Tijd om te stoppen met grootschalig opkopen en het verkrijgen van langjarige pachtovereenkomsten (met ongunstige voorwaarden voor lokale bewoners. Tiijd om te starten met investeren in de lokale economie.
Blog
-
De economische kans van luchtkwaliteit
Vorig jaar mei schreef ik voor TEDxBinnenhof over de economische kansen van Nederlandse innovaties in luchtkwaliteit. In de kerstvakantie kreeg ik een rapport in handen dat de economische potentie vanuit een andere kant onderstreepte. Het afvangen van schadelijke gassen, die de binnenvaart momenteel al varende in de lucht loost, levert de handelaren in en producenten van deze gassen volgens het rapport ruim €117 mln extra inkomsten op. Zo zie je maar: de strijd van GroenLinks voor schonere lucht in het Rijnmond gebied kan prima samengaan met winstkansen voor het Nederlandse bedrijfsleven. Reden voor de website Duurzaam Bedrijfsleven om het onderwerp samen op te pakken.
Transport vluchtige organische stoffen
Nederlandse binnenvaartschepen vervoeren jaarlijkse miljoenen liters vluchtige organische stoffen, zoals benzeen, MBTE en styreen. Het zijn industriële chemicaliën die worden gebruikt als oplosmiddel of bij de productie van plastics. Deze stoffen zijn in principe vloeibaar, maar vluchtig: ze verdampen snel. In vakjargon heten ze NMVOS.
Door die vluchtigheid blijft er na het lossen van de vloeibare lading altijd een hoeveelheid aan gassen achter in de tanks. In 60 procent van de gevallen moet dit ontgast worden. De Nederlandse wetgeving kent geen beperkingen voor binnenvaartschepen om varend te ontgassen. Het ontgassen leidt tot stankoverlast en, aangezien sommige NMVOS kankerverwekkend zijn, ook tot schade aan het milieu en de volksgezondheid.
Kans van 117 miljoen euro
Het ontgassen is ook een gemiste economische kans. Volgens een recent onderzoek van Raymond Kastermans, specialist in gevaarlijke stoffen bij het ministerie van Infrastructuur en Milieu, blijkt dat elk jaar vier miljoen liter aan NMVOS wordt ontgast. Deze gassen kunnen ook worden opgevangen en verhandeld. Volgens het onderzoek van Kastermans vertegenwoordigen de gassen een economische waarde van ruim €117 mln.
Alleen al het afvangen van benzeen zou €42 mln op kunnen leveren. Blootstelling aan hoge doses benzeen is schadelijk voor de gezondheid. Het havengebied in Rotterdam is volgens het Planbureau voor de Leefomgeving en het RIVM een van de weinige gebieden in Nederland waar nog een probleem met het halen van de norm voor benzeenconcentratie bestaat.
VentoClean
Het Rotterdamse TEICom heeft met zijn gepatenteerde koelinstallatie VentoClean een uitvinding in handen die vluchtige gassen kan opvangen en om kan zetten naar een waardevol product. Met behulp van stikstof wordt de ladingdamp direct afgegeven aan de ontvanger, zonder dat het product qua fysische eigenschappen veranderd is.
Tegenover een markt van €117 mln staan investeringskosten van ongeveer €1 mln voor aanschaf en installatie. VentoClean verbruikt 200 kilowattuur aan elektriciteit per uur, maar zelfs tegen kleinverbruikerstarief is dat een schijntje van €46 per uur aan exploitatiekosten.
Met het systeem kan op een 110 meter binnenvaarttanker zoals de Aaltje per reis rond 1100 liter benzeen of 700 liter benzine worden teruggewonnen.
Wereldwijd patent
Vluchtige organische stoffen zijn een wereldwijd probleem. TEICom is net naar de Verenigde Staten geweest, waar het probleem zich ook voordoet. Het bedrijf uit Honselersdijk profiteert van hun wereldwijde patent.
In Nederland is strengere wetgeving in de maak over het ontgassen van NMVOS, maar deze laat op zich wachten. In de tussentijd wordt onvoldoende gebruik gemaakt van innovatieve oplossingen van Nederlandse bedrijven voor het verbeteren van luchtkwaliteit. Alleen in Amsterdam zijn twee VentoClean-installaties besteld.
Havengebied Rotterdam
Het havengebied van Rotterdam is niet zo ambitieus en vond in eerste instantie 2030 vroeg genoeg:
[youtube http://www.youtube.com/watch?v=mkTsCe_xPBI&w=560&h=315]
Vorig voorjaar heeft het gemeentebestuur van Rotterdam aangegeven te werken aan een verbod op varend afgassen vanaf 2014. Tot 2020 wordt het afgassen in de Geulhaven gedoogd, dat betekent nog 7 jaar overlast van afgassen voor Vlaardingen (en in mindere mate Schiedam, Rhoon en Hoogvliet).
Tegelijkertijd spreekt Hans Smits, de directeur van het Havenbedrijf Rotterdam, in de serie MVO Leiderschap van NuZakelijk prachtig woorden over het belang van MVO en zorg voor de omgeving voor de ‘licence to operate’ van het Rotterdams Havenbedrijf. Of bij het blijven gedogen van het lozen van schadelijke stoffen naar de lucht, terwijl alternatieven voorhanden zijn de term leiderschap hoort…
[youtube http://www.youtube.com/watch?v=KhG-Un1AJkk&w=560&h=315]
-
Luchtkwaliteit: model vs meting
Afgelopen week stond er een berichtje op Infrasite over luchtkwaliteit. Een dossier waar ik me in het verleden nog wel eens mee bezig heb gehouden, dus altijd leuk om te lezen hoe het daar mee gaat. Volgens het bericht gaat het de goede kant op in Nederland. De stikstofdioxidevervuiling is nog te hoog langs minder dan een halve van de 5.050 kilometer rijkswegen, en langs ongeveer elf van de 131.085 kilometers overige (provinciale, gemeentelijke en waterschaps-)wegen.
Dat deed me denken aan een heel ander bericht van GroenLinks Rotterdam over het effect van het experiment met het ophogen van de snelheid van 80 naar 100 km op stukken van de A20 en A13 bij Rotterdam. Volgens metingen van GroenLinks Rotterdam is de vervuiling langs de A13 hoger dan ooit. Nu weet ik niet precies hoe lang het stuk van de A13 is waar de snelheid is opgevoerd, maar ik kan me niet onttrekken aan de indruk dat het om meeer dan een halve kilometer gaat.
Een beetje doorzoeken levert een mogelijke oplossing: de NSL monitoringstool toont als meest recente data 2011. Terwijl GroenLinks Rotterdam metingen heeft uit 2012.
Met de komst van meer van dit soort eigen metingen gaat het NSL net zulke tijden tegemoet als het model voor geluidsmetingen rond Schiphol ten tijde van de opkomst van Geluidsnet
-
Jaarrendement MyC4 2012
Het is 2013, dus tijd om de balans over 2012 op te maken. Zoals ik eerder al liet zien hebben we inmiddels een behoorlijk portfolio aan investeringen opgebouwd, dus het gaat even duren voordat ik ze allemaal behandeld heb hier op mijn weblog. Al verwacht ik dat over veel van onze investeringen nog weinig te melden valt. Vandaag een waar wel wat over te melden valt: de investeringen in Afrika via MyC4. In 2009 en 2010 heb ik daar behoorlijke verliezen op geleden en in 2011 was mijn rendement nog licht negatief. Het rendement over 2012 was echter zeer goed te noemen: 13%.
Investeringen sinds 2008
Sinds 2008 heb ik in via bijna 400 leningen ruim €2.000 geinvesteerd in Afrika. Dat is niet altijd goed gegaan, maar tot op heden heb ik ruim €1.600 terug ontvangen aan aflossingen en rente. Van die 400 leningen zijn 175 leningen volledig terugbetaald.
Tabel 1 investeringen sinds 2008
Country Investments Amount Repayments Cote D’ivoire 5
€ 45
€ 17
Ghana 25
€ 134
€ 108
Kenya 135
€ 854
€ 531
Rwanda 48
€ 250
€ 232
Senegal 12
€ 65
€ 30
Tanzania 45
€ 230
€ 137
Uganda 127
€ 769
€ 557
Eindtotaal 397
€ 2.346
€ 1.611
In onderstaande tabel kan je zien dat ik in 2012 geparticipeerd heb in 112 nieuwe leningen, waarvan het merendeel in Uganda, Kenya en Tanzania
Tabel 2 nieuwe investeringen in 2012
Country Active Removed Eindtotaal Ghana 3
5
8
Kenya 27
1
28
Rwanda 11
6
17
Tanzania 24
3
27
Uganda 47
19
66
Eindtotaal 112
34
146
Behaalt resultaat 2012
In 2012 heb ik in totaal €572,50 geïnvesteerd in Afrika verdeelt over 112 ondernemers. Ik heb bijna 1400 terugbetalingen ontvangen met een waarde van €516,10. Mijn nettowinst bedroeg bijna €40. Dat is 13% rendement op het geïnvesteerd vermogen dat nog over is van de totale inleg van €650. Als ik uitga van die €650 resteert een rendement van 6%. Nog steeds ruim meer dan op een spaarrekening. Daar staat dan ook meer risico tegenover, zoals ik met name in 2009 en 2010 heb mogen ervaren.
Inmiddels is de kwaliteit van de leningen bij MyC4 sterk verbeterd. Dat vertaalt zich in een minder groot bedrag aan defaults (leningen waar 6 maanden of langer geen terugbetaling op ontvangen is). Ook het aantal defaults waar alsnog betalingen op binnenkomen stijgt. In 2012 was het bedrag dat ik kwijt was aan defaults ongeveer in evenwicht met het bedrag dat ik alsnog ontvangen heb. Voor mij laat dat zien dat MyC4 de kwaliteit van haar providers op orde heeft gekregen. Wat niet wil zeggen dat alle problemen verleden tijd zijn, aangezien nog steeds 41% van mijn uitstaande leningen een betalingsachterstand heeft.
Tabel 3 kwaliteit portfolio
Status No Pending Yes Eindtotaal Aantal leningen 52
12
62
126
Aandeel 41%
10%
49%
100%
Ook de kracht van de Afrikaanse economieen ten opzichte van Europa is terug te zien in mijn resultaten aangezien zo’n 10% van mijn rendement afkomstig is van valutawinsten. Anders gezegd: Afrikaanse munten zijn in 2012 gestegen ten opzichte van de Euro.
Tabel 4 resultaten 2012
Interest 2008
2009
2010
2011
2012
Earned interest before tax and currency 12,75
44,08
25,37
29,28
42,48
Paid tax on earned interest 1,76-
6,37-
3,75-
4,06-
5,74-
Currency gain/loss on earned interest 0,10-
2,61-
0,50-
2,22-
0,48-
Earned interest after tax and currency 10,89
35,10
21,12
23,00
36,26
Principal Defaulted principal –
116,84-
272,57-
15,24-
10,59-
Recovered principal –
3,92
7,39
8,45
9,61
Miscoci coverage 16,48
Currency gain/loss on principal 0,42-
22,21-
5,90-
28,26-
4,20
Total gain/loss on principal 0,42-
118,65-
271,08-
35,05-
3,22
Net result 10,47
83,55-
249,96-
12,05-
39,48
Rendement 5%
-20%
-83%
-5%
13%
Vergelijking rendement met dochterlief
Voor mijn dochter heb ik ook een account by MyC4 aangemaakt, waar ik ieder jaar een bedrag op stort. Dit geld wordt automatisch geïnvesteerd in Afrikaanse ondernemers. Grote vraag is ieder jaar of automatisch investeren een beter rendement oplevert dan wat ik zelf probeer. Over 2012 is dat niet het geval, dochterlief heeft ‘slechts’ 8% rendement behaald. Dat is minder dan dat ik heb behaald.
-
Goede milieuvoornemens wel degelijk effectief
Goede voornemens maken kan wel degelijk tot gedragsverandering leiden als tenminste allemaal niet te vrijblijvend is…
-
Ontwikkeling MyC4 in 4e kwartaal 2012
MyC4 toont verdere verbetering in 4e kwartaal 2012. Vrijdag laatste hand leggen aan de berekening van mijn eigen rendement.
-
De eerste week winddelen
Vandaag zag ik op Facebook de eerste opbrengstcijfers binnenkomen van De Windcentrale. De eerste week hebben de windmolens 11,6 kWh per winddeel opgeleverd. We hebben zelf 3 winddelen, dus dat betekent dat we 34,8 kWh hebben opgewekt.
Door onze Qbox mini weet ik dat we in de eerste week van januari 48,1 kWh hebben verbruikt. Dat betekent dat we de eerste week van januari ongeveer 70% van ons eigen elektriciteitsverbruik hebben opgewekt. Een percentage dat in de loop van het jaar nog gaat dalen naar ongeveer 45% tot 50%, want de elektriciteitsopbrengst van windmolens is nou eenmaal niet continue verdeeld over het jaar. Wie een beetje een schatting wil maken kan kijken bij de opbrengstcijfers van de molens van De Windvogel.
Het betekent ook werk aan de winkel. Want de huidige spreadsheet die ik gebruik voor het bijhouden van ons energieverbruik kent geen opwekking van energie. De spreadsheet die ik ooit gebouwd had voor zonnepanelen gaat ook niet voldoen, want bij De Windcentrale blijven we gewoon energiebelasting en btw daarover betalen. Alleen de leveringskosten vallen weg (en laat dat nou minder dan 50% van de Nederlandse elektriciteitsprijs voor kleinverbruikers zijn).
-
Gas, water en elektriciteitsverbruik (december) 2012
Januari, dus tijd voor het opnemen van de energie- en waterstanden van december 2012. Waarmee we meteen kunnen kijken was ons totale energieverbruik in 2012 is geworden.
GAS-, ELEKTRICITEIT- EN WATERVERBRUIK DECEMBER
December was met 420 graaddagen kouder dan vorig jaar (383) graaddagen. Toch lag het gasverbruik met 145 m3 nauwelijks hoger dan de 138 m3 van vorig. Dat betekent dat we in december ongeveer 90 Euro aan gas hebben uitgegeven. Per graaddag is het gasverbruik ongeveer gelijk aan 2011 met 0,35 m3/graaddag.
We hebben 10 m3 water verbruikt. Dus ook dat is redelijk stabiel, ik verwacht dat het waterverbruik de komende maanden langzaam toe gaat nemen als de nieuwe spruit zich aandient. Ons elektriciteitsverbruik is ten opzichte van december 2011 nauwelijks verandert 323 kWh in 2012 om 316 in 2011. Met een kerstboom en andere feestverlichting is december nu eenmaal een forse energieslurper in het jaar.
GAS, ELEKTRICITEIT- EN WATERVERBRUIK 2010-2012
Op jaarbasis is ons energie- en waterverbruik behoorlijk teruggelopen. Ons gasverbruik is in 2012 wel hoger dan in 2011, maar dat is op zich niet verwonderlijk aangezien we in 2012 veel vaker thuis geweest zijn. Met name in het stookseizoen. Met iets minder dan 800 m3 gas zitten we echter nog ruim onder het gemiddelde in Nederland, dus ik ben zeker niet ontevreden.
Ons elektriciteitsverbruik is ook opgelopen, maar ook daar zitten we nog onder het gemiddelde. Bovendien wekken we vanaf 1 januari ongeveer 1.500 kWh per jaar zelf op via onze winddelen. Momenteel is dat ongeveer de helft van ons elektriciteitsverbruik. Nu de andere helft nog op gaan wekken met zonnepaneeltjes op ons eigen dak en wat zuiniger aan doen met elektriciteit.
Ons waterverbruik is in 2012 wel verder gedaald. Verbruikte we in 2011 nog 117 m3 water, in 2012 was dit nog maar 96 m3. De nieuwe wasmachine en wat vaker douchen i.p.v. in bad gaan werpen dus hun vruchten af.
Jaar Gas Gas / graaddag elektriciteit Water 2010 1813 0,55 5888 170 2011 678 0,26 2897 117 2012 796 0,28 3112 96 Het bijhouden van de hoeveelheden die je bespaart is leuk, nog veel leuker is het om te zien hoeveel dat financieel oplevert. Hieronder een heel simpele tabel, waarin geen rekening is gehouden met graaddagen of vaste kosten. Het gaat enkel om de verbruikte hoeveelheden afgerekend tegen de in het betreffende jaar geldende prijzen. Zoals je kan zien hebben we door verschillende energiebesparende maatregelen in ons huis en door bewuster om te gaan met energie behoorlijk weten te besparen op de energierekening. Van de 2.300 Euro aan gas, elektra en water (zonder vaste aansluitkosten, huur meter etc.) is nog maar een kleine 1.300 Euro over. Komend jaar verwacht ik dat er nog zo’n 135 Euro aan elektriciteitskosten afgaan, doordat we via onze winddelen zelf elektriciteit opwekken.
Jaar Gas Elektriciteit Water Totaal 2010 € 871,51 € 1.234,35 € 199,47 € 2.305,33 2011 € 426,33 € 609,98 € 137,54 € 1.173,84 2012 € 487,84 € 672,52 € 112,85 € 1.273,21 -
Zelflevering light: Wat is nabijheid?
Dat was de vraag Donald van den Akker gisteren via twitter stelde. De vraag is actueel en relevant door de volgende regel uit het regeerakkoord:
Het kleinschalig, duurzaam opwekken van (zonne-)energie waarvoor geen rijkssubsidie wordt ontvangen, wordt fiscaal gestimuleerd door invoering van een verlaagd tarief in de eerste schijf van de energiebelasting op elektriciteit die afkomstig is van coöperaties van particuliere kleinverbruikers, aan deze verbruikers geleverd wordt en in hun nabijheid is opgewekt. Deze wordt lastenneutraal gefinancierd door een generieke verhoging van het reguliere tarief in de eerste schijf van de energiebelasting.
Momenteel wordt achter de schermen gewerkt aan de invulling van deze regeling. Mijn mening over zelflevering light vind je hier, maar op verzoek van Donald mijn 2 cent over wat nabijheid in kan houden, al blijf ik van mening dat het zelflevering light een sigaar uit eigen doos is voor kleinverbruikers. Dat neemt niet weg zelflevering light ook kansen biedt voor bedrijven, ook al zullen ze voor de vorm een cooperatie moeten oprichten om hun klanten van de voordeeltjes gebruik te kunnen laten maken.
Nabijheid
Een van de voorstellen die Donald van de Akker deed was opdeling van Nederland volgens de eerste 2 cijfers van de postcodes. Hieronder zie je welke indeling dat op zou leveren.
Mijns inziens levert indeling naar 2 cijferigpostcodegebied rare situaties op. Zo ligt tussen Schiedam (postcodegebied 31) en Rotterdam (postcodegebied 30) het bedrijventerrein Spaanse Polder met veel platte daken. Een deel daarvan is wellicht geschikt voor zonnepanelen. Als Schiedammer zou ik enkel kunnen investeren in zonnepanelen op de Schiedamse daken, terwijl vrienden uit Rotterdam-Zuid (toch echt een stuk verder weg) wel kunnen investeren in de daken van Spaanse Polder. In de regio Haaglanden speelt dat probleem niet omdat de randgemeenten daar allemaal postcodegebied 22 hebben.Andersom liggen er binnen postcodegebied 31 behoorlijk wat stukken die geschikt zijn voor windmolens. Een aantal plaatsen zijn daar ook al voor aangewezen. Rotterdammers zouden daar niet in kunnen investeren, terwijl windenergie een minder grote investering per kWh geinstalleerd vermogen vergt dan zonnepanelen.
Bij de keuze voor indeling naar gemeente (of nog kleinere eenheden) gaan nog veel meer van dat soort problemen spelen.
Mijn voorkeursroute
Hoe kleiner je de gebieden maakt, hoe meer zelflevering light een verkapte ondersteuning voor zonnepanelen wordt. Zelf zou ik daarom een hele andere route kiezen, die prima past bij de sterke drang van het Kabinet naar centralisatie, of het nu gaat om politie of om decentrale overheden. Aangezien de uitkomst van fusies tussen gemeenten nog wel even op zich gaat laten wachten en de precieze indeling ook kan variëren zou mijn voorkeur uitgaan naar indeling van Nederland in 5 regio’s. Deze regio’s laat je samen vallen met de indeling in 5 provincies die de rijksoverheid voor ogen heeft.
Bijkomend voordeel is dat burgers dan zelf kunnen besluiten in welke techniek ze willen investeren. Dat kan gaan om windparken op land, die bij een verlaagd energiebelastingtarief in de eerste schijf ook zonder SDE+ financieel interessant kunnen zijn voor kleinverbruikers (wat niet wil zeggen dat dat een makkerijkere route dan SDE+ is). Het kan ook gaan op zonnepanelen op andermans dak (bv. Zonnepark Nijmegen) of om een niet gebouw gebonden zonnepanelen installatie (bv. SolargreenPoint Terbregseplein) (wat wederom niet wil zeggen dat deze route makkelijker is dan met SDE+).
Zelf 2 cent over? Laat je reactie achter.
-
Van de verbruiker betaalt naar de kleinverbruiker betaalt
Al jaren wordt er hard gelobbied voor het veranderen van het systeem van energiebelasting en terecht laat dat duidelijk zijn. Het blijft tamelijk vreemd dat 30 jaar na invoer van het vervuiler betaalt principe nog gewerkt wordt vanuit de (klein)verbruiker betaald. Dat levert ook vreemde situaties op waarbij burgers naar de meest kapitaalintensieve vormen van duurzame energie worden gedreven. Zoals Peter Segaar voorrekent is vanaf januari het voordeel van zonnepanelen op eigen dak nog hoger dan het in Nederland zo verfoeide Duitse feed-in tarief…
Zelflevering als alternatief voor feed-in
Gezien de grote weerstand tegen het feed-in systeem is in Nederland de laatste jaren ingezet op een andere oplossing, namelijk zelflevering. Populair bekent als het ‘kropje sla model’. Het idee daarbij is dat je over zelfgekweekte groente uit je moestuin, die je over de openbare weg naar je huis vervoert geen belasting betaalt, terwijl je wel energiebelasting en btw betaalt over zelfopgewekte energie die je over het openbare elektriciteits- of gasnet vervoert.
[youtube http://www.youtube.com/watch?v=jlzsOFaYlrU]
Het regeerakkoord van de VVD en de PvdA bevat een maatregel om dit te veranderen:
Het kleinschalig, duurzaam opwekken van (zonne-)energie waarvoor geen rijkssubsidie wordt ontvangen, wordt fiscaal gestimuleerd door invoering van een verlaagd tarief in de eerste schijf van de energiebelasting op elektriciteit die afkomstig is van coöperaties van particuliere kleinverbruikers, aan deze verbruikers geleverd wordt en in hun nabijheid is opgewekt. Deze wordt lastenneutraal gefinancierd door een generieke verhoging van het reguliere tarief in de eerste schijf van de energiebelasting.
Achter de schermen wordt inmiddels druk onderhandeld over de wijze waarop deze maatregel over de vormgeving van deze maatregel, zoals bv. blijkt uit het weblog van Thijs de la Court. De voorstanders van zelflevering light schilderen het voorstel graag af als eerlijk, omdat het in lijn is met het principe de vervuiler betaalt en beloning van investeerders in duurzame energie. Naar mijn mening valt op die argumenten nogal wat af te dingen. Sterker zelflevering light kan een hoop extra onbegrip en weerstand tegen duurzame energie opleveren.
Zelflevering light is eerlijk, want de vervuiler betaalt
Een aantal voorstanders van deze maatregel verkondigt dat het een eerlijke maatregel is, omdat de vervuilende burgers en vervuilende bedrijven voor de kosten van de maatregel opdraaien. Dat is flauwekul. In het regeerakkoord wordt gesproken van een voordeel voor kleinverbruikers die stroom afnemen van een locale energiecooperatie, dit voordeel wordt bekostigd door een heffing op kleinverbruikers die geen elektriciteit (kunnen of willen) afnemen) van een locale energiecooperatie. Het maakt daarbij niet uit of ze groene of grijze stroom afnemen van een commercieel bedrijf of een energiecooperatie die niet in de buurt zit. Klanten van commerciele elektriciteitsbedrijven die een primium betalen voor groene stroom uit Nederland (geen sjoememstroom, maar bv. Essent’s Windkracht220 of Eneco Hollandse Wind) worden zo vierdubbel gepakt:
- Ze betalen meer dan voor grijze stroom,
- Ze betalen energiebelasting betalen voor een energietransitie die ze al jaren niet krijgen,
- Ze betalen extra SDE+ heffing om bedrijven te financieren die het toekomstig aanbod van groene stroom vergroten, terwijl er geen enkel budget meer beschikbaar is om hun eigen huis energiezuiniger te maken. Sterker als ze in de sociale huursector zitten mogen ze nog eens 2 miljard extra op gaan hoesten om de staatsfinancien op orde te schoppen.
- Ze gaan een extra opslag betalen op hun elektriciteitsprijs omdat ze geen zin of mogelijkheid hebben om duurzame elektriciteit af te nemen uit de buurt.
Bij zelflevering light investeer je meer en vervuil je minder
Ik ben lid van De Windvogel en van De Windcentrale. Om lid te worden van De Windvogel en dus de mogelijkheid te krijgen van elektriciteit via zelflevering betaalde ik eenmalig 50 Euro lidmaatschapskosten. Bij De Windcentrale lag de instapprijs voor lidmaatschap op Euro 351. Drie maal raden: Waar investeer ik meer? Drie maal raden wat er niet onder zelflevering light valt (vanwege de term ‘nabijheid’ en omdat de windmolens nog subsidie ontvangen uit de MEP tijd). Zonnestroom via bv. SolarGreenPoint is nog een maatje duurder Euro 500 voor een paneel met een jaaropbrengst van ongeveer 230 kWh.
Nu valt er natuurlijk veel voor te zeggen om deelname van burgers in lokale duurzame energie initiatieven te bevorderen. Al was het maar omdat betrokkenheid bij en financieel voordeel van duurzame energie leiden tot groter draagvlak. Maar meer investeren? Bij veel lokale duurzame energiebedrijven ben je voor een paar tientjes lid, dat heeft weinig met investeren te maken.
Als het je gaat om maximale investering in duurzame energie, dan gaat er overigens weinig boven zonnepanelen. Zowel op eigen dak als op andermans dak zijn de investeringskosten vele malen hoger dan bij windenergie.
Bij zelflevering light verdubbelt het aandeel duurzame energie
Dat klinkt heel mooi en het betekent volgens voorstanders 7% duurzame, door burgers opgewekte energie in 2020. Voor het gemak ga ik er van uit dat de voorstanders met energie elektriciteit bedoelen. Momenteel zijn huishoudens goed voor ongeveer 17% van het totale Nederlandse elektriciteitsverbruik. Dat wil dus zeggen dat ongeveer 1 op de 3 burgers in 2020 voordeel heeft van zelflevering light, de andere 66% mag zo’n 100 Euro per jaar extra betalen (zie Henri Bontenbal). En dat voor nog geen 20% van de doelstelling voor 2020 (14% duurzame energie betekent naar mijn weten ongeveer 35% duurzame elektriciteit).
Wanneer de voorstanders duurzame energie bedoelen dan wordt de rekening voor de resterende kleinverbruikers nog wat hoger. Want huishoudens verbruikte in 2011 ongeveer 12,5% van de totale energie in Nederland (en dient 50% van de energiebelasting op te hoesten…). Bij 7% duurzame energie door zelflevering betekent dat dat 56% van de huishoudens door zelflevering in z’n eigen energievraag kan voorzien (gas, warmte en Elektra). Als de andere 44% van de huishoudens daarvoor de rekening mag betalen betekent dat een stijging van de energieprijs met heel wat meer dan 152 Euro die Henri Bontenbal voor elektriciteit voor recent. Drie keer raden wat dat gaat betekenen voor het draagvlak onder kleinverbruikers…
Cooperatie = duurzaam
Dat lijkt de impliciete boodschap van de decentrale energielobby. Nu weet ik dat de cooperatie een lang bestaande rechtsvorm is in Nederland die mooie bedrijven heeft voortgebracht, maar om nu te stellen dat die allemaal de duurzaamste zijn… Neem de bankensector. Is de Rabobank daar werkelijk de koploper en wegbereider van verduurzaming geweest? Of waren dat commerciele banken als ASN en Triodos?
Of neem Friesland-Campina: is dat nou van oudsher de duurzaamste zuivelleverancier van Nederland? Duurzamer dan Danone of andere zuivelleveranciers?
Tijd voor een paradigmawissel
Met de vervuiler laten betalen heeft de zelfleveringsconstructie light die Rutte & Samson voorstaan naar mijn mening weinig te maken. Zelflevering light is eerder een fopspeen die afleidt van de werkelijke discussie: de vervuiler betaalt niet in Nederland, die bepaalt. Het is de kleinverbruiker die betaalt (meer nog dan in Duitsland met z’n door Nederlandse beleidsmakers verfoeide feedin systeem). De huidige energiebelasting gaat ook niet uit van de vervuiler betaalt, maar van de verbruiker betaalt. Voor de hoogte van de energiebelasting maakt het niet uit of je groene of grijze stroom afneemt.
Tijd dus voor een paradigmawissel in het energiebeleid: van de verbruiker betaalt naar de vervuiler betaalt zoals ook Pauline Westendorp bepleit. Oftewel maak van de energiebelasting een bronheffing, die afhangt van de mate van vervuiling. In de simpelste versie hou je dan enkel rekening met CO2, als je het wat beter wil doen hou je ook rekening met zaken als luchtvervuiling, effect op waterkwaliteit en hinder voor de directe omgeving.
Overtuig me in de reacties gerust van het tegendeel, maar ik geloof niet dat zelflevering light een vooruitgang is voor het draagvlak voor duurzame energie in Nederland.