Energierekening Incl Dynamisch 2

    Het is duidelijk zichtbaar dat zowel een dynamisch tarief als winddelen onze energierekening kan halveren. Waarbij de winddelen een lagere energierekening tot gevolg hebben gehad dan we met een dynamisch tarief hadden kunnen bereiken. Het interessante vind ik dat het risicoprofiel tussen beide opties fors verschilt. Waar je met een dynamisch tarief een deel van de risico’s overneemt van het energiebedrijf en zelf dus goed moet opletten op wanneer je energie gebruikt en produceert, is dat bij winddelen minder van belang. De profielkosten van winddelen stijgen (volgende jaar zo’n 10 Eurocent per kilowattuur) en goed afstemmen van vraag en aanbod helpt om die stijging te verminderen. Dus de prikkel is ook weer niet volledig afwezig.

    Onze winddelen doen daarmee wat ik hoopte: ze verlagen onze energierekening aanzienlijk, ze stabiliseren onze energierekening en ze beperken onze blootstelling aan de grillen van de energiemarkt.

    Klimaatimpact op verwarming

    De klimaatspiraal van de KNMI laat goed zien hoe de temperatuur zich de afgelopen 120 jaar ontwikkeld heeft en dat de temperatuur oploopt.

    Klimaatspiraal Nederland 1901-2023

    Dat laat zich ook terugzien in de ontwikkeling van het aantal gewogen graaddagen. De statische kans dat het gemiddelde van de afgelopen 30 jaar voorkomt in een klimaat van begin 20ste eeuw is 0,0000003%. In normale mensentaal: het is zeer onwaarschijnlijk. Het aantal gewogen graaddagen lag in 2023 op 2.337, dat is 26% lager dan in de periode 1901-1930.

    Dat heeft ook zo z’n effect op onze behoefte aan verwarming. Die is logischerwijs gedaald. In een gemiddeld klimaatjaar in de periode 1901-1930 zouden we 4.137 kWh aan elektriciteit voor verwarming nodig hebben gehad. In werkelijkheid hebben we afgelopen jaar 3.047 kWh gebruikt. Een stuk minder dan de 6.078 kWh die we aan aardgas verbruikt zouden hebben. Het effect van infraroodverwarming is dus nog steeds meetbaar en is geen eenmalig effect.

    grafiek met energiegebruik voor verwarming op basis van gas en infrarood.

    Ons energiegebruik is per gewogen graaddag nog steeds gemiddeld 40% lager dan ten tijde van onze cv-ketel. In december is het stookseizoen wel weer volop bezig, wat zichtbaar is in de stijging van ons energiegebruik voor verwarming naar 1,59 kWh/gewogen graaddag. Dat is 4% minder dan in december 2022. December 2023 was met 365 gewogen graaddagen dan ook een stuk warmer dan december 2022 met 473 gewogen graaddagen.

    2023 December Verwarming Maandbasis

    Energiegebruik

    Ons bruto energiegebruik inclusief warmte is in 2023 uitgekomen op 10.278 kWh. Dat is 6% meer dan het gemiddelde met infraroodverwarming. Sinds de overstap is ons totale bruto energiegebruik gemiddeld met 17% gedaald. Waarmee we ook in 2023 weer ruim 2.000 NegaWatts scoren.

    2023 December Bruto Energiegebruik Incl Warmte

    Het bruto energiegebruik exclusief warmte (dat wat we aan aardgas en elektriciteit gebruiken) is uitgekomen op 7.666 kWh. Dat is 4% lager dan het gemiddelde sinds de overstap op infraroodverwarming. Gemiddeld ligt ons bruto energiebruik exclusief warmte 25% lager sinds we overgestapt zijn op infraroodverwarming.

    2023 December Bruto Energiegebruik Excl Warmte

    De aankoop van extra winddelen laat zich vooral terugzien in de ontwikkeling van ons netto-energiegebruik. Bruto energiegebruik minus zelf opgewekte energie. Dat ligt dit jaar op 1.255 kWh. Het laagste ooit. Op maandbasis hebben we van januari tot en met april en van oktober tot en met december meer elektriciteit gebruikt dan geproduceerd. In de eerste vier maanden van het jaar ging het om 909 kWh, in de laatste maanden om 739 kWh. Daar stond tussen april en oktober een overschot aan wind- en zonne-energie van 998 kWh tegenover. Voor het tekort in voor- en najaar is dat een daling ten opzichte van eerdere jaren. Voor het overschot is het een stijging ten opzichte van eerdere jaren, met name veroorzaakt door meer wind in de zomer.

    Systeemtechnisch briljant? Zeker niet. We betaalden ons energiebedrijf dan ook een vergoeding voor profielkosten van gemiddeld 5 Eurocent per kWh over de stroomopbrengst van onze winddelen, in 2024 loopt dit op naar 8 a 10 Eurocent per kWh. Voor zonne-energie betalen we niets zichtbaars, vanwege de salderingsregeling.

    2023 December Netto Energiegebruik

    Wat mij betreft mag de salderingsregeling aangepast worden, zodat het energiebedrijf de kosten van zonnepanelen zichtbaar in rekening kan brengen. Die zou uit twee componenten kunnen bestaan: profielkosten en en een reële vergoeding voor teruggeleverde stroom. Meer als de prijs hoog is en minder als de prijs laag is. Als alle stroom tegen 0 Eurocent zou worden teruggeleverd (wat zeker niet het geval is) kan dat ons financieel de helft aan opbrengsten schelen. Waarmee zonnepanelen nog steeds een zeer gunstige investering zijn. Zeker bij de huidige lage prijzen voor zonnepanelen.

    Energieproductie

    In 2023 produceerden we in totaal 9.022 kWh. Onze 9 winddelen leverde met 4.324 kWh de meeste energie. Gevolgd door onze warmtepomp en zonneboiler, die samen 2.612 kWh leverden. Onze zonnepanelen leverde 2.087 kWh.

    2023 December Energieproductie

    Hiermee produceerde we bijna 80% van ons energiegebruik zelf. Daarnaast bespaarden we 10% op ons energiegebruik door klimaateffecten en namen we 11% van onze energie af van het energiebedrijf.

    2023 Aandeel Energie

    Een andere manier om naar ons energiegebruik en onze energieproductie te kijken is door deze te vergelijken met de normen voor nieuwbouw. Voor verwarming geld als norm 65 kWh per vierkante meter per jaar (BENG 1). In december zaten we op 50 kWh/m2/jaar. Voor alle gebouwgebonden energie minus duurzaam geproduceerde energie geldt als norm 50 kWh/m2/jaar als norm (BENG 2). We behaalden in 2023 36 kWh/m2/jaar. Tot slot geldt voor nieuwbouw dat tenminste 50% van de gebouwgebonden energie duurzaam geproduceerd moet zijn. We behaalden 52%.

    Dit laat zien dat de normen voor nieuwbouw nog steeds niet erg ambitieus zijn. Erg goede zonnepanelen hebben we niet liggen (240 Wp, terwijl de huidige zeker 50% meer opleveren). Ook hebben we met infraroodverwarming en mechanische ventilatie in combinatie met roosters niet de meest zuinige vorm van verwarming en ventilatie.

    CO2-uitstoot

    Tot slot de wil ik de vaste critici van ‘het gaat toch om CO2-reductie’ nog graag ter wille zijn. Wederom heb ik onze CO2-uitstoot op 5 verschillende manieren berekend. Onderstaande tabel geeft de uitkomsten weer.

    Tabel met co2 uitstoot van ons energiegebruik in 2023

    Zoals te zien is in de tabel is er slechts 1 methode die gemiddeld nog een kleine stijging met 4kg laat zien t.o.v. verwarmen met aardgas. Wanneer gekeken wordt naar de resultaten over 2023, dan laten alle 5 methoden een daling van onze CO2-uitstoot zien. Dus zelfs als CO2-reductie je drijfveer is dan is de door ons gekozen strategie voor verduurzaming van onze woning een overweging waard. Je kan onze vier etappen hier vinden:

  • Klimaatwetenschap uitgelegd door Kiri Pritchard-McLean

    Klimaatwetenschap is ingewikkeld en de modellen waarmee klimaatwetenschappers werken ook. Ook het taalgebruik van wetenschappers helpt niet altijd mee om het begrijpelijk en behapbaar te maken.

    In onderstaande video legt Kiri Pritchard-McLean, een komiek uit Wales, uit wat Bill McGuire, emeritus professor Geophysical & Climate Hazards aan University College London, bedoelt.

    Bill McGuire is vulcanoloog en Emeritus Professor Geophysical & Climate Hazards aan de University College London. Zijn belangrijkste interesses zijn instabiliteit en laterale instorting van vulkanen, de aard en impact van wereldwijde geofysische gebeurtenissen en het effect van klimaatverandering op geologische gevaren.

    Kiri Pritchard-McLean is de regisseur en schrijver voor de sketch groep Gein’s Family Giftshop, die in 2014 genomineerd werden voor beste nieuwkomer van de Edinburgh Comedy Award. Ze heeft ook deelgenomen aan de satirische nieuwsquiz Have I got news for you.

    Bron: Climate Science Breakthrough

  • Klimaatwetenschap uitgelegd door Jo Brand

    Klimaatwetenschap is ingewikkeld en de modellen waarmee klimaatwetenschappers werken ook. Ook het taalgebruik van wetenschappers helpt niet altijd mee om het begrijpelijk en behapbaar te maken.

    In onderstaande video legt Jo Brand, een Engelse komiek, uit wat Mark Andrew Maslin, professor of Earth system science aan University College London, bedoelt.

    Mark Andrew Maslin heeft meerdere boeken gepubliceerd over milieuonderwerpen, waaronder boeken over klimaatverandering, ecologie en het antropoceen. Zijn wetenschappelijke werk bestaat uit meer dan 175 publicaties, die volgens ResearchGate ongeveer 25.000 keer geciteerd zijn.

    Jo Brand is een Engelse komiek, actrice, presentator en schrijver. Ze heeft onder ander The Great British Bake Off: An Extra Slice gepresenteerd en opgetreden in Saturday Night Live.

    Bron: Climate Science Breakthrough

  • Klimaatwetenschap uitgelegd door Jonathan Pie

    Klimaatwetenschap is ingewikkeld en de modellen waarmee klimaatwetenschappers werken ook. Ook het taalgebruik van wetenschappers helpt niet altijd mee om het begrijpelijk en behapbaar te maken.

    In onderstaande video legt Jonathan Pie (een typetje van de Ierse komiek Andrew Doyle) in normale mensentaal uit wat Joanna Haigh, emeritus Professor atmospheric physics aan het Imperial College London, bedoelt.

    Bron: Climate Science Breakthrough

  • Klimaatwetenschapper Otto vertaald door Kumar

    Klimaatwetenschap is ingewikkeld met veel variabelen, ingewikkelde verbanden en modellen. Daarom een nieuwe reek: klimaatwetenschap in normale mensentaal. Met korte filmpjes waarin wetenschappers uitleggen wat wetenschappelijk bekend is en komieken dat vertalen in normale mensentaal.

    Of ze daarin slagen? Dat oordeel laat ik aan de kijker. Vandaag Friederike Otto uitgelegd door Nish Kumar.

    Bron: Climate Science Breakthrough

  • Automobilisten kunnen weer lunchen in Den Haag

    Extinction Rebellion (XR) stopt tot aan het kerstreces met de blokkades van de Utrechtse Baan. Dat betekent dat de toegang tot Den Haag rond lunchtijd weer ongestoord mogelijk is voor automobilisten. Al hadden de blokkades volgens de ANWB weinig verstoring voor automobilisten tot gevolg. XR heeft het besluit genomen omdat de Tweede Kamer een motie van GroenLinks en D66 heeft aangenomen waarin het demissionaire kabinet wordt gevraagd om scenario’s op te stellen voor de afbouw van de “fossiele subsidies”. De scenario’s zouden voor Kerst door het demissionaire kabinet moeten worden uitgewerkt.

    Daarmee is niet alleen het doel van Extinction Rebellion maar ook het doel van de ondertekenaars van de zogenaamde Brandbrief over het stoppen met fossiele subsidies dichterbij gekomen. De motie roept het Kabinet op om scenario’s te onderzoeken voor het afbouwen van de verschillende fossiele subsidies (op de termijn van twee, vijf en zeven jaar). Waarbij per regeling wordt aangegeven op welke manier eventuele negatieve effecten kunnen worden tegengegaan. Ook wordt gevraagd om eventuele nationale maatregelen te schetsten voor fossiele subsidies die in Europees verband vastliggen. De motie neemt ook de sociale gevolgen voor b.v. lagere inkomens mee én de positieve effecten voor circulaire en andere duurzame bedrijven. Deze bedrijven hebben nu namelijk last van concurrenten die profiteren van fossiele subsidie.

    Al met al een evenwichtige motie, die XR aangrijpt als exit voor de dagelijkse blokkade van de Utrechtse Baan. Die zijn dus voorlopig van de baan. Je kan stellen dat XR geluisterd heeft naar de kritiek van mensen als Jan Paul van Soest, je kan ook stellen dat XR strategischer opereert dan mensen vanaf de zijlijn waarnemen. In een maand tijd een onderwerp breed op de agenda krijgen, plus een meerderheid van de Nederlanders die het met je eens is (al is een groot deel het oneens met de methode) en een Kamermeerderheid voor een motie die tegemoet komt aan je wensen. Er zijn betaalde lobbyisten die minder voor elkaar krijgen…

    Het maken van keuzes over de afbouw van de verschillende fossiele subsidies is aan het nieuwe Kabinet en de nieuwe Tweede Kamer. Wat de samenstelling daarvan gaat zijn beslissen we samen op 22 november.

    Dit bericht is eerder gepubliceerd op Sargasso.

  • Wereldwijde CO2-emissies van elektriciteitssector naderen piek

    Deze week werden de nieuwe KNMI klimaatscenario’s aan demissionair minister Harbers van Infrastructuur en Waterstaat overhandigd. Die geven de bandbreedte aan waarbinnen het Nederlandse klimaat zich waarschijnlijk zal ontwikkelen, o.a. afhankelijk van de mondiale uitstoot van broeikasgassen. Ruwweg is de uitkomst: winters worden natter en zomers worden droger. De mate waarin hangt af van de hoogte van de wereldwijde CO2-uitstoot. Een meer gedegen stuk hierover vind je bij het weblog klimaatverandering.

    Het is niet alleen treurnis, gelukkig blijkt dat de combinatie van klimaatbeleid en marktinitiatieven wel degelijk werkt. De piek in de wereldwijde emissies van de elektriciteitssector is volgens Ember namelijk nabij. Ook ligt de groei van wind- en zonne-energie bijna op het niveau dat volgens de net zero roadmap van het Internationaal Energie Agentschap nodig is om op schema te blijven voor 1,5 graden Celsius. Daarvoor zou de gecombineerde aandeel van wind- en zonne-energie moeten groeien van 12% in 2022 naar 40% in 2030. Daarvoor is een jaarlijkse groei van 26% in zonne-energie nodig en een jaarlijkse groei van 16% voor windenergie. In 2022 was de jaar-op-jaar groei 25% voor zonne-energie en 14% voor windenergie. Om op koers te blijven voor het  1,5 graden scenario moeten landen wel zorgen dat de groei van wind- en zonne-energie de komende jaren doorzet.

    Ontwikkeling wereldwijde elektriciteitsproductie
    Ontwikkeling wereldwijde elektriciteitsproductie

    Nederland

    Op Prinsjesdag publiceerde PBL het eerste deel van de Klimaat en Energieverkenning 2023. Daaruit bleek dat het demissionaire-kabinet met de plannen in de Voorjaarsnota Klimaat een belangrijke stap vooruit zet op weg naar realisatie van 55 procent minder broeikasgasuitstoot in 2030, vergeleken met 1990. Volgens PBL is een reductie van 46 tot 57 procent mogelijk. Maar om de bovenkant van deze bandbreedte aan te tikken en dus het doel te halen moet alles meezitten, ook niet-stuurbare factoren zoals weer en elektriciteitsimport. De cijfers voor energiebesparing en hernieuwbare energie publiceert PBL op 26 oktober.

    Dit bericht is eerder gepubliceerd op Sargasso.