(bijna) een jaar met infraroodverwarming

In maart 2019 hebben we de infraroodverwarming van ThermIQ laten installeren. Inmiddels verwarmen we ons huis er op een haar na een jaar mee. Tijd voor een evaluatie en om te kijken wat er van de verwachtingen met betrekking tot energiebesparing terecht is gekomen.

Verwachtingen voor installatie

Om terug te halen: de verwachting op basis van de gegevens van ThermIQ, onze leverancier van infraroodverwarming, was dat we tenminste 1/3 op ons energieverbruik voor verwarming zouden besparen. Op basis van een langjarig gemiddeld energieverbruik voor verwarming van 5.592 kWh per standaard stookjaar met 2.790 graaddagen per jaar betekent dit een besparing van 1.864 kWh per jaar. Waarmee het verwachte elektriciteitsverbruik op 3.728 kWh komt. In november was het verwachte verbruik in een standaardjaar gedaald naar 3.600 kWh. De eerlijkheid gebied te zeggen dat ik bij de eerste berekeningen in 2015 nog uitging van een veel groter besparingspotentieel van infraroodverwarming, waarmee het elektriciteitsverbruik voor verwarming rond de 1.600 kWh zou liggen.

De verwachting op basis van de COP = 1 politie was dat er hooguit 15% besparing zou zijn door aanpassing van stookgedrag, of 24% energiebesparing als ik uitga van CE’s CEGOIA model.

Installatie en investeringskosten

We hebben in totaal 8 infraroodpanelen in ons huis. 6 stuks van 1.100 Watt en 2 van 550 Watt, in totaal 7.700 Watt. Deze vervangen onze Remeha Calenta CW5 met een vermogen van 6.600 tot 31.200 Watt, waarbij het piekvermogen van de cv-ketel vooral voor warm water bedoeld is.

De infraroodpanelen worden aangestuurd via de BeNext app. Daarmee zijn ook de maximale vermogens per infraroodpaneel in te stellen.

De totale kosten voor het plaatsen van 8 infraroodpanelen in ons huis, inclusief installatie en aanpassing van de elektriciteitsmeter bedragen ongeveer Euro 8.700,-

Ervaringen comfort

Tot nu toe zijn de ervaringen met de infraroodverwarming positief. De warmte is aangenaam en de infraroodpanelen weten het huis goed warm te houden. Net als bij een hr-ketel heeft het systeem een halve graad temperatuurschommeling. Bij het uitschakelen van het systeem en het afkoelen valt het wel op dat het comfort sterk daalt als de temperatuur 0,4 graden gedaald is. Een zelfmodulerend systeem dat de stralingssterkte automatisch verlaagd als de gewenste temperatuur is bereikt en een kleinere temperatuurschommeling zouden het comfort sterk kunnen verbeteren. Nu zet ik de panelen handmatig weer aan als de temperatuur met 0,3 tot 0,4 graden gedaald is.

Ervaringen gebruiksgemak

De aansturing van de panelen gebeurd bij ons thuis via BeNext. Een verbetering tegenover de oude klokthermostaat die we in de badkamer gebruikte. Wat ook een verbetering is is dat we de temperatuur met infraroodverwarming per ruimte kunnen regelen. Zeker nu de kinderen wat groter worden en ook op hun kamer willen spelen is dat een vooruitgang.

De infraroodpanelen reageren vlot, wat betekent dat we de basistemperatuur op de slaapkamers laag kunnen houden (15 graden). Door de grote mate van straling in de warmtemix is het binnen 10 tot 15 minuten comfortabel op de kinderkamers. Het verwarmen van de werkkamer op zolder vergt met 15 tot 30 minuten wat meer tijd voordat het comfortabel is.

Het bedienen van BeNext vergt wel wat ontdekken en uitproberen. De panelen worden standaard enkel 100% aangeschakeld op het moment dat een ruimte verwarmd moet worden. Dat is in ons geval, behalve bij stevige vorst, veel te veel straling om comfortabel te zijn. Het is ook veel te veel warmte als het gaat om vorstbeveiliging in een ruimte. Naast het instellen van de klokthermostaat per ruimte met de gewenste temperatuur heb ik daarom ook regels aangemaakt waarmee de verschillende infraroodpanelen een ingestelde stralingssterkte krijgen die varieert per ruimte. ’s nachts gaan ze niet harder dan 20% aan, in de ochtend gaan de keuken en de eethoek op 50% aan en de zithoek in de woonkamer slechts 30%. Bij het avondeten staan alle hoeken op 50%, ’s avonds laat gaat de zithoek wat hoger naar 70% en de keuken en de eethoek naar 40%.

Energieverbruik verwarming

Het energieverbruik voor verwarming (ongecorrigeerd voor de temperatuur) is de afgelopen 12 maanden op 3.000 kWh uitgekomen. Deels wordt dit veroorzaakt door de warme winter, of moet ik zeggen de koude herfst? Het verbruik per graaddag ligt deze winter echter ook aanzienlijk lager dan eerdere jaren. Ons voortschrijdend gemiddeld energieverbruik per graaddag over een periode van 12 maanden toont vanaf het moment van installeren in maart 2019 een duidelijk knik naar beneden, tijdelijk onderbroken door de zomermaanden. Zoals te zien in onderstaande grafiek.

De grafiek laat goed zien dat het energieverbruik per graaddag deze winter aanzienlijk lager ligt dan eerdere jaren. Ons energieverbruik per graaddag is met 44% gedaald ten opzichte van het gemiddelde over de periode 2011-2018. Als ik geen rekening hou met 2013, vanwege het hogere stookgedrag in de eerste helft van dat jaar, is het energieverbruik per graaddag nog steeds met 41% gedaald. Dat is meer dan de 33% die ThermIQ had opgegeven, en beduidend meer dan de 15 tot 24% waar de COP = 1 politie mee rekent.

Waarbij ik ook meteen de illusie kan wegnemen dat ons stookgedrag is gewijzigd: de gemiddelde temperatuur in onze woonkamer is gelijkgebleven na de overstap naar infraroodverwarming. Infraroodverwarming verwarmt objecten, en pas indirect de lucht. Daarmee zou een lagere luchttemperatuur mogelijk moeten zijn bij hetzelfde comfortniveau. Tot op heden is daar bij ons niks van gebleken. Ik heb het een paar keer geprobeerd, maar de dames hebben het meteen door en klagen over gebrek aan comfort bij een lagere luchttemperatuur.

Wanneer ik het energieverbruik voor verwarming omzet naar een standaardjaar met 2.790 graaddagen per jaar ligt het energieverbruik flink lager dan in voorgaande jaren, zoals in bovenstaande grafiek te zien is. Van gemiddeld 6.050 kWh in de periode 2011-2018, of 5.5.92 kWh als ik 2013 niet meereken, is het het energieverbruik in een standaardjaar gedaald naar 3.400 kWh. Een daling van respectievelijk 44% of 39%.

Dat is ook een stuk lager dan CE’s CEGOIA model verwacht. Het CEGOIA model gaat voor een C-label woning uit van 1.360 m3 aardgas (oftewel 12.775 kWh) bij verwarming met een hr-ketel en 9.850 kWh elektriciteit als gekozen wordt voor infraroodverwarming. In de praktijk verbruik ik veel minder aardgas in onze label C woning. Daarom heb ik gekeken naar hoeveel elektriciteit we voor verwarming zouden gebruiken uitgaande van de 24% besparing ten opzichte van de hr-ketel, waar het CEGOIA model mee rekent.

De lijn Cegoia en langjarig gas geeft aan wat het verwachte elektriciteitsverbruik van infraroodverwarming is als ik afga op 24% besparing ten opzichte van ons gasverbruik. De verwachting is dan dat ik 4.600 kWh elektriciteit voor verwarming verbruik. Daar zitten we onder. De lijn verwachting CEGOIA geeft aan hoeveel elektriciteit we verbruiken uitgaande van 24% energiebesparing ten opzichte van het jaarverbruik in de periode maart 2018 tot en met februari 2019. Ook daar zitten we onder.

Stookkosten

Een ander belangrijk punt bij het overstappen naar een andere verwarmingsbron zijn de kosten. Teruggerekend naar een standaardjaar zouden onze stookkosten tegen de huidige gasprijs zo’n 480 Euro bedragen. Verwarmen met infraroodverwarming blijkt, ondanks mijn eerste indruk vorig jaar, met 830 Euro toch 350 Euro duurder. Iets wat nog niet terug te zien is in mijn energierekening van vorig jaar. Dat zou kunnen liggen aan de warmere winter, aan de andere kant was de teruggave energiebelasting vorig jaar lager dan voorgaande jaren.

Screenshot_20200314-234931_Greenchoice

Het grootste deel van de stijging van de verwarmingskosten is overigens goed te maken wanneer de aardgasaansluiting er af kan, dat scheelt 246 Euro per jaar aan netwerkkosten en 70 Euro aan vaste leveringskosten. Een ander deel zal de komende jaren dalen wanneer de gasprijs stijgt, al scheelt dat de komende 6 jaar jaarlijks slechts 5 Euro per jaar. De daling van de energiebelasting op elektriciteit zal het verschil nog wat verder verkleinen.

Thuisbaas heeft vorig jaar een onderzoek gedaan naar het energieverbruik van verschillende woningen die ze met infraroodverwarming hebben uitgerust. Daaruit komt naar voren dat 12 van de 14 bewoners de energierekening hebben weten te verlagen. Het is dus wel degelijk mogelijk om de energierekening te verlagen met infraroodverwarming.

CO2 emissie

Een laatste niet onbelangrijk punt is hoe onze CO2 uitstoot zich ontwikkelt heeft. In de periode 2011-2018 was onze CO2 uitstoot als gevolg van verwarming zo’n 1 ton per jaar. In 2019 zijn we overgestapt op infraroodverwarming. De vraag is natuurlijk of onze CO2 uitstoot daarmee gedaald of gestegen is, want daar doen we het tenslotte toch voor?

Nu kun je grofweg op twee manieren rekenen met CO2 emissies en elektriciteit. Je kan uitgaan van de netgemiddelde CO2 uitstoot per kWh of van de CO2 emissie van de stroom die je afneemt. In ons geval zijn we klant bij GreenChoice, waar we een stroommix afgnemen met 27% biogas.

In 2019 lag onze CO2 uitstoot voor verwarming op 0,5 ton CO2 als je uitgaat van de elektriciteitsmix die we afnemen. Als je uitgaat van de gemiddelde CO2 factor van het Nederlands elektriciteitsnet komen we uit op een CO2 uitstoot van 1,1 ton CO2. Oftewel uitgaande van de mix die we afnemen van het elektriciteitsbedrijf is onze CO2 emissie gehalveerd. Uitgaande van de netgemiddelde CO2 uitstoot per kWh is onze CO2 uitstoot zo’n 10% gestegen.

In 2020 zal onze CO2 uitstoot van verwarming naar verwachting ten opzichte van 2019, doordat ons gasverbruik in 2020 lager zal zijn dan in 2019. Dit wordt namelijk het eerste kalenderjaar waarin we de cv-ketel niet voor verwarming inzetten.

Anders dan bij aardgas wordt het elektriciteitsverbruik de komende jaren verder vergroend, er van uitgaande dat de plannen uit het nationaal klimaatakkoord uitgevoerd worden. Daardoor zal de CO2 emissie van onze infraroodverwarming de komende jaren dalen.

Energieverbruik en -productie december 2019

Januari, dus tijd om de balans op te maken over ons energieverbruik en onze energieproductie in december 2019. Oersaai, maar heerlijk om het jaar mee te beginnen. Te beginnen met het overzicht van de kengetallen van december om daarna door te kijken naar ons bruto energieverbruik en de verwarming.

Wat (alles in kWh)20182019verschil
Ruimteverwarming898442-51%
Warm water20224421%
Apparaten339227-33%
Verbruik/graaddag2,371,11-53%
Gasverbruik1089244-78%
Elektriciteitsafname339683101%
Teruglevering14
Elektriciteitsverbruik33966997%
Zonnepanelen354837%
Zonnedelen84-50%
Winddelen153113-26%
Zonneboiler100-100%
Totaal opwekking206165-20%
Netto elektriciteitsverbruik143504252%

Het energieverbruik voor verwarming en apparaten ligt dit jaar fors lager dan vorig jaar. Ook het gasverbruik is behoorlijk gedaald, door onze overstap naar infraroodverwarming. Dat heeft wel gezorgd voor een stijging van ons elektriciteitsverbruik. Per saldo hebben we in december 504 kWh elektriciteit meer verbruikt dan dat we hebben geproduceerd. Onze zonnepanelen hebben het beter gedaan dan in 2018. Onze winddelen, zonnedelen en zonneboiler hebben minder energie opgewekt dan in december 2018. Op jaarbasis verbruiken we inmiddels bijna 1.400 kWh meer elektriciteit dan we zelf opwekken met onze winddelen, zonnedelen en zonnepanelen.

Bruto energieverbruik

Door het lagere energieverbruik in december is ons bruto energieverbruik voor het eerst sinds 2011 onder de 10.000 kWh per jaar uitgekomen. Daarmee ligt ons bruto energieverbruik 1.600 kWh lager dan gemiddeld in de periode 2011-2018, waarbij ik 2013 buiten beschouwing laat. Dat was namelijk een jaar waarin we uitzonderlijk fors hebben gestookt. Ons bruto energieverbruik is daarmee 14% lager uitgekomen dan het gemiddelde over de periode 2011-2018.

Wanneer ik kijk naar de verdeling van ons energieverbruik dan ligt vooral het energieverbruik van onze verwarming veel lager dan in eerdere decembermaanden. Het energieverbruik voor warm water en elektrische apparaten is niet heel veel veranderd.

Onze energievraag op jaarbasis voor warm water en elektrische apparaten is behoorlijk constant. De vraag voor verwarming is wel gedaald. Waarmee het totaal onder de 10.000 kWh op jaarbasis is uitgekomen. Een daling die in maart 2019 al werd ingezet.

Doordat ons energieverbruik voor verwarming afneemt neemt ook het aandeel van verwarming in ons energieverbruik af. Het ligt inmiddels op het laagste niveau met een aandeel van 42%.

In december 2019 bestond ons energieverbruik voor ongeveer tweederde uit elektriciteit. Het resterende deel werd geleverd door aardgas. Een volledige omdraaiing van ons normale patroon, aangezien we in voorgaande jaren in december ruim 75% van onze energiebehoefte uit aardgas haalden.

Wanneer ik kijk naar het aandeel gas in ons bruto energieverbruik dan is dat in december op jaarbasis gedaald naar minder dan 40% van ons energieverbruik. Onze zonneboiler levert nog steeds zo’n 10% van ons energieverbruik. Elektriciteit heeft op jaarbasis voor het eerst sinds we hier in 2011 zijn komen wonen meer dan 50% van onze energie geleverd. Ons bruto energieverbruik is in 2019 voor het eerst sinds we hier wonen onder de 10.000 kWh uitgekomen.

Bron energieverbruik

Een andere manier om naar ons energieverbruik te kijken is door het te verdelen in de verschillende vormen van energieproductie. Waarbij we twee vormen van energie inkopen: aardgas en elektriciteit. Sinds 2013 leveren we in de zomer meer elektriciteit terug dan we verbruiken. Ook ligt ons gasverbruik buiten het stookseizoen al sinds 2011 bijna op nul. Wat in 2019 is verandert is dat ook het gasverbruik in de winter fors gedaald is, doordat we overgeschakeld zijn op infraroodverwarming. De inkoop van groene stroom is daardoor wel gestegen.

Op jaarbasis bestaat ons energie nog steeds voor een groot deel uit aardgas. Al neemt het verbruik wel fors af en is het gedaald naar minder dan 400 m3 gas per jaar, in 2018 was dit nog ruim 700 m3 aardgas. Komend jaar verwacht ik dat het gasverbruik daalt tot onder de 200 m3 aardgas en als de verwarming de rest van het stookseizoen goed doorstaat gaat in 2021 het gas er volledig af.

Het aandeel inkoop van elektriciteit is afgelopen jaar opgelopen en het aandeel aardgas gedaald. Het aandeel gas ligt nu onder de dan 40%. De belangrijkste bron voor energie na aardgas zijn onze zonnepanelen, deze leveren ongeveer 20% van ons jaarlijks energieverbruik. Momenteel kopen we zo’n 15% van onze energie in de vorm van groene stroom. Gevolgd door onze zonneboiler en winddelen met ieder 11% van ons energieverbruik.

Op jaarbasis ligt ons bruto energieverbruik over heel 2019 18% lager dan gemiddeld in de periode 2011-2018. Als ik 2013 buiten beschouwing laat resteert een besparing van 14%, oftewel 1.600 kWh. De daling zit vooral bij de verwarming. De daling van het elektriciteitsverbruik door apparaten wordt voornamelijk bepaald doordat het infraroodpaneel in de badkamer sinds maart meetelt als verwarming. Deze zat voor de installatie van de aansturingssoftware van BeNext verstopt onder elektrische apparatuur.

Energieproductie

Onze energieproductie lag met 4.500 kWh 6% lager dan in 2018. Wederom haalde onze winddelen niet de beoogde productie van 1.500 kWh per jaar. Ook de energieproductie van onze zonnepanelen en zonnedelen lag lager dan in 2018. Alleen de zonneboiler presteerde iets beter dan in 2018.

Doordat ons bruto energieverbruik gedaald is is het aandeel zelf opgewekte energie wel gestegen. We zijn hard op weg naar de 50%, wat ik verwacht te kunnen halen zonder extra zonnepanelen, zonnedelen of winddelen. Puur door de energiebesparing ten gevolge van de overschakeling op infraroodverwarming.

Verwarming

In december zijn we een aantal dagen langer weg geweest dan voorgaande jaren. Dat heeft uiteraard effect gehad op ons energieverbruik. We hebben vooral minder hoeven verwarmen. Als ik hiervoor corrigeer komt het energieverbruik voor verwarming in december uit op 1,65 kWh/graaddag. Dat is 30% lager dan ons energieverbruik voor verwarming in 2018. En ook lager dan we sinds 2011 in ons huis hebben weten te bereiken. De enige verandering ten opzichte van december 2018: infraroodverwarming van ThermIQ.

Ook over heel 2019 ligt ons energieverbruik per graaddag voor verwarming lager dan in eerdere jaren. Al is het verschil minder groot dan in december, omdat we de infraroodpanelen pas in de loop van maart hebben laten installeren. In 2020 verwacht ik daarom dat ons cumulatief energieverbruik voor verwarming, uitgedrukt in kilowattuur per graaddag, lager zal liggen dan in 2019.

Wanneer ik het energieverbruik voor verwarming corrigeer voor onze afwezigheid rond kerst zouden we in december 657 kWh hebben verbruikt voor verwarming. Dat is 27% lager dan de 898 kilowattuur uit december 2018. Daarmee hebben we in 2019 nipt een zuinigheidsrecord gezet met 4.211 kWh, waarmee we zuiniger zijn geweest dan de 4.400 kWh uit 2014. Waarbij de verschillende jaren niet gecorrigeerd zijn voor het aantal graaddagen.

Wanneer ik wel corrigeer voor het aantal graaddagen en de verschillende jaren terug reken naar een standaardjaar met 2802 graaddagen dan wordt het verschil groter. 2019 blijft het meest zuinige jaar met 4.580 kWh, 2014 volgt dan echter op 5.256 kWh. Een verschil van ruim 650 kWh.

Als ik niet corrigeer voor onze afwezigheid rond kerst komt het energieverbruik voor verwarming in december nog lager uit dan in voorgaande jaren. Het energieverbruik per graaddag ligt in december dan zelfs wat lager dan in november. En ook het gemiddeld energieverbruik per graaddag over de afgelopen 12 maanden laat een duidelijke daling zien. Januari wordt wat dat betreft de echte testcase, want lager dan 2,5 kWh/graaddag is me in een januarimaand nog nooit gelukt.

Het totale energieverbruik voor verwarming in een standaardjaar ligt inmiddels onder het de energiebesparing waar het Vesteda model van CE Delft mee rekent voor infraroodverwarming. Zowel als ik uitga van ons energieverbruik op jaarbasis in januari 2019 als wanneer ik uitga van ons langjarig gemiddelde energieverbruik voor verwarming. Naar het totale energieverbruik uit het Vesteda model kijk ik niet eens, voor een c-label woning rekent dat model met een energieverbruik voor aardgas van 12.827 kWh en voor infraroodverwarming met 9.890 kWh. Verbruiken die ik in onze c-label woning nooit en te nimmer heb weten te behalen.

Onze verwarmingskosten zijn in december wel gestegen, ondanks de energiebesparing die onze infraroodpanelen opleveren. Dat komt doordat elektriciteit in Nederland relatief zwaar wordt belast t.o.v. aardgas. De energiebelasting plus opslag duurzame energie bedragen voor gas omgerekend zo’n 4 Eurocent per kilowattuur. Voor elektriciteit is dit 12,5 Eurocent per kilowattuur.

Al met al zijn onze verwarmingskosten met Euro 188 gestegen ten opzichte van onze gemiddelde verwarmingskosten in 2011-2018. Waarbij alle verbruiken omgerekend zijn tegen de tarieven van 2020. Die stijging zal in 2020 nog wel doorzetten, tenzij we extra energiebesparende maatregelen gaan nemen. Wat zomaar zou kunnen.

Variabele energiekosten 2019

Het hoeft weinig verrassing te wekken dat onze variabele gasrekening in 2019 fors lager lag dan voorgaande jaren. Voor in november en december is het verschil goed zichtbaar. In de eerste maanden van het jaar was het verschil nog gering. De infraroodpanelen van ThermIQ zijn pas in maart geïnstalleerd. Onze gasrekening ligt ongeveer 200 Euro lager dan in 2018.

Onze elektriciteitskosten zijn gestegen met 375 Euro, dat komt door de overschakeling op infraroodverwarming. Die stijging is echter een stuk minder dan verwacht op basis van de COP=1 politie, die een stijging van ruim 600 voorspelden. Als ik rekening hou met de 24% energiebesparing waar CE Delft mee rekent in het Vesteda model en waar ook DWA mee rekent dan komt onze elektriciteitsrekening nog steeds 60 Euro lager uit dan verwacht.

Onze totale variabele energiekosten zijn met 180 Euro gestegen ten opzicht van 2018. Ten opzichte van de verwachte energiekosten bij gebruik van de hr-ketel zijn de variabele energiekosten in 2019 met Euro 160 gestegen.

Als ik de variabele energiekosten van de verschillende jaren omreken naar de tarieven voor 2020 dan is onze gasrekening in 2020 beduidend lager dan voorgaande jaren. Al vanaf maart liggen de kosten lager dan eerdere jaren.

Onze variabele elektriciteitskosten zijn in 2019 hoger dan in voorgaande jaren.

De totale variabele energiekosten lagen in 2019 ook bij gebruik van het tarief van 2020 hoger dan voorgaande jaren. Enkel in 2011, 2012 en 2013 lagen de energiekosten hoger. Ten opzichte van de gemiddelde energiekosten in de periode 2014-2018 komen onze variabele energiekosten over 2019 110 Euro hoger uit. Dat is een stijging van 15% ten opzichte van onze gemiddelde variabele energiekosten in de periode 2014-201.

Infrarood de kritiek

Twee weken geleden publiceerde ik een stuk waarin ik de energiekosten sinds het installeren van de infraroodpanelen van ThermIQ vergeleek met de kosten van stoken met een HR-ketel. Dat leidde tot nogal wat commentaar. Daarom hierbij een stukje verduidelijking en verheldering. Te beginnen met een stukje duiding van onze situatie. Op LinkedIn enTwitter vliegen me daarover namelijk behoorlijk wat aannames om de oren.

Beschrijving van ons huis en ons stookgedrag

We wonen met 2 volwassenen en 2 kinderen in een tussenwoning van 119 m2 met energielabel C, bouwjaar 1991. We stoken de woonkamer tot 20 graden Celsius, de badkamer verwarmen we ongeveer twee uur per dag. In de badkamer zit sinds 2014 een infraroodpaneel voor de verwarming. De rest van het huis staat ingesteld op 15 graden Celsius. Ons gasverbruik vanaf 2014 is dus nagenoeg volledig veroorzaakt door verwarming van de huiskamer en door warm water.

We hebben de afgelopen jaren al een hele reeks maatregelen genomen. We hebben een zonneboiler, zonnepanelen, Winddelen, zonnedelen, kozijnen op zoalder aan de zuid-zijde vervangen, isolatie op de aanvoer leidingen aangebracht, radiatorfolie achter de radiatoren aangebracht, radiatoren zijn voorzien van klokthermostaten, alles naar led en halogeen verlichting overgezet, tochtstrips aanbrengen, etc. Een volledig overzicht vind je hier.

In maart 2019 hebben we infraroodpanelen laten installeren in de woonkamer, de hal, 2 slaapkamers en op zolder. In de woonkamer is de instelling weer 20 graden. Ik heb 18 en 19 graden Celsius geprobeerd, maar dat leverde binnen 2 dagen klachten over gebrek aan comfort van de 3 andere huisbewoners op. Het idee van een lagere luchttemperatuur heb ik daarmee voorlopig laten varen. De gemiddelde luchttemperatuur in de woonkamer in maart en april 2019 week ook nagenoeg niet af van de gemiddelde luchttemperatuur in dezelfde periode in 2018 (0,1 tot 0,2 graden Celsius).

De infraroodpanelen zijn, met uitzondering van de badkamer, traploos instelbaar in intensiteit tussen de 0 en de 100%. De panelen in de woonkamer schakelen gelijktijdig aan en uit en staan alle 3 op nagenoeg dezelfde intensiteit, waardoor de woonkamer egaal verwarmd wordt.

Ons huis kent een aantal comfortklachten. In de huiskamer worden deze niet zozeer veroorzaakt door de roosters in de schuifpui, als wel door de koudeval van de aluminium schuifpui zelf en door de kou die aan de voorkant via de vloer het huis in trekt. De radiatoren zijn vrij krap bemeten voor de woonkamer en weten de koudeval bij de schuifpui niet te compenseren of voorkomen. Het is niet mijn verwachting dat deze comfortklachten weg zijn door de infraroodverwarming, het is wel mijn hoop dat ze gelijk blijven of van karakter veranderen.

De kinderen vinden in de winter hun kamer te koud om in te spelen en hun bed (te) koud als ze naar bed gaan. Dit hebben we niet kunnen verhelpen met individuele klokthermostaten, de hoop is dat de infraroodpanelen dit comfortprobleem wel weg gaan nemen. Dat zal wel extra energie gaan kosten.

Eerst energievraag verminderen

In onze C-label woning hebben we de afgelopen jaren de volgende hoeveelheden gas verbruikt voor verwarming, waarbij ik het gas heb omgezet naar een standaardwoning van 120 m2 en gecorrigeerd naar 2.802 graaddagen. Dat is het gemiddeld aantal graaddagen per jaar voor De Bilt in de periode 2000-2018. Ter vergelijking het gemiddeld gasverbruik voor een C-label woning volgens de Vesta MAIS infobladen van CE. Ik heb in de informatiebladen niet kunnen vinden met hoeveel graaddagen Vesta Mais werkt, dus mocht 2.802 niet kloppen dan hoor ik dat graag, dan pas ik de berekeningen aan.

JaarVerwarming in kWhReductie t.o.v. Vesta Mais
Vesta Mais13.4860%
20115.682-58%
20126.368-53%
20138.942-34%
20145.256-61%
20155.258-61%
20165.667-58%
20175.291-61%
20185.979-56%
Gem. 2011-20186.055-55%
Gem. excl. 20135.643-58%
Gem. 2014-20185.490-59%

In mijn eerdere bericht heb ik er voor gekozen om uit te gaan van het gemiddeld gasverbruik voor verwarming in de periode 2014-2018. In bovenstaande tabel is te zien dat dat de meest gunstige is voor de HR-ketel, het gasverbruik voor verwarming is in deze periode namelijk gemiddeld het laagst. Het laat ook zien de stelling dat ik eerst had moeten kijken naar naar vraagreductie wat kort door de bocht is. Ten opzichte van het gemiddelde modelverbruik volgens Vesta Mais ligt ons verbruik gemiddeld al ruim de helft lager.

Waarmee ik niet wil zeggen dat er geen ruimte is of was voor verdere verlaging. In het 7 puntenplan om afscheid te nemen van de helft van je gasrekening van Lars Boelen staat 1 maatregel die enkel effect heeft op de hr-ketel en niet op de warmtevraag van andere verwarmingsbronnen: cv-tunen. Verwacht effect: 15-20% besparing op gasverbruik voor verwarming. Dat betekent in ons geval 824-1098 kWh besparing. Waarbij ik twijfel of het volle potentieel haalbaar is vanwege het formaat van de radiatoren in de huiskamer, die aan de kleine kant zijn. Op koude dagen (vorst of tegen de vorst aan) is het al jaren lastig om onze huiskamer behaaglijk te krijgen met de cv-ketel. Ofwel het is koud ofwel het is benauwd.

Alle andere maatregelen uit het 7 puntenplan van Lars Boelen hebben naar mijn mening ook effect op de warmtevraag als een andere verwarmingsbron dan een HR-ketel wordt gekozen. Mocht ik dat verkeerd zien, dan hoor ik dat graag in de commentaren.

Nu hebben modellen zo hun beperking, dus het lijkt me zinnig om te kijken hoe ons gasverbruik zich verhoudt tot de gaslevering aan vergelijkbare woningen in dezelfde periode. Bij het CBS zijn deze data te vinden voor de periode 2012-2017. Waarbij ik ons verbruik vergelijk met tussenwoningen, bouwjaar 1975-1992, met 100-150m2 vloeroppervlak en energielabel C. Dat levert onderstaande tabel op voor gaslevering per m2:

JaarHuis werkelijkGemiddelde5e percentiel
201155,6

201265,7112,367,4
201393,7113,368,4
201449,5102,660,6
201552,7100,659,6
201657,8101,659,6
201754,0101,660,6
201858,4
Verschil
Gem 2011-201860,9105,3-42%
Gem excl 201356,2103,7-46%
Gem 2014-201854,5101,6-46%

In bovenstaande tabel is dus niet gecorrigeerd voor graaddagen en is ook niet gekeken naar gaslevering voor ruimteverwarming of voor warm water, maar is enkel gekeken naar de werkelijk gaslevering van het net aan woningen. Waarbij de levering is omgerekend naar kWH/m2 vloeroppervlakte.

Bovenstaande tabel laat goed zien dat we ook dan onder het gemiddelde gasverbruik zitten. Op 2013 na behoren zitten we bij het 5e percentiel, oftewel de zuinigste stokers. De stelling ga eerst eens je gasverbruik verminderen is dus een beetje kort door de bocht.

Wanneer ik het gasverbruik op deze wijze bekijk is de periode 2014-2018 gemiddeld wederom onze zuinigste periode, dus de meest ongunstige voor infraroodpanelen om mee vergeleken te worden.

Je hebt geen jaargegevens en graaddagen ontbreken

Ik heb inderdaad nog geen gegevens voor een volledig jaar of stookseizoen van mijn eigen woning, een terecht kritiekpunt van sommige reacties. Daar staat tegenover dat ik bij mijn keuze voor infraroodverwarming niet over één nacht ijs ben gegaan. Ik heb praktijkgegevens van meerdere woningen over meerdere stookseizoenen. Gemiddeld laten deze woningen 35% minder energieverbruik voor verwarming zien t.o.v. een hr-ketel op aardgas. Maart en april 2019 waren warmer dan gemiddeld, daar is in de analyse voor gecorrigeerd m.b.v. graaddagen.

2019 was een zonniger jaar, dus je hebt minder kosten dan in 2018

Op zich was deze al ondervangen, doordat ik in mijn vorige bericht de kosten voor 2019 vergeleek, waarbij de opbrengst van zonnepanelen, zonneboiler en winddelen niet verandert door de keuze voor een andere verwarmingsbron. Voor de werkelijke kosten ben ik daarbij uitgegaan van de werkelijke verbruiken en opwekking, zoals ik die hier al had vermeld. Voor het gemak herhaal ik de getallen hieronder.

Wat20182019verschil
Ruimteverwarming261167-36%
Verbruik/graaddag1,810,95-48%
Elektriciteitsafname281593111%
Elektriciteitsverbruik28141347%
Zonnepanelen21227831%
Zonnedelen1912-37%
Winddelen9452-45%
Zonneboiler1511627%
Totaal opwekking4775046%
Netto elektriciteitsverbruik-4471-260%

Bovenstaande tabel laat zien dat de zonnepanelen in april 2019 inderdaad meer hebben opgewekt dan in april 2018. Terwijl de zonnedelen en winddelen minder hebben opgeleverd en de zonneboiler juist wat meer heeft opgeleverd. Voor de vergelijking van de energiekosten tot en met april 2019 maakt dat niet uit. De verschillen in opwekking zijn namelijk in alle 3 de berekeningen voor 2019 meegenomen. Voor de werkelijke kosten vrij simpel door naar de werkelijke verbruiken en opwekking tot en met april te kijken. De kosten zijn dus niet vergeleken met 2018.

Voor de kosten met hr-ketel heb ik het elektriciteitsverbruik en gasverbruik gecorrigeerd voor het energieverbruik t.g.v. verwarming. Voor verwarming m.b.v. infrarood ben uitgegaan van de verbruikscijfers uit het BeNext systeem. Om het gasverbruik met een hr-ketel te berekenen ben ik uitgegaan van het gemiddeld aantal kilowattuur dat we in maart en april in de periode 2014-2018 hebben verbruikt per graadddag met onze hr-ketel. Het verbruik is dan gelijk aan het aantal graaddagen keer het gemiddeld aantal kWh/graadag. Vermenigvuldig dit met de prijs van aardgas en je hebt de stookkosten met hr-ketel. Tel deze op bij de energiekosten en trek er de verwarmingskosten met infrarood vanaf en je hebt een inschatting van de energiekosten als we niet over zouden zijn gestapt van een hr-ketel naar infraroodverwarming.

Omgerekend naar een standaardjaar tegen de tarieven van 2019 geeft dat onderstaand beeld. Waarbij de kosten wel gestegen zijn ten opzichte van verwarmen met een hr-ketel, maar zeker niet zo veel als ik zou verwachten op basis van COP = 1.

Voor de hypothese COP =1 ben ik ervan uitgegaan dat elke kWh die de hr-ketel een op een vervangen wordt door een kWh elektriciteit. Als die een onjuiste weergave is van wat energie-experts met hun stelling COP = 1 bedoelen dan daag ik ze uit om een toetsbare hypothese achter te laten in de reacties.

Energiekosten zijn ongeschikt om de COP uit te rekenen

Een volledig terecht punt. Mijn werkhypothese, die ik al een paar maanden herhaal hier is dat met COP = 1 bedoelt wordt dat infraroodverwarming geen energie bespaart, zoals een warmtepomp dat wel doet. Een warmtepomp maakt m.b.v. een eenheid elektrische energie meerdere eenheden warmte, vaak uitgedrukt in de COP. Bij een COP van 5 zouden we onze warmtebehoefte van gemiddelde 5.400 kWh kunnen leveren met iets meer dan 1.000 kWh elektriciteit. Bij een COP van 1 is er 5.400 kWh elektriciteit nodig om 5.400 kWh warmte te leveren. Bij een elektrische COP = 1 verwarming verwacht ik dus dat mijn elektriciteitsverbruik op jaarbasis met die hoeveelheid toeneemt. Als ik dat verkeerd verwacht dan hoor ik graag hoe de hypothese dan zou moeten luiden.

Bij de hypothese COP = 1 verwacht ik echter dat ons energieverbruik voor ruimteverwarming vergeleken met een standaardjaar niet tot nauwelijks verandert. Ook betekent het dat ik verwacht dat de variabele energiekosten stijgen, want een kilowattuur elektriciteit is 3 keer zo duur als een kWh gas. Nu snap ik dat die laatste stap een tandje te kort door te bocht kan zijn, daarom hieronder het werkelijk energieverbruik omgezet naar standaardjaar vergeleken met het verwachte energieverbruik op basis van HR en de hypothese dat infraroodverwarming zich gedraagt als een COP =1 verwarming.

Maand20192019 HR/COP=1
Begin jaar00
Januari13511351
Februari23872387
Maart29013162
April30943517

Omgerekend naar een standaard jaar, verbruik ik ruim 400 kWh minder voor ruimteverwarming dan verwacht op basis van ons gemiddelde stookgedrag in de periode 2014-2018. Best wel wat op een totaal van 3.500. Voor de maand maart en april had ik op basis van COP = 1 een elektriciteitsverbruik van 1.130 kWh voor verwarming verwacht (in een standaard jaar). Het werden er 708. Een verschil van 37%. In lijn met de 35% die Gerard de Leede, Professor of Practice Smart Cities, JADS, als praktijkeffect in zijn woning waarneemt. Een resultaat ook dat in lijn is met wat ik zelf een aantal jaar geleden berekende voor een infraroodwoning die ik bezocht en waarvan ik jaarcijfers ontving.

De energietransitie gaat toch om CO2 reductie?

In deze vraag liggen een ten minsten twee aannames verborgen. Ten eerste dat energietransitie enkel om CO2 reductie gaat, ten tweede dat de overstap van aardgas naar infraroodverwarming geen CO2 besparing oplevert.

Om bij de eerste te beginnen. De energietransitie kent voor mij meerdere doelen. Uiteraard gaat het om het tegengaan van klimaatverandering, maar het gaat ook om zaken als het verminderen van onze afhankelijkheid van dictatoriale landen als Saoudi Arabië, het democratiseren van onze energievoorziening (ik ben niet voor niets (bestuurs)lid bij een lokale energiecoöperatie en het terugdringen van mijn fossiele energiegebruik. Elektriciteit is vooralsnog eenvoudiger te verduurzamen dan gas.

Ook op milieugebied is energietransitie voor mij geen single issue, er zijn meer milieuproblemen dan enkel klimaatverandering. Verder schreef ik in 2015 al dat ik van gas af wilde, zodat Nederland warm houden geen reden meer kon zijn om de gaskraan in Groningen open te houden. Inmiddels is bekend dat de gaskraan in Groningen uiterlijk in 2030 dicht gaat (lees: uiterlijk dan is het aardgas in Groningen op), dus dat argument gaat minder op. Daarvoor in ruil komt een CO2 argument: we zullen gas moeten gaan importeren om onze huizen warm te stoken.

Zowel het transport naar Nederland als de conversie van buitenlands gas naar gas dat geschikt is voor het Nederlandse net kost energie. De nieuwe stikstoffabrieken die voor de conversie gebouwd worden zijn grote stroomvreters, aanvoer van LNG is ook een grote energievreter. Daar komt nog bij dat de methaanemissies (een broeikasgas dat 25 keer zo sterk is als CO2) bij winning en transport waarschijnlijk te laag worden ingeschat. Mijn verwachting is daarom dat de CO2 footprint van aardgas de komende jaren zal stijgen. Tegelijkertijd wordt de CO2 footprint van elektriciteit lager, doordat het aandeel groene stroom in de elektriciteitsmix de komende jaren stijgt.

Door meer stroom af te nemen verhoog je het gasverbruik in centrales

Alweer een aanname, die niemand kan onderbouwen. Want weet u op enig moment waar uw stroom vandaan komt? Dat is in het huidige systeem simpelweg niet te achterhalen, behalve voor mijn eigen zonnestroom en voor mijn winddelen. Voor beide geldt dat ik mijn verbruik af zou kunnen proberen te stemmen op de opwekking.

Voor alle andere gevallen geldt: op jaarbasis neem ik 100% Nederlandse groene stroom af. Het systeem garandeert dat elke kWh die ik extra gebruik ook extra opgewekt moet worden. Uiteraard is de hoeveelheid groene stroom beperkt, maar dan nog is het op dit moment simpelweg niet mogelijk om te bepalen waar de extra stroom vandaan komt.

De beste benadering voor dit moment is, naar mijn weten, het GHG protocol, waarin wordt voorgeschreven dat de footprint van elektriciteit bij voorkeur op 2 manieren berekend wordt. Ten eerste door te kijken naar de afgenomen stroom en ten tweede door te kijken naar het netgemiddelde. Om bij de eerste te beginnen: we nemen stroom af van Greenchoice, een combinatie van Nederlandse wind en biomassa. De stroom van biomassa is bij Greenchoice afkomstig van vergisters, dus niet van Canadees en Amerikaans gekapt hout.

Als ik de CO2 footprint van ons energieverbruik op basis van infraroodverwarming vergelijk met de CO2 footprint op basis van HR-verwarming kom ik op de volgende getallen. Bij verwarmen met gas in een standaardjaar stoten we 1,1 ton CO2 uit. Bij verwarmen met infrarood verwacht ik in een standaardjaar 3.600 kWh nodig te hebben, dat levert 0,25 ton CO2 uitstoot op als ik naar het stroometiket van Greenchoice kijk en 1,5 ton CO2 als ik uitga van de netgemiddelde CO2 uitstoot per kWh. Of er sprake is van een daling of een stijging van de CO2 uitstoot is dus niet zo eenduidig. Zoals eerder aangegeven kan het tunen van de hr-ketel theoretisch maximaal 1098 kWh aan gas besparen, dat levert maximaal 0,2 ton CO2 reductie per jaar op. De combinatie van groene stroom met infraroodverwarming levert 0,85 ton CO2 reductie op. En het ging toch om CO2 reductie?

Deze CO2 reductie die ik bereken op basis van de stroom die ik afneem is in lijn met wat een andere grote kwaliteitsleverancier van infraroodverwarming in Oostenrijk voorrekent op basis van een woning met een vloeroppervlak van 119 m2 en een warmtevraag van 54 kWh/m2 per jaar. Al heb ik niet kunnen achterhalen met welke emissie per kWh daarbij gerekend wordt.

Installatie van de infraroodpanelen

De afgelopen jaren heb ik meermalen geschreven over onze plannen om het gasverbruik te verminderen. Na meerdere gesprekken met leveranciers van verschillende opties heb ik een paar jaar geleden de knoop doorgehakt dat infraroodverwarming de handigste optie zou zijn. De afgelopen maanden ben ik bezig geweest met het regelen van de installatie. Inmiddels is het zover en hangt de verwarming in de woonkamer, de panelen in de slaapkamers en op zolder moeten nog aangesloten worden. We verwarmen ons huis inmiddels bijna twee weken met infraroodverwarming, tijd dus voor een eerste indruk.

Offerte aanvragen

De offerteaanvraag stond al een paar jaar in de week bij ThermIQ, om verschillende redenen was het er niet van gekomen om door te zetten. Het zetje om deze winter door te pakken kwam door de verhoging van de energiebelasting op aardgas en het feit dat ik zowel als bestuurslid bij Energiek Schiedam als in mijn werk bezig ben met de vraag hoe je bewoners stimuleert om van aardgas af te gaan. Eat your own dogfood vind ik nog steeds een goed uitgangspunt. Dus vorig jaar hebben we de knoop doorgehakt en een offerte voor de infraroodpanelen met het aansturingssysteem van BeNext aangevraagd.

De kosten waren een maatje hoger dan verwacht en een aanpassing van de elektriciteitsaansluiting van 1×35 Ampère naar 3×25 Ampère was ook raadzaam. Dat betekende hogere kosten voor het installeren. Dus ook wat langer thuis met elkaar dubben en denken, voordat we de knoop definitief door hebben gehakt. Waarbij de afspraak is dat de cv-ketel nog minstens een stookseizoen blijft hangen voor het geval de infraroodpanelen niet bevallen. De totale kosten voor het plaatsen van infraroodpanelen in alle kamers, inclusief installatie en aanpassing van de elektriciteitsmeter bedragen ongeveer Euro 8.700,-

Installatie

Het installeren is netjes en vakkundig gedaan door Wils Services, een lokale installateur. Bij het installeren heb ik nog wel wat verbeterpuntjes ontdekt. Zo is onze installateur een halve dag zoet geweest met het koppelen van alle infraroodpanelen en temperatuursensoren aan het BeNext systeem. Een klus die volgens mij prima voor te bereiden is, zodat de installateur daar op locatie geen omkijken naar heeft. Al vergt dat wel dat vooraf bekend is in welke kamer welke producten geplaatst gaan worden en markeringen op de dozen van de infraroodpanelen en de BeNext componenten.

De frames waarmee de infraroodpanelen aan het plafond zijn bevestigd is vergelijkbaar met de wijze waarop de achterkant van fotolijstjes vastgezet wordt. De gebruikte metalen strips zijn behoorlijk scherp en moeten licht gebogen worden om ze achter de randen van de panelen vast te klikken. Een klusje waarbij je gemakkelijk je handen open haalt.

Installatie infrarood verwarming

Programmeren van de aansturing

Met de aansturingssoftware van BeNext kan je per ruimte de temperatuur instellen en per paneel het vermogen. Voor de temperatuur kun je net als bij een cv-ketel een tijdschema in programmeren. Alleen had ik er geen rekening mee gehouden dat er tijd zitten tussen het moment van inschakelen en het moment dat een kamer op temperatuur is. Inmiddels is de temperatuur per kamer en per dag ingesteld via het klokschema.

Ook was het in het begin lastig om uit te vogelen hoe ik het vermogen van de infraroodpanelen gedurende de dag automatisch kan bijstellen in plaats van dat ik dat telkens met de hand moet doen. Inmiddels heb ik daar een omweg voor bedacht. Het vermogen van de panelen regel ik via zogenaamde scenes en regels. In verschillende scenes leg ik vast op hoeveel vermogen de infraroodpanelen in een kamer, bv de woonkamer, werken. Ik heb nu voor de woonkamer een scene voor ’s nachts, als de woonkamer enkel vorstvrij hoeft te blijven, voor overdag en ’s avonds, als de woonkamer op temperatuur en behaaglijk moet blijven en voor momenten waarop ik de temperatuur van de woonkamer fors wil verhogen (net voor het opstaan en net voordat we ’s avonds thuiskomen). Deze intensiteit volgt ongeveer hetzelfde klokprogramma als de temperatuurinstellingen.

Voor de slaapkamers, zolder en entree heb ik zelfstandige scenes aangemaakt.

De eerste weken

De eerste week was het wennen. Aanvankelijk had ik het vermogen van de infraroodpanelen te laag ingesteld, waardoor het huis niet goed op temperatuur kwam en de dames zich beklaagde over het comfort. Na het inregelen van de scenes en regels heb ik daar geen commentaar meer op gehoord.

In onze woonkamer meet ik al een een paar jaar de temperatuur op een vast punt boven op een kast. De temperatuur wordt vastgelegd door domoticz. Opvallend vind ik zelf dat onze cv ketel de temperatuur soms erg hoog laat oplopen hoog in de kamer.

Variatie in temperatuur woonkamer, februari 2019

In februari 2019 lag de maximale temperatuur geregeld tegen of zelfs boven de 22 graden Celsius, terwijl de gemiddelde temperatuur niet boven de 21 graden Celsium kwam. Ook lag de maximale temperatuur op een dag geregeld bijna 2 of meer graden boven de gemiddelde temperatuur.

Variatie in temperatuur woonkamer, maar 2018.

Ook in maart 2018 schommelde de temperatuur flink, al kwam de maximale temperatuur in maart 2018 niet boven de 22 graden. De maximale temperatuur lag geregeld 1,5 graden Celsius boven de gemiddelde temperatuur.

Variatie in temperatuur woonkamer, eerste helft maart 2019.

Op 7 maart zijn onze infraroodpanelen in de woonkamer aangezet. In bovenstaande grafiek valt mij op dat de maximale temperatuur de dagen daarna met ruim een graad daalt. Of dat de rest van de maand ook zo blijft durf ik niet te beweren. Het is wel het type effect dat je verwacht bij overschakeling van luchtverwarming naar stralingsverwarming. Het verschil tussen de gemiddelde temperatuur en de maximale temperatuur is vanaf 7 maart terug gelopen tot ongeveer 1 graad Celsius. Terwijl dit begin maart nog ruim 1,5 graden Celsius was.

De gemiddelde temperatuur daalde aanvankelijk ook, maar dat is vooralsnog te optimistisch gebleken. De dames vonden het te koud, dus vooralsnog lijkt de hypothese dat de temperatuur omlaag kan niet op te gaan. Al kan het ook zijn dat ik de verhouding tussen stralingssterkte en temperatuur nog niet goed genoeg in de vingers heb om het bij lagere temperaturen toch comfortabel te krijgen in huis.

Energieverbruik

Over het energieverbruik valt nog niet heel veel te zeggen, daarvoor draaien de infraroodpanelen te kort. Aan de andere kant, twee weken terug wierp ik een hypothese op en als ik toch aan het schrijven ben kan ik net zo goed een eerste blik werpen op de vraag of de ontwikkeling van ons energieverbruik de kant op gaat die ik had verwacht.

HypotheseCOP = 135% energiebesparing66% energiebesparing
Extra elektriciteitsverbruik (in kWh/Jaar5.6003.7001.900
Energiebesparing (in kWh/jaar)01.9003.800
Verbruik (in kWh/graaddag)2,11,40,7
Verbruik (in m3 gas/graaddag)0,220,140,07

In de 12 dagen dat de panelen nu draaien hebben ze 135 kWh verbruikt. Dat is omgerekend 14 m3 aardgas. Het aantal graaddagen in deze periode was volgens MinderGas 179, dat betekent dat we 0,8 kWh/graaddag hebben verbruikt, omgerekend 0,08 m3 aardgas per graaddag. Daarmee ligt ons verbruik in deze periode het dichtst bij de hypothese dat 66% besparing op de benodigde hoeveelheid energie mogelijk is bij verwarming met aardgas.

Daar zitten nog wel kanttekeningen bij. Ten eerste is de periode met 12 dagen erg kort, waarbij er ook nog geen forse vorstperiode in heeft gezeten. Op de tweede plaats is het nog mogelijk dat de verdeling die ik heb gemaakt tussen gasverbruik voor warm water en gasverbruik voor verwarming niet klopt. Als ik te veel gasverbruik toereken aan verwarming kloppen de gehanteerde getallen in mijn hypothese niet.

Voorlopige conclusie

Voorlopig is mijn conclusie dat ik tevreden ben met onze infraroodpanelen. Ook lijkt het er vooralsnog op dat het energieverbruik de verwachte daling laat zien. De hypothese van bureau’s als DWA en van Lars Boelen dat het energieverbruik niet verandert bij overschakeling van een HR ketel naar infraroodverwarming kan ik niet terugvinden in de cijfers van de eerste twee weken. De pieken in het energieverbruik zijn vooralsnog kleiner dan dat we ’s zomers veroorzaken met onze zonnepanelen. Die piek kan wel hoger liggen als overal in huis tegelijkertijd de infraroodpanelen vol aan gaan. De kans daarop is echter klein en idealiter zou dat in de toekomst softwarematig begrenst moeten kunnen worden.

Rijnmond als proeftuin voor gasloos wonen

In heel Nederland wordt door bouwers en woningbouwcorporaties in gewerkt aan zogenaamde nul op de meter woningen. Dit zijn woningen die op jaarbasis evenveel energie leveren als ze nodig hebben, waardoor de energiemeter over een jaar genomen op nul uit komt. Het gaat daarbij om nieuwbouw en renovatie. Bij renovatie levert dit woningen net een veel betere isolatie op, waardoor de warmte- en koeltevraag vermindert. Door slimme installaties en bijvoorbeeld integratie van witgoed- en lichtaanbod en/of energiedisplays daalt de energievraag van de bewoners. Voeg daar lokale duurzame energieopwekking aan toe en zo kan de energiemeter op nul uitkomen.

Volgens het Algemeen Dagblad ontpopt Rotterdam zich inmiddels tot:

dé proeftuin voor gasloos wonen. In de stad worden verscheidene technieken uitgeprobeerd die ervoor moeten zorgen dat ons land minder afhankelijk wordt van gas, dat rap aan populariteit verliest door de gasbevingen in Groningen en spanningen met Rusland.

Voorbeeld van nul op de meter renovatie. Locatie Soesterberg. Rechts gerenoveerd. Links oorspronkelijke woning.
Voorbeeld van nul op de meter renovatie. Locatie Soesterberg. Rechts gerenoveerd. Links oorspronkelijke woning.

Een van de technieken die wordt toegepast in Rotterdam is infrarood verwarming van het Schiedamse bedrijf ThermIQ, waar ik zelf ook een paneel heb hangen in de badkamer.

Volgens Jan Willem van de Groep van het innovatieprogramma Energiesprong van Platform 31 staan er in Nederland nu zo’n 1000 gasloze woningen, die nul op de meter zijn. Een aantal dat snel kan groeien als de ambities van de provincies Utrecht en Noord-Brabant met nul op de meter woningen waargemaakt worden. Dus als Rotterdam (en Schiedam) willen groeien van proeftuin tot voorbeeldregio voor gasloos en energieneutraal bouwen is er werk aan de winkel…

Energieneutrale nieuwbouwwoningen in Schiedam en Rotterdam
In Schiedam wil VolkerWessels Vastgoed volgens het concept PlusWonen 150 nieuwbouwwoningen realiseren op Harga. Volgens VolkerWessels Vastgoed integreert Pluswonen efficiënt en betaalbaar bouwen met een hoge kwaliteit, een grote keuzevrijheid voor de consument en een duurzame manier van bouwen. De woningen zijn standaard 10% beter dan de EPC norm, een EPC van 0 of een energieneutrale woning is volgens de bouwer ook mogelijk. Al zijn daar nog geen voorbeeldprojecten van te vinden op de website van PlusWonen.

In Rotterdam-Heijplaat in de Waalhaven gaat Van Omme & De Groot Projectontwikkelaars en Bouwers een stap verder.  Hier worden de komende jaren 170 energieneutrale nieuwbouwwoningen gebouwd. De realisatie van het project ‘Thuis in de Haven’ gaat vanaf 2016 van start en loopt tot circa 2023. De woningen wekken door middel van zonnepanelen voldoende stroom op voor zowel het gebouw gebonden energieverbruik alsook voor het huishoudelijk verbruik. Verwarmen en koelen van de woningen gebeurt door individuele warmtepompen met warmte- en koudeopslag in de bodem. Daarmee behalen de woningen dezelfde energieprestatie als nul op de meter woningen.

SEC en nul op de meter

Ook het Schiedams Energie Collectief en de gemeente Schiedam zijn aangesloten bij de deal Stroomversnelling Koop. Stroomversnelling Koop heeft tot doel om op zeer grote schaal en met veel snelheid vraag en aanbod te creëren voor Nul op de Meter-verbouwingen van particuliere rijwoningen uit de periode 1950-1980. Een comfortabel en mooier huis zonder energiekosten en gefinancierd door de huidige energierekening.

Na de zomer kun je meer informatie verwachten over de betrokkenheid van SEC bij Stroomversnelling Koop. In maart schreef ik een stuk met andere mogelijkheden om gasloos te wonen. Speciaal voor Verenigingen van Eigenaren ontwikkelde onze Rotterdamse collega’s bij Blijstroom samen met Energiesprong en het Rotterdams Milieucentrum de cursus VvE met Energie.

Dit bericht is een bewerking van een Open Waanlink op Sargasso voor het Schiedams Energie Collectief / EnergiekSchiedam.

Rotterdam als proeftuin voor gasloos wonen

In maart schreef ik een stuk over gasloos wonen, inmiddels ontpopt Rotterdam zich volgens het Algemeen Dagblad tot:

dé proeftuin voor gasloos wonen. In de stad worden verscheidene technieken uitgeprobeerd die ervoor moeten zorgen dat ons land minder afhankelijk wordt van gas, dat rap aan populariteit verliest door de gasbevingen in Groningen en spanningen met Rusland.

Voorbeeld van nul op de meter renovatie. Locatie Soesterberg. Rechts gerenoveerd. Links oorspronkelijke woning.
Voorbeeld van nul op de meter renovatie. Locatie Soesterberg. Rechts gerenoveerd. Links oorspronkelijke woning.

Een van de technieken die wordt toegepast is infrarood verwarming van het Schiedamse bedrijf ThermIQ, waar ik dit jaar al een aantal keer aandacht aan heb besteed en waarvan we zelf ook een paneel hebben hangen in de badkamer.

Volgens Jan Willem van de Groep van het innovatieprogramma Energiesprong van Platform 31 staan er in Nederland nu zo’n 1000 gasloze woningen. Een aantal dat snel kan groeien als de ambities van de provincies Utrecht en Noord-Brabant met nul op de meter woningen waargemaakt worden.

Open waanlink

Dit is een bewerking van een eerder bericht op Sargasso.

Verwarmingsbronnen vergeleken: warmtepomp vs infraroodverwarmings

Een paar maanden geleden heb ik het energieverbruik bij verwarming met infrarood vergeleken met de traditionele gasgestookte HR-ketel en heb ik ook een huis bezocht dat volledig met infrarood verwarmd werd. Kort daarop ontving ik een rapport met daarin gegevens over het elektriciteitsverbruik van warmtepompen. De eerste keer dat ik praktijkcijfers van warmtepompen in handen kreeg. Ik het het rapport dan ook met belangstelling gelezen.

Het lastige aan het werken met rapport is dat het geen individuele gegevens bevat per woning, maar enkel voor een groep huizen gemiddeld. Het elektriciteitsverbruik voor warm water en verwarming bedroeg 1240 kWh in het jaar waar ik gegevens voor heb. Als ik 20% reken voor warm water (zoals ik zelf ook doe bij mijn gasverbruik) blijft 992 kWh over. Een standaard ‘rijwoning’ heeft volgens de leverancier een elektriciteitsverbruik van 500-600 kWh voor warm tapwater, dat blijkt ook uit de praktijkcijfers die ik heb mogen inzien. Het elektriciteitsverbruik voor verwarming komt dan uit op 640 kWh. Gecorrigeerd voor graaddagen is dat 622 kWh in 2014.

Kanttekeningen vooraf

Het vergelijken van het energieverbruik van verschillende woningen kent veel haken en ogen. Het energieverbruik hangt niet alleen samen met gebouwschil en techniek, maar ook met gezinssamenstelling en gedrag. Onderstaande berekeningen geven dan ook niet meer dan een grove eerste indruk. Voor een goede vergelijking is een grotere groep van vergelijkbare woningen nodig. Bij voorkeur ook met vergelijkbare gezinssituaties en leefgewoonten.

Het energieverbruik is gecorrigeerd voor het verschil in isolatiewaarde van de woningen. Dit heb ik gedaan op basis van een publicatie uit januari in TVVL magazine, waarbij gekeken werd naar werkelijk energieverbruik per energielabel en werkelijk energieverbruik per EPC waarde.

Kenmerken woning

De woning zijn veel beter geïsoleerd dan mijn eigen woning met een Rc-waarde van de muren van 5 (onze muren zijn 2,5) en een EPC voor de woning van 0,55 (onze woning heeft een EPC van 0,94). Voor de warmtepomp wordt in het onderzoek uitgegaan van een COP-waarde van 5. Dat wil zeggen dat met elke kWh elektrisch 5 kWh warmte wordt opgewekt. Volgens de leverancier is de COP voor verwarming 6 en voor tapwater 3. Al zullen die lager liggen in een slechter geïsoleerde woning. Voor mijn eigen woning is het advies om eerst meer te isoleren, omdat het elektriciteitsverbruik van een warmtepomp anders wel erg hoog wordt.

Ik heb na proberen te zoeken hoe groot de woningen uit het onderzoek zijn en voor zover ik kan nagaan ze variëren tussen de 100 en 125 m2. Voor het gemak ben ik uitgegaan van de grootste woning, die met 125 m2 in omvang vergelijkbaar is met mijn eigen woning (119m2).

Hypothese

Ik heb lang zitten puzzelen op een goede hypothese, omdat de woningen niet goed vergelijkbaar zijn in omvang. Tot dat ik tweets zag langskomen over de concept norm voor nieuwbouw, die uitgedrukt is in kWh/m2/jaar. Ook Nicolaas van Plushuis had dat al een keer de norm van de toekomst genoemd. Hij is bovendien lekker makkelijk te hanteren.

In dit geval verwacht ik op basis van de COP-waarde van de warmtepomp en de betere isolatie van de woningen dat het elektriciteitsverbruik voor verwarming uitgedrukt in kWh/m2/jaar voor een woning die met gas of infrarood (COP = 1) verwarmd wordt een factor 5 hoger ligt. Aangezien de isolatie van mijn eigen woning en van de infrarood woning waar ik gegevens van heb een stuk slechter is moet de verhouding nog schever zijn in het voordeel van de warmtepomp. De COP waarde van de warmtepomp zou bij correctie voor energielabel of EPC waarde rond de 5 uit moeten komen voor ons huis.

Een tweede hypothese is het energieverbruik voor verwarming van de infraroodwoning gelijk zou moeten zijn aan mijn eigen woning of anders aan het energieverbruik van het huis met HR-ketel, want de COP van infraroodverwarming is 1.

Uitwerking

De uitwerking heb ik vrij simpel gehouden. Ik heb het energieverbruik per vierkante meter per jaar van de verschillende warmtebronnen cumulatief berekend m.b.v. het aantal graaddagen per maand. Waarbij ik voor het infrarood huis de omvang gecorrigeerd heb. Dit huis is 250 m2 groot, maar volgens ThermIQ is dat geen eerlijke vergelijking, omdat slechts 3/5 van het huis woonruimte is. De overige 2/5 wordt weinig gebruikt. De omvang van mijn eigen huis heb ik niet gecorrigeerd voor de nauwelijks verwarmde ruimtes.

Het energieverbruk

    Grafiek 1: Energieverbruik van verschillende warmtebronnen vergeleken.
Grafiek 1: Energieverbruik van verschillende warmtebronnen vergeleken.

In bovenstaande grafiek valt meteen op dat de warmtepomp inderdaad het laagste energieverbruik per m2 per jaar heeft. Ook opvallend is dat mijn huis fors zuiniger is dan het buurhuis met HR-ketel van het infrarood huis. Waarschijnlijk is ons huis dus beter geïsoleerd dan dat huis en het infrarood huis. Tegelijkertijd valt op dat het infrarood huis minder energie per m2 per jaar nodig heeft dan wij, zelfs als ik het energieverbruik over 60% van het vloeroppervlak bereken.

De hamvraag is natuurlijk of de hypotheses te toetsen zijn. Te beginnen met de COP van de warmtepomp.

Tabel 1: COP per verwarmingsbron, Beek 2014 als basis.

COP Therm IQ HR-ketel Beek 2014 Warmtepomp
COP 1,4 0,4 1,0 6,2
COP correctie EPC-waarde 1,5 0,5 1,0 5,0
COP correctie energielabel 1,6 0,5 1,0 5,3

In tabel 1 is te zien dat het in geval van gasverwarming vs. de warmtepomp aardig klopt. Ongecorrigeerd voor isolatiewaarde verbruikt een huis met warmtepomp inderdaad een factor 6 minder kWh voor verwarmen dan mijn HR-keteltje. Het matig geïsoleerde huis met hr-ketel verbruikt zelfs 15 keer zoveel energie. Het vreemde is wel dat de COP van de infraroodverwarming niet op 1 uitkomt. In vergelijking met mijn eigen huis is de COP 1,4 als ik niet corrigeer voor isolatie en 1,6 als ik corrigeer op basis van werkelijk energieverbruik per m2 per jaar per energielabel.

Vergelijk ik het met het huis met hr-ketel (identiek huis, vergelijkbare woonsituatie) dan is de COP van infraroodverwarming zelfs 3. Waarbij ik in het nadeel van infrarood heb gerekend door het energieverbruik van de hr-woning te berekenen op basis van 250 m2, terwijl ik het energieverbruik van de infraroodverwarming berekend heb op basis van 150 m2. Als ik het volledig vloeroppervlak van de infraroodwoning reken wordt de COP 5. Dat leek me iets te gortig. Bovendien rekent ThermIQ zelf ook met de verhouding 1 : 3 voor infraroodverwarming versus gasverwarming.

Eigen energieverbruik op basis infrarood en warmtepomp

Als ik ga kijken naar ons eigen energieverbruik over 2014 kom ik op basis van de verhoudingen uit de vorige paragraaf op de volgende energieverbruiken. Waarbij ik ervan uitgegaan ben dat ons tapwater in alle gevallen voor 50% geleverd wordt door onze zonneboiler en in geval van ThermIQ is voor tapwater gerekend met het praktijkverbruik van doorstroomverwarmers in het huis met infraroodverwarming.

Warmtebron Beek 2014 ThermIQ Warmtepomp
Verwarming 3688 1146 592
Tapwater 2207 800 300
Totaal 5895 1946 892

Bovenstaande geeft een grof beeld van wat ik verwacht, want het zijn geen op maat gemaakte offertes of berekeningen. Het geeft wel een lijn aan, die laat zien dat het energieverbruik voor verwarming en tapwater bij zowel warmtepomp als infraroodverwarming fors daalt t.o.v. gas. Bij de doorstroomverwarmers komt daar als voordeel bij dat er geen leidingverliezen zijn.

Het verschil tussen de combinatie van infraroodverwarming en doorstroomverwarmers aan de ene kant en warmtepomp aan de andere kant lijkt met 1.054 kWh groot. Op jaarbasis is dat ongeveer 250 Euro meer aan elektriciteitsverbruik, twee winddelen extra kopen of 4 zonnepanelen extra plaatsen.

Conclusie

Mijn eerste indruk is dat de stelling dat de COP waarde van infrarood 1 is en dat er dus geen energie mee bespaart kan worden te simplistisch. Voor matig geïsoleerde woningen lijkt infraroodverwarming een manier om energie te besparen en van gas af te gaan, zonder dat veel extra isolatie nodig is. Voor goed geïsoleerde woningen kan infrarood ook een alternatief zijn, zeker bij bestaande bouw waar nog geen balansventilatie of lage temperatuurverwarming aanwezig is.

Veel belangrijker is dat zowel infraroodverwarming, doorstroomverwarmers en warmteboilers prima bruikbaar zijn om van gas af te gaan.