De eerste maand van het jaar is geweest, tijd om terug te kijken naar ons energiegebruik, onze energieproductie en niet te vergeten onze energiekosten. Om met die laatste te beginnen we zouden een kleine Euro 70 bespaard kunnen hebben als we een dynamisch contract hadden gehad. Wat we niet hebben, want we hebben een vast contract gecombineerd met winddelen. Door onze winddelen hebben we in januari Euro 100 bespaard ten opzichte van een vast contract zonder winddelen. Daarbij hou ik rekening met de hogere profielkosten, die onderhand richting de 10 Eurocent per kilowattuur gestegen zijn. Dat is bijna dubbel zo veel als de kosten van een kilowattuur voor de nieuwe invasie van Rusland in Oekraïne.
Wat in bovenstaande grafiek verder opvalt is dat de energiekosten weer langzaamaan dalen. Ze liggen echter nog steeds boven het niveau van de periode 2011-2020. In 2021 en en 2022 zijn onze energiekosten fors gestegen, vanaf 2023 zijn ze weer aan het dalen. De energiekosten van 2023 zijn wat vertekend, doordat we over januari 2023 profiteerden van het verlaagd tarief. Zonder het effect van die maatregel waren onze energiekosten in januari 2023 bijna Euro 200 hoger geweest en dan zou 2024 het eerste jaar met een forse daling zijn.
Energievraag
Onze energievraag in januari was zo’n 1.500 kWh voor verwarming, warm water en apparaten. Het grootste gedeelte was nodig voor verwarming. Onze energievraag lag 6% lager dan in januari 2023.
Verwarming
Het stookseizoen is volop bezig en januari 2024 was met 466 gewogen graaddagen kouder dan januari 2023 met 408 gewogen graaddagen.
De kou is terug te zien in ons energiegebruik per gewogen graaddag dat met 1,74 kWh/gewogen graaddag weer boven het langjarig gemiddelde van 1,32 kWh per gewogen graaddag ligt.
Het totale energiegebruik op jaarbasis daalt voor verwarming weer richting de 3.000 kWh. Gecorrigeerd voor weersinvloeden verbruiken we gemiddeld 39% minder energie voor verwarming met onze infraroodpanelen dan met de cv-ketel.
Energieproductie
De energieproductie bestond in januari vooral uit windenergie van onze winddelen en uit warmte van onze warmtepomp. Onze zonnepanelen maakte slechts een klein deel uit van de energieproductie. We kochten afgelopen maand 707 kWh in bij het energiebedrijf. Daarmee komt het seizoensgat op 1.446 kWh.
Conclusie
De energiebesparing van ongeveer 40% door onze infraroodverwarming blijkt nog steeds robuust. Ook dit stookseizoen brengt daar vooralsnog weinig verandering in. Voor wat betreft energiekosten zouden we in januari beter af zijn geweest met een dynamisch contract in plaats van ons huidige vaste contract in combinatie met winddelen. Of dat zo blijft in de rest van dit jaar weet ik niet. Ik weet wel dat we een vast contract hebben tot september, dus tot die tijd profiteren we niet van prijsdalingen op de elektriciteitsmarkt.
Het is al weer een tijdje geleden dat ik voor het laatst iets over varend ontgassen door de binnenvaart heb geschreven. Toch is 2023 een jaar om met goed gevoel op terug te kijken en is 2024 een jaar om voorzichtig positief naar uit te kijken. Daarom vlak voor Oud & Nieuw een kort stuk in het inmiddels 10 jaar lopende dossier over varend ontgassen. Ja, het 2e lustrum van dit dossier is deze maand stilletjes gepasseerd.
De highlights van 2023
In 2023 heeft Mark Harbers aangekondigd dat er vanaf juli 2024 een verbod op varend ontgassen komt voor de stoffen uit fase 1 en 2 van het verbod op varend ontgassen. Ook heeft Zwitserland op 21 december 2023 eindelijk de aanpassing van het CDNI verdrag ondertekend. Tot slot heeft het ministerie van I&W de roadmap varend ontgassen en een rapport over best beschikbare technieken gepubliceerd. Van het lezen daarvan wordt je dan wel weer droevig. Van veel van de zaken waar nu aan gewerkt wordt had je gehoopt dat het na 10 jaar gereed zou zijn.
De verwachting voor 2024
In 2024 wordt het verbod op varend ontgassen van een beperkt aantal stoffen eindelijk van kracht. Of er daadwerkelijk verandering gaat optreden is de vraag. Vooralsnog bestaat de handhavingscapaciteit bij de Inspectie Leefomgeving en Transport uit minder dan een handvol inspecteurs, auto’s en een drone. Niet echt imposant als je schepen moet controleren.
Ook zijn er naar mijn weten nog nauwelijks installaties voor verantwoord ontgassen vergund, met uitzondering van ATM in Moerdijk. Dat de ladingdampen de status afval lijken te krijgen helpt ook niet mee, want dat betekent dat terminals die ruimte hebben om een schip verantwoord te ontgassen dat niet binnen de bestaande Omgevingsvergunning mogen. Die moeten eerst een afvalverwerkingsvergunning aanvragen.
Dat het dossier op papier goed geregeld lijkt te gaan worden is fijn, tegelijkertijd maakt het het ook moeilijker om misstanden aan te tonen. Varend ontgassen is een al bijna 30 jaar slepend dossier, waar grote media nauwelijks aandacht voor hebben. Dieper in het dossier duiken gaat serieuze onderzoeksjournalistiek vergen. Alleen gaan die aanlopen tegen hetzelfde als waar we bij Sargasso ruim 10 jaar geleden tegenaan liepen: mooie praatjes, plaatjes en een gebrek aan data. Het begin van het dossier op Sargasso was te danken aan rapport van CE Delft, dat niet strookte met de officiële getallen van emissieregistratie.nl in combinatie met een persbericht van de VNCI. In gesprekken die ik de afgelopen jaren met NOS, Nieuwsuur, AD en Trouw heb gevoerd om samen tot publicaties te komen was het gebrek aan data en de onzichtbaarheid van varend ontgassen een groot struikelblok. Dat gaat er niet beter op worden als verladers straks massaal gaan roepen dat ze ‘dedicated’ of ‘compatibel’ gaan varen. Wie wil snappen waarom dat twee optische oplossingen zijn verwijs ik terug naar de start van dit dossier.
Voor wie denkt dat ik een zuurpruim ben, lees het interview met Ton Quist in het kerstmagazine van Schuttevaer. Bij hem is ook geen sprake van een feeststemming met de komst van het gedeeltelijke verbod in 2024.
Volgens het KNMI was 2023 het natste en warmste jaar sinds ze begonnen zijn met meten. Dat is ook zichtbaar in het aantal gewogen graaddagen, dat met 2.337 ruim een kwart lager ligt dan het klimaatgemiddelde van 3.172 in de periode 1901-1930. Het komt overeen met de verwachtingen toen ik begon met werken: de winters warmer en natter, en de zomers warmer. Het warmere weer heeft ook z’n weerslag op ons energiegebruik. We verbruiken zo’n 1.000 kWh minder voor verwarming door het warmere weer. In totaal hebben we vorig jaar 7.666 kWh elektriciteit gebruikt, wat ons een energierekening van € 1.194 heeft opgeleverd. Omgerekend € 0,16 per kWh, inclusief energiebelasting, vastrecht en btw. Een prijsniveau dat we voornamelijk hebben bereikt doordat het grootste deel van de stroom die we gebruiken geleverd wordt door onze zonnepanelen en winddelen.
Energiekosten
Onze energiekosten zijn iets lager uitgekomen dan ik eind december inschatte. Dat komt vooral doordat onze winddelen in december beter hebben gepresteerd dan in december 2022. Al met al komt onze energierekening uit op €1.194, een maandbedrag van € 99,50. Best netjes gezien alle druk op de energiemarkt. Voor volgend jaar verwacht ik een lichte stijging, tenzij de hoeveelheid wind en zon fors daalt ten opzichte van 2023.
Onderstaande grafiek laat het verloop van onze energierekening sinds 2011 zien. Het valt op dat we op 2021 na onze energierekening behoorlijk stabiel hebben weten te houden.
De hoogte van onze energierekening van 2011 (€1.132) verschilt nauwelijks van de energierekening van 2023 (€1.194). Daar hebben we wel de nodige investeringen in en aanpassingen aan ons huis voor moeten doen. Ten opzichte van de periode 2014-2018 is de energierekening wel met zo’n € 400 gestegen. In 2022 hebben we onze energierekening laten dalen ten opzichte van 2021, best een prestatie als je bedenkt dat de elektriciteitsprijzen in 2022 door het dak gingen (tenzij je een dynamisch contract had).
In bovenstaande grafiek heb ik voor de jaren 2021, 2022 en 2023 daarom met behulp van de gemiddelde groothandelsprijs per maand uitgerekend hoe hoog onze energierekening zou zijn als we een dynamisch energiecontract zouden hebben. Ook heb ik met behulp van de uurdata uit Home Assistant en de uurprijzen op de day-ahead prijs (bron: Energy Charts) uitgerekend hoe hoog onze energierekening zou zijn bij overstap op dynamische tarief.
Ten opzichte van de gekozen strategie om extra winddelen bij te kopen zouden we gemiddeld €9 per jaar extra hebben bespaard. Terwijl we pas in het voorjaar van 2022 extra winddelen bij hebben gekocht.
In 2023 zou onze energierekening €225 hoger zijn geweest bij dynamische tarieven (uitgaande van gemiddelde maandprijzen). Het verschil loopt op naar €330 bij het rekenen met uurdata over 2023. Dat komt met name doordat de opbrengsten van de teruggeleverde zonnestroom dan daalt van €302 (huidige energiecontract) naar €76 (€286 uitgaande van maandgemiddelde prijzen). De kosten van ingekochte stroom dalen ten opzicht van ons huidige contract naar €931 (€898 uitgaande van maandgemiddelde prijzen), maar daar staat ook tegenover dat we dan netto €1.300 aan opbrengsten van onze winddelen zouden missen. In de eerste helft van 2023 hebben we ook geprofiteerd van het verlaagd tarief, wat ons €556 heeft opgeleverd. Zonder het verlaagd tarief zouden we €227 kunnen hebben bespaard met een dynamisch tarief ten opzichte van de gekozen strategie.
Onderstaande grafiek laat duidelijker zien wat het effect van winddelen en een dynamisch contract op onze energiekosten van 2023 is geweest.
Het is duidelijk zichtbaar dat zowel een dynamisch tarief als winddelen onze energierekening kan halveren. Waarbij de winddelen een lagere energierekening tot gevolg hebben gehad dan we met een dynamisch tarief hadden kunnen bereiken. Het interessante vind ik dat het risicoprofiel tussen beide opties fors verschilt. Waar je met een dynamisch tarief een deel van de risico’s overneemt van het energiebedrijf en zelf dus goed moet opletten op wanneer je energie gebruikt en produceert, is dat bij winddelen minder van belang. De profielkosten van winddelen stijgen (volgende jaar zo’n 10 Eurocent per kilowattuur) en goed afstemmen van vraag en aanbod helpt om die stijging te verminderen. Dus de prikkel is ook weer niet volledig afwezig.
Onze winddelen doen daarmee wat ik hoopte: ze verlagen onze energierekening aanzienlijk, ze stabiliseren onze energierekening en ze beperken onze blootstelling aan de grillen van de energiemarkt.
Klimaatimpact op verwarming
De klimaatspiraal van de KNMI laat goed zien hoe de temperatuur zich de afgelopen 120 jaar ontwikkeld heeft en dat de temperatuur oploopt.
Klimaatspiraal Nederland 1901-2023
Dat laat zich ook terugzien in de ontwikkeling van het aantal gewogen graaddagen. De statische kans dat het gemiddelde van de afgelopen 30 jaar voorkomt in een klimaat van begin 20ste eeuw is 0,0000003%. In normale mensentaal: het is zeer onwaarschijnlijk. Het aantal gewogen graaddagen lag in 2023 op 2.337, dat is 26% lager dan in de periode 1901-1930.
Dat heeft ook zo z’n effect op onze behoefte aan verwarming. Die is logischerwijs gedaald. In een gemiddeld klimaatjaar in de periode 1901-1930 zouden we 4.137 kWh aan elektriciteit voor verwarming nodig hebben gehad. In werkelijkheid hebben we afgelopen jaar 3.047 kWh gebruikt. Een stuk minder dan de 6.078 kWh die we aan aardgas verbruikt zouden hebben. Het effect van infraroodverwarming is dus nog steeds meetbaar en is geen eenmalig effect.
Ons energiegebruik is per gewogen graaddag nog steeds gemiddeld 40% lager dan ten tijde van onze cv-ketel. In december is het stookseizoen wel weer volop bezig, wat zichtbaar is in de stijging van ons energiegebruik voor verwarming naar 1,59 kWh/gewogen graaddag. Dat is 4% minder dan in december 2022. December 2023 was met 365 gewogen graaddagen dan ook een stuk warmer dan december 2022 met 473 gewogen graaddagen.
Energiegebruik
Ons bruto energiegebruik inclusief warmte is in 2023 uitgekomen op 10.278 kWh. Dat is 6% meer dan het gemiddelde met infraroodverwarming. Sinds de overstap is ons totale bruto energiegebruik gemiddeld met 17% gedaald. Waarmee we ook in 2023 weer ruim 2.000 NegaWatts scoren.
Het bruto energiegebruik exclusief warmte (dat wat we aan aardgas en elektriciteit gebruiken) is uitgekomen op 7.666 kWh. Dat is 4% lager dan het gemiddelde sinds de overstap op infraroodverwarming. Gemiddeld ligt ons bruto energiebruik exclusief warmte 25% lager sinds we overgestapt zijn op infraroodverwarming.
De aankoop van extra winddelen laat zich vooral terugzien in de ontwikkeling van ons netto-energiegebruik. Bruto energiegebruik minus zelf opgewekte energie. Dat ligt dit jaar op 1.255 kWh. Het laagste ooit. Op maandbasis hebben we van januari tot en met april en van oktober tot en met december meer elektriciteit gebruikt dan geproduceerd. In de eerste vier maanden van het jaar ging het om 909 kWh, in de laatste maanden om 739 kWh. Daar stond tussen april en oktober een overschot aan wind- en zonne-energie van 998 kWh tegenover. Voor het tekort in voor- en najaar is dat een daling ten opzichte van eerdere jaren. Voor het overschot is het een stijging ten opzichte van eerdere jaren, met name veroorzaakt door meer wind in de zomer.
Systeemtechnisch briljant? Zeker niet. We betaalden ons energiebedrijf dan ook een vergoeding voor profielkosten van gemiddeld 5 Eurocent per kWh over de stroomopbrengst van onze winddelen, in 2024 loopt dit op naar 8 a 10 Eurocent per kWh. Voor zonne-energie betalen we niets zichtbaars, vanwege de salderingsregeling.
Wat mij betreft mag de salderingsregeling aangepast worden, zodat het energiebedrijf de kosten van zonnepanelen zichtbaar in rekening kan brengen. Die zou uit twee componenten kunnen bestaan: profielkosten en en een reële vergoeding voor teruggeleverde stroom. Meer als de prijs hoog is en minder als de prijs laag is. Als alle stroom tegen 0 Eurocent zou worden teruggeleverd (wat zeker niet het geval is) kan dat ons financieel de helft aan opbrengsten schelen. Waarmee zonnepanelen nog steeds een zeer gunstige investering zijn. Zeker bij de huidige lage prijzen voor zonnepanelen.
Energieproductie
In 2023 produceerden we in totaal 9.022 kWh. Onze 9 winddelen leverde met 4.324 kWh de meeste energie. Gevolgd door onze warmtepomp en zonneboiler, die samen 2.612 kWh leverden. Onze zonnepanelen leverde 2.087 kWh.
Hiermee produceerde we bijna 80% van ons energiegebruik zelf. Daarnaast bespaarden we 10% op ons energiegebruik door klimaateffecten en namen we 11% van onze energie af van het energiebedrijf.
Een andere manier om naar ons energiegebruik en onze energieproductie te kijken is door deze te vergelijken met de normen voor nieuwbouw. Voor verwarming geld als norm 65 kWh per vierkante meter per jaar (BENG 1). In december zaten we op 50 kWh/m2/jaar. Voor alle gebouwgebonden energie minus duurzaam geproduceerde energie geldt als norm 50 kWh/m2/jaar als norm (BENG 2). We behaalden in 2023 36 kWh/m2/jaar. Tot slot geldt voor nieuwbouw dat tenminste 50% van de gebouwgebonden energie duurzaam geproduceerd moet zijn. We behaalden 52%.
Dit laat zien dat de normen voor nieuwbouw nog steeds niet erg ambitieus zijn. Erg goede zonnepanelen hebben we niet liggen (240 Wp, terwijl de huidige zeker 50% meer opleveren). Ook hebben we met infraroodverwarming en mechanische ventilatie in combinatie met roosters niet de meest zuinige vorm van verwarming en ventilatie.
CO2-uitstoot
Tot slot de wil ik de vaste critici van ‘het gaat toch om CO2-reductie’ nog graag ter wille zijn. Wederom heb ik onze CO2-uitstoot op 5 verschillende manieren berekend. Onderstaande tabel geeft de uitkomsten weer.
Zoals te zien is in de tabel is er slechts 1 methode die gemiddeld nog een kleine stijging met 4kg laat zien t.o.v. verwarmen met aardgas. Wanneer gekeken wordt naar de resultaten over 2023, dan laten alle 5 methoden een daling van onze CO2-uitstoot zien. Dus zelfs als CO2-reductie je drijfveer is dan is de door ons gekozen strategie voor verduurzaming van onze woning een overweging waard. Je kan onze vier etappen hier vinden:
29 November was het eerste wijkoverleg voor de wijken Spaland / Sveaparken en Woudhoek in Schiedam in nieuwe vorm. Er waren ruim 50 geïnteresseerde wijkbewoners aanwezig. Tijdens de avond zijn verschillende presentaties gegeven over verduurzaming van de eigen woning. Ik was een van de sprekers. Hieronder een kort verslag en presentatie.
Het verslag is ook te vinden in de 5e editie van de Flits, de nieuwsbrief van het Kennisnetwerk Burgerparticipatie Schiedam.
Overheidsbeleid
De gemeente Schiedam trapte af met een toelichting op het overheidsbeleid, dat er op gericht is om alle woningen in 2050 aardgasvrij te maken. De gemeente heeft in haar warmtevisie per wijk bepaald wat het meest voor de hand liggende alternatief is in de wijken waar voor 2030 gestart wordt; de wijken Groenoord (reeds gestart, voorkeursalternatief warmtenet), Nieuwland (nog niet gestart, voorkeursalternatief warmtenet) en Sveaparken (nog niet gestart, voorkeursalternatief all electric). De gemeente gaf ook aan dat de gemeente open staat voor het ondersteunen van bewonersinitiatieven.
Servicepunt Woningverbetering
Het Servicepunt Woningverbetering presenteerde hoe het servicepunt woningeigenaren en VvE’s kan ondersteunen bij verduurzaming van de woning. Het startpunt daarvoor is vaak een individueel huisbezoek, waarbij ter plaatse gekeken wordt naar de wensen en mogelijkheden. Het Servicepunt kan ook inzicht bieden in beschikbare subsidies en leningen.
Energiecoöperatie Energiek Schiedam
Krispijn Beek, van de energiecoöperatie Energiek Schiedam, gaf een presentatie over de rol van de energiecoöperatie en over hoe hij zijn eigen huis aardgasvrij heeft gemaakt. Energiek Schiedam heeft energiecoaches, die bewoners kunnen adviseren. Ook kunnen bewoners van Schiedam een Hoomdossier van hun eigen woning aanmaken, waarmee een stappenplan voor verduurzaming van de woning kan worden gemaakt. De energiecoaches kunnen hierbij helpen.
Krispijn beschreef ook kort hoe hij zijn huis, na de nodige keukentafelgesprekken, de afgelopen 12 jaar stapsgewijs energiezuiniger en aardgasvrij heeft gemaakt. Er werden keuzes gemaakt tussen regulier onderhoud (zoals nieuwe badkamer of nieuwe keuken) en verduurzaming (zoals zonneboiler, extra geïsoleerde ramen, infraroodverwarming).
Presentatie gegeven tijdens de bewonersavond op 29 november.
Basiscursus bouwkunde
Chris Zijdeveld, oud-wethouder, gaf een met humor doorspekte basiscursus bouwkunde met veel praktische tips voor verduurzamen van woningen. Daarbij ging hij in op veelgemaakte constructiefouten in Schiedamse woningen en hoe die te verhelpen zijn. Ook gaf hij praktische voorbeelden zoals het aanbrengen van isolatiebehang, waardoor de muren warmer worden en de thermostaat lager kan.
Discussie
Na de presentaties van de gastspreker vroegen meerdere bewoners zich af wanneer de gemeente in Spaland en Woudhoek aan de slag gaat. Justus Terlouw gaf aan dat daar nog geen besluit over is genomen, omdat Groenoord meer tijd en capaciteit vergt dan bij aanvang gedacht. Voor Woudhoek volgt die keuze als de warmtevisie herzien wordt in 2025. Voor Spaland is het voorkeursalternatief all electric. Bewoners kunnen zelf bepalen of ze nu al aan de slag gaan om van het gas af te gaan of eerst beginnen met bijvoorbeeld met isolatiemaatregelen. Wietse Kunst vulde aan dat het Servicepunt daarbij kan helpen en raadde inwoners aan een meerjarenonderhoudsplan te maken, zoals ook VvE’s hebben. Dan kun je stappen nemen op moment van vervanging van bijvoorbeeld kozijnen. Ook werd er gevraagd of na-isolatie van een geïsoleerde muur zin heeft? Wietse Kunst vertelde dat hij daarvoor het liefst de woning bezoekt, omdat elke situatie anders is. Chris Zijdeveld vulde aan dat in veel bestaande woningen de isolatie uitzakt en soms zelfs nat is, waarmee de isolerende werking verloren gaat.
Bijna Sinterklaas, dus november is voorbij. Tijd om te kijken naar de ontwikkeling van onze energiekosten, energiegebruik en energieproductie. Met daarbij ook een blik op de verandering in de CO2-uitstoot die ons energiegebruik veroorzaakt.
Energiegebruik
Ons energiegebruik lag in november op 1039 kWh voor warm water, verwarming en apparaten. Dat is 3% hoger dan in 2022. Vooral het energiegebruik voor verwarming en warm water lag in november 2023 hoger dan in november 2022.
Het totale energiegebruik over januari t/m november ligt 10% hoger dan in 2022. Toch ligt het nog steeds 17% lager dan in de jaren met een cv-ketel en zonneboiler. Vermoedelijk gaat het niet meer lukken om dit jaar onder de 10.000 kWh te blijven. Ons energiegebruik lag de eerste 11 maanden van dit jaar 6% hoger dan gemiddeld sinds de overstap op infraroodverwarming.
Het energiegebruik voor warm water lag dit jaar een stuk hoger dan vorig jaar. Dat kan komen doordat onze zonneboiler nog steeds hapert. Ook kan het samenhangen met een minder zonnige maand.
Verwarming
Ons energiegebruik voor verwarming is in november uiteraard weer opgelopen ten opzichte van oktober. In november hebben we 1,2 kWh per gewogen graaddag gebruikt. Dat is 13% meer dan in 2022. Daarnaast was november 2023 met 315 gewogen graaddagen ook kouder dan november 2022. In totaal hebben we 20% meer energie gebruikt voor verwarming, waarvan 13% doordat we meer gestookt hebben en 7% doordat het november 2023 kouder was dan vorig jaar.
Op jaarbasis ligt ons gebruik voor verwarming gecorrigeerd voor weersinvloeden redelijk constant. In november lag dit op 4.091 kWh/jaar (omgerekend zo’n 401 m3 aardgas). Met aardgas lag dit verbruik gemiddeld op 6.878 kWh per jaar (zo’n 688 m3 aardgas). Daarmee besparen we door onze infraroodverwarming 41% ten opzichte van stoken met aardgas. Een standaardklimaatjaar reken ik daarbij terug naar het gemiddelde stookseizoen in de periode 1901-1930. Het aantal gewogen graaddagen lag de afgelopen 12 maanden 23% lager dan in de periode 1901-1930.
Energieproductie
In november hebben we zo’n 250 kWh elektriciteit ingekocht bij Greenchoice. De overige 788 kWh hebben we zelf geproduceerd. Het grootste deel (536 kWh) werd geleverd door onze winddelen. Onze warmtepomp heeft 197 kWh warmte teruggewonnen uit ons afvalwater en onze zonnepanelen brachten 56 kWh op, waarvan er maar liefst 10 werden teruggeleverd aan het net.
De zwarte lijn in bovenstaande grafiek laat zien welk deel van het energieaanbod bestaat uit aardgas en elektriciteit. Het restant is warmte die geleverd wordt door onze warmtepomp (en zonneboiler).
Tot en met november is de hoeveelheid aardgas gedaald ten opzichte van voorgaande jaren en ook de hoeveelheid elektriciteit die we netto inkopen is weer gedaald. Nog niet tot het niveau uit de periode 2014-2018, maar de piek uit 2020-2021 is duidelijk weggewerkt. Wat ook opvalt is dat onze winddelen het dit jaar beduidend beter doen dan in 2022.
Netto energiegebruik
Ons netto energiegebruik tot en met november ligt op 766 kWh. Bijna een halvering ten opzichte van dezelfde periode in 2022. Dit komt vooral door de grotere opbrengst van onze winddelen. Als het niet te koud wordt blijft ons netto energiegebruik dit jaar onder de 2.000 kWh.
Energiekosten
Onze energiekosten lagen in november rond de 200 euro. Voor het grootste deel bestonden deze uit inkoopkosten voor elektriciteit en energiebelasting. Onze winddelen verlaagden onze rekenig fors. Weliswaar minder dan in november 2022, maar het elektriciteitstarief is dan ook aanzienlijk gedaald. Wat ook opvalt is dat de teruggaaf energiebelasting veel lager is dan in november 2022, dat komt doordat de overheid in november en december vorig jaar eenmalig meer korting op de energiebelasting gaf i.v.m. de hoge tarieven. Ten opzichte van 2021 zijn onze kosten wel lager, dat komt door de extra winddelen die we hebben bijgekocht in 2022.
Over de eerste 11 maanden is onze energierekening gestegen t.o.v. 2022, maar gedaald t.o.v. 2021. Een deel van de daling komt door het prijsplafond van dit jaar, waar we de eerste maanden van het jaar van geprofiteerd hebben.
Met zo’n 1.000 euro aan energiekosten over de eerste 11 maanden hoor je me echter niet klagen. Ondanks de gestegen energietarieven lijken onze energiekosten zo rond de 110 euro per maand uit te gaan komen, tenzij december een hele koude en windstille maand wordt.
In het begin van het jaar lagen onze energiekosten nog beduidend hoger dan de gemiddeld energiekosten sinds 2019. Inmiddels liggen onze energiekosten op het gemiddelde niveau. Onze energiekosten zijn nog wel hoger dan in de periode 2011-2018, maar da’s niet zo vreemd met de hoge energieprijzen van de laatste 2 jaar. De grafiek laat wel goed het effect zien van onze winddelen en zonnepanelen. Vanaf april tot en met september zijn onze energiekosten gedaald. Pas vanaf oktober zijn ze weer gaan stijgen.
CO2-uitstoot
Altijd een heikel punt bij de COP=1 politie. Wat gebeurd er met de CO2-uitstoot van je energiegebruik als je overstapt op infraroodverwarming. Daarom bereken ik sinds dit jaar onze CO2-uitstoot op 5 verschillende manieren. Dit jaar is de CO2-uitstoot in de eerste 11 maanden volgens alle 5 de manieren gedaald. Of ik nu reken met de CO2-uitstoot van de marginale energiecentrale (degene die ons extra elektriciteitsgebruik produceert) of van een van de andere methoden: de CO2-uitstoot daalt. Kleine disclaimer: ik kijk niet naar gelijktijdigheid op kwartierbasis, maar naar de elektriciteit die we op maandbasis niet zelf produceren met onze winddelen en zonnepanelen.
Ook onze gemiddelde CO2-uitstoot is sinds onze overstap op infraroodverwarming volgens alle vijf de methoden gedaald ten opzichte van de periode met aardgas. Waarbij ik lief ben voor aardgas, door de jaren zonder zonnepanelen niet mee te rekenen bij de gemiddelde CO2-uitstoot bij verwarmen met aardgas. Als ik dat wel zou doen stijgt de gemiddelde CO2-uitstoot in de jaren met cv-ketel volgens alle vijf de berekeningsmethodieken met 25 tot 40%.
Het antwoord is: Ja. Zelfs in 30 jaar oude woning haal je met infraroodverwarming de norm voor BENG 1 (energiegebruik verwarming in kWh/m2 per jaar), BENG 2 (gebouwgebonden energiegebruik in kWh/m2 per jaar) en BENG 3 (aandeel duurzaam opgewekte energie). Waarbij gezegd dat ik streng ben geweest, want ik heb gerekend met het energiegebruik gecorrigeerd voor klimaat- en weerseffecten. Waarbij ik de periode 1901-1930 (dik 20% meer gewogen graaddagen) als ijkpunt heb genomen. Het werkelijk energiegebruik ligt dus lager.
Maand
BENG 1
Norm
BENG 2
Norm
BENG 3
Norm
jan-23
47
65
28
50
60%
50%
feb-23
46
65
26
50
62%
50%
mrt-23
49
65
30
50
59%
50%
apr-23
49
65
31
50
58%
50%
mei-23
49
65
31
50
58%
50%
jun-23
50
65
31
50
58%
50%
jul-23
50
65
31
50
58%
50%
aug-23
50
65
32
50
57%
50%
sep-23
51
65
33
50
57%
50%
okt-23
51
65
34
50
55%
50%
nov-23
52
65
36
50
53%
50%
Tabel BENG 1, 2 en 3.
Dat we in onze woning de normen voor nieuwbouw halen zegt m.i. wat over het ambitieniveau van het Nederlandse Bouwbesluit…
Vorige week schreef ik dat ik ondanks (of misschien juist wel door) de verkiezingsuitslag doorga met kleine acties om bij te dragen aan een duurzamere en sociaal rechtvaardigere wereld, die ik zelf kan nemen. Deze week het vervolg daarop, maar dan meer gericht op energie.
Deze week kregen we bericht van het Vlaardings Energie Collectief dat we de eerste rente van het project Oeverwind tegemoet konden zien. Reden om onze inleg te verhogen met dit bedrag en er nog wat extra’s bij te leggen, zodat een groter deel van het project in lokale handen komt.
Vorige week heeft mijn eigen lokale energicoöperatie, Energiek Schiedam, de herfinanciering van Zonnedak Wennekerpand succesvol afgerond. De oude financiering liep via Zonnepanelendelen. Op zich een mooie constructie, waarbij de te betalen rente afhing van elektriciteitsproductie en de elektriciteitsprijs.
Toen Energiek Schiedam de lening afsloot was de stroomprijs zo’n 6 a 7 eurocent en konden we ons als nieuwbakken bestuur niet voorstellen dat de elektriciteitsprijs ooit boven de 15 eurocent per kilowattuur uit zou komen. Daar hebben we de afgelopen 2 jaar leergeld voor betaald. Tot begin 2022 betaalden we zo’n 6 eurocent per kilowattuur uit. Daarmee ligt het gemiddelde rendement net boven de 3%. Over 2022 liep de uitkering op tot 12 eurocent per kilowattuur (7% rendement) en over 2023 hebben we 28,32 eurocent per kilowattuur uitbetaald (14% rendement).
In het informatiedocument was een rendement voorgespiegeld van 3 tot 4,5%. Reden voor mij om 11% rendement terug te storten aan Energiek Schiedam ten bate van Zonnedak Wennekerpand. En ik hoop dat meer zonnedelers dat voorbeeld volgen.
Ook gaan we rustig door met investeren in zonne-energieprojecten in Afrika, Azië en Zuid-Amerika via Trine, Energise Africa en Ecoligo. Daarmee hebben we de afgelopen jaren ruim 100 mensen en 10 bedrijven helpen voorzien van groene stroom. Ook heeft het ruim 50 ton CO2 voorkomen. Een veelvoud van wat we met ons eigen energiegebruik uitstoten.
Het is begin november en het waait flink. Tijd om terug te kijken op onze energiekosten, energiegebruik, energieproductie en CO2-uitstoot in oktober. Klinkt saai? Valt wel mee. Tot mijn verrassing hebben we in oktober 38 kilowattuur meer elektriciteit geproduceerd dan gebruikt. Daarmee lag onze CO2-uitstoot in oktober volgens alle vijf de methoden op 0 kilogram.
Energiegebruik
Ons energiegebruik lag in oktober op 679 kWh, dat is 12% hoger dan in oktober 2022. De oorzaak? Blijft nog even gissen, maar ik vermoed dat onze haperende zonneboiler er mee te maken heeft. Ondanks dat ligt ons gemiddelde bruto energiegebruik 16% lager dan het gemiddelde ten tijde van onze CV-ketel.
In oktober kwam het grootste deel van de energievraag van warm water en apparaten. Verwarming vormde slechts een klein deel van de energievraag.
Ons bruto energiegebruik inclusief warmte over de eerste 10 maanden van 2023 ligt met een kleine 8.000 kWh bijna 30% hoger dan over de eerste 10 maanden van 2022. Bijna 40% van de energievraag in de eerste tien maanden betrof apparaten, 25% verwarming en 35% warm water. De verwachting is dat het aandeel verwarming de laatste twee maanden nog wel wat oploopt.
Exclusief warmte is ons bruto energiegebruik met 6% gestegen.
Ons bruto energiegebruik exclusief warmte ligt nog wel 4% onder het gemiddelde sinds onze overstap naar infraroodverwarming. Ten opzichte van het gemiddelde bruto energiegebruik met cv-ketel ligt ons bruto energiegebruik 24% lager.
Verwarming
In 15 oktober hebben we onze verwarming voor het eerst weer aangezet. Daarmee is et stookseizoen officieel geopend. Hoewel stookseizoen? Da’s eigenlijk net zo weinig van deze tijd als de stoomboot van Sinterklaas.
Het aantal gewogen graaddagen was 133, 3% meer dan in oktober 2022. We hebben 0,59 kWh/gewogen graaddag gebruikt. Dat is 28% meer dan in oktober 2022. Toch is goed te zien in bovenstaande grafiek dat ons energiegebruik per gewogen graaddag op jaarbasis nog steeds lager ligt dan met onze hr-ketel. In kWh per gewogen graaddag scheelt het 40%.
Bovenstaande grafiek laat goed zien hoe ons werkelijk jaarverbruik voor verwarming zich ontwikkeld heeft ten opzichte van het langjarig gemiddelde voor hr-ketel en infraroodverwarming. Beide langjarige gemiddelden zijn gecorrigeerd voor weersinvloeden en geven het jaarverbruik voor de klimaatperiode 1901-1930.
Warm water
In oktober hebben we 118 kWh elektriciteit gebruikt om 287 kWh aan warm water te maken. Met die 188 kW is dus 170 kWh aan warmte teruggewonnen uit ons afvalwater. Daarmee heeft onze warmtepomp in oktober een COP van 2,4 behaald. Onze zonneboiler heeft nog steeds wat problemen, dus hopelijk heeft onze monteur binnenkort tijd om dat te verhelpen.
Energieaanbod
In oktober hebben we in totaal 716 kWh energie geproduceerd, waarvan 170 kWh warmte en 547 kWh elektriciteit. Vooral onze winddelen deden het erg goed met 436 kWh, ruim 30% meer dan in oktober 2022. Onze zonnepanelen leverden nog ruim 100 kWh op. Uiteindelijk hebben we 38 kWh teruggeleverd aan het net, waarmee het elektriciteitsverbruik op 509 kWh is uitgekomen..
In de eerste 10 maanden van het jaar hebben we 7.354 kWh zelf geproduceerd en zo’n 5.100 kWh van het energiebedrijf afgenomen. Van die eigen productie is ruim 5.100 kWh. Onze winddelen leveren het meeste stroom met ruim 3 MW, onze zonnepanelen hebben 2 MW geproduceerd.
Netto energiegebruik
In oktober lag ons netto energiegebruik op min 38 kilowattuur. We produceerde per saldo dus meer warmte en elektriciteit dan we gebruikten. Het is het tweede jaar op rij dat dit in oktober het geval is. Vorig jaar lag ons netto energiegebruik op min 33 kilowattuur. In 2018 leverde we wel elektriciteit terug, maar verbruikten we 282 kWh (28 m3) aardgas in oktober.
Over de eerste 10 maanden is ons netto energiegebruik gedaald tot 516 kWh. Dat was vorig jaar nog 1.224 kWh, waarvan 451 kWh aardgas. Daarmee ligt het aandeel inkoop dit jaar op 7%. De overige 93% produceren we zelf met onze zonnepanelen, winddelen, zonneboiler en warmtepomp.
Ook in de ontwikkeling door het jaar heen is goed te zien dat we dit jaar van april tot oktober een energieoverschot hebben. Sinds augustus is er sprake van een redelijk evenwichtige situatie met zo’n 30 tot 40 kWh per maand overproductie.
Op jaarbasis kopen we momenteel 1.600 kWh in (14%) en besparen we 9% door klimaatverandering t.o.v. het klimaat in de periode 1901-1930. Van ons totale gebruik gecorrigeerd voor weer- en klimaateffecten wekken we 77% zelf op.
Energiekosten
In oktober lagen onze energiekosten rond de 60 Euro. Vooral onze winddelen hebben deze maand onze energiekosten gedrukt.
In de eerste 10 maanden van dit jaar zijn de elektriciteitskosten behoorlijk hoger dan voorgaande jaren. Het effect hiervan wordt voor een groot deel gedempt door onze zonnepanelen en winddelen. Ook het verlaagd tarief heeft daar de eerste maanden van dit jaar aan meegeholpen. De kosten van de energiebelasting zijn dit jaar een stuk hoger dan in 2022, toen het tarief tijdelijk verlaagd werd.
Onderstaande grafiek laat goed zien dat de energiekosten vooral in het eerste kwartaal sterk opliepen. Na april zijn de kosten gedaald, doordat we vanaf toen meer stroom produceerden dan we gebruikten en omdat de resterende kosten wegvielen tegen de korting op de energiebelasting.
Ik verwacht dat onze kosten in de komende twee maanden zullen stijgen. Hoeveel zal vooral afhangen van de wind. Zo hard als op 2 november is niet goed voor onze opbrengsten, maar een beetje onstuimig weer kunnen windturbines best aan. Zoals ook te zien is op onderstaande grafiek van 2 november.
Productie zon, wind op land en wind op zee, 2 november 2023, bron energieopwek.nl
CO2-uitstoot
Een belangrijke drijfveer om je huis te verduurzamen is het verlagen van de CO2-uitstoot. Dat doe je door energie te besparen, maar ook door te switchen van aardgas naar elektriciteit. Een veel gehoorde kritiek is dat met de Nederlandse stroommix niet lukt of dat je met het extra verbruik enkel meer kolencentrales aan het werk zet. Nu is het fijne dat er allemaal slimme mensen allerlei methoden hebben bedacht om de CO2-footprint van je energiegebruik te bepalen. Vijf daarvan reken ik maandelijks door.
Hieronder de effecten over de eerste 10 maanden van het jaar. Waarbij de referentiemethode een marginale methode is, een methode die goed bruikbaar is om het effect van veranderingen in het elektriciteitsgebruik te meten. De daling is volgens deze methode dan ook het laagst. Slechts 3% gemiddeld sinds we zijn overgestapt op infraroodverwarming, maar in 2023 is deze opgelopen tot 32%.
Alle andere methoden laten een grotere daling van onze CO2-uitstoot zien. Het is natuurlijk een beetje flauw om de extra winddelen mee te rekenen in onze footprint, want we hebben daarmee op nationale schaal geen extra groene stroom geproduceerd. We nemen enkel extra af van eigen bron. Daar staat tegenover dat we de afgelopen jaren buitenshuis wel degelijk in extra productiecapaciteit hebben geïnvesteerd. Variërend van investeringen via Meewind en Zonnepanelendelen, tot het leveren van een bijdrage aan de zonnestroominstallaties van Energiek Schiedam op Wennekerpand en De Erker en de nieuwe windturbines van het Vlaardings Energie Collectief & De Windvogel in Vlaardingen.
Ook hebben we geïnvesteerd in buitenlandse opwek van groene stroom via Trine, Energise Africa, en Ecoligo; waarmee we ook CO2-uitstoot voorkomen. In 2023 zijn onze investeringen goed voor ruim 5.000 kg vermeden CO2-emissies. Vooral door een lager kerosine gebruik voor verlichting.
Eindconclusie met betrekking tot onze CO2-uitstoot: die daalt volgens alle methoden. Kanttekening is dat ik de berekening op maandbasis maak en niet op volledige gelijktijdigheid van elektriciteitsgebruik en productie. En zelfs als het hier iets zou stijgen (ik hou me aanbevolen voor een berekeningsmethodiek waar dat uit komt) is onze bijdrage buitenshuis een veelvoud van onze energiegerelateerde CO2-emissies.
Eén argument ter verdediging van fossiele brandstoffen is dat ze een historische noodzaak waren, omdat er gedurende een groot deel van de 20e eeuw geen ander levensvatbaar alternatief was. We zijn de fossiele brandstoffen dank verschuldigd, zo luidt het argument, omdat ze onze ontwikkeling hebben gestimuleerd. Maar wat nou als er een levensvatbaar alternatief was dat vanaf het begin is gesaboteerd door de belangen van fossiele brandstoffen?
Extinction Rebellion (XR) stopt tot aan het kerstreces met de blokkades van de Utrechtse Baan. Dat betekent dat de toegang tot Den Haag rond lunchtijd weer ongestoord mogelijk is voor automobilisten. Al hadden de blokkades volgens de ANWB weinig verstoring voor automobilisten tot gevolg. XR heeft het besluit genomen omdat de Tweede Kamer een motie van GroenLinks en D66 heeft aangenomen waarin het demissionaire kabinet wordt gevraagd om scenario’s op te stellen voor de afbouw van de “fossiele subsidies”. De scenario’s zouden voor Kerst door het demissionaire kabinet moeten worden uitgewerkt.
Daarmee is niet alleen het doel van Extinction Rebellion maar ook het doel van de ondertekenaars van de zogenaamde Brandbrief over het stoppen met fossiele subsidies dichterbij gekomen. De motie roept het Kabinet op om scenario’s te onderzoeken voor het afbouwen van de verschillende fossiele subsidies (op de termijn van twee, vijf en zeven jaar). Waarbij per regeling wordt aangegeven op welke manier eventuele negatieve effecten kunnen worden tegengegaan. Ook wordt gevraagd om eventuele nationale maatregelen te schetsten voor fossiele subsidies die in Europees verband vastliggen. De motie neemt ook de sociale gevolgen voor b.v. lagere inkomens mee én de positieve effecten voor circulaire en andere duurzame bedrijven. Deze bedrijven hebben nu namelijk last van concurrenten die profiteren van fossiele subsidie.
Al met al een evenwichtige motie, die XR aangrijpt als exit voor de dagelijkse blokkade van de Utrechtse Baan. Die zijn dus voorlopig van de baan. Je kan stellen dat XR geluisterd heeft naar de kritiek van mensen als Jan Paul van Soest, je kan ook stellen dat XR strategischer opereert dan mensen vanaf de zijlijn waarnemen. In een maand tijd een onderwerp breed op de agenda krijgen, plus een meerderheid van de Nederlanders die het met je eens is (al is een groot deel het oneens met de methode) en een Kamermeerderheid voor een motie die tegemoet komt aan je wensen. Er zijn betaalde lobbyisten die minder voor elkaar krijgen…
Het maken van keuzes over de afbouw van de verschillende fossiele subsidies is aan het nieuwe Kabinet en de nieuwe Tweede Kamer. Wat de samenstelling daarvan gaat zijn beslissen we samen op 22 november.
Deze week werden de nieuwe KNMI klimaatscenario’s aan demissionair minister Harbers van Infrastructuur en Waterstaat overhandigd. Die geven de bandbreedte aan waarbinnen het Nederlandse klimaat zich waarschijnlijk zal ontwikkelen, o.a. afhankelijk van de mondiale uitstoot van broeikasgassen. Ruwweg is de uitkomst: winters worden natter en zomers worden droger. De mate waarin hangt af van de hoogte van de wereldwijde CO2-uitstoot. Een meer gedegen stuk hierover vind je bij het weblog klimaatverandering.
Het is niet alleen treurnis, gelukkig blijkt dat de combinatie van klimaatbeleid en marktinitiatieven wel degelijk werkt. De piek in de wereldwijde emissies van de elektriciteitssector is volgens Ember namelijk nabij. Ook ligt de groei van wind- en zonne-energie bijna op het niveau dat volgens de net zero roadmap van het Internationaal Energie Agentschap nodig is om op schema te blijven voor 1,5 graden Celsius. Daarvoor zou de gecombineerde aandeel van wind- en zonne-energie moeten groeien van 12% in 2022 naar 40% in 2030. Daarvoor is een jaarlijkse groei van 26% in zonne-energie nodig en een jaarlijkse groei van 16% voor windenergie. In 2022 was de jaar-op-jaar groei 25% voor zonne-energie en 14% voor windenergie. Om op koers te blijven voor het 1,5 graden scenario moeten landen wel zorgen dat de groei van wind- en zonne-energie de komende jaren doorzet.
Ontwikkeling wereldwijde elektriciteitsproductie
Nederland
Op Prinsjesdag publiceerde PBL het eerste deel van de Klimaat en Energieverkenning 2023. Daaruit bleek dat het demissionaire-kabinet met de plannen in de Voorjaarsnota Klimaat een belangrijke stap vooruit zet op weg naar realisatie van 55 procent minder broeikasgasuitstoot in 2030, vergeleken met 1990. Volgens PBL is een reductie van 46 tot 57 procent mogelijk. Maar om de bovenkant van deze bandbreedte aan te tikken en dus het doel te halen moet alles meezitten, ook niet-stuurbare factoren zoals weer en elektriciteitsimport. De cijfers voor energiebesparing en hernieuwbare energie publiceert PBL op 26 oktober.