Tag: duurzame energie

  • Energieverbruik en -opwekking mei 2015

    solardays_2015Mei is voorbij, dus hoog tijd om weer eens wat plaatjes en analyses van ons energieverbruik te laten zien. Het zijn de Solar Days en onze zonnepanelen liggen er bijna 2 jaar op, mooi moment om daar wat meer op in te zoemen. Eerst de ontwikkeling van ons elektriciteitsverbruik en -opwekking en onze variabel energiekosten.

    Elektriciteitsverbruik en opwekking

    201505_elektriciteitsverbruik_per_maandIn mei hebben we voor de 3e maand dit jaar meer opgewekt dan verbruikt. In totaal hebben we 189 kWh teruggeleverd. Het grootste deel daarvan staat op conto van onze zonnepanelen, maar ook onze winddelen deden het goed. Ons elektriciteitsverbruik is ook gedaald t.o.v. april.

    Ons elektriciteitsverbruik lag in mei ongeveer gelijk aan dat in mei 2014. De opbrengst van onze zonnepanelen en winddelen lag echter 16 hoger dan in mei 2014.

    Op jaarbasis is stabiliseert ons elektriciteitsverbruik zich voorlopig op zo’n 3.700 kWh, terwijl we vorig jaar nog op 3.241 kWh zaten. Daarvan hebben we nu wel weer 100% zelf opgewekt met onze winddelen en zonnepanelen. We hoeven dus geen aanvullende elektriciteit te kopen bij Greenchoice via het Schiedams Energie Collectief.

    Ontwikkeling netto energieverbruik

    Ons totaal energieverbruik t/m april mei 2015 ligt zo’n 13% hoger dan in 2014, in totaal hebben we netto zo’n 3.700 kWh verbruikt. Waarbij gas en warmte van de zonneboiler zijn omgerekend naar kWh en opwekking van warmte en elektriciteit afgetrokken zijn van het energieverbruik. Doordat we behoorlijk wat elektriciteit zelf opwekken bestaat ons netto energieverbruik t/m mei volledig uit aardgas.

    Vorig jaar eindigde we rond de 6.000 kWh netto energieverbruik, dus ik hou goede hoop dat dat haalbaar is. Zeker omdat de infraroodverwarming in de badkamer inmiddels los van de verlichting te bedienen is en in het nieuwe stookseizoen een goed werkende draadloze klokthermostaat krijgt. Deze 6.000 kWh bestond vorig jaar volledig uit aardgas, want we wekten 91 kWh elektriciteit meer op dan we verbruikten. Het laat meteen ook zien waarom warmte een veel belangrijker vraagstuk is dan elektriciteitsverbruik als je het energieverbruik van je woning wil aanpakken of als je van het gas af wil.

    201505_netto_energieverbruik

    Ontwikkeling variabele energielasten

    Onze variabele energiekosten zijn dit jaar een hoger dan in 2014. Hoewel we inmiddels wel weer onder de kostencurve van 2011 zijn gedoken zitten we toch nog bijna 25% boven de de variabele kosten in 2014. Dat is ongeveer 70 Euro meer in 5 maanden, oftewel zo’n 12 Euro per maand.

    Ontwikkeling kosten gas en elektriciteit (cumulatief)
    Ontwikkeling kosten gas en elektriciteit (cumulatief)

    Aangezien onze kosten hoger zijn dan vorig jaar leek het me tijd om eens te kijken naar de hoogte van ons voorschotbedrag bij Greenchoice. Daar viel op dat ondanks het hogere bedrag het advies juist was om het voorschotbedrag te wijzigen. Tijd om dus wat dieper te kijken naar hoe ze ons elektriciteits- en gasverbruik voor de rest van het jaar inschatten. Daar kan je in je persoonlijk dossier een mooi overzicht van krijgen. Bij ons ziet dat er als volgt uit:

    Greenchoice_gas_en_elektriciteitsverbruik_per_maand

    Wat opvalt is dat er geen rekening gehouden lijkt te worden met onze zonneboiler en zonnepanelen. Dat eerste kan ik me nog voorstellen, aangezien we niet aan Greenchoice hebben doorgegeven dat we een zonneboiler hebben. Bovendiengaat het ook niet om hele grote getallen met 20m3 aardgas per maand in de zomermaanden.

    Onze zonnepanelen hebben we echter wel gemeld, zowel bij Greenhoice als bij de netbeheerder, en het gaat om grote hoeveelheden die Greenchoice er naast zit. Nu weet ik dat energieleveranciers kijken naar het gemiddeld gebruik van de afgelopen 3 jaar, maar dan nog kom ik tot een heel ander plaatje (waarin dan wel de winddelen inbegrepen zijn):

    201505_elektriciteitsafname_greenchoice_per_maand

    Het kan natuurlijk zo zijn dat Greenchoice de elektriciteit die we via onze winddelen opwekken meerekent als zijnde geleverd door Greenchoice, dan nog gaan we in de zomermaanden zeker geen 200 kWh per maand verbruiken. Gemiddeld kom ik voor de afgelopen 5 jaar op 50 tot 100 kWh per maand uit, waarbij het gemiddelde de laatste 2 jaar door onze zonnepanelen fors gedaald is. De opbrengst van onze zonnepanelen lijkt echter op geen enkele wijze terug te komen in het verwachte elektriciteitsverbruik. Een beetje jammer is dat wel. Het voorschot bedrag heb ik deze maand teruggeschroefd naar Euro 75 per maand, dat is denk ik nog steeds aan de hoge kant.

    Zonnepanelen

    Ik had in verband met de Solar Days meer informatie over onze zonnepanelen beloofd. We hebben ze 2 jaar geleden laten installeren voor een kleine 4.000 Euro. Het leek me dus aardig om eens een grafiekje te maken van de ontwikkeling van de kosten per kWh. Simpelweg berekend door aanschafkosten te delen door de totale elektriciteitsopbrengst sinds de installatie. Stel dat onze zonnepanelen er vandaag mee ophouden en ze niet onder enige garantie vallen dan zijn de kosten per kWh Euro 0,88. Ter vergelijking een kWh van het energiebedrijf kost ongeveer Euro 0,23 (vooral door de belasting). Over ongeveer 6 jaar duikt de prijs van stroom van onze zonnepanelen onder de elektriciteitsprijs. Uitgaande van een levensduur van 20 jaar en zonder rekening te houden met inflatie of vervangen van de omvormer komen de kosten per kWh uit op ongeveer 11 Eurocent. Dat is de helft van het huidige tarief en als salderen ooit wordt afgeschaft dan schuiven we er een opslagsysteem tussen 🙂

    Ontwikkeling_kosten_kWh_zonnestroom

    Interessanter dan de kosten per kWh na 2 jaar is natuurlijk de vraag hoe onze installatie het doet ten opzichte van andere installaties in Nederland en Zuid-Holland. We doen daarom dit jaar weer mee aan de Tel de zon actie, maar we houden ook iedere maand de hoeveelheid opgewekte elektriciteit bij op de website Zonnestroomopbrengst.eu. Dat levert de volgende grafieken op. De opbrengst van 2013 telt niet mee, want onze zonnepanelen zijn pas halverwege 2013 geïnstalleerd. In 2014 en 2015 is te zien dat onze zonnestroominstallatie beter presteert dan het gemiddelde in Nederland en Zuid-Holland, althans van de installaties die bekend zijn bij Zonnestroomopbrengst.eu.

    201505_maandopbrengst_zonnepanelen 201505_jaaropbrengst_zonnepanelen

  • Energieverbruik en -opwekking april 2015

    Het is al bijna half mei, dus hoog tijd om weer eens wat plaatjes en analyses van ons energieverbruik te laten zien. Het stookseizoen is zo ongeveer ten einde, dus tijd om te zien of het vervangen van de radiator in de badkamer door een infrarood verwarmingspaneel tot een daling van ons gasverbruik heeft geleid. Beter zou natuurlijk zijn als de installatie van een infraroodpaneel tot een daling van ons totale energieverbruik zou leiden, zoals bij het huis dat ik eerder door rekende.

    Elektriciteitsverbruik en opwekking

    In april hebben we voor de tweede maand dit jaar meer opgewekt dan verbruikt. Was het in maart nog maar 11 kWh, in april was het met 97 kWh een stuk overtuigender. In onderstaande grafiek is goed te zien dat het infraroodpaneel tot een veel hogere piek aan elektriciteitsverbruik leidt dan in de winter van 2013. Dat komt onder andere doordat we er voor gekozen hebben om de infraroodverwarming tijdelijk op de badkamerverlichting aan te sluiten. Dat was niet ideaal voor ons elektriciteitsverbruik en inmiddels is dit dan ook aangepast. Waardoor de infraroodverwarming los te bedienen is met een Klik Aan Klik Uit schakelaar.

    Ons elektriciteitsverbruik lag in april 35 kWh (15%) hoger dan in 2014. De opbrengst van onze zonnepanelen en winddelen lag echter 46 kWh (14%) hoger dan in april 2014, waardoor we per saldo 10 kWh meer terug hebben geleverd dan in 2014.

    Elektriciteitsverbruik per maand in kWh
    Elektriciteitsverbruik per maand in kWh

    Op jaarbasis is ons elektriciteitsverbruik behoorlijk aan het stijgen. We zitten nu op bijna 3.700 kWh, terwijl we vorig jaar nog op 3.241 kWh zaten. Daarvan hebben we 96% zelf opgewekt met onze winddelen en zonnepanelen. De resterende 4% elektriciteit kopen we via het Schiedams Energie Collectief groen in bij Greenchoice. Eind dit jaar vullen we dat hopelijk weer tot 100% aan met Schiedamse zonne-energie van het Wennekerpand.

    201504 12 Maands Elektriciteitsverbruik
    Elektriciteitsverbruik en -opwekking (12 maands voortschrijdend totaal).

    Warmte

    Afgelopen maand was het goed zonnig, dat was ook zeker te merken aan de zonneboiler. Tegelijkertijd was het vergeleken met 2014 een koude maand met 221 graaddagen, 49% meer dan in 2014 (bron: mindergas). Ons gasverbruik was dan ook 20 m3 hoger dan in 2014, waarvan 45% toe te schrijven was aan kouder weer. De resterende 55% lag aan onzuiniger stoken en/of meer warmwatergebruik.

    Gasverbruik per maand in m3 en m3/graaddag. Januari 2011 t/m april 2014.
    Gasverbruik per maand in m3 en m3/graaddag. Januari 2011 t/m april 2014.
    12 maands warmteverbruik in m3 aardgas.
    12 maands warmteverbruik in m3 aardgas.

    Per 12 maanden is ons gasverbruik nog steeds redelijk constant en ligt rond de 600 m3 aardgas, ruim Euro 300. Doordat we in april meer hebben gestookt dan in 2014 is ons totale gasverbruik wel licht opgelopen. Het zal nog een behoorlijke krachtinspanning kosten om dit jaar weer rond de 600 m3 gasverbruik te eindigen. Al lijkt mei vooralsnog goed mee te werken met het zonnige weer. Veel zal echter afhangen van de laatste maanden van het jaar, als de eerste maanden van het stookseizoen beginnen. En van de vraag of we onze plannen om ons gasverbruik te verlagen de komende zes maanden weten uit te voeren.

    Ontwikkeling netto energieverbruik

    Ons totaal energieverbruik t/m april 2015 ligt iets hoger dan in 2014, in totaal hebben we 4.000 kWh verbruikt. Waarbij gas en warmte van de zonneboiler zijn omgerekend naar kWh. Vorig jaar eindigde we rond de 6.000 kWh netto energieverbruik, dus ik hou goede hoop dat dat haalbaar is. Zeker omdat de infraroodverwarming in de badkamer inmiddels los van de verlichting te bedienen is en in het nieuwe stookseizoen hopelijk met een goed werkende draadloze klokthermostaat.

    Netto energieverbruik (energieverbruik minus opwekking) in kWh.
    Netto energieverbruik (energieverbruik minus opwekking) in kWh.

    Het is weinig verrassend dat ons energieverbruik ook omgerekend naar m2 gestegen is t.o.v. 2014. Spijtiger is dat het zelfs omgerekend naar kWh per graaddag opgelopen is. Wat dat betreft heeft ons infraroodpaneel vooralsnog niet het effect zoals in de woning met infraroodverwarming. Wel zitten we inmiddels duidelijk onder het energieverbruik van 2011 en 2012. Alleen 2013 komt in de buurt als het gaat om het netto energieverbruik per graaddag. In energieverbruik per m2 vloeroppervlak is duidelijk te zien dat 2013 een koud jaar was.

    Netto energieverbruik in kWh/graaddag (cumulatief).
    Netto energieverbruik in kWh/graaddag (cumulatief).
    Netto energieverbruik in kWh per m2 vloeroppervlak (cumulatief).
    Netto energieverbruik in kWh per m2 vloeroppervlak (cumulatief).

    Wanneer ik kijk naar het energieverbruik in Wattuur per graaddag per m2, dan is te zien dat we in 2015 hoger zitten dan in 2014, maar lager dan voorgaande jaren. Waarbij april de eerste maand is dat ons infraroodpaneel niet meer op de verlichting werkte, dus dat schept verwachtingen voor verdere daling van het energieverbruik in het najaar.

    Netto energieverbruik in Wattuur/graaddag per m2 vloeroppervlak.
    Netto energieverbruik in Wattuur/graaddag per m2 vloeroppervlak.

    Ontwikkeling variabele energielasten

    Onze variabele energiekosten zijn dit jaar een stuk hoger dan in 2014. Hoewel we inmiddels wel weer onder de kostencurve van 2011 zijn gedoken zitten we inmiddels toch op ruim Euro 400 tegen zo’n Euro 250 in 2014.

    Variabele energiekosten (gas en elektriciteit), cumulatief per maand.
    Variabele energiekosten (gas en elektriciteit), cumulatief per maand.

    De hogere variabele energiekosten worden vooral veroorzaakt door hogere kosten voor elektriciteit, de kosten voor gas zijn namelijk nauwelijks gestegen t.o.v. 2014. Zoals onderstaande uitsplitsing laat zien.

    Variabele gaskosten, cumulatief per maand.
    Variabele gaskosten, cumulatief per maand.
    Variabele elektriciteitskosten, cumulatief per maand
    Variabele elektriciteitskosten, cumulatief per maand

    Plannen voor het nieuwe stookseizoen

    Het komend half jaar heb ik twee plannen in ons huis. Ten eerste wil ik graag aan de slag met Open Energy Monitor aan de slag ter vervanging van de Qbox van Qurrent die het vorig jaar na 2 jaar trouwe dienst begeven heeft.

    Op de tweede plaats wil ik de slaapkamers van de kinderen graag uitrusten met infraroodverwarming. Van het aanslaan van de radiatoren worden ze ’s ochtends namelijk wakker en ik ben ook niet te spreken over de gebruiksvriendelijkheid van de klokthermostaatknoppen van Danfoss, die we ruim twee jaar geleden hebben geïnstalleerd. Bovendien zetten we dan onze volgende stap naar #vangasaf.

    Daarbij hoop ik dat ThermIQ tegen die tijd zijn nieuwe draadloze en traploze aansturing voor de infraroodpanelen gereed heeft, zodat we de panelen kunnen aansturen via de telefoon en het elektriciteitsverbruik kunnen uitsplitsen via Open Energy Monitor. Wat dan nog resteert aan gasverbruik zijn verwarming van huiskamer en voor warm tapwater (voor zover de zonneboiler dat niet levert). In de hal, zolder en op onze eigen slaapkamer zit ook een radiator, maar die stoken we zelden tot nooit.

  • Gastbijdrage: Het Duitse elektriciteitsnetwerk maakt zich op voor een gedeeltelijke zonsverduistering in 2015

    De Telegraaf, de NOS en Trouw besteedde vorige week aandacht aan de gedeeltelijke zonsverduistering die op 20 maart dit jaar plaats vind. De basis hiervoor is het persbericht van Tennet. De reactie van Craig Morris op de berichtgeving in de Telegraaf: ‘Onzin’. Tijd dus om een drietal artikelen die Craig Morris eerder schreef voor Renewables International over dit onderwerp te vertalen voor Sargasso. Vandaag de eerste.

    Dit jaar vindt op 20 maart een interessant experiment plaats in Duitsland, wanneer het land te maken krijgt met een gedeeltelijke zonsverduistering. Afhankelijk van het weer zal het land z’n zonnestroomproductie meer dan ooit opvoeren. Energie- en netwerkbedrijven treffen al voorbereidingen.

    ACHTERGROND – Een gedeeltelijke zonsverduistering trok over Duitsland op 29 maart 2006, maar het land had toen pas zo’n 2 GW aan zonelektrisch vermogen geïnstalleerd. Een volgende zonsverduistering trok op 1 augustus 2009 over Duitsland. In het noorden bereikte de gedeeltelijke zonsverduistering 23%, maar de verduistering was minder dan 10% in het zuiden. Het land had die zomer minder dan 5 GW vermogen aan zonnepanelen geïnstalleerd.

    De volgende vond plaats op 4 januari 2011, een dag met erg weinig zonlicht, en was om 10 uur ‘s ochtends al volledig voorbij in Duitsland. Duitsland had toen 24,4 GW aan zonelektrisch vermogen.

    De zonsverduistering heeft effect op heel Europa, en zal net voor het middaguur plaatsvinden. De zwarte pijl toont waar de volledige zonsverduistering zichtbaar zal zijn. Het effect van de eclips is minder naarmate je verder van de pijl af gaat. Bron: NASA
    De zonsverduistering heeft effect op heel Europa, en zal net voor het middaguur plaatsvinden. De zwarte pijl toont waar de volledige zonsverduistering zichtbaar zal zijn. Het effect van de eclips is minder naarmate je verder van de pijl af gaat. Bron: NASA

    Op 20 maart 2015 zal een volledige zonsverduistering over Noorwegen trekken, deze eclips raakt heel West-Europa gedeeltelijk. De zonsverduistering zal in Duitsland grofweg van 9 uur tot 11 uur ‘s ochtends effect hebben. En Duitsland zal waarschijnlijk meer dan 37 GW aan zonelektrisch vermogen geïnstalleerd hebben.

    Wat zal het effect zijn die dag? Dat hangt af van het weer. Om een idee te geven staat hieronder de hoeveelheid elektriciteit opgewekt met de zon half maart 2014.

    Bron: Agora
    Bron: Agora

    Op 20 maart 2014 piekte de hoeveelheid zonnestroom op een imposante 23 GW, maar op 16 maart wekten de zonnepanelen op het piekmoment slechts 5 GW op. Met andere woorden, tijdens de eclips van 20 maart voert Duitsland de hoeveelheid zonne-energie snel op van een laag niveau naar 5 GW of misschien naar 23 GW.

    Het verschil is echter van cruciaal belang voor energiebedrijven en netwerkbeheerders. Als er sprake was geweest van een totale zonsverduistering rond het middaguur zou Duitsland de hoeveelheid zonelektrisch vermogen in een uur van nul GW naar 23 GW opvoeren. Doordat Duitland op 20 maart te maken krijgt met een gedeeltelijke eclips gaat het die dag bijvoorbeeld om het opvoeren van het zonelektrisch vermogen van 12 naar 23 GW in een uur.

    Dat is veel, maar het land voert eigenlijk dagelijks het zonelektrisch vermogen op met zulke hoeveelheden. Op 20 maart 2014, bijvoorbeeld, was het opgewekte vermogen zonelektrisch om 9u ‘s ochtens 15 GW en om 11u ‘s ochtends 22,3 GW (zie de grafiek van Agora hierboven). Dat is 7,3 GW in twee uur op een normale dag. Dit jaar voeren we de hoeveelheid zonelektrisch vermogen mogelijk 50% meer op in de helft van de tijd.

    De insider die me tipte over dit onderwerp vertelde me dat energiebedrijven al overleg voeren over hoe ze met deze situatie om moeten gaan. Maar het had erger kunnen zijn – Duitsland zou op termijn met gemak twee keer zo veel aan zonelektrisch vermogen kunnen hebben dan vandaag de dag, en een volledige zonsverduistering op een zomer dag zou een veel grotere uitdaging zijn. Maar geen zorgen, de volgende totale zonsverduistering in Duitsland vind pas plaats op 3 september 2081.

    Craig Morris is Amerikaan van geboorte en woont sinds 1992 in Duitsland. In 2006 schreef hij het boek ‘Energy Switch’ en hij schrijft regelmatig over de Duitse energietransitie. Hij is editor van Renewables International, hoofdauteur van EnergyTransition.de en directeur van Petite Planète en is te vinden op Twitter als PPChef.

    Dit artikel is eerder verschenen op Renewables International en met toestemming van de auteur vertaald door Krispijn Beek voor Sargasso.

  • Groene SEO: Een nieuwe backlink-strategie voor duurzame hosting bedrijven

    De hosting markt is erg vol, met veel bedrijven die vechten om aandacht van potentiele klanten met een dienst die, laten we eerlijk zijn, steeds generieker wordt. Dat betekent dat bedrijven zich steeds vaker bedienen van reclame, marketing, sponsoring en de meest gevaarlijke strategie: vergelijkingssites, waar een slechte dag in uw datacenter uw ranking voor jaren kan verpesten.

    Recent ontdekte René Post van The Green Web Foundation een zwakke plek voor hosting bedrijven: het gebrek aan verwijzingen van kwalitatief goede websites. Een hosting bedrijf kan een miljoen klanten hebben, maar als geen van deze klanten u noemt op zijn website, kan u het in het SEO-termen nog steeds verliezen van uw buurman die feestjes organiseert.

    In de hosting sector zorgt dit voor een soort van zwart gat rond hosting bedrijven. Probeer bijvoorbeeld eens een Google zoekopdracht uit te voeren naar ‘hosted by One.com’, ‘websites hosted by strato’ of naar ‘www.dreamhost.com’. Drie bedrijven die ieder meer dan een miljoen domeinnamen hosten, maar met nauwelijks aanbevelingen van klanten voor hun hosting services.

    Wat opviel was het feit dat de link naar de website van The Green Web Foundation’s op de eerste of tweede pagina met zoekresultaten staat, terwijl The Green Web Foundation toch maar een klein project is met ongeveer 2.000 bezoekers per maand. Er zijn een ontelbaar aantal links vanaf parked sites naar grote hosters, maar aangezien deze sites geen content en geen bezoekers hebben is de waarde van deze backlinks waarschijnlijk beperkt. Relevantie is belangrijk, dat maakt de gratis registratie in het online overzicht met groene webhosts van The Green Web Foundation voor uw van waarde. Een goede reden om uw bedrijf te registreren.

    greencheckwww.energiekschiedam.nlVoor groene hosters is er mogelijk meer goed nieuws in aantocht. Over het algemeen heeft de content van de website van uw klanten weinig relevantie voor uw bedrijf. De inhoud van de website van het Schiedams Energie Collectief heeft bijvoorbeeld weinig van doen met de inhoud van de website van hun hosting bedrijf, bHosted. Dit verandert wanneer het Schiedams Energie Collectief een pagina toevoegt over haar duurzaamheidsbeleid en daarbij aandacht besteed aan het belang van groene hosting. Op dat moment levert een badge met ‘Duurzaam gehoste door’ en een verwijzing naar het onderdeel op de website van het hosting bedrijf over duurzaamheid of maatschappelijk verantwoord ondernemen beide extra punten op in zoekmachines. In SEO-termen zijn groene hosting, duurzaamheid en maatschappelijk verantwoord ondernemen op deze wijze on-topic backlinks, die de groene inspanningen van beide bedrijven benadrukken – zonder daarvoor te betalen met Adwords, sponsoring of betaalde links.

    Voor de Nederlandse groene hosting bedrijven die ik opzocht speelt het zwarte gat probleem mogelijk minder (Greenhost, bHosted, Alternet), omdat ze wel op de eerste pagina verschijnen bij Google. Toch stond ook hier The Green Web Foundation iedere keer op de eerste pagina met zoekresultaten en zijn on-topic backlinks voor hen waardevol in SEO-termen.

    The Green Web Foundation

    Het doel van The Green Web Foundation is om de transitie naar het gebruik van duurzame energie voor het internet te versnellen. Neem contact met ons op als u geïnteresseerd bent in onze ondersteuning om er uit te springen als duurzaam hosting bedrijf.

    Dit is een bewerking van een bericht van René Post en eerder gepubliceerd op 2BSustainable.

  • Energieverbruik 2014. Deel 1: verbruik, opwekking en variabele kosten

    2014 is echt afgelopen, tijd dus om terug te kijken op ons energieverbruik en onze energieopwekking afgelopen jaar. Zoals ik in mijn laatste post van 2014 al aangaf heb ik weer wat zitten sleutelen aan de grafieken en presentatie. In de hoop dat het meer inzicht biedt. De spreadsheet die ik zelf heb gebouwd wordt onderhand behoorlijk uitgebreid en daarmee foutgevoelig, dus wellicht wordt het in 2015 tijd om de boel om te gaan zetten naar een database omgeving. Dat is van later zorg eerst de cijfertjes. De volledige energierekening van 2014 bewaar ik voor later, dat vergt namelijk nog wat rekenwerk. Vandaag kijk ik naar de verbruikscijfers vanaf 2011 t/m 2014 en naar de ontwikkeling van de variabele kosten.

    Variabele energiekosten

    Ontwikkeling variabele elektriciteitskosten gedurende het jaar. Weergegeven als cumulatief.
    Ontwikkeling variabele elektriciteitskosten gedurende het jaar. Weergegeven als cumulatief op maandbasis.

    In de grafiek rechts met de variabele kosten van elektriciteitsverbruik is te zien dat deze sinds 2013 en 2014 met name in de zomer erg laag zijn. De zonnepanelen zorgen er dan zelfs voor dat de cumulatieve elektriciteitskosten teruglopen. Oftewel we verdienen in de zomer wat doordat we meer opwekken dan we verbruiken.

    Het effect van onze winddelen op de elektriciteitskosten is veel kleiner, ongeveer € 8 tot € 15 per maand, omdat dit enkel voordeel oplevert voor de leveringskosten. De energiebelasting en de SDE+ heffing moeten gewoon afgedragen worden. Daarbij presteerde onze winddelen (in Grote Geert en De Jonge Held) in 2014 ook minder dan verwacht, de opbrengst bleef in kWh 7% achter bij de beoogde opbrengst. Dat is beter dan in 2013, toen ze 13% minder opbrachten. Daarover later meer. Uiteindelijk hebben onze winddelen ons in 2014 een besparing op onze elektriciteitskosten van ongeveer €96 opgeleverd.

    Vergelijking variabele kosten gasverbruik. Cumulatief gedurende het jaar.
    Ontwikkeling variabele kosten gasverbruik gedurende het jaar. Weergegeven als cumulatief op maandbasis.

    De kosten voor gas zijn een stuk hoger dan de kosten voor elektriciteit. Wat logisch is, omdat we ons vooral gericht hebben op het zelf opwekken van elektriciteit. Bij gas gaat het vooral om besparen, buiten dan de zonneboiler voor warm tapwater. In de grafiek rechts is te zien dat onze zonneboiler ervoor zorgt dat de variabele gaskosten vanaf april t/m september nagenoeg nihil zijn. Ook is goed te zien dat we in 2013 fors meer gestookt hebben en dat we in 2014 weer terug zijn op het kostenniveau van 2011.

    Als we naar de totale variabele energiekosten kijken (grafiek onder) dan valt op dat deze sinds 2013 licht dalen in de zomermaanden. Wat echter vooral opvalt is de forse daling dit jaar in vergelijking met eerdere jaren. Dat is met name te danken aan onze zonnepanelen. De variabele kosten bedroegen in 2014 iets minder dan €600, dat is iets minder dan €50 per maand.

    Variabele energiekosten per jaar vergeleken. Weergegeven zijn de cumulatieve kosten per maand.

    De hoogte van alle vaste lasten minus de korting op de energiebelasting bedroeg afgelopen jaren rond de € 120, dus ik verwacht dat onze totale energierekening over 2014 op ongeveer €700 uitkomt, wat neerkomt op iets minder dan €60 per maand. Daarover volgende keer meer, want kostenbesparing is maar een kant van het verhaal. Voor iemand die het energieverbruik van z’n huis wil verduurzamen, zoals wij, zijn de hoeveelheden de andere kant van het verhaal. Tijd dus om daar naar over te schakelen.

    Energieverbruik & energieopwekking: op naar 100% duurzaam

    Ik heb lang zitten puzzelen hoe ik ons aardgasverbruik op een begrijpelijke wijze kan vergelijken met ons elektricteitsverbruik. En hoe ik daar dan vervolgens weer op een zinnige en begrijpelijke wijze informatie over eigen opwekking aan koppel. Tot nu toe koos ik bij aardgas en de zonneboiler voor kubieke meter gasverbruik en bij elektriciteit voor kilowattuur. Samenvoegen onder dezelfde noemer kan via de route naar Joules. Alleen zegt het aantal Gigajoules energieverbruik de meeste mensen (inclusief mijzelf) weinig, tenzij je stadsverwarming hebt.

    Tijdens een gesprek bij ThermIQ viel het kwartje. Zij vertelde dat in België de volledige energienota in kilowattuur wordt genoteerd. Dat is een eenheid die de meeste mensen wel wat zegt. Daarom nu een aantal grafieken die laten zien hoe ons energieverbruik zich sinds 2011 heeft ontwikkeld. Waarbij alle energiehoeveelheden omgerekend zijn naar kWh. Voor de puriteinen onder de lezers: gehanteerde omrekenfactor: 1 m3 aardgas is 9,77 kWh, dat staat gelijk aan 35,17 MJ.

    Bruto energieverbruik in kWh per jaar, opgedeeld naar tapwater, verwarming en elektriciteit. * Cijfers Nibud en MilieuCentraal op basis van tussenwoning bouwjaar 1991 met 4 personen en 30% warmtebehoefte voor warm tapwater.
    Bruto energieverbruik in kWh per jaar, opgedeeld naar tapwater, verwarming en elektriciteit.
    * Cijfers Nibud en MilieuCentraal op basis van tussenwoning met bouwjaar 1991 en 4 persoonshuishouden. Uitgaande van 30% gasverbruik voor warm tapwater.

    In de grafiek boven is te zien dat verwarming en warm tapwater (beide gas) volgens Nibud en MilieuCentraal de grootste energieslurpers zijn in een huishouden. Elektriciteit vormt zo’n 25% tot 30% van het energieverbruik van een huishouden met 4 personen in een rijtjeshuis met bouwjaar van begin jaren ’90.

    Ook is te zien dat ons energieverbruik behoorlijk fluctueert, van zo’n 11 duizend kWh in 2011 naar ruim 15 duizend kWh in 2013 en weer terug naar zo’n 11 duizend kWh in 2014. Waarbij ook bij ons verwarming en warm tapwater de grootste energieslurpers zijn. Terwijl de focus bij ons al 3 jaar ligt op elektriciteit. Tijd dus om daar wat aan te veranderen. Zeker omdat we in staat zijn om zelf meer duurzame elektriciteit op te wekken, maar niet om groen gas te produceren. Ik heb nog wel wat twijfels over m’n eigen inschatting van de hoeveelheid gas die we gebruiken voor warm tapwater. Dit is nu ongeveer even hoog als ons energieverbruik voor verwarmen, terwijl het eigenlijk zo’n 20 tot 30% hoort te zijn.

    2014_netto_energieverbruik_in_kwh_jaar2014_opgewekte_energie_in_kwh_jaarLeuker dan het bruto energieverbruik vind ik zelf om te zien hoe het aandeel zelf opgewekte energie bij ons de afgelopen jaren is gegroeid en hoe ons netto energieverbruik, de hoeveelheid gas en elektriciteit die we moeten kopen bij het energiebedrijf, is gedaald. Verrassend vind ik hoeveel kilowattuur de zonneboiler bijdraagt, al kan dat lager worden als ik de aannames over gasverbruik voor warm tapwater aanpas.

    De grafiek onder maakt duidelijk dat we met het zelf opwekken van ons elektriciteitsverbruik voor nu klaar zijn. We wekken 100% van ons eigen elektriciteitsverbuik zelf op (iets meer zelfs). Dat betekent dat we enkel nog netto energieverbruik hebben voor warm tapwater en verwarming. Beide betreft aardgas. Dat kunnen we veel lastiger zelf verduurzamen, want zelf groen gas maken is naar mijn weten nog niet haalbaar.

    Aandeel verwarming, warm tapwater en elektriciteit in netto energieverbruik. * Cijfers Nibud en MilieuCentraal op basis van tussenwoning met bouwjaar 1991 en 4 persoonshuishouden. Uitgaande van 30% gasverbruik voor warm tapwater.
    Aandeel verwarming, warm tapwater en elektriciteit in netto energieverbruik.
    * Cijfers Nibud en MilieuCentraal op basis van tussenwoning met bouwjaar 1991 en 4 persoonshuishouden. Uitgaande van 30% gasverbruik voor warm tapwater.

    Tijd dus om door te gaan pakken op all-electric en te kijken of we de komende jaren meer ruimten kunnen gaan voorzien van bijvoorbeeld infrarood verwarming ter vervanging van de cv. In tegenstelling tot een test uit 2010 op Olinio en wat Jan Willem van de Groep in een recent blog schrijft heb ik namelijk niet het idee dat ik met infrarood ga inleveren op comfort. Sterker voor de badkamer is het een duidelijke verbetering t.o.v. de huidige cv-standaard, die warmtevraag in de centrale ruimte met thermostaat vergt om de verwarming in de badkamer aan de praat te krijgen. Tenzij we ruim duizend Euro investeren in een thermostaatsysteem dat per kamer regelbaar is, zoals bv. de Honeywell Evohome of Danfoss Living Connect met Link CC. Beide claimen dat daar gas mee te besparen is. Gezien ons lage gasverbruik weegt dat niet op tegen de kosten, als het al klopt (buiten de woonruimtes is de temperatuur nu namelijk vol continue op 15 graden ingesteld).

    Een andere optie is een warmtepomp, nadeel vind ik dat we de radiatoren dan behouden, de kanalen van onze mechanische ventilatie aanzienlijk moeten gaan aanpassen of met decentrale oplossingen moeten gaan werken die we dan weer in de muren moeten zien weg te werken. Een ander nadeel vind ik de kosten van warmtepompen. Afgaande op MilieuCentraal bedragen de kosten van een warmtepomp die gebruik maakt van de buitenlucht zo´n €20.000. Nu weet ik dat de getallen van MilieuCentraal soms wat aan de conservatieve kant zijn, maar zelfs als het de helft is valt een warmtepomp de komende tijd buiten budget en vraag ik me af de meerkosten opwegen tegen de extra besparing.

    2014_percentage_energieverbruik_zelf_opgewektEen laatste manier om naar het energievraagstuk te kijken die ik wil laten zien is wat BAS Nederland de weg naar nul noemt.  Eigenlijk een variant op nul-op-de-meter. Daarbij kijk je naar de mate waarin je voorziet in je eigen energievoorziening. Dit is weergegeven in de grafiek rechts, waarbij het effect van energiebesparende maatregelen niet los benoemd is. Zoals je ziet voorzagen we in 2014 in iets meer dan 45% van onze eigen energievoorziening. Een forse sprong t.o.v. 2013. Om dat verder op te schroeven kunnen we meer energie gaan besparen of nog meer zelf op gaan wekken. Dat laatste vergt verdere verschuivingen in onze warmtevoorziening van gas naar elektra.

    Tot slot

    Voor mij is het een eye-opener dat ons energieverbruik voor warmte en tapwater zo hoog ligt. In m3 vond ik 2013 best meevallen met iets meer dan 1.000 m3 aardgas, omgerekend in kilowattuur gaat het om bijna 12.000 kWh. Wat meteen duidelijk maakt dat focussen op elektriciteit niet altijd het handigst is als je je energieverbruik wil reduceren of onafhankelijker wil worden van het energiebedrijf. Onze zonneboiler neemt evenveel dakoppervlak in als een zonnepaneel, maar produceert wel bijna 5 keer zoveel energie als een enkel zonnepaneel…

    Volgende keer de volledige jaarrekening, met een uitsplitsing naar de opbrengsten van onze rekening voor onze energieleverancier, het netwerkbedrijf en de belastingdienst.

    Zoals altijd zijn vragen en commentaar welkom.

  • De zwarte kant van onze stroomimport

    OPINIE – Het artikel De zon en wind zijn Europees dat de Onderzoeksredactie een aantal weken geleden in De Groene Amsterdammer publiceerde, beschrijft de ontwikkelingen op de elektriciteitsmarkten in Noordwest-Europa.

    In het artikel noemen de auteurs de Duitse bruinkoolcentrales de zwarte keerzijde van de Duitse Energiewende. Een analyse waar Nederlanders graag op terugvallen om te verbloemen hoe slecht de eigen prestaties zijn op gebied van duurzame energie. Het is echter de vraag of de analyse klopt.

    Wat gemist wordt in het artikel is het belang van de bestaande interconnectiecapaciteit van de Franse en Nederlandse elektriciteitsmarkt met Duitsland bij het openhouden van Duitse bruinkoolcentrales. Zowel Nederland als Frankrijk behoren tot de grootste importeurs van Duitse elektriciteit. Beide landen betalen per kilowattuur ook meer dan ze ontvangen voor hun eigen export naar Duitsland.

    Frankrijk importeert met name veel in de wintermaanden, als de elektrische verwarmingen in Frankrijk veel stroom vreten. Het Franse elektriciteitssysteem, dat grotendeels op kerncentrales draait, kan slecht met grotere vraag naar elektriciteit omgaan. Kerncentrales draaien namelijk bij voorkeur zo dicht mogelijk tegen vol vermogen aan. Frankrijk importeert bij piekvraag elektriciteit uit Duitsland.

    Deze extra vraag kan niet geleverd worden door wind- of zonne-energie, omdat deze vooralsnog niet op verandering in vraag kunnen reageren. De extra elektriciteit komt daarom grotendeels van Duitse conventionele centrales, waarbij centrales met de laagste marginale kosten als eerste stroom gaan produceren. Veelal zijn dit bruinkoolcentrales.

    Eenzelfde verhaal geldt voor Nederland dat bij grote elektriciteitsvraag liever kiest voor import uit Duitsland, dan voor duurdere stroom uit Nederlandse gascentrales. Voor wie deze analyse niet gelooft, een klein gedachte-experiment: stel dat Duitsland, net als België geen of te weinig interconnectiecapaciteit zou hebben met Nederland en Frankrijk. Op momenten met veel elektriciteitsvraag in Nederland of Frankrijk, zouden de Nederlandse en Franse piekcentrales dan bijspringen, deze draaien veelal op gas. Tegelijkertijd zou – zonder export – op dagen met veel zon en wind in Duitsland veel minder behoefte zijn aan de elektriciteit van conventionele centrales. Wat betekent dat die dan hun elektriciteitsproductie zouden moeten terugschroeven.

    Om een beeld te geven Duitsland exporteerde in 2013 33 TWh, dat is ruim 5% van de Duitse elektriciteitsproductie. De Nederlandse en Franse stroomimport is zodoende indirect verantwoordelijk voor het aantal MWh dat Duitse kolencentrales kunnen produceren.

    De Duitse regering heeft kort geleden ook een discussiestuk over uitfasering van kolencentrales gepubliceerd. Inmiddels is duidelijk dat de Duitse regering niet aan het uitfaseren van kolen wil beginnen zolang de uitfasering van kernenergie nog niet afgerond is. Denemarken lijkt de uitfasering van haar kolencentrales wel te willen vervroegen.

    Dit artikel is eerder gepubliceerd op Sargasso.

  • ASN-bank en groene hosting

    De afgelopen maanden heb ik me wat meer verdiept in groene webhosting, oftewel het gebruik van duurzame energie voor het hosten van websites. Ik werk aan een reeks artikelen daarover, maar helaas ontbreekt tot nu toe de tijd om deze te publiceren. In mijn onderzoekje heb ik de Green Web App van The Green Web Foundation gebruikt. Dit is een toevoeging aan je webbrowser die laat zien of een website gehost wordt m.b.v. groene stroom.

    Een leuke startvraag vond ik dan ook welke zichzelf duurzaam noemende organisaties gebruiken een ‘groene’ webhost? En als ze dat niet doen, waarom dan niet? Nogal wiedes dus dat de ASN-bank en hun online community VoorDeWereldVanMorgen.nl een van de eerste waren om te checken. Beide draaien volgens The Green Web App op grijze stroom. Tijd dus voor vragen.

    Navraag bij de ASN-bank leert dat hun website door henzelf wordt gehost, om preciezer te zijn door de SNS-REAAL. Volgens de persvoorlichter van de ASN-bank gebruikt SNS-REAAL groene stroom voor de datacenter. Dat is niet terug te vinden op de website van de SNS-REAAl, wat wel terug is te vinden in het jaarverslag van 2013 (pdf) is dat SNS-REAAL voor ongeveer 90% van z’n stroomvoorziening gebruik maakt van groene stroom. Het verhaal van de ASN dat hun website groen gehost wordt is dus aannemelijk. Al kan ik uit het jaarverslag niet opmaken wat voor garanties van oorsprong SNS-REAAL gebruikt, dus of het om IJslandse waterkracht of Nederlande duurzame energie gaat weet ik niet.

    Voor de website VoorDeWereldVanMorgen ligt het verhaal iets ingewikkelder. De webhost die de ASN daarvoor gebruikt is  Pelican ICT. Op de site van dit bedrijf is niks te vinden over het gebruik van groene stroom en in The Green Web App staat deze als grijs te boek. Bij VoorDeWereldVanMorgen kan ik vooralsnog niet meer doen dan op het woord van de ASN persvoorlichter vertrouwen, want ik het nog niet de tijd gehad om navraag te doen bij Pelican ICT zelf.

    Gebruikte tools:

    • De Green Web App om te zien of een website groen gehost wordt.
    • TCP Utils om uit te vinden welk bedrijf de hosting verzorgt.

    Disclaimer: Mijn eigen site wordt ook grijs gehost. Ik heb daarover al vragen gesteld aan krispijnbeek.nl/. Alleen daar wordt niet op geantwoord. Dat betekent dat ik bezig met plannen te maken voor migratie naar een zelfgehoste WordPress omgeving bij een webhost met groene stroom. Ik ben sinds kort ook vrijwilliger bij The Green Web Foundation.

  • Nationale Duurzame Huizen Route 2014

    Op zaterdag 25 oktober wordt de Nationale Duurzame Huizen Route georganiseerd. Een dag waarop je kan gluren bij de buren om je te laten inspireren over hoe je je huis duurzamer kan maken. Dit jaar doen wij ook mee met ons huis. Je bent welkom, maar wel even aanmelden.

    We zijn gelukkig niet het enige huis in Schiedam dat meedoet, de andere vind je hier.

  • Gastbijdrage van Craig Morris: Angst… dat de Duitse Energiewende zal slagen

    Het Instituut voor Energie Onderzoek (IER) stelt dat angst een belangrijke drijfveer is van de Duitse Energiewende. Een energietransitie die zonder de inzet van schaliegas zal falen in het reduceren van emissies, zeker zonder inzet van kernenergie. Craig Morriss stelt echter dat het erop lijkt dat sommige critici zelf bang zijn, bang dat de Duitsers hun energietransitie voor elkaar krijgen zonder inzet van schaliegas of kernenergie.

    Angst_energiewende_werkt_afb_1
    De grootste angst van critici van de Duitse Energiewende is niet dat deze zal falen, maar dat deze zal slagen (foto credits: Günter Hentschel, CC BY-ND 2.0

    De IER schrijft in zijn commentaar met de titel ‘Duitsland’s angst voor hydraulisch fracken en emissie reductie doelstellingen:

    “[…] als Duitsland vasthoud aan het halen van haar CO2 doelstellingen, sluit een verbod op hydraulisch fracken het land af van een energiebron met relatief lage emissies en maakt het het halen van de gestelde doelstellingen moeilijker.

    Er valt niks weinig af te dingen op die zin, maar veel meer op stellingen elders – te beginnen met de titel.

    Beschuldigingen van Duitse angst ploppen op zoals in het spel Whack-A-Mole. Ze zijn gemakkelijk te weerleggen, zeker als we rekening houden met de reactie van andere landen op nucleaire incidenten.

    Zorgen over de risico’s van kernenergie speelden een hoofdrol in het Duitse debat na het ongeluk in Tsjernobyl in 1986, toen Duitse ambtenaren het publiek waarschuwde voor de risico’s. In reactie daarop implementeerde Duitsland z’n eerste uitfasering van kernenergie – 16 jaar later, in 2002. De regering die de uitfasering implementeerde trad aan in 1998 en besteedde vier jaar aan het plannen en uitonderhandelen van de details van de uitfasering met experts en eigenaren van kerncentrales. Zo’n tijdsplanning klinkt eerder als professioneel, dan als paniek voetbal.

    Italië reageerde na het ongeluk in Tsjernobyl snel met z’n eigen referendum door in 1987 een eigen uitfasering van kernenergie te starten. De Italianen sloten de laatste van hun vier kernreactoren in 1990. Ze hadden geen plan voor het vervangen van kernenergie, dus is Italië nu een van de grootste elektriciteitsimporteurs van Europa, voornamelijk uit Frankrijk. Maar wellicht is Italië’s beslissing slimmer dan je op het eerste gezicht denkt, want de Italianen lijken tegen de Fransen te hebben gezegd: “We willen jullie kernenergie best kopen, maar jullie moeten de risico’s voor ons dragen.”

    Vergelijk dat met de Zweedse rectie – niet op Tsjernobyl (1986), maar oop het veel minder zware ongeluk bij Three Mile Island (1979). In 1980 – op een moment dat zonnecellen een buitenaardse techniek waren en de ontwikkeling van de eerste moderne, maar nog steeds kleine windturbine nog niet eens begonnen was – besloten de Zweden in een referendum tot het uitfaseren van kernenergie in 2010. De Zweedse uitfasering faalde, omdat de Zweden (net als de Italianen) geen tijd hadden genomen om na te denken over hoe kernenergie vervangen kon worden.

    Oostenrijk had al een referendum gehouden in 1978, het jaar voor Three Mile Island, om de ingebruikname van de eerste afgebouwde kerncentrale van het land te blokkeren. Sindsdien staat de afgebouwde centrale weg te roesten, zonder ooit een kilowattuur elektriciteit te hebben geproduceerd, en Oostenrijk begon z’n eigen uitfasering van kernenergie in 1997. Bezien vanuit de Europese context lijkt de Duitse reactie op kernenergie van de afgelopen decennia simpelweg verstandig.

    Veiligheidstheater

    Toegegeven, het besluit om kernenergie uit te faseren van bondskanselier Merkel in 2011 was een verrassing. Toendertijd noemde ik het incompetent en onverantwoordelijk. Zo minitieus, gedetailleerd en flexibel als de uitfasering van 2002 was, zo plotseling en drastisch was de uitfasering van 2011. En het vormde de ergste vorm van overheidsingrijpen in een markt en private bezittingen. Daarbij moet ook rekening gehouden worden met het terugdraaien van de uitfasering van kernenergie door bondskanselier Merkel, een paar maanden voor het ongeluk in Fukushima; in de zomer van 2010 was de levensduur van Duitse kerncentrales met 8 tot 14 jaar verlengd. De uitfasering van 2011 vormde de tweede draai in het kernenergiebeleid in 8 maanden.

    Ik denk dat de IER en ik het met elkaar eens zijn dat de wijze waarop de uitfasering van 2011 is aangepakt ruimte biedt voor verbetering. Maar onze wegen scheiden als het aankomt op de onderbouwing van de uitfasering van kernenergie. Zij schrijven dat “het zeer onwaarschijnlijk is dat Duitsland getroffen wordt door een tsunami.” Dat is waar, maar dat betekent niet dat kernenergie risicoloos is.

    Dit soort denken is wat veiligheidsexpert Bruce Schneier veiligheidstheater noemt – geen echte veiligheid, maar alleen maar acteren om mensen zich veilig te laten voelen: “als we ons bij de beveiliging van vliegvelden concentreren op het controleren van schoenen en het in beslag nemen van vloeistoffen, en de terroristen verstoppen hun explosieven in bh’s of vaste stoffen, hebben we ons geld verspild.” Een kernongeluk in Duitsland zou niet het gevolg zijn van Soviet onbekwaamheid of een tsunami, maar eerder van een combinatie van technisch en menselijk falen, eventueel met een natuurramp als aanstichter. Verschillende Duitse kerncentrales zijn gebouwd op tectonische breuklijnen en ontberen de meest basale bescherming tegen aardbevingen. Het hele land is gevoelig voor overstromingen, maar bij verschillende Duitse kerncentrales ontbreekt fatsoenlijke bescherming tegen overstromingen. Onvoorziene gebeurtenissen zijn dus mogelijk.

    Duitsers begrijpen dat het volgende kernongeluk gemakkelijk anders kan zijn dan Tsjernobyl en Fukushima. Maar zoals Merkel zich in 2011 realiseerde, het volgende ongeluk zou in Duitsland plaats kunnen vinden – om verschillende redenen.

    Duitsland wist hoe kernenergie te vervangen

    In tegenstelling tot de Zweden en Italianen, wisten de Duitsers in 2002 hoe kernenergie te vervangen – en ze hebben zelfs alle kernenergie die vanaf 2011 verloren is gegaan vervangen. De IER beweert het tegendeel:

    Duitsers zijn teruggevallen op kolen als back-up voor de onregelmatige hernieuwbare technologiën en om zich te verzekeren van voldoende vermogen om te voldoen aan de elektriciteitsvraag.

    Angst_dat_energiewende_werkt_afb_2_Figure-2003to20132Deze claim is gebaseerd op een eerdere publicatie van de IER zelf (PDF). Maar zoals we al gedemonstreed hebben in onze studie German Coal Conundrum (zie ook het artikel Welke rol voor kolen in de Duitse energietransitie?), overstijgt de groei van hernieuwbare elektriciteit vanaf 2011 de reductie in kernenergie. En zoals regelmatige lezers van mijn stukken weten vergroot de vraag van het buurlanden naar Duitse stroom het aandeel van de resterende vraag dat bediend wordt door conventionele centrales (in 2013 waren Nederland en Frankrijk in 2013 de grootste importeurs van Duitse stroom). Preciezer gesteld als we de Duitse recordexport van elektriciteit in 2013 buiten beschouwing laten zouden kolenstroom en CO2-emissies met ongeveer 2.5 procent gedaald zijn. Vooral het buitenland maakt massaal gebruik van Duitse kolenstroom; Duitsland heeft veel minder elektriciteit van kolen nodig om in z’n eigen elektriciteitsvraag te voldoen.

    We zouden ook niet moeten stoppen met tellen bij 2013. De verandering in TWh (terawattuur, 1 miljard kilowattuur) staat in de grafiek hierboven. Maak je maar vast op voor rapporten over dalende emissies in Duitsland dit jaar.

    Angst_dat_energietransitie_werkt_afb_3_63changeelectricityproduction2014

    Koolstof in de grond laten

    Tot slot: neemt iemand bij de IER de term ‘unburnable carbon’ serieus? Meerdere organisaties, die je niet kunt beschuldigen van te groen zij, zoals het Internationaal Energie Agentschap (IEA), stellen inmiddels dat we ten minste tweederde van de huidige bewezen reserves fossiele brandstoffen in de grond moeten laten. Als Duitsland schaliegas gaat produceren verhoogt dat enkel de hoeveelheid koolstof die in de grond moet blijven.

    De IER stelt dat Duitsland schaliegas afwijst ‘ondanks stijgende elektriciteitsprijzen,’ alsof binnenlands geproduceerd Duits schaliegas op een of andere magische wijze de elektriciteitsprijzen zou verlagen. Duitsland heeft een van de grootste en minst dure bruinkool voorraden in de wereld. Elektriciteit van schaliegas gaat niet automatisch elektriciteit van bruinkool vervangen, en gas zou relatief goedkoop moeten zijn om elektriciteit van steenkool te vervangen, die ook steeds vaker de markt uit gedrukt wordt (zie grafieken hierboven). Het meest waarschijnlijk is dat Duits schaliegas de Duitse import van gas zou verlagen, zonder de CO2 emissies substantieel te veranderen.

    Globaal genomen lijkt het er op dat het doel van de IER studie is om de Duitse Energiewende in een kwaad daglicht te stellen. Zinnen zoals deze zijn veelzeggend:

    In de nasleep van het besluit tot sluiting van kerncentrales uit 2011 zijn de Duitse CO2 emissie daadwerkelijk gestegen en Duitsland is nu het EU land met de hoogste CO2 emissie (met 760 miljoen ton in 2013) volgens het statistisch bureau van de EU, Eurostat.

    Duitsland heeft niet ‘nu’ de hoogste CO2 emissies, het is verreweg de grootste economie van de EU en is de grootste CO2 uitstoter voor zo ver terug als je wenst te gaan.

    Agst_dat_energiewende_werkt_afb_4_63co2emissionsbycountry

    We moeten bedenken dat het voorzien in goedkope fossiele brandstof geen doel is van de Energiewende. Voor het klimaat moet het doel zijn om om zoveel mogelijk koolstof in de grond te laten, niet om meer grondstoffen (schaliegas) om te zetten in bewezen reserves. Maar het IER lijkt sowieso bezorgder om goedkope energie voor de industrie dan het klimaat. Zoals ik recent uitlegde is Duitsland nieuwe wetgeving geïnterpreteerd als het open zetten van de sluizen (door degene die fracking willen verbieden) of als een verbod (door het bedrijfsleven). De interpretatie van de IER valt duidelijk in het tweede kamp.

    Niemand maakt zich zo druk om de Duitse economie als de voorstanders van fracking en kernenergie lijken te doen. De Duitse economie heeft er sinds de hereniging nog nooit zo goed voorgestaan, en marktanalisten zeggen dat Duitsers zich op kunnen maken voor de Golden 20s in het volgende decenium. Hoe dan ook maakt de IER zich geen werkelijke zorgen om klimaatverandering, CO2 emissies of het succes van de Energiewende. De IER is bezorgd dat Duitsland de omslag voor elkaar gaat krijgen zonder schaliegas of kernenergie.

    Craig Morris is Amerikaan van geboorte en woont sinds 1992 in Duitsland. In 2006 schreef hij het boek ‘Energy Switch’ en hij schrijft regelmatig over de Duitse energietransitie. Hij is editor van Renewables International, hoofdauteur van EnergyTransition.de en directeur van Petite Planète en is te vinden op Twitter als PPChef.

    Dit artikel is een vertaling van het artikel ‘Angst… that the Energiewende will workHet artikel is door mij met toestemming van de auteur vertaald voor Sargasso.

  • Gastbijdrage: Hoe staat het met de Duitse de-industrialisatie?

    ACHTERGROND – De voorspelde negatieve gevolgen van de Duitse energietransitie op de industrie blijven uit.

    Deze gastbijdrage betreft een vertaling van twee artikelen van Craig Morris door mij voor Sargasso.

    Naar verwachting worden de nieuwe amendementen op de Duitse duurzame energiewet in augustus van kracht. Een van de doelen van deze wijzigingen is om een belangrijk – maar niet-bestaand – bijeffect van de Duitse energietransitie aan te pakken: industrie die het land uit wordt gejaagd. Nieuwe cijfers van Deutsche Bank tonen hoe erg de Duitse industrie ‘lijdt’.

    Zoals iedereen weet is een van de belangrijkste doelstellingen van de Duitse energietransitie om de economie te ruïneren. Dat is althans het beeld dat ik krijg bij het lezen van internationale rapporten. Afgaande op de laatste data van Deutsche Bank (pdf) behaalt de energietransitie deze doelstelling echter niet.

    ‘Capaciteitsbenutting is momenteel hoog,’ schrijven de analisten van Deutsche Bank in hun rapport en ze voegen er aan toe dat ze verwachten dat de reële industriële productie in Duitsland in 2014 met 4% zal groeien. De export naar West-Europa stijgt, maar de wereldwijde groei blijft achter. Dat zorgt ervoor dat de inflatie laag blijft op 1,1% in de eerste helft van 2014, ondanks de ‘goede arbeidsmarktsituatie’.

    Deutsche-Bank-500x221
    Bron: Deutsche Bank

    Vergeleken met andere landen in de Eurozone heeft Duitsland (op Ierland na) de hoogste verwachte economische groei, een lage inflatie en als enige begrotingsevenwicht (Luxemburg heeft dat ook, maar is niet weergegeven).

    Energie wordt enkel genoemd in de context van inflatie: door de sterke euro en stabiele olieprijzen stijgen de energieprijzen niet. En hoewel de analisten het niet noemen, heb ik al eens beschreven hoe groothandelstarieven zijn gedaald en retailtarieven stabiel (het tarief dat de consument betaalt) zijn gebleven. Mogelijkerwijs gaan dit jaar ook deze tarieven dalen.

    De analisten van Deutsche Bank richten zich meer op arbeid, omdat de invoer van een minimumloon logischerwijs een belangrijke factor vormt voor het bedrijfsleven. In ieder geval groter dan energie. Momenteel heeft Duitsland namelijk enkel loonafspraken per sector.

    Bron: Deutsche Bank
    Bron: Deutsche Bank.

    De rechter van deze twee grafieken toont hoe de industrie in het voorjaar van 2011 in eerste instantie behoorlijk negatief reageerde op het besluit tot uitfasering van kernenergie door Bondskanselier Merkel. De verwachtingen van de industrie vielen toen scherp terug. Aan het eind van 2012 werd duidelijk dat de Duitse energietransitie vooral lagere energieprijzen betekende voor de industrie en geen uitval van het elektriciteitsnetwerk. In de linker grafiek is te zien dat de werkelijke prestaties van de industrie stabiel bleven, ondanks de schommelende verwachtingen.

    Het rapport is nog het somberst over de energietransitie in de volgende passage:

    Moreover, in light of various government decisions (such as higher pensions) or high energy prices, some companies will probably show restraint when it comes to investment in Germany. As a result, employment growth in industry also looks hardly likely…. However, one needs to bear in mind that the number of employees in German industry currently is more than 7% higher than at its low point of spring 2010, and in a longer-term comparison is high overall.

    Door de tegenvallende start van 2014 voor de machinebouw en chemie is de Duitse industrie afhankelijker geworden van de automotive-sector. De enige reden die wordt gegeven voor de tegenvallende start van de machinebouw is een lager handelsvolume met Rusland.

    Aldel ontvluchtte Nederland vanwege de Duitse Energiewende

    Speciaal voor de Nederlandse lezer vul ik onze non-serie over bedrijven die Duitsland ontvluchten vanwege de hoge elektriciteitsprijzen aan met het verhaal van Aldel. Een Nederlands bedrijf, net over de grens met Duitsland, dat meer elektriciteit wilde inkopen in Duitsland. Want als je gehoord hebt over de Duitse energietransitie die energie-intensieve industrie, zoals aluminium smelters, wegjaagt, raad ik je aan even goed te gaan zitten voor het originele citaat uit het persbericht:

    De Provincie Groningen zelf zal zorgen voor de lening van € 7 miljoen, die nodig is om er voor te zorgen dat Aldel, haar aandeelhouders en de Nederlandse overheid een oplossing vinden op lange termijn, in de vorm van een directe verbinding van Aldel naar het Duitse elektriciteitsnet. Deze verbinding zal dienen als een belangrijke levensader voor Aldel; het zal concurrerende internationale energieprijzen in de toekomst veilig stellen.

    Oftewel: de provincie Groningen, met een van Europa’s grootste gasvelden, leent Aldel 7 miljoen Euro zodat het bedrijf aangesloten kan worden op het Duitse elektriciteitsnetwerk. Deze verbinding noemen ze een ‘belangrijke levensader’, omdat het zorgt voor ‘internationaal concurrerende elektriciteitsprijzen’.

    De Volkskrant meldde dat Aldel’s Duitse concurrenten 25% minder voor elektriciteit betalen. De roep om aansluiting op het Duitse elektriciteitsnetwerk toont dat het verschil niet komt door uitzonderingen voor de Duitse industrie, maar door verschil in werkelijke stroomprijzen.

    De Volkskrant had het echter fout toen ze stelde dat de Duitse reactie op Fukushima aantoont waarom de elektriciteitsmarkt op Europees in plaats van op nationaal niveau moet worden gecoördineerd. Het elektriciteitsaanbod was namelijk nog veel groter – en de elektriciteitsprijs dus veel lager – geweest als Duitsland in 2011 niet acht kerncentrales had gesloten.
    De oorzaak van de dalende elektriciteitsprijzen in Duitsland is vooral de enorme groei van zonne-energie. En dat was al jaren voor Fukushima aan de gang. Sommigen onder ons probeerden uit te leggen wat de resultaten daarvan zouden zijn, maar luisterde daar eigenlijk wel iemand naar?

    Craig Morris is Amerikaan van geboorte en woont sinds 1992 in Duitsland. In 2006 schreef hij het boek ‘Energy Switch’ en hij schrijft regelmatig over de Duitse energietransitie. Hij is editor van Renewables International, hoofdauteur van EnergyTransition.de en directeur van Petite Planète en is te vinden op Twitter als PPChef.

    Dit artikel is een samenvoeging van twee eerder op Renewables International gepubliceerde artikelen over het effect van de energietransitie op de industrie. Te weten German deindustrialization: how is that going? en Dutch aluminum firm hungry for German electricity. De artikelen zijn met toestemming van de auteur door mij vertaald voor Sargasso.